'De Franse verleiding'
op zoek naar de geschiedenis van het reizen naar en in Frankrijk en daarmee het land.
O

THE FRENCH SEDUCTION

An intimate and deliberate bibliography.

LA SÉDUCTION FRANÇAISE

Une bibliographie intime et raisonnée.

DIE VERFÜHRUNG FRANKREICHS

Eine intime und wohlüberlegte Bibliographie.

DE FRANSE VERLEIDING

Een persoonlijke en weloverwogen literatuurlijst.

-------------

-------------

REIZEN, HET ZICH VERPLAATSEN, IS VAN ALLE TIJDEN. NEEM MIGRATIE.

ZO ZIJN 'WE' HIER IMMERS TOCH OOK UITEINDELIJK TERECHT GEKOMEN?

NEEM BIJVOORBEELD DE STAMMEN IN 'HET FRANSE' TIJDENS DE GALLIERS,

EN DAN BEGINNEN WE ALLEEN NOG MAAR BIJ DE A:

OOIT GEHOORD VAN DE 'ABRINCATUENS' IN NORMANDIE?

VAN DE 'ADUNICATES' IN DE ALPEN OF DE 'ALBIQUES' IN DE VAUCLUSE?

EN ZO VOLGEN WE DE A VERDER EN OP NAAR DE B TOT AAN DE V,

DE 'VOCONTIL' IN DIE VAUCLUSE WEER, DE 'VOLQUES ARECOMICI' EN DE

'VOLQUES TECTOSAGES' IN DE LANGUEDOC TOT EN MET DE

DE 'VORDENSES EN VULGIENTES', WEER IN DIE VAUCLUSE.

DAAR GINGEN DE ROMEINEN OVER HEEN EN DE MOREN OOK.

MIGRATIE. OORLOGSVOERING. STAMMENSTRIJD, HANDEL OOK EN

VOORAL OM MACHT, EEN CONTAINER DIE NAGENOEG ALLE REIS-

MOTIEVEN KON BEVATTEN.

EDOCH, HEEL GELEIDELIJK ONSTONDEN MACHTSCONCENTRATIES.

ZO WETEN WE WELLICHT NOG BIJVOORBEELD VAN DE

WISIGOTHEN, DE KELTEN, DE MEROVINGERS EN DE KAROLINGERS.

TOT DIT ALLES SAMENVLOEIDE IN DE EERSTE KONINGSLIJN, DIE VAN DE CAPETS.

EN REKEN DAT DIT ZICH VERPLAATSEN NOG STEEDS GEPAARD GING MET GEWELD.

MAAR TOERISME, HET ZICH VERPLAATSEN VOOR LOUTER PLEZIER?

WEGGAAN VOOR EEN POOSJE EN MET ZOVEEL MOGELIJK ZEKERHEDEN OMGEVEN

WEER VEILIG THUISKOMEN? DAT DATEERT VAN VEEL EN VEEL LATER.

EN WAT GAAT ER ALLEMAAL ACHTER DAT 'WEGGAAN' SCHUIL?.

OOK DAAROVER TREFT U HIERONDER ENIGE BESCHOUWINGEN AAN.

Door de eeuwen heen hebben reizigers en toeristen hun indrukken op
schrift gesteld, schilders die op doek vastgelegd en de eerste foto-
grafen op kwikachtige Daguerre-types. Totdat er zels gefilmd ging worden.
Reisgidsen waren er al eeuwenlang en daar, ook van al die oorspronkelijke
bronnen, van schrift, schilderij, van foto, zelfs die selfies, komt ooit,
zeker Frankrijk aangaande, hier ook een opgave van, van het belangrijkste
dan, want voor de rest is 't voor mij, zonder funding, niet te doen.

Maar oh, hoeveel is er inmiddels al niet geschreven over
reizen en over het fenomeen 'toerisme' als zodanig, feitelijk en filosofisch.
Over wegen van ooit bijvoorbeeld of over 'het ijzeren spoor?. Politieke
verhoudingen speelden een rol, maar qua toerisme nauwelijks. Na de volks-
verhuizingen trokken er aanvankelijk weinigen er op uit, gekluisterd aan
hun gemiddeld armzalig onderkomen in een een veelal geisoleerd dorp of stadje.
Eens waren het enkele honderden, los dan van de pelgrim en wat handelaren
op 'de groote vaart', kustvaart eigenlijk en rond 1900 rekenden we in
enige duizenden als het om toerisme ging. Na 1900 steeg de teller al
naar de honderduizenden en in 1950 was er sprake van 25 miljoen grensover-
schreidingen en toen al sprak men bezorgd van MASSATOERISME, als ware
een explosie. En nu? Nu staat de teller inmiddels op ruim 1,4 miljard!

Beleefden we ooit, zeker vanaf het eind van de jaren '69, een REVOLUTIE
wat toerisme betreft, nu is er sprake van een EXPLOSIE waarvan het vuur
de komende decennia zich verder zal verspreiden als een veenbrand.
Inmiddels is het toerisme goed voor 10 % van het bruto wereldproduct,
één op de tien werkenden heeft direct of indirect te maken met het
wereldwijde toerisme.

In de hieronderstaande bibliografie worden studies opgesomd
die rechtstreeks ingaan op het fenomeen 'reizen' en 'toerisme'
en het merendeel, 'de Franse verleiding' 'oblige', is gewijd aan Frankrijk.
Maar er worden ook studies en bespiegelingen aangedragen die
er ogenschijnlijk slechts zijdelings mee te maken hebben.
Maar niets is minder waar. Meer dan eens komen culturele, technologische
en economische ontwikkelingen aan bod die een enorme invloed
hebben gehad op ons reisgedrag. Over 'transport' en 'mobiliteit'
bijvoorbeeld, over 'Het verlangen naar de kust' om maar iets te
noemen of bijvoorbeeld Thomas Cook of dat eerste Touring Club
Holland-vakantiekamp in Antibes. Van ooit Bataven en Friezen,
Merovingers en Karolingers, van toerist tot mogelijk kosmopoliet?
Het komt hier allemaal aan bod. Ook het Franse landschap waar
zoveel Nederlanders van houden, maar dat door de eeuwen heen nogal
aan verandering onderhevig was, nu ook nog steeds: ik ben er getuige van.
Nog sterker: de literatuur verwijst ook naar de Franse samenleving
die de reiziger door de eeuwen heen aantrof. Hoe zag bijvoorbeeld
dat 'Vranckryck' van ooit er eigenlijk uit? Wat viel de reiziger op
voorzover dat nog te achterhalen valt? Want echt goede reis-
verslagen geven ook een beeld van de eigen samenleving en de wereld
van ooit tot en met 'van nu', want zo alles bij elkaar opgeteld blijft
het bepaald niet alleen bij 'van gisteren'. Een schets van 'Frankrijk
door de eeuwen heen' is in mijn komende verhalenbundel onvermijdelijk,
ja, meer dan welkom.


Hier rechts een indruk van een deel van het archief van de Coll. 'de Franse verleiding' waar honderden oorspronkelijke bronnen zoals bijvoorbeeld reisverhalen, reisgidsen, landkaarten en souvenirsalbums worden bewaard.



Coll. 'de Franse verleiding'


Tijdens het Romeinse Rijk legden de Italianen - want dat waren ze toch of vergis ik me nu? - meer dan 250.000 kilometer wegen aan, van Via's - de heirwegen - tot de secondaire camino's waar zoveel Santiago-gangers nu nog steeds gebruik van maken. En wil je hier terecht belanden, in Fontcouverte in de Franse Aude, dan kruis je zonder het te weten resten van Romeinse wegen. Het nabij gelegen Narbonne vormde in die tijd al een kruispunt, un carrefour. Waarom? Vanuit de Italiaanse Alpen liep via Narbonne de Via Domitia en wel helemaal tot in Spanje. In Narbonne kon men ook een afslag nemen en de Via Aquitania volgen, helemaal tot Bordeaux.


Raymond Chevalier, Voyages et déplacements dans l’Empire Romain. Paris, Armand Colin, 1988.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'


Pierre A. Clément et Alain Peyre, La Voie Domitienne. De la Via Domitia aux routes de l'an 2000. Les Presses du Languedoc, 1998.

Coll. 'de Franse verleiding'


Jean Verdon, Voyager au Moyen-Age. Paris, Editions Perrin, 2003.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

En zo, geleidelijk aan en steeds vaker passeren studies aan uw revu en niet alleen in dat onmogelijke maar toch vaak onvermijdelijke Frans: Nederlandse teksten volgen ook nog.
Het betreft studies over 'ooit' en dan weer eeuwen 'later' en tot 'nu', tot het bevatten van het heden, naar beste weten vastgelegd.

Een mij prangende vraag betreft bijvoorbeeld de uitvinding van het draaiende voorstel van de koets, toch iets revolutionairs niet? Het einde van met schurend effect een kar een hoek om te slepen en te sjorren. In de tot nu toe doorgenomen literatuur heb ik er tot nu toe noh niets over terug kunnen vinden. Merkwaardig.


Coll. 'de Franse verleiding'

H. A. Poelman , Geschiedenis van den handel van Noord-Nederland gedurende het Merovingische en Karolingische tijdperk. Amsterdam, proefschrift. ‘s Gravenhage, 1908.

Vechten ooit, oorlog dus, handel,dat was mede het motief van zich verplaatsen. Gewin. Waarom? Bataven tegen Romeinen bijvorbeeld. Maar wist U bijvoorbeeld dat rond 750 al Friezen, en dat was alles dat boven de grote rivieren woonden, op de marktplaats Saint-Denis aan de Seine vlak boven Parijs voeren en zelfs, rond Gibraltar heen, op het mediterrane Narbonne. En dat in 778 de achtste koning van Fryslan, ene Gondebald, bij Roncevaux in de Pyreneen, in de strijd tegen de Moren aan de zijde van Karel de Grote sneuvelde? Dat betreft dan het zuidelijke Frankrijk. Het Franse noorden werd al eeuwen eerder door Friese kustvaarders aangedaan.

En dat die Hollanders, als zeevarende handelsnatie, vlak na de Middeleeuwen, een quasi-monopolie hadden op de Franse wijnhandel? 't Ging om gewin.
Reizen voor plezier kwam pas van veel later.

Coll. 'de Franse verleiding'

Jan Craeybeckx, Un grand commerce d'importation: Les vins français aux anciens Pays-Bas (XIIIe - XVIe siècle). Paris, S.E.V.P.E.N., 1958.

Toen al, ook al weer eeuwen geleden:

Coll. 'de Franse verleiding'

André Jouanel: 'Bergerac et la Hollande. Les vins de Monbazillac, le papier, les relations familiales'. Bergerac, 1951.


WEGH-WYSER, Vertoonende De besonderste vremde vermaecklijkheden die in 't Reysen door VRANCKRYCK en eenige aengrensende LANDEN te sien zyn. T'AMSTELREDAM, By Nicolaes van Ravesteyn, op S. Anthonie Marckt, 1657.
Coll. 'de Franse verleiding'.

Een heel verhaal gaat overigens achter dit boekje schuil. De eerste druk in de 'Hollandsche' taal dateert van 1647, met buitengemeen vermakelijke en nog steeds herkenbare 'Reys-Wetten', over 'vreemde invloeden' en zo, geschreven door ene Justius Lipsius, u weet wel, de naam van de EU-hoofdzetel. Bij mijn weten verscheen overigens een eerste versie rond 1610, in het Latijn nog. Moe'k wederom uitzoeken, maar toen al kwam 'de Groote Tour'op gang, veel eerder dan de Britten veelal claimen.

En wat waren dan die ondervonden 'vreemde' invloeden? Omgangsvormen natuurlijk. Zo was 'sodomie' een heikel punt, zeker Italie aangaande. Hoe kunnen opvattingen en beleven van zeden toch wisselen, want ooit gingen prinsen in het fameuze Louvre ook naar believen en gelieven hun gang.


Gerrit Verhoeven, Anders Reizen? Evoluties in vroegmoderne van Hollandse en Brabantse elites (1600-1750). Hilversum, Uitgeverij Verloren, 2009.

Coll. 'de Franse verleiding'.


Le voyage en France. Du maître de poste au chef de gare 1740 - 1914.
Coll. 'de Franse verleiding'.

UItgegeven ter gelegenheid van een tentoonstelling georganiseerd door het 'Musée national de la Voiture et du Tourisme' in het Château de Compiègne in 1997.
Met 'toerisme' in de hedendaagse betekenis heeft het musée bitter weing van doen. Nee, dan de koninklijke stallen van de laatste keizer van Frankrijk, Napoléon III (het Tweede Empire, 1852-1870), het staat vol met karren, karossen, koetsen, calèches, omnibussen en de lieve heer weet al niet.
Ooit waren wij de enige bezoekers en speciaal voor ons werden met grote sleutels de staldeuren geopend en we wisten niet wat we zagen, wat daar voor ons opdoemde. Geen gids, geen uitleg, dus dat werd rondbanjeren. Je wilde wel in zo'n eeuwenoud voertuig plaatsnemen, maar zag het verdroogde zittingsleer aan: "Nee, dat moet ik dus maar niet doen!"

Fantastisch allemaal, maar de naam van dit museum in Compiègne dekt nagenoeg alleen vooral dat 'voiture'. En 'tourisme' wordt opgevat als een zich voortbewegen. En daarmee kwamen de stallen toch een beetje in de richting van wat de moderne mens onder 'tourisme' / toerisme' / 'tourism' verstaat.


'Partir = vertrekken'. Waarom verplaatsten men zich en waarom gaat men, steeds meer, op pad?

Coll. 'de Franse verleiding'

'Partir = vertrekken'.
'Conquérir = veroveren'.
'Quitter = verlaten'.
'Fuir = vluchten'.
'S'exiler = tijdelijk elders zijn onderdak vinden'.
'Voyager = reizen'.
'Découvrir = ontdekken'.

'Fuir = vluchten'.


Coll. 'de Franse verleiding'.

'Partir' = 'vertrekken' kent dus vele motieven en vele kwamen in 1672 voor de Noordelijke Nederlanden samen. Zo had de Franse Zonnekoning, Lodewijk XIV (1638-1715), tomeloze ambities en viel in 1672, via de Duitse landen de zuidelijke Spaanse Nederlanden omzeilend, en nota bene via Lobith de Verenigde Provinciën binnen, met maar liefst 120.000 manschappen, een schijntje van wat de Provinciën en stadhouder Willem III op de been konden krijgen. 't Was het begin van 'het Rampjaar'. En er volgde het beruchte gezegde: "het volk was redeloos, de regering radeloos en het land reddeloos", want Engeland had eveneens de Republiek de oorlog verklaard. Al moordend en plunderend - zo werden Bodegraven en Zwammerdam in brand gestoken - hielden de Fransen huis. Edoch, daar was 'het water': Michiel de Ruyter deed zijn werk, de Hollandse Waterlinie eveneens en de Fransen trokken zich moedeloos terug uit de Hollandsche modder.


De Zonnekoning voert nog een aanval op Maastricht aan in 1673.


Willem III van Oranje (1650-1702) had echter ook zo zijn ambities en het kon dus niet deren dat hij in 1677 met de Engelse erfprinses Mary stuart trouwde, nota bene zijn volle nicht. Op 15 november 1688 viel Willem III Engeland binnen, overwon en koning werd van Engeland, Schotland en Ierland. Echtelijke huwelijken komen er, dacht ik, zo bij Raden van Bestuur en CEO's niet aan te pas, maar het was allemaal wel een beetje multinational / hedge fund spelen. Ik weet nog dat voorafgaande aan 1988 een hele trits ambtenaren in de weer waren om er een 'William and Mary'-jaar van te maken, met de volle steun van Beatrix natuurlijk. Ik meen niet dat de diplomatieke spanningen tussen Nederland en het voor dat soort symbolysche festijnen gevoelige Frankrijk zijn opgelopen. Ook was het weer in 2015 raak: er werd 'Twee Honderd Jaar Koninkrijk' gespeeld hetgeen bezijden de waarheid was. De eerste koning van Nederland was Louis Bonaparte, de broer van Napoléon lui-même / himself en wel van 1806 tot 1810. Ook dat Oranje-affront liet de Fransen koud.
Na de nederlaag van Napoleon in de Slag bij Leipzig in 1813 werd Willem Frederik Prins van Oranje-Nassau (Den Haag, 24 augustus 1772 — Berlijn, 12 december 1843) ingehuldigd als 'Soeverein Vorst' der Verenigde Nederlanden. Door wie eigenlijk? Op 16 maart 1815 riep hij zichzelf uit tot koning- toe maar- van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden en hertog van Luxemburg, waarna hij op 21 september 1815 in Brussel werd ingehuldigd als koning, als CEO-Benelux dat maar een kort leven beschoren zou zijn.


Coll. 'de Franse verleiding'.

Het is voor velen vaak nog lastig met die eeuwduiding: de achtiende eeuw begint met het jaar 1700; het zij zo. Trok een enkele Hollander er gedurende de 17-de nog op uit, tijens de achtiende eeuw raakte de fut er een beetje uit en begon men de voorkeur te geven aan 'leunstoel-reizen'. Dikke pillen over andere landen werden gepubliceerd, ook over 'Frankryk', waarvan bovenstaand uit 1757 een voorbeeld.

HEDENDAAGSCHE HISTORIE of TEGENWOORDIGE STAAT van FRANKRYK. Eerste deels en Tweede Deels. Te AMSTERDAM, By ISAAK TIRION 1752. Met Privilegie.


'Partir' = vertrekken kon ook om gezondheidsredenen en dat deed de Schot Tobias Smollett in 1764-65 hij: verbleef lange tijd in Nice. En vergeet hierbij maar 'Italy', dat bestond alleen maar uit wat we tegenwoordig 'city trips' noemen. 't Meest belangrijk van zijn boek was dat Smollett dagelijks aantekening hield van het weer in Nice en dat werd in zijn verslag als gedetailleerd 'Registre of the Weather' mede afgedrukt. 't Bracht de Britse aristocratie in beweging. 's Winters zaten ze daar maar rillerig opgeloten in nauwelijks te verwarmen kastelen en landhuizen. Met de publicatie van Smollett's boek en 'Registre' kwam voor hen de traditie op gang om in en rond Nice te gaan overwinteren.

Coll.'de Franse verleiding'.


Patrick Marchand, Le maître de poste et le messager. Les transports publics en France au temps des chevaux. Paris, Editions Belin, 2006.
Coll. 'de Franse verleiding'.

Hier bevinden we ons nog in een'mensen- en paardensamenleving met koetsen en koetsiers, postmeesters, koetshuizen, 'posthoorns', hoefsmeden en reken maar dat het allemaal betrekkelijk langzaam ging, want de meeste 'wegen' waren nog lang niet bestraat; een postkoets kon je, als je er stevig de pas in hield, gewoon bijhouden. De wegen waren niet veel meer dan klei-, modder- en zandpaden. Zo nam een reis van Amsterdam nagenoeg één volle week. Dat kwam ook omdat de Hollander per definitie een bootje moest nemen om de vele rivieren over te steken. Lange tijd was het dan ook gebruikelijk om, als je naar Frankrijk wilde, met een kustvaarder meevoer, wel zo gemakkelijk als de wind goed stond. Rivieren moesten niet alleen overgestoken worden, nee, ze dienden ook als verplaatsingsroute,zoals hieronder zal blijken.


Coll.'de Franse verleiding'.

VOOR 'T BOVENSTAAND, NEUS ER BOVENOP OF BRIL OF LOEP.

Dit zijn dan enkele fragmenten van de uit 1765 stammende:
'De Getrouwe Wegwijzer of Gids voor de Reizigers'.

L'Indicateur Fidèle ou Guide des Voyageurs,
qui enseigne
Toutes les Routes Royale et Particulières de la France, Routes levées Topographiquemt dès le Commencement de ce Siècle, et Assujettiés à une Graduation Géométrique,
contenant
Toutes les Villes, tous les Bourgs, Villages, Hameaux, Fermes, Châteaux Abbayes .....

Afijn, hier fragmenten van twee opengeslagen bladzijden voor de route Amsterdam - Marseille, vol met aanduidingen in de linker legenda
en 15 kaarten bevat met 15 hoofdroutes. In het linkerkader werden vertrektijden aangegeven, waar wat gegeten kon worden, enzovoorts.

Dressé par le Sieur Michel, Ingénieur Géographe du Roy à l'Observatoire. Mis au Jour et Dirigé Par Le Sr. Desnos Ingénieur Géographe ....

Zoals uit deze fragmenten blijkt was er zelfs sprake van een postkoetsverbinding tussen Amsterdam en Marseille. Die lange tocht nam maar liefst drie weken in beslag en men reed gelet op de staat van de, noem het, sporen min of meer op sukkeldracht, overdag zowel als 's nachts. Alleen als bij een 'relais de poste', een postkoetshuis gestopt werd om van paarden te wisselen kon men de benen strekken en iets eten. En natuurlijk waren de Novotels, Campanilles en noem maar op nog verre toekomstmuziek.
Trouwens, zuidwaarts reizend stapte men in Lyon op een bootje richting Marseille, eigenlijk een wegwerpbootje, want het was onbegonnen werk die bootjes stroomopwaarts weer naar Lyon terug te krijgen.


Coll. 'de Franse verleiding'.

De titel van deze studie spreekt voor zich: mede onder invloed van het Franse hofleven was de Franse adel en 'haute bourgeoisie' op tal van vlakken qua stijl trend settend.


Reizen, ooit in ieder geval, deed je beinvloeden en die indrukken nam je mee, ze vormden je mede. De uiteenlopende bijdragen in 'Zuidenwind', onder redactie van Monique van Hoogstraten, Addie Schulten en Gert Jan van Setten, geven aanzetten, maar het het blijft goeddeels onder de hoge 'C': schilderkunst, literatuur, machtspolitiek ook en godsdienst nauwelijks: het katholieke zuiden versus het protenstantse, ja, calvinistische noorden? Wonderlijk genoeg vond ik wat dit aangaande ook weinig terug in al die reisverslagen waarover 'de Franse verleiding' beschikt. In één van de collectiestukken, geschreven door ene Adriaan van der Willigen vond ik lovende worden over het reinigende bidet, maar hygiène was mooi, maar hij gaf toch de voorkeur aan de zedelijkheid van de Hollandsche vrouw, ook al 'waschten' zij gedurende hun gehele leven slechts handen en gezicht .... . Da's C met een lagere c. Toch is het 'Zuidenwind' alleszins aan te raden.

Monique van Hoogstraten, Addie Schulte, Gert Jan van Sette (red.), Zuidenwind. Romaanse invloeden op de Nederlandse cultuur. Amsterdam, Prometheus, 2000.
Coll. 'de Franse verleiding'.


Coll. 'de Franse verleiding'.

Een 'Almanach du Voyageur à Paris', een stadsgids voor Parijs, daterend uit 1783. Dit dikke boekje, maar klein van formaat, zou best weleens gebruikt kunnen zijn door de Amsterdammer Jacob Muhl aan wie een pagina op deze site is gewijd. Wellicht was deze Jacob Muhl één van de eerste Nederlandse toeristen in Parijs, want hij ondernam de reis (één week reizen heen en één week reizen weer terug, en dat merendeels over zand- en modderpaden) zuiver en alleen maar voor zijn plezier. Wellicht heeft Thomas Jefferson 't ook gebruikt.


Roy & Alma Moore, Thomas Jefferson's Journey to the South of France. New York, Stewaert, Tabori & Chang, 1999.

Coll. 'de Franse verleiding'.

Net zoals vele Nederlanders onderhouden ook Amerikanen een haat-liefde relatie met Frankrijk. Edoch, tijdens 'de Franse Verlichting' en de daarop volgende revolutionaire periode staken toch wat Amerikanen de Atlantische Oceaan over, uit nieuwsgierigheid en voor inspiratie. Onder hen waren enkele van de 'Foundings Fathers' die de uitmuntende en nog steeds geldende Amerikaanse grondwet opstelden. Onder hen was ook Thomas Jefferson die niet alleen Parijs aandeed, maar ook in de vroege lente van 1778 naar het zuiden van Frankrijk trok. En die Thomas Jefferson is hier vlak in de buurt geweest! Per postkoets en ook te voet. Wat we er van weten is dat hij de hier nabijgelegen citadel van Carcassonne heeft bezichtigd, Castelnaudary ook en vaarde naar die bestemmingen hoogstwaarschijnlijk over het Canal du Midi. Gelet op de kaart van 'Les Postes de France' heeft hij op weg naar de zeven sluizen van Ensérune bij Béziers, onvermijdelijk in die tijd, door Moux gereden, een plaatsje 3 kilometer ten noorden van het Fontcouverte waar ik nu woon.

Coll. 'de Franse verleiding'


Wellicht gebruikte hij één van de eerdere uitgaven van deze gids uit 1856: 'Guide du voyageur sur le Canal du Midi et ses embranchements, et sur les canaux de étangs et de Beaucaire'.

Coll. 'de Franse verleiding'


Annie Jourdan et Joep Leerssen (éds.), Remous Révolutionnaires: République Batave, Armée Française. Amsterdam. Amsterdam University Press, 1996.

Coll. 'de Franse verleiding'


En zo maken we een niet-wetenschappelijke, ja, romanesque sprong in de tijd, naar de jaren van de Bataafsche Revolutie (1787) die maakte dat vele patriotten na het door de Oranje's neerslaan van de opstand naar Frankrijk vluchtten en daar jaren in ballingschap leefden en a de Fransche Revolutie (1789) terugkeerden, zo meeslepend beschreven in de roman-trilogie van Jo van Ammers-Küller in 'Heeren, Knechten en Vrouwen'. De Geschiedenis van een Amsterdamsche Regenten-Familie in de jaren 1778 tot 1813. Amsterdam, J. M. Meulenhoff, MCMXXXVIII.

Coll. 'de Franse verleiding'


Déclaration des Droits de l'Homme et du Citoyen,
datée du 10 août 1793.


Coll. 'de Franse verleiding'

'Galignani's New Paris Guide', stammend uit 1841.

De in 1911 door Sylvia Beach in Parijs gestichte Engelstalige boekhandel Shakespeare & Co is bij Nederlandse Parijsgangers die tevens boekliefhebbers zijn, veel bekender dan Galignani's Bookstore. Simpele redenen? Ten eerste hangt er een sfeer van nostalgie omheen, die van 'The Lost Generation', verbonden met namen zoals die van Ernest Hemingway, F. Scott Fitzgerald; Man Ray en Stephen Spender. En het is er oer-authentiek en 'gezellig'. Voorts bevindt het zich min of meer vlak om de hoek van de Place Saint-Michel met haar immense terrassen, bijkans onvermijdelijke pleisterplaatsen voor de flâneurs.

De Brit John Anthony Galignani opende zijn eerste continentale Engelstalige boekhandel aanvakelijk in het noordelijk gelegen Cambrai, maar vestigde zich al spoedig in Parijs, eerst in de rue Vivienne en vanaf 1855 aan de drukke rue Rivoli met al haar arcades, paralel aan het Louvre en de Tuileriën. En daar zit Galignani nu nog steeds tussen alle souvenirshops ... .


Coll. 'de Franse verleiding'

Met Mr. A. W. Engelen, Naar Parijs, Havre en Tours in den zomer van 1847. Te Groningen, bij W. van Woekeren, 1848 zitten we midden in een transportrevolutie die zo vanaf 1830 op gang kwam.

Illustratief daartoe zijn de openingszinnen van A.W. Engelen:

"Ik heb mijn wandelstaf voor het oogenblik ter zijde gelegd: wel niet met het bepaalde oogmerk, om te beproeven, hoe men de verste afstanden in den korts mogelijken tijd kan afleggen - eene proefneming, welk ieder nieuw jaar nieuwe en meer verbazende uitkomsten oplevert - maar toch met eene snelheid,, die weinig bestaanbaar is met mijne meest gewone manier van reizen, een einds wegs in den vreemde door te dringen. Het was mijn plan, om een vlugtig stoomtogtje naar Parijs te ondernemen, en de vandaar uitgaande spoorweglinie te volgen, in eene zuidwestelijke rigting, tot waar zij den reiziger plotseling begeeft, hare verdere voltooijing door het midden en zuiden van Frankrijk te gemoet ziende; en noordwestwaarts, tot waar zij aan het kanaal stuit. (-) Een der booten van de Rijn- en IJsselmaatschappij bragt mij herwaarts. (-) Men beschrijft dit gedeelte van de Rijnvaart over het algemeen als zeer vervelend; en zelfs verklaarde voorstanders van het reizen met de stoombooten geven niet zelden de voorkeur aan den korteren weg over land, schoon ook daarmede een ongemakkelijke nacht in de diligence gepaard gaat."

Eén nachtje diligence, daar zat je wis en waarachtig niet mee in Parijs. Welk traject had Van Engelen dan in godsnaam gekozen om uiteindelijk in Parijs te komen?
Via Keulen!, "nog de meest katholijke stad van Duitschland, ja misschien van geheel het westelijke Europa".
Door ging de reis. Wat was na Keulen de volgende tussensthalte op weg naar Parijs?
"Meer dan eenmaal heb ik in vroegeren tijd een lang gerekten en onaangename nacht in de coupé der diligence van Keulen naar Aken doorwaakt. Thans legt men dien weg in ruim twee en half uur af (ik) beklom in den vroegen morgen een der redelijk wèl ingerigte char à banc, teneinde op deze wijze mijne reis tot Brussel voort te zetten. Men komt aldaar tijdig genoeg aan, om, des verkiezende, met den nachttrein naar Parijs te vertrekken, en die stad alzoo, ruim twintig uren nadat men Keulen verlaten heeft, te bereiken. Het is echter een vermoeijende toer, dien wij buiten volstrekte noodzakelijkheid aan niemand zouden aanraden. Want men zal mij gaarne toestemmen, dat een wat langdurige rid in de stoomwagens oneindig afmattender is dan in een gewoon rijtuig.(-)
Het was omstreeks acht uren nadat wij Keulen verlaten hadden, toen wij bij het noorderstationsgebouw te Brussel, dat een eindwegs binnen de stad gelegen is, aankwamen. (-)
Tweemalen in de vier-en-twintig uren vertrekken des zomers treinen van Brussel naar Parijs en van Parijs naar Brussel, in regtstreeksche verbinding tusschen beide steden.(-)
Deze rijtuigen zijn zeer goed ingerigt, en die van de tweede klasse althans beter dan bij ons en in Duitschland. Verlangt men zich nog meer op zijn gemak te zetten, dan kan men tegen betaling van vijf-en-veertig franken eene plaats in de Coupé nemen, die het voorkomen van een klein net ingerigte salon heeft.(-)
Het zuider stationsgebouw te Brussel is mede binnen de stad, doch onderscheidt zich even min als dat van den noorder spoorweg, waarmede het door een langs de Boulevards loopend spoor verenigd is, in geenen delen door zijn fraaiheid. De stations onzer spoorwegen winnen het te dien opzigte zeer ver van die der Duitsche, Belgische en ook van de meeste Fransche wegen. Slechts Mechelen en Parijs maken een zeer gunstige uitzondering. (-)


Het eerste Gare du Nord dat op 14 juni 1846 officieel werd geopend. Let op het nog goeddeels maagdelijke achterland met de nog groene 'Butte Montmartre'.

De uiterste grensplaats in Quievrain (-) Bij het laatstgenoemde station vertoonen zich dan ook de Fransche Douanes; doch dewijl de voor Parijs bestemde passagiersgoederen eerst dààr terstede nagezien worden, zoo lieten ons deze heeren voor het tegenwoordige ongehinderd voorbij trekken. Wat mij echter zeer verwonderde was, dat zich geen gensd'armes of soortgelijke lastige personaadjes vertoonden, om maar de passen der reizigers te vragen. Vroegere ondervinding toch had mij geleerd, dat deze in Frankrijk den vreemdeling onophoudelijk op de hielen zaten. De spoorwegen hebben echter, zoo het schijnt, ook hierin eene gunstige verandering te weeg gebragt: geen sterveling werd om zijne papieren gemoeid, en zelfs in Parijs was niemand onbescheiden genoeg mij naar de mijne te vragen.(-)
Het was ruim zes uur; en wij hadden dus, niettegenstaande het herhaald oponthoud aan gene zijde der Fransche grenzen, den geheelen afstand tusschen Parijs en Brussel, die door de groote krommingen van den weg driehonderd en zeventig kilometers, of ruim twee-en-negentig Fransche mijlen bedraagt, in omstreeks tien uren afgelegd."


Coll. 'de Franse verleiding'

Na de Guides Richard's die golden voor de postkoetsen, zijn we inmiddels ook in het vroege tjdperk van de trein beland en daartoe werden de 'Guides-Joannes' uitgegeven. Hier een treingids uit 1861 voor het traject Paris-Lyon-Marseille dat in 1857 gereed was gekomen. Het werd ge-exploiteerd door de de private spoorwegmaatschappij PLM die er vrolijk Paris-Lyon-Méditerranée van maakte. Er waren maar liefst twee delen voor nodig, want elke plaats van enige betekenis werd uitvoerig beschreven. Hier deel I:

'Itinéraire Général de la France par Adolphe Joanne - I - Réseau de chemin de fer de Paris à lyon et à la Méditerrannée. Première partie' en uitgegeven door Librairie de L. Hachette et Cie te Parijs.
Toen het tijdperk van 'den automobiel' aanbrak werden de Guides Joanne als uitgangspunt gebruikt voor de bekende 'Guides Bleus' die nog immer worden uitgegeven.



Coll. 'de Franse verleiding'.

'Wat Parijs mij te zien en te denken gaf'
door
Mevr. Elise van Calcar, geb. Schiotling.
De Toren van St. Jacques.
Haarlem, A.C. Kruseman.
1859

En zij opent met:

"Ik heb altijd een wijd verschiet bemind om in de verte te turen en mijn oog in de ruimte te laten dwalen - ik heb altijd gedroomd van verre landen en groote togten - het Oosten, het Westen en het Noorden hebben mij om strijd gewekt, en altijd, als ik mij reisvaardig zou maken, viel het reisplan in duigen! Zoo had ik mij dan ook alreede verzoend met het denkbeeld geen andere reizen te doen dan in het hoekje van den haard of op de landkaart, om na te pluizen waar mijne meer bevorregte vrienden het schoone jaargetijde sleten - toen er een spoorlijn langs ons dorpje gelegd werd en wij ons eensklaps met onze Belgische buren in een gedurige gemeenschap gesteld zagen.
Nu werd het ons eerst duidelijk hoe na wij aan de grenzen woonden. Wat was Antwerpen digt bij gekomen - en Brussel werd weldra door onze dorpers bezocht als eertijds Breda, om boodschappen te doen op éénen dag heen en weer ... ."


Het moet in 1860 geweest zijn dat Karl Baedeker zijn eerste in het Franse gestelde gids voor Parijs publiceerde. En mèt succes, want vele edities volgden.


Julius Rodenberg, Paris bei Sonnenschein und Lampenlicht. Ein Skissenbuch zur Weltausstellung, 1867.
Coll. 'de Franse verleiding'.


Nederland - de Noord-Zuidverbinding liet nog steeds veel te wensen over - stuurde er geen journalisten op af, naar die Parijse Wereldtentoonstelling in 1867. Twee Nederlandse uitgevers durfden het aan delen van de twee meer dan vuistdikke delen van 'Paris Guide par les principaux écrivains et artistes de la France' als ééndelige bundel uit te geven met als titel 'Parijs in 1867' met op de titelbladzijde: 'Het leven van de wereldstad, haar gebouwen, openbare instelingen en merkwaardigheden. EEN GIDS voor allen die Parijs bezoeken. Voor Nederlanders bewerkt naar het Fransch'. En dan volgt een greep uit belangrijke Franse schrijvers die hadden meegewerkt aan de Franse uitgave, met belangwekkende namen als Louis Blanc, Ernest Renan, Theophile Gautier, Paul de Kock en Alexandre Dumas.

De dikke bundel werd uitgegeven door H. Nijgh in Rotterdam en Van den Heuvel & Van Santen in Leiden.

Citaat? "Wat wij tot nu toe beschreven hebben, is echter alleen Parijs bij dag, hoogstens de helft van Parijs. Maar daarnaast bestaat een ander Parijs, dat pas na den ondergang der zon begint te leven, wannneer de gasvlammen uit de poriën der aarde schijnen op te stijgen en in aantal met de sterren aan de hemel wedijveren. De stad staat dan in vuur en spreidt door het kristal der toonkasten al de zeldzaamheden van den aardbol ten toon."
Het is zeer verleidelijk om de verdere poëtisch beschrijvingen hier uitvoeriger over te nemen, maar dat zal ik bij een andere gelegenheid doen.


Coll. 'de Franse verleiding'

Louis de Semein, Parijs en de Parijzenaars. Gouda, G. B. van Goor Zonen, Tweede druk, 1877.

Louis de Semein bleek mij al zoekende een fenomeen en uiteindelijk vond ik in zijn laatste boek, 'Achter het gordijn' in het naschrift enkele nadere gegevens:

"Louis de Semein werd den 4den April 1850 te 's Gravenhage geboren. Over zijn leven en streven ligt een sluier. Hij schijnt vroegtijdig zijn vaderstad verlaten te hebben om zich in of nabij Parijs te vestigen. In 1876 woonde hij te Nanterre en in 1878 te Parijs. Hij hield zich onledig met letterkundigen arbeid; hij was directeur van den 'Polichinelle', schreef verschillende werken over Parijs en Londen, leverde Parijsche brieven aan het 'Nieuws van den Dag' en literaire beschuowingen voor 'Euphonia', een weekblad, dat zich in een korten levensduur mocht verheugen. ( - ) In den avond van den 30sten Juli 1878 verliet hij "cette triste vie". Hij was slechts 28 jaar."

En zie hier de hoeveelheid van wat Louis de Semein in slechts zeer korte tijd schreef en publiceerde:

Louis de Semein, Parijs en de Parijzenaars. Gouda, G. B. van Goor Zonen, 1875
Louis de Semein, Het Parijsche leven. Gouda, G. B. van Goor Zonen, 1877.
Louis de Semein, Herinneringen van een Parijsch reporter. Arnhem, J. Minkman, 1877.
Louis de Semein, Brieven van Louis de Semein aan De Erven F. Bohn, Haarlem. 1877.
Louis de Semein, Uit de Parijsche dievenwereld. Minkman's Bibliotheek, No 1. Arnhem, J. Minkman, 1877.
Louis de Semein, Parijsche schetsen, 1e serie. Minkman's Bibliotheek, J. Minkman, Arnhem, 1877.
Louis de Semein, Parijsche schetsen, 2e en 3e serie. Minkman's Bibliotheek, Arnhem, 1878.
Louis de Semein, Schetsen uit Londen. Minkman's Bibliotheek, No. 8. Arnhem, J. Minkman, 1878.
Louis de Semein, Door eene wereldstad (met illustratie van Eug.Ladreyt). Arnhem, J. Minkman, 1878.
Louis de Semein, Achter het gordijn (Schouwburgschetsen). Met voorrede, aanteekeningen en naschrift van J.H. Rössing. J. Heijnis Tsz., Zaandijk, 1878.

Met goede reden kan men zich afvragen hoe dit alles in zo'n korte tijd tot stand kon komen. Eén verklaring ligt als mogelijkerheid voor de hand: Louis de Semein deed zich te goed aan een geestverruimend middel dat destijds vrijelijk te koop was en zeer veel gebruikt werd in Parijs: opium. De handel daarin heeft de kassen van de Nederlandse Staat èn het Nederlandse Koninklijke Huis danig verrijkt .... .


Coll. 'de Franse verleiding'

Hier de catalogus van een tentoonstelling die in 2017 en 2018 achtereenvolgens in Amsterdam en Parijs te zien was: Nederlandse schilders in Parijs.

Waarom trokken toch zovele Nederlandse schilders naar Parijs?
'Parijs was in de 19de eeuw een droomstad. "Den grootsten tooverklank mijns levens. Daar vlamt de fakkel der moderne kunst en woont de geestdrift en de liefde voor haar, daar zijn hare ijverigste aanbidders en hare uitverkorene lievelingen", schreef de schilder Gerard Bilders. Nergens ter wereld was zo veel kunst te zien. In 1793 was het Musée du Louvre geopend, in 1818 het Musée du Luxembourg voor eigentijdse meesters.
Amsterdam en Den Haag waren suffe provinciesteden vergeleken met het grote Parijs. "De stad, kerel, als stad, 't boemelen, straat slijpen en kijken en niets anders dan kijken; ik verzeker je dat dat iets heerlijks is, opmerken en er over redeneeren", schreef de schilder Willem Witsen in 1882.'
Peter Giesen, 13-10-2020.


Dominique Paulvé, Villes d'eaux: histoire , architecture, thermes. Issy-les-Moulineaux, Editions Massin, 2013.

Coll. 'de Franse verleiding'

In Frankrijk is de traditie van kuren eeuwenoud en door de Romeinen geïntroduceerd met de thermen. Het stikt er dan ook van xyz-les-Bains, Thermes-de-zyx en allemaal, vanwege de verschillende bronwaters, gericht op specifieke gezondheidskwalen. In tegenstelling tot Nederland, toch een land van water, maar met nauwelijks bronnen, is het heel normaal dat je naar zo'n kuuroord gaat; het zit zelfs in het ziekenfondspakket en er wordt gretig gebruik van gemaakt, soms zelfs met zekere regelmaat.

Coll. 'de Franse verleiding'

NOUVEAU GUIDE PRATIQUE
médical et pittoresque
EAUX D'AIX EN SAVOIE
ou
Le Vade Mecum
du baigneur et du toriste.

Chambéry, Imprimerie A. Pouchet et Compagnie, Place Saint-Léger.
1868.

Tal van typen mineraalwateren helpen tegen specifieke typen van aandoeningen. Meer dan 1200 Thermes des -'vul maar een plaatsnaam in' of 'plaatsnaam'-les Bains telt Frankrijk wel. Longaandoeningen, hartkwalen, bloedsomloop, cholesterol, er is wel een Thermes of Bains voor.

Het bronwater van Aix en Savoie is goed voor rheumathologische klachten en voor flebologie, dat wil zeggen beenaandoeningen ... .

Uit dit van 1868 daterende gidsje voor Aix-les-Bains in de Savoye blijkt dat het kuuroord over verschillende bronnen beschikt en elke bron heeft weer zijn karakteristieken, zoals gehaltes aan sulfaat, sodium, bicarbonaat, fluor, phosphaat, ijzer en ga zo maar door plus nog eens verschillende temperaturen: voor de gemiddelde Nederlander is het allemaal van een te wantrouwen hocus-pocus, maar zelfs die bescheiden bron in mijn dorp Fontcouverte, 'la Source de Fontcalel', 't water daarvan? Ik zag eens een keer iemand daar flessen met dat bronwater vullen en ik vroeg: "Is 't lekker water? Doet u het daarom?" De dorpelingen hier zijn nogal gesloten van karakter, maar ik kreeg een openhartig antwoord: "Nee, ik heb af en toe last van exceem op m'n billen en als ik die plek met een nat washandje met dit water dep dan gaat het weer voor een tijdje over."


Coll. 'de Franse verleiding'

A.Pessy, Guide des Étrangers à Menton accompagné d'une carte dressée avec soin, indiquant l'Itinéraire des Promenades et Excursions à faire dans un rayon de six lieues. Troisième Édition. Menton, à L'Établissement littéraire Papy, 1870.


Coll. 'de Franse verleiding'

Amédée Goubet, Cannes-Guide. Promenades de Cannes et ses environs. Historique - Flore - Géologie. Climatologie Par le Docteur Bernard. Renseignement sur la ville. Cannes, Paul Maillan, 1875.


Coll. 'de Franse verleiding'

Paul Joanne, Les Stations d'Hiver de la Méditerranée. Nice, Hyères - Cannes - Monaco - Menton - Bordighera -SanRemo. Collection Joanne - Guides Diamant. Paris, Librairie Hachette et Cie., 1878.

Moesten de Alpen en het bergbeklimmen, laat staan de wintersport nog min of meer 'uitgevonden' worden, de Méditerrane kuststrook was inmiddels voor het overwinteren van de zeer welgestelden tot luxe-paradijs omgetoverd. Boulevards werden aangelegd, palmbomen en mimosa van elders gehaald, grandioze hotels - 'palaces' - waren verrezen en chique villa's gebouwd. Pas na 'la Grande Guerre' - de Eerste Wereldoorlog - veranderde de kust die inmiddels ook een naam had gekregen van karakter. Maar net zoals met het kuren was een verblijf aan die kust vanwege gezondheidsredenen of werd ter rechtvaardiging opgedist.


Coll. 'de Franse verleiding'

Al in 1863 werd in Monte-Carlo haar eerste, nog bescheiden casino geopend, maar weldra vanwege het doorslaande succes in 1879 opgevolgd door het huidige, majestueuze 'paleis' naar ontwerp van de beroemde architect Charles Garnier, ontwerper van de al even majestueuze 'L'Opéra de Paris'. De logiva wil natuurlijk dat er meer vermogen verloren ging dan dat er werd gewonnen. Marcellus Emants schreef er al in 1886 indringend over en zijn observaties worden later hier bijgevoegd.


Lynne Withey's 'Grand Tours and Cook's Tours. A History of Leisure Travel, 1750 to 1915'. New York, William Morrow and Company Inc., 1997.

Coll. 'de Franse verleiding'

Het was de diepgelovige Brit Thomas Cook (1808-1892) die reizen en vakantie binnen het bereik bracht van de kleine burgerman en een enkele arbeider. Zijn eerste groepsreis betrof nota bene een treintocht in 1841 naar een anti-alcoholcongres en van het één kwam het ander: verheffing was zijn roeping. Cook's groepsreizen worden wel gezien als het begin van de toeristenindustrie.


En weer gaan we verder, want juist in die periode, die van Thomas Cook, toen kwam qua 'zich verplaatsen' alles 'in beweging' in vergelijk met de voorafgaande eeuwen. En wel massaal:

Wolfgang Schivelbusch, Geschichte der Eisenbahn. Zur Industrialisierung von Raum und Zeit im 19-Jahrhundert. Frankfurt am Main, Fischer, 2000 (6. Auflage:2015).

Coll. 'de Franse verleiding'


En let op wat er in Frankrijk gebeurde qua aanleg van spoorlijnen en bedenkt dat dit voornamelijk handmatig door zwoegende arbeiders gerealiseerd werd, natuurlijk geholpen door paardenkracht:

1840-------497 kilomètres
1850-----2.915 kilomètres
1860-----9.167 kilomètres
1870----15.544 kilomètres
1880----23.089 kilomètres
2019----30.000 kilomètres

Hier in beeld de inspanning die Frankrijk sociaal-economisch veranderde. Noodgedwongen te klein, maar kijk van links naar rechts en van boven naar onder: 1837, 1846, 1851, 1856, 1860 en onderaan rechts 1875. Pas enkele jaren later kwam er een spoorverbinding tussen Nederland en Frankrijk tot stand dat grote gevolgen had.

Coll. 'de Franse verleiding'


Zie wat zich in Frankrijk in zo'n vijftig jaar voltrok qua aanleg van een steeds dichter wordend netwerk aan spoorlijnen en zie hieronder wat in Parijs aan netwerk werd aangelegd, maar iets heel anders: 'les tubes pneumatiques', zeg maar een 'hogedrukbuizennetwerk'.

Wéér was het een Schot die op een uniek idee kwam: stop in een smalle buis een nog smaller kokertje met daarin een bericht, voorwerpje of, vooral, waardepapieren en dat met luchtdruk van de ene kant naar de andere kant te blazen of te zuigen (daar ben ik tot nu toe nog niet achtergekomen, wel dat het een kwestie was van overdruk of vacuüm). Die Schot richtte een bedrijf op en in 1853 zoefde z'n eerste kokertje van de Londense beurs naar het hoofdpostkantoor, een afstand van 200 meter. Eerst keken de Parijzenaars de kat uit de boom, maar vanaf 1866 was het hek van de dam. Als dolerenden legden ze in een paar jaar tijds al kilometers buizenpost aan, tussen gebouwen en in gebouwen. Rond 1934 stond de teller op maar liefst zo'n 467 kilometer aan buizen! De dossiers werden dikker, de pakjes werden groter en de electronica en de koeriers haalden het ingenieuze systeem in dat voor het laatst in 1984 de capsules door Parijs rondpompte. Edoch, her en daar functioneert binnen 'complexen' het buizenstelsel nog steeds.

En dat geeft me nu te denken. Ooit heb ik een cassière gezien die de handeling verrichtte: ze vulde een metalen cylindertje met mijn papiergeld, gaf een klap op een roze-rode rubberen afsluitring, stopte het in zo'n buis en enige minuten later kwam mijn wisselgeld in zo'n cylindertje terug. Hoe zij nou wist dat het op 'mijn' cylindertje en geld ging? "Toen was het waarschijnlijk nog niet zo druk", bedenk ik me nu.
Maar was het nou in de Amsterdamse Bijenkorf dat ik het 'event' voor het eerst meemaakte of toch in één van die grote Parijse warenhuizen? En zo struinde ik zonder enig resultaat het internet af en ondervroeg Amsterdamse vrienden 'van zekere leeftijd' die er geen herinnering aan hadden, dus hou ik het op 'La Samaritaine' of 'Les Galeries Lafayette'. Wat betreft Lafayette weet ik het nu zo goed als zeker, want uit Jean-Claude Daumas' z'n 'La Révolution Matérielle' (pagina 130; zie literatuurlijst) blijkt dat dit warenhuis in de negentiende eeuw over zo'n buizenstelsel beschikte. Het twintigste eeuwse management zal toch niet zo gek zijn geweest om opdracht gegeven te hebben het eruit te slopen? Nu, in de éénentwintigste eeuw, zou het me trouwens niet meer verbazen.


Coll. 'de Franse verleiding'

Bertall et Scott (Dessins par), Les Plages de France. Manche - Océan - Méditerranée. Paris, C. Marpon et E. Flammarion Editeurs, 26, Rue Racine, près l'Odéon, 1880.


Coll. 'de Franse verleiding'

'Le droit à la paresse', 'Het recht op luiheid' en geschreven door nota bene de schoonzoon van Karl Marx was één van die schoten voor de boeg in de oplaaiende strijd om kortere arbeidsdagen. Dagen. In die tijd werkte de arbeider 70 uur per week, met waar mogelijk alleen de zondag vrij!


Coll. 'de Franse verleiding'

Zomaar in die immer historisch rijke Franse kiosken opgepikt:

'De wereld is aan ons!'


Ooit bijvoorbeeld geweten dat ene Ferdinand de Lesseps in het voetspoor van 'handel' en vooral 'kapitaal'een stoot heeft gegeven aan het wereldreizen? Met het ook voor de scheepvaartverbinding - er was immers niets anders - tussen Nederland en Nederlands Indië het historische Suez-kanaal? Er hebben oorlogen om gewoed. En het Panama-kanaal als zoveelste toppunt, maar dat vooral in herinnering bleef als een financieel schandaal.

Chrislain de Diesbach, Ferdinand de Lesseps, Paris, Perrin, 1998.

Coll. 'de Franse verleiding'


En wist je dat ene Georges Eugène Haussmann, hij was baron, prefect en nog zo wat, maar vooral stadsontwerper, in zijn geval stadssaneerder en vormgever, een stoot gaf aan het hedendaagse toerisme? Want het Parijs zoals we dat nu vooral kennen was zijn werk.

Georges Valance, Haussmann le grand. Paris, Flammarion, 2000.

Coll. 'de Franse verleiding'

Uit: Patrice de Moncan, Paris avant et après Haussmann - Rive Gauche (2012) met fotografie van de fotograaf-klassieker Charles Marville en met fotografie door het hedendaagse Studio Traktir. 't Geeft een indruk van de door Napoléon III gewilde en door Haussmann ontworpen en gedirigeerde transformatie van het Middeleeuwse Parijs tot negentiende eeuwse metropool. En zo kennen de Parijs-gangers de Franse hoofdstad, als metropool nu nog steeds, afgezien van hier en daar nog wat Middeleeuwse straatjes. Of dienen we nu inmiddels te spreken van een West-Europese metropool, gelet op de huidige stadsontwikkelingen in met name Zuid-Oost Azië?

Coll. 'de Franse verleiding'


Sylvain Ageorges, Sur les traces des Expositions universelles. 1855 PARIS 1937. Paris, Parigramme, 2006.

Coll. 'de Franse verleiding'


Les Merveilles de la Science ou Description Populaire des Inventions Modernes par Louis Figuier
-------
Photographie - Stéréographie - Poudres de Guerre - Artillerie Ancienne et Moderne - Armes à Feu Portatives - Batiments Cuirassés - Drainage - Pisciculture
***
Paris, Furne, Jouvet et Cie. Editeurs.
45, Rue Saint-André-des-Arts, 45
M DCCC LXIX (= 1869)
Coll. 'de Franse verleiding'.

Die wereldtentoonstellingen, de eerste vond in 1851 in Londen plaats, maar Parijs nam vervolgens vanaf 1855 decennialang glorieus de fakkel over, was mede bedoeld als uiting van de suprematie van de Westerse wereld, zo'n beetje als het hier boven al aangehaalde 'Le monde est à nous' ('Aan ons behoort de wereld'). Het steeds in aantal groeiende bezoekerspubliek kon zich vergapen aan en uitproberen van de telefoon, electriciteit, tal van voor die tijd geavanceerde machinerieën, wapentuig, de lift, de loopband, de naaimachine, de fiets, de auto en ook ketchup! De wereldtentoonstellingen vormden mede de eerste voorschoten en voorproef van wat later de 'consumptiemaatschappij' zou worden.


Coll. 'de Franse verleiding'

Met de komst van de trein en uiteindelijk ook een directe verbinding met Frankrijk groeide tevens het aantal Hollands-Franse en Frans Hollandse woordenboeken, waarvan het bovenstaande, fraai gebonden deeltje uit 1891 getuigd. Gingen deze deeltjes ook over 'Idiotismmes', Galieismes en Batavismes zelfs, 'Parisismes' van Dr. Césaire Villatte dat ene H.W.F. Bonte omwerkte tot Fransch-Nederlands woordenboek wel een stapje verder: het nam ook veel streek- en zelfs wijkgebonden jargon op, bargoens, zeg maar gerust platvloers taalgebruik. Vandaar dan ook de volgende waarschuwing:
"Dit boek is volstrekt niet geschreven voor de Fransch leerende jeugd, maar voor volwassenen bestemd. Het ligt in den aard der zaak, dat eene verzameling van woorden, die voor het grootste deel ontleend zijn aan de taal der dieven en moordenaars, der veile deernen en der laagste volksklassen, eene menigte vuile, cynische uitdrukingen bevat, die, ter wille van de originaliteit - al is er zooveel mogelijk naar welvoeglijkheid gestreefd - dikwijls moeten vertaald worden, door de overeenkomstige even krasse Nederlandsche uitdrukkingen.
In het belang der zaak verzoeken wij de lezer zich daaraan niet te ergeren."


Coll. 'de Franse verleiding'

Ach, de Parijse poéet en volkszanger Aristide Bruant (1851-1925), hier vereeuwigd door Toulouse-Lautrec, wordt nog steeds vereenzelvigd met het Montmartre van ooit, maar elders, op het toppunt van zijn roem rond 1890 zong hij in tal van andere plaatsen ook en dat werd als het ware aangekondigd met de publicatie van de zangbundel 'Dans la rue' in 1889. In de jaren 1950 en '60 hing zijn door Toulouse-Lautrec geschilderde portret als affiche in menige Hollands tienerkamer. Was Bruant in zekere zin een overleefde popster, maar symbool van Hollandse Parijs-nostalgie, eind jaren 1960 overwon het politieke en Che Guevarra kwam er voor in de plaats.
Zouden er nog affiches hangen op die tienerkamers of zijn die verdrongen door flat screens, waarmee je naar believen van hot naar her springt? 'The liquid society'?


Raf de Bont & Ton Verschaffel (red.), Het verderf van Parijs. Leuven, Universitaire Pers Leuven, 2004.

Coll. 'de Franse verleiding'

Dat 'verderf' bestond uit van alles, van extremen ook, bijvoorbeeld die van de chique mode, van sieraden en van parfum, in scherp contrast met extreme armoede. Zo bleef de Parijse clochard net als Montmartre en de Eiffeltoren nog lange tijd evenzeer een 'zinnebeeld' van Parijs, onderdeel van haar imago. Dan waren er de wijdverbreide prostitie en lichtere zeden in vergelijk met bijvoorbeeld Nederland en er bestond een levendig, maar soms wat al te vaak lichtzinnig nachtelijk uitgaansleven. En daar was ook de criminaliteit. 'Parijs bij nacht' was uitdagend, maar ook spannend, risicovol, vooral door het fenomeen van 'les appaches', groepjes schorem bestaande uit zakkenrollers, messenstekers, pooiers en ander gespuis en geteisem die hele buurten onveilig maakten. Opvallend genoeg meetten zij zich uiterlijk maar al te vaak een identiteit aan, zoals een rood sjaaltje. De Coll. 'de Franse verleiding' beschikt over een nu onvindbaar verslag door ene Johan Schmidt die 'zo dapper, kranig en heldhaftig' was geweest zich te mengen in die kringen en er in onderstaand boek verslag van deed. Het zal zo uit 1910 stammen.

Coll. 'de Franse verleiding'


Marc Boyer, L’hiver dans le Midi. L’invention de la Côte d’Azur, XVIIIe – XXXIe siècle. Paris, L'Harmattan, 2009.

Coll. 'de Franse verleiding'


L'invention de la Côte d'Azur?
De uitvinding van de Côte d'Azur?

Daar kwam veel voor kijken, zelfs de naam! Want die Frans mediterrane kuststrook had eigenlijk nog geen naam.
Totdat de schrijver Stéphen Liégeard eind 1887 een lyrische beschrijving publiceerde met als titel ..... 'La Côte d'Azur'.
En dàt bekleef, althans bij de Fransen.

Coll. 'de Franse verleiding'

Met alles wat er inmiddels gebeurd was met 'zijn' Côte d'Azur en nog gaande was, had Stéphen Liégard een vooruitziende blik en zo schreef hij: "Binnen twinig jaar, of misschien wel eerder, zal Thomas Cook hier zijn triomferende bussen laten rondtoeren: haast U dus, tegenstanders van het profanum vulgus!" Ook zonder kennis van het Latijn weet u precies wat hier bedoeld werd.


Vreemd eigenlijk dat Nederlanders tot ver in de twintigste eeuw consequent spraken van 'de Rivièra'. De omslag kwam waarschijnlijk mede door het televisieprogramma 'Villa Felderhof'van de NCRV met presentator Rik Felderhof. Het programma bestond van 1996 tot 2010 en speelde zich af rond een luxe villa in Ramatuelle, een dorpje in de buurt van de Golf van Saint-Tropez, aan de Côte d'Azur, waar bekende Nederlanders door Felderhof werden genodigd en geïnterviewd.


Een 'Carte Routière Vélocipédique de France' uit 1888 ... . Coll. 'de Franse verleiding' Een kaart voor de fietser, un 'vélocipédiste'. Een fiets heette in Frankrijk van toen een 'vélocipède'. Het vreemde woord vormt een uit het Latijns samengevoegd 'velox', 'velocis' = 'snel' plus het 'pède' = 'voeten', zoiets ongeveer, en dat maakt alles tot 'met 'snelle voeten'. Hoe de Nederlanders aan het woord 'fiets' zijn gekomen is voor de Nederlandse woordgeschiedkundigen, etymologisten, vooralsnog onduidelijk.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

In Grenoble werd het eerste Franse toeristeninformatiebureau opgericht, in 1889. Dit wordt door de formalistisch denkende Fransen wel gezien als het startpunt van de toeristenindustrie in Frankrijk. En dat is dus flauwekul. Zeker in Parijs en aan de Côte d'Azur bestond er al meer dan een eeuw een informele toeristenindustrie.


Coll. 'de Franse verleiding'

De Dion-Bouton kan worden beschouwd als één van de oudste Franse automerken en de stoot daartoe werd in 1883 gegeven door ene graaf Albert de Dion, die nog steeds als de vader van de Frannse autoindustrie beschouwd wordt. Onder andere sloot ook ene George Bouton zich bij de onderneming aan en vandaar die naam. 't Begon allemaal met stoomauto's, driewielers, 'tricycles', al gauw volgde een 'quadricycle', een viertaktmotor werd ontwikkeld en dat leidde vervolgens in 1899 tot een waarachtige automobiel, met die viertaktmotor. Er bestonden in die tijd ruim meer dan 50 autofabrikanten, maar: "In 1900 was de Dion-Bouton de grootste autofabrikant ter wereld. Er werden 400 auto's en 3200 motoren afgeleverd ..". Dion-Bouton gaf ook als eerste wegenkaarten uit nog voordat Michelin zich op die markt wierp ter promotie van het autorijden. Hier dus de ornamentele op linnen geplakte deelkaartjes van Dion-Bouton die tezamen een klein deel van het zuidwesten van Frankrijk dekten. Coll. 'de Franse verleiding' In 1932 stopte Dion-Bouton met de productie van personenauto's.


Wolfgang Schivelbusch weer, hier met zijn 'Lichtblicke: Zur Geschichte der künstlichen Heiligkeit im 19. Jahrhundert' uit 2004.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

En Parijs kreeg als bijnaam 'de Lichtstad'.
Over het waarom en wanneer daarvan verschillen de meningen. Vooralsnog heeft mijn speurwerk geen uitsluitsel gegeven, maar mijn inschatting ligt zo halverwege de negentiende eeuw of net iets later.

Gelet op oude reisgidsen die ik geraadpleegd heb, lijkt me wat 'theculturetrip.com' erover schrijfteen fabeltje:

How Paris really came to be called ‘The City of Light’?
"The real reason for the city’s name actually stems from the mid-17th century, when Louis XIV, otherwise known as Louis the Great (Louis le Grand) or the Sun King (Roi Soleil), was on the throne. After a prolonged period of war and domestic civil strife, the king was committed to restoring the public’s faith in law and order.
On March 15, 1667, Louis XIV made Gabriel Nicolas de la Reynie the Lieutenant General of Police, entrusting him with the task of making Paris more safe. In addition to quadrupling the number of policemen in the city, one of the measures was to install more lighting. Lanterns were placed on almost every main street and residents were asked to light their windows with candles and oil lamps. The idea was to prevent lawbreakers from dodging the police or hiding in dark alleys, therefore reducing the crime rate. From here on, the city gained the nickname La Ville-Lumière (‘The City of Light’)."

Binnenkort verhaal ik over mijn speurtocht en het werkelijke antwoord.


Coll. 'de Franse verleiding'

Maar we zijn niet alleen op buitenlandse onderzoekers aangewezen. Hier een alleraardigst boekje van de onvolprezen journalist-schrijver Herman Besselaar met zijn uit 1968 stammende 'Het Licht der Lamplantaren. Kleine geschiedenis van de straatverlichting.'

Een tekening van Parijs kon niet ontbreken, want 'la Ville Lumière' liep qua straatverlichting voorop.

'De Avenue de l'Opéra, verlicht door de 'kaarsen' van Jablochkoff'. Ooit van gehoord?


Was stoom een uitvinding, gas kwam en elektriciteit kwam er in de tweede helft van de negentiende eeuw nog eens over heen. En ik citeer hier, u wilt het niet geloven, een kort artikel geschreven door Dick Keijzer in de 'Nieuwsbrief Stationseiland Amsterdam Centraal, nr 10, jaargang 3, mei 2003':

Een verlichte tijd
Duizenden Amsterdammers verzamelden zich in februari 1904 op het Stationsplein. Hier werd voor het eerst in de stad elektrische straatverlichting ontstoken. Een gebeuren dat men niet wilde missen. In totaal 24 lantaarnpalen met de hoogst moderne 'vlambooglampen' zorgden voor een sprookjesachtig schouwspel.
Bij de opening van het Centraal Station, op 15 oktober 1889, werden het gebouw, de perrons en het Stationsplein verlicht met gaslampen. Zo'n zevenduizend gaslantaarnpalen telde de Amsterdamse stadsverlichting toen. Het gas werd geleverd door de Imperial Continental Gas Association. De onderneming had twee gasfabrieken, één bij de Linnaeusstraat en één bij de Westergasfabriek aan de Haarlemmerweg.
In 1900 besloot de gemeente Amsterdam aan de Hoogte Kadijk een elektriciteitscentrale te bouwen en deze in eigen beheer te exploiteren. Nederland liep duidelijk achter bij andere Europese landen met de elektrificatie. Een Duitse firma, de Allgemeine Elektrizitäts Gesellschaft uit Berlijn, had de kennis en ervaring om de generatoren te leveren en te installeren. De Nederlandse industrie mocht en kon slechts voor de 'randapparatuur' zorge, zoals stoomketels, stoommachines en leidingen.
Naar goed Amsterdams gebruik protesteerde een actiegroep tegen de bouw van de centrale. "Wat mankeert er aan het vertrouwde gaslicht? De gevaarlijke open gasvlammen in de lantaarnpalen zijn immers vervangen door de veilige gasgloeilichten, die toch ruimschoots voldoen? Nee", zo schreef de actiegroep in een brochure aan de gemeenteraad en bevolking, "de centrale is duur en niet nodig, daar de behoefte aan elektrisch licht slechts een behoefte aan weelde is."
Ondanks dit protest ging de bouw door en werd de centrale Hoogte Kadijk op 27 december 1903 in gebruik genomen. Met een intensieve reclamecampagne werd de 'stroom' aan de man gebracht. Het voorzien van het Stationsplein - als eerste stukje Amsterdam - van elektrische straatverlichting paste in de verkoopstrategie.

Wat heeft dit nou allemaal te maken met de relatie Nederland - Frankrijk? Gewoon, omdat het veelzeggend is.
Al in 1869 telde Parijs maar liefst 23.325 gaslantaarns, de zogenaamde 'becs à gaz', die iedere avond handmatig dienden te worden ontstoken en idem dito iedere ochtend om ze weer te doven. Vanaf 1844 al experimenteerde de stad Parijs met elektrische straatverlichting, maar de doorbraak kwam in 1878 ter begeleiding van de derde Parijse Wereldtentoonstelling: verscheidene pleinen en boulevards werden voorzien van elektrische straatverlichting en door dit alles, van gasverlichting tot elektriciteit, kreeg Parijs de bijnaam 'de Lichtstad' oftewel 'la Ville Lumière'.


Coll. 'de Franse verleiding'

Dit is dan de voorkant van een sjieke en uitklapbare kartonnen cassette met negen boekdeeltjes die tezamen de 'Geïllustreerde Gids voor Hollandsche Reizigers van en naar Indië via Genua en Marseille' vormen, geschreven door ene A.S.H. Booms, Gep. Luit.-Kol.O.-I.Leger. Coll. 'de Franse verleiding'.

De flappen van de cassette en ook de boekdeeltjes staan vol van advertenties van, bijvoorbeeld, de 'Rotterdamsche Lloyd', die in Marseille zelfs kantoor hield, maar ook van 'Ruys & Co.' en de 'Stoomvaart Maatschappij "Nederland" '. Deze laatste had vooral Genua als aanlegplaats. De gids werd voor het eerst uitgegeven in 1896 en vele 'herziene en vermeerderde uitgaven' zouden nog volgen. 't Bevatte deeltjes zoals 'Geïllustreerde Gids voor Parijs en omgeving', 'De Landreis van Holland naar Marseille' en bijvoorbeeld ook 'De Zeereis naar Indië via Genua en Marseille; Indië en Holland'. Dit laatst genoemde deeltje is vanwege dat 'Holland' opmerkelijk, want kennelijk bedoeld voor in Indië geboren Nederlanders die voor het eerst het land 'hunner ouders' bezochten. Dat kwam natuurlijk ook voor.

Waarom zoveel aandacht voor deze prachtige cassette? Simpelweg omdat het staat voor een lange geschiedenis met veel historische mijlpalen aangaande het Nederlandse reizen naar het zuiden en verder. Een heel verhaal, een verhaal over stoom, van boten, bruggen en treinen.

Daar gaan we.

Eerst dat stoom dan. Dat behoort tot de categorie 'sinds mensenheugenis', maar om er een machine mee aan te drijven, ach, op die gedachte kwam een Engelse enkeling voor het eerst rond 1700 en werd ermee geëxpirimenteerd. Maar het was de perfectionering door de Engelsman James Watt in 1765 waardoor het algehele toepassing kreeg. 't Vormde min of meer haar zegevierende 'doorstart' tijdens de Industriele Revolutie die rond 1760 langzaam op gang kwam en uiteindelijk hele fabrieken ging aandrijven en zo'n halve eeuw later ook transport.

In 1804 zette ene Richard Trevithic, weer een Engelse uitvinder, als eerste onder zo'n stoommachine een viertal wielen en dat alles bij elkaar was dus de eerste locomotief; 't Was heel wat uiteraard, maar die gevaarten zo langzaam dat een wandelaar ze nog makkelijk kon bijbenen. Maar de Engelsen lieten het hier natuurlijk niet bij zitten. Zo reed er al in 1830 een locomotief met een snelheid van 50 km/uur over de eerste spoorlijn van de wereld, weer in dat Engeland. De Engelsen waren in die tijd op vele gebieden voorlopers, ook, zoals zal blijken, op het gebied van toerisme. Zo werden na de Côte d'Azur bijvoorbeeld door hen ook de Alpen 'uitgevonden'.

In de Nederland omringende landen kwam het al gauw tot een zich snel uitbreidend spoorwegnet, ook in Frankrijk en Belgie, terwijl Nederland er aanvankelijk hopeloos op achter liep. Tekenend in dat verband was het reisverslag dat de Gorkumse uitgever en boekverkoper Jacobus Noorduyn er op nahield tijdens zijn uitstapje in 1836 naar Brussel. Zijn schrijfsel is als door een wonder bewaard gebleven en we mogen daarvoor de 'Erven Noorduyn' dankbaar zijn.

Op 23 augustus stapte Noorduyn 's ochtends in Gorinchem op de diligence van Van Gent en Loos met Antwerpen als bestemming en werd via Sleeuwijk, Geertruidenberg, Breda, Zundert, Wernhout, Wuustwezel naar Brasschaat gereden.

Wat een tijdrovend gedoe was dat nog voor een Hollander in 1836.

De volgende ochtend trok hij per diligence verder. Eenmaal in Antwerpen kocht hij kaartjes voor ‘den ijzeren spoorweg naar Brussel, alsmede voor den omnibus die hem naar het vertrekpunt bracht. Even daarna zag hij voor het eerst van zijn leven inderdaad zo'n omnibus. Toen ten teken van vertrek de trompet geblazen werd zag hij “dat vreemde rijtuig staan, hetwelk reeds eenige jaren door de straten van Parijs zweeft, en in navolging daarvan nu ook in Brussel en Antwerpen is overgebragt. Hetzelve was ongeveer 14 a 15 voeten lang, de ingang is van achteren en staat altoos open, terwijl de zitbanken aan de zijden zijn geplaatst. Bij mijne komst zaten er reeds 16 of 18 personen in geschaard, en klom ik met eenige anderen boven op het zelve, waar zich almede een aantal zitplaatsen bevonden.” Vervolgens verbaasde hij zich er over dat er talrijke van die omnibussen rondreden.
Was de omnibus een nieuw fenomeen voor hem, eenmaal bij het station werd hij
“door een geheel nieuw en allervreemdst schouwspel" getroffen.

Voor het eerst in zijn leven zag Noorduyn een trein. Het tafereel is zo nieuw voor hem dat hij z’n lezers omstandig moet uitleggen wat 't ‘vreemd zamenstel’ behelste:

“In den grond zag ik over den geheele weg doorkliefde boomen liggen, van 12 a 14 duim r. l. breedte, met eene tusschenruimte van 1 ½ voet, met het platte gedeelte in den grond gewerkt, zoodat de ruggen of het ronde gedeelte der boomen met de oppervlakte gelijk liggen. In dit ronde gedeelte zijn ijzeren dragers gevestigd, waarop ijzeren staven rusten, die over de geheele lengte van den weg loopen, ongeveer 2 duimen r. l. hoog en breed. Deze ijzeren staven vormen het spoor, waarover de raderen der rijtuigen loopen.” De vierkanten bakken, ‘waggon genaamd’ zijn ofwel open, sommigen als tenten bedekt en een enkele ‘gemaakt en ingerigt als onze gewone driedubbele diligences.”

De prijs van een kaartje vindt hij geen geld gelet op het feit dat wat anders 9 uur reistijd had genomen nu in vijf kwartier werd afgelegd. Noorduyn was nog in bewondering “opgetogen over de verbazende hoogte, waartoe het menschelijk vernuft, vooral in de werktuigkunde, in deze eeuw gestegen is” toen - hij had er nog geen woord voor - een ander voertuig ten tonele verscheen: “eene, op lage wielen geplaatste, groote ton. Voor op dezelve was een schoorsteen, als die op onze stoomboten, geplaatst, en achter den schoorsteen de buis, waardoor zich de overtollige stoom, met een hevig geruisch, eenen weg baande.”

Wat de Nederlanders later als locomotief leerden te betitelen rangeerde, haakte aan en de trein ‘met ongeveer 300 a 400 reizigers, van beider geslacht** en allerlei standen’** zette zich zachtjes in beweging. En zo ‘zweefde’ Noorduyn in 5 kwartier - de regering had uit veiligheidsoverwegingen 4 kwartier verboden - van Antwerpen over Mechelen naar Brussel. Hij was plat van de ‘verbazende vlucht’.
(Bron: Jacobus Noorduyn , Herinneringen van een uitstapje naar Brussel in audustus 1836. Leiden, Primavera Pers, 1994.)

Terwijl België allang aansluiting had gevonden met het in rap tempo groeiende Franse spoorwegnet kon van een aansluiting met Nederland nog geen sprake zijn. want de eerste strekke spoor - die tussen Amsterdam en Haarlem - kwam pas gereed in september 1839. Maar zou Noorduyn zijn reisje naar Brussel tien jaar later ondernomen hebben, dan zou hij vanuit Brussel met de trein doorgereis kunnen hebben naar Parijs, want vanf half juni 1846 was de spoortreinverbinding tussen Parijs en Brussel gerealiseerd en in datzelfde jaar eveneens Parijs-Lille!

Wat Nederland-België aanging duurde het nog tot 1852 dat er een overeenkomst gesloten werd tussen de Belgische en Nederlandse regeringen en met grootindustriëlen en grootgrondbezitters en kwam in mei 1855 de spoorweglijn Antwerpen - Zevenaar - Moerdijk gereed. En daar, vanuit het zuiden komend, was het overigens weer een kwestie van een boot te nemen, maar wel inmiddels een stoomboot.

Ook elders in de wereld werd gewerkt aan een project dat het reizen, zeker 'op de Oost', danig zou gaan beïnvloeden: in 1869 kwam namelijk, met als drijvende kracht de Fransman Ferdinand de Lesseps, het Suez-kanaal gereed. Het 193 kilometer lange kanaal loopt van Port Said aan de Middellandse Zee naar Suez aan de Indische Oceaan en vormt daarmee de scheiding tussen Afrika an Azië.

Voor Nederlandse Indië-gangers was dat al heel wat, want men hoefde niet meer helemaal om Afrika en Kaap de Goede Hoop te varen, toen toch en in weerwil van innovatie een zeiltocht van drie maanden, want een zeiltocht bleef het vooralsnog. Met de benodigde hoeveelheid kolen die nodig was om zo'n reis te volbrengen was simpelweg geen ruimte voor passagiers.

Voorafgaande aan het Suez-kanaal was er nog enige tijd sprake van een 'overlandroute' naar Indië, juist ook weer in de contreien van dat latere Suez-kanaal, maar wel met een stoomboot via Southampton en bijvoorbeeld Napels ook, want daar konden weer steenkolen gebunkerd worden. Voort naar Alexandrië en dan, hup op een kameel heen en weer geslingerd door de woestijn naar de Indische Oceaan. Die route duurde aanzienlijk korter dan die maandenlange zeiltocht rondom Kaap de Goede Hoop: tussen de acht à negen weken.

Maar er kwam meer aan, in Nederland nog wel, want zoals inmiddels duidelijk was men daar in die tijd nog niet echt voortvaardig, er heerste een 'Jan Salie-geest' of, anders gezegd, een soort van overgave aan een 'Laat maar waaien'-mentaliteit.
Zo dacht men rond 1840 nog dat het vanwege kruiend ijs gedurende de wintermaanden het technisch onmogelijk zou zijn houdbare bruggen over de grote rivieren te slaan en zeker niet over dat brede Hollandsch Diep. Die dienst moest maar met stoomveren onderhouden blijven, zelfs na de realisering in 1855 van dat treinstation bij Moerdijk.

Edoch toch, maar na veel vijfen en zessen, begonnen de ondernemers Adriaan Volker en neef DirK Volker in 1868 met baggeren in dat Hollandsch Diep, de tien vaste pijlers van de brug te bouwen, alsmede de landhoofden en de noodzakelijke dammen aan te leggen. Maar wie waren hun hoofdopdrachtgevers? Want zo'n groot werk, los natuurlijk van al die drooggelegde polders, was bouwtechnisch zoiets nog nooit vertoond in onze delta, een brug tussen het noordelijke Willemstad en het zuidelijke Moerdijk en wel over dat brede en soms woest tekeer gaande Hollandsch Diep!
De enkelsporige vakwerkbrug bestond uit veertien boogvormige overspanningen van elk ruim honderd meter, die aan de oever waren gebouwd en vervolgens naar hun plaats werden gevaren. De overspanningen werden vervaardigd door de 'Koninklijke Fabriek van Stoom- en andere Werktuigen' te Amsterdam in 1869-1871. Bij de opening in 1872 was de Moerdijkbrug de langste brug van Europa.

De spannende vraag is natuurlijk wie de uiteindelijke initiatief- en opdrachtgever was. Dat wist ik aanvankelijk niet te achterhalen. Was het de Staat, was het de Hollansche IJzeren Spoorweg Maatschappij of een combinatie van beide?

Toch was die Moerdijkbrug nog steeds niet voldoende voor één vloeiende, ononderbroken treinverbinding met het zuiden, want Rotterdam met de Maas, al haar vaargeulen en kanalen moest nog overbrugd worden, zelfs met een te bouwen viaduct. Maar daarvan kwam het vanwege ambtelijk en politiek gesteggel pas jaren later.

"Over het lange spoorwegviaduct boven de gedempte Binnenrotte trekt rommelend en rokerig een stoomtrein op naar de rivier. Voor de passerende scheepvaart daar geldt elke passerende trein als een ramp." Bron: Jan van Borselen, Sporen in Rotterdam. Stadsgeschiedenis rondom de trein, 1993.

Om de toestand in die periode te verduidelijken is het aardig de reisgids van Plantenga 'Belgie met de reizen tot Parijs' uit 1873 aan te halen.

Opmerkelijk genoeg en in weerwil van die Moerdijkbrug staat er:
"De Spoorwegverbinding tusschen Rotterdam en Antwerpen laat vooralsnog veel te wenschen over. De Nederlandsch-Belgische spoorweg loopt slechts van den Moerdijk naar Antwerpen. Van Rotterdam naar Moerdijk geschiedt de overtocht met stoomboten. De reis van Rotterdam per boot naar den Moerdijk heeft in 2 1/2 uur plaats, en van daar per spoor naar Antwerpen in 1 uur 50 minuten. De staatsspoorweg tusschen Rotterdam en den Moerdijk, met de belangrijke bruggen over de Maas te Rotterdam en te Dordrecht en over het Hollandsche Diep tussen Willemsdorp en den Moerdijk, is in aanbouw."

Eén ding leren we hier in ieder geval en wel dat het de staat was die opdracht tot de bouw van de Moerdijkbrug had gegeven en uitbesteed. Wat betreft het functioneren van die brug in haar begintijd is het van tweeen één: of Plantenga actualiseerde zijn gidsjes niet of de Moerdijkbrug stond er wel, maar was nog niet in functie. Dat laatste is na enig denkwerk 't meest waarschijnlijke, want waar hadden die treinen vanuit het noorden vandaan moeten komen? Of hadden ze uit het zuiden moeten komen? Konden die locomotieven dan ook in hun 'achteruit'? Had men in Willemstad voor treinen een draaischijf, keerdriehoek of keerlus geconstrueerd? 't Zal niet, zo vermoed ik, de brug lag er een paar jaar voor nop.

"Het toenemende treinverkeer is iets waar de bedrijvige binnenstad mee moet leren leven. Als een stoomtrein de lawaaierige brug over de Steigersgracht passeert is het rumoer compleet." Bron: Jan Willem van Borselen, Sporen in Rotterdam. Stadsgeschiedenis rondom de trein, 1993.

En zo nu dus wederom de problematische kwestie Rotterdam:

"De officiële beproeving van de nieuwe spoorlijn door Rotterdam inclusief alle bruggen - vindt plaats op 30 januari 1877 en begint om acht uur 's morgens. Er komen tien zware locomotieven met tender aan te pas, plus zes goederenwagons die elk tien ton spoorrails dragen. Naast elkaar kruipen twee treinen - bij elkaar 500.000 kilo zwaar - stapvoets over beide sporen vanaf de linker Maasoever het traject langs, om op alle belangrijke punten een tijdje stil te staan: houdt de constructie het? (-) Stap voo stap verloopt de proefrit prima. Zo wordt als doorbuiging op de grote spoorbrug over de Maas slechts 22 millimeter gemeten, een stuk minder dan is toegestaan. Rond half vier 's middags wodt de beproevig afgerond met een snelle rit - van noord naar zuid - over het hele traject." Op de 28-ste april 1877 isde feestelijke opening. "De treinrit boven de stad en rivier laat een uitbundig versierde stad zien. Er wordt volop gevlagd langs het traject (-)." (Bron: Jan Willem van Borselen, Sporen in Rotterdam. Stadsgeschiedenis rondom de trein. 1993.)

Dit alles was weliswaar geen Bataafsche, mùaar wel een Hollandsche Revolutie, want voor het eerst in de geschiedenis kon de Hollander van boven de rivieren zonder een boot te nemen naar het zuiden reizen, werd de reis naar Indië reusachtig bekort, kwam Parijs op één dag reizen te liggen en al met al net op tijd voor de spectaculaire 'Exposition Universelle' van 1878!

-------------

** Let hier op 'beider geslacht' en op 'allerlei standen'. Dat was dus voor Noorduyn opmerkelijk en kennelijk was Nederland qua 'beider geslacht' en 'allerlei standen' nog een zeer gespleten samenleving. Zulke observaties, die maken voor mij reisverslagen meestal veel interessanter dan de moderne reisgidsen, een enkele uitzondering daargelaten.

Souvenir de l'Exposition Universelle Paris 1878.
Coll. 'de Franse verleiding'.


Coll. 'de Franse verleiding'.

Conrad Busken Huet, Parijs en omstreken. Tweede druk, herzien door G. Busken Huet. Haarlem, H.D. Tjeenk Willink, 1889.

In 1878, ter gelegenheid van de derde Parijse 'Exposition Universelle', publiceerde de literator en literair criticus Conrad Busken Huet (1826-1886) voor hedendaagse begrippen een nogal historisch en kunstkritisch wijdlopige 'impressie' van 'Parijs en omstreken', een praktische reisgids was het zeker niet. In 1889 werd met het oog op 1789, het jaar van de Franse Rveolutie, een vierde -'Centenaire' - Wereldtentoonstelling gehouden en wéér werd Busken Huet's 'Parijs en omstreken' uitgebracht, ietwat bijgewerkt door zijn enige zoon Gideon.


Coll. 'de Franse verleiding'.

Veel concreter en meer praktisch was:
Galignani's Paris Guide 1888 with 82 views and 4 plans,
gepubliceerd door de befaamde Engelstalige boekhandel-uitgeverij, toen inmiddels gelegen aan de Parijse rue de Rivoli en tot aan de dag van vandaag.


Coll. 'de Franse verleiding'.

Guide DiamAnt, Collection des Guides-Joanne, Dauphiné et Davoie. Paris, Librairie Hachette et Cie, 1896.


Le Mont-Dore Thermal Pittoresque (Puy-de-Dôme).
Edité par le Syndicat Thermal, 1899.

Het gidsje bestemd voor dit kuuroord heeft een voorwoord dat werd afgesloten met de volgende opmerkelijke zin:

"Ik weet niet wat de volgende eeuw aan onverwachte ontdekkingen en verrassingen voor ons in petto heeft, maar het lijkt me dat wij in alle opzichten niet echt jaloers hoeven te zijn op de toekomstige badgasten in 1996!"

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Dit is het voorblad van een folder stammend uit het einde van de 19-de eeuw en uitklapbaar opdat een zestig centimeter brede, rijkelijk ingekleurde kaart van de volledige Côte d'Azurkust zich voor je ogen ontvouwt .....


Caroline de Westenholz, Een witte stad van weelde. Louis Couperus en Nice (1900-1910). Den Haag. Couperus Cahier III, Louis Couperus Genootschap, 1996.

De schrijver Louis Couperus was voor een korte tijd één van die Indië-gangers, alwaar hij goeddeelszijn beroemde 'De stille kracht' schreef. Maar in 1900 terug in Europa en de treinreis Marseille richting Den Haag had ondernomen bedacht hij zich ter plekke, keerde terug naar 'de Azuurkust', naar Nice waar hij tot 1910 woonde. Wie nu denkt dat Couperus toen een successchrijver was, heeft het mis. Zijn royalties vielen zo tegen dat hij en zijn vrouw in Nice tenslotte een pension begonnen ... .

Coll. 'de Franse verleiding'


Op de Parijse Wereldtentoonstelling presenteerde Michelin haar allereerste gidsje, 'Offert gracieusement aux Chauffeurs', met als officiële titel voluit: 'Guide Michelin pour les Chauffeurs et Vélocipédistes', fietsers dus. Het was niet veel meer dan een zakboekje dat toch nog 399 bladzijden telde, maar het was in méér dan één opzicht een primeur: het introduceerde symbooltjes. Want waar bevond zich een garage, een apotheker, een postkantoor, een treinstation en natuurlijk ook hotel-restaurants? En jawel hoor, bij de laatste categorie werden de fameuze en gevreesde sterretjes ingevoerd.
En ieder jaar volgde een vermeerderde en bijgewerkte nieuwe uitgave. Zo ook in 1905 met als titel voluit: 'Guide Michelin pour la France, l'Algérie et Tunisie', want dat was ook Frans. Dit keer stond het vol met advertenties en telde inmiddels ruim 800 pagina's.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

De 'Guides des Plaisirs à Paris', de Gids voor pleziertjes in Parijs' heeft vele edities gekend en deze stamt van vlak na 1900 ook, want het noemt vier metrolijnen ook al is het nog de tijd van de 'fiacres', de paardenkoetsjes.

En hier, voorin nog uitvoeriger de aanprijzingen.
Met een beetje Frans komt u er wel uit.


Coll. 'de Franse verleiding'

Adriaan Venema publiceerde in 1980 een welkans standaardwerk: 'Nederlandse schilders in Parijs 1900-1940', doorwrochten en rijkelijk geïllustreerd. En ja, hij was gestopt rondom 1940 en dat schoot de na-oorlogse 'progressieve' Parijsgangers kennelijk in het verkeerde keelgat, Venema kreeg de stempel opgedrukt een querelant te zijn en raakte in een verdomhoekje. Van de pré-babyboomers viel ook niets te verwachten.


Coll. 'de Franse verleiding'

Venema's studie gaf uiteraard veel aandacht aan Kees Maks, 'schilder van het 'mondaine' leven. Je kunt veel van Amsterdam zeggen, maar dat het in die tijd 'mondain' geweest zou zijn was en is niet bij zinnen. En nog steeds is Amsterdam niet 'mondain', in weerwil van die P.C. Hooftstraat: wat daar naar 'mondain' tracht te neigen blijft veelal 'ordinair'.


Met recht 'antiek' toerisme, want dit met lint samengehouden gidsje stamt uit 1902. (Coll. 'de Franse verleiding'.)

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Dit Segboer's Reisgidsje voor Parijs, bewerkt door de hierboven al vermelde A.S.H. Booms - en het is een 2e druk - stamt uit omme nabij 1905-1906.
Waarom? Omdat er melding wordt gemaakt van een vierde metrolijn. Maar we bevinden ons nog echt op een breukvlak van twee eeuwen.
Zo was er van 'den' automobiel nog maar spaarzaam sprake. Er was vooral nog sprake van door paarden voortgetrokken omnibussen en wilde je persoonlijk vervoer dan kwam je op het volgende uit:

VERVOERMIDDELEN

De stationeerende rijtuigen of Fiacres, zijn gesloten of open rijtuigen, meest met 2 plaatsen, waarbij nog, echter niet zonder toestemming van den koetsier, een plaats op den bok bij de gesloten - of op een klein bankje (strapotin) in de open rijtuigen plaats is voor een 3e persoon.
Deze Fiacres, ten getale van meer dan 15000, hebben hunne vaste plaatsen waar zij stationeeren, o.a. bij de stations, en zijn allen duidelijk genummerd; die welke gevoerd worden door koetsiers met witte hoeden zijn doorgaans de beste (-).


Coll. 'de Franse verleiding'

Het bronwater van het kuuroord Lamalou-les-Bains in de Zuidfranse Hérault (Languedoc) had, en heeft nog steeds, een gunstige uitwerking op onder andere rheumatische klachten. Hierboven een gidsje uit circa 1904 met uitvoerige beschrijvingen van het bronwater en haar positieve effecten, ook op zenuwaandoeningen en menstruatieklachten ....


Coll. 'de Franse verleiding'

De Autoroute du Soleil, op weg naar een nog verder zuiden. Wie verlaat tegenwoordig nog de autoroute voor een stop in Valence? "t Staat meer voor een 'We zijn er bijna, maar nog niet helemaal' en dan nog ietsjes zuidelijker, bij Orange, kiest men voor 'rechtsaf' richting Provence en de Côte d'Azur of voor 'rechtsaf' richting de Languedoc en de Pyreneeën.


Coll. 'de Franse verleiding'

Een uit 1905 stammende reisbrochure voor Corsica van de private spoorwegmaatschappij P.L.M..
Chemins de Fer de Paris-Lyon-Mediterranée. La Corse. Un voyage à l'île de Beauté. Marseille, Imprimerie Moullot Fils Ainé, 1905.


Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Naast Parijs, de Côte d'Azur en de Franse Alpen kwam zo rond 1900 het regionale toerisme op gang. Kennelijk ook in zo'n afgelegen streek als de Morvan in de noordelijke Bourgogne waarvan dit gidsje uit 1909 getuigd. Coll. 'de Franse verleiding'. Vanaf de jaren '90 vestigden zich steeds meer Nederlanders in de streek of hebben er een vakantiehuisje. En die kans kregen ze want steeds meer Fransen zelf vertrokken, vanwege gebrek aan banen, slecht openbaar vervoer, winkeliers die de deuren sloten en er is een tekort aan huisartsen. Maar ruimte is er wel, en daar zijn vele Nederlanders dol op, in de Morvan, op redelijke rijafstand. En een Nederlandse club is er natuurlijk ook.


Coll. 'de Franse verleiding'

'La Cité de Carcassonne et les Pays de l'Aude'.

Voyages et Excursions à Carcassonne et aux Pays de l'Aude. Livret-Guide Iluustré publie par le Syndicat d'Initiative de Carcassonne et de l'Aude, 1909.


Coll. 'de Franse verleiding'

'Millau. Centre de Tourisme de la Région des Causses et des Gorges du Tarn - Livret-Guide du Touriste. Edité par le Syndicat d'Initiative de Millau. Edition 1911-1912.

Lange tijd was de 'Autoroute du Soleil' via Lyon de meest voor de hand liggende route naar het verre Zuid-Frankrijk, maar in XXX begon men met de verlenging van de autoroute tussen Parijs en Orléans, en dat werd de A71 via Vierzon, Bourges, Saint Amand-Montrond, langs Montluçon scherend tot aan Clermont-Ferrand, een 290 kilometer lange tolweg. Met de aanleg begon men begin jaren '70, maar - kun je nagaan - het hele traject kwam pas klaar in 1989.

En verder zuidwaarts moest het, 335 kilometer nog, tot aan de Mediterrane kust van de Languedoc en dat werd de A75 met de mooie naam 'la Méridienne'. Een niet onbelangrijk gegeven is dat ter ontsluiting van het Centrale Massief 'la Méridienne' tolvrij werd, een plus in vergelijk met de 'Autorote du Soleil". Tot 2009 maar liefst zou het duren voordat het gehele traject was gestroomlijnd en wel voor de lieve som van 6,5 millioen euro per strekkende kilometer.

Fransen noemen zoiets 'Grands Travaux', zeg maar 'grote klussen' en in Nederland wordt qua infrastructuur en bruggen wel het eigenaardige woord 'kunstwerk' gehanteerd. Nou, aan de A75 mankeerde nog zo'n 'kunstwerk.

Ooit moest je, over die nieuwe A75 zuidwaarts rijdend, via een kronkelende Route Nationale nog van de hoge 'cause de Larzac' stijl afdalen naar het plaatsje Millau aan de rivier de Tarn en vervolgens weer stijl omhoog klimmen, de 'cause Rouge' op. Avontuurlijk was het wel, beneden in Millau dronk je een glaasje op een terras, charmant ook, maar uiteindelijk een hele klus, tijdrovend ook.

Een brug moest er komen, een 'kunstwerk' en vanaf 1987 werd er maar liefst dertien jaar door de 'Groupe Eiffage'op gestudeerd, eindeloos geschetst, gerekend en getekend: en de brug die kwam er, staand en hangend tegelijk. Het werd een viaduct van bijkans 2,5 kilometer lang en op een bepaald punt 343 meter hoog boven de rivier de Tarn gespannen staan. Op 14 december 2001 werd zoiets als een eerste zet verricht en op 16 december 2004 was het wonder geschied: het viaduct werd opengesteld voor doorgaand A75-verkeer. Kosten? 320 millioen euro. Eén minpunt dient helaas nog vermeld te worden: het moest uit de lengte èn de breedte komen, aan beide voorwaarden voldoet dat magnifieke viaduct en het werd een tolbrug.

Geen zin an? Sla dan af, volg de oude Route Nationale weer, daal af, neem je glaasje en ga vervolgens naar het bezoekerscentrum onder het viaduct: je krijgt een stijve nek van het omhoog kijken en je wordt duizelig.


Coll. 'de Franse verleiding'

De 'Guides Richard' waren er voor de postkoetsen, de Guides Joanne werden vanaf 1840 gepubliceerd als in een overgangsfase. Maar met het de definitieve doorbraak van de trein was Adolphe Joanne er in 1854 als de kippen bij om de reeks 'Bibliothèque des chemins de fer' op te starten, de 'Bibliotheek voor de spoorwegen'. De 'Guides-Joanne' volgden later die eerste reeks op, onder de hoede van de uitgever Louis Hachette, tegenwoordig een uitgeversconglomeraat. De zoon van Adolphe Joanne, Paul Joanne, voerde de redaktie en werd naamgever. De Franstalige gidsen werden dè referentie voor de reiziger, Frans of buitenlander, meer dan de gidsen van Karl Baedeker. In 1919 krijgen de 'Guides-Joanne' de naam 'Guide Bleus' en hebben nog steeds een zeer groot aandeel op de markt van reisgidsen.

Hierboven de eerste uitgave van:

Guides-Joanne, Pyrénées. Paris, Librairie Hachette et Cie, 1912.


Coll. 'de Franse verleiding'

En waarempel, hierboven één van de eerste edities van zo'n 'Guides Bleus' uit 1927, die voor de oevers van de Loire en het zuid-westelijk gedeelte daarvan, tot aan de Atlantische Oceaan met onder andere Nantes: 'Orléanais -Touraine - Anjou - Poitou et Vendée - Angoumois - Aunis et Saintonge - Périgord et Bordelais'. De uitgave stond onder 'Patronages officiels: Touring Club de France, Office National du Tourisme, Club Alpin Français' en het was één en al 'par route' wat de klok sloeg: de postkoets behoorde inmiddels tot een feitelijk nog niet zo ver verleden, maar een ver verleden leek het wel, de trein kende toch zo haar beperkingen en men vierde 'met den automobiel' het feest van de bevrijding.

Hiermee werd een sprongetje vooruit gemaakt in de tijd, logisch, maar nu keren we weer terug tot de historische orde wat afbeeldingen betreft ...


De langgestrekte kuststrook van de Zuidfrande méditerraanse Languedoc heeft geen naam en is geen wereldberoemd 'merk' zoals de Côte d'Azur. Het moet het hebben van plaatsnamen, zoals - van noord naar zuid - La Grande-Motte, Palavas, Marseillan-Plage, Le Cap d'Agde, Valras-Plage, Leucate, Barcarès, Canet, Saint-Cyprien en dan komt het: 'La Côte Vermeille'.
Waar ten noorden de brede stranden van de Languedoc nauwelijks of geen rugdekking hebben is hier het achterland heuvel- en hier en daar rotsachtig en eindigend aan de grens met Spanje.
Maar wat de 'toeristrieëlen' er gedurende ruim honderd jaar ook hebben uitgespookt, de naam wil nog steeds niet beklijven. Dit zijn namen van badplaatsen die er wèl toe doen: Collioure, Port-Vendres en Banyuls.
Het hier afgebeelde gidsje stamt uit 1913.

Coll. 'de Franse verleiding'


Aan Gérardmer de eer in 1875 als eerste een toerismebureau opgericht te hebben: 'Le Comité des Promenades de Gérardmer', maar het eerste officiële 'Syndicat d'Initiative' dat op 2 mei 1889 in Grenoble werd geopend wordt veelal gezien als het echte startpunt van de georganiseerde toeristenindustrie in Frankrijk. In 1914 telde men er al 230. Hier een gidsje van het Syndica d'Initiative de Carcassonne & l'Aude dat in 1902 werd opgericht. De gids zelf dateert uit 1914. Coll. 'de Franse verleiding'.


Mathieu Flonneau et Vincent Guigueno (dir.), De l'histoire des transports à l'histoire de la mobilité. Rennes, Presses Universitaires de Rennes, 2009.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Mobiliteit, dat weet wat, ook in die tijd al, vooral juist in die tijd. De ooit als PLM aangeduide en fameuze 'Chemins de Fer de Paris à Lyon & à la Méditerranée' bood de Hollandsche reiziger een redelijk comfortabele treinreis richting Middellandse Zee, maar vanuit Parijs, een kwestie van overstappen dus. De Hollandsch Yzeren Spoorweg Maatschappij zag kennelijk in een 'linea recta' wel brood en zo kwam het tot de 'Hollandsche' Rivièra Express, eigenlijk om 'niet te geloven'.


Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Begin 1895 deponeerde de gebroeders Louis en Augustus Lumière hun brevet voor de commercialisering van bewegende beelden op een scherm in een zaaltje en 28 december van dat jaar kwam het er voor het eerst van, en wel in de kelder van het Grand Café, boulevard des Capucines in Parijs. In de daarop volgende jaren zou 'le cinéma' zich rap verspreiden door geheel Frankrijk. Gaumont en Pathé zouden al gauw grootschalig het voortouw nemen. Hier een programmaboekje van Eden-Cinéma in Lyon, Concessionaire du Cinématographe Monopole, Région du Sud-Est de Pathé Frères. Je moet bedenken dat men het voorheen moest stellen met toneelstukken en grootbeeldscherm was toch, als nieuwtje, een stuk indrukwekkender. In mijn provincieplaatjes Lézignan-Corbières, dat in die tijd hooguit 8000 inwoners had, zijn nog architecturele sporen te zien van minstens vijf 'cinéma's', nu opmerkelijk genoeg veelal vervangen door pharmacies ... .


Coll. 'de Franse verleiding'


Jean-Paul, Le Goût du Voyage. De l'Orient--Express au Train à Grande Vitesse.
Histoire de la Compagnie des Wagons-Lits. Paris, Compagnie des Wagons-Lits / Flammarion, 2001.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Zouden ze nog bestaan, die treinen met een restauratiewagon? Met gedekte tafeltjes en een lampje erboven, en met een echt servies plus een menukaart? In het 'livret' hierboven zaten zelfs 'uit te ritsen' ansichtkaarten!


Coll. 'de Franse verleiding'

En zouden ze nog bestaan, die kruiers? Zij sjouwden of rolden op een karretje enorme koffers die, recht opstaand, bij opening naast de kleren soms de meest verrassende taferelen boden: een barretje bijvoorbeeld, een bibliotheekje of een opmaaktafeltje met spiegel. Ach, dat is nu, maar dan in andere vorm, voorbehouden aan de private jet set. Daar is alles al aan boord ... .

A. Mihm, Packend ... Eine Kulturgeschichte des Reisekofferns. Marburg, Jonas Verlag, 2001.


Coll. 'de Franse verleiding'

De journalist Leo Faust was, net zoals Louis Couperus, ook één van die terugkerende Nederlands-Indiëgangers die liever in 'het Franse' bleef hangen. En Leo Faust verkreeg faam als Nederlands Parijs-correspondent, Parijse gidsenschrijver, Parijsche romanschrijver en zelfs als uitbater van Café-Restaurant 'Bij Leo Faust' in de rue Pigalle, 'Het restaurant voor den Hollander in Parijs' met 'Elken Zaterdagavond 'OMMEGANCK' door Montmarte-bij-Nacht'. Talloos waren de herdrukken van zijn 'Nieuwe Gids van Parijs' tijdens het 'interbellum', de periode tussen de Eerste en Tweede Wereldoorlog, maar Leo Faust eerste 'Parijsche' verslag dateert van 1915: 'Faubourg en Boulevard in oorlogstijd', zo spannend uit de tijd weer tot leven gebracht door Peter de Leeuw.. Echt lezenswaard!


Coll. 'de Franse verleiding'

De eerste 'Guide Michelin' - 'Offert gracieusement aux Chauffeurs' verscheen ter gelegenheid van de Parijse Wereldtentoonstelling in 1900. 't Was een puur praktisch gidsje waarin werd aangegeven waar benzinepompen waren, afstanden met name gerekend vanaf Parijs, uiteraard ook waar Michelinbanden te verkrijgen waren ('Stock Michelin'), een enkele van pas komende middenstander, zoals een ijzerwarenwinkel en natuurlijk hôtels. En daar zat hem nou net de kneep: voor het eerst werden er sterren toegekend, maar van een 'echte' toeristengids was nog geen sprake.

Michelin publiceerde haar eerste 'echte'toeristengidsen macaber genoeg gewijd aan de slachtvelden in het Noord-Frankrijk, nota bene in 1917 al, toen 'la Grande Guerre' nog in volle gang was. De eerste gidsen betroffen de 'Champs de Bataille de la Marne' die plaats greep in de week van 5 tot 12 september 1914.

De twee deeltjes stonden en, door 'de Franse verleiding' bewaard, staan vol met met misselijk makende foto's van de verwoestingen. Maar los van een enkele groepsfoto ontbreken - kennelijk mede uit piëteit - beelden van gesneuvelden en gewonden. Gedurende die Marne-week sneuvelden aan Frans-Britse zijde 122.000 soldaten en aan Duitse zijde 83.000.

Voor de Franse generaal Joffre was het de prijs om de opmars van de soldaten van de Duitse keizer Wilhelm II - die later trouwens de rest van zijn leven comfortabel doorbracht op een buiten bij het Nederlandse Doorn - te stoppen. Het was geen echte overwinning, geen echte nederlaag, maar het begin van een betrekkelijk statische loopgravenoorlog met in totaal 10 miljoen gesneuvelde soldaten en 9 miljoen omgekomen burgers.

In die macabere reeks verschenen daarna nog vele titels, waaronder uiteraard ook 'De Slag om Verdun'. Daarbij vielen aan Franse zijde 160 000 doden en 140 000 aan Duitse zijde. Daar bovenop kwamen nog eens ongeveer 400 000 gewonden. Bent u op vakantie, let dan eens goed op de 'Monuments aux Morts', de oorlogsmonumenten. Soms zult u versteld staan van het aantal gesneuvelde soldaten uit maar zo'n klein dorp, 't had - bij wijze van spreken - uw broer geweest kunnen zijn of ... U zelf.

De Eerste Wereldoorlog was gruwelijk en rampzalig: naast een groot aantal Amerikaanse en Britse soldaten sneuvelden 930 000 Duitse en meer dan één miljoen Franse soldaten. Dus sta voor een moment stil bij zo'n oorlogsmonument en laat je gedachten gaan, filmisch als het u lukt, maar denk in ieder gevald diep na, want een Tweede volgde.


Coll. 'de Franse verleiding'.


Weer een uniek document uit de Coll. 'de Franse verleiding'.

Terwijl Nederland tijdens WOI 'neutraal' was, toekeek en goud geld verdiende met oorlogshandel, waren er toch Nederlanders die begaan waren met het feit dat Noord-Frankrijk door de Duitsers met tanks en ander geschut als het ware 'omwoeld' werd voorzover de Franse loopgraven zulks niet verhinderden.
In mijn ogen valt over de schuldvraag niet meer te twisten: Duitsland had met haar poten van Frankrijk dienen af te blijven.
Een paar Nederlanders vonden dat ook en richtten een maandblad op ' pour le maintien de l'amitié traditionelle et le défense des intérêts réciproque des deux pays', ' voor het onderhouden van de traditionele vriendschap en de verdediging van wederzijdse belangen van beide landen'.
Een zoon van de eerder aangehaalde Conrad Busken Huet speelde er een rol in en ook ene M. C. M. Voorrbeytel die U hieronder nog zult aantreffen en dat alles onder de noemer
L'Idée Francaise à l'Etranger. Association Nationale pour la défense des idées françaises à l'étranger.
"Bij het Nederlandse volk lag tijdens de oorlog over het algemeen de sympathie bij de Geallieerden" schrijft Wikipedia zonder dat maar enigszins te concretiseren.
Laten we achteraf wel wezen, in die tijd had het merendeel van de de Nederlanders 'geen idee', behalve de dominee-handelslui die als ongedierte de krenten uit de pap haalden.


Coll. 'de Franse verleiding'.

Het aantal gidsen die Michelin uiteindelijk aan de slagvelden wijdde bedroeg in totaal 23 ! 'Dark tourisme' noemen de toeristische marketeers van tegenwoordig dat. Zouden er nu mensen zijn die als toerist naar de brandhaarden in het Midden-Oosten trekken?


Pierre Dufay, Un chapitre inédit de l'histoire de costume: le pantalon féminin. Paris, Librairie des Bibliophiles parisiens, 1916.

'Een nog niet eerder vertoond hoofdstuk uit de geschiedenis van het zich kleden:
de pantalon voor de vrouw.'

Eigenlijk, zo steeds meer te weten komend van de Franse geschiedenis en dan meer van haar 'volkse' geschiedenis, kom je er achter dat Yves Saint-Laurent met zijn ophefmakende 'broeken voor vrouwen'-lijn eigenlijk helemaal niet zo vernieuwend was. Hij maakte het 'chique', dat wel en het sijpelde door. Maar wat blijkt? Zo ten tijde van de Eerste Wereldoorlog gingen steeds meer vrouwen broeken dragen. Kwam dat door die vreselijke oorlog waardoor veel broeken van mannen die op het slagveld waren gesneuveld op een knaapje hingen niets te doen? Was het een kwestie van armoe, improvisatie, melancholie zelfs?

Maar uit een eerder, in 1912 verschenen boek van ene Jacques Mauvain getiteld 'Leurs pantalons: comment elles les portent. Interviews et confessions' valt wellicht een ander beeld te destilleren, want 'Hun broeken: zoals zij ze dragen. Interviews en bekentenissen', verscheen al voor 'de Groote Oorlog'. Er was dus meer aan de hand en een duiding zal ik u terzijnertijd niet onthouden.


Coll. 'de Franse verleiding'

Hoe dan ook, na 'de Groote Oorlog' kwam het tot een ontlading, een vrolijke, ja, zelfs uitzinnige: met name in Parijs en in Berlijn. Lange broek, blote borsten, korte broek; het alsmaar gekker maken was nog niet goed genoeg. Hoe de Duitsers die periode noemden weet ik niet, maar de Fransen hebben nogal de neiging zekere tijdsperioden van een naam te voorzien. En zo veranderde 'la Belle Epoque' in 'les Années Folles', 'the Roaring Twenties'. Met holle, bolle en stijfstaande ogen danste men zich een nieuwe crisis in, op weg naar een Tweede Wereldoorlog.



Coll. 'de Franse verleiding'

En daar is die legendarische P.L.M weer die als treinnmaatschappij goeddeels een monopolie had in het zuid-oosten van Frankrijk, zo gerekend vanaf Parijs. En, in luguber verband, schreef ik over 'filmisch'. Dit is een werkelijk ontroerend fotoalbum dat werd uitgereikt aan passagiers voor een pleziertochtje langs de Côte d'Azur, van Marseille tot aan Nice. 't Zal van vlak na de verschrikkelijke Eerste Wereldoorlog stammen, 'la Grande Guerre', waarna mensen die het geestelijk konden opbrengen en er geldelijke de middelen toe hadden de draad van 'plezier' toch weer oppakten. De foto's doen je willen een hele geschiedenis van volplempen en betonnering te herroepen, zo wonderschoon zijn die beelden van een nog weinig aangetaste, een oorspronklijke Rivièra. Hieronder bijvoorbeeld een een foto het strand van Aiguebelle met uitzicht op 'le Cap Nègre'. Ik droom ervan, met overigens enige huivering, terug te keren naar de plekken waar die foto's ooit geschoten zijn. Denkt u dat die heuvels op de achtergrond er nog hetzelfde uitzien?


Coll. 'de Franse verleiding'



Stephen L. Harp, Marketing Michelin. Advertising & Cultural Identity in Twentieth-Century France. Baltimore & London, The John Hopkins University Press, 2001.

Coll. 'de Franse verleiding'


Waarachtig, na WOI kwamen sommige Nederlandse toeristen al zo ver als de 'Fransche' Pyreneeën!

'Dwars door de Pyreneeën. Beschryving der reis per autocar'.

Deze brochure stamt uit 1921 en maakt onderdeel uit van de
Coll. 'de Franse verleiding'

Let op, zo begint de inhoud van de 36 pagina's tellende brochure met pentekeningen en ook wat fletse zwart-witfoto's:

"MEVROUW ... Maar moet ik schryven Mevrouw, Miss of Signora? Zyt ge de Française die de prettige, opgewekte stemming in onzen autocar wist gaande te houden, of die Amerikaansche, die haar enthousiasme op zoo spontane wyze uitte? Of die Engelsche, die in stilte bewonderde, of die Spaansche, die hare bewondering vertolkte in een vloed van sonoor klinkende woorden? Of nog een andere misschien, een dier droomende Scandinaafschen of vriendelyke Hollandschen, die ik heb ontmoet op de verschillende etapen van onzen autotocht door de Pyreneeën?
Ik weet het niet meer. Ik herinner me slechts, dat een uwer me heeft gevraagd, de herinneringen van onze mooie reis vast te leggen en de uitingen van bewondering, die ze niet konden weerhouden over zooveel sprookjesachtige schoonheid, tot een harmonisch samenhangend geheel samen te voegen. Hoewel ik gevoel, dat elke beschryving verre zal achterblyven bij de woorden, waarmede U uiting hebt gegeven aan uwe verrukking, zal ik daartoe een poging wagen en u gehoorzamen."


F. Maurette, Pour comprendre les paysages de la France. Paris, Hachette, 1923.

Coll. 'de Franse verleiding'


François Buot, Gay Paris. Une histoire du Paris interlope entre 1900 et 1940. Paris, Fayard, 2013.

Parijs was toen dè metropool van de wereld en veel menselijks werd er beleefd wat elders onherroepelijk tot hel en verdoemenis zou leiden. Voor velen echter was de kosmopoliete stad bevrijdend.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Natuurlijk, de Verenigde Staten waren ontegenzeggelijk in opmars, maar Parijs was in velerlei opzicht nog steeds toonaangevend.
De lossere, om niet te zeggen, het losbandiger leven daar in vergelijk met de Victoriaanse en puriteinse 'ommelanden' had haar aantrekkingskracht, maar ook de uitstraling van kunst en vormgeving misten haar uitwerking niet. Hadden we aan het 'fin du siècle' en 'la belle époque' de zwierige 'l'Art Nouveau' overgehouden, met de Parijse 'Exposition Internationale des Arts Décoratifs et Industriels modernes' uit 1925 was het de beurt aan de 'Art Déco'.


Jean Gravigny, Montmartre en 1925. Paris, Editions Montaigne, 1925.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

'naar de Côte d'Azur in den winter', een uitgave van de Franse spoorwegmaatschappij P.L.M. uit ca. 1924.

VOORWOORD

Carpe diem.

Van Holland naar de Côte d'Azur ... "il n'y a qu'un pas" in dezen tijd van snelverkeer!... Geen twee etmalen zelfs scheiden U meer in uw land van regen en vorst, van gure hagelbuien en snerpende wind, van dit land van zon en zomer, waar, - voor ons Noorderlingen het hoogste symbool van liefelykheid, - de citroenen bloeien en de sinaasappelen rijpen!...
De Blauwe Kust!... Wie in ons grauwe vaderland heeft het zich niet als'n ideaal gedroomd, die slechts in de verbeelding bestaans-mogelyk geachtte landschappen, in licht en kleur gedrenkt, in natura te aanschouwen?... Wie, die ze zag ... had ooit geloofd, dat de werkelykheid dermate nog zn'schoonste voorstelling overtreffen zou?...
De Riviera..., droom van zalig niets doen en verrukkelyk levensgenieten... van zon-en zomerfestynen, zwymelend in licht en kleur, en zwaar van geur!...
De snelle vervoermiddelen van onzen tyd hebben het onder uw bereik gebracht. De in éénen trek dóórgaande treinen van Paris-Lyon-Méditerranée-spoorweg, voeren U s'avonds uit het kille Parys, om U in den volgenden ochtend de oogen te laten opslaan aan de Zonnekust van Provence... En uwe blikken, die nog voor kort zochten naar wat zielsverheffends in de gryzen achtermiddag des slechts in kunstlicht badende stad, weiden nu over de droomblauwe Onder den hoogen blauwkoepelende hemel van dit zoele Zuiden, richt de onder lage Hollandsche luchten gebogen gaande mensch zich veerkrachtig op...
Nog géén twee etmalen... Eén dag, één nacht... en in de ryzende zonneochtend voert de bestofte wagon, die ge in Amsterdam besteegt, en die U meenam uit Holland's duinen, U zonder overgestapt te zyn, langs het Masief des Maures, langs het Estérel, langs de baai van Eze.
Ging ooit één droom, zóó snel in vervulling?... Carpe diem, zei onze groote Couperus, die aan deze kust leefde. Laten we het hem nazeggen: Carpe diem!... Het is de hoogste wysheid, en ze geldt voor deze kust!...

Tom SCHILPEROORT.

Veel lyrischer kun je het niet maken zo rond 1924 en deze Tom Schilperoort leefde en werkte zèlf aan dez Franse Rivièra, artikelen schrijvend en als reisleider fungeren, onder andere voor de Nederlandsche Reisvereeniging. Achter deze Tom Schilperoort, een vrijbuiter waarschijnlijk, moet 'de Franse verleiding' ook nog aan.


Coll. 'de Franse verleiding'

Best veel Nederlanders hadden in vroeger tijden de Middellandse Zee gezien en hoe. Neem Michiel de Ruyter die in 1676 sneuvelde bij Sicilië nadat hij met een zwak eskader was uitgezonden om de Spanjaarden te ondersteunen tegen Frankrijk. Samen met Spanje? Het kan verkeren.

Maar er over schrijven stamt van veel later. Ene Adriaan van der Willigen had in 1804 een deel van de Franse Middellandse Zee-kust 'gedaan' en zijn bevindingen schreef hij op en werden gepubliceerd met als titel 'Reize door Frankrijk In gemeenzame brieven, door Adriaan van der Willigen aan den uitgever'.

In 1829 volgde van de Duitser Willibald Alexis 'Reistogten in het zuiden van Frankrijk' ('Uit het Hoogduitsch'). Trouwens, wat er in die tijd aan reisverslagen in Nederland verscheen betroffen voornamelijk vertalingen en vervolgens bleef het weer een poos stil totdat Louis Couperus, die vanaf 1900 een aantal jaren in Nice woonde, uit geldnood reportages, zogenaamde 'Legenden', slijtte aan onder andere 'Het Vaderland'. Pas in 1951 werden ze door Elseviers Weekblad als abonnee-lokkertje gebundeld tot 'Legenden van de blauwe kust'.

En zo kwam de eer toe aan schilder en schrijver Philip Zilcken het eerste portret in boekvorm van 'de Fransche Rivièra' te publiceren, en wel in 1925. Zilcken (1857-1930) had zich, wanneer precies valt niet te achterhalen, in het tussen Nice en Monte-Carlo gelegen Villefranche gevestigd waar hij ook overleed.

Eerst had echter die Tom Schilperoort zijn lyrische woorden aan 'den Fransche Rivièra' gewijd, helemaal in de sfeer van onderstaand zeer sjiek uitgevoerd gidsje; verleidelijker kan bijna niet, met goud in reliëf bedrukt ... .


Coll. 'de Franse verleiding'

'Côte d'Azur Hyères-les-Palmiers. Guide des Etrangers. Saison 1926-27. 29e Année.'

Hyères-les-Palmiers wordt wel, vanaf Marseille via Toulon komend, als het eerste, waarachtige 'Côte'-oord beschouwd, daarna volgt de hele trits tussen Saint-Tropez en Menton ....


La Savoie. Guide publié par l'Union des Syndicats d'Initiative de Savoie. French and English Text. Edition 1926.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Zonder jaar van uitgave vermeld stamt deze reisbrochure eveneens uit de jaren '20, toen de private vervoersmaatschappij P.L.P. in het zuidoosten van Frankrijk zo goed als een monopolie had op het opbenbaar vervoer.

Chemins de Fer Paris - Lyon - Méditerranée.
Services Automobile de la Routes des Alpes.
6ème Etape: Chamonix - Evian.


Coll. 'de Franse verleiding'

In Parijs waren na de Eerste Wereldoorlog Amerikanen 'all over the place' en dat had vele redenen. In de eerste plaats heerste in het kosmopoliete Parijs meer dan elders een sfeer van tolerantie. Zo werden African-American (zo zeg je dat zo keurig tegenwoordig) die waren blijven 'hangen' veelal niet met de nek aangekeken en ook zij hielpen Europa aan de jazz. En in vergelijk met het puriteinse Amerika waren de zeden veel losser. Bekijk die ilm van Woody Allen, 'Midnight in Paris' (van 2011 alweer), vol met flashbacks naar die periode. En dan had je natuurlijk ook nog de Amerikaanse 'prohibition', 't verbod op alcohol dat in 1920 werd ingevoerd en tot 1933 zou duren. Nee, voor veel Amerikanen was Parijs 'the place to be'.


Janet Flanner (1892-1978) was één van die vele Amerikaanse 'expatriates' in Parijs. Tussen 1925 en 1975 schreef zij voor The New Yorker haar 'Letters from Paris'. Zij maakte deel uit van wat later 'The Lost Generation' zou gaan heten en onderhield nauwe contacten met mensen als Ernest Hemingway, F. Scott Fitzgerald, John Dos Passos, Ezra Pound en Gertrude Stein en haar geliefde, Alice B. Toklas.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

De Nederlandse Parijs-correspondent Leo Faust (zie boven) was de twintigste eeuwse opvolger van de negentiende eeuwse in weerwil van zijn naam tochNederlandse Parijs-portretteur Louis de Semein en voorganger van Jan Brusse; zij allen verglijden in de vergetelheid. Leo Faust publiceerde naast zijn vele malen herdrukte 'Nieuwe gids van Parijs' tevens twee fraai met foto's verrijkte portretten van het nachtelijk feestvierend Parijs: rond 1920 samen met F.X.M. Schiphorst 'Parijs by Nacht' en enkele jaren later samen met Hans Nesna 'Parijs om middernacht van 10 tot 4'. Bijzonderheid van deze laatste uitgave is dat de fotografie naar alle waarschijnlijkheid van de hand is van de wereldberoemde fotograaf Brassaï.

Coll. 'de Franse verleiding'


Leo Faust maakte de Nederlanders op betrekkelijk onschuldige wijze kennis met het 'Parijs van plezier', maar op de rand van het 'Parijs van ontucht'. Hier een soortement van verslag van die ontucht: 'La Prostitution. Enquête de Maurice Hamel & Charles Tournier' uit 1927.
Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

"Hoe zuidelijker je komt, des te ... ."

Van Griekenland weten we het maar al te goed: 'knapenliefde'. En in de 'Reys-Wetten' die Lipsius rond 1600 schreef voor hen die op de 'Grand Tour' gingen, werd er onomwonden voor gewaarschuwd. Dat betrof dan Italië, Noord-Italië al, Veneto. En lange tijd gold ook Marokko als vrijhaven, nu nog steeds wellicht. Parijs bevond zich halverwege en de 'herenliefde' en ook de 'knapenliefde' lag daar meer aan het oppervlak dan in het puriteinse Noorden. Neem bijvoorbeeld het Victoriaanse Engeland. Het computergenie Alan Turing, die tijdens WOII de geheime Nazi-oorlogscode kraakte, pleegde tijdens een 'helende' chemo uiteindelijk in 1954 om die reden zelfmoord, althans dat wordt verondersteld. In de adembenemende film 'Breaking the Code' (1996) zegt de door Derek Jacobi vertolkte Alan Turing tegen de zijn aan hem liefde betuigende vriendin wanhopig: "I love you too, but I can't make love to you."

Begrijpt U nu wat er schuil kan gaan achter die op het eerste gezicht vraagtekens oproepende studie 'culturele geografie': een macht aan 'verschil'-aspecten! Ook de wereld van masculine prostitutie.
En ook de vele culturele verschillen tussen Nederland en Frankrijk.


De mémoires van Josephine Baker, zoals verteld aan Marcel Sauvage en in Nederlandsche vertaling verschenen in 1927.

Coll. 'de Franse verleiding'


'Spoorweg Parijs-Lyon-Middellandsche Zee
Het Rhône Dal
Lyon - Vienne - Orange - Avignon - Arles -Nîmes - Aidues-Mortes'

Coll. 'de Franse verleiding'


Rafaël Pic, Balnéaire. Une histoire des bains de mer. Paris, Editions Little Big Man, 2004.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

C. Cheilan, une heure aux Baux. Guide Souvenir Illustré. En vente chez l'auteur. M. le Curé des Baux-en-Provence. Aix, 21 septembre 1931.

Zo, nu weet u dat dit fraai gekleurde dorpje op een heuvel in de Provence ligt en dat de toeristenstromen nog niet van dien aard waren dat de schrijver, mijnheer de pastoor, 't nog persoonlijk verkocht.


Coll. 'de Franse verleiding'

Emile Ripert, La Côte Vermeille et le Languedoc Méditerranéen. Grenoble, B. Arthaud, 1931.

Als naam, als begrip, is de Côte Vermeille, de meest zuidelijke kuststrook van de Languedoc tot aan de Spaanse grens, voor hen die er niet wonen zo goed als onbekend. In vergelijk met de Côte d'Azur mankeert, door eigen 'regionale' schuld, de kust van de Languedoc geen historische lading; een jammerlijk toeristisch marketing-falen. Maar misschien is het ook wel goed zo.


In de negentiende eeuw boezemden strand en zee voor de meeste mensen nog vrees in, maar rond 1900 begon dat te veranderen en het begon met pootje baden maar nog goeddeels gekleed. 't Waren als het ware in die tijd nog als onze boerkini's ... .
Veel stranden waren gemakkelijk toegangbaar en leefbaar, maar hier loop ik wederom vooruit in de tijd, niet de stranden van de Languedoc. Door de étangs - de binnenmeren - waren de duinen en de stranden vergeven van muggen.
Totdat De Gaulle in de zestiger jaren besloot er orde op zaken te stellen en de reizigersstroom naar Franco-Spanje te verleiden halt te houden in de Languedoc: daartoe moesten er tal van nieuwe badplaatsen geconstrueerd worden. En met gif dat nu allang verboden is, werd met Gaullistische machtsvertoon eerst de aanval ingezet op de muggen en dat lukte. Edoch, de natuur is goeddeels onbeheersbaar en er is nu sprake van een nieuwe en vooralsnog resistente generatie van muggen.

Coll. 'de Franse verleiding'


Pascal Ory, L'invention du bronzage. Paris, Editions Complexe, 2008.

Het waren met name de nog zozeer puriteinse Verenigde Staten ontvluchte Amerikaanse miljonairskinderen die na de Eerste Wereldoorlog aan de Franse Rivièra het zonnebaden introduceerden.

Coll. 'de Franse verleiding'


Volgens dit affiche uit 1927 kwamen er maar liefst nog vier spoorwegmaatschappijen bij kijken voor de verbinding Amsterdam - Parijs.


Coll. 'de Franse verleiding'

Voor wie iets meer wilde weten over de geschiedenis van Parijs was dit boek gedurende vele jaren een zeer populair werk.

M.C.M Voorbeytel, 'Hoe Parijs Parijs werd' uit 1931. 'Iets over het nu en vroeger van onze twintig arrondissementen'.

En let op dat woordje 'onze'.

Mr. M.C.M. Voorbeytel was toenmalig 'Parijsch Correspondent van het Algemeen Handelsblad'.
De titel doet vermoeden dat het een gortdroog historisch verhaal betreft, maar niets is minder waar. Het is speels afwisselend en nu nog het lezen en doorbladeren waard, want het is gelardeerd met mooie, maar ietwat statische fotografie.

Sindsdien hebben tientallen Nederlandse Parijs-correspondenten hem opgevolgd en vele hebben zich in de traditie geplaats om 'achteraf' hun indrukken in boekvorm te publiceren, maar dan met meer aktuele maatschappelijk-politieke inhoud. Tot nu toe is de laatste reeks de Volkskrant-correspondent Peter Giesen die heel Frankrijk onder de loep nam met 'Retour de France. Over de route nostalgique naar het Frankrijk van nu'. Uit 2018 alweer.


Naar hedendaagse begrippen was de Koloniale Wereldtentoonstelling uiteraard een schandalige vertoning, met exotische inboorlingen achter hekwerken als één van de hoogtepunten. En laten we wel wezen, niemand zou het zich heden tendage toch in zijn hoofd halen een 'Wereldtentoonstelling van het Imperialisme' te organiseren? Edoch, in Parijs, hoofdstad van een imperiale macht, studeerden velen uit de gekolonialiseerde landen die later voor politieke bevrijding zouden zorgen, zoals Hô Chi Minh, Zhou Enlai, Léopold Senghor, C. L. R. James, de Pan-Afrikanist George Padmore, Messali Hadj of de revolutionaire Indiase M. N. Roy.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

J. Cauvin, Raymond Gaudet, Cagnes-sur-Mer (Alpes-Maritimes) 1931-1932. Guide touristique diffusé par le Syndicat d'Initiative. Imprimerie Nouvelle à Cagnes-sur-Mer, 1931.

Cagnes, een heel klein heuveldorpje in de buurt van Nice, was tussen zo de jaren '30 en '60 een konstenaarskolonie waar ook tal van Nederlanders woonden of er vaak verbleven. Zo situeerde de eens zo bekende detectiveschrijver Havank veel van zijn verhalen in het gehucht. Paul Arnoldussen geeft er in zijn "Waar de mimosa bloeit. Nederlandse kunstenaars in Cagnes-sur-Mer' (2013) een liefdevol portret van. Nu maakt Cagnes inmiddels deel uit van de uitgedijde agglomeratie van Nice.


Coll. 'de Franse verleiding'

'Nouveau Guide Touristique
de la Côte d'Azur'

Edité par L'Eclaireur de Nice et du Sud-Est.
Toutes les Stations de la Rivièra de Hyères à Menton.


Inderdaad de vader van ene minister ....: Huib Luns, Tien wandelingen in Parijs. Met tekeningen van de schrijver & 51 fotografische reproducties. W. L. & J. Brusse's Uitgeversmij., Rotterdam, 1934.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Nederlandsche Reisvereeniging, Programma van den Propagandatocht no. 135 naar Parijs, van 6 tot 12 Augustus 1923.


Toegegeven, nu kom ik op een punt dat ik hier en daar wat speels om ga met de chronologie.
Maar wat wil het geval? Reizen, laat staan vakantie vieren, was in de negentiende eeuw nog een ongewisse aangelegenheid. En men liet zich graag leiden en begeleiden en graag nog in groepsverband. De Engelsman Thomas Cook kwam er in 1841 als eerste mee en in Nederland volgde ene Jacob Lissone hem in 1876. En het waren bedrijven: een reisje met Lissone was slechts voorbehouden aan de zeer welgestelden.
Maar later volgden reisverenigingen die niet op winst uit waren, maar meer op vorming voor de eenvoudige burgerman en arbeider.
Zo werd op 24 maart 1906 de 'Nederlandsche Reisvereeniging' opgericht en Nederland zou Nederland niet zijn als er geen reisverenigingen bij kwamen al naar gezinten.
Op 23 oktober 1922 volgde de oprichting van de 'Nederlandsche Christelijke Reisvereeniging'. Wanneer het 'Arbeiders Reisbureau van het Instituut voor Arbeidersontwikkeling' werd opgericht heb ik nog niet weten te achterhalen, maar omdat de 'Sociaal-Democratische Arbeiderspartij', de 'SDAP' in 1894 was opgericht vermoed ik dat het eerder was dan de oprichting van de 'Nederlandsche Christelijke'.


Coll. 'de Franse verleiding'

Nederlandsche Christelijke Reisvereeniging, Reisboek (Reisprogramma's 1928).


Coll. 'de Franse verleiding'

Net zoals later Edith Piaf 'van straat' kwam, zo kwam Maurice Chevalier uit een volksbuurt, maar trok uiteindelijk volle zalen.

Maurice Chevalier de Ménilmontant au Casino de Paris' door André Rivollet, stammend uit 1927.
Razend populair was de charmeur Chevalier, ook in Nederland. Of hij ooit in het Amsterdamse Carré heeft opgetreden weet ik niet, maar Hollanders gingen mede om hem naar Parijs, al was het op de fiets.


Coll. 'de Franse verleiding'

Deze Reiswijzer voor Frankrijk voor automobilisten, motorrijders en wielrijders - Uitgave van den Kon. Ned. Toeristenbond A.N.W.B. stamt uit 1936 en betreft de zesde editie. Vraag luidt natuurlijk wanneer de eerste uitgave verscheen. De 1936-inleiding biedt uitkomst.

"Binnen dertien jaren, nadat de eerste uitgave van den Reiswijzer voor Frankrijk is verschenen, ziet thans de zesde het licht. Wel een bewijs, dat tegenwoordig zeer veel Nederlanders Frankrijk per automobiel, mototrijwiel of rijwiel bezoeken."

De eerste uitgave dateert dus van 1923, maar stelt U er zich niet veel vrolijks bij voor. 't Betreft voornamelijk gortdroge beschrijvingen van een aantal hoofdroutes met aanduidingen waar je links of rechts af dient te slaan. Voorbeeld? "Aank. over de Gardon, vertr. oostwaarts. Voorbij R. is het terrein heuvelachtig met een paar steile hellingen." Daar bleef het voornamelijk bij, plus natuurlijk wel de aantallen kilometers.


Coll. 'de Franse verleiding'

Arbeiders Reisbureau van het Instituut voor Arbeidersontwikkeling, Reisgids 1936.


Het was nog een tijd waarin door arbeiders en 'kleine luiden' nog volop strijd geleverd werd voor kortere werkdagen en vakantie zelfs. En dat kwam in Frankrijk zelfs in één klap: twee weken doorbetaald verlof werd afgekondigd door de Franse links-progressieve Volksfrontregering onder leiding van Léon Blum. In Nederland ging het allemaal geleidelijker en tal van verenigingen werden opgericht om die nog onwennige toerist te begeleiden. Hierboven een gidsje van de voorloper van het FNV en hieronder een Frans gidsje voor 'volks'-toerisme in het noorden en het oosten van Frankrijk.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

In Nederland werd gedurende de eerste helft van de twintigte eeuw wat betreft Frankrijk voornamelijk gepubliceerd over Parijs, ook al gaf bijvoorbeeld de Nederlandsche Reisvereeniging brochures uit die een groepsreis naar Parijs of de Fransche Rivièra begeleidden. En er was dat Nederlandsche buitenbeentje Ph. Zilcken die in Villefranche sur Mer woonde, aan die Fransche Rivièra dus. En die Zilcken publiceerde in 1925 zijn met prachtige zwart-wit foto's verrijkte 'Langs wegen der Fransche Rivièra'.
De ANWB gaf weliswaar al een poosje de immer blauwe 'Reiswijzer voor Frankrijk' uit, 'voor automobilisten, motorrijders en wielrijders', maar die waren gortdroog en gaven voornamelijk afstanden aan, de stijlheid van de wegen en waar je links of rechts af moest slaan.
Het hierboven afgebeelde album, want dat is het, vormde een heuse doorbraak: 'Frankrijk als toeristenland - "zijn geneeskrachtige bronnen en vacantieoorden" moet in 1935 of 1936 gepubliceerd zijn, misschien wel ter gelegenheid van de opening in 1936 door Koningin Wilhelmina van de eerste brug voor automobielen, bij Moerdijk ook weer.
Met vele bruinachtige foto's en fraaie advertentie van luxe hotels en winkels, werden voor het eerst in Nederland veel van de Franse streken beschreven. Maar aan de gewone man was het nog niet echt besteed, want in die tijd konden alleen mensen als notarissen, artsen, hoogleraren, fabrieksdirecteuren en de rest van de bourgeoisie de reis op eigen houtje ondernemen.


Coll. 'de Franse verleiding'

Deze folder ter promotie van treinreizen naar Atlantische badplaatsen moet uit zo ongeveer vlak na 1936 stammen, het jaar waarin door de linkse Volksfront-regering als één van de eerste wetten die van 'les congés payés' door het Franse parlement joeg: in één klap voor iedereen twee doorbetaalde vakantieweken, een nieuwe markt voor spoorwegmaatschappijen.


Coll. 'de Franse verleiding'


En dit is dan zo'n praktisch gidsje voor die notarissen, artsen, hoogleraren, fabrieksdirecteuren en de rest van de bourgeoisie, uit 1936 ook weer.


Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Na de Russische Revolutie intigeerde heel veel Fransen het Sowjet-systeem, ook toen het op een regelrechte stalinistische dictatuur was uitgedraaid. De schrijver/filosoof André Gide was na een Ruslandreis één van de eerste intellectuelen die er openlijk zijn vraagtekens bij ging zitten, zoals in zijn 'Retour de l'U.R.S.S.' uit 1936.
"(-) le Retour de l'URSS , malgré l'éloge qu'il contient de certaines réalisations du régime, malgré la volonté qu'il exprime d'éviter le pamphlet, est bien un ouvrage de dénonciation d'un régime totalitaire. Inégalités criantes, ravitaillement lamentable, alignements de taudis, inertie de la masse, complète dépersonnalisation des individus, façonnement de l'esprit par la propagande, défaut généralisé d'esprit critique, conformisme dans tous les domaines, stalinolâtrie, ignorance extraordinaire de l'étranger... "Dictature du prolétariat, nous promettait-on. Nous sommes loin du compte. Oui : dictature, évidemment ; mais celle d'un homme, non plus celle des prolétaires unis, des Soviets. Il importe de ne point se leurrer, et force est de reconnaître tout net : ce n'est point là ce qu'on voulait. Un pas de plus et nous dirons même: c'est exactement ceci qu'on ne voulait pas."

Les injures pleuvent dès lors sur Gide. Romain Rolland s'insurge, L'Humanité se révolte et, là-bas, la Pravda s'indigne: ce Gide, en vérité, n'a pas été très "rentable". Le cinéaste soviétique Eisenstein chargé de mission l'assimile à un valet des fascistes et des trotskistes. A Nice, un meeting est organisé par les Amis de l'URSS, où le Retour est démoli. Tous les jours, le facteur apporte un monceau de lettres au domicile de Gide, rue Vaneau. Jean Guéhenno, au nom de l'hebdomadaire antifasciste Vendredi , lui fait la leçon : "Nous vous avons vu si discipliné, il y a trois ans, André Gide ! Nous vous voyons maintenant si indiscipliné ! Quand donc êtes-vous vous-même ?" Mais les lettres ne sont pas toutes de reproche; bien des lecteurs se sentent soulagés. "Vous avez aidé à délivrer certaines victimes de Hitler, écrit l'un d'eux , songez à toutes celles qui gémissent dans les camps de concentration de la Russie soviétique."

Cependant, Gide a conscience du caractère trop impressionniste de son témoignage. Il veut remettre son ouvrage sur le métier, s'informer, justifier ses analyses par des arguments indiscutables, des chiffres. Il lit alors les anciens communistes Yvon, Souvarine et autres, et publie en 1937 ses Retouches à mon retour de l'URSS, plus sévères encore que le premier livre."
Geciteerd: 'André Gide lance une bombe', door Michel Winock in L'Histoire, N° 314, daté novembre 2006.
Het gekift zou, ook via Sartre tegen Camus, tot in de 80-er jaren van de vorige eeuw voortetteren. (Vertaling volgt binnenkort.)


Coll. 'de Franse verleiding'

Toen al, in de jaren dertig, kwam een 'ruimere' francofolie op gang getuige dit reisverslag uit 1937: 'La Belle en haar aanbidders. Frankrijk bereisd, gezien, geproefd en ..... genoten met Jan Feith.'
Het betrof dus niet meer alleen Parijs en de Franse Rivièra, maar ook het Franse platteland.


En Languedoc Méditerranéen, Aude 1937. Edité pour le compte du Comité Départemental de l'Aude de l'Exposition Internationale Paris par les Editions Archat, Lyon - Paris, 1937.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Hierboven een fascinerend retrospectief op de Parijse 'Exposition Universelles' waar tal van uitvindingen en nieuwe snufjes aan 'le grand public', het grote publiek, getoond en gedemonstreerd werden. Ik heb zelfs jaren geleden tijdens mijn speurtochten een bejaarde heer ontmoet die in 1937 vanuit Nederland 'moest en zou' op de fiets naar Parijs trapte. 't Waren de crisisjaren en dat blijkt uit de verbazingwekkende ontwikkeling van het aantal bezoekers van de Parijse Wereldtentoonstellingen:

1855 ---- 5 000 000
1867 --- 11 000 000
1878 --- 16 000 000
1889 --- 32 000 000
1900 --- 50 000 000
1937 --- 31 053 700

Coll. 'de Franse verleiding'

1937, het Duitse fascisme en het Russische stalinisme. En hun 'architecturaal totalitaire' paviljoens stonden nota bene, voor de Eiffeltoren, hoe symbolisch, recht tegenover elkaar. Links het Duitse, met de Adelaar, en rechts het Sovjetpaviljoen met, natuurlijk, heldhaftig en krachtdadig landbewerkend vrouw-manskoppel met sikkel.


Van Goor's Taalgidsjes. Coll. 'de Franse verleiding'


Paul Arnoldussen, Rue d'Amsterdam. Kleine Atlas van Nederlanders in Parijs. Amsterdam, Uitgeverij Bas Lubberhuizen, 2002.

Coll. 'de Franse verleiding'


Paul Arnoldussen besteedt in zijn boek veel aandacht aan de dertiger jaren in Frankijk en dat waren in vergelijk met de haar omringende fascistoïde landen ook spannende tijden, maar in 1936 kwam er een links-progressieve regering aan de macht onder leiding van Léon Blum, het 'Front populaire' oftewel het Volksfront. En nota bene de eerste wet die werd aangenomen betrof de invoering van twee weken doorbetaald verlof, vakantie dus, de 'Congés Payés', dat als begrip nog steeds in het collectieve geheugen van de Fransen staat gegrifd. In Nederland waren de machthebbers zuinig met het invoeren van doorbetaalde vrije dagen, ook al verkregen in 1910 de diamantbewerkers als eerste recht op één doorbetaalde vakantieweek. Geleidelijk verminderde het aantal werkuren, voor andere beroepsgroepen volgden mondjesmaat ook regelingen voor wat vakantiedagen, maar pas in 1966 kwam de eerste wettelijke regeling tot stand waarin twee weken doorbetaald verlof werd vastgelegd.

°° "Voor een sfeerbeeld uit die tijd: "Arbeidersleven in Nederland: resultaten der enquête, ingesteld door het Nederl. Verbond van Vakvereenigingen in het najaar van 1907 naar de wenschelijkheid en mogelijkheid van beperking van den arbeidsduur voor volwassenen tot 10 uren per etmaal en afschaffing, respectievelijk beperking van nacht- en kinderarbeid. 1908."


Maar dan ook werkelijk ècht alles in het Frans:
Dr. J. Smit, Je vais à Paris. Le français comme on le parle. Quatorzième édition, revue, corrigée et augmentée par Dr. J. Smit. Gorcum, J. Noorduyn et Fils S.A., 1935.

Een veertiende editie! Of de oplagen waren klein of de Nederlander wilde in die tijd nog ècht iets van het Frans beheersen.

Coll. 'de Franse verleiding'


Ooit was 'den automobiel' net zo vreemd als de digitale wereld soms voor mij nog is en zal blijven ook. Dus tal van instructieboekwerken verschenen zo vanaf 1910. Hier eentje uit 1936, ook weer deel uitmakend van de Collectie 'de Franse verleiding'. En omslagen maken konden ze in die tijd als de beste en wéér semiologisch te duiden: de eigenaar van 'den automobiel' in kostuum onder de auto 'op de brug' met een vragende blik ("Hoeveel gaat me dat kosten!?") richting monteur, die 't allemaal uitlegt. Hadden we maar zo'n ultiem handboek voor 'den bewoner van Moeder Aarde' en een monteur.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Op 14 juni 1940 vielen de Duitsers Parijs binnen, 'la chute', en meer dan vier jaar duurde de Nazi-bezetting. Tussen 19 augustus 1944 – 25 augustus 1944 togen ze af, dreigend Parijs in één totale, brandende puinhoop achter te laten. Het was door de Zweedse diplomaat Nordling dat de in Hôtel Meurice zetelende Duitse gouverneur van Parijs Generaal von Gölnitz, tegen de zin van de waanzinnige Adolf Hitler in, er op het allerlaatste moment van afzag de overal aangelegde brandbommen door zijn soldaten tot ontsteking te doen brengen.


Hier laat ik Margot Dijkgraaf aan het woord (NRC, 1 juli 2016):

"Juni 1940, de Duitse legers rukken op naar Parijs. In paniek verlaten duizenden inwoners hun stad. Het is één grote karavaan naar het zuiden, ‘oude auto’s zijn uit hun holen te voorschijn gekomen’, beladen met koffers en matrassen. ‘Je zou denken dat het kostbaarste bezit van een Fransman zijn matras is’, schrijft de verteller. In de auto’s liggen oude vrouwen, ‘ze kijken niet meer naar wat buiten henzelf ligt, en kinderen slapen alsof ze dood zijn’. De wegen naar het zuiden raken verstopt, auto’s begeven het, mensen raken uitgeput en stranden, op zoek naar eten en benzine, op boerderijen in de Beauce of elders op het platteland. De stedelingen houden hun hand op bij de plattelandsbewoners, verslinden een stukje brood dat ze toevallig onderweg vinden. Inwoners van Parijs, mensen van standing, gewend aan welvaart, veranderen in een paar dagen in vluchtelingen, asielzoekers, smekelingen.
Het zijn woorden die door de Franse criticus en schrijver Léon Werth (1878-1955) in Adieu Paris 80 jaar geleden gebruikte. 33 dagen (de titel van het Franse origineel) deed hij erover om van Parijs naar zijn buitenhuis in St. Amour, in de Bourgogne, te rijden. Hij geeft het reisverslag mee aan zijn vriend Antoine de Saint-Exupéry (1900-1944), die ervan onder de indruk is en belooft dat hij het in New York zal laten uitgeven. Een lange stilte volgt. Pas in 1992 verschijnt het bij de Franse uitgever Viviane Hamy."

Pas in 2016 volgde een Nederlandse vertaling. Trouwens, Margot Dijkgraaf onderschatte met haar 'duizenden' de werkelijke omvang van 'de exodus': het ging om vele honderdduizenden.

Wie ontvluchtte eigenlijk Amsterdam?


Ronald C. Rosbottom, When Paris went dark. The city of light under German occupation. 2015.

Coll. 'de Franse verleiding'


Megan Koreman, De Dutch-Paris ontsnappingslijn 1942-1945. Amsterdam, Boom, 2016. / Omdat de Noordzeekust door de Duitse bezetter bijkans hermetisch was afgesloten vluchtte de Nederlanders die Engeland wilde bereiken veelal via Frankrijk, trokken met de grootste moeite de Pyreneeën over, trokken door het oorlogsneutrale Spanje naar Lissabon om daar de boot te nemen naar Londen.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Mr. G. J. van Heuven Goedhart beschreef in de nadagen van WOII zijn ontsnappingstocht, zijn vlucht naar Londen en in zijn geval niet via Lissabon, maar via Gibraltar. 't Vormde een ontberende tocht ook weer door dat Frankrijk, over de Pyreneeën en door Spanje.

"Het is sedert mijn aankomst in Engeland op 17 juni 1944 mijn plan geweest om het verslag van mijn wonderlijke reis van 55 dagen, van Amsterdam naar Londen, zwart op wit te zetten: niet omdat omdat ik mijn eigen avonturen zoo belangrijk vind; maar alleen omdat ik twee dochtertjes heb, Karin Sophie en Bergliot Halldis, die nu nog te klein zijn om "alles" te begrijpen., en voor wie ik dit boekje wil bestemmen als het eerlijke relaas van de wijze, waarop een mensch in het beschavingsjaar 1944 door Europa reizen moest. Dat ik het daarnaast aanmerk als een teeken van mijn diepe erkentelijkheid voor de alleen voor ondergrondsche werkers begrijpelijke mate van vriendschap, die ik in de bezettingsjaren van talloozen heb ondervonden - het spreekt vanzelf. Zooals ook vanzelf spreekt, dat ik voor de getrouwheid van het verslag volldig insta. Slechts op één punt zal ik knoeien: met de namen van menschen en plaatsen. Dat doe ik omdat dat ik niet weet of de Gestapo, welker lange armen ik zoo goed ken, dit boekje nog in handen zal krijgen vóór zij is uitgespeeld."


Dit is een derde (1 février,1944) 'bijna na-oorlogse' heruigave van de vooroorlogse 'Manuel du Camping', geschreven door J. Loiseau i.s.m. een hele trits leden van 'la Commission technique du Camping Club de France'. In die tijd was kamperen nog een hele klus en kunde die de toen nog weinige vakantiegangers nog niet zonder een praktische handleiding voor elkaar konden krijgen. Tegenwoordig hoef je, geloof ik, bij bepaalde tenten alleen nog maar aan een touwtje te trekken en de tent staat..

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Bij mijn weten verscheen in 1900 voor het eerst in Nederland een boek over een dorp in Frankrijk - uit het 'Fransch' vertaald - en wel:
'De geschiedenis van een dorp van vòòr de Fransche revolutie' van ene Charles Delon en uitgegeven S.L. van Looy te Amsterdam.
Of het toen 'aansloeg' valt niet meer te achterhalen. Anders heeft dat gelegen met Clochemerle, geschreven door Gabriel Chevallier en in 1934 in Frankrijk gepubliceerd. De dorpsschets werd geïnspireerd door Vaux-en-Beaujolais, gelegen in de regio Beaujolais, en haalde vele herdrukken.

Misschien dat het droombeeld van leven in een Frans dorp bij een steeds groter aantal Nederlanders begon met de publicatie vlak na de Tweede Wereldoorlog van het boek 'Clochemerle' in Nederlandse vertaling, een vertaling verricht door D. Ypma in het kamp van St. Michielsgestel. 't Betrof een kolderiek dorpsverhaal en op de binnenflap stonden en staan dus nog steeds de inleidende woorden:
"De puriteinen zullen zeggen dat dit kostelijke boek Clochemerle niet netjes is. Gelijk kunnen ze krijgen. Maar is dat een veroordeling - het vonnis over een roman, die, eerlijk gezegd, wel schalks en een tikje ondeugend is, maar die nergens grof of lelijk wordt?
Clochemerle: dat betekent een sfeer van levenskrachtige vreugde. Hoe verrukkelijk vertelt Gabriel Chevallier ons over de pastoor, wiens neus vertrouwen gaf aan heel de streek, of over de brave Marius na zijn terugkomst uit het regiment, wanneer hij bij Adèle zijn eerste glas komt drinken en het hele dorp al weet, wat hem verborgen is: hoe hij die lieve Rose, na alle vrijerij ...
En van Judith, met haar stralende, uitdagende schoonheid.
Maar dit boek is meer dan blijheid alleen, meer dan genereuze wijn en bekoorlijke vrouwen, meer dan een voorbijgaande stemming. Clochemerle gaat dieper. Het is ook nog iets als een satire, een satire zoals die slechts kan voortkomen uit een zeer groot volk als het Franse, dat zijn eigen zware gebreken kent - en er om lacht ... want bevordert men zo de regeneratie niet eerder dan door zich tot luidruchtige verontwaardiging op te winden?
Het is een goed volk daar in de streek van Beaujolais. Clochemerle's burgemeester is een zwaarwichtig, ambitieus man, die graag mag intrigeren, maar hij neemt U voor zich in, met zijn hartelijke gemoedelijkheid, die waarlijk niet geveinsd wordt.
En de regering van Parijs ... ja, kan men daarover in het dorp wel anders spreken dan met een smakelijke lach van Rabelais, vernietigend en verzoenend tegelijk? Inderdaad getuigen de mensen er van een volkomen illusieloze kijk op de toestanden. Het is of de schrijver ons zegt: "Ja, het is erg bij ons!" Doch meteen voegt hij er speels aan toe - "Maar dat is zo heel erg niet," .... Misschien is het ook niet zo erg. Wie weet, hebben de toestanden toch minder diep op de mensen ingewerkt, dan de ergste pessimisten verwachtten. Het Franse volk blijft toch goed volk!
En daarom is Clochemerle meer dan het epos van een dorps-urinoir, al is dit gemeentelijk object de eerste oorzaak van vele particuliere en openbare rampen.
Gabriel Chevallier is geen grappenmaker. Maar in het hart van zijn provincie, aan het hart van zijn volk heeft hij de lach gevonden, die alleen aan een grote liefde ontspringt."


Coll. 'de Franse verleiding'



Coll. 'de Franse verleiding'

Weer zo'n introductie en handleiding, dit maal van Jean Hureau: 'Initiation au Voyage. Manuel du touriste en France. Paris, Editions J. Susse, 1947.

Hiermee staan we aan de vooravond van het massatoerisme dat, want rond die tijd was slechts sprake van iets meer dan ht miljoen 'buitenlandse vakantie', grensoverschijdend dus. Zoals met veel 'zaken', ooit rekende men nog in miljoenen en was je al onder de indruk. Tegenwoordig rekent men net zo gemakkelijk in miljarden, ook wat het toerisme aangaat. Monsieur Hureau schreef meerdere kampeer- en caravaningboeken en was een soort Franse Ton Koot.


Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Tal van typen reizen zijn inmiddels de revue gepasseerd: strijdende en koloniserende Romeinen, de Frieze handelsvaart, de pelgrimsvaart, de vormende reis, de pittoreske reis, de romantische reis en hier een illustratie van een nostalgische reis. En naar de Franse Rivièra nog wel, door Robert Graves die in 1948 verslag legde hoe het er voor stond in vergelijk met vroeger. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de azuren kust overbevolkt met uitwijkelingen en vluchtelingen en, weinigen realiseren zich dat, vond er een grote geallieerde invasie plaats. Maar Charles Graves kon tot zijn grote genoegen vaststellen dat de Rivièra zich had hersteld en dat zelfs het mondaine toerisme weer op gang was gekomen.


Coll. 'de Franse verleiding'

Nu ogenschijnlijk iets anders. Ogenschijnlijk. Van Le Corbusier verscheen in 1950 het prachtig vormgegeven 'Le Modulor', maar dat als verradelijke ondertitel droeg: 'essai sur une mesure harmonique à l'échelle humaine, applicable universellement à l'architecture et à la mécanique. (Editions de l'Architecture d'aujourd'hui). 'A l'échelle humaine' betekent 'op menselijke maat, net zoals reders nu hun gigantische cruiseschepen aanprijzen waar wel meer dan 3000 passagiers op en in passen. Le Corbusier koesterde de droom het Parijs van Haussmann met de grond gelijk te maken en er voor in de plaats een woud van hoge flatgebouwen neer te planten waar je zelfs tussen door kon vliegen.

le Corbusier begon met zijn ellendige plannen al vroeg, getuige zijn 'Vers le Paris de l'époque machiniste: Le redressement français' uit 1928 of met zijn uit 1933 stammende 'La Ville Radieuse. Eléments d'une doctrine d'urbanisme pour l'équipement de la civilisation machiniste', ook al uitgegeven door 'Editions De L'Architecture D'Aujourd'hui'. Voorzover nog nodig was werd Le Corbusier recentelijk alsnog, en terecht, neergezet als een totalitaire, zelfs als een fascistische architect en stadsplanner. Leze daartoe van Xavier Jarcy 'Le Corbusier, un fascisme français.' Paris, Albin Michel, 2015.


Eric G. Leed, The Mind of the Traveller - From Gilgamesh to Global Tourism. New York, Basic Books, 1991.

En kijk! Er wordt uteraard eindeloos onderzoek gedaan naar wat een reiziger-toerist beweegt. Soms gewoon uit fascinatie, maar veelal vanuit marketing-oogpunt: wat 'beweegt', 'drijft', elk te onderscheiden 'segment' van de markt en hoe die te verleiden tot ... . Natuurlijk zijn er die er zo maar wat op los banjeren, maar de destinationmarketing wordt alsmaar krachtiger. Aanbieders van een product, ook als het een toeristische betreft, hebben een broertje dood aan toeval.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Parijs werd na de Tweede Wereldoorlog de stad van het 'existentialisme', een kreet bedacht door romanschrijver en filosoof Jean-Paul Sartre met zijn in 1946 gepubliceerde werkje 'L'Existentialisme est un humanisme'. In Nederland was een beetje opgeleide nog redelijk de Franse taal machtig en het werd pas in 1967 door A.W. Bruna & Zoon onder de titel 'Over het existentialisme' uitgegeven. Naar mijn weten is er nimmer serieus onderzoek gedaan naar - met een duur woord- de 'perceptie', zeg maar: 'hoe het werd begrepen'. Mijn inschatting is vooralsnog dat het vooral stond voor een levenstijltje van Gauloises roken, jazzkelders, lekker je eigen gang gaan, hetgeen werd weerspiegeld in titel van Remco Campert's Parijse verhalenbundel uit 1955 'Alle dagen feest'. Tekenen aan de wand?
Sartre's trilogie 'De wegen der vrijheid' heb ik gelezen, ook al vond ik 'Les Mandarins' van Simone de Beauvoir veel intigerender, maar Sartre als filosoof bleef voor mij immer ongrijpbaar, net zoals voor H.J.A. Hofland die hem eens in het luxueuse Amsterdamse Amstel Hotel waar Sartre verbleef, jawel, interviewde en zich over dat gesprek liet ontvallen dat hij van de woorden van Sartre geen mallemoer begrepen had.
En zo ben ik in blijde verwachting van het verslag van een congres georganiseerd en samengevat door Ingrid Galster over "Het ontstaan van het 'fenomeen Sartre': de redenen van een succes'. (La naissance du 'phénomène': les raisons d'un succès 1938-1945. Paris, 2001.)

En toen kwam het historisch en oh zo symbolisch-ideologische conflict tussen schrijver-filosoof Jean-Paul Sartre (1905-1980) en schrijver-filosoof Albert Camus (1913-1960) in een periode dat de Koude Oorlog goed op stoom kwam. In 1951 publiceerde Camus zijn boek 'L'homme révolté' ('De mens in opstand') waarin hij zich afzette tegen alle vormen van totalitarisme, revolutionair geweld en dus ook het communisme. In tegenstelling tot Sartre, die de Tweede Wereldoorlog in de luwte doorstond, had Albert actief deel uitgemaakt van het verzet, maar idealiseerde de strijd niet. Sartre, die in die tijd het communisme omarmde, juist wel. Hij bezocht zelfs gevangen leden van de Duitse terroristische Beider-Meinhof Gruppe en als klap op de vuurpijl werd Sartre ook nog eens maoïst. Helaas missen we het begeleidende verhaal van Camus, want op 4 januari 1960 kwam hij om het leven door een tragisch auto-ongeval.

Coll. 'de Franse verleiding'

Verontrusting over de vergrieping van Moeder Aarde stamt niet van vandaag, van gister, maar al van 'de dag ver vóór eergister'. Hier van F. Osborn 'La Planète au pillage' uit 1948, de voor Franse begrippen rappe vertaling uit het Engels van Henry Fairfield Osborn's 'Our Plundered Planet', ook uit 1948.


Wat hierboven misschien wel als eerste in 't oog schiet is de karakteristieke Gallimard-omslag: crème-kleurig bedrukt met twee dunne rechthoekige kaderlijnen, zwart buiten, rood binnen met onder auteursnaam en titel het nrf-monogram. En zo geeft Gallimard nog steeds uit, een unicum in de uitgeverswereld. Dus: The Guinness Book of Records!

Maar nu waar het echt omgaat: titel en inhoud van 't boek. In 1949 verschenen in twee delen 'Le deuxième sex' van Simone de Beauvoir, een nogal wijdlopig, maar dichtgetimmerd feministisch en existentialistisch betoog. Daarin verzette zij zich tegen de veronderstelling dat het levenspad van vrouwen vanaf het vroegste moment van leven in grote lijnen al zijn bepaald en sloot elke vorm van determinisme uit: m.a.w. - heel existentialistisch - "Je bent zelf aan zet" en liever nog 'verenigd'.

Haar betoog sloeg in als een bom, werd een enorm succes, snel in vele landen in vertaling gepubliceerd, maar in het Nederlands pas 15 jaar later. Zou het Frans dat toen in Nederland op MMS, HBS en gymnasium nog een verplicht vak was, voldoende zijn geweest voor zo'n 'dichte' tekst? Ik waag het te betwijfelen: 't was lezen 'op de tast'. En zo wordt het betoog van Simone de Beauvoir in Nederland wel gezien als voorzet èn aanzet tot de 'tweede feministische golf' die in de jaren '60 en '70 op gang kwam.

Zonder universitaire graad in filosofie of culturele filosofie veroorloof ik me anno 2020 toch een kritische kanttekening.
Niet voor iedereen is bij zijn geboorte de bal 'even rond' als voor iedereen. 't Maakt verdraaid veel uit waar je geboren bent en kan opgroeien: in Almelo of Blaricum, in de Schildersbuurt of Rhenen, in Bloemendaal of Amsterdam Nieuw-West.

Maar goed, dit alles is misschien te kort door de bocht en da's dan in dit specifieke kader noodgedwongen.


Een gidsje Simca-servicepunten uit 1949 dat voornamelijk de grotere steden betrof.

Coll. 'de Franse verleiding'


De eerste gidsjes van Jan Brusse zijn qua jaar van uitgave slechts bij benadering in te schatten. Waarschijnlijk in 1949 verscheen de eerste uitgave van zijn 'Gids voor Parijs en omgeving' en in 1950 zijn 'Gids voor de Franse Riviera en de Provence'.
In zijn als voorwoord bedoelde 'Kennismaking met een Sprookjesland' haalde Jan Brusse alles uit de kast:

“Ja, het is inderdaad een sprookje. Het is eind Februari. Sinds October is het koud en nat en guur geweest en er wil nog altijd maar geen einde aan die winter komen. Toen ge in Amsterdam in de trein naar Parijs gestapt was, viel er zo waar een beetje natte sneeuw en u huiverde in uw winterjas. In Parijs was het al niet veel beter. U moest een paar uur wachten op het vertrek van de trein naar het zuiden. U wandelde dus wat door Parijs, waar het misschien een beetje minder guur was, maar u had uw kraag opgezet en in het kroegje op de hoek ging u dicht bij de warme kachel zitten en u bestelde een hete wijn met suiker. Een half uur te vroeg ging u in de trein zitten, waar u niets beters te doen wist dan maar zo gauw mogelijk in te dutten. Wordt ge de volgende morgen tussen Marseille en Toulon wakker dan denkt u eerst dat u droomt, of een sprookje beleeft. De winter is verdwenen en u zit plotseling in de meest stralende lente.”

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

'Bagnères-de-Bigorre. Guide Thermal et Touristique' uit 1951.

Kuren? Nederlanders? Die bijvoorbeeld voor Fransen en Duitsers 'als vanzelfsprekendheid' was de Nederlander totaal vreemd. In het minst slechte geval ging je naar een 'openbaar badhuis'.


Coll. 'de Franse verleiding'

Over de Touring Club Holland en zijn initiatiefnemer Jan Switzer valt veel te verhalen en dat zal later zeker ook uitgebreid gebeuren. Hier vooralsnog in 't kort: Veluws pensionhouder Jan Switzer was qua gastvrijheid een 'précurseur', dat voorloper betekent. Nog vóór de Fransman Jean Trigano kwam met zijn vakantiekampen, de later zo bekend geworden Club Méditerranée, improviseerde Jan Switzer al in 1949 met militair dumpmateriaal een eerste vakantieparkje bij elkaar, met legertenten weliswaar, maar op een schitterende plek: La Garoupe op de Cap d'Antibes. Het bood ook Nederlanders met een wat smallere beurs de kans om een droomvakantie mee te maken. In het vijfjarig jubileumgidsje uit 1954 blikte Jan Switzer terug op die eerste jaren en doet niet onder voor Jan Brusse:
"Wanneer wij de moeizaam voortzwoegende omnibus, die in 1949 - onversaagd weliswaar - zijn weg naar het zigeunerkamp in betoverend La Garoupe te Cap d'Antibes wist te vinden, vergelijken met de uiterst comfortabele super-coaches, welke thans, bandenzingend, de 1500 km naar het schier niet te evenaren openlucht-hotel van 1953 afleggen; en wij daarbij bedenken voor hoeveel duizenden onze reizen gedurende deze jaren als een verfrissend geestelijk bad gewerkt hebben in hun dagelijkse bestaanszorgen, dan doorstroomt ons een gevoel van dankbaarheid, een dankbaarheid zó groot, dat daarbij de talrijke moeilijkheden, welke wij moesten overwinnen om dit doel te bereiken, als in het niet verzinken."

Lees hier een portret van hem uit die tijd.


Heel, héél langzaam kwam in de jaren '50 een automobiel de kleine burgerman binnen zijn bereik en er werd qua handboeken wat afgepubliceerd. Hier een Frans instructieboekje uit 1951. 't Franse woord 'Mécanisme' krijgt een Nederlander nog wel mee, maar 'Conduire' betekent besturen, 'Entretien' staat voor onderhoud en 'Dépannage' duidt op reparatie.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Een propaganda/marketingfolder uit 1953: 'bezoekt Frankrijk' en een uitroepteken mankeert er nog aan. Want wat wil het geval in die na-oorlogse jaren?

In weerwil van de onderdrukkende Duitse Nazi-bezetting van Nederland was dàt Duitsland in die na-oorlogse jaren toch de meest opgezochte buitenlandse vakantiebestemming.

In vergelijk met nu ging het uiteraard nog om bescheiden aantallen, maar de verhouding Duitsland - Frankrijk was, nu terugkijkend, opmerkelijk:
in de zomerperiode van 1954 trokken 254.000 Nederlanders naar Duitsland, 174.000 naar België en Luxemburg en in verhouding 'slechts' 122.000 naar Frankrijk. De Franse overheden stelden alles in het werk om die opmerkelijk scheve Duitsland - Frankrijk-verhouding ter Franse gunste te doen omslaan en dat lukte pas na vele jaren: Frankrijk werd uiteindelijk pas rond 1980 voor Nederlanders de belangrijkste buitenlandse vakantiebestemming ... .


Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Van die 122.000 Nederlandse Frankrijkgangers ging het merendeel naar Parijs. Door het Franse verzet ter plekke en de inzet van de Zweedse diplomaat Raoul Nordling die de Duitse bevelhebber in Parijs, Generaal Von Choltitz, ervan wist te weerhouden Parijs goeddeels op te blazen, was Parijs nog de enige metropool in de buurt, want Berlijn lag immers in puin. En Jan Brusse en anderen werd bijgestaan. Zo verscheen in 1953 van Mr. Ir. van Praag, 'Parijs. Rendez-vous der wereld'.


Coll. 'de Franse verleiding'

'Parijs. Rendez-vous der wereld'? Ja, van werelden en van uitersten. In die tijd kende men in Nederland kennelijk geen of nauwelijks straatzwervers in tegenstellingtot Parijs: de clochards. Zij mede werden onderdeel van het 'image' van Parijs, ook in Nederland. Tom Manders, alias Dorus, maakte er met een sjofele regenjas een TV-typetje van en ene Henri van Leeuwen bereikte als verklede waaghals enige faam met zijn boek 'Zwerver in Parijs. Hoe ik leefde als chemineau en clochard' (Uitgeverij Contact, Amsterdam-Antwerpen, 1952). Van Leeuwen maakte er zelfs een 'one man show' van, rondtrekkend trekkend door Nederland. De boeken 'Zwerver in Marseille' en 'Zwerver in Marokko' volgden ook nog. 't Kan verkeren.


Coll. 'de Franse verleiding'

Guide Officiel du Syndicat d'Initatives - ESSI - de la Côte d'Amour et de la Presqu'île Guérandaise, ca. 1954 gedateerd.

't Kan verkeren, want nu helaas zullen vele 'zuiver op de graad'-wezenden dit fraaie, als bevrijdend bedoelde beeld, aanstotend vinden.


Coll. 'de Franse verleiding'

De Nederlandse journalist en schrijver H.J.A. Hofland was één van die weinige beschouwers die niet alleen de veranderende tijdgeest aanvoelde, maar het ook onder woorden bracht en veelal zonder hoogdravend te doen, eerder zich met verwondering zich het één en ander afvragend. En, eerlijk is eerlijk, vaak voordat bijvoorbeeld Franse en Amerikaanse filosofen er hele boekenplanken over gingen volschrijven; 'conceptueel' dan, over 'modernisme' en over 'postmodernité'.

H.J.A. Hofland, Geen tijd. Op zoek naar oorzaken en gevolgen van het moderne tijdgebrek.In 1955 al!


Diederik Stevens, Hoogtij langs de Seine. Nederlandse schrijvers en kunstenaars in Parijs. Amsterdam / Antwerpen, Uitgeverij Atlas, 2012.

Coll. 'de Franse verleiding'


Van Ed van der Elsken zijn fotoreeks 'Een liefdesgeschiedenis in Saint-Germain-des-Prés' uit 1956. Over de 'ontvangst' in Nederland valt veel te verhalen, o.a. dat een scribent in het toen nog christelijke Vrij Nederland het 'een ziek werk' vond. Over 'perceptie' gesproken.

Coll. 'de Franse verleiding'


Een kleine gidsje voor het rijden over Franse plattelandswegen uit 1954, rijkelijk geïllustreerd met zwart-wit foto's van een samenleving die nog in de overgang zat van paard naar automobiel. Breed uitstekende landbouwtractoren, schapenkudden en koeien konden, zo blijkt uit de foto's, tot de meest rampzalige ongelukken leidden.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Josepha Mendels (1902-1995) woonde en schreef vanaf 1936 tot aan 1992 'in en vanuit' Parijs. Edoch met een lange onderbreking, vanwege 'de' oorlog. Daarvan hier een summiere Wikipedia-verslaglegging:
"Op 10 mei 1940 kreeg ze te horen dat ze niet meer onder haar eigen (joodse) naam mocht schrijven. Dat weigerde ze dus, ze stopte met werken. Ze zorgde voor valse identiteitspapieren en vertrok naar onbezet Frankrijk. Op 7 november 1942 bereikte zij Perpignan en ondanks de koude begon zij aan de tocht over de Pyreneeën. De passeur bleek geen goede bedoelingen te hebben en beroofde haar van alles, inclusief het manuscript van haar eerste roman. Bij aankomst in Spanje werd ze gearresteerd en naar de gevangenis van Figueres gebracht. Op 15 januari 1943 werd ze weer vrijgelaten, zodat ze de reis kon voortzetten, nu legaal, en Madrid bereikte. Daar moest ze op een visum wachten, maar al in mei 1943 mocht ze door naar Lissabon. Op 11 juni 1943 vloog ze naar Engeland. (-) Ze kreeg een baan in Stratton House. Op de Franse afdeling van de Inlichtingendienst moest zij berichten afluisteren.
Eenmaal terug in vrij Parijs schreef Joespha Mendels tal van romans, voor een goed deel 'Parijs ingegegeven' en zelfs, lang voor Wina Born, ook een Nederlands kookboekje 'à la française': Josepha Mendel, Bon appétit. Frans koken in de Lage Landen. A.W. Bruna & Zoon, Utrecht,1954.


Coll. 'de Franse verleiding'

Na 'Clochemerle' heeftde latere hoogleraar sociaal-economische geschiedenis Henri Baudet mede bijgedragen aan de in Nederland groeiende fascinatie met het Franse dorp. Gedurende de jaren 1953 en 1954 woonde hij in het Noord-Franse dorpje Saint-Soupplets, niet ver van Parijs en richting de Champagne. Hij zette zijn indrukken op papier, met als resultaat het in 1955 verschenen boek 'Mijn dorp in Frankrijk'. En het werd een klassieker. De dorpsschets beleefde maar liefst zeven herdrukken, waarvan de laatste in 1984. In 1991 verscheen nog zelfs een Franse vertaling met een voorwoord van nota bene de Franse cultuurhistoricus Emmanuel Le Roy Ladurie, bekend van zijn 'Boeren in de Languedoc' uit 1969 en van zijn 'Montaillou. Een ketters dorp in de Pyreneeën, 1294-1324' uit 1975 en dat na de vertaling in het Nederlands in 1984 in de Lage Landen zelfs een bestseller werd. Inmiddels zijn de Nederlandse lieve Franse plattelandsboekjes niet meer op de vingers van twee handen te tellen.



Coll. 'de Franse verleiding'

In 1956, eigenlijk na eeuwen pas, verscheen weer eens een omvattend en niet zozeer toeristisch portret van de hand van Dr. W.J. Schuyt: 'Frankrijk. Land - Volk - Cultuur'. Tot aan het eind van de jaren '60 verschenen er vele drukken van, 'omgewerkte en uitgebreid', en telkens met een andere, Frankrijk typerend omslag.


Coll. 'de Franse verleiding'

H.J. Peppink, Veredelde Rijkunst & Op Reis Met Uw Auto. A.N.W.B. & Ad.M.C. Stolk, Zuid-Holl. Uitgevers Mij, 1956.

Hoofdstuk 12 - Buitenlands druk stadsverkeer' heeft als eerste deel 'In Parijs ... zèlf aan 't Autostuur?'

Na tal van waarschuwingen volgt ergens in de tekst: "Het zal u waarlijk meevallen en inééns herkent u een of ander 'monument' ... bijvoorbeeld de Opéra. Dan weet u zeker, dat u in het hartje van de binnenstad bent. Dan is 'het ijs gebroken', dan vindt u verder uw weg ook wel. Dan gaat u trots naar bed in de overtuiging dat het Parijse verkeer waarlijk niet zo griezelig is, als u gedacht had."

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Veelal werd in de jaren '50 de auto de hemel in geprezen. 't Stond voor een nieuw verworven vrijheid die voor steeds meer mensen binnen bereik kwam. Maar er waren, toen al, ook tegengeluiden. Lees mee:

DE AUTOMOBIEL
WERELDPLAAG
De voetgangers opgeofferd
Duizenden personen gedood
honderduizenden gewond
door de auto ieder jaar.

Moeten we niet het verkeer van de
eigen wagen verbieden in de steden?


Maar om in die tijd van 'Veredelde rijkunst' met je portomonee de grens te passeren was een heel gehannes. Hier een Toeristen-Deviezenboekje, deze stamt uit 1952, waarin aangetekend diende te worden met hoeveel geld je de grens overstak en op de terugweg wederom aangeven met hoeveel geld je Nederland weer binnenkwam. Hoe de douanes dat controleerden? In ieder geval, zo blijkt, werd er door hen afgestempeld. Dat waren voor de gewone man en vrouw nog eens andere tijden dan nu met euro en offshore-banking! Hoe lang die registratieplicht heeft bestaan valt voor mij tot nu toe helaas nog niet precies te achterhalen; maar een musembezoeker sprak van tot het begin van de jaren '60.


Coll. 'de Franse verleiding'

De grensovergang 'Wernhout' tussen Nederland en België rond 1950, dat we nu kennen als 'Meer', of ook wel 'Hazeldonk-Meer'.

En let op wat er qua internationale, toeristische grensoverschrijdingen de laatste 70 jaar bij benadering is gebeurd. Nogmaals, wereldwijd dus:

1950 ------ 25.000.000
1960 ------ 80.000.000
1965 ----- 110.000.000
1970 ----- 170.000.000
1975 ----- 200.000.000
1980 ----- 245.000.000
1985 ----- 300.000.000
1990 ----- 410.000.000
1995 ----- 470.000.000
2000 ----- 690.000.000
2005 ----- 800.000.000
2012 --- 1.000.000.000
2018 --- 1.400.000.000


Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Waren de eerste blauw-kartonlinnen Michelin-reisgidsen vanaf 1917 reeds macaber genoeg gewijd aan de tientallen slagvelden in Noord-Frankrijk, begin jaren '20 begon het met het uitgeven van regionale gidsen, rood-gekartonlinnen met geel-bruine stofomslag waarvan de meeste de tand des tijds niet hebben doorstaan. Vanaf 1939 starte Michelin met de langwerpig groene 'Guide du Pneu Michelin', die vervolgens door haar lange leven heen 'guide vert' genoemd werd, de groene gids, een geduchte concurrent van 'Les Guides Bleus'. Hier een eerste uitgave van 'Chateaux de la Loire' voor het seizoen 1954-55. Curieus staat rechstboven een stempeltje met de mededelig dat verkoop exclusief binnen Frankrijk was toegestaan; export was verboden. Gedurende de daaropvolgende decennia veranderde de groene Michelingids van vormgeving en inhoud: historische informatie werd ingedikt en er werden aanbevelingen opgenomen voor hôtels en restaurants. Nu er maar van uitgaan dat het geen vetbetaalde 'advertorials' betreft ... .


Coll. 'de Franse verleiding'

Een verdraaid handig klein wegenmapje uit 1955 met 'Les Grandes Routes de France'.
'Guide offert par la B.N.C.I.', de 'Banque Nationale pour la Commerce et l'Industrie',
toen een heel grote bank met talloze vestigingen en die werden natuurlijk op de kleine kaartjes met een symbooltje plus adres aangegeven. 't Ging in die tijd alleen nog maar om de Routes Nationales, maar tijd verglijdt, voor de B.N.C.I. en voor de Routes Nationales. Vanaf begin jaren '60 werd begonnen met de aanleg van de autoroutes en voor de B.N.C.I. was ook het uur 'U' aangebroken. Ook tegenwoordig is de Staat in de Franse economie nog zeer machtig, 't draait vooral door een gedeelde opleiding aan elitescholen om een relatief kleine groep van 'ons kent ons' en die met het grootste gemak heen en weer springen tussen 'publiek' en 'privaat'. En zo decreteerde 'le ministre des Finances' Michel Debré in 1966 dat een paar banken dienden te worden samengesmeed tot de Banque national de Paris (BNP), waaronder de B.N.C.I..


Een fleurige folder, uitgegeven door hotelliers, betreffende de tweebaans Route Nationale 7 waarop nu met zoveel nostalgie wordt teruggekeken. Er bestaat inmiddels zelfs een 'glossy' over die fameuze N7 van ooit.

Coll. 'de Franse verleiding'



Coll. 'de Franse verleiding'

Halverwege de jaren '50 beschikten de uitgevers nog steeds niet echt over de middelen om foto-albums in kleur op de markt te brengen, 't bleef vooralsnog bij zwart-wit, zoals hier met 'Vrouwen van Parijs' met tekst van André Maurois en, daar ging het natuurlijk om, foto's van de toen zo bekende fotogaaf Nico Jesse, die van vak eigenlijk huisdokter was. 't Album werd in 1954 uitgegeven door A.W. Bruna & Zoon, een uitgeverij welke een overduidelijke band koesterde met Frankrijk.


Coll. 'de Franse verleiding'

Jan Brusse met foto's van Daniel Frasnay, 'Nachten in Parijs'. Utrecht, A.W. Bruna & Zoon, Zwarte Beertjes 101/102, 1957.


In de reeks piepkleine en summiere 'Kosmos Reisgidsen' kwamen talloze Westeuropese bestemmingen aan bod en natuurlijk ook Parijs, in 1956. Ze werden uitgegeven in samenwerking met de Nederlandsche Reisvereeniging. Dit is wat de auteur J.P. Doedens onder andere schreef over de Parijse Hallen:

"Trek vooral niet uw mooiste keren aan, want u zult nog al eens opzijgeduwd worden door volgeladen transportwagentjes of bijna onder de voet gelopen worden door 'les forts des Halles', die gekromd onder hun centenaarslasten zich zoonodig op hardhandige wijze een weg banen door het gedrang. Nog een soort bezoeker zult u er aantreffen. Het zijn de zwervers van Parijs, de clochards die hun lugubere nachtverblijven in duistere portalen en onder de bruggen van de Seine verlaten hebben om te zien of er nog iets van hun gading is. Daar zitten twee van die lompenridders. Ze hebben zich mester gemaakt van een groot weggeworpen bot en schrapen nu met een roestig mes de resten vlees er af, die ze ter plekke plaatse broederlijk consumeren. Ook dat is Parijs! De finishing touch van uw bezoek is dan een bord traditionele uiensoep in zo'n onooglijk restaurantje temidden van de dagelijkse werkers der Hallen."

Dit nu bleef nog lange tijd één van de vele clichés aangaande Parijs.


G. van der Weyde e.a., Onder de luifel. Kampeer technisch handboek. Den Haag, ANWB, 1956.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

G. van der Weijde, Auto-kamperen. Koninklijke Nederlandsche Toeristenbond A.N.W.B., 2-de druk, 1957.

Rond 1900 verschenen er tal van semi-wetenschappelijke verhandelingen over het fietsen en daarna het autorijden. In de dertiger jaren volgden handleidingen om 'op bivak' te gaan. Met de groeiende na-oorlogse welvaart kwamen tal van instructieboekjes op de markt over de techniek van het autorijden, kamperen en kennelijk dus ook over het 'auto-kamperen'. 't Bevatte aparte verhandelingen over 'de tent' en over de vraag van een 'dubbel- ofenkeldakstent', 'de dwarsslapers' en, toen al, 'de pneumatische tent', over 'het slapen en matrassen', over 'En wat kost 't nu allemaal' tot en met de 'Paperasserij'.


Coll. 'de Franse verleiding'

Zo van halverwege de jaren '50 kwamen de Nederlanders danig in beweging en het bleef niet bij een zondagje 'bermtoerisme': een zitje maken langs de snelweg en maar wezenloos staren naar de stoet van gemiddeld nieuwe auto's die voorbij kwamen sjesen. Waarheen? Het aantal vrije dagen nam toe en steeds meer ging men 'op vakantie'. Ondanks de voor hedendaagse begrippen piepkleine rotonde Ouderijn bij Utrecht was het ook toen al op hoogtijdagen 'file' geblazen en de journalist-schrijver- columnist (1927-2016) bekeek het allemaal met enige verbazing aan en publiceerde er in 1957 prompt een boek over. Al eerder zoals u zag had hij over beweging en tijd een essay geschreven, 'Geen tijd (op zoek naar oorzaken en gevolgen van het moderne tijdgebrek)', in 1955 verschenen bij Uitgeverij Scheltema en Holkema.

Zijn 'Vakantie' had als lange ondertitel: 'Over zakelijk en onzakelijke kanten van de moderne volksverhuizing' en de tekst op de binnenflap gaf een beeld van de tijdgeest van toen:

"De journalist Hofland, als schrijver bekend geworden door zijn vermaarde boekje Geen tijd (drie drukken in drie maanden), heeft zich, hoe kan het anders, geworpen op het vakantiewezen en schreef daarover de studie die u in handen houdt.
Waarom gaat men op vakantie? Waarschijnlijk zijn er honderden redenen te geven, maar één daarvan ligt aan alle andere ten grondslag. Met gaat met vakantie omdat men geen lust meer heeft tot werken en eindelijk de kans krijgt, aan de uitputtende banaliteit van het dagelijkse leven te ontsnappen. Het is een reden die over het algemeen niet als geheel respectabel wordt beschouwd. Want in onze beschaving adelt de arbeid, is ledigheid des duivels oorkussen, prijst men de nijvere bijen en gaat men tot de mieren om wijs te worden.
De hedendaagse maatschappij vertoont talrijke ongerijmde aspecten; het vakantiewezen behoort daartoe. Velen komen doodmoe van vakantie terug, dat ze dringend vakantie nodig hebben: de ogen nog tuitend, de longen vol gassen en dazmpen. Hier is iets mis, en Hofland ontrafelt het op de hem eigen hoogst onderhoudende; doch tegelijk zeer informatieve wijze."


Coll. 'de Franse verleiding'

Voor kampeerders en autorijders zag de A.N.W.B er wel brood in om 'echte' gidsen te publiceren, maar voor Frankrijk, haar platteland dan? Nee dus en het bleef bij duimelige mapjes samengehouden door twee nietjes en duidelijk met een schrijfmachine op stencilpapier getypt. Frankrijk? En de Auvergne in 1958? Opmerkelijk genoeg was Duitsland, in weerwil van de Nazi-bezetting, toch de belangrijkste buitenlandse vakantiebestemming voor de Nederlanders .... .


Coll. 'de Franse verleiding'

A.W. Bruna & Zoon te Utrecht was in deze jaren mede een echt op Frankrijk gerichte uitgeverij en onvolprezen was hun pocketreeks 'Zwarte Beertjes' met de nu klassieke omslagontwerpen van Dick Bruna. Hier de Zwarte Beertjes n° 143: Georges Simenon, 'Maigret op reis' uit 1958.
De Maigret-verhalen van Simenon plus de vele tv-uitzendingen met Jean Gabin als Commisaire in de hoofdrol vormden in die tijd voor vele Nederlanders de eerste kennismaking met Frankrijk. Mijn vader was er gek op en uiteindelijk ook ik. Voor mij was het een eerste bewustwording van het gegeven dat mensen kennelijk raar in elkaar kunnen steken ... .



Coll. 'de Franse verleiding'

Bibeb in Parijs. Utrecht, A. W. Bruna & Zoon, Zwarte Beertjes, 1957. (Omslag Dick Bruna)

Bibeb, een pseudoniem, was in de tweede helft van de vorige eeuw als journaliste een begrip. Met name werd zij bekend als interviewster, zij was een beetje de uitvindster van het zogenaamde 'diepte-interview': voorheen werd er niet zo doorgevraagd. Haar interviews die vooral in Vrij Nederland verschenen, toen nog een weekblad, werden gebundeld uitgegeven in de overbekende Zwarte Beertjes-pockets en ze was zeker niet alleen in Parijs en aan de Rivièra aan de slag geweest. Bibeb (1914-2010) meed of schuwde de publiciteit, heeft zichzelf nimmer laten interviewen en kreeg daarmee iets mysterieus.


Coll. 'de Franse verleiding'

Bibeb aan de Rivièra. Utrecht, A.W. Bruna & Zoon, Zwarte Beertjes 447, 1961. (Omslag Dick Bruna).


Coll. 'de Franse verleiding'

Voor ieder wat wils werd er geschreven, voor meisjes en ook voor jongens, want Pim Pandoer zette Parijs natuurlijk op stelten!
Hier van Cok Grashoff, De reis van hun leven! (Roman voor oudere meisjes) in 1958 uitgegeven door Uitgeverij Kluitman in Alkmaar.


Ook voor de volwassen vrouw werd er wat afgeschreven over Parijs.

Hier van Hans van Haefte, Folies Bergère. Amsterdam, A.J.G. Strengholt's Uitgeversmaatschappij, 1961.

Coll. 'de Franse verleiding'

En daar liet ze het niet bij, want tevens van haar hand verschenen 'Place Pigale' (1961) en 'Hotel Montmartre' (1962), beide ook uitgegeven door A.J.G. Strengholt's Uitgeversmaatschappij te Amsterdam.


Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'


De Franse uitgeverij Arthaud (Parijs en Grenoble) begon al aan het begin van de jaren '20 met het uitgeven van prachtige foto-albums en dekte daarmee zo goed als heel Frankrijk. De fotografie was in fraaie grijs, zwart en witte tonen. Vele decennia gingen ze mee, zoals hier nog een proeve uit 1960.
De Amsterdamse 'Drukkerij en Uitgeverij J. H. de Bussy' bood in de jaren '20 daarvan Nederlandstalige versies, zoals van P. Devoluy & P. Borel 'In het rijk der zonneschijn. De Fransche Rivièra' in 1924 en bijvoorbeeld in 1925 van Henri Ferrand 'Grenoble en de Alpen van Dauphiné'. Het spreekt voor zich dat die prachtwerken vooranemelijk aangeschaft werden door de Nederlands maatschappelijke bovenlaag.


Coll. 'de Franse verleiding'

De rol van Montmartre van het 'Fin du Siècle' en 'La Belle Epoque' was tijdens 'Les Années Folles' inmiddels verschoven naar Montparnasse en na de Tweede Wereldoorlog, tijdens de beginjaren van 'Les Trente Glorieuses', overgenomen door het Quartier Latin. Toch bleef Montmartre een toeristische trekpleister van jewelst getuige het liefdevolle portret van Rits Kruissink, 'Montmarte van Tempel tot tingeltangel' uit 1960. Lees mee:
"Montmartre, zo heet de hoed van Parijs. Het is een rare hoed, waar moeder Parijs zich vaak wat verlegen mee voelt - een opvallende hoed met een hoge bol van oude, in wezen wel degelijke, echter hier en daar lelijk verschoten stof en een, in het oog lopende, witte pluim. Maar de rand .... oh! la! la! .... die oer-ondegelijke, golvende, klatergouden rand .... die toch ook wel weer bij die bol hoort.
De bol, dat is de Butte, de 128 meter hoge heuvel, die het Parijs van de rive-droite beheerst, zoas de Eiffeltoten dat het stadsdeel van de rive-gauche doet.
De pluim, dat is de Sacré-Coeur, het meesterstuk van suikerbakkerskunst, waarmee de heuvel in het laatst der vorihge eeuw werd 'versierd'.
De rand, dat zjn de brede, dag en nacht lawaaierige, buitenboulevards: de boulevards Rochechourt en de Clichy."


Coll. 'de Franse verleiding'

Stemmen uit Lourdes. Jaargang 39 - Aflevering 6 - Juli 1961-Juli 1962.

Het avondgebed dat via de krakende intercom door de trein klinkt terwijl de zon zakt boven Frankrijk: pelgrims die op 11 september 2016, op de bedevaarttrein naar Lourdes stapten beleefden dat voor de laatste keer. In 1883 vertrok de eerste Nederlandse trein naar Lourdes vanuit Maastricht.


Coll. 'de Franse verleiding'

Nogal wat BN-ers lieten zich door Franse merken fêteren en betalen natuurlijk ook: Jan Brusse voor en door o.a. Joseph Guy, Rijk de Gooijer voor en door Boursin, de fotograaf Jan van Keulen voor en door Peugeot en deed Johan Cruijff niet zijn best voor Citroën? Ook met zijn 'Een avondjurk op de achterbank ... naar het Filmfestival in Cannes met de 2cv van Jan Blokker' uit 1962 was deze schrijver/columnist in goede handen.


Coll. 'de Franse verleiding'

Dat lijkt veelbelovend, 80 naturistenfoto's, maar afgezien van ontblote vrouwenborsten is deze 'revue naturiste internationale' uiterst preuts: er valt geen geslachtsdeel te bekennen. Ofwel ontrekt het zich aan de lens door bijvoorbeeld een opgetrokken been, ofwel man of vrouw - indien frontaal gefotografeerd - draagt een verhullende string ....


Coll. 'de Franse verleiding'

Wat zou ik dit u op waar formaat willen tonen en doen doorbladeren, want het gaat om een groot fotoalbum Parijs en weer van Nico Jesse, uit 1962 en uitgegeven door Elsevier en voorzien van een voorwoord van de hand van Jean Cocteau.
De binnenflap verhaalt:
"Nico Jesse, de bekende arts-fotograaf, wiens fotoboeken een begrip zijn geworden, heeft als een modern tovenaar alle facetten van deze verrukkelijke stad weten te vangen en vast te leggen. In meer dan vijfhonderd meesterlijke foto's - wisselend van groots, speels en teder tot rauw en voor ons begrip onwerkelijk - toont Nico Jesse in dit nieuwe boek het gezicht van Parijs, zoals het werkelijk is en zoals weinigen het kennen. Dit is Parijs!"


Coll. 'de Franse verleiding'

Maar het tij begon te keren en Nederlandse uitgevers durfde het aan om niet meer alleen over Parijs en de Franse Rivièra boeken uit te geven, maar ook over andere streken van Frankrijk. Toegegeven, in 1961 durfde de uitgever Allert de Lange van de toen alom bekende Dr. L. van Egeraat 'Tien Franse toeristenwegen' uit te geven, maar in 1962 kwam Uitgeverij Servire met 'Op zoek naar de Dordogne' van Marinus Schroevers, in 1971 heruitgegeven met als titel 'Het oudste Frankrijk. Een reisboek over het land van de Dordogne'. Het buitenlandse reizen neemt aanzienlijk toe en Frankrijk raakt onder de Nederlanders steeds meer in trek.



Coll. 'de Franse verleiding'

En jawel, hier van de van radio en televisie toen bekende Dr. L. van Egeraat (een uiterst interessant profiel trouwens) een stevige gids over de Fanse Auvergne met Dordogne en Gorges du Tarn, in 1961 uitgegeven door die Allert de lange.


Dit gidsje voor de Zuidfranse 'terroirs' Corbières en Minervois dateert van 1962. 't Valt waarschijnlijk niet meer zijn te achterhalen, maar weinig Nederlanders zullen in die tijd in de streek geweest zullen zijn. 158? Nu zijn het er tienduizenden ... .

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Uit 1963 en dat was handzamer en zag er vrolijker uit dan dat dikke donkerbruin-rode

Werckenrath
Dory
Frans
Woordenboek
II
Nederlands-
Frans.

van J. B. Wolters.


Coll. 'de Franse verleiding'

Dr. A. Alberts, De Franse Slag.
Zo maar wat ongewone en openhartige herinneringen van een Nederlander in Franse Staatsdienst. Amsterdam H. J. Paris, 1963.


Coll. 'de Franse verleiding'

Hubrecht Duyker was onvermoeibaar wat betreft het introduceren van wijn drinken in Nederland, met Jan Brusse overigens die ook nog eens de cognac van Joseph Guy voor zijn rekening nam en Wina Born maakte naam met het wederom introduceren van de Franse keuken, maar dan voor 'Jan en alleman': immers, hogere kringen wisten niet beter.
Edoch, Robert J. Courtine, 'de echte Franse keuken' uit 1963, wederom uitgegeven door de francofiele uitgeverij A. W. Bruna & Zoon in Utrecht, werd een regelrechte bestseller. Met die pocket raakte de Nederlandse huisvrouw - zo was dat in die tijd nog, haar plaats was nog de aanrecht na eventueel de hele dag typewerk verricht te hebben - maar goed, de Nederlanders raakten heel geleidelijk gewend aan teentjes knoflook, een 'bouquet garni', ragoût, artisjokbodems, koriander, een vleugje thijm, een scheutje Chablis en ook basilicum .....


Coll. 'de Franse verleiding'

Wijnhandel Ferwerda & Tielman, Haarlem.
Uitgave van de Stichting Wijnpropaganda.


Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Deze foto doet me denken aan ons jaarlijks uitstapje naar de Amsterdamse Auto-RAI, zo in de jaren '50. We keken onze ogen uit, want Pap moest het eerst nog doen met een Kever, maar een grotere Opel volgde en toen een Peugeot 403, een diesel waar het starten tijd nam. Je stak wel de sleutel in het stuurslot, maar gaf die een eerst knik. Toen moest je heel geduldig wachten en turen voordat links onder het dahboard achter een rond gaasje op een stangetje rood opgloeide. Pas dan kon er gestart worden. Zie hier de explosieve groei van het autobezit in Frankrijk vanaf 1900 ... .

Date------------------- Nombre
1er janvier 2018------- 39.502.000
1er janvier 2017------- 39 140 000
1er janvier 2016------- 38 852 000
1er janvier 2015------- 38 408 000
1er janvier 2014------- 38 200 000
1er janvier 2013------- 38 138 000
1er janvier 2012------- 38 060 000
1er janvier 2011------- 37 744 000
1er janvier 2010------- 37 438 000
1er janvier 2009------- 37 212 000
1er janvier 2008------- 37 033 000
1er janvier 2007------- 36 661 000
1er janvier 2006------- 36 298 000
1er janvier 2005------- 36 039 000
1er janvier 2004------- 35 628 000
1er janvier 2003------- 35 144 000
1er janvier 2002------- 34 597 000
1er janvier 2001------- 33 819 000
1er janvier 2000------- 33 090 000
1er janvier 1995------- 30 040 000
1er janvier 1990------- 27 758 000
1er janvier 1985------- 24 110 000
1er janvier 1980------- 20 990 000
1er janvier 1970------- 13 710 000
1er janvier 1960------- 6 240 000
1er janvier 1950------- 2 310 000
1er janvier 1940------- 1 900 000
1er janvier 1930------- 1 400 000
1er janvier 1920------- 330 000
1er janvier 1910------- 53 000
1er janvier 1900------- 1 672


Nancy Mitford, Snobismes et voyages. Paris, Stock, 1964.


Coll. 'de Franse verleiding'

Uit een tijd dat nog niet, hoog uit de lucht geregisteerd, het peleton van de Franse Tour de France met prachtige vergezichten op al die afwisselende Franse landschappen werd uitgezonden; men zat nog aan de radio gekluisterd, met de stem van Jan Cottaar.

'Finish in Parijs.
De veelbewogen geschiedenis van de Ronde van Frankrijk'.
Door Jan Cottaar (1965).


Vakantiekolonies? Bestaan ze nog? Hier een uit 1966 daterend aantekenboekje van een begeleider: 16e édition -180e mille.

Coll. 'de Franse verleiding'


Paul E. Ehrlich, The Population Bomb, 1968.

En wat zien we?

Wereldbevolkingsgroei in miljoenen en miljarden:

1750 = 791
1800 = 978
1850 = 1.262
1900 = 1.650
1950 = 2.521
1999 = 5.978
2020 = 7,795
2050 = 8.909
2150 = 9.746


Coll. 'de Franse verleiding'

Hoe vergangkelijk is de tijd, want 't merendeel van minstens twee generaties zegt La Courtine niets meer. En toch, tussen vanaf 1959 tot en met 1970, oefenden daar tussen keien en rotspartijen 'onze jongens' van de Koninklijke Landmacht voor een mogelijke aanstaand gevecht met die communistische Russen. La Courtine ligt op de noordwestelijke kant van het woeste Franse Centrale Massief op zo' 750 meter hoogte en dààr, daar kon onze Veluwe en haar hoogste punt 'Signaal Imbosch' met haar 109,9 metertjes uiteraard niet aan tippen. Iedere zondag, na de middagsoep meen ik, op de radio eerst het 'De toestand in de wereld(-praatje van G.B.J. Hiltermann, en dan volgde een uitzending waarin onze onverschrokken soldaten uit dat 'verre vreemde' de groeten deden aan hun geliefden en naasten in de Lage Landen. Als de dag van gister herinner ik me die zondagssfeer nog met mijn ellendig knellende vlinderstrikje om. Dat was kennelijk de training voor mijn aanstaande gevecht met de samenleving.

Op de achterflap van het boek uit 2009, geschreven door Henk Povée, de volgende inlevende woorden:
"Tuussen 1959 en 1970 zijn naar schatting 100.000 Nederlandse dienstplichtigen op oefening geweest naar de Franse legerplaats La Courtine. Voor bijna iedereen was het hun eerste kennismaking met het buitenland. Drie dagen hobbelen in de laadbak van een 'dikke DAF', in colonnes van 80 kilometer lengte die niet harder mochten dan 50, en dan aankomen in een legerplaats die dringend aan een schrobbeurt toe was.
Toch denken velen van hen nog altijd met veel nostalgie terug aan hun eerste confrontatie met stokbrood, hurk-wc's, haarspeldbochten en knoflookworst. Je dronk uit armoe 'vin blanc au citron'. En voor thuis kocht je zo'n blauwe fles Soir de Paris of de eerste koffiemolen van Moulinex. Ria Valk, Rita Corita en het Cocktail Trio werden ingevlogen om je te vermaken. Ook deed je mee aan sigarenrookwedstrijden georganiseerd door de dienst.
Maar het is ook wel eens heftig geweest, toen er doden vielen tijdens de oefeningen, of toen in 1960 de halve regio onder water liep. Maar vooral toen in 1962, bij de Cubacrisis, bijna een kernoorlog uitbrak tussen Amerikanen en Russen, terwijl een groot deel van het Nederlandse leger duizend kilometer ver in Frankrijk zat, en een ander deel aan de andere kant van de wereld, om Nieuw-Guinea te behouden. Dat zijn toch onvergetelijke tijden geweest voor al die 'fillers' en 'ouwe stompen' van toen."

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Eén van de vele inzetten van de toeristenindustrie is .... 'de verlenging van het seizoen'.
Dit is er een voorbeeld van. Met de Eerste Wereldoorlog kwam er aan de Côte d'Azur een einde aan het overwinteringstoerisme en na die wereldoorlog waren het vooral Amerikaanse miljonairskinderen die daar het zomertoerisme introduceerde, het zonnebaden ook, de zwemshorts en ga zo maar door.
Maar wat is er mooier voor de toeristriëlen om het hele jaar 'door te draaien'.

Zie hier een veelzeggende brochure uit 1966:

L'Ete sur les plages
L'Hiver au soleil ...
sous les palmiers.


Zuidwaarts rijdend op de Autoroute du Soleil is het bij Orange een fundamenteel kiezen. Links houden betekent Provence en Côte d'Azur of slaan we rechtsaf naar de Languedoc en wellicht nog wel verder, naar Spanje? Rechtsaf betekent 'La Languedocienne', later tot A9 bestempeld. Het eerste deel tot Montpellier, eigenlijk een makkie met de rest van het traject, kwam eind 1967 gereed, maar daarna werd het veel meer een kwestie van afgraven, uithakken en ophopen. Ge-asfalteerd tot Narbonne duurde tot 1975 maar liefst en dan werd het weer een kwestie van Route Nationale. Uiteindelijk werd in 1978 bij Le Perthus de grens met Spanje bereikt.


Deze foto is van de ooit alom bekende Nederlandse fotograaf Kees Scherer van wiens werk nog steeds retrospectieven worden georganiseerd, zoals in 1998 nog 'Kees Scherer. Het Parijs van de vijftiger jaren'.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

De internationale uitstraling van Parijs kent qua beeld, qua 'image' - 'op z'n ingewikkelds' heet zoiets 'semiologisch' - een vaste kern, ijzersterk en onverwoestbaar, maar de verbeeldende representatie mag nog wel eens wisselen. Zo 'verzinnelijkte' Parijs zich op het kruispunt van de jaren '50 / '60 vooral met ballonnen, zoals hier op de omslag van het 'Toeristisch Maandblad' REIZEN, jaargang 8, nr.5, augustus 1965.
Maar ooit overheerste bijvoorbeeld 'la Place du Têtre' of ook 'les Apaches, dat waren gewoon ongure straatrovers, veelal afgebeeld met een rood sjaaltje.

Ik weet niet of er in Nederland, afgezien van 'de Kampioen', nog 'algemene' reistijdschriften bestaan. Immers 'destination marketing' houdt uitgevers ook in de greep en 't zou me niets verbazen dat er een Nederlandse 'glossy' bestaat die gewijd is aan Thailand.
In Nederland zijn minstens 4 'glossies' aan Frankrijk gewijd: 'En Route', 'Leven in Frankrijk', 'Maison en France' en Côte & Provence. En ik zie, geen 'glossies' wellicht, over het hoofd de soms fraai uitgegeven bladen van de vele 'Hollandse' verenigingen in tal van Franse regio, zoals bijvoorbeeld NieuwsNed van de Nederlandse Vereniging Languedoc-Roussillon (NVLR).

Voor mijn Franse museumbezoekers is dit gegeven domweg niet behapbaar, niet vatbaar. Nee, Frankrijk komt om in Franse 'glossies' gewijd aan 'hun' Franse regio. Wel zijn er Franse bladen gewijd aan Afrika, tenslotte een deel van 'la francophonie'.En er bestaan naar ik meen twee onregelmatig verschijnende glossies gewijd aan 'les Etats-Unies' waar de Fransen immer mee in de clinch liggen: je hebt lezers die gefascineerd zijn door New York, Calfornia en uiteraard Sillicon Valley en je hebt lezers waarvoor het 'uitbundige' Amerika vrees inboezemt.


Met de toenemende welvaart en haar voor die tijd 'uitspattingen', nog voor de Parijse Mei '68-revolte, voelde de Franse observator Guy Debord de tijd goed aan en publiceerde in 1967 het opmerkelijke 'La Société du Spectacle'. Maar 'spektakel' is in wezen van alle tijden geweest en zo ontdekte ik kort geleden het 'Histoire des Spectacles', onderdeel van de prestigieuze Franse reeks 'La Pléiade' en in 1981 uitgegeven door Gallimard.


Ben J. Kuyper, Koken in de vakantie voor tenten, caravans en zomerhuisjes. (1968)

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'


De Parijse revolte werd door velen gezien als de aanloop van een revolutie en ook in Nederland werd er veel over gepubliceerd. Let op de titel die Cees Nooteboom aan zijn '68-impressies meegaf.

Coll. 'de Franse verleiding'


Een folder uit 1971 verspreidt door de SNCF, de Franse staatsspoorwegen. Nu zou het je nagenoeg niet meer lukken, dat 'Om Frankrijk te zien', want heel veel regionale en zeker nagenoeg alle lokale treinverbindingen zijn inmiddels opgedoekt en dat begon al tijdens het begin van de vorige eeuw. En waarom? Juist: de opmars van de auto en de minder bedeelden hadden letterlijk het nakijken.

Coll. 'de Franse verleiding'


't Nakijken hebben. Zou dat ook niet voor dit gelden?

Coll. 'de Franse verleiding'

Het Nederlandse reizen zat deze jaren in de lift en dit veelbelovende boekje uit circa 1972 was al de zevende druk. In dat 'te leren lezen, te spreken en te verstaan' zit nu net de kneep: je 'leert te leren'. Da's lang niet zo slecht nog niet, maar het Frans echt goed te spreken, goed te verstaan en goed te lezen, en dàt binnen een maand, da's voor mensen die niet meer in hun kinderschoentjes staan echt een illusie.


Coll. 'de Franse verleiding'

1972
'Roc-Amadour'
'2e Site de France'.

Hier is natuurlijk sprake van nogal wat zelfoverschatting.


Mathieu Smedts, Leven als God in Frankrijk. Baarn Het Wereldvenster, 1972.

Coll. 'de Franse verleiding'


Tussen 1852 en 1870 werden in 't hartje van Parijs naar ontwerp van Henri Baltard tien markthallen van gietijzer en glas opgetrokken, 'De Buik van Parijs' zoals Emile Zola het noemde, en wat dramatische was de sloop tussen 1971 en 1973 tijdens het regime van de 'modernistische' president Georges Pompidou, ook al schuldig aan de foeilelijke Tour Montparnasse.

Coll. 'de Franse verleiding'


Jan Brusse, 1921-1996.

Coll. 'de Franse verleiding'

Vanaf 1950 verschenen er van de hand van Jan Brusse tal van edities van zijn 'Gids voor Parijs'uitgegeven door wijlen Uitgeverij Allert de Lange. A.W. Bruna & Zoon gaf uiteraard ook boeken uit van Jan Brusse, maar dan - eindelijk - na exact 25 jaar na zijn vestiging in Parijs begon Holkema & Warendorf vanaf 1973 zijn verhaaltjes van radio ('Paris vous parle'), tv ('Hier Parijs, hier Frankrijk, hier Jan Brusse') en uit Elsevier ('Qui mal y pense') te bundelen in een overbekend geworden reeks van wel acht verhalenbundels met titels als 'Vrijheid, gelijkheid en wat broederschap', 'Zwervend door het Franse leven' of 'Met de Franse lach'.


Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Bij mij thuis stonden in de bescheiden boekenkast mooi in blauw linnen gebonden deeltjes van Zola en ik zal 'De buik van Parijs', over de Hallen, ongetwijfeld gelezen hebben, maar Balzac stond er zeker niet bij; gewoon een kwestie van een onterecht terugzakken in het verleden. Thuis las ik, in het voetspoor van mijn vader graag 'Simenonnetjes' totdat ik op de HBS werd geconfronteerd met een voor mij toen nog stierlijk saaie Camus. Waardoor ik over een drempel stapte kwam door een klasgenoot, die was begonnen aan Jean-Paul Sartre, een trilogie nog wel onder de uitnodigende verzamelnaam 'De wegen der vrijheid'. Ook ik moest en zou er aan beginnen en toen ik het Franse eindelijk hakkelend kon lezen, begon ik zelfs aan 'Les Mandarins' van Simone de Beauvoir. Daarna, de Franse invloeden boetten in Nederland danig in, kwam er halverwege de 70-er jaren een opleving. Of 't er aan lag dat steeds meer mensen voor vakantie naar Frankrijk trokken weet ik niet, maar 'Montaillou - Een ketters dorp in de Pyreneeën' van Emmanuel Le Roy Ladurie werd een bestseller en ook de herinneringen van de Franse actrice Simone Signoret: 'De nostalgie is ook niet meer wat ze geweest was', zoiets zal de vertaling wel geweest zijn, maar ik las het in het Frans; kennelijk, want met potlood heb ik er 11 mei 1979 in genoteerd. Ik lees ontzettend veel Frans, maar dan non-fictie en tot mijn schande moet ik bekennen dat wat 't literaire aangaat ik me, sinds Simone, heb beperkt tot Houellebecq, Didier Eribon en Edouard Louis, de laatste twee toch weer vooral feitelijk autobiografisch. Meer weten over de Frans literaire invloeden in Nederland? >>> Maaike Koffeman, Alicia C. Montoya, Marc Smeets (red.), 'Literaire bruggenbouwers tussen Nederland en Frankrijk. Receptie, vertaling en cultuuroverdracht sinds de Middeleeuwen' uit 2017. 't Staat hier ergens rechts vermeld.


Nostalgie ook, van de 19-de eeuw naar de 20-ste.

Yvan Christ, Les metamorphoses de la Côte d'Azur.
Photographies anciennes rassemblées et commentées par Jean Derens.
Photographies modernes de Charles Ciccione.
Paris, Editions André Balland, 1971.


Coll. 'de Franse verleiding'

Marinus Schroevers was een vastbijter na zijn in 1962 verschenen 'Op zoek naar de Dordogne'. In 1971 verscheen een nieuwe bewerking met als titel 'Het oudste Frankrijk', onder andere verwijzend naar de grot van Lascaux en de 'Gouffre de Padirac'. De streek werd dan prompt ook één van de meest populaire Franse bestemmingen van Nederlandse Frankrijkgangers.


Coll. 'de Franse verleiding'

Velen zullen naar Frankrijk op vakantie gaan in de eerste plaats vanwege de zon. Maar daarbij voegen zich waarschijnlijk al gauw de impressies van de onmetelijk ruime landschappen, voor Nederlanders in het bijzonder. Ruimte! Dat kunnen dan de volgende aanknopingspunten zijn. Voor mij ook, want Frankrijk 'verdiepte'zich dus en wel in historische zin. Zo heb ik tal van riante of eenvoudige onderkomens bezocht van mensen die er ooit toe deden en er misschien nu ook nog nog wel toe doen. Van het Château de Montaigne in de Dordogne dus, via het Château de Bussy-Rabutin in de noordelijke Bourgogne tot 'La Boisserie', het huis van Charles de Gaulle, in het nog noorderlijker gelegen Colombey-les -Deux Eglises, in de Haute-Marne. Vanaf hier, in Fontcouverte in 'Les Corbières' en op nog geen 20 kilometer afstand 'staat' / 'ligt' de Abdij van Fontfroide, nog steeds. Dat het er daar nog van mocht komen danken we aan een gepassioneerde familie waarvan onderstaand albumpje getuigt.


Coll. 'de Franse verleiding'

Het mooie verhaal, vergezeld door prachtige fotografie, over de aankoop in 1908 door de Familie Fayet van de ruineuse Abdij van Fontfroide en het begin van haar restauratie. Nu is de abdij, samen met de katharenkastelen, de Cité van Carcassonne, het Canal du Midi en natuurlijk de prachtige stranden, één van de belangrijkste publiektrekkers in de Aude.


Coll. 'de Franse verleiding'

Het massatoerisme is inmiddels ruimschoots op gang gekomen, inclusief de daarmee gepaard gaande 'massabouw'. Hier een uit 1975 stammende noodkreet:
'De landschapsvreter. Toerisme en vrije tijds-landschap.
Vergrieping of zegen?'


Coll. 'de Franse verleiding'

Uit 1976 stamt alweer van Leonard Huizinga, La Douce. Het zoete Frankrijk. Bekentenissen van een francofiel uit de Lage Landen.


Expositions itinérantes CCI n°: 4. Centre de Création Industrielle / Centre national d'art et de culture Georges Pompidou, Paris, 1977.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Door mij zeer intensief gebruikt en haar zelfs opgezocht:
Jacqueline Wesselius, Neem nou Parijs. Utrecht, A.W. Bruna & Zoon, 1977.


>Coll. 'de Franse verleiding'


Uit het volle Nederland zuidwaarts rijdend, zeker uit de Randstad, dien je het in België ook nog vooralsnog te stellen hebben met de dichtgebouwde snelweg Antwerpen, Gent en verder. Maar eenmaal de verkeersrommeligheid bij Lille overleefd te hebben 'landt' je uiteindelijk in de onmetelijke ruimte van de glooiende Noord-Franse graanvelden. Nauwelijks ongeschonden vergezichten. Ruimte! En al rijdend bemerk je bijvoorbeeld dat het type dakbedekking per streek verschilt.


Nicole Vallery-Radot (Réalisation), Les Toits dans le Paysage. Réalisé par la Maison de Marie Claire, 1977.

Coll. 'de Franse verleiding'


Zo is die Noord-Franse verademing nog steeds en met de daken is het nog steeds hetzelfde gesteld.

Maar wat heeft de wat oudere en trouwe Frankrijkganger het land gedurende de laatste veertig jaar tòch qua aanzicht zien veranderen, in die immer uitdijende bebouwde 'kommen' van steden tot provincieplaatjes met name: ze worden nu omgeven door je toeschreeuwende reclameborden.

Ze zijn bedoeld je te verlokken die vaak immense 'supermarchés' en 'halles' te betreden, soms met een oppervlak van een voetbalveld.

Daartoe dien je tal van rotonden te nemen. Heeft Frankrijk inmiddels de hoogste dichtheidsgraad van McDonald's ter wereld, ook qua rotonden spant het land de kroon. En natuurlik zijn ze meestal opgetuigd met 'kunstuitingen'. Deze doet denken aan de HEMA-worsten. Kom er maar om (heen).

Vaak zie je de aanduiding 'giratoire' staan, maar wat het verschil is met een rotonde blijft mistig:
"Du point de vue de leur forme, les carrefours à sens giratoire et les ronds-points sont identiques. La différence entre un rond-point et un carrefour à sens giratoire réside dans le régime de priorité. Rond-point : c'est la priorité à droite qui s'applique. Dans ce cas, il n'y a pas de marquage au sol ou de panneau." Neem dit maar met een een 'Franse slag' en houdt je er maar aan voorrang te verlenen aan hen die op de rotonde rijden: "Cédez le passage" = "Geef voorrrang."


Coll. 'de Franse verleiding'

Dit beeld uit 1978 geeft echter nog maar eens aan dat je de steedse vergrieping in dat, in vergelijk met Nederland, grote Frankrijk nog betrekkelijk makkelijk kunt ontsnappen.
Het is zo'n dertien maal groter dan de Lage Landen. In Nederland wonen er 411,58 per km², in Frankrijk 118,36, waarvan 80% in de grotere en grote steden. Op de mondiale bevolkingsranglijst staat Nederland op n° 17, Duitsland op n° 40 en Frankrijk op n° 60.

Vandaar.


Coll. 'de Franse verleiding'

Tony Dumoulin, Wat eten me nu.
Culinair dictionaire
Frans - Nederlands
Français - Néerlandais

Drukkerij/Uitgeverij Boosten & Stols, Maasricht, 1979.


1949, het startpunt van een nu legendarisch merk, ooit Camping Gaz, nu Campinggaz. In Oullins, een voorstadje van Lyon, begon het, eerst met standaard éénpitsgasbrandertjes en lampen, nu in tal van maten en tal van toepassingen. Franser kon het niet zou je denken, maar sinds 1994 is het in handen van de Amerikaanse Coleman Company Ltd. Die overname zal wel gepaard zijn gegaan met veel heisa: Amerikaans imperialisme.
Voor mij bestond de toepassing toch voornamelijk uit het opwarmen van ravioli en soepen uit blik, maar kennelijk brachten velen het verder. Hier een Campinggaz-kookboekje uit 1980.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

In 1979 publiceerde de econoom Jean Fouratié een studie, een portret van de Franse samenleving tussen 1946 tot 1975, met als titel 'Les trente glorieuses', nu een gevleugeld begrip in Frankrijk: 'de glorieuze dertig jaar'. In weerwil van de Koude Oorlog met haar atoombommen en ook de latere oorlog in Vietnam was het voor de Westerse wereld een tijd van gestage groei van de welvaart, onstuimig zelfs. Misschien dat met het boek van Annegreet van Bergen, 'Gouden jaren', wij dat tijdperk voortaan zo gaan noemen. Maar rond 1979 kwam daar een abrupt een einde aan. Sedert die tijd werd economie en politiek bijkans aanhoudend gekleurd door 'crisis' en 'bezuinigingen'.

In de onderstaande bundel wordt inmiddels die periode met een wat kritischer oog belicht: 't was dus modernisering wat de klok sloeg. Nou heb ik zelf daar niets op tegen en in tegenstelling tot vroeger de meeste Nederlanders van nu ook niet meer. Maar hier klinkt waarschijnlijk de conservatieve grondhouding van vele Fransen door. 't Was ook een tijd van maatschappelijke onrust en bovendien ook nog eens vervuiling. Niets nieuws onder de zon dus? Ik denk van niet. Sinds zo rond 1980 is de wereld een weg ingeslagen van een galopperende globalisering waarbij produktie- en handelslijnen steeds langer worden en de financiële om die wereld een flitsend net spant waar iedereen in gespannen hangt. Als één hoofddraad daarvan breekt belanden we in de zoveelst economische crisis. Naar mijn inschatting leven we maatschappelijk op een kruidvat en de vervuiling destabiliseert inmiddels het klimaat, onze biosfeer.

ik schat zo in dat de corona-pandemie van begin 2020 niet als zo maar bij toeval in één van de meest vervuilde oorden van China kon overslaan op de mensheid en zich rap over de wereld kon verspreiden. Om bij het hoofdonderwerp te blijven, het reizen: eind maart 2020 was er al sprake van 40% minder internationale verplaatsingen en de toeristenindustrie beleeft een gigantische duikval.

In Frankrijk, veel meer dan in Nederland, hoor en lees je kritische geluiden wat voor een model we gecreëerd hebben, zelfs de Franse president zette er publiekelijk vraagtekens bij. Ook van dàt Frankrijk wil ik u binnenkort uitvoerig verslag doen. In wat voor land kom je terecht als je naar Frankrijk op reis of op vakantie gaat? Hoe zagen onze voorouders 'Vranckryck'?

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Coll. 'de Franse verleiding'

Op de avond van de tiende mei 1981 blijkt François Mitterrand na een jarenlange aanloop op een links-progressieve golf zijn derde gooi naar het Franse presidentschap gewonnen te hebben. Zijn eerste gooi, die tegen De Gaulle dateerde van 1965, kort voordat Guy Debord in 1967 zijn maatschappelijke reflexies vervatte in 'La société du Spectacle'. Van onder andere die reflexies zou Mitterrand geleidelijk aan veel leren qua het bespelen van het electoraat en zijn image-building bij te vijlen. Dat werd nog geraffineerder toen hij na het mislukken van zijn tweede gooi in 1974 de hulp zou inroepen van publiciteits- en merkengenie Jacques Séguéla.
Tussen de tiende en de negentiende mei '81 was er de tijd om een magistraal 'évènement' tot in de puntjes te orkestreren, niets werd aan het toeval overgelaten: Mitterrand zou zich, door televisiecamera's begeleid en nationaal rechtstreeks uitgezonden, pontificaal naar het Parijse Panthéon begeven. De massale bedevaart met Mitterrand voorop, een rode roos in zijn hand houdend en nagenoeg de verzamelde top van West-Europees links in zijn kielzog betrad hij in zijn eentje majestueus de trappen van het monument waar vele Franse groten bijgezet zijn en worden: 'Aux Grands Hommes La Patrie Reconnaissante', ogenschijnlijk zeer privé en persoonlijk, maar in de donkere grafkelders onderin het Panthéon werden zijn handelingen vanuit tal van hoeken gefilmd, het leggen van de rode roos op de tombe van Jean Jaurès, ooit de eerste en bovendien vermoorde voorman van de Franse socialisten.




Jaren later, in een september 2015-nummer van het Franse weekblad 'Le Point', zou de immer in de media aanwezige Franse intellectueel Régis Debray aanloop en spektakel bondig samenvatten: "Men geloofde, en ik geloofde het ook, dat hij de lijn van Jaurès en Blum zou voortzetten en weer doen opleven, had hij zoniet de ideeën, dan had hij tenminste wel de hoed, de taal en bezieling, en, tot slot van rekening, werd deze meneer door Séguéla op het schild gehesen als een Berlusconi en Tapie die nog niet werkelijk op het program stonden. Men dacht dat die bedevaart naar het Panthéon in 1981 voor een 'opwekking' stond, maar het was een afscheidsceremonie!"



Coll. 'de Franse verleiding'

Herman Besselaar, Hors d'oeuvre varié. Amsterdam - Antwerpen, Kosmos, 1981.

Eén van die boekjes die mijn gevoel van inleving sterk verdiepte.
Op de achterflap:

Bij het Nauw van Calais start de romantische reiziger Herman Besselaar zijn eigen 'Tour de France'. Uit de bezienswaardigheden die hij op zijn ronde door Frankrijk ontdekte, is hier een keuze gemaakt. Deze bundel is als een hors d'oeuvre varié samengesteld uit diverse aspecten van het Franse heden en verleden. Treffende foto's die bijna allemaal door de auteur zelf zijn genomen illustreren het geheel. Een aantal foto's werd gemaakt door zijn goede vriend Aart Klein, die hem vergezelde op verscheidene tochten door het Franse land.


Brian Moynahan, The Tourist Trap. The hidden horrors of the holiday business and how to avoid them. London and Sidney, Pan Books, 1985.
Brian Moynaham publiceerde eerder, in 1978, 'Airport International. The sensational book that takes the lid of the world of international Air Travel' en later, in 1983 'Fool's Paridise. To the great tourist rip-off'.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Vooral grafisch was Jan van Keulen (1913-1994) buitengemeen begaafd, maar hij was niet alleen tekenaar en illustrator (en graag van de boeken van Jan Brusse), hij was ook cineast, fotograaf, typograaf, grafisch ontwerper dus ook en nog eens reporter en schrijver. En Van Keulen had een speciale band met Frankrijk. Zo publiceerde hij in 1974 samen met Wim Alings de prachtig rijk geillustreerde vierkante bundel

'op de franse toer'
(en let op: geen hoofdletters)

met als uitvoerige ondertitel:
oftewel een tour de france met zeeën van tijd vol landelijke vrede met een route die niet de snelste verbinding tussen twee punten vormt waar ruimschoots tijd genomen wordt om te kijken, te ontdekken en in alle rust van het goede der aarde te genieten
(weer zonder punt).

In 1987, en waarschijnlijk al tijdens wat voorafgaande seizoenen, waagde Jan van Keulen het in zijn eentje al zijn talenten te bundelen met als resultaat het ook weer wonderschone

'met Van Gogh in de Provence verblijf brieven werk'

(weer zonder punten of streepjes).
En nu, alweer van ruim dertig jaar geleden stammend, zou het zo weer uitgegeven kunnen worden!


Deze 'Guides des maisons d'hommes célèbres - écrivains, artistes, savants, militaires, saints, hommes politiques', een vierde editie alweer, uit 1991, is niet 'des Hollands'. Ooit het huis van Thorbecke bezocht, mocht het er nog staan? Van Colijn? Van Vadertje Drees? Het huis van Simon Vestdijk? Ja, verdraaid, het huis van Louis Couperus is er, het Sint Hubertusslot, het pandje van Theo Thyssen schiet me te binnen en natuurlijk het Achterhuis van Anne Frank. Maar voor de rest? Vele Fransen koesteren toch meer hun erfgoed dan de gemiddelde Nederlander.

Coll. 'de Franse verleiding'

Coll. 'de Franse verleiding'

Dragen alle Fransen een alpino? Nee, natuurlijk niet. Zo zie je maar.

Vooroordelen, oordelen, veroordelen?
'Liberté, égalité, fraternité.


In 1993 kon je bij de Grenswisselkantoren - zouden ze nog bestaan? - een klein boekje zo maar voor niets meenemen. Ging je naar Duitsland dan betrof het 'Alle Duitsers dragen een Lederhose ...', geschreven door Bert Tigchelaar en ging je zuidwaarts dan ging het om 'Alle Fransen dragen een alpino ...' door Philip Freriks.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

In mijn ogen gelden de 'Guides Gallimard' qua tekst, rijkelijk voorzien van prachtig illustratiemateriaal en fascinerende opmaak als de best recente reeks van reisgidsen. Recent? Ze werden uitgegeven in de jaren '90 en verdienen het wat betreft de praktisch informatie bijgewerkt opnieuw uitgegeven te worden.


Coll. 'de Franse verleiding'

De relatie Nederland - Frankrijk? Ooit werd er, zoals we boven zagen, zelfs gesproken en geschreven over de 'Fransche Tyrannie', dat was tijdens het rampjaar van 1672 toen de Fransen de Lage Landen hadden binnengevallen. En het laatste hoogtepunt was naar ik meen in 1996 toen president Jaques Chirac Nederland uitriep tot 'narco-staat'.
En zo ontbrandde het lontje van onderbuikgevoelens en vooroordelen weer. Die hypocriete Fransen gaven Chirac gelijk en ook hun ergernis aan die niet of nauwelijks Frans sprekende Hollanders met hun sleurhutten volgeladen met aardappelen, pakken DE-koffie, Unox-worsten en kratten met bier laaide weer een beetje op. Dat op haar beurt versterkte nog weer eens de sluimerende Nederlandse vooroordelen over die arrogante Fransen die geen woord Engels wilden spreken.
Kennelijk werden op diplomatiek niveau de koppen bij elkaar gestoken: er werd in 1998 een uitklapbare folder gedrukt waarin in het Nederlands een gesprek tussen een Marjan en een Marianne in scene werd gezet. "Ja, me dit en me zus en zo!" zei Marjan kritisch en Marjan kreeg van Marianne sussende uitleg over de Franse gewoonten .....

Coll. 'de Franse verleiding'


En voor de rest? Ach, het botert wel weer een beetje tussen die twee landen, behalve dan dat de 'samenwerking' of betrof het toch eigenlijk een Franse overname, precies, dat wil vanwege detotaal verschillende managementstijlen niet echt vlotten. Kunnen de Nederlanders af met drie velletjes zonder stempels, de Fransen maken er een vuistdik dossier van mèt die onvermijdelijke stempels. Ik weet er alles van. En ook binnen die voor de gewone burger ondoorzichtige EU-krochten, daar schijnt het vaak hommeles te zijn tusen de twee landen.


Was en is nog af en toe Philip Freriks toch vooral van het hedendaagse Frankrijk, Prof. Dr. M. A. Wes leerde ons met zijn 'Ceasar in Gallië, God in Frankrijk. Notities van een toerist' uit 1995 over het Frankrijk van heel lang geleden.

Coll. 'de Franse verleiding'

"Het idee voor dit boek is ontstaan tijdens een vakantie in Frankrijk. Doel is de lezer engszins wegwijs te maken in 'Frankrijk vóór Frankrijk', dus in het onafhankelijke Gallië in de tijd van voor de verovering van het land door Julius Ceasar (ca. 50 v.C.) en in het Gallië dat ruwweg vijf eeuwen deel is geweest van het Romeinse rijk."

't Kan verkeren ... .


Coll. 'de Franse verleiding'

Na zijn misplaatst getitelde 'Gallische brieven' (1991) beheerste Rudolf Bakker (1927-2017) voor een poosje de Nederlandse 'oh la la'-Frankrijkmarkt.
Wat volgde er allemaal niet van de hork, deze voor mij onaardige man?
- Een pil van een reisgids 'Provence en Côte d'Azur' (1995);
- het autobiografische 'Hoe komt het dat ik nog leef' (1998) waar ik geen zin in had;
- het hier boven afgebeelde 'Altijd weer Frankrijk en andere Gallische hartenkreten' (1999);
- 'Het treintje van weemoed. Een wandeling in de Provence' (2001) en
- 'Gewoon doorlopen, er is niets te zien' (2006).

Sindsdien zat hij tot aan zijn dood waarschijnlijk te mokken in zijn huis in Saint-Rémy-de-Provence.


Lucas Reijnders, Reislust. Op weg naar het paradijs en andere bestemmingen. Amsterdam, Van Gennep, 2000.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Cees van Lotringen en Maurice Bood, Het gedroomde paradijs. Cultuurwijzer voor het Franse leven. Amsterdam, Uitgeverij Bert Bakker, 2001.

Uit 2001 stamt dit Frankrijkportret alweer èn met een omslagfoto zoals we ook graag Frankrijk willen beleven.
Een paar zinnen op de achterflap zeggen al genoeg:

"Deze cultuurwijzer voor het Franse leven is een perfecte ingang voor de Nederlanders die Frankrijk als hun paradijs beschouwen. Want velen vinden daar wat Nederland niet meer heeft: ruimte, een overweldigende natuur, een sterk historisch besef en een onwrikbaar geloof in de eenvoudige geneugten van het bestaan als tegengif voor de opmars van het marktdenken."


Coll. 'de Franse verleiding'

Op reis of op vakantie kijken we natuurlijk naar anderen en soms hebben we iets met ze. Zo worden natuurlijk ook Nederlanders ingeschat.

De rond de millenium-wisseling in Nederland wonende française Sophie Perrier had ooit weer eens een depri-moment, nota bene in Zuid-Frankrijk, en iemand suggereerde haar aan een boek te beginnen. Saaie onderwerpen volgden de revue en ze antwoordde daarbij ironisch: "Dan schrijf ik nog liever een boek over Nederlandse mannen."
En ik citeer verder:
'Op de terugreis naar Amsterdam bleef dat grapje door mijn hoofd spemen. Nederlandse mannen, over dat onderwerp had ik toch wel wat te vertellen. Direct na mijn aankomst in Nederland, negen jaar geleden, merkte ik al dat ze hemelsbreed verschilden van de mannen die ik in Parijs had ontmoet. Nederlanders waren aardig, zeker. Maar op straat, in bibliotheken, op de uinversiteit, nergens besteedden ze aandacht aan me vanwege mijn vrouwelijkheid. Ik raakte de kluts kwijt.'

Dit moge veel weg hebben van iemand die een verwende en teleurgestelde ijdeltuit is, maar Sophie liet het er niet bij zitten en ondervroeg maar liefst 35 vrouwen uit niet-Nederlandse windstreken over hun ervaring met de Nederlandse man.
Achterflaptekst: 'Wie zijn oor te luisteren legt bij buitenlandse vrouwen, komt al snel tot één conclusie: de Nederlandse man is een uniek verschijnsel. Hij is het toonbeeld van redelijkheid, gematigdheid en evenwicht. Maar voor heftige passie en romantiek lijkt hij niet in de wieg gelegd, zo luidt het oordeel van hen die het weten kunnen.'

Sophie Perrier, De mannen van Nederland. Het onverbiddelijke oordeel van buitenlandse vrouwen. Zutphen/Apeldoorn, Uitgeverij Plataan, 2001. '


Coll. 'de Franse verleiding'

De Autoroute A 75 die het Centrale Massief 'bestijgt' en met 340 kilometer Clermont-Ferrand met Bézier verbindt werd op 28 mei 2004 verder vervolmaakt met het Viaduc van Millau en op 14 december 2004 werd het door de toenmalige president Jacques Chirac officieel voor het verkeer opengesteld. 13 jaar studie en ontwerpen gingen daar aan vooraf, uiteindelijk werd gekozen voor het ontwerp van de architect Lord Norman Foster, ruim drie jaar werd er aan gebouwd en de tuiconstructie weegt 36 maal zwaarder dan de Eiffeltoren. De enorme brug overspant met een lengte van 2 460 meter de vallei van de rivier de Tarn op een hoogte van 270 en de hoogste van de 7 pilaren meet 343 meter. Dat verklaart zich door de metalen spankabels die zo karakteristiek zijn voor de brug. Het is tot nu toe de hoogste brug van de wereld.

Dit, en nog veel meer, valt na te lezen in:
Didier Thomas-Radux (Rédaction en chef de hors-série), Le Viaduc de Millau. Un défi humain, une prouesse technologique. Saint-Jean-de-Védas, Midi Libre - Centre Presse, Hors Série Spécial, juin 2004.


Hans Pars, En we gaan nog niet naar huis! 100 jaar Nederlanders op vakantie. Schiedam, Scriptum Publishers, 2006.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Stephen Clarke, Talk to the Snail. Ten Commandments for Understanding the French." (2006)

"Praten tegen een slak - Tien dringende adviezen om de Fransen te begrijpen."

Tussen 'Het Kanaal'en tussen 'de Grote Rivieren' zijn de verschillen met de Fransen vaak vergelijkbaar.


Coll. 'de Franse verleiding'

Het Franse dorp wordt, nog steeds, door vele Nederlanders geromantiseerd. Ook dorpen in de Bourgogne. Pascal Dibie woonde in zo'n Bourgondisch dorp, maakte een lange exotische reis en keerde weer terug: 'Le village retrouvé' - 'Het hervonden dorp'. Best wel veel was tijdens zijn afwezigheid veranderd, maar nog steeds was de boer een boer en geen mechanicien. En Pascal Dibie schreef na zijn lange reis en een beetje als buitenstaander een portret van het dorp Chichery, in de Yonne en niet ver van Auxerre.

Wat er tussen 1979 en 2006 met Pascal Dibie is gebeurd heb ik nog niet weten te achterhalen, behalve dan dat hij als ethnoloog nogal wat boeken schreef, ook over de Yonne, één van mijn favoriete streken. Waarschijnlijk zal hij met tussenpozen - de Fransen eigen - terug zijn gegaan naar zijn dorp en was getuige van de enorm snelle veranderingen in en rond het boerendorp. Landschapsinrichters werden de baas, het boerenbedrijf 'verwetenschappelijkte' en werd onderdeel van een mondiale logica. En van dat alles onder de indruk schreef hij halverwege de jaren '10 'Het gemetamorfeerde dorp - Revolutie op het Franse platteland'.


Sylvie Brunel, La Planète disneylandisée. Chronique d'un tour de monde. Auxerre, Sciences Humaines Editions, 2006.
Deze titel behoeft verder geen vertaling.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'


De afgelopen hondervijftig jaar zijn qua aanzien de Franse kusten veel veranderd. Een fraai beeld daarvan geeft Bernard Toulier in zijn 'Villégiature des bords de mer. Architecture et urbanisme.' Paris, Editions du Patrimoine, 2010.
'Villégiature' is trouwens moeilijk in het Nederlands te vertalen, het komt dicht bij 'hutje bouwen'. Maar hier betreft het natuurlijk volwassenen en dan kom je uit op 'een aangenaam onderkomen in een mooie omgeving om uit te rusten'.


Dean MacCannell, The Ethics of Sight-seeing. Berkeley-Los Angeles-London, University of California Press, 2011.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Wat voor ethiek?


Rudolphe Christin et Philippe Bourdeau, Le tourisme: émancipation ou contrôle social? (2011).
Ook deze titel is bijna voor alle westerlingen begrijpelijk.

Coll. 'de Franse verleiding'


Met deze afbeeldingen belanden we in boeiende sferen. Waar dromen we van? Zouden we nog een glimp kunnen opvangen van die vroegere chique? Of kunnen we het ons veroorloven? Immers, 't bestaat nog steeds.
(Trouwens: Maréchal Pétain, die Frankrijk in wezen ondergeschikt maakte aan Nazi-Duitsland, had wel een slechter hoofdkwartier gekozen kunnen hebben .... .)

Coll. 'de Franse verleiding'


Rachid Amirou, L'Imaginaire touristique. Paris, Editions du CNRS, 2012.

Waar waren en zijn al die toeristen dan op zoek naar, want thuiskomen lukten hen meestal nog wel, nu nog vaker zelfs. Wat is dat, dat 'alles' tussen elders en weer thuis? 'Wat nemen ze mee terug aan ervaringen, lessen en indrukken? Zo herinneren de oudere generatie Frankrijkgangers nog dondersgoed die vaak smerige 'staptoilletten'.

Coll. 'de Franse verleiding'


Ik hoop wat op te steken van 'La mondialisation de la culture', geschreven door Jean-Pierre Warnier, Paris, La Découverte, Paris, 1999. Vaak zijn die Franse studies voor Nederlanders gesteld in te pompeus en abstract Frans. Zal het ook concreet gaan over de plots zonaanbiddende Amerikaanse miljonairskinderen aan de Côte d'Azur in the twenties, over the boxershorts in the thirties, over de bikini in the fifties, over de topless in the sixties en over dat voor Nederlanders toen nog onbekende, over die verse basilicum of over die zongedroogde tomaten. Het zette wel de oude vertrouwde Hollandsche keuken op stelten. 'La mondialisation de la culture' en geschreven door een Fransman: het zal mij benieuwen. Zal het gaan over gemakkelijke onderwerpen als Coca-Cola dat in 1936 haar intrede deed op de Franse markt? Of over McDonalds dat inmiddels in 'haute cuisine'-Frankrijk wereldwijd over de hoogste 'dichtheid' beschikt?

Sterker: Parijs en de Côte d'Azur werden plots verbeeld door Amerikaanse ogen, door de ogen van Hollywood. De Côte d'Azur was natuurlijk wat moeilijker, maar Parijs? Amerikaanse producers stuurden er fotografen op af om 'ambiances' vast te leggen en vervolgens in hun studios na te bootsen voor een inmiddels wereldwijd publiek. 'La mondialisation de la culture'?

Jean-Pierre Warnier, La mondialisation de la culture. Paris, La Découverte, 1999.

Coll. 'de Franse verleiding'


Antoine De Baecque, Paris by Hollywood. Paris, Flammarion, 2012.

Coll. 'de Franse verleiding'

Gilbert Salachas, Le Paris d'Hollywood. Sur un air de réalité. Paris, Caisse Nationale des Monuments Historiques et des Sites, 1994.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Uit 2015 stammmen deze bespiegelingen van Frankrijkkenner Leo Prick en de titel is voor viererlei uitleg vatbaar.
1. je moet ervan houden = 't kan vriezen en dooien;
2. je moet ervan houden = anders vindt je er niks aan;
4. je moet ervan houden = Leo Prick ziet dat als 'plicht'.

En inderdaad, Leo Prick is onmiskenbaar een francofiel.


Michel Durrieu, Tourisme, La France N° 1 Mondial. Paris, le cherche midi, 2017.

Coll. 'de Franse verleiding'

Een persoonlijk verslag van de coordinerende en investeringsinspanningen van overheidswege qua inkomend toerisme. Wat betreft de betalingsbalans is inkomend toerisme natuurlijk een 'exportproduct' - valuta! -, alhoewel het in wezen om 'import' gaat. En een heel apparaat wordt daartoe ingezet. Dat dan wat betreft de overheids- en semi-overheidssector. Maar de private sector blaast, ook gecoordineerd, haar deuntje mee. Neem bijvoorbeeld de 'Alliance 46.2' en vraag me niet waar die naam vandaan komt. Maar in die alliantie hebben zich de meeste van de Frans-mondiale reisbedrijven verenigd, van hotelketens als Accor tot Les Galeries Lafayette. Dus denk niet dat het alleen maar toeval is dat wereldburgers naar juist dàt Frankrijk komen ... . 'Tourisme, La France N° 1 Mondial'. 'Ze'doen er alles aan.


Niet alleen handel, kapitaal en technologie droegen bij aan de mondialisering, ook het toerisme.

Jean-Michel Hoerner, Le tourisme dans la nmondialisation. Les mutations de l'industrie touristique. Paris, L'Harmattan, 2010.

De tekst op de achterflap liegt er niet om:
Sinds het ontstaan in het Middeleeuwse Europa, begeleidt het kapitalisme de toeristische ontwikkeling, van zakenreizigers in het begin tot het massatoerisme, internationaal en toen gemondialiseerd. Dat is waarom het kapitalisme en het toerisme delen in de opkomst van de middenklassen, met name hen aan de bovenkant, die meer en meer nadrukkelijk aanwezig zijn. De toeristenindustrie, die perfect ontplooit met de financiële globalisering met name vliegtuigmaatschappijen en hotelketens ontwikkelt, tegenwoordig zeer dynamische kapitalistische activiteiten, in weerwil van de ernstie gevolgen van de economische crisis die vaak als rode draad van onze tekst fungeert. Bovendien brengt de toeristische ontwikkeling steeds meer het kunstmatige, zoals 'the new resort, en trekt gezamelijk op qua onroerend goed-speculatie.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Ooit Parijs-correspondent voor NRC-H opendeEric Boogerman in 1986 iets van een traditie en wel het terugblikken op een langere periode van zich in 'het Franse vreemde' vertoefd te hebben. Eric Boogerman publiceerde in 1986 het veelzeggende 'Frankrijk 1981-1986. De socialistische metamorfose en het plotselinge heimwee naar het liberalisme'. In 2000 volgde de nieuwe NRC-Parijscorrespondent met 'Frankrijk achter de schermen. De stille revolutie van een trotse naties'. Volkskrant-corresondent Ariejan Korteweg volgde in 2013 met 'Surplace. Over de ziel van Frankrijk' en zijn opvolger Peter Giesen in 2018 met 'Retour de France. Over de route nostalgique naar het Frankrijk van nu'.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'

Nostalgie maakt maar al te vaak onderdeel uit van het reiservaren. Of je denkt je in hoe het vroeger was in sjieke oorden zoals Deauville, Cannes of Biarritz - of je verlangt weer naar je vertrouwde stek van ooit.
Rob & Wouter Jansen, Over Frankrijks wegen. Nostalgische Reisgids voor de Citroënrijder. CitroExpert, 2014.


Jean Viard, Le triomphe d'une utopie. Vacances, loisirs, voyages: La révolution des temps libres. Editions de l'Aube, 2015.

Coll. 'de Franse verleiding'


Mark Tungate, The Escape Industry. How iconic and innovative brands built the travel business. London Uk / New York NY / New Delhi, Kogan Page Ltd., 2016.

Ooit vroeg de legendarische Amerikaanse presentator Jimmy Carson aan Mr. Hilton Sr.: "Wat is nu nog uw grootste wens?" En Hilton Sr. antwoordde droog met een: "Alstublieft, hang het douchegordijn IN de bak en niet DAARBUITEN."
'The Escape Industry' zit vol met dat soort doorkijkjes:
'a must read'.

Coll. 'de Franse verleiding'


Coll. 'de Franse verleiding'


In Frankrijk valt het 'binnenkomende' toerisme onder het Ministerie van Buitenlandse Zaken en dat heeft een heel apparaat ter beschikking om dat internationale toerisme juist naar Frankrijk te lokken en met succes. Alhoewel? Qua aantallen buitenlandse toeristen staat Frankrijk dus n)) uno, maar Spanje staat qua bestedingen aan kop. De Fransen doen er alles aan om dat te veranderen, want hun binnenkomende toerisme moet aan de betalingsbalans nog meer bijdragen.


Francis Jauréguiberry et Jocelyn Lachance, Le voyageur hypermoderne, partir dans un monde connecté. Toulouse, Editions érès, 2016.

Coll. 'de Franse verleiding'

of

Elizabeth Becker, Overbooked. The Exploding Business of Travel and Tourism. New York, etc., Simon & Schuster Paperbacks, 2013.

Coll. 'de Franse verleiding'


Thomas Daum et Eudes Girard, Du voyage rêvé au tourisme de masse. Paris, CNRS éditions, 2018.

'Van droomreis tot massatoerisme'.


Ik heb een aanvang gemaakt met de lijst van literatuur in categorieën te ordenen, een tijdrovende aangelegenheid.

Bijvoorbeeld bespiegelingen aangaande het fenomeen 'toerisme', de ontwikkeling van transport en mobiliteit, de technologische ontwikkelingen die van invloed zijn geweest op transport, reizen, communicatie en betalen, persoonlijke reiservaringen en indrukken, cijfermatige benaderingen, de ontwikkeling van het mondiale reizen en toerisme, de ontwikkeling van vrije tijd als zodanig, de geschiedenis van reisgidsen plus 'enzovoorts', want de geschiedenis van het reizen en het toerisme kent ontzettend veel specifieke facetten en het onderzoek daar naar en het denken daarover resulteerde en resulteert in talloze deelstudies.

Ik wil er ooit aan toekomen tot verdere onderscheid, neem alleen al bijvoorbeeld de 'Bataafsche Revolutie in samenhang met de latere Franse. Er dient een uitsplitsing te komen aangaande de 'Bataafsche' als zodanig, de relatie met Frankrijk waar veel patriotten naar toevluchtten, ten lange met Franse troepen naar de Lage Landen terugkeerden en het uiteindelijk kwam van de eerste koning der Nederlanden, Louis Bonaparte, broer van dè Napoléon. Die tijdsperiode kent fascinerende aspecten, zoals ook de rol van vele vrouwen waar ik apart op in wil gaan. Zo geldt dat voor veel meer categorieën. Een ander onderdeel betreft met name ook de titels aangaande onder andere 'François Mitterrand, socialisme en sociaal-democratie'. Daar dient 'Le tournant de la rigeuer', zijn ommezwaai in 1983 naar een in wezen liberale koers, apart uitgelicht te worden ... .

Een opsomming van de talloze reisgidsen die Frankrijk betreffen en waarover 'de Franse verleiding' beschikt, blijft vooralsnog even een wensdroom.


Maar met deze schijnbaar uitputtende lijst is meer aan de hand, want heel bewust heb ik het overgrote merendeel van mijn oorspronkelijke Nederlandse bronnen onvermeld gelaten - 't is nu al veel - en ook die aangaande de streek waar ik woon, de Zuid-Franse Languedoc. Daarvan zal een volledige, maar naar categoriën onderverdeelde opsomming worden opgenomen in het verhalende bundel dat mij voor ogen staat met als voorlopige werktitel:

Mijn Franse verleiding
Een speurtocht in verhalen en verhaaltjes.



000


------------

DE GESCHIEDENIS VAN HET REIZEN EN VAN HET TOERISME, MET DE NADRUK OP FRANKRIJK:


Paul Ackermann, Les raisons de la tourismophobie (et quelles solutions sont envisagées). In: Le Huffington Post, 17 août 2017.
Via: https://www.huffingtonpost.fr/2017/08/17/les-raisons-de-la-tourismophobie-et-quelles-solutions-sont-e_a_23080136/?xtor=AL-32280680?xtor=AL-32280680

Eric Adamkiewicz, Philippe Naccache, Malgorzata Ogonowska et Julien Pillot, « La transition écologique et le tourisme responsable sont incompatibles avec la massification des voyages ». In: Le Monde, Publié le 26 juin 2020 à 14h48 - Mis à jour le 27 juin 2020.
Via: https://www.lemonde.fr/economie/article/2020/06/26/la-transition-ecologique-et-le-tourisme-responsable-sont-incompatibles-avec-la-massification-des-voyages_6044303_3234.html

Percy G. Adams, Travelers and Travel Liars 1660-1800. Berkeley/Los Angeles, 1962.

Jules Adenis, Les étapes d'un touriste en France. De Marseille à Menton. Illustré de 33 gravures dont 20 hors texte, de 2 vues panoramiques et de 2 cartes du littoral méditérranéen. A. Hennuyer, 1892.

L'Administration des Douanes en France sous l'Ancien Régime. Neuilly, Association pour l'Histoire de l'adminstration des Douanes, 1976.

Michelle Aicken, Chris Ryan, Stephen Page (Ed.), Taking Tourism to the Limits. Issues, Concepts and Managerial Perspectives. Routledge, 2005.

A la gloire du tourisme français - Ses createurs, ses animateurs, son succes ... In: L'Animateur des Temps Nouveaux, Numéro Spécial, N°271, 6e année, 15 Mai 1931.

A. Alberts, Per mailboot naar de oost: Reizen met de Lloyd en de Nederlandse Pakketvaart Maatschappij tussen 1920–1940. Bussum, de Boer Maritiem, 1979.

Maurice Alhoy, Physiologie du Voyageur. Paris, Aubert et Lavigne, 1841.

J.B. Allcock Tourism as a sacred journey. In: Loisir et Société, 11(1), 33-48, 1988.

Henry d'Almeras, À pied, à cheval, en carosse, voyages et moyens de transport du bon vieux temps. Paris, Albin Michel, 1929.

Henry d'Alméras, Au bon vieux temps des diligences. Paris, Albin Michel, 1931.

Henk Alting (m.m.v. Reinhilde van der Kroef en Gino Huiskes), Thomas Cook 100 jaar in Nederland. Amsterdam, Historisch Onderzoeksburo Histodata, 1998.

Maris Alvarez, Linde Egberts(ed.), Heritage and Tourism: Places, Imageries and the Digital Age. Amsterdam, Amsterdam University Press, 2018.

Bas Ameling et al., Coronacrisis houdt toerisme een spiegel voor. In: de Volkskrant, 9 april 2020.
Via: https://www.volkskrant.nl/columns-opinie/coronacrisis-houdt-toerisme-een-spiegel-voor~b16a0fa4/

Rachid Amirou, Imaginaire touristique et sociabilités du voyage. Paris, Presses Universitaires de France, 1995.

Rachid Amirou, Imaginaire du tourisme culturel. Paris, Presses Universitaires de France, 2000.

Rachid Amirou, Philippe Bachimon, Jean-Michel Dewailly et Jacques Malezieux (dir.), Tourisme et souci de l'autre. En hommage à Georges Cazes. Paris, L'Harmattan, 2005.

Rachid Amirou, L'Imaginaire touristique. Paris, Editions du CNRS, 2012.

Jean-Marie André et Marie-Françoise Baslez, Voyager dans l'Antiquité. Paris, Fayard, 1993.

C. Andrew, An Investigation into Holiday Brochure Design. Unpublished MSc thesis, University of Surrey, 1977.

Bernard Andrieu, Bronzage. Une petite histoire du Soleil et de la peau. Paris, CNRS, 2008.

Jean-Yves Andrieux et Patrick Harismendy (Sous la direction de), Initiateurs et entrepreneurs culturels du tourisme (1850 - 1950). Rennes, Presses Universitaires de Rennes, 2011.

Aurélien Antoine, Alpes: vers un tourisme mélancolique? In: Alti-Mag, Le Mag Loisirs et Art de Vivre dans les Alpes, 5 août 2019.
Via: https://www.alti-mag.com/alti-actus/alpes-vers-un-tourisme-melancolique

Philippe Antoine, Quand le voyage devient promenade. Ecritures du voyage au temps du romantisme. Paris, Presses de l'université Paris-Sorbonne, 2011.

Rachael Antony, Henry Joël, The Lonely Planet Guide to Experimental Travel. Melbourne-Oakland-London, Lonely Planet, 2005.

Christian Antz, Bernd Eisenstein, Christian Eilzer (Editors), Slow Tourism: Reisen zwischen Langsamkeit und Sinnlichkeit. Peter Lang GmbH, Internationaler Verlag der Wissenschaften, 2011.

Manuelle Aquilina , Frédéric Pugnière-Saavedra , et al., La communication touristique: Vers de nouvelles interfaces? Québec (Québec) Presses de l'Université Laval, 2018.

Pierre d'Arcangues, Rois en vacances à Biarritz. Bordeaux, Delmas, 1947.

G. J. Ashworth, P. J. Larkham (eds.), Building a new Heritage. Tourism, Culture and Identity in the New Europe. London-New York, 1994.

Roland Atembe, The Use of Smart Technology in Tourism: Evidence From Wearable Devices. In: Journal of Tourism and Hospitality Management, December 2015, Vol. 3, No. 11-12, 224-234.

Atout France, Les clientèles allemandes et néerlandaises du tourisme à vélo en France. Paris, Atout France, 2018.

Atout France, Observatoire de la connectivité aérienne de la France: Focus sur les principaux flux touristiques long-courriers et moyen-courriers. Paris, Atout France, 2018.

Atout France, Observatoire de la connectivité aérienne de la France: Panorama sur les principaux flux touristiques long-courriers. Paris, Atout France, 2019.

Atout France, Image et attractivité internationales de la France pour les 18 - 35 ans. Paris, Atout France, 2019.

Albert Babau, Les voyageurs en France depuis la Renaissance jusqu'à la Revolution. Paris, Librairie Firmin-Didot et Cie, 1885.

R.G. Badger, Travel Among the Ancient Romans. Boston, The Gorham Press, 1920.

Ernest Stuart Bates, Touring in 1600: a study in the Development of Travel as a Means of Education. Boston and New York, Houghton Mifflin Company, 1912.

Hans Bauer, Wenn einer eine Reise tat. Eine Kulturgeschichte des Reizens von Homer bis Baedeker. Leipzig, 1971.

Hermann Bausinger, Klaus Beyrer, Gottfried Korff (Herausgebers), Reisekultur. Von der Pilgerfahrt zum modernen Tourismus. München, Verlag C. H. Beck, 1991.

Alain Becchia, Voyages et déplacements au début du XIXe siècle. Etude des passeports intérieurs conservés à Elbeuf.
In: Annales de Normandie, Année 1991, 41-3, pp. 179-215. https://www.persee.fr/doc/annor_0003-4134_1991_num_41_3_1888

Alexis Belloc, La manière de voyager autrefois et de nos jours. Paris, 1903.

H. Berghoff et al., (Eds.), The Making of Modern Tourism. The Cultural Historyof the British Experience, 1600-2000. Basingstoke, 2002.

J. Black, The British Abroad. The Grand Tour in the Eighteenth Century. Stroud, History Press, 2003.

Elena Bondarik, Digital transformation in travel and tourism. 08/17/2018.
Via: https://www.geospatialworld.net/blogs/digital-transformation-in-travel-and-tourism-the-customer-journey/

Edmond Bonnaffé, Voyages et voyageurs de la Renaissance. Paris, 1895, reprint Slatkine, Genève, 1970.

L. Bonnard, Le Voyage en France à travers les Siècles. Paris, Touring Club de France, 1927.

Alain Bottaro et al., Hôtels & palaces Nice: Une histoire du tourisme à de 1780 à nos jours. Gilletta Editions, 2019.

J.-J. Bousquet, Le camping, évasion vers la nature? Paris, Vigot, 2é èdition, 1945.

P. Boussel, Histoire des vacances. Berger-Levrault, 1961.

Marc Boyer, L’invention du tourisme. Paris, Découvertes Gallimard, 1996.

Marc Boyer, Histoire du tourisme de masse. Paris, Le Tourisme de masse. Paris, PUF, 1999.

Marc Boyer, Histoire de l’invention du tourisme, XVIe – XIXe siècles. La Tour d’Aigues, Editions de l’Aube, 2000.

Marc Boyer, L'art d'être touriste. Paris, Fayard, 2001.

Marc Boyer, Vade-mecum - Le tourisme en France. Caen, Éditions Management et Société, 2003.

Marc Boyer, Histoire générale du tourisme du XVIe au XXIe siècle. Paris, L'Harmattan, 2005.

Marc Boyer, Histoire de l’invention du tourisme dans le Sud-Est de la France. Grenoble, Presses Universitaires de Grenoble, 2005.

Marc Boyer, La Maison de campagne XVIIIe-XXIe siècle. Une histoire culturelle de la résidence de villégiature. Paris, Autrement, 2007.

Marc Boyer, Les villégiatures du XVIe au XXIe siècle. Panorama du tourisme sédentaire. Caen, Éditions Management et Société, 2008.

P. Brendon, Thomas Cook. 150 Years of Popular Tourism. Londen, Secker & Warburg, 1991.

B. ten Broecke Hoekstra, Met de auto op reis. Wenken uit de praktijk voor den automobilist. In samenwerking met den Kon. Ned. Toeristenbond A.N.W.B..Amsterdam, N.V. Uitg.-Mij 'Kosmos', 1936.

Cyriel Buysse, Reizen van toen. Met de automobiel door Frankrijk. (Samengesteld en ingeleid door Luc van Dorslaer.) Antwerpen/Amsterdam, Manteau, 1992.

Nicolien Hendriks Buysse, H.M.T. Buts-Van der Ven, 125 jaar betekenisvol ontmoeten. Jubileumuitgave ter gelegenheid van 125 jaar VNB Nationale Bedevaarten. ‘s Hertogenbosch, Stichting VNB Nationale Bedevaarten, 2008.

J. Buzard, The Beaten Track: European Tourism, Literature and the Ways to Culture, 1800 – 1918. Oxford, Clarendon Press, 1993.

René Cabannes, Les congés payés en France et à l'Etranger. Les Publications Sociales, vers 1930.

Jean-Paul Caracalla, Le goût du voyage. De l’Orient-Express au Train à Grande Vitesse. Histoire de la Compagnie des Wagons-Lits. Paris, Compagnie de Wagon-Lits, Flammarion, 2001.

Jean Cassou, Du voyage au tourisme, in: Communications, n° 10, Paris, Seuil, 1967.

Marshall Cavendish, Les grandes invasions. Editioons du Pélican, 1986.

Georges Cazes, Le tourisme inhternational. Mirage ou stratégie d'avenir. Paris, Hatier, 1989.

Georges Cazes et Françoise Potier, Le tourisme urbain. Paris, PUF, Coll. 'Que sais-je?, 1996.

Georges Cazes et Françoise Potier (Dir.), Le tourisme et la ville: expériences européennes. Paris, L'Harmattan, 1998.

Georges Cazes et Georges Courade, 'Les masques du tourisme, in: Revue Tiers-Monde, XLV/178, Paris, PUF, 2004.

J. Céard, J.-C. Margolin (sous la direction de), Voyages et voyageurs à la renaissance. Actes du Colloque de Tours, Maisonneuve, et Larose, 1987.

C. Chard, Pleasure and guilt on the Grand Tour. Travel writing and imaginative geography 1600-1830. Manchester en New York, 1999.

Jean Chéline & Henry Branthomme, Les Chemins de Dieu. Histoire des pélerinages chrétiens des origines à nos jours. Paris, Hachette, 1982.

Claudine Chevrel, Béatrice Cornet, Les vacances, un siècle d’images, des milliers de rêves. Paris, Paris Bibliothèques Editions, 2006.

Francis Claudon, De romantische reis. Utrecht, Kwadraat, 1988.

Loly Clerc, Hier, nos vacances. Genève, Aubanel, 2007.

E. Cohen, A Phenomenology of Tourist Experiences. New York, Harper Perennial, 1979.

Sylva Consul, Les Petits Touristes. Premier voyage de vacances. Paris, Editeurs Tolba, 1892.

Jean M. Coulemot, Paul Lidsky et Didier Masseau (eds.), Le Voyage en France. Anthologie des voyageurs européens en France, du Moyen Age à la fin de l'Empire. Paris, Robert Laffont, 1995.

Jean M. Coulemot, Paul Lidsky et Didier Masseau (eds.), Le Voyage en France. Anthologie des voyageurs français et étrangers en France, aux XIXe et XXe siècles (1815 - 1914). Paris, Robert Laffont, 1997.

José Cubero, Histoire du vagabondage du Moyen-Age à nos jours. Paris, Editions Imago, 1998.

Jean-François Dancel, De l'Influence des voyages sur l'homme et sur ses maladies. Ouvrage spécialement destiné aux gens du monde. 1848. (Ré-éd. Hachette Livre BNF, 2014.)

Jan Das en Louis van Ollefen, Wat je thuislaat is meegenomen. Honderd jaar actief en sportief kamperen 1912-2012. Leusden, Nederlandse Toeristen Kampeer Club, 2012.

Paul Delmet, Chansons de Montmartre. Préface de Maurice Boukay. Poésies de Henri Bernard, Louis Bernard, Maurice Boukay, Theodore Botrel, Léon Durocher, Eugène Heros, Pierre Kok, Jacques Redelsperger, Georges Rozet. Dessins de Steinlen. Paris, Enoch & Cie et Ernest Flammarion, 1899.

Normand Doiron, L'Art de voyager. Le déplacement à l'époque classique. Paris/Saint-Foy, Klincksieck/Presses de l'université Laval, 1995.

J. van Dorp, Kampeeridyllen. Amsterdam, Van Holkema & Warendorf, 1929.

Normand Dorron; L'Art de voyager. Le déplacement à l'âge classique. Sainte Foy, Université de Laval - Paris, Kincksieck, 1995.

Laura Lee Downs, Childhood in the Promised Land: Working-class Mouvements and the 'Colonies de Vacances' in Franc, 1880-1960. Durham and London, 2002.

Jean-François Dubost, Les étrangers en France. XVIe siècle -1789. Guides des recherches aux Archives Nationales. Paris, Archives Nationales, 1993.

René Duchet, Le Tourisme à travers les âge, sa place dans la vie moderne. Paris, Vigot frères, éditeurs, 1949.

R. Dufour, Mythologie du week-end. Paris, Cerf, 1980.

Aimé Dupuy, Voyageurs à la découverte de l'ancienne France, 1500 – 1850. Paris, Le Club du livre d’histoire, 1957.

Marie-Therése et Louis Duval et.a, Carnet du Moniteur de Colonie de Vacances. Un guide, un répertoire, un aide-mémoire - avec vous au service des enfants. Nogent-sur-Marne, Chez l'auteur, 16e édition - 180e mille, 1966.

J. Elsner en J. P. Rubies ed., Voyages and Visions. Towards a Cultural History of Travel. London, 1999.

Karl Enenkel, Paul van Heck en Bart Westerweel (red.), Reizen en reizigers in de Renaissance. Eigen en vreemd in oude en nieuwe werelden. Amsterdam, Amsterdam University Press, 1998.

Yves-Marie Evanno, Johan Vincent (Sous la direction de), Tourisme et Grande Guerre: Voyage(s) sur un front historique méconnu (1914-2019). Editions Codex, 2019.

Maxime Feifer, Going places. London, Macmillan, 1985.

Maxine Feifer, Tourism in History. From Imperial Rome to the Present. Biarcliff Manor, NY, Stein and Day, 1986.

Paul Gerbod, Voyager en Europe. Du Moyen Age au IIIe millénaire. Paris, l'Harmattan, 2002.

Jacques Gimard, Nos vacances à la mer - L'Age d'or des Loisirs Balnéaires. Editions Le Pré aux Clercs, 2006.

Jean Ginier, Les touristes étrangers en France. Ed . Genin, 1969.

Scott Goodall, The Freedom Trail: Following one of the hardest wartime escape routes across the central Pyrenees into Northern Spain. Banbury UK, Inchmere Design, 2005.

Adam Gopnik (Ed.), Americans in Paris: A Literary Anthology. New York, Library of America, 2004.

Bertram M. Gordon, War Tourism. Second World War France from Defeat and Occupation to the Creation of Heritage. Cornell University Press, 2018.

Pierre de Gorsse, Reines en vacances. Paris, Le Pavois, 1949.

N. Gosling, Van Montmartre tot Montparnasse: kroniek van artistiek Parijs 1900-1914. Amerongen, Gaade, 1979.

Jean Goulemot, Paul Lidsky et Didier Masseau, Le Voyage en France. Anthologie des voyageurs européens en France du Moyen Age à la fin de l’Empire. Paris, Robert Laffont, Bouquins, 1995.

Jean Goulemot, Paul Lidsky et Didier Masseau, Le Voyage en France. Anthologie des voyageurs français et étrangers en France aux XIXe et XXe siècles (1815 – 1914). Paris, Robert Laffont, Bouquins, 1997.

Nancy L. Green, French Tourism and Tourists in France. The Comparative Gaze: Travelers in France before the Era of Mass Tourism. In: French Historical Studies, Duke University Press, Volume 25, Number 3, pp. 423-440, Summer 2002.

Wolfgang Griep und Hans-Wolf (Hgg.), Reisen im 18. Jahrhundert. Neue Untersuchungen (= Neue Bremer Beiträge, 3), Heidelberg, 1986.

Ueli Gyr, The History of Tourism : Structures on the Path to Modernity.
http://ieg-ego.eu/en/threads/europe-on-the-road/the-history-of-tourism, 2010.

Jill Hamilton, Thomas Cook. The Holiday-Maker. Stroud, Sutton Publishing Ltd., 2005.

C. Hibbert, The Grand Tour. London, Thames Methuen, 1987.

Geoffry Hindley, Tourists, Travellers and Pilgrims. London, Hutchinson, 1983.

R. Hudson (ed.), The Grand Tour, 1592 - 1796. London, The Folio Society, 1993.

François Icher, Les Compagnons ou l'amour de la belle ouvrage. Paris, Découvertes Gallimard, 1995.

F. Inglis, The Delicious History of the Holiday. London, Routledge, 2000.

Eugène Joliat, Smollett et la France. Paris, Librairie Ancienne Honoré Champion, 1935.

Alice Kaplan, Dreaming in French. The Paris Years of Jacqueline Bouvier Kennedy, Susan Sontag, and Angela Davis. Chicago and London, The University of Chicago Press, 2012.

Lawrence S. Kaplan, Jefferson and France: An Essay on Political Ideas. New Haven, Yale University Press, 1967.

Fabienne Kriegel (dir.), Collection Roger-Viollet, Les Congés Payés en Photos. Paris, Hachette Collections, 2006.

Petra Langen en Jan Hein van Furnée (Red.), Op reis in de negentiende eeuw. Speciaal uitgave 'De negentiende eeuw', no. 37, 2013.

Catherine Bertho Lavenir, La Roue et le Stylo. Comment nous sommes devenus touristes. Paris, Editions Odile Jacob, 1999.

Eric G. Leed, The Mind of the Traveller - From Gilgamesh to Global Tourism. New York, Basic Books, 1991.

Claire Levasseur, Sébastien Jacquot, et al., Atlas mondial du tourisme et des loisirs: Du Grand Tour aux voyages low cost. 2018.

Harvey Levenstein, Seductive Journey. American Tourists in France from Jefferson to the Jazz Age. Chicago, The University of Chicago Press, 1998.

Harvey Levenstein, We'll Always Have Paris: American Tourists in France since 1930. Chicago, University of Chicago Press, 2010.

Melanie van der Linden, 'Et in Arcadia Ego!' Ontwikkelingen in reisgedrag en reisbeleving van Nederlanders naar Parijs in de negentiende eeuw. Rotterdam, ongepubliceerde doctoraalscriptie, Erasmus Universiteit Rotterdam, 2013.

Orvar Löfgren, On Holiday. A History of Vacationing. Berkeley – Los Angeles – London, University of California Press, 1999.

Loyke Lomine, Tourisme in Augustan Society (44 BC-AD 69). In: John K Walton (Ed.), Histories of Tourism. Representation, Identity and Conflict. Clevedon - Buffalo - Toronto, Channel View Publications, 2005. (pp. 69-87).

Winfried Löschburg, Vom Reiselust und Reiseleid. Frankfurt am Main, 1977.

Antoni Maczak, De ontdekking van het reizen. Europa in de vroeg-moderne tijd. Utrecht, Het Spectrum, 1998.

Patrick Marchand et Laurent Albaret, Les vacances. Quelle histoire! Bruxelles, Snoeck-Ducaju & Zoon, 2009.

David McCullough, The Greater Yourney. Americans in Paris. New York, Simon & Schuster Paperbacks, 2012.

Nancy Mitford, Snobismes et voyages. Paris, Stock, 1964.

Börn W. Mundt, Thomas Cook. Pionier des Tourismus. UVK Verlagsgesellschaft, 2014.

A.P. Newton, ed., Travel and Travellers of the Middle Ages. London, Routledge and Kegan Paul, 1949.

Carmelo Pellejero Martinez et Marta Luque Aranda (Sous la direction de), Inter and Post-war Tourism in Western Europe, 1916-1960. Springer Nature Switzerland AG, 2020.

Virginie Picon-Lefebvre, La fabrique du bonheur: Architectures du tourisme et des loisirs. Parenthèses, 2019.

Hans-Werner Prahl, Albrecht Steinecke, Der Millionen-Urlaub. Von der Bildungsreise zur totalen Freizeit. Darmstadt/Neuwied, 1979.

Branislav Rabotic, Special-Purpose Travel in Ancient Times: "Tourism" before Tourism? in: Broj 14, pp. 5-17, december 2014.

André Rauch, Vacances et pratiques corporelles: la naissance des morales du depaysement. Paris, Presses Universitaires de France, 1988.

André Rauch, La vie quotidienne des vacances en France de 1830 à nos jours. Paris, Hachette, 1996.

André Rauch, Les vacances en France de 1830 à nos jours. Paris, Hachette Littérature, coll. Pluriel, 2001.

Jan Raymaekers, Congé payé. Op vakantie vanaf de jaren 30. Antwerpen, Van Halewyck, 2012.

Bertrand Réau, Eliten auf Reisen. Junge Adlige gingen einst auf die "Grand Tour", um von der Fremde zu lernen. In: Le Monde Diplomatique (Deutsche Ausgabe), Juli 2012.
Via: https://www.monde-diplomatique.de/pm/2012/07/13.mondeText.artikel,a0054.idx,17

Daniel Roche, Humeurs vagabondes: de la circulation des hommes et de l'utilité des voyages. Paris, Fayard, 2003.

Daniel Roche, Les circulations dans l'Europe moderne. XVIIe-XVIIIe siècle. Pluriel, 2011.

J. Sagnes (dir.), Deux Siècles de tourisme en France. Perpignan, Presses Universitaires de Perpignan, 2001.

Etienne Martin Saint-Léon, Le compagnonnage. Son histoire, ses coutumes, ses règlements et ses rites. 2018.

Prof. Dr. A. Sizoo, Reizen en trekken in de oudheid. Kampen, Uitgeversmaatschappij J. H. Kok N.V., 1962.

P. Smith, The History of Tourism: Thomas Cook and the Origins of Leisure Travel. London, Routledge, 1998.

Edmund Swinglehurst, Cook's Tours: The Story of Popular Travel. Poole, Dorset, Blandford Press, 1982.

Edmuns Swinglehurst, The Romantic Journey: the Story of Thomas Cook and Victorian Travel. London, Pica, 1974.

Carl Thompson, The Suffering Traveller and the Romantic Imagination. Claredon, 2007.

Gerrit Verhoeven, Calvinist pilgrimages and popish encounters: religious identity and sacred space on the Dutch Grand Tour (1598-1685). In: Journal of social history, 43:3, pp. 615-634, 2010.

Evert Verreth, Baedeker achterna. De reiscultuur van hoogburgerlijke families aan het einde van denegentiende eeuw. Leuven, Meesterproef aangeboden binnen de opleidingmaster in de Geschiedenis, Universiteit Leuven, 2014-2015.

Dr. Anna Frank van Westrienen, De Groote Tour. Tekening van de educatiereis der Nederlanders in de zeventiende eeuw. Amsterdam, Noord-Hollandsche Uitgeversmaatschappij BV, 1983.

----------

HET NOG NIET ZO LANG VERLEDEN, HET HEDEN EN DE NABIJE TOEKOMST VAN HET REIZEN EN HET TOERISME:


Zacharoula Andreopoulou, Nikas Leandros, Giovanni Quaranta, Rosanna Salvia, New Media, Entrepreneurship and Sustainable Development. FrancoAngeli Eds., Italy / Ikeeboorch, 2019-236.

Idem: The State of the Cultural Heritage Industry in Europe: A Growth in Transformation Perspective. Chater 12 of: Zacharoula Andreopoulou, Nikas Leandros, Giovanni Quaranta, Rosanna Salvia, New Media, Entrepreneurship and Sustainable Development. FrancoAngeli Eds., Italy / Ikeeboorch, 2019-236.

Anonyme, These Practices Of Augmented Reality In Tourism Industry Will Make Your Jaw Drop!
Via: https://augray.com/blog/augmented-reality-in-tourism-industry/

Marc Augé, L'Impossible Voyage. Le tourisme et ses images. Paris, Editions Payot & Rivages, 1997.

Ayse Betul Bal, Tourism-phobia spreading across Europe. In: Daily Sabah, september 22, 2018.
Via: https://www.dailysabah.com/op-ed/2018/09/22/tourism-phobia-spreading-across-europe

Zygmunt Bauman, From pilgrim to tourist: Or a short history of identity. In: S. Hall & P. du Gay (Eds.), Questions of cultural identity (pp. 18-36). London, Sage, 1996.

Zygmunt Bauman, Tourists and vagabonds: heroes and victims of postmodernity. Wien, Institut für Höhere Studien, 1996.

Zygmunt Bauman und Martin Suhr, Flaneure, Spieler und Touristen: Essays zu postmodernen Lebensformen. Hamburger Edition, 1 Jan. 2007.

Elizabeth Becker, Overbooked. The Exploding Business of Travel and Tourism. New York, etc., Simon & Schuster Paperbacks, 2013.

Elizabeth Becker, Tourist Trap. The Risks and Rewards of the Global Travel Industry. World Politics Review, Format Kindle, 2015.

Pierre Benckendorff, Gianna Moscardo et.al. (Sous la direction de), Tourism and Generation Y. Cambridge, MA, CAB International, 2010.

Rienk-Jan Benedictus, Reizen binnen grenzen van de moderniteit. Een onderzoek naar de toeristische ervaringswijze in de moderne, versnelde tijd en gemediatiseerde cultuur. Masterscriptie, Faculteit Wijsbegeerte van de Rijksuniversiteit Groningen, Vakgroep Praktische Filosofie, januari 2014.
Via: https://xs4all.academia.edu/RienkJanBenedictus.

Roland Berger / Global Blue, Millennials. The generation reshaping travel and shopping habits. June 2018.
Via: https://issuu.com/globalblue1/docs/roland_berger_event_180608_digital

Yves-Guy Bergès, Auto-Stop! Guide pratique et humoristique de l'auto-stoppeur. Illustrations de Sempé. Paris, Librairie Arthème Fayard, 1961.

Jean-Michel Bezat, Tourisme : « Comment changer de modèle sans tuer la poule aux œufs d’or? » In: Le Monde, 29-06-2020.
Via: https://www.lemonde.fr/idees/article/2020/06/29/tourisme-comment-changer-de-modele-sans-tuer-la-poule-aux-ufs-d-or_6044517_3232.html

Patrick Blackden, Tourist Trap: When Holiday Turns to Nightmare. Virgin Books, 2003.

Lynda-Ann Blanchard, Freya Higgins-Desbiolles (Sous la direction de), Peace through Tourism: Promoting Human Security Through International Citizenship. Routledge, 2013.

Jessica de Bloom, De kunst van het vakantievieren. Amsterdam, Boom, 2012.

Daniel J. Boorstin, From Traveller to Tourist: The Lost Art of Travel. In: Daniel J. Boorstin, The Image. A Guide to Pseudo-Events in America. (1961). New York, NY, First Vintage Books Edition, 1992.

Jeremy Boissevan, Coping with Tourists. European Reactions to Mass Tourism. New York & London, Berghahn, 1996.

Philippe Bourdeau & Rodolphe Christin, Tourisme, l'industrie de l'évasion. Oisiveté bien encadrée. In/ Je Monde Diplomatique, juillet 2012.
Via: https://www.monde-diplomatique.fr/2012/07/BOURDEAU/47937

Laurent Bourdeau et Pascale Marcotte, Routes touristiques et itinéraires culturels, entre mépoire et développement. Actes du colloque des routes touristiques. Laval, Presses de l'Université Laval, 2013.

Christelle Boutec, Tourisme de luxe: Quelles sont les perspectives d'avenir?. Université Européenne, 2018.

D. Bowen and J. Clarke, Contemporary Tourist Behaviour: Yourself and Others as Tourists. Cambridge, USA, Cabi, 2009.

>Marc Boyer, Le tourisme de l’an 2000. Lyon, Presses Universitaires de Lyon, 1999.

A. Brown, S. Ahmad, C. Beck & J. Nguyen-Van-Tam, The roles of transportation and transportation hubs in the propagation of influenza and coronaviruses: A systematic review. In: Journal of Travel Medicine, 23(1), 2016.
Via: https://doi.org/10.1093/jtm/tav002

J. M. Cheer, C. Milano & M. Novelli, Tourism and community resilience in the anthropocene: Accentuating temporal overtourism. Journal of Sustainable Tourism, 27, 554–572, 2019.

Geneviève Clastres, Le cadeau empoisonné du tourisme culturel. In: Le Monde Diplomatique, juillet 2019, p. 6.
Via: https://www.monde-diplomatique.fr/2019/07/CLASTRES/60056

Richard Cobb, Paris and Elsewhere. New York, New York Review Books, 2004.

E. Cohen, Authenticity And Commoditazation in Tourism. In: Annals of Tourism Research, Volume 15, issue 3, pages 371-386, 1988.

Saskia Cousin et Bertrand Réau, L'avènement du tourisme de masse, in: Sciences Humaines, 21-02-2011.

Saskia Cousin, G. Chareyron, J. Darugna et S. Jacquot, Etudier Tripadvisor. Ou comment tripatouiller les cartes de nos vacances'.
Via www.espacestemps.net/articles/etudier-tripadvisor/

Saskia Cousin, G. Chareyron et S. Jacquot, 'Big Data and tourism'. In: The Sage International Encyclopedia of Travel and Tourism, Amherst, University of Massachusetts, 2016.

Pascal Cuvelier, Anciennes et nouvelles formes de tourisme: Une approche socio-économique. Paris/Montréal, Editions L'Harmattan, 1997.

Thomas Daum et Eudes Girard, Du voyage rêvé au tourisme de masse. Paris, CNRS éditions, 2018.

T. Daum et E. Girard: « Le tourisme devient aujourd’hui un enjeu politique ». Interview in: Les géographes lisent le monde par sociétégéo, posted 13 septembre 2018.
Via: https://socgeo.com/2018/09/13/t-daum-et-e-girard-le-tourisme-devient-aujourdhui-un-enjeu-politique/

Florence Deprest, Enquête sur le tourisme de masse. L'écologie face au territoire. Paris, Belin, 1997.

Rachel Dodds, Overtourism: Issues, realities and solutions. De Gruyter Studies in Tourism, 2019.

Valentina Boschetto Doorly, Megatrends Defining the Future of Tourism: A Journey Within the Journey in 12 Universal Truths. Springer Nature Switzerland AG, 2020.

Dianna Dredge, “Overtourism” Old wine in new bottles? 2017.
Via: https://www.linkedin.com/pulse/ overtourism-old-wine-new-bottles-dianne-dredge

Michel Durrieu, Gustavo Santos, L'Après. Tourisme et humanité. Paris, Le Cherche Midi, 2020.

Bernard Duterme, La domination touristique. Points de vue du Sud. Editions Syllepse, 2018.

Gérard Duval, Demain, la fracture touristique ? Dans: 'Espaces tourisme & loisirs', Avril 2008.

Eduardo Fayos-Solà, Chris Cooper (Editors), The Future of Tourism: Innovation and Sustainability. Springer, 2018.

M. García-Hernández, M. de la Calle-Vaquero & C. Yubero, Cultural heritage and urban tourism: Historic city centres under pressure. Sustainability, 9(1346), 1-19, 2017.

Juliette Garnier, Scénario catastrophe pour le secteur du tourisme. Partout dans le monde la fréquentation des sites chute. Ce secteur pèse 10,4% du PIB mondial. Dans: Le Monde, 3 mars 2020.
Via: https://www.lemonde.fr/planete/article/2020/03/02/scenario-catastrophe-pour-le-secteur-du-tourisme_6031512_3244.html?fbclid=IwAR2w7w2jjCVU6bsh9tx7TBr_Ni-EDrJpKbPqDnINFOXw11YagnGzNLyBiho

Alain Garrigou, Le voyage comme expérience intime de la mondialisation. In: Le Monde Diplomatique, 31 juillet 2013.
Via: https://blog.mondediplo.net/2013-07-29-Le-voyage-comme-experience-intime-de-la

S. Gössling, Global environmental consequences of tourism. In: Global Environmental Change, 12(4), 283–302, 2002.
Via: https://doi.org/10.1016/S0959-3780(02)00044-4

S. Gössling & C. M. Hall (Eds.), Tourism and global environmental change: Ecological, economic, social and political interrelationships. Routledge, 2006.

S. Gössling & P. M. Peeters, Assessing tourism's global environmental impact 1900–2050. Journal of Sustainable Tourism, 23(5), 639-659, 2015.

S. Gössling, A. Ring, L. Dwyer, A. C. Andersson & C. M. Hall, Optimizing or maximizing growth? A challenge for sustainable tourism. Journal of Sustainable Tourism, 24(4), 527–548, 2016.
Via: https://doi.org/10.1080/09669582.2015.1085869 [Taylor & Francis Online].

Stefan Gössling, Daniel Scott & C. Michael Hall, Pandemics, tourism and global change: a rapid assessment of COVID-19. Published online: 27 Apr 2020.
https://www.tandfonline.com/doi/full/10.1080/09669582.2020.1758708

Maria Graves-Barbas et Sébastien Jacquot (co-réd.), Patrimoine mondial et développement: au défi du tourisme durable. Québec, Presses universitaires de Québec, 2014.

David Harrison and Richard Sharpley (eds.), Mass Tourisme in a Small World. Wallingford, AbiCabi, 2017.

Christoph Hennig, Reiselust. Touristen, Tourismus und Urlaubskultur. Frankfurt am Main, Surhkamp, 1999.

Jean-Michel Hoerner, Géographie de l'industrie touristique. Paris, Ed. Ellipses, 1997.

Jean-Michel Hoerner, Mémoires d'un nouveau touriste. Perpignan, Balzac Editeur, 2006.

Jean-Michel Hoerner, Géopolitique du Tourisme. Paris, Armand Collin, 2008.

Jean-Michel Hoerner, Le dictionnaire utile du tourisme. Nîmes, CirVath, 2009.

Jean-Michel Hoerner, Le tourisme dans la mondialisation: Les mutations de l'industrie touristiques. Paris, L'Harmattan, 2010.

Norbert Höfler, Wir Kreuzfaher. Millionen Deutsche lieben Urlaub auf dem Schiff. Wie das umstrittene Milliardengeschäft funktioniert. In: Stern, Nr. 48, 21.11.2019, pp. 26-36.

Michel Houellebecq, Plateforme. Paris, Flammarion, 2001.

Sébastien Jacquot, et al., Atlas mondial du tourisme et des loisirs : Du Grand Tour aux voyages low cost. Paris, Editions Autrement, 2018.

Tony Joseph, How Is Augmented Reality Reshaping Travel and Tourism. February 5, 2019.
Via: https://www.fingent.com/blog/how-is-augmented-reality-reshaping-travel-and-tourism

D. Judd and S. Fainstein (Ed.), The Tourist City, New Haven, Yale University Press, 1999.

Martin Kettle, Mass tourism is at a tipping point – but we’re all part of the problem. In: The Guardian, August 11, 2017.

Torsten Kirstges, Tourismus in der Kritik. Stuttgart, UTB GmbH, 2020.

Jost Krippendorf, Die Landschaftsfresser. Tourismus und Erholungslandschaft - Verderben oder Segen? Bern und Stuttgart, Hallwag Verlag, 1975.

Jost Krippendorf, Die Ferienmensch. Für ein neues Verständnis von Freizeit und Reisen. München, 1986.

Jost Krippendorf, The Holiday Makers: Understanding the Impact of Leisure and Travel. Oxford, Heinemann Professional Publishing, 1987.

Larry Krotz, Tourists: How Our Fastest-Growing Industry Is Changing The World. Boston, Faber and Faber, 1996.

Clare Lade et al., International Tourism Futures: The Drivers and Impacts of Change. Goodfellow Publishers Limited, 2020.

George Lapierre, L'horreur touristique - Le management de la planète. Dans: Offensive N° 14, septembre 2008, et dans: Divertir pour dominer. La culture de masse contre les peuples, pp. 189 – 251. Montreuil, Editions L’échappée, 2010.

Annabelle Laurent, «Le rejet du tourisme de masse va s'amplifier». Dans: Usbek & Rica, 14/07/2018, 15:00 #Société #Tourisme.
Via: https://usbeketrica.com/article/le-rejet-du-tourisme-de-masse-va-s-amplifier

Agnès Leclair, Coronavirus. Les vacances d'été auront-elle lieu? In: Le Figaro (couverture), 25-04-2020.

James Leigh, Craig Webster, et al., Future Tourism: Political, Social and Economic Challenges. London etc., CRC Press, 2012.

Ian Littlewood, Sultry Climates. Travel & Sex. Boston, Mass., Da Capo Press, 2002.

Jane Lovell and Chris Bull, Authentic and Inauthentic Places in Tourism: From Heritage Sites to Theme Parks. London, Routledge, 2017.

Liguel Medina, Phare du tourisme mondial. Entretien avec Christophe Bouillaud et Jean-Michel Hoerner. In. Atlantico, 29 juillet 2018.

McKinsey & World Travel & Tourism Council [WTTC]. Coping with success: managing overcrowding in tourism destinations. 2017.

Franck Michel, Planète Sexe. Tourismes, marchandisation et déshumanisation des corps. Paris, Homnisphères, 2006.

Claudio Milano, Over-tourism and Tourism-phobia: Global trends and local contexts. Barcelona, 2017.

Claudio Milano, Joseph M. Cheer & Marina Novelli, Overtourism: A growing global problem. The Conversation, July 18, 2018.
Via: https://theconversation.com/overtourism-a-growing-global-problem-100029, Downloaded: 4/ 2/2019

Claudio Milano, Joseph M. Cheer and Marina Novelli (Editors), Overtourism: Excesses, Discontents and Measures in Travel and Tourism. Oxfordshire, UK - Boston, MA, 2019.

Claudio Milano, J. M. Cheer & M. Novelli, Overtourism: a growing global problem. 2018. Via: https://theconversation.com/overtourism-a-growing-global-problem-100029.

Claudio Milano, Marina Novelli and Joseph M. Cheer, Overtourism and Tourismphobia: A Journey Through Four Decades of Tourism Development, Planning and Local Concerns. In: Journal of Tourism Planning & Development, Volume 16, 2019 - Issue 4, Pages 353-357.
Via: https://www.tandfonline.com/doi/full/10.1080/21568316.2019.1599604 (Published online: 23 Apr 2019).

Le Monde, Editorial, La France championne du monde du tourisme, au bord de l’overdose. Publié le 04 octobre 2018 à 11h15 - Mis à jour le 04 octobre 2018 à 20h50 Temps de Lecture 2 min.
Via: https://www.lemonde.fr/idees/article/2018/10/04/le-tourisme-au-bord-de-l-overdose_5364503_3232.html

Johanna Muller, The Future of Tourism. Forest Hill, NY, Wilford Press, 2019.

Brian Moynaham, Airport International. The sensational book that takes the lid of the world of international Air Travel. New York etc., Macmillan, 1978.

Brian Moynahan, Fool's Paradise ... to the great tourist tourist rip-off. London and Sydney, Pan Books, 1983.

Brian Moynahan, The Tourist Trap: The Hidden Horrors of the Holiday Business and how to Avoid Them. London and Sidney, Pan Books, 1985.

Ludivine Ndjitcham, Quel avenir pour le tourisme? Éditions Universitaires Européennes, 2014.

NRC-H (Hoofdredactioneel commentaar), Bedreigde toerismesector was al langer toe aan grondige renovatie. In: NRC-H, 2 mei 2020.
Via: https://www.nrc.nl/nieuws/2020/05/02/bedreigde-toerismesector-was-al-langer-toe-aan-grondige-renovatie-a3998522?fbclid=IwAR2nwPyQxUkmk2YAKdLLALUnhwiDMKoHYTJcZ7-KvGGrMQLYA74n0gR2IW8

W. K. Obeidy, H. Arshad & J.Y. Jiung Yao Huang, An acceptance model for smart glasses-based tourism augmented reality. The 2nd International Conference on Applied Science and Technology (ICAST’17), 2017.
Via: https://doi.org/10.1063/1.5005413

María Gómez y Patiño1, F. Xavier Medina, Jose M. Puyuelo Arilla, New Trends in Tourism? From Globalization to Postmodernism.
In: International Journal of Scientific Managment Tourism , 2016, Vol. 2 Nº3, pp 417-433.

P. M. Peeters, Tourism’s impact on climate change and its mitigation challenges. How can tourism become ‘climatically sustainable’? (PhD). Delft, Delft University of Technology, 2017.

P. M. Peeters et al., Research for TRAN Committee - Overtourism: impact and possible policy responses, European Parliament, Policy Department for Structural and Cohesion Policies, Brussels, 2018.
Via: https://www.europarl.europa.eu/RegData/etudes/STUD/2018/629184/IPOL_STU(2018)629184_EN.pdf

Ilja Leonard Pfeijffer, Grand Hotel Europa. Amsterdam, De Arbeiderspers, 2018.

A. Postma, B. Papp & K. Koens, Visitor pressure and events in an urban setting: understanding and managing visitor pressure in seven European urban tourism destinations. Breda/Leeuwarden/Vlissingen, 2018.

Bertrand Réau, Du « grand tour » à Sciences Po, le voyage des élites. Parcourir le monde pour conserver sa place... Ou comment, depuis le XVIIe siècle, la domination locale se régénère à l’étranger. In: Le Monde Diplomatique, Juillet 2012, pages 20 et 21.
Via: https://www.monde-diplomatique.fr/2012/07/REAU/47948

Sébastien Roffat, Disney et la France: Les vingt ans d'Euro Disneyland. Paris, Editions L'Harmattan, 2007.

Heguy Roland, Réinvention le Tourisme en France. 2019.

Cédric Rousseau, Pourquoi les Hollandais déferlent en France l’été. In: Ouest-france, Jeudi 4 Août 2016.

Isabelle Sacareau, Benjamin Taunay, Emmanuelle Peyvel (Souus la direction de), La mondialisation du tourisme: Les nouvelles frontières d'une pratique. Rennes, Presses Universitaires de Rennes, 2015.

Thomas Saintourens, Tourisme: comment voyagera-t-on dans 20 ans? Usbek & Rica 03/07/2017.
Via: https://usbeketrica.com/article/tourisme-comment-voyagera-t-on-dans-20-ans

Daniel Scott, C. Michael Hall, Stefan Gossling, Tourism and Climate Change. Impacts, Adaptation and Mitigation. New York, Routledge, 2012.

D. Scott & S. Gössling, What could the next 40 years hold for global tourism? Tourism Recreation Research, 40(3), 269–285, 2015.
Via: https://doi.org/10.1080/02508281.2015.1075739

Noah Smith, Tourism Is Eating the World and Problems Are Only Going To Get Worse.
Via: https://traveltourism.news/tourism-is-eating-the-world-and-problems-are-only-going-to-get-worse/ (Consulted July, 2020.)

Rosie Spinks & Dan Kopf, Is tourism really the world’s largest industry? October 11, 2018.
Via: https://qz.com/1419103/is-tourism-really-the-worlds-largest-industry/

Kara Swisher (Contributing Opinion Writer), Will Our Most Important Industry Survive the Coronavirus? Governments need Big Tech now more than ever. In: The New York Times, March 24, 2020.
Via: https://www.nytimes.com/2020/03/24/opinion/tech-companies-covid.html

Kara Swisher (Contributing Opinion Writer), The Immunity of the Tech Giants. When the pandemic is over, we most certainly should fear the industry more than ever. In: The New York Times, May 1, 2020.
Via: https://www.nytimes.com/2020/05/01/opinion/tech-companies-coronavirus.html?searchResultPosition=1

United Nations World Tourism Organization. Tourism towards 2030: global overview. Madrid, 2011.

United Nations World Tourism Organization & Centre of Expertise Leisure, Tourism & Hospitality. ‘Overtourism? Understanding and managing urban tourism growth beyond perceptions. Madrid, 2018.

United Nations World Tourism Organization, Overtourism? Understanding and managing urban tourism growth beyond perceptions.Madrid, 2018.
Via: https://www.e-unwto.org/doi/book/10.18111/9789284420070

United Nations World Tourism Organization (2019). International tourist arrivals reach 1.4 billion two years ahead of forecasts. Madrid, 2019.
Via: http://www2.unwto.org/press-release/2019-01-21/ international-tourist-arrivals-reach-14-billion-two-years-ahead-forecasts (21-06-2019).

Washington Post, US intelligence reports from January and February warned about a likely pandemic. Retrieved April 14, 2020.
Via: https://www.washingtonpost.com/national-security/us-intelligence-reports-from-january-and-february-warned-about-a-likely-pandemic/2020/03/20/299d8cda-6ad5-11ea-b5f1-a5a804158597_story.html

Megan Epler Wood, Sustainable Tourism on a Finite Planet. London, Routledge, 2017.

World Economic Forum, Paving the way for a more sustainable and inclusive future. The Travel & Tourism Competitiveness Report 2017.

World Tourism Organization, Tourism Towards 2030. Global Overview. Madrid, UNWTO, 2011. http://media.unwto.org/sites/all/files/pdf/unwto_2030_ga_2011_korea.pdf.

World Tourism Organization (UNWTO), International tourism trends in EU-28 member states. Current situation and forecasts for 2020-2025-2030. Prepared for the European Commission. Madrid, 2014.

World Travel & Tourism Council. The economic impact of travel & tourism. 2017. 05-10-2018.
Via: https://www.wttc.org/-/ media/files/reports/economic-impact-research/regions-2017/world2017.pdf

Ian Yeoman, Tomorrows Tourists: Scenarios & Trends. Oxford, Elsevier, 2008.

Ian Yeoman with Tan Li Yu Rebecca, Michelle Mars and Mariska Wouters, 2050 – Tomorrow’s Tourism. Bristol-Buffalo-Toronto, Channel View Publicatons, 2012.

Ian Yeoman and Una McMahon-Beattie (Editors), The Future Past of Tourism: Historical Perspectives and Future Evolutions. Channel View Publication, 2019.

Eric G.E. Zuelow, A History of Modern Tourism. London, Macmillan Education UK, 2015.

----------

GESCHIEDENIS VAN PARIJS EN PARIJS ALS METROPOOL:


Clément Alain et Thomas Gilles, Atlas De Paris Souterrain. La Doublure Sombre De La Ville Lumière. Paris, Parigramme, 2001.

Woody Allen (Directed by), Midnight in Paris. Produced by Pontchartrain, 2011.

A. Alphand, Les promenades de Paris: histoire, description des embelliseements, dépenses de création et d'entretien des Bois de Boulogne et de Vincennes, Champs-Elysées, parcs, squares, boulevards,places platées. Etude sur l'art des jardins et arboretum. 2 tômes. Paris, 1867-73.

Petrine Archer-Straw, Negrophilia: Avant-Garde Paris and Black Culture in the 1920s. New York, Thames and Hudson, 2000.

Antoine De Baecque, Lumières et liberté. Paris, Seuil, 1998.

Antoine De Baecque, Les Nuits parissiennes. XVIIIe-XXIe siècle. Paris, Seuil, 2015.

Sarah Bakewell, At the Existentialist Café: Freedom, Being, and Apricot Cocktails with Jean-Paul Sartre, Simone de Beauvoir, Albert Camus, Martin Heidegger, Maurice Merleau-Ponty and Others. New York, Other Press, 2017.

Claude Balma (Réalisateur), Belphégor ou Le Fantôme du Louvre. (Avec Juliette Greco et al.). Pathé, 1965.

Honoré de Balzac, Le Diable à Paris. Paris et les Parisiens. 1845.

Theodore de Banville, Esquisses Parisiennes, scènes de la vie. Paris, Poulet-Malassis et de Broise, 1859.

Gilles Barbedette, Michel Carasso, Paris Gay 1925. Paris, Non Lieu, 2008.

Anne-Marie Baron, Le Paris de Balzac. Editions Alexandrines, 2016.

Maurice Barrois (photographies de Bernard Jourdes), Le Paris sous Paris. Genève, Western Publishing Hachette International, 1964.

Charles Baudelaire, Petits Poëmes en prose (Le Spleen de Paris) (1869). Paris, Gallimar, 1973.

L. Baumont-Maillet, L'eau à Paris. Paris, 1992.

John Baxter, The golden moments of Paris: a guide to the Paris of the 1920s. New York, NY : Museyon Inc., 2014.

Henry Beaulieu, Les Théâtres du boulevard du Crime (1752-1862). Paris, Daragon, 1905.

Walter Benjamin, Charles Baudelaire, Tableaux Parisiens. Deutsche Übertragung mit einem Vorwort über die Aufgabe des Übersetzers, édition bilingue français-allemand. Heidelberg, Verlag von Richard Weißbach, 1923

Walter Benjamin, ‘Paris, Capitale du XIXe Siècle’. Paris, Editions Allia, 2018.

Walter Benjamin, The Arcades Project. Cambridge, MA, Belknap Press / Harvard University Press, 1999.

Walter Benjamin, Das Passagen-Werk. Die Straßen von Paris: Einer der Grundlagentexte materialistischer Kulturtheorie - Blick in die Jetztzeit des Spätkapitalismus. ee-artnow, Format Kindl, 2015.

Walter Benjamin: Paris Arcades / Pariser Passagen, 100 Notes – 100 Thoughts / 100 Notizen – 100 Gedanke’. Hatje Cantz Verlag, 2012.

Shari Benstock, Women of the Left Bank. Paris, 1900 – 1940. Austin, University of Texas Press, 1986.

Stéphane Bern, Paris et son Métro. Montrouge, Mondadori France, 2016

Leonard Bernard, The Emerging City: Paris in the Age of Louis XIV. Durnham, North Carolina, 1970.

Jules Bertaut, Le Boulevard. Paris, J. Tallandier, 1957.

Jody Blake, Le Tumulte noir: Modernist Art and Popular Entertainment in Jazz-Age Paris, 1900-1930. Philadelphia, Pennsylvania State Pres, 1999.

Olivier Blanc, Les Libertines. Plaisir et liberté à Paris au XVIIIe siècle. Paris, Perrin, 1997.

Olivier Blanc, L'Amour à Paris au XVIIIe siècle. Paris, Perrin, 2002.

Patrice Bollon, Pigalle, le roman noir de Paris. Editions Hoëbeke, 2004.

Raf de Bont & Ton Verschaffel (red.), Het verderf van Parijs. Leuven, Universitaire Pers Leuven, 2004.

Georges Bordonove, Histoire secrète de Paris. 2 tomes. Paris, Albin Michel, 1980.

Jacques Borgé et Nocolas Viasnoff, Archives de Paris. Editions Michèle Trinckvel, 1993.

Jean-René BourrelLe, Paris de Malraux. Editions Alexandrines, Collection: Le Paris des écrivains, 2017.

Henri Boutet, Autour de Parisiennes. Où elles vont. Paris, Librairie A. Charles, ca. 1890.

Kees Brants en Chrisje Brants, Achter de façade. Een cultuur-historische ontdekkingsreis door Parijs. Amsterdam, Nijgh & van Ditmar, 2019.

Brassaï, Le Paris secret des années 30 par Brassaï. Paris, Gallimard, 1976.

Geneviève Bresc-Bautier, Mémoires du Louvre. Paris, Découvertes Gallimard, 2011.

Richard Brooks (Produced by), The Last Time I Saw Paris. (With Elizabeth Taylor, Van Johnson et al.). Metro-Goldwyn-Mayer, 1954.

François Buot, Gay Paris. Une histoire du Paris interlope entre 1900 et 1940. Paris, Fayard, 2013.

Richard D.E. Burton, The Flaneur and his City. Patterns of Daily Life in Paris 1815-1851. University of Durham, 1994.

Georges Cain, Promenades dans Paris. Paris, Ernest Flammarion, 1923.

Jean Calmus, Guide des Puces de Saint-Ouen et de Paris. Paris, Albin Michel, 1977.

Jean-Paul Caracalla, Les exilés de Montparnasse (1920-1940). Paris, Gallimard, 2008.

L.A. de Caraccioli, Paris, le modèle des nations étrangères. Veuve Duschesne, 1977.

Jean-Paul Caracalla, Saint-Germain-des-Prés. Paris, Flammarion, 1993.

Jean-Paul Caracalla, Montparnasse. L'âge d'or. Paris, Editions Denoël, 1997.

François Caradec et Jean-François Masson (eds.), Guide de Paris mystérieux. Les Guides Noirs, Tchou, Editeur, 1966.

François Caradec, Alain Weill, Le Café-concert (1848-1914). Paris, Fayard 2007.

E. Carassus, Le Mythe du dandy. Paris, Albin Michel, 1971

Philippe de Carbonnières, Lutèce. Paris ville romaine. Paris, Découvertes Gallimard, 1997.

Francis Carco, De Montmartre au Quartier Latin. Illustrations de Dignimont. Les Gloires Littéraires. Bruxelles, Aux Éditions du Nord, 1928.

Musée Carnavalet, Du palais au palace. Des Grands Hôtels de voyageurs à Paris au XIXe siècle. Paris, Musée Carnavalet - Art Books International, 1998.

Federico Castigliano, Flâneur: L'art de vagabonder dans Paris. CreateSpace Independent Publishing Platform, 2018.

Phillip Dennis Cate and Mary Shaw (eds.), The Spirit of Montmartre: Cabarets, Humor, and the Avant-Garde, 1875-1905. Expostion catalogue. New Brunswick, New Jersey, Jane Voorhees Zimmerli Art Museum, 1996.

Bernard Cause, Les fiacres de Paris aux XVIIe et XVIIIe siècles. Paris, Presses Universitaires de France, 1972.

P. Champion, La Vie de Paris au Myen-Age. 1. L'Avènement de Paris. 2. Splendeurs et misères de Paris (XIVe-XVe siècle. 2 vol. Paris, 1933-1934.

Jean-François Chanet (Introduction par), Les grands hommes du Panthéon. ' Aux grands hommes la patrie reconnaissante'. Paris, Editions du patrimoine, 1996.

Christophe Charle, Paris fin de siècle - Culture et politique. Paris Seuil, 1998.

C. Charle et D. Roche (red.), Capitales culturelles, Capitales symboliques. Paris et les expériences européennes. XVIIIe-XXe siècles. Paris, Publications de la Sorbonne, 2002.

Christophe Charle (Sous la direction de), Capitales européennes et rayonnement culturel, XVIIIe-XIXe siècles. Editions rue d'Ulm, 2004.

Guy Chemla, Les ventres de Paris. Les Halles, la Villette, Rungis. L'Histoire du plus grand marche du monde. Glénat Livres, 1998.

Louis Cheronnet (Photos de Marc Foucault), Paris Imprévu. Editions 'Tel', 1946.

Louis Chevalier, Les Parisiens. Paris, Hachette, 1967.

Louis Chevalier, Histoires de la nuit parisienne. Paris, Fayard, 1982.

Louis Chevalier, Montmartre du plaisir et du crime. Paris, Payot, 1995.

Yvan Christ, Les Nouvelles métamorphoses de Paris. Paris, Editions André Balland, 1976.

Yvan Christ, Paris des utopies. Paris tel qu’il aurait pu être. Paris, Editions André Balland, 1977.

Hollis Clayson, André Dombrowski (Editors), Is Paris Still the Capital of the Nineteenth Century? Essays on Art and Modernity, 1850-1900. Routledge, 2016.

Anne Clerval, Paris sans le peuple: la gentrification de la capitale. Paris, La Découverte, 2013.

Richard Cobb (Introduction and text; photographes by Nicholas Breach), The Streets of Paris. New York, Pantheon Books, 1980.

A. Coffignon, Paris Vivant. La Corruption à Paris. Le demi-monde - Les Souteneurs - La Police des Moeurs - Brasseries de Femmes - Filles Galantes - Saint-Lazare - Le Chantage, etc. etc.. Paris, A la Librairie Illustrée, Paris, 1888.

Paul Colin, Josephine Baker and la Revue Negre: Paul Colin's Lithographs of Le Tumulte Noir in Paris, 1927. Harry N. Abrams, Inc., 1998.

Claudette Combes, Paris dans les Misérables. Nantes, Cid Editions, 1979.

Le Corbusier, Destin de Paris. Clermont-Ferrand, F. Sorlot, coll. « Préludes », 1941.

Le Corbusier, Les Plans de Paris: 1956. 1956.

Eugène Corsy, Chroniques du Paris apache: (1902-1905). Mémoires De Casque D'or - La Médaille De Mort. Mercure de France, 2008.

Jean-Paul Crespelle, La Vie quotidienne à Montparnasse à la grande époque: 1905-1930. Paris, Hachette, 1976.

Jean-Paul Crespelle, La Vie quotidienne à Montmartre au temps de Picasso: 1900_1910. Paris, Hachette, 1978.

Jean-Paul Crespelle, La Vie quotidienne des impressionnistes: du Salon des Refusés (1863) à la mort de Manet (1883). Paris, Hachette, 1989.

Yvan Christ et al., Promenades dans le Marais. Paris, Editions André Balland, 1967.

Yvan Christ, Les Métamorphoses de Paris. Cent paysages parisiens photographiés autrefois par Atget, Bayard, Bisson, Daguerre, etc. Et aujourd'hui par Janine Guillot et Charles Ciccione. Paris, Editions André Balland, 1969.

Yvan Christ, Les métamorphoses de la banlieue parisienne. Paris, Editions André Balland, 1969.

Rupert Christiansen, Paris Babylon. Grandeur, Decadence and Revolution, 1869 – 1875. London, Pimlico, 1994.

Rupert Christiansen, City of Light: The Making of Modern Paris. Basic Books, 2018.

Emile Combe (Peintures de Henri Montassier), Le Nouveau Paris. L'Achèvement du Boulevard Haussmann. Edité par Devambez S.A., 1927.

Jean-Louis Deaucourt, Premières loges: Paris et ses concierges au XIXe siècle. Paris, Editions Aubier, 1992.

Patrick Declerck, Les naufrages. Avec les clochards de Paris. Paris, Plon, 2001.

Joan DeJean, How Paris became Paris. The invention of the modern city. New York, Bloomsbury Publishing, 2014.

Pierre Delanoë, La vie en rose. The singers and the songs of 20th century Paris. Thames & Hudson, 1997.

Gérard Denizeau, Paris d'un siècle à l'autre. Pris, Larousse, 2015.

Louis Desnoyers e.a., Les étrangers à Paris. Paris, Charles Warée, éditeur, 1840.

Luc Devoldere (Rédacteur en chef), Vaut le voyage: artistes et intellectuels du Nord à Paris. In: Septentrion, Arts, lettres et culture de Flandre et des Pays-Bas. Revue trimestrielle, XXXII, n° 1, 1er trimestre, 2003,

Charles Dodeman, Le journal d'un bouquiniste. Tancrède, 1922.

Robert Doisneau, La Banlieu de Paris. 1949.

Robert Doisneau, Les Parisiens tels qu'ils sont. Paris, Robert Delpire, 1954.

Maurice Donnay, Autour du Chat-Noir. Paris,Grasset, 1926.

David Downie, A Passion for Paris: Romanticism and Romance in the City of Light. St. Martin's Griffin, Reprint edition, 2016.

Anne-Marie Dubois, Passages couverts parisiens. Paris, Parigramme, 2010.

Claude Dubois, Apaches, voyous et gonzes poilus. Le milieu parisien du début du siècle aux années soixante. Paris, Parigramme, 1996.

Edmond Dubois, Paris sans lumière. Paris, Payot, 1946.

J.-F. Dubost, Les étrangers à Paris au Siècle des Lumières. In: Daniel Roche (Réd.), La ville promise. Paris, 2000.

Nancy Duvall Hargrove, T.S. Elliot's Parisian Year. Gainsville, Fl., University Press of Florida, 2009.

Michel Fabre, La Rive noire. De Harlem à la Seine. Paris, Editions Lieu Commun, 1985.

C. Fabris, Étudier et vivre à Paris au moyen âge. Le collège de Laon (XVIe-XVe siècles). Paris, École des Chartes, 2005.

René Fallet (text), Martin Monestier (photos), Les Halles, la fin de la féte. Ducolot, 1977.

Pascale Fautrier, Le Paris de Sartre et Beauvoir. Editions Alexandrines, 2015.

Alfred Fierro, Histoire et dictionnaire de Paris. Paris, Robert Laffont, 1996.

Alfred Fierro, Histoire et mémoire du nom des rues de Paris. Paris, Parigramme, 1999.

Noel Riley Fitch, Sylvia Beach and the Lost Generation: A History of Literary Paris in the Twenties and Thirties. New York - London, W. W. Norton & Company, 1985.

Marcel Fouquier, Paris au XVIIIe siècle. Ses folies. Paris, Emile-Pal, 1912.

Annie Fourcoult, Un siècle de banlieue parisienne, 1859-1964. Paris, Editions de l'Harmattan, 1988.

Albert Fournier, Métiers curieux de Paris. 1953.

Edouard Fournier, Énigmes des Rues de Paris. Paris, E. Dentu, 1860.

Margaretha François (Réalisation de l'exposition, organisé avec le concours de la Bibliothèque Nationale, et de ce catalogue), Erasme et Paris. Paris, Institut Néerlandais, 1969.

Dan Franck, Le Temps des bohèmes. Paris, Grasset, 1996.

Dan Franck, Bohemian Paris: Picasso, Modigliani, Matisse, and the Birth of Modern Art. Grove Press, 2003.

François-Xavier Freland, Le Paris de Henry Miller. Editions Alexandrines, 2019.

E. Furlough, ‘Making mass vacations: tourism and consumer culture in France’. In: Comparative studies in society and history, 40, p. 247-286, 1998.

Marc Gaillard, Les Belles Heures des Champs-Elysées. Amiens, Martelle, 1990.

Robert E. Gajdusek, Hemingway's Paris. New York, NY, Charles Scribner‘s Sons, 1978.

Daniel Gallagher, D'Ernest Hemingway à Henry Miller: Mythes et réalités des écrivains américains à Paris (1919 - 1939), L'Harmattan, 2011.

Michel Gallet, Les architectes parisiens du XVIIIe siècle. Paris, Mengès, 1995.

Pierre Gascar, Le Boulevard du Crime. Paris, Hachette/Massin, 1980.

J.-F. Geist, Le Passage, un type architectural du XIXe siècle. Paris, P. Mardaga, 1989.

Michel Georges-Michel, La Bohême canaille. Renaissance du livre, 1922.

Michel Georges-Michel, La Bohème de minuit. Paris, Fayard, 1933.

Paul Gerbod, Des étrangers à Paris dans la première moitié du XIXe siècle. In. Bulletin de la société de l'histoire de Paris et de l'Ile-de-France, 1983, 110E année, pp. 241-257.

Paul Gerbod, Des étrangers à Paris au XIXe siècle. In: Ethnologie française, XXV, 1995, pp. 569-579.

Barend Gerritsen, Parijs 1958. Met mijn net gekochte Rolleiflex zijn deze foto's in de zomer van 1958 in Parijs gemaakt. Uitgave in eigen beheer, 2017.

Graeme Gilloch, Myth and Metropolis: Walter Benjamin and the City. Polity Press, 1995.

Michael Goebel, Paris, capitale du tiers monde. Comment est née la révolution anticoloniale (1919-1939). Paris, La Découverte, 2017.

Nigel Gosling, Paris 1900-1914. The Miraculous Years. Littlehampton Book Services Ltd., 1978.

Nigel Gosling, The Adventurous World of Paris 1900-1914. William Morrow, 1978.

Nigel Gosling, Van Montmartre tot Montparnasse. Kroniek van artistiek Parijs 1900-1914. Amerongen, 1979.

Maria Gravari-Barbas et Edith Fagnoni (co-réd.), Métropolisation et tourisme. Comment le tourisme redessine Paris. Paris, Belin, 2013.

Maria Gravari-Barbas & S. Jacquot, No conflict? Discourses and management of tourism-related tensions in Paris. In C. Colomb & J. Novy (Eds.), Protest and resistance in the tourist city (pp. 45-65). London, Routledge, 2016.

Jean Gravigny, Montmartre en 1925. Paris, Editions Montaigne, 1925.

Valérie Guillaume (Sous la direction de), Le Marais en héritage. 50 ans de sauvegarde depuis la loi Malraux. Musée Carnavalet - Paris Musées, 2015.

Gustave Guitton, Les apaches de Paris: moeurs inédites (Ed. 1908). Paris, Hachette Livre / BnF, 2017.

H. Hazel Hahn, Street picturesque. Advertising in Paris 1830-1914. Berkeley, University of California Press, 1997.

H. Hazel Hahn, Scenes of Parisian Modernity. Culture and Consumption in the Nineteenth Century. New York, Palgrave Macmillan, 2009.

W. Scott Haine, The World of the Paris Café: Sociability among the French Working Class, 1789 - 1914. Baltimore & London, 1996.

David Harvey, Paris, Capital of Modernity. Routledge, 2005.
David Harvey, Paris, capitale de la modernité. Paris, Les Prairies ordinaires, 2012.

Eric Hazan, L'invention de Paris. Il n'y a pas de pas perdu. Paris, Seuil, 2002.

Eric Hazan, Views of Paris 1750-1850. Paris, Bibliothèque nationale de France / Bibliothèque de l'Image, 2013.

Ernest Hemingway, A Moveable Feast. Jonathan Cape, 1964.

M. Hennig-Schefold und H. Schmidt-Thomson, Transparent und Masse, Passagen und Hallen aus Eisen und Glas 1800-1880. Köln, 1972.

Patrice Higonnet, Paris. Capital of the World. Cambridge, Massachusets – London, England, The Belknap Press of Harvard University Press, 2002.

Jacques Hillairet, Dictionnaire historique des rues de Paris, Paris, Les Éditions de Minuit, 1997.

Louis Adrien Huart, Physiologie du flâneur. Paris, Aubert, 1841. (Ré-éd., Ligaran, 2015).

Andrew Hussey, Paris. The Secret Story. London etc., Penguin Books, 2007.

Joris-Karl Huysmans, Croquis de Paris et d'ailleurs (1880). Paris, Les Editions de Paris, 1996.

Joris-Karl Huysmans, Croquis parisiens. Paris, L. Vanier, 1886.

Jeffrey H. Jackson, Making Jazz French: Music and Modern Life in Interwar Paris. Durham, NC, Duke Univerity Press, 2003.

Adrien Jans, De Montmartre à Montpernasse. Bruxelles-Amiens, 1968.

David P. Jordan, Transforming Paris: The Life and Labors of Baron Haussmann. Chicago, Free Press, 1995.

Steven L. Kaplan , Les Ventres de Paris. Pouvoir et approvisionnement dans la France d'ancien regime. Paris, Fayard, 1988.

André Kaspi et Antoine Marès (Sous la direction de), Le Paris des étrangers depuis un siècle. Paris, Imprimerie Nationale, 1989.

Sarah Kennel, Charles Marville: Photographer of Paris. Washington, DC, National Gallery uf Art, 2013.

Paul de Kock, La Grande Ville. Nouveau Tableau de Paris, comique, critique et philosophique. Par MM. Paul de Kock, Balzac, Dumas, et.al.. Paris, Marescq, Libraire-Editeur, 1844.

Marie-Christine Kok-Escallle (réd.), Paris: de l'image à la mémoire. Représentations artistiques, littérares, socio-politiques. Amsterdam - Atlanta, GA, Rodopi, 1997.

Martin Koomen, De literaten van de linkeroever. Engelstalige schrijvers in Parijs 1900 - 1944. Amsterdanm, Uitgeversmaatschappij Tabula, 1983.

Marjan Krafft-Groot, Paris au regard de Métamorphose de Louis Couperus. In: Deshima, (Strasbourg), n° 4/2010, pp. 11- 38.

N. Kranowski, Paris dans les romans d'Emile Zola. Paris, Presses universitaire de France, 1968.

Rits Kruissink, Montmartre van Tempel tot Tingeltangel. Den Haag, Bert Bakker / Daamen N.V., 1960.

Clive Lamming, Le métro parisen. 1900 - 1945. Evreux, Editions Atlas, 2011.

Louis Lanoizelée, Les Bouquinistes des Quais de Paris. Chez L`Auteur, 7. Rue Séguier, Paris, 1956.

Louis Lanoizelée, Souvenirs d'un bouquiniste, Paris, L'Âge d’Homme, 1978.

Antoine Laporte, Les Bouquinistes et les quais de Paris tels qu'ils sont, Paris, 1893

Jean-Marc Larbordière, Haussmann à Paris : Architecture et urbanisme Seconde moitié du XIXe siècle. 2012.

The Local, 'More theme park than city': How 50 million tourists are changing the face of Paris.
Via: https://www.thelocal.fr/20190703/revealed-is-50-million-tourists-a-year-in-paris-just-too-many

Le Marais du Moyen Age au Quartier Gay. Paris, Nouvel Obs, 21/05/2005.

Gérard-Georges Lemaire, Les cafés littéraires. Paris, Le Différence, coll. « Hors Collection », 2016.

Bertrand Lemoine, Les Halles de Paris. Paris, L'Equerre, 1980.

Camille Lestienne, Le Marais: un quartier insalubre sauvé par André Malraux en 1962. Le Figaro Histoire. Publié le 18 novembre 2016 à 18:36.
Via: https://www.lefigaro.fr/histoire/archives/2016/11/18/26010-20161118ARTFIG00308-le-marais-un-quartier-insalubre-sauve-par-andre-malraux-en-1962.php

Jean-Marc Lesur, Les Hôtels de Paris: de l'auberge au palace, XIXe et XXe siècles. Neuchâtel, Editions Alphil, 2005.

Antoine Lilti, Le monde des salons. Sociabilité et mondainité à Paris au XVIIIe siècle. Paris, Fayard, 2005.

François Loyer, Paris nineteenth century. Architecture and urbanism. New York, Abbeville Press, 1988.

François Loyer, Paris XIXe siècle: l'immeuble et la rue. Paris, Hazan, 1997.

Bernard Marchand, Les ennemis de Paris: La haine de la grande ville des Lumières à nos jours. Rennes, Presses Universitaires de Rennes, 2009.

Bernard Marchand, Paris, histoire d'une ville - (XIXe-XXe siècle). Paris, Seuil, 2017.

Antoine Marès et Pierre Milza (dir.), Le Paris des étrangers depuis 1945. Paris, Publications de la Sorbonne, 1994.

Anne Martin-Fugier, La Vie élégante ou la formation du Tout-Paris. 1815-1848. Paris, Fayard, 1990.

Julie de Marguerittes, The Ins and Outs of Paris, or Paris by day and night. Philadelphia, W. Smith, 1855.

Stefan Max, Les métamorphoses de la grande ville dans Les Rougon-Macquart. Paris, Librairie A.G. Nizet, 1966.

Nathalie Mazier, Paris criminel: De 1900 à nos jours. Editions De Borée, 2019.

Philippe Mellot, La Vie secrète des Halles de Paris. Omnibus, 2010.

Jeremy Mercer, Books, Baguettes and Bedbugs: The Left Bank World of Shakespeare and Co. W&N; New Edition, 2006.

Louis-Sébastien Mercier, Tableau de Paris. Hambourg et Neuchâtel, S. Fauche, 1781. Tableau de Paris, nouv. éd. corrigée et augmentée, Amsterdam, 1788.

Louis-Sébastien Mercier, Le Nouveau Paris, Paris, Fuchs, 1798.

Louis Sébastien Mercier (Gekozen, vertaald en bezorgd door Willem Derks), Niemand ontbijt meer met een glas wijn. Tableau van Parijs 1781-1788. Amsterdam - Antwerpen, Uitgeverij De Arbeiderspers, 1999.

A. Millaud, Physiologies Parisiennes. Paris, La Librairie illustree, 1887.

Vincente Minnelli (Directed by), Arthur Reed (Produced by), An American in Paris (with Gene Kelly, Leslie Caron et al.). Metro-Goldwyn-Mayer, 1951.

Jules Morand, De Parijse onderwereld. Moulin Rouge Pockets. Rotterdam, Uitgeversmij. 'De Boekenmolen', 1949.

J.J. Mostard, Parijs. Geen stad, maar een wereld. Amsterdam/Antwerpen, N.V. Uitgeversmij. Kosmos, 1963 (2-de druk).

Murielle Neveux, Paris - Criminel - Un alibi pour visiter Paris Autrement. Tana éditions, 2003.

Ralph Nevill, Days and Nights in Montmartre and the Latin Quarter. London, Herbert Jenkins Ltd., 1927.

Françoise Noël (textes), Claude Caroly (photos), Détruire les Halles. Les Editions de l'Iconophile, 1975.

Paris guide, par les principaux écrivains et artistes de la France. Paris, Librairie internationale, 1867.

Alain Pagès, Le Paris d'Emile Zola. Editions Alexandrines, 2016.

Paris Noir et Blanc - les ravalements de Paris. 06/08/1963. INA. Via: http://www.patrimatheque.com/monuments-paris-1963/

Sylvain Pattieu, Bons Baisers de Paris. 300 ans de tourisme dans la capitale. Paris, Paris bibliothèques / Comité d’histoire de la Ville de Paris, 2015.

Jacques Prévert (textes), R. Urhausen (photogr.), Les Halles, l'album du coeur de Paris. Editions des Deux Mondes, 1963.

Charles Rearick, Paris Dreams, Paris Memories. The City and Its Mystique. Standford, Stanford University Press, 2011.

Olivier Renault, Montparnasse. Les lieux de legende. Ateliers, Cafés mythique, Académies, Cités d'artistes. Paris, Parigramme, 2013.

Graham Robb. Parisians. An Adventure History of Paris, London, Picador, 2010.

Daniel Roche, (Sous la direction de) La Ville promise. Mobilité et accueil à Paris (fin XVIIe - début XIXe siècle. Paris, Fayard, 2000.

Sue Roe, In Montparnasse. The Emergence of Surrealism in Paris, from Duchamp to Dali. Penguin Books Ltd., 2019.

Penopela Rowlands, Paris Was Ours. Thirty-Two Writers Reflect on the City of Light. Algonquin Books, 2011.

Luc Sante, On 'Paris Vagabond. In: The New York Review of Books, April 7, 2016 issue.

Luc Sante, Het andere Parijs. Reis naar een verdwenen stad. Kalmthout, Polis, 2016.

E. de Saulnat et A.P. Martial, Les Boulevards de Paris. Histoire - État présent - Maisons grandes & petites - Hôtels - Jardins - Théâtres - Célébrités - Etc., etc. Texte & Eaux-fortes. Paris, Bureaux De Vente Et D'Abonnement, 1877.

Christopher Sawyer-Lauçanno, The Continual Pilgrimage: American Writers in Paris, 1944-1960. San Francisco, City Lights, 1992.

Daniel Salvatore Schiffer, Le Dandysme, dernier éclat d'héroïsme, Paris, P. U. F., collection « Intervention philosophique », 2010.

Nicole Savy, Le Paris de Hugo. Editions Alexandrines, 2016.

Jerrold Seigel, Bohemian Paris: Culture, Politics, and the Boundaries of Bourgeois Life, 1830-1930. Penguin, 1986.

William A. Shack, Harlem in Montmartre: A Paris Jazz Story between the Great Wars. Oakland, CA, University of California Press, 2001.

Shakespeare and Company, Paris: A History of the Rag & Bone Shop of the Heart. Shakespeare and Company Paris, 2016.

Pawel Stachura, Piotr Sniedziewski, Krzysztof Trybus, Approaches to Walter Benjamin's "The Arcades Project". Peter Lang AG, 2018.

Fritz Stahl, Paris. Eine Stadt als Kunstwerk. Berlin, Rudolf Mosse Buchverlag, 1929.

Karlheinz Stierle, Der Mythos von Paris: Zeichen und Bewusstsein der Stadt. München, DTV. 1998.

Tyler Stovall, Paris Noir: African Americans in the City of Light. 2012.

Eugène Sue, Les Mystères de Paris. Edité par Société belge de librairie, Hauman et Cie, 1843.

Eugène Sue, Apologie des Mystères de Paris. Paris, Adolphe Porte, 1864.

Edmond Texier, Albert Kaempfen, Paris capitale du monde. Paris, J. Hetzel, 1867.

Myriam Tsikounas (Sous la direction de), Imaginaires urbains. De Paris romantique à nos jours. Paris, Le Manuscrit, 2011.

Laurent Turcot, Le promeneur à Paris au XVIIIe siècle, Paris, Gallimard, 2007.

Joanne Vajda, Paris: rendez-vous cosmopolite. Du voyage élitaire à l'industrie touristique. 1855-1937. Thèse, EHESS, 2005.

Joanne Vajda, Paris Ville Lumière. Une transformation urbaine et sociale. 1855-1937. Paris, L'Harmattan, 2015.

La Villette: aménagement des anciens abattoirs et des abords du bassin. Paris Projet, numéro 15.16, 1976.

Andrea Weiss, Paris Was a Woman: Portraits from the Left Bank. San Francisco, Harpers San Francisco Counterpoint, 1995.

Edmund White, De flaneur. Een wandelingdoor Parijs. Amsterdam/Antwerpen, Uitgeverij Atlas, 2002.

----------

*** HET PARIJS VAN 'OH LA LA !':

Jules Beaujoint, Histoire Du Palais-Royal Et de Ses Galeries; Politiques Et Moeurs Des Princes. Maisons de Jeu Et de Plaisirs; Caveaux Et Repaires; Le Tout-Paris Des Vices. (1830) Ré-édition, Hardpress Publishing, 2013.

F. Berkeley Smith, How Paris amuses itself. New York, Funk & Wagnalls, 1903.

Guy Breton, Les nuits secrètes de Paris. Paris, Presses Pocket, 1963.

Rétif de la Bretonne, Les Nuits de Paris. (Edition de Jean Verloot et Michel Delon). Paris, Gallimard Folio, 1986. (Originale: Les Nuits de Paris ou le Spectateur nocturne, 1788-1794, 8 vol. 919 pages.)

A. Bouvery, Les plaisirs à la fin du règne de Louis XVI. Paris, 194I

P. Cuisin, Les Soirées du Palais Royal; recueil d'aventures galantes et délicates, publié par un Invalide du Palais Royal. Paris, Plancher, 1815.

Olivier Dautresme, Du Palais-Cardinal à l'"enceinte magique": la représentation du Palais-Royal dans les guides de Paris aux XVIIe et XVIIIe siècles.
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 391-402.

Michel Delon, Le Savoir-vivre libertin. Paris, Fayard, 2002.

Andre Delorgey, Striptease. Des Années 50-60. 1500 Photos. Paris, Pink Star Editions, 1986.

Alfred Delvau, Les Heures parisiennes. Paris, Librairie centrale, 1866.

Alfred Delvau, Les plaisirs de Paris: guide pratique et illustré. A. Fauré, 1e édition, 1867.

Alexandre Dupouy, Guide Pratique Fidèle et Illustré des Filles de Joie du Palais-Royal. Ré-édition, Paris, Edition Astarté, 1999.

Lola Gonzales-Quijano, Capitale de l'amour. Filles et lieux de plaisir à Paris au XIXe siècle. Paris, Vendémiaire, 2015.

Guide des Plaisirs à Paris. Paris le jour - Paris la nuit - La 'Tournée des Grands-Ducs' - Comment on s'amuse - Où l'on s'amuse - Ce qu'il faut - Ce qu'il faut faire. Un plan des Plaisirs de Paris. Nouvelle édition considérablement augmentée. Administration: 7 rue de Lille, Paris, 1900.

Guide secret de l'étranger célibataire. Paris et province. Distractions diurnes et nocturnes. Secret Guide of the foreigner bachelor in Paris. 3e éd., Paris, Gabillaud, 1889.

F.-R. Hervé-Piraux, Les Logis d’Amour au XVIIIe Siècle. Rue de Chaussée-d’Antin, etc.. Paris, H. Daragon, Libraire-Editeur, MDCCCCCX.

F.-R. Hervé-Piraux, Les Folies d'Amour au XVIIIe siècle. Rue Cadet etc..Paris, H. Daragon, Libraire-Editeur, MDCCCCXI.

F.-R. Hervé-Piraux, Les Logis d’Amour au XVIIIe Siècle. Clichy, etc.. Paris, H. Daragon, Libraire-Editeur, MDCCCCXI.

F.-R. Hervé-Piraux, Les Logis d’Amour au XVIIIe Siècle. Porte et rempart St. Honoré, etc.. Paris, H. Daragon, Libraire-Editeur, MDCCCCXII.

M***, Le Petit Diable boiteux, ou le Guide anecdotique des étrangers à Paris. Paris, C. Painparré, 1823.

Jules Morand, De Parijse onderwereld. Moulin Rouge Pockets. Rotterdam, Uitgeversmij. 'De Boekenmolen', 1949.

Paul Morand, Paris de nuit (avec 60 photographies de Brassaï). Paris, Arts et Métiers Graphiques, 1933.

Paul Morand, Les Extravagants. Scènes de la vie bohème cosmopolite. Paris, Gallimard, 1936.

Les Soirées du Palais-Royal. Recueil d’aventures galantes et délicates, publié par un invalide du Palais-Royal..., Paris, Plancher, 1815.

Paris at night, sketches and mysteries of Paris high-life and demi-monde. Nocturnal amusements: how to know them! How to enjoy them!! How to appreciate them!!!. Boston & Paris, Publshing Company, 1869.

Louis-Francois Raban, Les Nuits Du Palais-Royal. 1869. Ré-édition, Paris, Hachette Livre Bnf, 2018.

Yves Salgues, Paris by night. Utrecht/Antwerpen, A. W. Bruna & Zoon, 1968.

Pierre Zaccone, Les Nuits de Boulevard. Paris, Dentu, 1876.

Sylvester Wray, The Nocturnal Pleasures os Paris. A Guide to the Gay City. Paris, Byron Library, 1889.

----------

DE PARIJSE WERELDTENTOONSTELLINGEN:


Sylvain Ageorges, Sur les traces des Expositions Universelles. 1855 - Paris – 1937. Paris, Parigramme, 2006.

Linda Aimone et Carlo Cumo, Les Expositions Universelles, 1851 -1900. Paris, Belin, 1990.

Robert Aldrich, Le Guide de l'Exposition coloniale et l'idéologie coloniale dans l'entre-deux-guerres.
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 607-618.

Jean-Baptiste Ambroise, Marcellin Jobard, Les Nouvelles Inventions Aux Expositions Universelles. Tome 1 et Tome 2 (Ed.1857-1858). Paris, Hachette Livre-BNF, 2012.

L'Art et l'Industrie de tous les peuples à l'Exposition Universelle de 1878. Description illustrée des merveilles du Champs-de Mars et du Trocadero par les écrivains speciaux les plus autorisés. Paris, Ed. Librairie Illustrée, 1878.

Myriam Bacha et al., Les Expositions universelles à Paris de 1855 à 1937. Paris, Action Artistique de la ville de Paris, 2005.

Charles Baudelaire, Exposition universelle, 1855. Curiosités esthétiques, Michel Lévy frères., 1868. In: Œuvres complètes de Charles Baudelaire, vol. II (p. 211-244).

Charles Baudelaire, De wereldtentoonstelling van 1855 & Over de essentie van de lach en over het komische in de beeldende kunst. Amsterdam, Uitgeverij Voetnoot, 1992.

A. Bitard (Rédigé par / avec la collaboration d'écrivains spéciaux), L'Exposition de Paris (1878). Edition enrichie de vues, de scènes, de réproductions d'objets d'aines, de dessins et gravures par les meilleurs artistes. Paris, Librairie Illustrée - Librairie MDreyfous, 1878.

Marieke Bloembergen, De koloniale vertoning. Nederland en Indië op de wereldtentoonstellingen (1880-1931). Amsterdam, Wereldbibliotheek, 2002.

Marieke Bloembergen (Samenstelling en inleiding), Koloniale Inspiratie: Frankrijk, Nederland en Indië en de Wereldtentoonstellingen. Leiden, Koninklijk Instituut van Taal-Land- en Volkenkunde, 2004.

Jo Boer, Wereldtentoonstelling. Rotterdam, Nijgh & Van Ditmar, 1939.

Gérard Borvon, « Histoire de l’électricité. L’Exposition Internationale d’électricité de 1881, à Paris »
Via: http://seaus.free.fr/spip.php?article500 (12 septembre 2009).

Cham, Promenades à l'Exposition. Paris, Librairie Nouvelle, 1855.

Commissariat Général, Exposition Internationale d'Électricité, Paris 1881: Catalogue Général Officiel. Classic Reprint by Forgotten Books, 2018.

Isabelle Chalet-Bailhache (dir), Paris et ses Expositions universelles. Architectures (1855-1937). Paris, Editions du Patrimoine, 2008.

Eugène Debons, Promenade d'un potache à travers l'Exposition (Ed. 1890). Paris, Hachette Livre - BNF, 2014.

Hugo Delarbre, Construire l'Exposition de 1937, perception et réception de l'évènement au miroir de l'architecture. Grenoble, Université Pierre Mendès France, 2012.

Christiane Demeulenaere-Douyère, Liliane Hilaire-Pérez et. al., Les expositions universelles: Les identités au défi de la modernité. Rennes, Presses Universitaires Rennes, 2014.

M. F. Ducuign, L'exposition universelle de 1867 illustrée. 2 volumes. Paris, Dentu et Petit, 1867.

Benoît de L'Estoile, Le Goût des autres. De l'Exposition coloniale aux arts premiers. Paris, Flammarion, 2007.

Exposition universelle de 1900 - Le Vieux Paris. Guide historique, pittoresque & anecdotique. Paris, Presses de l'imprimerie artistique Ménard & Chaufour, 1900.

L'Exposition Coloniale. Paris, L'Illustration, N° 4603, 23 mai 1931.

L'Exposition Coloniale. Paris, L'Illustration, Album Hors Série, mai 1931.

L'Exposition de Paris (1878). Rédigée par A. Bitard avec la collaboration d'écrivains spéciaux. Edition enrichie de vues, de scènes de reproductions d'objets d'art, de machines, de dessins et gravures par les meilleurs artistes. Paris, Librairie Illustrée - Librairie M Dreyfous, 1878.

L'Exposition En Poche. Guide Pratique. Paris, Office des Guides Conty, Troisième Edition, 1878.

L'Exposition 1889 Chez Soi. Tome 1 et Tome 2. Paris, Le Boulanger, Editeurs, 1889.

L'Exposition et Paris 1900. Guide Illustré du Bon Marché. Edité spécialement pour les Magasins du Bon Marché. Coulommiers, Paul Brodard, imprimeur, 1900.

L'Exposition de Paris (1900) publié avec la collaboration d'écrivains spéciaux et les meilleurs artistes. Paris, Librairie Illustrée Montgredien et Cie, Editeurs, 8, rue Saint-Joseph,1900.

Exposition Coloniale Internationale. Paris. Guide Officiel 1931. Paris, Editions Mayeux, 1931.

Exposition Coloniale. L'Illustration, 25 mai 1931.

Exposition Coloniale; Album Hors Série. L'Illustration, mai 1931.

Grand Album de L'Exposition Universelle - 1867. Paris, Michel Levy frères, 1868.

Grand Album de L'Exposition Universelle - 1878 - 159 dessins par les premiers artistes de la France et de l'etranger. Paris, Michel Lévy Frères, Libraires - Editeurs, 1878.

Peter Greenhalgh, Ephemeral Vistas. The Expositions Universelles, Great Exhibitions and World's Fairs, 1851-1939. Manchester, 1988.

Guide illustré de l'Exposition Universelle de 1889 comprenant 50 gravures et 20 plans. Champ de Mars. Trocadero, Esplanade des Invalides. Berges de la Seine. Oeuvres et produits exposés. Première édition. Paris, L. Danel et E. Dentu, 1889.

Henry Harvard & Louis Simonin, L'Art et l'Industrie de tous les Peuples à l'Exposition Universelle de 1878. Description Illustrée des Merveilles du Champs-de-Mars et au Trocadéro par les écrivains les plus autorisés. Paris, Ed. Librairie Illustrée, 1878.

W.J. Hemmings, Emile Zola devant l'Exposition Universelle de 1878. In: Cahiers de l'AIEF Année 1972, 24, pp. 131-153.

Catherine Hodeir et Michel Pierre, L'Exposition coloniale: 1931. Bruxelles, Complexe, 1991.

Huit Jours à Paris pendant l'Exposition de 1900. Guide Complêt du Visiteur. Paris, Arnaud & Cie Editeurs, 19, Rue de Paradis, 1900.

Raymond Isay, Panorama des Expositions Universelles. Paris, Gallimard, 1937.

H. L. Israels, Nederlandse gids op de Parijsche tentoonstelling in 1900. Amsterdam, 1900.

J. (Uit naam van de drie), Drie Friezen naar de tentoonstelling te Parijs. Franeker, Snelpersdruk T. Telenga, 1889.

Jill Jonnes, Eiffel's Tower. The Thrilling Story Behind Paris's Beloved Monument and the Extraordinary World's Fair That Introduced It. New York NY, Penguin Group, 2009.
Jill Jonnes, La Tour. La passionnante histoire du monument parisien si cher aux coeurs et de l'extraordinaire Exposition universelle qui l'a fait découvrir. Paris, Le cherche midi, 2015.

Hans Kraemer (in Verbindung mit Dr. Wilhelm Hahn, Dora Duncker et al.), Das XIX. Jahrhundert in Wort und Kulturgeschichte.
Vierter (Supplement-) Band 1900. Die Pariser Weltausstellung des Jahres 1900, Seiten 1-374. Berlin - Leipzig - Stuttgart - Wien, Deutsches Verlagshaus Bong & Co., 1900.
* Inhalt des vierten Bandes. 1900.
- Die Pariser Weltausstellung des Jahres 1900 (H. Kraemer);
- Die Architektur des Weltausstellung (M. Raboth);
- Die Ingenieurkunst im Dienste der Weltausstellung (H. Lux);
- Die Kolonialabteilung der Weltausstellung (L. Frobenius):
- Chemie und ßhnfit auf der Weltausstellung (U. Neuburger);
- Das Kunstgewerbe auf der Weltausstellung (F. ßoppenberg);
- Die bildende Künste auf der Weltausstellung (S. Salland);
- Die öffentliche Wohlfahrtspflege auf der Weltausstellung (F. Specht);
- Die Sehenswürdigteiten der Weltausstellung (H. Kraemer);
- Der Krieg in Süd-Afrika (H. Kraemer).

F. Lemaistre, Paris en miniature. Guide Pittoresque du Voyageur suivi d'un Guide a l"Exposition Universelle. Paris, Garnier Frères, Libraires - Editeurs, 1855.

Thérèse Lequy, La Participation française aux expositions universelles et internationales d'électricité de 1875 à 1889, Paris, E.H.E.S.S., 1987.

J. Levallois, Promenades Dans l'Exposition Universelle de 1855. Paris, Hachette Livre - Bnf, 2018.

Paul Lion, Promenades à travers l'Exposition. Les attractions. 1937.

Jean-Christophe Mabire (Dir.), L'Exposition Universelle de 1900. Pais, L’Harmattan, 2000.

Richard Mandell, Paris 1900: The Great World's Fair. Toronto, University of Toronto Press, 1967.

Eugène Marsan, Souvenir de l'Exposition Universelle de 1900. Paris, À l'Enseigne de la Porte Étroite, 1926.

A.-P. Martial, Exposition Universelle de Paris en 1878. Paris, Vve A. Cadart, Paris, 1878.

Alexis Martin, Une visite à Paris en 1900. La ville de l'Exposition vues en 15 jours. Paris, A. Hennuyer, 1900.

Caroline Mathieu, Les expositions universelles à Paris: architectures réelles ou utopiques. Paris, 5 Continents - Musée d'Orsay, 2007.

Caroline Matieu, 1889: La Tour Eiffel et l'Exposition Universelle. Catalogue. Paris, Musée d'Orsay, 1989

Paul Morand, 1900, Paris. Paris, Les Editions de France, 1931.

Henri Moulin, Impressions de voyage d'un étranger à Paris: visite à l'Exposition universelle de 1855 (Ed. 1856). Paris, Hachette Livre/BNF, 2016.

Napoleon III et la Reine Victoria: Une Visite a L'Exposition Universelle de 1855. Paris, Editions de la Reunion des musees nationaux, 2008.

Horace L. Nicholson, Harmonies in tricolor or pictures of Paris during the universal Exhibition of 1878; with a guide to the exhibition in the form of a journey round the world in eight days. London, Charing Cross Publishing Co. Ltd.- Paris, E. Terquem, 1878.

Pascal Ory, Les Expositions universelles de Paris. Paris, Ramsay, 1982.

Paris et ses expositions universelles, architectures, 1855 – 1937. Paris, Editions du Patrimoine - Centre des Monuments Nationaux, 2008.

Henri de Parville, Itinéraire dans Paris: Exposition universelle de 1867 précédé de Promenades (Éd.1867) Ré-édition, Hachette Livre / BNF, 201?.

Henri de Parville, L'Electricité et ses applications. Exposition de Paris. Paris, Masson, 1882.

Henri de Parville, Le service électrique à l'Exposition universelle de 1889. Dans Annales historiques de l’électricité 2006/1 (N° 4), pages 75 à 82
Via: www.cairn.info/revue-annales-historiques-de-l-elecricite-2006-1-page-75.htm

Thierry Paquot, Paris 1900, le Palais de l'Electricité: In: Cahiers de Médiologie, n° 10, 2000, pp. 200-207.

Shanny Peer, France on Display: Peasants, Provincials, and Folklore in the 1937 Paris World's Fair. New York, State University of New York Press, 1998.

F. Pinot de Villechenon, Fêtes géantes. Les expositions universelles, pour quoi faire? Paris, Autrement, 2000.

Werner Plum, Weltausstellungen im 19. Jahrhundert. Schauspiele des sozio-kulturellen Wandels. Hefte aus dem Forschungsinstitut der Friedrich-Ebert-Stiftung. Bad Godesberg, Bonn, 1975.

R. Rydell, World of Fairs: The Century-of-Progress Expositions. Chicago, University of Chicgo Press, 1993.

Frédéric Seits, Le Trocadéro: Les métamorphoses d'une colline de Paris. Paris, Belin, 2005.

Frédéric Seitz, Gustave Eiffel. Le triomphe de l'ingénieur. Paris, Armand Colin, 2014.

C. de Tours, Guide-album du touriste. Vingt jours à Paris pendant l'Exposition Universelle. Paris, Quantin, 1889.

Henri Edouard Tresca, Visite à l'Exposition Universelle de Paris, En 1855. Contenant,
1. l'Énumération Des Objets Sur Lesquels Doit Se Porter Principalement,
2. l'Attention des Objets sur Lesquels Doit Se Porter Principalement l'Attention des Visiteurs, 2. L'Indication des Places Oû Se Trouvent Ces Objets,
3. Tous Les Renseignements Nécessaires Relatifs à Leur Mécanisme, à Leur Emploi. Paris, Librairie de L. Hachette et Cie, 1855. (Classic Reprint Series, 2018.)

Julien Turgan, « Exposition internationale d'Électricité », dans Julien Turgan, Les grandes usines: études industrielles en France et à l'étranger, vol. XIV. Paris, Calmann-Lévy, 1882.
Via: http://cnum.cnam.fr/CGI/fpage.cgi?4KY15.14/171/100/324/33/254

Pascal Varejka, Paris 1900. La fabuleuse histoire de l'Exposition Universelle. Editions Prisma Media, 2015.

François Vey, La Tour Eiffel, vérités et légendes. Paris, Editions Perrin, 2018.

G. de Wailly, A travers l'Exposition Universelle. La Dernière Promenade. Paris, Fayard Frères, début XXe siècle.

André Warnod, Exposition 37 - La vie flamboyante des expositions universelles. Les éditions de France, 1937.

Claire Zalc et al., 1931. Les Etrangers au temps de l'Exposition coloniale. Paris, Gallimard, 2008.

W. van Zeggelen, Koen Verklat en zijn Gezelschap. Een uitstapje naar de Wereldtentoonstelling te Parijs, in den zomer van het jaar 1855. Rotterdam, H. Nijgh, 1856.

H. H. Zeijlstra Fzn., Nederland te Parijs 1931. Gedenkboek van de Nederlansche deelneming aan de Internationale Koloniale Tentoonstelling. Uitgave van de Vereeniging 'Oost en West', ten bate van het Steuncomité-Parijs. 1931.

-------

HET PARIJS ZOALS BEDACHT DOOR EN TEN TIJDE VAN HAUSSMANN:


Jean des Cars, Pierre Pinon et al., Paris Haussmann. "Le Paris D'Haussmann". Paris, Pavillon de l'Arsenal, Picard, 2005.

Georges-Eugène Haussmann, Mémoires du Baron Haussmann. 3 volumes. Victor-Havard Éditeur, 1890:

Tome 1: Avant l'Hôtel de Ville;
Via: https://gallica.bnf.fr/ark:/12148/bpt6k2205284

Tome 2: Préfecture de la Seine;
Via: https://gallica.bnf.fr/ark:/12148/bpt6k220529h

Tome 3: Grands travaux de Paris.
Via: https://gallica.bnf.fr/ark:/12148/bpt6k220530f

Stephane Kirkland, Paris Reborn. Napoleon III, Baron Haussmann, and the Quest to Build a Modern City. Picador USA, 2014.

Bernard Landau, Claire Monod, Evelyne Lohr (dir.), Les Grands Boulevards: un parcours d'innovation et de modernité. Paris, Action artistique de la ville de Paris, 2000.

François Loyer, Paris Nineteenth Century: Architecture and Urbanism. New York, Abbeville Press, 1988.

Henry Malet, Le Baron Haussmann et la rénovation de Paris. Paris, Imprimerie Mun., 1973.

Patrice de Moncan et Clémence Maillard, Charles Marville: Paris photographié au temps d'Haussmann. 2008.

Patrice de Moncan, Le Paris d'Haussmann. Paris, Editions du Mécène, 2009.

Patrice de Moncan, Paris Avant-Après Haussmann. Rive Gauche. Photographies anciennes Charles Marville. Photographies contemporaines Studio Traktir. Paris, Les Editions Mécènes, 2012.

Patrice de Moncan, Paris Avant-Après Haussmann. Rive Droite. Photographies anciennes Charles Marville. Photographies contemporaines Studio Traktir. Paris, Les Editions Mécènes, 2012.

Max van Rooy, Haussmann: baron van de boulevards In. NRC, 18-03-1995.
Via: https://www.nrc.nl/nieuws/1995/03/18/haussmann-baron-van-de-boulevards-7260659-a1137344

Georges Valence, Haussmann, le grand. Paris, Flammarion, 2000.

-------

VAN STRANDEN EN FRANSE KUSTEN IN HET ALGEMEEN EN OOK VAN VREES, AANTREKKINGSKRACHT, ONTWIKKELING EN BEHOUD:


Marc Ambroise-Rendu, « Le réaménagement de la plage de Pampelonne. Saint-Tropez menacée par les promoteurs », Le Monde, 10 août 1989.

Fuensanta Andreu-Vaillo, La nature et le balnéaire: Le littoral de l'Aude. Paris, Editions L'Harmattan, 2008.

Henri-Paul Arnaud et al., Villas vives : Quatre regards croisés sur une architecture balnéaire. La Puce à l'oeil, 1996.

Atout France, Panorama du tourisme littoral: Les clientèles, perceptions, attentes et pratiques. Paris, Atout France, 2014.

Ch.-F. Aubert, Le littoral de la France. 6 tomes. Paris, Victor Palmé, 1884-1889.
- (1) Côtes Normandes. De Dunkerque au Mont Saint-Michel;
- (2) Côtes Bretonnes: Du Mont Saint-Michel à Lorient;
- (3) Côtes Vendéennes: De Lorient à La Rochelle;
- (4) Côtes Gasconnes: De La Rochelle à Hendaye;
- (5) Côtes Languedociennes: Du Cap Cerbère à Marseille;
- (6) Côtes Provençales: De Marseille à la frontière d'Italie.

Christian Bachelier e.a., L'épopée du tourisme balnéaire. Canet - Le Barcarès - Saint-Cyprien - Collioure - Argelès. In: Terres Catalanes. Pyrenées Roussillon Méditerranée, n° 52 - juin 2008.

G. Bardet et J.L. Macquarie, Plages et stations hivernales. 1888.

Bertall et Scott (Dessins par), Les Plages de France. Manche - Océan - Méditerranée. Paris, C. Marpon et E. Flammarion Editeurs, 26, Rue Racine, près l'Odéon, 1880.

Pierre Boisson, La démoustication du littoral méditerranéen. Montpellier, Entente interdépartementale pour la démoustication du littoral méditerranéen, 1967.

Laurent Bordereaux, La Loi Littoral - la Cote en Péril? La Geste, 2020.

Anne Brogini, Maria Ghazali et al., La Méditerranée au prisme des rivages: Menaces, protections, aménagements en Méditerranée occidentale (XVIe-XXIe siècles). Editions Bouchène, 2015.

Louis Burnet, Villegiature et tourisme sur les côtes de France. Paris, Librairie Hachette, 1963.

Gaston Chérau et Charles Huard, La Saison Balnéaire de Monsieur Thebault. (Dédicacé à l'éditeur Tallandier). Paris, P.Sevin et E. Rey éditeurs, 1902.

Eugène Coquide, Côtes et plages de France. E. Guilmoto, 1914.

Alain Corbin, Le Territoire du vide. L’Occident et le désir du rivage, 1750-1840. Paris, Aubier, 1988.

Alain Corbin, Het verlangen naar de kust. Nijmegen, SUN, 1989.

Bruno Delarue, Les bains de mer sur les côtes françaises. Terre en Vue Editions, 2013.

Dr. Constantin James, Guide pratique aux eaux minerales et aux bains de mer. Paris, G. Masson, 1877.

Dr. Constantin James, ?Guide pratique aux Eaux minérales françaises et étrangères suivi d'études sur les bains de mer et l'hydrothérapie et d'un traité de thérapeutique thermale. Paris, Masson, 1861.

Emmanuel Jaurand, Les plages gays. Le genre: constructions spatiales et culturelles. 2005.

Emmanuel Jaurand, «Territoires de mauvais genre? Les plages gays », Géographie et Cultures, n° 54, p. 71-84, 2005.

Sarah Kennedy, The Swimsuit. A fashion history from 1920's Biarritz and the birth of the bikini to sportswear styles and catwalk trends. Carlton Books, 2007.

Sophie Kosinski et Eric Micheletti, Grands hôtels du bord de mer. Histoire & Collections, 1996.

Armand Landrin, Les plages de la France. Paris, Hachette, Collection Bibliothèques des Merveilles, 1866.
Armand Landrin, Les Plages de la France. Paris, Bibliothèque de Merveilles, Librairie Hachette et Cie, Troisième Edition, 1873.

L. Lencek and G. Bosker, The Beach. The History of Paradise on Earth. Penguin, Harmondsworth, UK, 1999.

Magali Mallet, Philippe Duchêne et al., Les plages. Exploitation et valorisation touristique. Paris, La Documentation Française, 2003.

Paul Morand (1925), (Edition établie et présentée par Olivier Aubertin; préface de Nicolas d' Estienne d'Orves), Bains de mer, bains de rêve et autres voyages. Bouquins, 2019.

Albéric de Palmaert, Un siècle de bords de mer (1850-1950). Caen, Editions Ouest-France, 2005.

Coline Perrin, Un littoral sans nature? L'avenir de la méditerranée face à l'urbanisation. Ecole Française de Rome, 2014.

Rafaël Pic, Balnéaire. Une histoire des bains de mer. Paris, Editions Little Big Man, 2004.

Plages, territoires contestés. Actes de la Recherche et Sciences Sociales, N° 218,juin 2017. Paris, Seuil, 2017.

Gilles Plum, Villas balnéaires du Second Empire. Cahiers du Temps, 2002.

Jean-Pierre Poussou, Alain Lottin, Yves Perret-Gentil (Sous la direction de), Les villes balnéaires d'Europe occidentale du XVIIIe siècle à nos jours. Paris, Presses Universitaires Paris-Sorbonne, 2008.

Dominique Rouillard, Le site balnéaire. Editions Mardaga, 1995.

Luciano Segreto, Carles Manera, Manfred Pohl (eds.), Europe at the Seaside. The Economic History of Mass Tourism in the Mediterranean. New York and Oxford, Bergham Books, 2009.

Bernard Toulier, Villégiature des bords de mer. Architecture et urbanisme. Paris, Editions du Patrimoine, 2010.

Bernard Toulier (Sous la direction de), Tous à la plage! Villes balnéaires du XVIIIe siècle à nos jours. Paris, Liénart éditions, 2016.

Jean-Didier Urbain, Sur la plage: moœurs et coutumes balnéaires aux XIXe et XXe siècles. Paris, Editions Payot, 2002.

-------

DE MEDITERRANE VERLEIDING: VAN DE CÔTE D'AZUR EN DE PROVENCE TOT LA CÖTE VERMEILLE:


*** DE KUSTSTROOK DIE PAS IN 1887 HAAR UITEINDELIJKE NAAM KREEG: LA CÔTE D'AZUR:

Robert Aldrich, The Seduction of the Mediterranean: Writing, Art and Homosexual Fantasy. London, 1993.

Charles Amic, La côte d'Azur au temps du tourisme d'hiver (fin XVIIIe siècle - début XXe siècle).? Éditions du Centre de Culture et de Documentation provençales, 1998.

Hans Alma, Marianne's Rokzoom. Achter de coulissen van de Rivièra. Amsterdam, H. J. W. Becht Uitgever, 1955.

Jean-Jacques Antier, Marins de Provence et du Languedoc: Vingt-cinq siècles d'histoire du littoral français méditerranéen. Nouvelles Presses du Languedoc, édition revue et augmentée, 2003.

C. Arthaud, E. Paul, La Côte d'Azur des écrivains. Edisud, 2000.

Pascale Bartoli, Habiter les vacances: Architectures & urbanismes sur le littoral du Var. Editions Imbernon, 2020.

Ange Bastiani, Les mauvais lieux de la Côte d'Azur. Paris, André Balland, 1969.

John Baxter, French Riviera and its Artists. Art, Literature, Love and Life on the Côte d’Azur. New York, NY, Museyon, 2015.

Paul Benoît, Gérard Daumas, Petite chronique de Bormes-les-Mimosas au XXe siècle. Thalassa Publicité Le Lavandou, 2000.

Annick de Bentheim and François Fray, Barry Dierks, architecte méditerranéen: La Côte d'Azur et la Modernité. Catalogue d'expositions, Réunion des Musées Nationaux, 1997.

Charles Bilas and Lucien Rosso, Côte d'Azur: Architecture des Années 20 et 30. Les Editions de L'Amateur, 2007.

Alain Blayo, Parler emploi, parler métier sur le littoral: Le cas du littoral provençal. Paris, Editions L'Harmattan, 2012.

Mary Blume, Côte d'Azur. Inventing the French Riviera. London, Thames and Hudson, 1992.

Mary Blume, La Côte d'Azur de Jacques-Henri Lartigue. Paris, Flammarion, 1998.

Geoffrey Bocca, Bikini Beach: The Wicked Riviere as it Was and as it Is. London, W. Allan, 1963.

Stefan van den Bossche en Koen Vergeer, Naar 't zuiderland. Moderne Nederlandstalige dichters langs de Middelandse Zee. Antwerpen / Amsterdam, Lannoo / Atlas, 2002.

Marc Boyer, L’hiver dans le Midi. L’invention de la Côte d’Azur XVIIIe – XXXIe siècle. Paris, L'Harmattan, 2009.

Alexandra Campbell, Hôtel du Cap-Eden-Roc. La légende éternelle de la Rivièra. Paris, Flammarion, 2020.

André Chagny, La Côte d’Azur: Saint-Raphaël - Cannes - Nice - Monaco - Menton. Arlaud, 1932.

Charles Martini de Châteauneuf, Affiches d'Azur: 100 ans d'affiches de la Côte d'Azur et de la Principauté de Monaco. Nice, Editions Gilletta, 1992.

Ben Chatfield and Enzo Cilenti, Mediterranean Homesick Blues: A Diary of Life-affirming Disasters on the Cote D'Azur. 2012.

Yvan Christ, les Métamorphoses de la Côte d'Azur. Paris, Balland, 1971.

Anne de Courcy, Chanel's Riviera: Life, Love and the Struggle for Survival on the Côte d’Azur, 1930–1944. London, Weidenfeld & Nicolson, 2019.

Paul Daelewyn, La Côte d'Azur de Georges Simenon. Lieux de vie et sources d'inspiration. Serre Editeur, 2005.

Pierre Daix et al., La Côte d'Azur et la Modernité. Réunion des Musées Nationaux, 1997.

Alain Decaux, Les Heures Brillantes de la Côte d'Azur. Paris, Librairie Perrin, 1964.

Jacques Derogy, Jean-Marie Pontaut, Enquête sur les ripoux de la Côte. De l'affaire Médecin au meurte de Yan Piat. Paris, Fayard, 1994.

Pierre Devoluy & Pierre Borel (Préface de M. Maurice Mæterlinck), Au Gai Royaume de l’Azur. Du lentisque des Maures au jasmin de Grasse - Le littoral et ses villes de rêve - Nice capitale de l’Azur - La Montagne fleurie et le jardin des neiges. Grenoble, J. Rey, 1924.

Pierre Devoluy & Pierre Borel (Voorwoord van Maurice Mæterlinck), In het rijk van de zonneschijn - De Fransche Rivièra. Van de mastiboomen tot de jasmijn van Grasse - De kuststrook en de feëerieke steden - Nizza hoofdstad van de Rivièra - De berg der bloemen en de tuinen in de sneeuw. Amsterdam, Drukkerij en Uitgeverij J.H. de Bussy, 1924.

Virginie Donier et Christophe Van Huffel, Tourisme et métropoles: compétences et enjeux. Le cas de la région Sud PACA. Paris, Editions L'Harmattan, 2019.

A. Donnadieu, Paysages de Provence. La Côte d'Azur de Saint-Raphaël à la baie de Nice: L'Esterel et la Corniche d'Or. Cannes et les îles de Lérins. Le Golfe Juan. Juan-les-Pins. Antibes. Grasse et l'arrière-pays. Editions Berger-Levrault, 1936.

Jonathan Duclos-Arkilovitch, Jazzin' Riviera. 70 Ans de Jazz sur La Cote d'Azur. ROM Editions, 1997.

Charles-Emmanuel Dufourcq, La Vie quotidienne dans les ports méditerranéens au Moyen-Age (Provence-Languedoc-Catalogne). Paris, Hachette, 1975.

Raphael Dupouy et Dany Lartigue, La Riviera de Jacques Henri Lartigue. Reseau Lalan, 2007.

Maureen Emerson, Escape to Provence. Chapter and Verse, 2008.

Maureen Emerson, Riviera Dreaming: Love and War on the Côte d’Azur. London – New York, I.B. Tauris & Co. Ltd, 2018.

Dominique Escribe, La Côte d'Azur: Genèse d'un Mythe. Nice, Gilbert Vitaloni / Conseil Générale des Alpes-Maritimes, 1988.

Manfred Flügge, Exil en paradis: Artistes et écrivains sur la Riviera (1933-1945). Editions du Félin, 1999.

Daniel Gade, 'Tropicalisation' de la végétation ornementale de la Côte d'Azur. In: Méditerranée, no. 4, 1987, pp. 19-15.

Pierre Galante et Annie Michel Gall, Les Années Américaines. La vie au château sur la Côtes d'Azur 1918-1940. Paris, Jean-Claude Lattès, 1985.

Michel Georges-Michel, La Vie mondaine sur la Riviera et en Italie, Nice, Cannes, Monte Carlo, Rome, Florence, Venise. Paris, Flammarion, 1925.

Jean Gilletta, Littoral de la Côte d'Azur. Vues anciennes. Les Albums de Jean Gilletta. Nice, Editions Gilletta, 2016.

Xavier Girard, Les Années Fitzgerald: La Côte d'Azur 1920-1930. Paris, Editions Assouline, 2001.

Frances M. Gostling, The Lure of the Riviera. New York, Robert M. McBride, 1927.

Charles Graves, The Riviera Revisited. London, Evans Brothers Limited, 1948.

Charles Graves, Royal Riviera. London, Heinemann, 1957.

Charles Graves, None But the Rich. London, Cassell, 1963.

Jean-Luc Guillet, Scott et Zelda Fitzgerald en Provence et sur la Riviera. Bohèmes Editions, Format Kindle, 2016.

Alfred Hitchcock (Directed by), To catch a thief. With Gary Grant, Grace Kelly et al., Paramount Pictures, 1954.

Robert Holland, Blue-Water Empire. The British in the Mediterranean since 1800. Penguin, 2013.

Robert Holland, The Warm South : How the Mediterranean Shaped the British Imagination. New Haven and London, Yale University Press, 2018.

Patrick Howarth, When the Riviera was Ours. London and Henley, Routledge & Kegan Paul, 1977.

Emile Jahandiez, Petite histoire des îles d'Hyères des origines à 1930. Presqu'île de Giens, Porquerolles, Port-Cros, Ile du Levant. Editions des Régionalismes & PRNG Editions, 2016.

Paul Joanne, Les Stations d'Hiver de la Méditerranée. Nice, Hyères - Cannes - Monaco - Menton - Bordighera -Sanremo. Collection Joanne - Guides Diamant. Paris, Librairie Hachette et Cie., 1878.

Shirley Johnston and Roberto Schezen, Great Villas of the Riviera. Thames & Hudson, 1998.

Ted Jones, The French Riviera: A Literary Guide for Travellers. London – New York, Tauris Park Paperbacks, 2007.

Bernard Kayser, Campagnes et Villes de la Côte d'Azur. Essai sur les conséquences du développement urbain. Monte-Carlo, Editions du Rocher Monaco, 1960.

Philip Kerr, The other side of silence. London, Quercus, 2016.

Philip Kerr, Prussian Bleu. London, Quercus, 2017.

Liza Klaussmann, Villa America. London, Picador, 2015.

George G. Kundahl, The Riviera at War: World War II on the Côte D'azur. London, I.B.Tauris & Co., 2017.

Jean-Bernard Lacroix et Hélène Cavalie (dir.), Les Alpes-Maritimes et les guerres du XXe siècle, Silvana Editoriale, 2013.

Philippe Lafon, L'architecture balneaire de l'Ile d'Oléron. Patrimoines Med, 2018.

Paul Lassablière, Zomerbadplaatsen. PLM (Chemin de Fer: Paris-Lyon-Marseille). (Übers. v. Kur- und Badeorte). Paris, Imprimerie Maréchal, 1928.

Charles Lenthéric, The Riviera: Ancient and Modern. T. Fisher Unwin, 1895.

Ellis Leroy, Les Russes sur la Côte d"Azur: La colonie russe dans les Alpes-Maritmes des origines à 1939. Nice, Editions Serre, 1988.

Peter Leslie, The Liberation of the Riviera. New York, Wyndham Books, 1980.

Stéphane Liégard, La Côte d'Azur. Paris, Maison Quantin, 1887. Nouvelle édition: Paris, Ancienne Maison Quantin Librairies-imprimeries réunies, 1894.

W.J.M. Linden, Gids voor de Riviera. Van Marseille tot Vintimille. Geauthoriseerde bewerking van de Guide Bleu, uitgave Hachette te Parijs, met 1 kaart en 8 plattegronden. Amsterdam, J.H. de Bussy, 1927.

Christiane de Livry, François Simon, Hôtel du Cap Eden-Roc Cap d'Antibes. Editions Assouline, 2007.

Mary S. Lovell, The Riviera Set 1920 – 1960. The goldens years of glamour and excess. London, Little Brown UK, 2017.

Aleksander Lubanski, Guide aux stations d'hiver du littoral méditerranéen: Hyères, Cannes, Nice, Menton, Monaco, par le Dr Lubanski.... Lacroix, Verboeckhoven et Cie, 1865.

Evander Luther (Sous la direction de), Le Lavandou. Massif des Maures, Port-Cros, Ile du Levant. Acu Publishing, 2012.

Carine Marret, Promenades littéraires sur la Côte d’Azur: des lieux, des livres, des écrivains. Nice, Mémoires Millénaires Editions, 2e édition, 2011,

Jacques Médecin et al., De l'hôtel-palais en Riviera. Genève, La Septième fois, 1985.

André Merquirol, La Côte d'Azur dans la littérature française. Nice, ED. J. Deruyl, 1948.

Gérard Monnier, Artistes, société, territoire: Les Arts en Provence et sur la Côte d'Azur aux XIXe et XXe siècles. Presses de L'Université de Provence, 2012)

Andrea Mrena, Histoire de la colonie russe sur la Côte d'Azur. CreateSpace Independent Publishing Platform, 2017.

Joseph Nègre (Textes de), La Rivièra de Charles Nègre. Premières photographies de la Côte d'Azur (1852-1865). Aix-en-Provence, Edisude-La Calade, 1991.

Michael Nelson, Queen Victoria and the Discovery of the Riviera. London – New York NY, Tauris Parke Paperbacks, 2007.

Michael Nelson, Americans and the Making of the Riviera. McFarland & Co, 2008.

John Pemble, The Mediterranean Passion: Victorians and Edwardians in the South. Oxford, Oxford University Press, 1987.

Coline Perrin, Un littoral sans nature? L'avenir de la méditerranée face à l'urbanisation. Ecole Française de Rome, 2014.

Mireille Pinsseau, Les peintres en Provence et sur la Côte d'Azur pendant la seconde guerre mondiale. La Thune, 2004.

Pau Obrador Pons, Cultures of Mass Tourism: Doing the Mediterranean in the Age of Banal Mobilities. London, Routlegde, 2009.

Élysée Reclus, Les Villes D'hiver De La Méditerranée et Les Alpes Maritimes. Paris, Librairie de L.Hachette, Collection des guides Joanne, 1864.

Jim Ring, Riviera, the Rise and Fall of the Côte d'Azur. London, John Murray Publishers, 1988.

Jim Ring, Riviera: The Rise and Rise of the Côte d'Azur. London, John Murray Publishers, 2004.

Isabella Roberts, Riviera Revelations: The real story behind the walls of the grand villas on the French Riviera. 2014.

Kenneth E. Silver, Making Paradise. Art, Modernity, and the Myth of the French Riviera. Cambridge, Massachusetts / London, England, The MIT Press, 2001.

François Spoerry, L'architecture douce de Port-Grimaud à Port-Liberté. Paris, Robert Laffont, 1989.

Michel Steve, Hans-Georg Tersling, architecte de la Côte d'Azur. Nice, Editions Serre, 1990.

Calvin Tomkins, Living well is the best revenge. New York, Signet - New American Library, 1962 (1972).

Bernard Toulier, Jacques Henri Lartigue, un dandy à la plage. Dominique Carré, Collection Hors collection, 2016.

Frederick Treves, The Riviera of the Corniche Road. Cassell & Co., 1921.

Jean-Didier Urbain, Au Soleil. Naissance de la Méditerranée estivale. Paris, Editions Payot, 2014.

Sylvio Vincenti, Beaulieu-sur-Mer et Saint-Jean-Cap-Ferrat. Editions Sutton, 2011.

Alan F. Wilt, The French Riviera Campaign of August 1944. Southern Illinois University Press, 1981.

Kenneth Wright, The Great War & the British on the French Riviera. Kwite Write Publishing, 2016.

Christian Zerry, Alice de Rothschild. Une hivernante passionnée sur la French Riviera. Ed. Campanile, 2014.

Ph. Zilcken, Langs wegen der Fransche Rivièra. 's-Gravenhage, H. P. Leopold's Uitgevers-Maatschappij, 1925.

*** NICE:

Jean-Jacques Aillagon et al, Promenade(s) des Anglais. Lienart, 2015.

Raoel Audibert, Nice et ses collines. Paris, Hachette, 1960.

Roger-Louis Bianchini, Crimes & arnaques sur la Côte d'Azur. Nice, 2003.

Gilles Bogaert, Vitesse de la Lumière. Nice au coeur de l'Histoire. Mémoires Millénaires Editions, 2015.

Alain Bottaro et al., Hôtels & palaces Nice: Une histoire du tourisme à de 1780 à nos jours. Gilletta Editions, 2019.

Paul Castela, Splendeurs de Nice. Carrefour de l'art de bâtir. Nice, Editions Gilletta, 1991.

André Compan, Histoire de Nice et son comté. Nice, Editions Serre, 1982.

Louis Couperus, Legenden van de Blauwe Kust (1910). Ré-éd., Amsterdam, Elseviers Weekblad, 1951.

Louis Couperus, Incognito à Nice. In: Deshima, Strasbourg, n° 4-2010, pp. 199-204.

Marco Daane, Noorderlingen in Nice. Tobias Smollett, een schrijver en zijn gevolg. In: Dirk Leyman (Samenstelling), Nice, muze van Azuur. Het Oog in 't Zeil Stedenreeks 11, pp. 32-50. Amsterdam, Uitgeverij Bas Lubberhuizen, Maart 2004.

Jean-Loup Fontana, Nice et le comté: Une histoire multimillénaire. Mémoires Millénaires Editions, 2018.

Graham Greene, J'Accuse: The Dark Side of Nice. London, The Bodley Head, 1982.

Michel Guerrin, Il était une fois Nice. In/ Le Monde M Le magazine du Monde, 23 juillet, 2016, pp. 19-24.
Via: https://www.lemonde.fr/m-actu/article/2016/07/22/il-etait-une-fois-nice_4973454_4497186.html

C.J. Haug, Leisure and Urbanism in Nineteenth-Century Nice. Lawrence, Kansas,, The Rgents Press of Kansas, 1982.

Robert Kanigel, High Season: How One French Riviera Town Has Seduced Travelers for Two Thousand Years. Harmondsworth, Penguin Group, Viking, 2002.

Dirk Leyman (Samenstelling), Nice, muze van Azuur. Het Oog in 't Zeil Stedenreeks 11. Amsterdam, Uitgeverij Bas Lubberhuizen, Maart 2004.

Dirk Leyman, 'Als promenade is zij werkelijk iedaal ...'. Literair flaneren langs de Baie des Anges. In: Dirk Leyman (Samenstelling), Nice, muze van Azuur. Het Oog in 't Zeil Stedenreeks 11, pp. 11-31. Amsterdam, Uitgeverij Bas Lubberhuizen, Maart 2004.

Christian Marcipont, La sultane blanche. Louis Couperus et Nice. In: Deshima (Strasbourg), n° 4-2010, pp. 59-83.

Michel Massimi, Promenade des Anglais. Son Histoire, Hôtels, Palais et Villas. Campanile, 2016.

Guy-Julien Moreau et Catherine Moreau, Le Regina: De la reine Victoria à nos jours, splendeurs et métamorphoses d'un palace Nice 1897-1997. Serre Editeur, 2002.

D. Nash, 'The Rise anf Fall of an Aristocratic Tourist Culture. Nice 1763-1936'. In: Annals of Tourism Research, Vol. 6, n° 1, Janvier 1979.

Jean-Louis Panicacci, Les Alpes maritimes dans la guerre 1939-1945. Editions De Borée, 2013.

J.J. Peereboom, Wolkeloos welvaren in de Villa Mauresque. Somerset Maugham als gastheer op Cap Ferrat. In: Dirk Leyman (Samenstelling), Nice, muze van Azuur. Het Oog in 't Zeil Stedenreeks 11, pp. 226-236. Amsterdam, Uitgeverij Bas Lubberhuizen, Maart 2004.

Isabelle Pintus, L'aristocratie anglaise à Nice à la Belle Epoque. Nice, 2000.

Jean-Paul Potron, L'Image de Nice au travers des guides de voyage, 1800-1900. Nice, D.E.A. Université de Nice, 1991.

Jean-Paul Potron, L’arrière-pays niçois. Vues anciennes. Gilletta Editions, 2015.

Claude Prélorenzo, Nice: Une histoire urbaine. Hartmann, 1999.

Eric Raspoet, Nice ondergronds. Graham Green en de Médecin-dynastie. In: Dirk Leyman (Samenstelling), Nice, muze van Azuur. Het Oog in 't Zeil Stedenreeks 11, pp. 259-276. Amsterdam, Uitgeverij Bas Lubberhuizen, Maart 2004.

Robert Rudney, From Luxury to Popular Tourism: The Transformation of the Resort Nice. Ph.D. Dissertation, University of Michigan, 1979.

Mark Schaevers, De schrijftafel als Heimat. Nice en het Duitse Exil. In: Dirk Leyman (Samenstelling), Nice, muze van Azuur. Het Oog in 't Zeil Stedenreeks 11, pp. 206-225. Amsterdam, Uitgeverij Bas Lubberhuizen, Maart 2004.

Ralph Schor, Nice pendant la guerre de 1914-1918. Aix-en-Provence, La Pensée Universitaire, Annales de la faculté des lettres d'Aix-en-Provence, 1964.

Michel Stève, L'Architecture belle époque à Nice. Nice, 1995.

Caroline de Westenholz, Een witte stad van weelde. Louis Couperus en Nice (1900-1910). Den Haag. Couperus Cahier III, Louis Couperus Genootschap, 1996.

Caroline de Westenholz, 'Een bachante onder de steden'. Louis Couperus en Nice. In: Dirk Leyman (Samenstelling), Nice, muze van Azuur. Het Oog in 't Zeil Stedenreeks 11, pp. 130-146. Amsterdam, Uitgeverij Bas Lubberhuizen, Maart 2004.

*** MENTON:

F. Baussan et F. Pauvarel, Menton, Villégiatures sur la Rivièra. Lieux Dits - Images du Patrimoine, 2020.

Jean-Paul Pellegrinetti (Sous la direction de), Histoire de Menton. Toulouse, Privat, 2011.

A.Pessy, Guide des Étrangers à Menton accompagné d'une carte dressée avec soin, indiquant l'Itinéraire des Promenades et Zxcursions à faire dans un rayon de six lieues. Troisième Édition. Menton, à L'Établissement littéraire Papy, 1870.

Valérie Rondelli-Renoux et François Rosso, Menton. Mémoire en images. Editions Sutton, 2013.

Bernard Toulier, Jean-Claude Guibal (Préfaces), Michel Eisenlohr (Photographies), Menton, une ville de palaces. Les palais d'hiver de l'aristocratie internationale, 1860-1914. Honoré Clair, 2019.

Jean-Claude Volpi, Quand Menton recevait l'Europe. Des pensions aux palaces. Un siècle d'hotellerie mentonnaise. Chez l'auteur, 2011.

*** HYÈRES:

Amédée Bodinier, Hyères et ses environs, avec vues artistiques des principaux sites et monuments anciens et modernes, accompagnées de notices historiques, archéologiques et descriptives. G. Bloch, 1892.

Louis Brouard, Hyères-les-Palmiers, Côte d'Azur (Var), Station Hivernale. Guide des Etrangers. Guide pour 1911-1912. Hyères, Edition de l'Agence V. Astier, 1911.

Eugène Farrenc, Récits de touristes: Hyères (Ed. 1891). Paris, Hachette Livres-BnF, 2013.

Ghislaine Maille et Hubert François, Hyères. Mémoire en images. Editions Sutton, 2003.
Ghislaine Maille et Hubert François, Hyères. Mémoire en images. Tome II. Editions Sutton, 2003.

Jacqueline Salmon et Hubert Damisch, Robert Mallet-Stevens et la Villa Noailles à Hyères. Marval, 2005.

*** CANNES:

Andrée Bachemont, Cannes et les Anglais, 1835-1930. S. d..
Via: https://www.departement06.fr/documents/Import/decouvrir-les-am/recherchesregionales197-08.pdf.

Andrée Bachemont, Hôtels et Palaces de Cannes à la Belle Epoque. S.d..
Via: https://www.departement06.fr/documents/Import/decouvrir-les-am/recherchesregionales203_10.pdf.

Alex Baussy, Cannes d'Hier et Aujourd'hui. Imprimerie de Noailles, 1966.

Cari Beauchamps and Henri Béhar, Hollywood on the Riviera: The Inside Story of the Cannes Film Festival. New York, William Morrow, 1992.

Jean Bresson, La fabuleuse histoire de Cannes: Ces demeures qui ont fait Cannes. Editions du Rocher, Nouv. éd. rev., corr. et augm., 1981.

Marie-Hélène Cainaud (Sous la direction de), Un siècle de vie Cannoise, 1850-1950. Cannes, Ville de Cannes, 2014.

Didier Digiuni, Cannes 1939-1945. Alandis Editions, 2002.

André Fildier, Cannes à la Belle Époque, Libro-sciences, 1974.

Florence Frigola-Wattinne, Le California Palace au temps de sa splendeur: Cannes. Paris / Norderstedt, Books on Demand, 2019.

Amédée Goubet, Cannes-Guide. Promenades de Cannes et ses environs. Historique - Flore - Géologie. Climatologie Par le Docteur Bernard. Renseignement sur la ville. Cannes, Paul Maillan, 1875.

Danièle Heyman et Jean-Pierre Dufreigne, Le roman de Cannes: 50 ans de Festival. Paris, TF1 Editions, 1996.

Camille Milliet-Mondon, Cannes 1835-1914: Villégiature, urbanisation, architecture. Serre Editeur, 1986.

Jacqueline Monsigny, Le roman du Festival de Cannes. Monaco, Éditions du Rocher, 2007.

Patricia Namvrine, Cannes: Histoire du boulevard de la Croisette des origines à 1914. Nice, Alandis, 1999.

J.-J. Pierrugues, Petite histoire de Cannes à travers les âges. Editions des Régionalismes & PRNG Editions, 2014.

Jean-François Téaldi, Festival de Cannes: Stars et Reporters. Ricochet, 1996.

*** SAINT-TROPEZ:

Marc Ambroise-Rendu, « Le réaménagement de la plage de Pampelonne. Saint-Tropez menacée par les promoteurs », Le Monde, 10 août 1989.

Yves Bigot, La folle et véridique histoire de Saint-Tropez. Paris, Grasset, 1998.

Jean-Pierre de Brun (Sous la direction de), La Villa Romaine des Platanes - Les origines de Saint-Tropez. Centre Archéologique du Var, 1996.

Isabelle Bruno et Grégory Salle, État ne touche pas à mon matelas!. Conflits d’usage et luttes d’appropriation sur la plage de Pampelonne. In: Actes de la recherche en sciences sociales 2017/3 (N° 218), pages 26 à 45.

Annabel Buffet et Luc Fournol, Saint-Tropez. Editions du Mécène, 1993.

Nicolas Charbonneau, Le Roman de Saint-Tropez. Editions du Rocher, 2009.

Claude Dronsart, Vacances de stars: Saint-Tropez années 70. Editions L'instantané, 2004.

Simone Duckstein, Hôtel de La Ponche. Un autre regard sur Saint-Tropez. Le Cherche Midi, 2008.

Simone Duckstein, Et Saint-Tropez créa La Ponche. Le Cherche Midi, 2015.

Frédéric Edelmann, A Pampelonne, la guerre des plages. In: Le Monde, 29 août 2018.
Via: https://www.lemonde.fr/architecture/article/2018/08/22/a-pampelonne-la-guerre-des-plages_5345055_1809550.html

Jean-Daniel de Germont, Saint-Tropez, le temps retrouve. Equinoxe, 1993.

Jean Girault (Réalisateur), Le Gendarme de Saint-Tropez. Avec Louis de Funès. 1964.

S. Girel, ?La Presqu'île de St. Tropez.? Paris, Gallimard, 1996.

Stéphane Grial et Pal Gérard Pasols, Et Dieu crea ... le Club 55. Paris, Herscher, 1999.

Xaviera Hollander, Paris-St.Tropez. Paris, J.C. Lattès, 1975.

Étienne Juillard, La côte des Maures. Son évolution économique et sociale depuis cent ans, étudiée dans la région de Saint-Tropez. In: Revue de géographie alpine, 45(2), pp. 289-350, 1957.

José Lenzini, Les plagistes de Pampelonne redoutent d’être mis sur le sable. In: Le Monde, 23 août 1997.
Via: https://www.lemonde.fr/archives/article/1997/08/23/les-plagistes-de-pampelonne-redoutent-d-etre-mis-sur-le-sable_3780321_1819218.html

Diane Lisarelli, Frederic Mauch: "A l’Epi Plage, c’était la fête en toute liberté." In: Le Monde, 19 août 2019.
https://www.lemonde.fr/m-styles/article/2019/08/19/frederic-mauch-a-l-epi-plage-c-etait-la-fete-en-toute-liberte_5500773_4497319.html

Guy Martin, La fin du mythe tropézien? Les vicissitudes juridiques de la plage de Pampelonne. In: Espaces, 152, pp. 44-50, 1998.

Guy Martin, Économie de plage et impératifs environnementaux. L’exemple de la plage de Pampelonne, à Ramatuelle. In: Espaces, 319, pp. 79-87, 2014.

Fréderic Mauch, L'Épi Plage. Une saga tropézienne. Paris, Éditions Pygmalion, 2019.

Robert Monteux, Saint-Tropez. Historique, adresses, points chauds, célébrités, promenades. Eidtions Robert Monteux, 1969.

Joseph Rosati, Saint-Tropez à travers les siècles. Les Amis de la Citadelle, 1971.

Vanessa Schneider, Brigitte Bardot, mythe et marque de Saint-Tropez. (Retour à Saint-Trop’ 1/6). Depuis qu’elle a arrêté le cinéma en 1973, l’actrice, sex-symbol des années 1950-1960, vit recluse. In: Le Monde, 16 juillet 2017.
Via: https://www.lemonde.fr/festival/article/2017/07/16/brigitte-bardot-mythe-et-marque-de-saint-tropez_5161204_4415198.html

Vanessa Schneider, Le port de Saint-Tropez, premier hôtel de luxe. (Retour à Saint-Trop’ 2/6). Réparti en deux bassins, au cœur du village, il est l’un des plus réputés au monde et constitue une des principales ressources financières de la ville. in: Le Monde, 17 juillet 2017.
Via: https://www.lemonde.fr/festival/article/2017/07/17/le-port-de-saint-tropez-premier-hotel-de-luxe_5161670_4415198.html

Vanessa Schneider, Saint-Tropez: plaisirs de jour, excès de nuits. (Retour à Saint-Trop’ 3/6). Palace mythique de la cité varoise, le Byblos est l’une des adresses les plus emblématique, comme sa boîte de nuit, Les Caves du Roy. In: Le Monde, 18 juillet 2017.
Via: https://www.lemonde.fr/festival/article/2017/07/18/saint-tropez-plaisirs-de-jour-exces-de-nuits_5162096_4415198.html

Vanessa Schneider, Saint-Tropez: et Vadim créa la plage. (Retour à Saint-Trop’ - 4/6). Depuis 1955, le Club 55 accueille les célébrités du monde entier. Son credo : "Le client n’est pas le roi, parce qu’il est un ami". In: Le Monde, 19 juillet 2017.
Via: https://www.lemonde.fr/festival/article/2017/07/19/saint-tropez-et-vadim-crea-la-plage_5162623_4415198.html

Vanessa Schneider,A Saint-Tropez, le « CAC 20 » en maillot de bain. (Retour à Saint-Trop’ 5/6). Le sélect domaine des Parcs tient du Bottin mondain, il abrite les plus grandes fortunes françaises et internationales. In: Le Monde, 21 juillet 2017.
Via: https://www.lemonde.fr/festival/article/2017/07/21/le-cac-20-en-maillot-de-bain_5163192_4415198.html

Vanessa Schneider, Saint-Tropez, un village en péril. (Retour à Saint-Trop’ 6/6). Le miracle économique a un prix: la population diminue, les commerces de proximité ferment, les Tropéziens sont chassés par le prix de l’immobilier. In: Le Monde, juillet 2017.
Via: https://www.lemonde.fr/festival/article/2017/07/21/saint-tropez-un-village-en-peril_5163407_4415198.html

Seth Sherwood, 36 Hours in St.-Tropez, New York Times, 23 juin 2011.

Eric Tognolli, Roland Bruno, Félix Palmari et al., ?Les plages de Pampelonne, 50 ans d histoire. Ramatuelle presqu'île de Saint Tropez. A 50 year history of the beaches of Ramatuelle?. Saint-Tropez, ?Presstrop, 2003. ?

André Turin et al., Saint-Tropez, Annuaire 1949. Draguignan, Imprimerie Olivier-Joulian Raybaud, 1949.

*** OVERIGE PLAATSEN AAN DE CÔTE D'AZUR:

Paul Arnoldussen, Waar de mimosa bloeit. Nederlandse kunstenaars in Cagnes-sur-Mer. Amsterdam, Uitgeverij De Republiek, 2013.

Hélène Auclair, Le Rayol-Canadel autrefois. Aubagne, Imp. Louis Lartigot, 1992.

Roger-Louis Bianchini, Monaco, une affaire qui tourne. Paris, Seuil, 1992.

Jean Bonnaure, Si Ramatuelle nous était contée. Des origines à nos jours. Marseille, Presses de l’Estampille provençale, 1994.

André Cane, Histoire de Villefranche-sur-Mer et de ses anciens hameaux de Beaulieu et Saint-Jean. (1960, Chez l'auteur). Nice, Claude Boumendil, Imprimeur-éditeur, Collection Belisane, deuxième édition, 1978.

André Cane, Anglais et Russes à Villefranche-sur-Mer, Beaulieu-sur-Mer, St-Jean Cap-Ferrat. 1988.

Marcel Carlini, Saint-Raphaël à travers les âges. Saint-Raphaël, Imprimerie Nouvelle, 1981.

Cassis hier et aujourd'hui. Ville de Cassis, 1992.

J. Cauvin, Raymond Gaudet, Cagnes-sur-Mer (Alpes-Maritimes) 1931-1932. Guide touristique diffusé par le Syndicat d'Initiative, Imprimerie Nouvelle à Cagnes-sur-Mer, 1931.

Jean Pierre Domerego, Sospel. L'histoire d'une communauté. Editions Serre, 1980.

Ghiglion Dominique, Si c'était hier Porquerolles. Les Presses du Midi, 2019.

Renaud Dumenil, Antibes Juan-les-Pins. Le temps retrouvé. Equinoxe, 1999.

Paul-Albert Février, Fréjus: Ville romaine, station balnéaire, Fréjus-plage, Saint-Aygulf... Histoire d'une cité. Bobigny, Ela Revue française, Impr. de Bobigny, 1961.

Floc'h & Rivière, Villa Mauresque. Somerset Maugham et les siens. Edititions de La Table Ronde, 2013.

Manfred Flügge, Wider Willen im Paradies. Deutsche Schriftsteller im Exil in Sanary-sur-Mer. Aufbau Taschenbuch Verlag, 2004.

Manfred Flügge, Amer Azur: Artistes et écrivains à Sanary. Editions du Félin, 2007.

Didier Gayraud, L'Âge d'or de Villefranche-sur-Mer. Chez l'auteur, 1988.

Didier Gayraud, Villefranche-sur-Mer, Beaulieu-sur-mer, Saint-Jean Cap Ferrat. Equinoxe, 1998.

J.-D. de Germond, ?Lotissements de la Côte des Maures de Cavalaire à Ste-Maxime.-?-?Communes de Cavalaire, La Croix-Valmer, Ramatuelle, Gassin, St-Tropez, Cogolin, Grimaud, Ste-Maxime. Ste-Maxime. Chez l'auteur, 1962.

George W. Herald, Edward D. Radin, Monte-Carlo: un siècle de roulette. Paris, Editions de Trévise, 1964.

Frédéric Laurent, Monaco: Le Rocher des Grimaldi. Paris, Découvertes Gallimard, 2009.

Franck Leclercq, Saint-Paul-de-Vence - Village éternel. Verlhac, 2014.

Paul A. Myers, French Sketches: Cap Ferrat and Somerset Maugham. 2011.

Paul A. Myers, French Sketches: Cap d'Antibes and the Murphys. 2011.

Françoise Parturier, Les Hauts de Ramatuelle. Paris, Albin Michel, 1983. ?

Vincent Peillon (Président), Arnaud Montebourg (Député), Principauté de Monaco et blanchiment: un territoire complaisant sous protection française. Paris, Assemblée nationale de France. Mission d'information commune sur les obstacles au contrôle de la délinquance financière en Europe, 2000.

Jean de Ponfilly, Le Rayol- Canadel sur Mer. Une ballade au fil du temps. Editions du Palais, 2019.

Jean-Paul Potron, Paysages de Cagnes, Antibes, Juan-les-Pins: Du XVIIIe au XXe siècle. Gilletta Editions, 2006.

Marie Rose Rabaté et André Goldenberg, Villefranche-sur-Mer hier et aujourd'hui. Vifa Serre, 2002.

Les Jardins de Rayol. Arles, Actes Sud, Coll. Conservatoire du littoral, 1999.

Olivier Thomas, Sanary-sur-Mer d'hier à aujourdhui. Editions Alan Sutton, 2012.

Toulon - Guide touristique illustré du Touriste, du Baigneur et de l'Hivernant. Toulon, Syndicat d'Initiative de Toulon, 1922.

*** DE ZUIDWAARTSE KUSTSTROOK VAN DE 'BOUCHE DU RHÖNE, DE LANGUEDOC TOT EN MET LA CÖTE VERMEILLE:

Vincent Andreu-Boussut, L’aménageur, le touriste et la nature sur le littoral de l’Aude. Modèles d’aménagement, pratiques touristiques et enjeux environnementaux. Thèse, Sciences de l’Homme et Société, Université de Marne la Vallée, 2004.
Via: https://tel.archives-ouvertes.fr/tel-00264255/document

Henry Aragon, La Côte Vermeille. Notice historique & Archéologique. Le Barcarès, Canet, Argelès, Collioure, Port-Vendre, Banyuls-sur-Mer, Cerbère. Editions Des Regionalismes Arremouludas, 2016.

Jean-Pierre Barou, Matisse ou le miracle de Collioure. Indigène, 1997.

Jean-Denis Bergasse (dir.), Pierre Paul Riquet et le canal du Midi dans les arts et la littérature. Cessenon, Bergasse, 1982.

J.-L. Bonnet, Carcassonne, d'hier à aujourd'hui. Péronnas, Editions de la Tour Gile, 2005.

Marcel Bournérias, Charles Pomerol, Yves Turquier, La Méditerranée de Marseille à Banyuls. Delachaux et Niestlé, 1992.

André Bouyala d'Arnaud, Evocation de vieux Marseille. Paris, Editions de Minuit, 1064.

J. Caloni, Collioure. Ses Origines, Son Passe, Son Role Dans l'Histoire du Roussillon. Lorisse, 2004.

Isabelle Callis-Sabot, Le Roman de Banyuls - Tome 1: Vers les plages de l'exil (1936-1939). Editions Alexandra de Saint-Prix, 2014.
Isabelle Callis-Sabot, Le Roman de Banyuls - Tome 2: Un sentier dans les vignes 1939-1942. Editions Alexandra de Saint-Prix, 2014.
Isabelle Callis-Sabot, Le roman de Banyuls - Tome 3: Mañana. Editions Alexandra de Saint-Prix, 2015.

Pierre Cantaloube, Pierre Lauvenrier, La Côte Vermeille. Presses Litteraires, 2007.

Georges Cazes, Réflexions sur l’aménagement touristique du littoral du Languedoc-Roussillon. In: L’Espace Géographique, N°3, pp. 193-210, 1972.

Centre d'études techniques de l'Équipement Méditerranée, Littoral audois – Réflexion sur les milieux naturels et les paysages dans le cadre de la loi Littoral. Direction Départementale de l’Equipement Aude et Direction de l’Architecture et de l’Urbanisme, Narbonnne, 1995.

Horace Chauvet, Voyage pittoresque le long de la Côte Vermeille. Perpignan, Imprimerie du Midi, 1961.

C. Claeys-Mekdade et M. Jacqué, La Clape espace de loisir: Nature pittoresque ou nature de proximité? – Etude de fréquentation du massif de la Clape. Laboratoire Dynamique Ecologique et Sociale en Milieu Deltaïque (DESMID), Arles, 1998.

Claude Colomer, Histoire du Roussillon. Paris, PUF, 1997.

Conservatoire du Littoral, La France littorale – A la découverte des rivages du Languedoc-Roussillon. Ed. du Conservatoire du Littoral avec l’aide de la fondation d’entreprise Total. 1998.

Jean Cuisenier (dir.), Etude sur les indicateurs des flux touristiques, Rapport d’étude pour le compte de la Mission interministérielle pour l’aménagement touristique du Languedoc-Roussillon, Centre de sociologie européenne, Ecole pratique des Hautes Etudes, juin 1966.

Jean Cuisenier (dir.), Amplitude des flux touristiques, Rapport d’étude pour le compte de la Mission interministérielle pour l’aménagement touristique du Languedoc-Roussillon. Centre de sociologie européenne, Ecole pratique des Hautes Etudes, décembre 1966.

Magali David, Ma Clape, « terre secrète ». Narbonne, Graphisud, 1999 (1° édition 1988).

Suzana Dukic, L'immigration en Languedoc-Roussillon du XIXe siècle à nos jours. Perpignan, Editions Trabucaire, 2014.

C. Fagadet, Gruissan - Les chalets - de 1900 à nos jours. Narbonne, Graphisud, 1989.

Monique Donnil du Fresnel, Pierre-Paul Riquet (1609 - 1680). L'incroyble aventure du Canal des Deux-Mers. Editions du Sud Ouest, 2012.

Roger Frey, Luc Malepeyre, Georges Renault, Cap-d'Agde: L'histoire de la plus grande station touristique française. G. Renault, 2000.

Marie-Carmen Garcia et William Genieys, L'Invention du Pays Cathare: Essai sur la constitution d'un territoire. Paris, L'Harmattan, coll. « Questions contemporaines », 2005.

La Grande Motte, 20 ans de réussite, 1968-1988. Mairie de la Grande Motte, 1988.

O. Guichard, Loisirs Languedoc-Roussillon, Revue française d’urbanisme, n°86, numéro spécial, Le Languedoc-Roussillon. Paris, 1965.

J. Hiron, Il était une fois Leucate. Narbonne, Ed. du Cap Leucate, 1998.

En Languedoc Méditerranéen, Aude 1937. Edité pour le compte du Comité Départemental de l'Aude de l'Exposition Internationale Paris par les Editions Archat, Lyon - Paris, 1937.

Gaston Macone, Sète - Chronique d'un Siecle - 1907-2007. Editions Sutton, 2008.

David Magali, Ma Clape: Terre secrète. Ed. S. Candéla, 1989.

Jane Mann, L'histoire de Port-Vendres. Les Presses Littéraires, 2018.

Joséphine Matamoros et al., Matisse-Derain: Collioure 1905, un été fauve. Paris, Gallimard, 2005.

Joël Mettay, L'Archipel du Mépris. Histoire du camp de Rivesaltes de 1939 à nos jours. Canet, Editions Trabucaire, 2008.

Jacques Michaud, André Cabanis, Histoire de Narbonne. Toulouse, Privat, Coll. 'Pays et villes de France', 1981.

Jacques Morand, Le Canal du Midi et Pierre-Paul Riquet. Aix-en-Provence, Edisud, 1993.

Jean-Pierre Lacombe Massot et Joan Tocabens, L'Albera. 2000 ans d'histoire et plus..., Perpignan, Sources, 2000.

Philippe Palat (Edito), 'La folle aventure des citadelles de la mer. Port-Camargue, La Grande-Motte, le Cap d'Agde, Gruissan, Port-Leucate, Port-Barcarès, Saint-Cyprien et Carnon.' Saint-Jean-de-Vedas. Il y a 50 ans, la Mission Racine a révolutionné le littoral du Midi Méditerranéen. Midi-Libre, Hors-Série, 2018.

Jean-François Pinchon, Les unités touristiques du Languedoc-Roussillon de la Mission Racine (1963-1982). Retour sur la genèse des partis pris urbains et l’observation des modèles étrangers pour la conception des stations nouvelles. In: Philippe Duhamel, Magali Talandier et Bernard Toulier (dir.), Le Balnéaire. De la Manche au monde, Rennes, PUR, pp. 161-174, 2015.

C. Prélorenzo et A. Picon, L’aventure du balnéaire – La Grande Motte de Jean Balladur. Marseille, Ed. Parenthèses, Coll. Eupalinos, Série Architecture et Urbanisme. Marseille, 1999.

Gilles Ragot (Préface de Bernard Toulier), La Grande Motte: Patrimoine du XXe siècle. Somogy éditions d'art, 2016.

Hervé Revel, Fleury d'Aude. Mémoires en Images. Editions Sutton, 2014.

Emile Ripert, La Côte Vermeille et le Languedoc Méditerranéen. Grenoble, B. Arthaud, 1931.

Jacques Rouzier (red.), Le Languedoc-Roussillon 1950-2001: histoire d'une mutation. Editions Privat, 2002.

Emmanuel Le Roy Ladurie, Les paysans de Languedoc. Paris, S.E.V.P.E.N., 1966.

Emmanuel Le Roy Ladury, Histoire du Languedoc. Paris, Presses Universitaires de France, Coll. 'Que sais- je?, 2000.

Monteiro Schelhase, La Grande Motte, pour la Petite Histoire... Point Virgule, 2010.

Mathias Thépot, Le Languedoc-Roussillon, un littoral accessible où l’on construit beaucoup. In: Le Monde, 21 août 2017.
Via: https://www.lemonde.fr/argent/article/2017/08/21/le-languedoc-roussillon-un-littoral-accessible-ou-l-on-construit-beaucoup_5174834_1657007.html

Françoise Tournier, L'aménagement du littoral Languedoc-Roussillon: bilan et perspectives. Mémoire présenté sous la direction du professeur Henry Roussillon, Institut d'études politiques, Toulouse, 1986.

A. Triare, La Côte Vermeille. Objectif Sud, 1989.

Valentine Vattier d'Ambroyse, Côtes languedociennes: Du cap Cerbère à Marseille. Slatkine, 1984.

Ulrich Vetterlein, Banyuls-sur-mer. Quand un village se raconte... Edition Les Presses littéraires, 2010.

Alain Vincent, Isabelle Edoire, La Grande-Motte. Mémoire en Images. Editions Alan Sutton, 2011.

----------

FRANS-ATLANTISCHE KUSTSTREKEN EN BADPLAATSEN:


Marie d' Albarade, La belle histoire des palaces de Biarritz. Epoque 1. Atlantica, 2007.

Marie d' Albarade, La belle histoire des palaces de Biarritz. Epoque 2. Atlantica, 2010.

Association 303 Arts, Villégiature balnéaire. Loire-Atlantique et Vendée. Recherches et Créations, 2012.

Mickaël Augeron, Jacques Boucard et Pascal Even (Sous la direction de), Histoire de l’île de Ré des origines à nos jours. Le Croît Vif, 2016.

Lucas Aurore, Villas de Biarritz. Geste Editions, 2016.

Dominique Barjot, Eric Anceau, Nicolas Stoskopf (Sous la direction de), Morny et l'invention de Deauville. Paris, Armand Colin, Hors Collection, 2010.

Antoine Charles Ernest Barthez, La Famille impériale à Saint-Cloud et à Biarritz. Paris, Calman-Lévy, 1913.

Antoine Charles Ernest Barthez, La famille impériale à Biarritz. Lavielle, rééd., 1989.

René Bégué, Alain Gardinier, Biarritz Sixties - Surf Origins. Atlantica, 2019.

Anne-Marie Bergeret, Honfleur et les peintres. Editions des Falaises, 2019.

Madeleine Bernard, A la recherche des premières villas de Carnac-Plage. L'architecture balnéaire. Carnac, Association des Amis de Carnac, 1999.

Henri Bidou, Hossegor, la Côte d'Argent landaise. Bayonne, Imprimerie Madim, ca 1930.

Jean-Michel Blaizeau, La Rochelle, Rochefort et l'Aunis sous le Front populaire, 1936-1938. Rivages des Xantons, 2014.

Laurent Bonnet, Stations Balneaires de Charente-Maritime. Années 1900 à 1930. Geste, 2014.

Max Bontems, Claude-Youenn Roussel, Saint-Lunaire balnéaire. Le grand rêve de Sylla Laraque. Editions Cristel, 2003.

Didier Borotra, Bernard Toulier et al., ?Biarritz. Le casino 1929-1994.? ? Editions Norma, Institut Français d'Architecture, 1994.

G. Bouchon, Historique du Chemin de Fer de Bordeaux à La Teste et à Arcachon -Cinquantenaire de l'Inauguration du Chemin de Fer de Bordeaux à La Teste de Bordeaux 1841-1891.Imprimeries G. Gounouilhou, 1891.

Dominique Bougerie, ?Honfleur et les honfleurais: 5 siècles d'histoire...? (2 volumes). ?Honfleur, Imprimerie Marie, 2002.

Alexandre Bouteiller, Histoire de la ville de Dieppe depuis son origine jusqu'à nos jours comprenant Le Vieux Dieppe et le Dieppe moderne - Marins et hommes modernes - Flibustiers et corsaires - Pêches et événements maritimes - Dieppe pittoresque, industriel, artistique et balnéaire. Dieppe, Emile Delevoye, 1878.

Michel Boyé, Marie-Christine Rouxel (Frédéric Ruault pour les photographies), Villas d'Arcachon - Un Siecle d'Histoires. Geste éditions, 2015.

Luc Braueuer, La Baule: Occupation - Libération, Tome 1 (1939-1942). Liv'Éditions, 2015.

Luc Braueuer, La Baule: Occupation - Libération, Tome 2 (1943-1945). Liv'Éditions, 2015.

André Cariou, Les Peintres de Pont-Aven. Éditions Ouest-France, 1994.

André Cariou, Gauguin et l'École de Pont-Aven. Éditions Ouest-France, 2001.

Alexandre de la Cerda, Biarritz d'antan. HC éditions, 2011.

D. Chabas, Les Landes d'hier et d'aujourd'hui. Capbreton, ?D. Chabas, 1980.

Alain Charles, La Baule et ses villas: Le concept balnéaire. Charles Massin, 2008.

François Ceccaldi, Biarritz, le Casino Bellevue: L'âge d'or des casinos. Le Festin, 2005.

Frédéric Chavenon et Loïc Abed, La Baule à la Belle Époque, Doué-la-Fontaine. C.M.D., coll. 'Mémoire d'une ville', 2000.

Jean Chennebenoist, Trouville et Deauville vus par Charles Mozin, 1806-1862. Deauville, 1962.

Daniel Clary, La façade littorales de Paris - Le tourisme sur la côte normande. Etude géographique. Ophrys, 1977.

Agnès Claverie, La vie d'autrefois sur le Bassin d'Arcachon. Editions Sud-Ouest, 2001.

Jacques Clemens (Textes rassemblés et commentés par), Souvenirs d'Arcachon 1857. Saint-Cyr-sur-Loire, Editions Alan Sutton, 2007.

Bertrand Costet, Palaces et hôtels de Biarritz: 1890-1850. Editions Pimientos, 2018.

François et Françoise Cottin, Le Bassin d'Arcachon. Au temps des pinasses, de l'huître et de la résine. (t. I). Editions l'Horizon chimérique, 2000,
François et Françoise Cottin, Le Bassin d'Arcachon. À l'âge d'or des villas et des voiliers (t. II). Editions l'Horizon chimérique, 2012.

Guy Crépin, Michèle Crépin, Avec vue sur mer à Berck-Plage. Amis du musée, du passé et de la bibliothèque de Berck-sur-Mer et environs, AMPBBE, 2006.

Yvan Christ, Les métamorphoses de la Normandie. Paris, Editions André Balland, 1967.

Maurice Culot, La ville d'hiver d'Arcachon. Institut Français d'Architecture, Paris 1983.

Maurice Culot, Trouville Deauville: Société et Architectures Balneaires 1910-40. Norma Éditions, 1992.

Maurice Culot et al., ?Architectures des années 20 et 30 - Le Pays Basque. ? ?Norma/Institut français d'Architecture, Paris, 1993.

Sophie Danet et Paul Bauduz, L'épopée des bains de mer: Le Pouliguen, La Baule. Nantes, Siloé, 1999.

Charles Daney et Michel Boyer (sous la direction de), Une histoire du bassin: Arcachon, entre Landes et océan, Mollat, 1995.

Colette David (photogr. Stéphan Ménoret), Les villas de La Baule: des bourgeoises modèles aux excentriques rigolotes. La presse de l’Estuaire, 1979.

Gaëlle Delignon, St Malo-Paramé. Urbanisme et architecture balnéaires 1840-1940. Rennes, Presses Universitaires de Rennes, 1999.

Gabriel Désert, La vie quotidienne sur les plages normandes du second empire aux années folles. Paris, Hachette, 1983.

Paul Dyvorne, G. Boutin, Royan. Guide Touristique Offert par les Nouvelles Galeries. Saintes, Imprimerie R. Delavaud, 1935.

Henri Fermin, Dinard – La vie Balnéaire à travers ses Hôtels du Second Empire à nos jours. Dinard, Editions Association des Amis du Musée du Pays de Dinard, 1986.

Alexandre Fernandez, Bruno Marnot (Sous la direction de), Les ports du golfe de Gascogne. De Concarneau à La Corogne (XVe-XXIe siècle). Paris, Presses universitaires Paris-Sorbonne, 2013.

Gilles Freidel, Carnac plage. Une architecture balnéaire bretonne. Patrimoines & médias, 2014.

Christian Genet, ?La vie balnéaire en Aunis et Saintonge 1815-1845. Royan: rendez-vous des Bordelais suivi de promenades historiques et pittotresques de Bordeaux à Royan.? C. Genet, 1978.

Michel Georges-Michel, La Vie à Deauville. Paris, Flammarion, 1922

Élie Guéné, Deux siècles de bains de mer. Sur les plages de l'Avranchin et du Cotentin. Manche-Tourisme, 1985.

François Goliard, Fouras-les-Bains aux plus belles années du tourisme balnéaire. Editions Sutton, 2019.

Mireille Grosjan, Deauville- Trouville au temps des courtisannes et autres histoires inspirées de faits réels. Editions Charles Corlet, 2016.

Marcel Guédon, Arcachon: 150 ans d'histoire. Elytis, 2005

Elie Guene, Deux siècles de bains de mer, sur les plages de l'Avranchin et du Cotentin, 1995.

Guide Pratiques Conty, Réseau de l'Etat. Plages de l'Océan. Paris, Administration des Guides Conty; Troisième Edition, Exercice 1908-1909.

Michel Hébert, Maurice Ernouf, Les stations balnéaires de Granville au Mont-Saint-Michel. Corlet Publications, 1999.

Michel Hebert, Donville-les-Bains. Mille Ans d'Histoire du Village Ancestral à la station Balneaire. Corlet, 2006.

Institut Français d'Architecture (Dominique Delaunay photographies; Olivier Piron préface), Trouville: Maisons et cités-jardins (1919-1995). Norma, 2002.

Eliane Keller, Arcachon. Métamorphoses. Equinoxe, 1992.

Richard Klein, Le Touquet Paris-Plage: la côte d'Opale des années Trente. Édition Norma, 1994.

Richard Klein (Sous la direction de), La Côte d'Opale: Architectures des années 20 et 30: Wissant, Ambleteuse, Wimereux, Hardelot, Le Touquet, Stella-Plage, Merlimont, Berck. Edition Norma, 1998.

G. Labayle, Cauterets, ses origines, ses transformation successive, ses visiteurs les plus illustres. Pau, 1930.

Pierre Laborde, Biarritz - Huit siècles d'histoire - 200 ans de vie balnéaire. Chez l'auteur P. Laborde, 1984.

Pierre Laborde et al., Histoire du tourisme sur la Côte Basque (1830-1930). Atlantica, 2001.

Edouard Labrune, Natacha Degauque Belousova, Les Russes à Biarritz et sur la Côte basque. Editions Pimientos, 2018.

Isidore Lagarde et Sotère Micberth, Une saison d’été à Biarritz en 1859 - Biarritz autrefois, Biarritz aujourd'hui. La France pittoresque, 2014.

Alain et Claudine Lamour, L'histoire des stations balnéaires bretonnes. 1860 - 1950. Editions Micéa, 2019.

Claude Laroche, Hossegor, 1923-1939. Inventaire général des monuments et des richesses artistiques de la France. Le Festin, Collection Cahiers du patrimoine, 1993.

Claude Laroche, Hossegor. La station des sports élégants Norma, 2003.

R. Lemesle, L'architecture balnéaire: Dinard, Saint-Cast, Guildo. La création bretonne (1900-1940). Rennes, Presses universitaires de Rennes, 1995.

Eric Lescaudron, Les villas de la Baule: Un autre regard. Geste Editions, 2014.

Edouard Lévêque, Petite histoire du Touquet. Paris-Plage. Tome I. PyréMonde - Editions des Régionalismes, 2007.
Edouard Lévêque, Petite Histoire du Touquet. Paris-Plage. Tome II. PyréMonde - Editions des Régionalismes, 2011.

Lucien Lheureux, Bains de Mer de l'Océan de la Loire à Saint-Sébastien. Les Guides Illustrés. Paris, Librairie Hachette, 1923.

Dominique Lormier, Aquitaine - Bordeaux et Arcachon à la Belle Epoque. C.M.D.. 1998.

Alain Lottin (Sous la direction de), Histoire de Boulogne-sur-Mer. Ville d'art et d'histoire. Presses Universitaires du Septentrion, 2014.

Stéphane Magrenon, Histoire de Saint-Palais-sur-Mer. Naissance et essor d'une station balnéaire. (1826-1939). Keïmola, 2013.

Gérard Maignan, Hossegor du quartier à la ville d'aujourd'hui. Le Festin, 2014.

Brice Martinetti (Préface de Didier Poton), Les Négociants de La Rochelle au XVIIIe siècle. Rennes, Presses Universitaires de Rennes, 2013.

Geneviève Mesuret, Architectures de Biarritz et de la Côte Basque: De la belle epoque aux années trente. Mardaga, 1995.

Claude Mignot, Trouville - Deauville: Société et architectures balnéaires 1910-1940. Norma, 1992.

Jean Moisy, Trouville. Editions Sutton, Collection Mémoire en Images locaux, 2005.

J. Nogaret, Hendaye. ?Hossegor (Landes), Librairie D. Chabas, 1935.

Sophie Onimus-Carrias, Agathe Aoustin, Denis Pillet, Villégiature balnéaire: Loire-Atlantique et Vendée. Association 303 Arts, Recherches et Créations, 2012.

Georges Oustric, ?Le port de Boulogne-sur-Mer au XIXe siècle. La Sentinelle, Editions Le Téméraire, 1995.

Jackie et Jean-Paul Part, ?Hossegor hier. 1900-1935 - "Les années folles". Bayonne. Chez l'auteur. 1985.

Jacques Pessis, Chronique de Deauville. Trélissac, Editions Chronique, 2005.

Alain Puyau (sous la direction de), Mémoires De Biarritz. Cairn, 2013.

N. Richard, Y. Pallier, Cent ans du tourisme en Bretagne (1840-1940). Rennes, Apogée, 1998.

Philippe Roger et Michel-Pierre Chélini, Reconstruire le Nord-Pas-de-Calais après la Seconde Guerre Mondiale (1944-1958). Septentrion, 2017.

J.-H. Rosny Jeune, ?Hossegor. ?André Delpeuch, 1926.

G. Rouy, (Sous la direction de), ?La Côte d'argent. Les Pyrénées de l'Océan à Bagnères de Bigorre, de la Pointe de Grave à Hendaye, Landes, Pays basques, Béarn.? ?Paris, Flammarion, ca. 1910.

B. Saint Jours, Capbreton, Labenne et Cap-Serbun. ?Imprimerie La béque, Dax, 1918.?

Sylvie Santini, Le roman de Biarritz et du Pays basque. Monaco, Editions du Rocher, 2010.

Paul Smith, Boris Veblen, Deauville La vitrine balnéaire des élégances. Editions B2, 2011.

Patrick Saudemont,Les 100 ans du Touquet Paris-Plage 1912-2012. Michel Lafont, 2011.

Société Académique du Touquet, Le Touquet-Paris-Plage (1912-2012). Un siècle d'histoires. Editions Henry, 2011.

Antoine Terrasse, Pont-Aven: L'Ecole buissonnière. Paris, Découvertes Gallimard, 1993.

Michel Thersiquel, Daniel Yonnet, et al., La Bretagne aimée des peintres: Quimperlé, Pont-Aven, Concarneau 1880-1920. 2001.

Anne Tomczak, Le Touquet: Les Années si folles de Paris-Plage. La Voix du Nord, 2012.

Eugène Trutat, Les Stations hivernales du Sud-Ouest: Pau, Biarritz, Dax, Arcachon (Ed. 1885). Hachette Livre BNF, 2013.

Jean-Bernard Vighetti, La Baule et la presqu'île guérandaise: Tome 1, XIXe siècle, la naissance des bains de mer. Siloë 2003.
Jean-Bernard Vighetti, La Baule et la presqu'île guérandaise: Tome 2, XXe siècle, le grand essor du tourisme. Siloë 2003.

Jean-Bernard Vighetti, Une riviera bretonne: Saint-Nazaire, La Baule et le presqu'île guérandaise. Coop Breizh, 2019.

Johan Vincent, L'intrusion balnéaire: Les populations littorales bretonnes et vendéennes face au tourisme (1800-1945). Rennes, Presses Universitaires de Rennes, 2008.

Pierre-Jean Yvon, Saint-Malo. Cité maritime, station balnéaire. Pascal Galodé Editions, 2008.

----------

FRANSE KUUROORDEN EN KUREN:


Docteur Robert A. Accart, Histoire de la station thermale de Châtel-Guyon. (1760-1914). Clermont-Ferrand, G. de Bussac, 1967.

J.-P. Azam, Les Stations Thermales des Pyrenées à la Belle Epoque. Cairn, 2017.

Henri-Marc Becquart, Les Eaux d'Aix-en-Provence. 2000 ans d'histoires et de passions. Jeanne Laffitte, 2004.

L. Bonnard, La Gaule thermale. Sources et Stations thermales et minérales de la Gaule à l'époque gallo-romaine. Paris, Librairie Plon, 1908. (Ed. 1908). Paris, Hachette Livre BNF, réédition, 2017.

Dr P.? Bouloumié, Histoire de Vittel. Création d'une ville thermale . A. Maloine et Fils, 1925.

Madame Bouloumié, Pierre de Lacretelle, Maurice Loeper, Jacques Cadot et al., Vittel 1854-1954. Société des eaux minérales de Vittel, 1955.

Françoise Breuillaud-Sottas, Evian, aux sources d'une rèussite (1790-1914). Editions Le Vieil Annecy, 2008.

Françoise Breuillaud-Sottas, Evian mondain: L'âge d'or du thermalisme. Silvana, 2018.

Docteur Cabanès, La Vie aux bains. Paris, 1904.

Docteur Cabanès, Moeurs intime au temps passé: la vie thermale au temps passé. Paris, Albin Michel, 1934.

Docteur Cabanès, Villes d'eaux à la mode au grand siècle - Moeurs intimes du Passé. Paris, Albin Michel, 1936.

H. Castillon d'Aspet, Petite Histoire de Bagnères-de-Luchon. Editions des Régionalismes, 2020.

Etienne Chabrol, L'Evolution du thermo-climatisme. 1933.

André Chagny, Vals-les-Bains et le Bassin de l'Ardeche. G.L. Arlaud, 1929.

Pascal Chambriard, Aux Sources de Vichy: Naissance et développement d'un bassin thermal (XIXe - XXe siècles). Saint-Pourçain-sur-Sioule, Bleu Autour, 1999.

?André Chagny, Vals-les-Bains et le Bassin de l'Ardeche. G.L. Arlaud, 1929.

D. Chanteranne, Plombières les Bains au temps de Napoléon III. Napoléon III Editions, 2008.

René Clair, A la gloire de la ville de Bains-les-Bains. Station thermale de la Voge - 2000 ans d'histoire. ?Colmar, S.A.E.P. Ingersheim, 1982.

Auguste Causard, ?Bourbonne et ses Eaux Minérales. J. B. Baillière et Fils, 1878.

Docteur Dargelos, Aix-en-Provence. Station thermale. Aix-en-Provence, Impr. A. Roubaud, 1920?.

Patrick Delmont, Néris-les-Bains à la Belle Epoque. Editions Créer, 2002.

Patrick Delmont, Raymond Desvachez, Néris-les-Bains, 2000 ans d'histoire. Cahiers bourbonnais, 2019.

François Delooz, Néris-les-Bains: De 1789 à 1914. Imprimerie Orfeuil, 1981.

Département Archives et histoire Institut français d'architecture, Vittel: Création d'une ville thermale 1854-1936. Éditions du Moniteur, 1982.

Bernard Desgranges, Luxeuil-les-Bains. Histoire des thermes. Remiremont, Editions Lalloz-Perrin, 1981. ?

F. Engerand, Les Amusements des villes d'eaux à travers les siècles. Paris, Plon, 1936.

Albert Fabre, Histoire de Balaruc-les-Bains (département de l'Hérault). Avec une notice géologique par M. de Rouville et une notice sur la flore par M. Barrandon.? ?Nîmes, Imprimerie Clavel-Ballivet et Cie., 1882.

René Flurin, Cauterets thermal au fil de l’histoire. Editions Monhélios, 2010.

Jean-Bernard Frappé, Autrefois Bagnères de Luchon, 2 tomes, Atlantica, 2001.

George Frélastre, Les complexes de Vichy ou Vichy les capitales. Malicorne sur Sarthe, Editions France-Empire, 1975.

Geneviève Frieh-Vurpas, Les thermes nationaux d'Aix-les-Bains: Un bain d'histoire. Éditions Figep, 2005.

Geneviève Frieh-Vurpas, Aix-les-Bains, ville d'eaux de la Belle Epoque. Editions Le Dauphiné, 2005.

Dr. F. Garrigou, La station thermale de Luchon. ?Toulouse, Imprimerie Pradel, Viguier et Boé, 1878.

Paul Gerbod, Loisirs et santé: les thermalismes en Europe des origines à nos jours. Paris, H. Champion, 2004.

Vincent Giraudier (sous la direction de), ?Histoire de Vals-les-Bains. ?Office de Tourisme de Vals-les-Bains, 2000,

François Goliard, Fouras-les-Bains aux plus belles années du tourisme balnéaire. Editions Sutton, 2019.

Maurice Gontard, Vichy: l'irrésistible ascension 1800-1870. Editions Créer, 1998.

Lise Grenier (Sous la direction de), Villes d'eaux en France. Editions Institut Français d'Architecture - Fernand Hazan, 1985.

Evelyne Gros, ?Salins-les-thermes, une source et 2000 ans d'histoire. Era diffusion, 1996.

Dr. Robert Gros, Balaruc-les-Bains en Languedoc. ?Ets. Bonniol, 1973.

Pierre et Bertrand de Grosse, ?Bagnères-de-Luchon - Développement et évolution d'une cité thermale. Toulouse, Privat, 1942.

Zoltan-Etienne Harsany, La vie à Aix-les-Bains au XIX° siècle. (1814-1914). La Ravoire. Imprimerie Filsnoël, 1982.

Michel Jaltel, Amélie-les-Bains, 2000 ans de médécine thermale. Paris - Condé-sur-Noireau, Pharmathèmes éditions-Communications santé, 2004.

Roland Conilleau, Plombières-les-Bains. Hier et Aujourd'hui. Sarreguemines, Editions Pierron, 1986.

Dr. Constantin James, ?Guide pratique aux Eaux minérales françaises et étrangères suivi d'études sur les bains de mer et l'hydrothérapie et d'un traité de thérapeutique thermale. Paris, Masson, 1861.

Dr. Constantin James, Guide pratique aux eaux minerales et aux bains de mer. Paris, Masson, 1877.

Christian Jamot, Thermalisme et villes thermales en France. Presses Universitaires Blaise Pascal, 1988.

Domiqie Jarrassé, Les Thermes romantique. Bains et villégiature en France de 1800 à 1850. Insitut d'Etudes du Massif Central-C.H.E.C., Université de Clermond-Ferrand II, 1992.

Dominique Jarrassé (Textes réunis par), Villes d'eaux des Pyrénées occidendentale, patrimoine et devenir. Institut d"Etudes du Massif Central, 1996.

Dominique Jarrassé, Représentation de la ville d'eaux. Statut dans les guides thermaux français entre 1840 et 1870.
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 207-220.

Jean-Marie Jeudy, ?Chambéry, Aix-les-Bains autrefois, images retrouvées de la vie quotidienne. ?Lyon - Saint-Etienne, Editions Horvath et Editons du Parc - Presses de l'Imprimerie Reboul, 1992.

Docteur P.-R. Joly, Bagnoles-de-l'Orne et Tessé-la-Madeleine, le guide pratique illustré du baigneur et du touriste. Paris, Imprimerie-Editions Jean Cussac, 1924.

Jean Kastener. Napoléon III à Plombières. Compagnie des Thermes, 1967.

Dr. Gaston Labayle, ?Un peu d'histoire locale. Cauterets. Ses origines - Ses transformations successives - Ses visiteurs les plus illustres. ?Pau, Imprimerie artistique et commerciale de l'Indépendant, 1930.

Georges-Gérald Larrègle, La Station thermale de Rochefort-les-Thermes. Imprimerie Guireau frères, 1960.

Jean-Pierre Leguay (Sous la direction de), ?Histoire d'Aix-les-Bains et de sa région... Une grande station thermale. ?Aix-les-Bains, Imprimerie de l'Avenir, 1992.

Jacques Longue, ?Cauterets. Station Thermale et Climatique. Station de Sports d'Hiver.? Marrimpouey Jeune, 1966.

Antonin Mallat, Histoire des eaux minérales de Vichy. Tome I, 1909, Tome II, 1915.

Antonin Marlat, ?Vichy à travers les âges. ?Vichy, Imprimerie Centrale Bourbonnaise, 1934.

Lucien Mazars, Cransac (Aveyron), ville thermale. Ses eaux, ses étuves et leur histoire. 1960.

Michaël Moisseeff, Le guide de l'eau minérale naturelle française. Chambre Syndicale des Eaux Minérales, 2011.

Ramon Monzon, Histoire thermale de Dax. Imprimerie Fontaine, 1988.

Marianne Le Morvan, Hôtel Splendid de Dax: Secrets d’un chef d’oeuvre de l’Art Déco. Editions Cairn, 2020.

Guy de la Motte-Bouloumié, Marie-Hélène Contal (Institut Français d'Architecture?), Vittel 1854-1936, création d'une ville thermale. ? Paris, ?Editions du Moniteur, 1982.

Philippe Langenieux-Villard, Les stations thermales en France. Paris, PUF collection Que sais-je (N°229), décembre 1990.

Georges-Gérald Larrègle, La Station thermale de Rochefort-les-Thermes. Imprimerie Guireau frères, 1960.

Julius Laurencic, Album illustré balnéaire de bains de mer, villes d'eaux, stations thermales, cures d'air, résidences d'hiver. 1902.

Docteur Ch. Lavielle?, ?Dax Médical et Thermal. Guide du Baigneur à Dax.?Editions Paul Brodard, 1902.

Raymond Lavigne, Balaruc-les-Bains: une ville au pluriel, Paris, Messidor, 1991.

Thierry Lefebvre et Cécile Raynal, Du thermalisme à la médecine thermale? Aux sources du vrai made in France. Le Square, 2015.

Jean-Pierre Legay (sous la direction de), Histoire d'Aix-les-Bains et de sa région. Imprimerie de l'avenir, 1988.

D.P. MacKaman, Leisure settings. Bourgeois culture, medicine and the spa in modern France. Chicago-Londen, The University of Chicago Press, 1998.

Alain Malissard, Les Romains et l'eau. Fontaines, salles de bains, thermes, égouts, aqueducs... Les Belles Lettres, 2002.

Philippe Mayoux, ?Bagnères-de-Bigorre - Histoire d'une ville thermale.? ?Alan Sutton, 2002.

Guy de la Motte-Bouloumié, Vittel 1854-1936, création d'une ville thermale. Editions du Moniteur, 1982.

Gérard et Jacques Mourier, Une ville d'eaux, Vals-les-Bains au fil du temps. Editions Dolmazon, 2008.

Jules de Mouxy de Loches, Histoire d'Aix-les-Bains. Chambéry, 1998.

Paul? Negrier, Les bains à travers les âges. ?Paris, Librairie de la Construction moderne, 1925.

L'Officiel du Thermalisme 2019 - La France thermale & ses stations. Palindrome Edition, 2019.

Nicole Pagotto, Le thermalisme à Aix-les-Bains au XIXe siècle. 1975.

Dominique Paulvé, Villes d'eaux: histoire , architecture, thermes. Issy-les-Moulineaux, Editions Massin, 2013.

Marie-Laure Pellian, ?Encausse-les-Thermes Hier et aujourd'hui. Editions Catherine de Coarraze, 1997.

Jerôme Penez, Guides imprimés et thermalisme en France, 1850-1914: pluralité, originalité et développement.
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 221-238.

Jérôme Penez, Histoire du thermalisme en France au XIXe siècle. Eau, médecine et loisirs, Paris, Economica, 2005.

L. Percheron, Les villes d'eaux, les stations climatiques françaises, Paris, 1911.

Gabriel Pérouse, La Vie d'autrefois à Aix-les-Bains. La ville. Les thermes. Les baigneurs. Chambéry, Dardel, 1922.

Gabriel Pérouse, La vie d'autrefois à Aix-les-Bains. La Ville, les Thermes, les Baigneurs. Chambéry, Editions Dardel, 1967.

Camille Perroud, Histoire de la ville d'Evian. 1928.

Frantz-E.? Petiteau, Capvern-les-Bains. ?Saint-Cyr-sur-Loire, Editions Alan Sutton, Collection "Mémoire en Images", 2008.

A. Piatot, La cure thermale de Bourbon-Lancy. Macon, Protat, 1903.

Emile Poitevin, Gréoulx-les-Bains. Son Histoire, Ses Eaux, Ses Histoires... , H. Michel, 1978. >P> L. Porcheron, Les Villes d'Eaux, les Stations Climatiques Françaises. Paris, Maloine, 1911.

Fabienne Pouradier-Duteil, Villas de la Belle Epoque, l'exemple de Vichy. Editions Bleu Autour, 2007.

Carole Puig, Fabrice Covato, David Maso et la municipalité de Vernet-les-Bains, Vernet-les-Bains au cœur du Canigou: l'eau, le fer, les hommes. Mairie de Vernet-les-Bains, 2007.

Bernard Riac, Lamalou-les-Bains à la Belle époque. Chez l'auteur, 1985.

Christian Rives, ?Histoire des Thermes de Luchon. Luchon, Chez l'auteur, 1987.

Maurice Sarazin, L'Auvergne thermale à la Belle Epoque. ?Clermont-Ferrand, G. de Bussac, 1977.

Armand Sauvagnat, Le Mont-Dore à la Belle-Epoque. Editions Libro-Sciences, 1974.

John Scheid, Marilyn Nicoud, Didier Boisseuil, Joel Coste (Sous la direction de), Le thermalisme - Approche historiques et archélogiques d'un phénomène culturel et médical. CNRS, 2015.

Christian Schule, ?Les eaux thermales d’Yverdon-Les-Bains. Une source d’histoire. ? Yverdon-Les-Bains, Sprint votre imprimeur, 2007.

M. Serpeille, Guide des familles aux villes d'eaux et stations thermales françaises. Paris, La Fare, 1903.

Josette Thomas et Jean Lovie, ?Les Thermes de Bondonneau à Allan (Drôme). ?Allan, Pierres et Mémoires, 1992.

Bernard Toulier (Texte) en Caroline Rose (Photogr.), Villes d'eaux. Stations thermales et balnéaires. Paris, Imprimerie Nationale Editions, 2002.

Bernard Toulier, Villes d'eaux: Architecture publique des stations thermales et balnéaires. Bruxelles, Dexia Banque,Imprimerie Nationale, 2002.

Bernard Toulier, Architecture de villes d'eaux. Imprimerie Nationale, 2002.

Albert Vazeille, Le Mont-Dore - la station thermale, la station d'hiver. Le Sancy, C. de Bussac, 1967.

Pierre Vidal, Guide du touriste à Vernet et dans les vallées du Canigou. Perpignan, Latrobe, 1881.

Armand Wallon, La Vie quotidienne dans les villes d'eaux. 1850-1914. Paris, Hachette, 1981.

----------

BEDEVAARTEN:


G. de Bont (Samenstelling), Mijn Lourdes-Reis 1958. De Bilt, G. de Bont, 1992.

Emmanuel Botta, Lourdes, en quête d'un miracle économique. In: L'Express, 23 avril 2017.

Ruth Harris, Lourdes. Geschiedenis van een religieus fenomeen. Amsterdam, Anthos, 2000.

Ruth Harris, Lourdes. La grande histoire des apparitions, des pèlerinages et des guérisons. Paris, Jean-Claude Lattès, 2001.

Joris-Karl Huysmans, Les Foules de Lourdes. Paris, P.-V. Stock Editeur, 1906.
Joris-Karl Huysmans, Lourdes en de massa. Schoorl, Conserve, 1992.

Mirabel, Te Lourdes op de bergen. Het ware verhaal der verschijningen te Lourdes. Antwerpen-West, Uitg. Apostolaat van de Rozenkrans, 1958.

C. Nuijen, Lourdesreis in lichtbeeld. Pelgrimslust. Tevens ter weerlegging der Lourdesbestrijding op aanschouwelijke wijze. Amsterdam, N.V. De R.K. Boek-Centrale, 1916.

Emile Zola, Lourdes. 1898.

----------

DE FRANSE BERGEN, ALPINISME EN WINTERSPORTEN:


Stéphen d' Arve, Histoire du Mont-Blanc et de la Vallée de Chamonix. Ascensions et catastrophes célèbres. La Fontaine de Siloé, 1997.

Jean-Michel Asselin, Les années montagne. Une histoire de l'alpinisme au XXe siècle. Glénat Livres, 2011.

Marie-Christine Bailly-Maître, Laurence Pissard, Frederik Tane, Huez-Alpe d'Huez. D'un village de montagne à une station touristique internationale. Musée d'Huez et de l'Oisans, 2004.

Yves Ballu, L'Epopée du ski. Paris, Arthaud, 1981.

Yves Ballu, À la conquête du Mont-Blanc. Paris, Découvertes Gallimard, 1986.

Yves Ballu, L'hiver de glisse et de glace. Paris, Gallimard, 1991.

J. A. Bierens de Haan (voorwoordw) e.a., Een halve eeuw Nederlands alpinisme 1902 - 1952. Leiden, Nederlandsche Alpen-Vereeniging, 1952.

Paul Bonhomme, Les Sports pour tous. Le patinage à glace et à roulettes. Paris, Nilsson, 1911.

Chantal Bourreau, Avoriaz, l'aventure fantastique. La Fontaine de Siloé, 2004.

J. Cobéro, L'invention des Pyrénées. Pau, Editions Cairn, 2009.

Jean-Pierre Copin, La neige apprivoisée. Les remontées mécaniques à L'Alpe-d'Huez, 60 ans d'histoire. SATA, 1994.

Guillaume Desmurs, L'épopée des stations de ski. Des hommes, des défis, un patrimoine unique au monde. Glénat Livres, 2018.

Charles Dolivet, Le Skating-rink. Ouvrage sur l'art du patinage et tous les exercises et agréments qui se rattachent aux plaisirs de cette récréation. Paris, Impr. du Skating-Rink, 1876.

A. den Doolaard, De Groote Verwildering. Amsterdam, Querido, 1936.

A. den Doolaard, Le vainqueur du Mont Blanc (De Groote Verwildering). Roman traduit du hollandais par H. et P. Hofer-Bury. Paris, Albin Michel, 1950.

Fergus Fleming, De verovering van de Alpen. Amsterdam, Atlas, 2004.

Roger Frison-Roche, Histoire de l'alpinisme. Arthaud, 2017.

Mark van Hattem & Robert Eckhardt, Grenzeloos verlangen. Tweehonderd jaar alpinisme. Utrecht, Kwadraat, 1995,

Louis Helly, Cent ans de ski français. Grenoble, 1968.

A. Hermann & J. Dieterlen, Le ski pour tous, ce que tout skieur doit savoir. Paris, Flammarion, 1936.

Olivier Hoibian, Les Alpinistes en France (1870-1950): une histoire culturelle. Paris, L'Harmattan, 2001.

Olivier Hoibian et. al., L'invention de l'alpinisme: La montagne et l'affirmation de la bourgeoisie cultivée (1786-1914). Paris, Belin, 2008.

Philippe Joutard, L'invention du Mont Blanc. Paris, Gallimard, 1986.

M. Korner et F. Walter (ed.), Quand la montagne aussi a une histoire. Bern - Stuttgart - Vienne, 1996.

Marc Laimé, Dans les Alpes, la neige artificielle menace l’eau potable. In: Le Monde Diplomatique blog, 21 janvier 2019.
Via: https://blog.mondediplo.net/dans-les-alpes-la-neige-artificielle-menace-l-eau

Jules Michelet, La Montagne (1868). Le Pommier -' Les pionniers de l'écologie', Préface d'Antoine de Baecque, 2020.

Gilles Modica, 1865, l'âge d'or de l'alpinisme. Editions Michel Guérin, 2015.

W. W. Mulier, (met medew. van Ary Prins, C. G. Tebbutt, K. Pander), Wintersport. Haarlem, Erven Loosjes, 1893.

Jean Ogier, Petite histoire du Pays d'Huez. Office du Livre d'Histoire, 2004.

Dominique Potard, Chamonix hier et aujourd'hui. Paulsen - Guerin, 2017.

Jim Ring, How the English Made the Alps. John Murray Publishers, 2000.

David-Alexandre Rossoni, Une histoire de Megève, des origines à nos jours. Editions du Signe, 2016.

P. Veitl, L'invention d'une région, les Alpes françaises. Grenoble, Presses Universitaires de Grenoble, 2013.

Claude Weill et Luc Alphand, SCHUSS: Histoire des Sports d'Hiver. 2008.

----------

GESCHIEDENIS EN PRAKTIJK VAN REIZEN EN KAMPEREN:


A. G. van Berkel, Kamperen ... en wat nu? Alkmaar, De Alk, De Alkenreeks, Beeldencyclopedie, nr. 50, ca. 1953.

J. Bidault et P. Giraud, L'homme et la tente. Editions Susse, 1946.

Charles et Henri Bonnamaux, Manuel de camping touistique. 1913.

Mary-Jane Butters, Glamping: Glamour + Camping. Layton, Utah, Gibbs Smith, 2012.

M. Constantin-Weyer, Le flaneur sous la tente. Paris, Stock, 1935.

Nicky Grassart, La caravane en dix leçons. Paris, Hachette, 1974.

Jean Hureau, Sécourisme. Manuel pratique. Paris, J. Susse, 1943.

Jean Hureau, Guide camping '45. Paris, J. Susse, 1945.

Jean Hureau, Plein air et camping manuel pratique. Paris, J. Susse, 1946.

Jean Hureau, Initiation au voyage. Manuel du touriste en France. Paris, J. Susse, 1947

Jean Hurau, Plein air et camping. Editions de le Revue Camping, 1950.

Jean Hureau, Le Camping. Paris, Librairie Hachette, 1966.

Jean Hureau, Camping et caravaning. Le petit guide.Paris, Hachette, 1967.

Ton Koot, Klaar voor 't kamp! Kampeer-technisch Handboek voorzien van zeer vele oorspronkelijke foto(s en bedoeld voor sportief en gezond kampeertoerisme onder alle omstandigheden en overal, waar rugzak en tent ons voeren kunnen. 's-Gravenhage, Uitgave Koninkl. Nederl. Toeristenbond A.N.W.B., 1940.

Aad W. Kroon, Camping. Praktische gids voor moderne toeristen. Amsterdam-Brussel, Elsevier, 1963.

Henk Kroon, Caravannen in de tijd. Historie van bekende Europese merken en modellen. Deventer, Kluwer Voertuigtechniek, 1995.

Hans Lagrouw, Iek de Lathouder-Bouma, Adriaan de Lathouder (eds.), Leven onder een linnen dak. Tachtig jaar kamperen in de NTKC. Utrecht, Nederlandse Toeristen Kampeer Club, 1997.

A. de Lathouder, Honderd jaar kamperen. Ontwikkelingen in de twintigste eeuw. Den Haag, ANWB, 2001.

Titus Leeser, C. J. Ooms-Vinckers (et. al.), Een gids voor kampeerders en trekkers te land en te water. Met medew. van den A.N.W.B Touristenbond voor Nederland, ca. 1930.

Henri-Caspar Leone, Caravaning à tout prix. Brépols, 1964.

Armelle Leroy et Laurent Chollot, Nos années camping. Paris, Editions Hors Collections, 2015.

J. Loiseau, Camping et voyage à pied. Paris, Les Editions J.Susse, 1932.

J. Loiseau, La cuisine de camping. Editions Camping, 1933.

J. Loiseau, Manuel pratique de camp fixe. Paris, Les Editions J. Susse, 1944.

J. Loiseau, Plein air et camping - Manuel pratique. Les Editions de la Revue "Camping", 1946.

J. Loiseau, Manuel de Camping. Paris, Les Editions J. Susse, 1944.

L. Loiseau, Cuisine au camping. Les Editions de la Revue "Camping", 1955.

Eymert van Manen, Camping gaz kookboekje. Sieben, 1980.

Gérard Marinier, Le Caravaning. Tourisme. Vacances. Loisirs. Paris, Larouse, 1967.

R.-R. Miller, L'auto-camping. Berger-Levrault, 1934.

Louis Montagne, Le camping. Paris, PUF, 1975.

Jean Renaud, Manuel du caravanier. Préface de E. Defontaine. Paris, Susse, 1952.

Gaston Sevrette, Le tourisme, l'art de voyager et d'utiliser ses vacances. Paris, Armand Colin, 1913.

Antonela Vannoni et Silvia Collini, Les instructions scientifiques pour les voyageurs (XVIIe-XIXe siècle). Paris, L'Harmattan, 2005.

Léon Vibert, ABC du camping. Editions Camping, 1937.

Georges Vinet, La Représentation commerciale. Les voyageurs de commerce. La politesse, le savoir-vivre. Angers/paris, Lachèse et Dolbeau/Librairie de la Bourse de commerce, 1891.

G. van der Weyde (red;), Onder de luifel. Kampeertechnisch handboek. Den Haag, Nederlandsche Toeristenbond A.N.W.B., 1962.

----------

NATURISME:


Arnaud Bauberot, Histoire du Naturisme. Le mythe du retour à la nature. Rennes, Presses universitaires de Rennes, 2004.

Thierry Chardonnet, Le Naturisme - Une histoire illustrée. Editions Sutton, 2017.

Stephen L. Harp, Au Naturel: Naturism, Nudism, and Tourism in Twentieth-Century France. Baton Rouge, Louisiana State University Press, 2014.

Julie Manfredini et al., Héliopolis: Une communauté naturiste sur l'île du Levant (1931-1970). Bordeaux, Les Editions Mollat, 2014.

Sylvain Villaret, Histoire du naturisme en France depuis le siècle des Lumières. Paris, Vuibert, 2005.

Sylvain Villaret, Naturisme et éducation corporelle: (XIXe - milieu du XXe siècles). Paris, Editions L'Harmattan, 2006.

----------

AMUSEMENT: VAN TIVOLI'S, DIORAMA'S, PANORAMA'S, CABARETS, SPEKTAKELS, MUSIC-HALLS, BIOSCOPEN TOT PRETPARKEN:


Christian-Marc Bosséno, La prochaine séance. Les Français et leur cinés. Paris, Découvertes Gallimard, 1999.

P. Bracco, E. Lebovici, Ruggieri, 250 ans de feux artifice. Paris, Denoël, 1988.

Eduard Beaudu et al., Histoire du music-hall. Paris, Editions de Paris, 1954.

Jean-Marie Bruson, Théâtres romantiques à Paris. Paris, Paris Musées, 2012.

Heinz Buddemeier, Panorama, Diorama, Photographie: Entstehung und Wirkung neuer Medien im 19. Jahrhundert. München, 1970.

Peter Burke, Ludwig XIV. Die Inszenierung des Sonnenkönigs. Berlin, Wagenbach, 1993.

Serge Chaumier (dir.), Du musée au parc d'attractions: ambivalence des formes de l'exposition. Paris, Persée, Culture & Musées, n°5, 2005.

P. Chauveau, Music-Hall et Café-Concert. Paris, Bordas, 1985.

Concetta Condemi, Les Cafés-concerts. Histoire d'un divertissement, 1849-1914. Paris, Quai Voltaire, 1992.

Nathalie Coutelet, Histoire des artistes noirs du spectacle français: Une démocratisation multiculturaliste. Paris, Editions L'Harmattan, 2012.

Nathalie Coutelet, Etranges artistes sur la scène des Folies-Bergères (1871-1936). Presses Universitaires Vincennes, 2015.

Louis Daguerre, Historique et description des procédés du daguerréotype et du diorama, 1839.

H. Damisch, L'Origine de la perspective. Paris, Flammarion, 1987.

Jean-Claude Daufresne, Fêtes à Paris au XXe siècle. Architectures éphémères de 1919 à 1939. Sprimont, Mardaga, 2001.

Alfred Delva, Histoire anecdotique des cafés et cabarets de Paris. Paris, 1862.

Louis-Jacques-Mandé Daguerre, Historique et description des procédés du daguerréotype et du diorama (Ed. 1839). Paris, Hachette Livre BNF, 2014.

Guy Dumur (Sous la direction de), Histoire des spectacles. Paris, Gallimard, Encyclopédie de la Pléiade, 1981.

Geneviève Dupuis-Sabron et al, Café-concert et music-hall: De Paris à Bordeaux. Somogy éditions d'art, 2005.

Marcel Fouquier, Paris au XVIIIe siècle. Ses folies. Paris, Emile-Pal, 1912.

Victor Fournel, Le Vieux Paris, fêtes, jeux et spectacles. Tours, Mame & fils, 1887.

A.-C. Gruber, « Les Vauxhalls parisiens au XVIIIe siècle ». In: Bulletin de la Société d'histoire de l'art français, 1971.

A.-C. Gruber, Les grandes fêtes et leur décor à l'époque de Louis XIV. Genève-Paris, 1972.

Rober M. Isherwood, Farce and Fantasy. Popular Entertainment in Eighteenth-Century Paris. New York-Oxford, Oxford University Press, 1986.

Gaston Jollivet, Souvenirs de la vie de plaisir sous le Second Empire. Paris, Tallandier, 1927.

Gilles-Antoine Langlois, Folies, Tivolis et Attractions. Les premiers parcs de loisirs parisiens. Paris, Délégation à l'Action Artistique de la Ville de Paris, 1991.

Emmanuel Lequeux, Marc Dachy, Antje Kramer, Natacha Wolinski (Collectif), Dreamlands: Des parcs d'attractions aux cités du futur. Paris, Beaux Arts Editions, 2010.

Evert Maaskamp, Panorama. De veldslag van Waterloo 18 junij 1815. Derzelve nauwkeurige beschrijving … en bijgaande plan en explicatie.Including:- Beschrijving van den roemrijken veldslag van Waterloo, voorgesteld in het panorama op het Leidsche Plein over den Hollandschen Schouwburg.- Staat en verdeeling van het vereenigd leger onder den hertog van Wellington, op den 18den junij 1815.Amsterdam, Evert Maaskamp, 1816.

Magic City (Paris).
Via: https://fr.wikipedia.org/wiki/Magic_City_(Paris)

Marie-Claire Mussat, La belle époque des kiosques à musique. Editions du May, 1992.

Robin Livio, Tavernes, estaminets, guinguettes d'antan et de naguere. Editions du Pont Royal, 1961.

B. Marrey et J.-P. Monnet, La Grande Histoire des serres et des jardins d'hiver, 1780-1900. Paris, Graphite, 1984.

Edmond Neukomm, Fêtes et spectacles du vieux Paris. Paris, Dentu, 1886.

Stephan Oettermann, Das Panorama. Die Geschichte eines Massenmediums. Syndikat, 1980.

Jean-Luc Planche, Moulin Rouge! Paris, Albin Michel, 2009.

Charles Rearick, Pleasures of the Belle Epoque: Entertainment and Festivity in Turn-of-the-Century France. New Haven, Yale University Press, 1985.

Lionel Richard, Cabaret, cabarets. Origine et décadence. Paris, Plon, 1991

W.S. Scott, Green Retreats: The Story of Vauxhall Gardens 1661-1859. London, 1955.

André Vagnon, Magic-City. Le Berceau du tango à Paris. Ed. Eléana, 2018.

----------

PATRIMOINE, OFTEWEL ERFGOED:


Colette Becker, Les Hauts Lieux du Romantisme en France. Bordas Editions, 1993.

Stéphane Bern, Sauvons Notre Patrimoine. Paris, Plon, 2019.

Direction Génerale des Patrimoines/Ministère de la Culture, Direction Générale des Entreprises, Groupe Caisse des Dépôts, Etudes Economiques, Analyses, Etudes de faisabilité relative au développement d'équipements touristiques marchands au sein des sites patrimoniaux en France. Valorisation touristique des monuments historiques. Paris, 2018.
Via: https://www.entreprises.gouv.fr/files/files/directions_services/etudes-et-statistiques/Analyses/2018-patrimoine-touristique.pdf

Marie-Hélène Fusz, Le Touring-Club de France (1890-1983): son rôle dans le développement de la sensabilité au patrimoine. DEA de sciences humaines, Sorbonne Paris IV, septembre 200O.

Daniel Vander Gucht, Ecce homo touristicus. Identité, mémoire et patrimoine à l'ère de la muséalisation du monde. Loverval, Editions Labor, 2006.

Jack Lang, Ouvrons les yeux! La nouvelle bataille du patrimoine. Paris, Editions Hervé Chopin, 2014.

Xavier Laurent, Grandeur et misère du patrimoine d'André Malraux à Jacques Duhamel 1959-1973. Paris, Ecole nationale des chartes - Comité d'histoire du ministère de la culture, 2003.

François-Guillaume Lorrain, Ces lieux qui ont fait la France. Paris, Fayard, 2015.

Olivier Lazzarotti, Patrimoine et tourisme. Histoires, lieux, acteurs, enjeux. Paris, Belin, 2011.

Violaine de Montclos, et. al., Comment sauver le patrimoine français. In: Le Point (en couverture), pp. 45-71, 29 mars 2018.

Valéry Patin, Tourisme et Patrimoine. Paris, La Documentation française, 2012.

Dominique Poulot, Patrimoine et musées. L'institution de la culture. Paris, Hachette, 2001.

Marie-Anne Sire, La France du Patrimoine. Les choix de la mémoire. Paris, Gallimard, 1996.

----------

HET PERIFERE FRANKRIJK: PLATTELAND, DORPEN EN PROVINCIESTEDEN:


Noël Aujoulat, Le Village perdu. De Borée, 2005.

Jacques Marcel Auburtin et al., Comment reconstruire nos cités détruites: Notions d'urbanisme s'appliquant aux villes, bourgs et villages. Paris, Armand Colin (réédition numérique FeniXX / Format Kindle), 2020.

Alain Bataille, Pascal Dibie et al., Yonne. Cadre naturel - Histoire - Art - Littératue - Langue - Economie - Traditions populaires. Paris, Editions Bonneton, 1992.

Henri Baudet, Mon village sous la IVe République. Précédé d'un échange de lettres avec André Siegfried. Groningen, Overdrukken van van het Instituut voor Economisch Onderzoek van de Rijksuniversiteit van Groningen, Afdeling sociale en economische geschiedenis, No. 7, 1954.

Henri Baudet, Mijn Dorp in Frankrijk. Assen, Van Gorcum, 1-ste druk 1955 - 7-de druk 1984.

Henri Baudet, Twintig jaar later. In: De Gids, 4/1072, pp. 267-273.

Henri Baudet (préf. d'Emmanel Le Roy Ladurie), Mon village en France. Paris, La Pensée universelle, 1991.

Jean Bothorel et Philippe Sassier, La grande distribution. Enquête sur une corruption à la française. Paris, Bourin Editeur, 2005.

Léonce Chaleil, La Mémoire du Village. Souvenirs recueillis par Max Chaleil. (1977). Postface Marc Chaleil, 1983. Montpellier, Les Presses du Languedoc, 1983.

Jean-Claude Chamboredon (Edition de Gilles Laferté et Florence Weber), Territoires, culture et classes sociales. Paris, Rue d'Ulm, 2019.

Eric Charmes, La revanche des villages. Essai sur la France périurbaine. Paris, Seuil, 2019.

Stéphane Cordobes, Xavier Desjardins, Martin Vanier (Sous la direction de), Repenser l'aménagement du territoire. Berger-Levrault 2020.

Laurent Davezies, La crise qui vient. La nouvelle fracture territoriale. Paris, Seuil, 2012.

Michel Debatisse, La Révolution silencieuse: le combat des paysans. Paris, Calmann-Lévy, 1963.

Didier Deville, Chronologies Mouxoises. Un village de Languedoc dans l'histoire. Des flêches de pierre au chemin de fer. Moux, 2013.

Pascal Dibie, Le village retrouvé: Essai d'ethnologie de l'intérieur. Paris, Grasset, 1979.

Pascal Dibie, Le village métamorphosé. Révolution dans la France profonde. Paris, Plon, coll. 'Terre Humaine', 2006.

Eric Fottorino, La France en friche. Lieu Commun, 1989.

Bernard Hervieu, Jean Viard, L'Archipel paysan: la fin de la république agricole. La Tour d'Aigues, L'Aube, 2002.

Stanley Hoffmann e.a., In Search of France. The Economy, Society, and Political System in the Twentieth Century. New York NY, Harper & Row Publishers, 1965.

Stanley Hoffmann, Essais sur la France. Déclin ou Renouveau? Paris, Seuil, 1974.

Michel Gervais, Claude Servolin, Jean Weil, Une France sans paysans. Paris, Seuil, 1965.

Franck Gintrand, Le jour où les zones commerciales auront dévoré nos villes. Editions Thierry Souccar, 2018.

Jean-Pierre Le Goff, La Fin de village. Paris, Gallimard, 2012.

J.F. Gravier, Paris et le désert français. (1e ed. 1947). Paris, Flammarion, 1972.

Vincent Grimault, La Renaissance des campagnes - Enquête dans une France qui se réinvente. Paris, Seuil, 2020.

Christophe Guilly, Fractures françaises. Paris, Champs essais, Flammarion, 2010.

Christophe Guilly, Le crépuscule d'en haut. Paris, Flammarion, 2014.

Christophe Guilly, La France Périphérique. Comment on a sacrifié les classes populares. Paris, Flammarion, 2014.
(En anglais publié comme: Christophe Guilluy, Twilight of the Elites. Prosperity, the Periphery, and the Future of France. Yale University Press, 2019.)

Christophe Guilluy, No society. La fin de la classe moyenne occidentale. Paris, Flammarion, 2018.

Guylaine Jacobé, Fontcouverte. Aspects monographiques d'un village des Corbières. Maitrise A.E.S., Université de Montpellier I, Faculté de Droit et des Sciences Economiques, 1985-1986.

Hubert Jansen, Dorp in de Provence. Utrecht, A. W. Bruna & Zoon, 1963.

James R. Lehning, Peasant and French: Cultural Contact in Rural France During the Nineteentn Century. Cambridge, Cambridge University Press, 1995.

Simon Loftus, Puligny-Montrachet: Journal of a Village in Burgundy. Penguin Books, 1994.

François-Guillaume Lorrain, L'ère de campagne. La pandémie a marqué une ruée vers l'or vert, mais le regain du rural au détriment de la grande ville existait déjà avant la crise. Celle-ci pourrait accélérer le phénomène. In: Le Point, N°. 2490, pp. 107-109, 14 mai 2020.

Edgar Morin, Commune en France: La métamorphose de Plozévet. 1967. Ré-éd. actualisée. Paris, Fayard/Pluriel, 2013.

Thomas Parker, Le goût du terroir: Histoire d'une idée française. Rennes, Presses universitaires de Rennes, 2017.

Olivier Razemon, Comment la France a tué ses villes. Harmonia Mundi, Édition revue et augmentée, 2017.

Jean-Pierre Rioux, Nos villages: Au cœur de l’histoire des Français. Paris, Tallandier, 2019.

Bertrand Schmitt, Hervé Le Bras, Métamorphose du monde rural: Agriculture et agriculteurs dans la France actuelle. Editions Quae Gie, 2020.

Martin Vanier, Demain les territoires: Capitalisme réticulaire et espace politique. Hermann, 2015.

Pierre Veltz, Paris, France, Monde; Repenser l'économie par le territoire. La Tour d'Aigues, Editions de l'Aube, 2012.

Pierre Veltz, La France des territoires, défis et promesses. La Tour d'Aigues, Editions de l'Aube, 2020.

Eugen Weber, Peasants into Frenchmen, The Modernization of Rural France. Stanford (CA), Stanford University Press, 1976.

Laurence Wylie, Village in the Vaucluse. (1957) Third Edition. Harvard University Press, Cambridge, Massasuchetts and London, England, 1974.

Laurence Wylie (editor), Chanzeaux, a village in Anjou. Cambridge, Mass., Harvard University Press, 1966.

----------

TOERISME-INDUSTRIE:


Pierre Amalou (Dir.), Mémoires du Tourisme. Des Hommes qui ont inventé le Tourisme. Avignon, Editions SCPA, 2005.

Atout France, Piloter l'attractivité touristique des destinations urbaines. Paris, Atout France, 2012.

Atout France, Le luxe français, une référence mondiale pour les visiteurs internationaux - Le village mondial : marchés matures, marchés émergents, le Moyen-Orient. Paris, Atout France, 2015.

Atout France, Les touristes chinois: comment bien les accueillir ? Guide pratique à l'usage des professionnels du tourisme français. Paris, Atout France, 2016.

Delphine Bancaud, Les six raisons pour lesquelles la France est championne du monde du tourisme. '20 minutes', 21/08/15 à 17h01.
Via: https://www.20minutes.fr/economie/1670439-20150821-six-raisons-lesquelles-france-championne-monde-tourisme

Julien Barnu, Hamouche Amin, Industrie du tourisme: Le mythe du laquais. Transvalor - Presses des mines, 2014.

Daniel Bénard et Bruno Guignard, La carte postale. Des origines aux années 1920. Editions Sutton, 2010.

Arnaud Berthonnet et Alain Monferrand, Cent ans d'organisation administrative du tourisme (1910- à nos jours). In: Cent ans d'administration du Tourisme.
'Pour Mémoire', la revue du Comité d'Histoire, revue du Ministère de l'Ecologie, du développement durable et de l'énergie. n° hors-série, pp. 17-27, juillet 2012.

Chantal Bolard, Jean-Louis Seranne, René Baretje, Tourisme, publicité, promotion, propagande. Centre des Hautes Etudes Touristiques, 1983.

Marc Boyer et Ph. Viallon, La communication touristique. Paris, Presses universitaires de France, 1995.

Jean-Philippe Bozek, Le bonheur d'entreprendre. De Novotel à Accor: une formidable aventure humaine. 1e partie: L'Histoire par ceux qui l'ont vécue; 2e partie: Les clés de la réussite. Ed Organisation, 2010)

Dimitrios Buhalis, Carlos Costa (Editors), Tourism Business Frontiers. Consumers Products and Industry. 2 volumes. Routledge, 'Tourism Futures', 2005.

Richard W. Butler, Roslyn A. Russell (eds.), Giants of Tourism. CABI Publishing, 2010.

J.-L. Caccomo, B. Solonandrasana, L'innovation dans l'industrie touristique, enjeux et stratégies. Paris, L'Harmattan, 2006.

Comité Départemental du Tourisme - Conseil Générale de l'Aude, 2004, Schéma départemental de développement touristique. Un projet pour l’Aude, Aude Pays Cathare. Document technique. Carcassonne, 2004.

Gilles Derosier, Bertrand Legendre et Gilles Perrault, La région Normandie et la tentation du business mémoriel. In: Le Monde, samedi 5 septembre, 2020.
Via: https://www.lemonde.fr/idees/article/2020/09/04/le-debarquement-ne-doit-pas-etre-le-pretexte-a-une-mascarade-historique-a-visee-commerciale_6050907_3232.html

Comité d'Histoire, 'Cent ans d'administration du tourisme'. Pour mémoire, Hors-série, 2012.

Jean Cuisinier (dir.), Effet du programme d'aménagement touristique du littoral sur l'économie régionale. Rapport pour le compte de la Mission interministérielle pour l'aménagement touristique du littoral Languedoc-Roussillon, Centre européenne, Ecole pratique des hautes études. Paris, 1967;

Léonce Deprez, Une vraie politique d'economie touristique pour la France. Editions Léonce Dprez, 1995.

Direction du tourisme France, Touristes étrangers en France, touristes français à l'étranger. Paris, La Documentation française, Collection de l'économie du tourisme, 1985.

Direction Générale des Entreprises, Etudes économique, chiffres clés du Tourisme. Edition 2016.

Direction Générale des Entreprises, Tourisme en 2050. Quelques idées pour le futur. Cahier de Tendance. Paris, 2016.
Via: https://www.entreprises.gouv.fr/files/files/directions_services/tourisme/colloque/Cahier_de_tendances_EIT2016.pdf

Direction Générale des Entreprises, Mémento du Tourisme, Edition 2018. Ivry-sur-Seine, 2019.

Jean-Christophe Dissart, Jeoffrey Dehez, Jean-Bernard Marsat (Sous la direction de), Tourism, Recreation and Regional Development: Perspectives from France and Abroad. Routledge, 2015.

Lucille Douchin et Thibaut Hair, Destination France! La photothèque du tourisme. Livret d'exposition. Fontainebleau, Archives Nationales, 2014.

Jeanine Dubié et Philippe le Ray, L'évaluation de la politique d'accueil touristique. Assemblée national, 2015.

M. Dumoulin, F. Kergreis, Les offices du tourisme et syndicats d'initiative. Paris, Presses Universitaire de France, 1999.

Michel Durrieu, Tourisme, La France N° 1 Mondial. Paris, le cherche midi, 2017.

Dussauze-Ingrand, Etude sur le tourisme en France de 1946 àà 1948, supplément au bulletin d'information touristiques, Commissariat générale au tourisme. 1948.

Jean-Baptiste Duval, 5 pistes pour atteindre l'objectif '100 millions de touristes en France'du gouvernement. In: The Huffington Post, 27-07-2017.
Via: https://www.huffingtonpost.fr/2017/07/26/5-pistes-pour-atteindre-lobjectif-100-millions-de-touristes-en_a_23048466/?utm_hp_ref=fr-tourisme

Alain Ehrenberg, Le Club Méditerranée: 1935-1960. In: Les vacances. Un rêve, un produit, un miroir. Revue Autrement, Serie Mutations, n° 111, pp. 117-129. Paris, Autrement Revue, 1990.

Alain Faujas, Trigano: L'aventure du Club Méd. Paris, Flammarion, 1994.

Daniel R. Fesenmaier and Zheng Xiang (Editors), Design Science in Tourism: Foundations of Destination Management. (Tourism on the Verge). Springer, 2017.

F. Frangialli, La place de la France dans le tourisme mondial. Paris, Economica, 1991.

E. Furlough, Packaging Pleasures: Club Méditerranée and French Consumer Culture, 1950 - 1968. In: French Historical Studies 18, pp. 65 - 81.

Leigh Gallagher, The Airbnb Story: How Three Ordinary Guys Disrupted an Industry, Made Billions . . . and Created Plenty of Controversy. New York, Houghton Mifflin Harcourt, 2017.

Ludovic Gaurier, La Propagande touristique à l'étranger. Bordeaux, Impr. de J. Bière, 1919.

Annie Gondras, La valorisation touristique des châteaux et demeures historiques. Paris, L'Harmattan, 2012.

Jill Hamilton, Thomas Cook. The Holiday-Maker. Stroud, Sutton Publishing Ltd., 2005.

J. Christopher Holloway and Claire Humphreys, The Business of Tourism. SAGE Publications Ltd., 2019.

Le jackpot des touristes. Objectif 100 millions de visiteurs - La stratégie de Fabius - Le pactole des Chinois. In: Challenges (Couverture), N° 396, 3 juillet 2014.

G. Julien, Stratégie de développement touristique en Languedoc-Roussillon. In: Bulletin de la Société Languedocienne de Géographie, 121, 'Languedoc-Roussillon': l’avenir du tourisme régional – Espaces et Territoires, pp. 215-221. Montpellier, 1998.

G. Kearns and C. Philo (eds.), Selling Places: the City as Cultural Capital and Present. Oxford, Pergamon Press, 1993.

M. Klemm, Languedoc-Roussillon: adapting the strategy. In: Tourism Management, Vol. 17, N° 2, pp. 133-147, 1996.

Jusche Koob & Ogundipe, Final Paper. Place Branding and Destination Marketing. Case: Marketing of Paris. Falun en Borlänge, Dalarna University, 2010.
Via: https://www.academia.edu/1218546/Place_Branding_and_Destination_Marketing_Case_Marketing_of_Paris.

Robert Lanquar et Robert Hollier, Le marketing touristique. Paris, Presses universitaires de France, 2002.

Bertrand Larique, L'Economie du tourisme en France des années 1890 à la veille de la Seconde Guerre mondiale. Thèse, Université Bordeaux-III, 2007.

Maison de France, 1919-2002. Paris, Maison de France, 2002.

Magali Mallet, Philippe Duchêne et al., Les plages. Exploitation et valorisation touristique. Paris, La Documentation Française, 2003.

Martin Malvy, 54 suggestions pour améliorer la fréquentation touristique de la France à partir de nos Patrimoines. Paris, Ministère des Affaires Etrangères et du Développement International, 2017.

Jean-Jacques Manceau, Le Club Med. Réinventer la machine à rêve. Paris, Perrin, 2010.

Julie Manfredini, Les syndicats d’initiative. Naissance de l'identité touristique de la France. Presses universitaires François-Rabelais - Collection Perspectives historiques, 2017.

Sylvie Marchand (Rédaction en chef), Mémento du Tourisme. Edition 2018. Yvry-sur- Seine, Direction Générale des Entreprises, 2019.

Kevin Meethan, Tourism in global society, place, culture, consumption. New York, Palgrace, 2001.

J.-L. Michaud, Les institutions du tourisme. Paris, PUR, 1995.

Victoire Moinard-Barbier, Naissance du tourisme. Les journeaux périodiques des syndicats d'initiatives à la Belle Epoque. Mémoire de master 1, université Paris 1 Panthéon-Sorbonne, 2009.

Le Monde Diplomatique. Dossier. Tourisme, l'industrie de l'évasion. Juillet, 2012.
Via: https://www.monde-diplomatique.fr/2012/07/A/47982

Alain Montferrand (Introduction scientifique), Cent ans d'administration du Tourisme. 'Pour Mémoire', la revue du comité d'histoire, revue du Ministère de l'Ecologie, du développement durable et de l'énergie. N° hors-série, juillet 2012.

M. Morgan, P. Lugosi, & J.R.B. Ritchie (Eds), The Tourism and Leisure Experience: Consumer and Managerial Perspectives. Bristol, Channel View Publications, 2010.

N. J. Morgan & A. Pritchard, Tourism promotion and power: creating images, creating identities. West Sussex, John Wiley & Sons Ltd., 1998.

J. Mosedale (ed), Political Economy of Tourism: A Critical Perspective. London and New York: Routledge, 2011.

Mikael Noailles, La construction d'une économie touristique sur la Côte Aquitaine des années 1820 aux anées 1980: pratiques sociales, politiques d'aménagement et développement local. Toulouse, Méridienne-Alphil, 2012.

Mikael Noailles, « La construction d’une économie touristique sur la Côte Aquitaine sous la Ve république (1958-1988) », Sud-Ouest européen, 29 | 2010.
Via: ttp://journals.openedition.org/soe/1395

F. W. Ogilvie, The Tourist Movement: An Economic Study. London, P. S. King, 1933.

Olivier, Les touristes chinois en France: riches et détestés. Marketing Chine, Juin 26, 2019.
Via: http://www.marketing-chine.com/tourisme/les-touristes-chinois-en-france-riches-et-detestes

Claude Origet du Cluzeau et Patrick Vicériat, Les industries touristiques et récréatives françaises. Les Échos études, 1998.

Christiane Peyre et Yves Raynouard, Histoire et Légendes du Club Méditerranée. Paris, Seuil, 1971.

Virginie Picon-Lefebvre, La fabrique du bonheur: Architectures du tourisme et des loisirs. Parenthèses, 2019.

Steven Pike, Destination Marketing. An integrated marketing communication approach. Oxford UK / Burlington, MA, Butterworth-Heinemann, 2008.

Pierre Py, Le tourisme, un phénomène économique. Paris, La Documentation Française, 1996.

Pierre Racine, Mission impossible? L'aménagement touristique du littoral Languedoc-Roussillon. Montpellier, "Midi Libre", coll. « Collection Témoignages » (no 1), 1980.

W. Fraser Rae, The Business of Travel: A Fifty Years' Record of Progress. London, Thomas Cook, 1891.

Florence Renard, Saga Accor, un géant né en 1967. In: Les Echos, 29 juin 2010.

Francine Rivaud, La France revisite son potentiel touristique. On prévoit 2 milliards de touristes dan sle monde en 2030. La France, en perte de vitesse, tente de réagir pour capter cette manne. Gouvernement, organismes publics, acteurs privés, tous se mobilisent, ensemble. In: Challenges, N° 396, 3 juillet 2014.

Christophe des Roseaux, Dominique Pianon-Gergam, Le groupe Caisse des dépôts, acteur historique de l’investissement touristique en France. Dans: 'Espaces, tourisme & loisirs', Septembre 2018.

Peter Shackleford, A History of the World Tourism Organization. Emerald Publishing Limited, 2020.

Maksim Soshkin, If you build it, tourist will come. Why infrastructure is crucial to tourism growth and competitiveness.
Via: https://traveltourism.news/if-you-build-it-tourist-will-come-why-infrastructure-is-crucial-to-tourism-growth-and-competitiveness/ (Consulted July, 2020.)

Robert Spizzichino, Les marchands de bonheur. Perspectives et strategies de l'industrie française du tourisme et du loisir. Dunod, 1993.

Laurent Tissot, Construction d’une industrie touristique aux 19e et 20e siècles. Perspectives internationales. Alphil éditions, 2002.

Laurent Tissot, Développement d'une industrie touristique aux XIXe et XXe siècles. Neuchatel, Editions Alphil, 2003.

Françoise Tournier, L'aménagement du littoral Languedoc-Roussillon: bilan et perspectives. Mémoire présenté sous la direction du professeur Henry Roussillon, Institut d'études politiques, Toulouse, 1986.

John Tribe, The Economics of Recreation, Leisure and Tourism: Companion Website. Routledge, 2020.

Mark Tungate, The Escape Industry. How iconic and innovative brands built the travel business. London –New York, NY, KoganPage, 2017.

Joanne Vajda, Paris: rendez-vous cosmopolite. Du voyage élitaire à l'industrie touristique. 1855-1937. Thèse, EHESS, 2005.

Philippe Viallon, La communication touristique, une triple invention. Éditions touristiques européennes, 2013.

World Travel & Tourism Council. The economic impact of travel & tourism. 2017. 05-10-2018.
Via: https://www.wttc.org/-/ media/files/reports/economic-impact-research/regions-2017/world2017.pdf

----------

BESPIEGELINGEN EN STUDIES AANGAANDE PRAKTIJK, THEORIE EN FILOSOFIE AANGAANDE WERK, VRIJE TIJD, REIZEN EN TOERISME:



Marc Augé, La Vie en double. Voyage, ethnologie, écriture. Paris, Payot & Rivages, 2011.

Isabelle Babou et Philippe Callot, Tourisme. Stop ou encore? Lyon, Les Editions Baudelaire, Z019.

Roger Babulle, Essai sur le tourisme. Paris, Rougerie, 1953.

Shelley Baranowski and Ellen Furlough (editors), Being elsewhere: tourism, consumer culture, and identity in modern Europe and North America. Ann Arbor: University of Michigan Press, 2001.

J. Baudrillard, Le drame des loisirs ou l'impossibilité de perdre son temps. In: La société de consommation. Paris, Denoel, 1970.

Zygmunt Bauman, Adrian Franklin, Ursula Biemann, Transient Space: The Tourist Syndrome. Argobooks, 2013.

Sue Beeton, Travel, Tourism and the Moving Image. Channel View Publications, Series: Tourism and Cultural Change, 2015.

Christopher de Bellaigue, The end of tourism? In: The Guardian, 18 juin 2020.
Via: https://www.theguardian.com/travel/2020/jun/18/end-of-tourism-coronavirus-pandemic-travel-industry

Carolien van Bergen, Over de grens. Filosofie op reis. Budel, Uitgeverij Damon, 2006.

Walter Asa Berger, Deconstructing Travel. Cultural Perspectives on Tourism. Walnut Creek etc., AltaMira Press, 2004.

Via: https://isiarticles.com/bundles/Article/pre/pdf/86366.pdf

François Bloch Lainé, L'emploi des loisirs et l'Education populaire. Paris, Sirez, 1936.

Alain de Botton, The Art of Travel. London, Penguin Books, 2002.

Marc Boyer, Le tourisme. Paris, Le Seuil , 1972.

Marc Boyer, Ailleurs. Histoire et Sociologie du Tourisme. Paris, L'Harmattan, 2011.

P.M. Burns, An Introduction to Tourism & Anthropology. London, Routledge, 1999.

E. Bruner, The transformation of self in tourism. In: Annals of Tourism Research, 18, 238-250, 1991.

Jim Butcher, The Moralization of Tourism: Sun, Sand ... and Saving the World? London - New York, Routlegde, 2003.

Bénigno Cacérès, Loisirs et travail du Moyen-Age à nos jours. Paris, Seuil, 1973.

Neil Carr, Going with the flow: An assessment of the relationship between young people's leisure and holiday behaviour. In: Tourism Geographies, Vol. 4, Issue 2, pages 115-134.

Cecilia Cassinger, Maria Månsson, Mass tourism at a tipping point: Exploring the mediatisation of overtourism. 2019.
28th Nordic Symposium on Tourism and Hospitality 28th Nordic Symposium on Tourism and Hospitality Research - Roskilde university, Roskilde, Denmark. 2019 Oct 23 / 2019 Oct 25.
https://events.ruc.dk/28thNordic-Symposium-on-Tourism-and-Hospitality

Jean Chesnaux, L'art du voyage. Un regard (plutôt) politique sur l'autre et l'ailleurs. Paris, Bayard, 1999.

Alain Corbin, L’Avènement des loisirs (1850-1960), avec la collaboration de Julia Csergo, Jean-Claude Farcy, Roy Porter, André Rauch, Jean-Claude Richez, Léon Strauss, Anne-Marie Thiesse, Gabriella Turnaturi et Georges Vigarello. Paris, Flammarion, Coll. « Champs », 2001.

Benjamin Coriat, L'atelier et le chronomètre: Essai sur le taylorisme, le fordisme et la production de masse. Paris, Christian Bourgois Editeur, 1994.

Saskia Cousin. L’identité au miroir du tourisme. Usages et enjeux des politiques de tourisme culturel. Sciences de l’Homme et Société. Ecole des Hautes Etudes en Sciences Sociales (EHESS), 2003.
Via: https://tel.archives-ouvertes.fr/tel-00266547/document

Saskia Cousin, Les Miroirs du tourisme. Paris, Descartes et Cie., 2011.

Saskia Cousin, G. Chareyron, J. Darugna et S. Jacquot, Etudier Tripadvisor. Ou comment tripatouiller les cartes de nos vacances'.
Via www.espacestemps.net/articles/etudier-tripadvisor/.

Saskia Cousin et Bertrand Réau, Sociologie du tourisme. Paris, Editions La Découverte, 2016.

Saskia Cousin, G. Chareyron et S. Jacquot, 'Big Data and tourism'. In: The Sage International Encyclopedia of Travel and Tourism, Amherst, University of Massachusetts, 2016.

Rodolphe Christin, L'imaginaire voyageur ou l'expérience exotique. Paris, L'Harmattan, 2000.

Rodolphe Christin, Anatomie de l'évasion. Pour d'autres rapports au monde. Paris, Homnisphères, 2005.

Rodolphe Christin, Passer les bornes - sur le fil du voyage. Editions Yago, 2010.

Rodolphe Christin, Le tourisme: émancipation ou contrôle social? (dirigé avec Philippe Bourdeau). Bellecombe-en-Bauges, Editions du Croquant, 2011.

Rodolphe Christin, L'usure du monde. Critique de la déraison touristique. Montreuil, L'échappée, 2014.

Rodolphe Christin, Manuel de l'anti-tourisme. Montréal, Québec, Editions Ecosociété, 2017.

Rodolphe Christin, La vraie vie est ici. Voyager encore? Editions Ecosociété, 2020.

Rodolphe Christin, Repartir, mais pas comme avant... In: Le Monde Diplomatique, juillet 2020.

Jean-Marc Daniel, Trois controverses de la pensée économique: Travail, capital, temps. Pris Odile Jacob, 2016.

Albert Daurat, Pour qu'on voyage. Essai sur l'art de bien voyager. Toulouse, Eduard Privat Editeur / Paris, Henri Didier Editeur, 1911.

Octave Debary, Deindustrialization and Museumification: From Exhibited Memory to Forgotten History. In: The Annals of the American Academy of Political and Social Science, Vol. 595, Being Here and Being There: Fieldwork Encounters and Ethnographic Discoveries, pp. 122-133, Sep., 2004. Sage Publications, Inc..

Jean-Michel Decroly et. al., Le tourisme comme expérience: Regards interdisciplinaires sur le vécu touristique. 2016.

Maria Della Lucia, Ernestina Giudici (Sous la direction de), Humanistic Tourism: Values, Norms and Dignity. Routledge, 2020.

Guido Derksen, Over de grens. De verlokking van het roekeloze reizen. Uitgeverij Alpha, 1996.

Jean-Michel Dewailly, Tourisme et Géographie: entre pérégrinité et chaos. Paris, L'Harmattan, 2006.

F. van Dieren (vertaling), Francesco Petrarca, Brieven. Amsterdam, Atheneum - Polak - Van Gennep, 1998.

Philippe Duhamel et Rémy Knafou, Mondes urbains du tourisme. Paris, Belin, 2007.

Philippe Duhamel, Le tourisme: Réflexions sur un fait du monde. UPPR - Coll. Lire Comprendre Maintenant, 2018.

Mauro Dujmovic, Aljoša Vitasovic,Juraj Dobrila, Postmodern Society and Tourism. In: Journal of Tourism and Hospitality Management, October 2015, Vol. 3, No. 9-10, 192-203.

Anne Dulphy, Yves Léonard et Marie-Anne Matard-Bonucci (dir.), Le voyage comme expérience de l'étranger. Bruxelles, Peter Lang, 2009.

J. Dumazedier, Vers une civilisation du loisir? Paris, Seuil, 1962. (rééd. 1972; rééd. 1980).

J. Dumazedier, Révolution culturelle du temps libre: 1968-1988. Paris, Méridiens-Klincksieck, 1988.

J. Dumazedier (introduit par un entretien avec Edgar Morin et augmenté d'une biographie), Vers une civilisation du loisir? Paris, Editions MKF, rééd. 2018.

Ton van Egmond,, Toerisme: verbroedering of verloedering? Breda / Leiden, DTV uitgeverij / Toerboek, 1992.

Ton van Egmond, Het verschijnsel toerisme. Verleden, heden, toekomst. Meppel, Uitgeverij Edu-Actief, 2011.

J. Elsner en J. P. Rubies ed., Voyages and Visions. Towards a Cultural History of Travel. London, 1999.

Henri Engelmann, Partir. Initiation à l'Art du voyage. Editions Paulines, 1972.

Hans Magnus Enzenberger, Vergebliche Brandung der Ferne: Eine Theorie des Tourismus. In: Merkur no. 126, August, 1958.

Maxime Feifer, Going places. London, Macmillan, 1985.

Kirkwood Ferguson, Tourism Catalyst for Peace. Elite International Publishing, 2007.

Jean-Marie Furt et Franck Michel (sous la dir. de), Tourismes et identités. Paris, L'Harmattan, 2006.

Stefan Ginter, Reisen als postmodernes Abenteuer. München, Grin Verlag, 2008.

C. Goossens, Verbeelding van vakantie; een studie naar effecten van emotionele informatie. Tilburg, 1993.

André Gorz, Le Socialisme difficile. Paris, Seuil, 1967.
André Gorz, Het moeilijke socialisme. Socialisten en reformisten; vervreemding zonder uitbuiting; studenten en arbeiders. Amsterdam, Van Gennep, 1967.

André Gorz, Adieux au prolétariat. Paris, Galilée, 1980. (éd. augmentée, Paris, Le Seuil, 1981)

André Gorz, Les chemins du paradis. L'agonie du capital. Editions Galilée, 1983.

André Gorz, Métamorphoses du travail. Quête du sens, critique de la raison économique. Paris, Galilée, 1988.

André Gorz, Capitalisme, socialisme, écologie. Paris, Galilée, 1991.

André Gorz, Bâtir la civilisation du temps libéré. Paris, Editions Les Liens Qui Libèrent / Le Monde Diplomatique, 2013.

David Graeber, On the phenomenon of bullshit jobs: A Work Rant. In Strike! Magazine, Issue 3, August 2013.
Via: https://www.strike.coop/bullshit-jobs/

David Graeber, The Utopia of Rules. On Technology, Stupidity, and the Secret Joys of Bureaucracy. Brooklyn - London, Melville House, 2015.

David Graeber, Bullshit Jobs: The Rise of Pointless Work, and What We Can Do About It. London, Penguin, 2018.

Dick Grote, Forced Ranking: Making Performance Management Work. Harvard Business Review Press, 2005.

Guide-Chaix, Conseil aux voyageurs en chemin de fer, en bateaux à vapeur et en diligence. Chaix et Cie, 1854.

Roger Guerrand, La Conquête des vacances. Paris, Editions ouvrières, 1963.

Christophe Guibert & Bertrand Réau, Des loisirs à la chaîne. In: Le Monde Diplomatique, juillet 2020.

Nicos Hadjicostis, Destination Earth: A New Philosophy of Travel by a World-Traveler. 2016.

Walter Hebeisen, F. W. Taylor und der Taylorismus. Zürich, 1999.

Roland Heguy, Changeons notre tourisme ! Paris, Cherche Midi, 2020.

Hilde Heynen et David Vandenburgh (dir.), Tourism revisited, NeTHCA. Bruxelles, La Lettre Volée, 2007.

Jean_Michel Hoerner, Traité de tourismologie. Pour une nouvelle science touristique. Perpignan, Presses universitaire de Parpignan, 2002.

Jean-Michel Hoerner et C. Sicaart, La science du tourisme, précis franco-anglais de tourismologie. Perpignan, Balzac Editeur, 2003.

H. J. A. Hofland, Geen tijd. Op zoek naar oorzaken en gevolgen van het moderne tijdgebrek. Amsterdam, Scheltema en Holkema, 1955.

H. J. A. Hofland, Vakantie. Over zakelijke en onzakelijke kanten van de moderne volksverhuizing. Amsterdam, Scheltema & Holkema N.V., 1957.

Glenn Hooper (Ed.), Dark Tourism. Practice and interpretation. London, Routledge, 2019.

P. Huguet, Bon voyage ou l'Art de voyager, au point de vue de l'utilité, de l'agrément, de l'économie, de la santé, de la législation, etc.. Félix Girard, 1867.

Francis Jauréguiberry et Jocelyn Lachance, Le voyageur hypermoderne. Partir dans un monde connecté. Toulouse, Editions érès, 2016.

Luchien Karsten, De achturendag: arbeidstijdverkorting in historisch perspectief 1817-1919. Proefschrift Groningen. Groningen, Universiteitsdrukkerij, 1989. (IISG Studies + Essays, no. 14), Amsterdam, IISG, 1990.

Yoshido Kenko, De kunst van het nietsdoen ('Tsurezuregusa'). Amsterdam, Uitgeverij Van Oorschot, 2020.

A. Kersten, De sociale betekenis van het kamperen. Wageningen, 1968.

B. Kirschenblatt-Gimblett, Destination culture: Tourism, museums, and heritage. Berkeley CA, University of California Press, 1998.

Rémy Knafou (directeur de l'équipe MIT 'Mobilité, Itinéraires, Tourismes' de l'université Paris 7),
- Tourismes 1. Lieux communs. Paris, Belin, 2002,
- Tourismes 2. Moments de lieux. Paris, Belin, 2005,
- Mondes urbains du tourisme. Paris, Belin, 2007,
- Tourismes 3. La révolution durable. Paris, Belin, 2011,

Dieter Kramer (in Verbindung mit Dr. Wilhelm, Der sanfte Tourismus. Wien, 1983.

Dieter Kramer und Ronald Lutz (Hg.), Tourismus-Kultur, Kultur-Tourismus. Münster, 1993.

Larry Krotz, Tourists: How Our Fastest-Growing Industry Is Changing The World. Boston, Faber and Faber, 1996.

Jean Lacouture, Montaigne à cheval. Paris, Editions du Seuil, 1996.

Jean Lacouture, Stendhal. Le bonheur vagabond. Paris, Seuil, 2004.

Pierre-Henri Lagedamon, Travail, temps libre et socialisme: Le temps du travailleur dans la pensée d'Owen, Fourier, Cabet et Proudhon. Rennes, Presses universitaires de Rennes, 2016.

Garth Lean, Russell Staiff and Emma Waterton (Ed.), Travel and Imagination. Farnhem / Burlington VI, Ashgate Publishing, 2014.

Garth Lean, Russell Staiff and Emma Waterton (Ed.), Travel and Transformation. New York NY, Routledge, 2016.

K. P. C. de Leeuw et al (red.), Van ontspanning en inspanning. Aspecten van de geschiedenis van de vrije tijd. Tilburg, Drukkerij Gianotten B.V., 1995.

Edmée Lemaires, Vreemdelingen die afreizen. A. W. Bruna & Zoon Uitg.-Mij, 1939.

J. Lennon, M. Foley & D.C. Washington, Dark tourism: The attraction of death and disaster. London, Continuum, 2000.

Claude Lévi-Strauss, Tristes tropiques. Paris, Plon, coll. « Terre Humaine », 1955. (Réimpr. « Terre humaine », 1984.)

Danièle Linhart, La comédie humaine du travail: De la déshumanisation taylorienne à la sur-humanisation managériale. Toulouse, Erès, 2015.

Lucy Lippard, On the Beaten Track: Tourism, Art and Place. New York, The New Press, 1999.

Justus Lipsius, Een groot oordeel van dien grooten en uytsteeckenden JUSTUS LIPSIUS over het REYSEN. In: WEGH-WYSER, Vertoonende De besonderste vremde vermaecklijckheden die in 't Reysen door VRANCKRYCK en eenige aengrensende LANDEN te sien zijn. t' Amstelredam, By Nicolaes van Ravesteyn, op S. Anthonis Marckt, 1657.

Jean-Paul Loubes, Tourisme, arme de destruction massive. Paris, Editions du Sextant, 2015.

Dean MacCannell, The Tourist. A New Theory of the Leisure Class. London, University of California Press, 1999 (orig. 1976).

Zweder von Martels (ed.), Travel Fact and Travel Fiction. Studies on Fiction, Literary Tradition, Scholarly Discovery and Observations in Travel Writing. Leiden, E. J. Brill, 1994.

Edward J. Mayo and Lance P. Jarvis, The psychology of leisure travel. Boston, CBI, 1981.

Franck Michel (Sous sa direction), Tourismes, touristes, sociétés, Paris, L’Harmattan, 1998.

Franck Michel, Désirs d’ailleurs. Essai d’anthropologie des voyages. Paris, Armand Colin, coll. « Chemins de traverse », 2000.

Le Monde Hors-Série, Partir. Conquérir - Quitter - Fuir - S'exiler - Voyager - Découvrir. Paris, Le Monde -Hors-Série, 2016.

Sarga Moussa et Sylvain Venayre, Le Voyage et la mémoire au XIXème siècle. Créaphis, 2011.

D. Nash, 'Tourism as a form of imperialism'. In: V. Smith (ed.), Hosts and Guests: the Anthropology of Tourism. Oxford, Basic Blackwell, pp. 33-47, 1977.

D. Nash, Anthropology of Tourism. Oxford, Elsevier Science Ltd, Pergamon, 1996.

Stéphanie Nkoghe (Sous la direction de), La psychologie du tourisme. Paris, Editions L'Harmattan, 2008.

Claude Origet du Cluzeau, Le tourisme culturel dynamique et prospective d'une passion durable. De Boeck Université, 2015.

Ian Ousby, The Englishman's Engeland. Taste, travel, and the rise of tourism. Cambridge, 1990.

Brigitte Ouvre-Vial e.a. (dir.), Les vacances. Un rêve, un produit, un miroir. Paris, Autrement, 1990.

Thierry Paquot, Le Voyage Contre le Tourisme. Editions Eterotopia, deuxième edition revue et augmentee, 2019.

Jean-Victor Parant, Le Problème du Tourisme Populaire. Emploi des congés payés et institutions de vacances ouvrières en France et à l'étranger. Librairie Générale de Droit & Jurisprudence R. Pichon et R. Durand-Auzias, 1939.

Peter Peters, De haast van Albertine. Reizen in de technologische cultuur: naar een theorie van passages. Amsterdam, Uitgeverij De Balie, 2003.

Petrarca, De top van de Mont Ventoux & Het geheim. Baarn, Ambo, 1990.

Pétrarque (Précédée d'une étude par Gabriel Faure), Lettre de François Pétrarque sur son ascension au mont Ventoux. 1944.

Pétrarque, L'Ascension du Mont Ventoux. Paris, Mille et une nuits / Librairie Arthème Fayard, 2001.

Prof. Dr. C. A. van Peursen, Michel de Montaigne. Het reizen als wijsgerige houding. Amsterdam, H.J. Paris, 1954.

Phaedra Pezzulo, Toxic Tourism: Rhetorics of Pollution, Travel and Environmental Justice. Tuscaloosa, University of Alabama, 2007.

David Picard, Sonja Buchberger, Couchsurfing Cosmopolitanisms. Can Tourism Make a Better World? Walter de Gruyter & Co, 2013.

Bertrand Réau, La distinction ne prend pas de vacances! Sociologie des offres et pratiques de loisirs en vacances. Paris, CNRS, 2011.

Stijn Reijnder, Plaatsen van verbeelding. Media, Toerisme, Fancultuur. Alphen, Uitgeverij Veerhuis, 2011.

Lucas Reijnders, Reislust. Op weg naar het paradijs en andere bestemmingen. Amsterdam, Van Gennep, 2000.

REYS-WETTEN. In: WEGH-WYSER, Vertoonende De besonderste vremde vermaecklijckheden die in 't Reysen door VRANCKRYCK en eenige aengrensende LANDEN te sien zijn. t' Amstelredam, By Nicolaes van Ravesteyn, op S. Anthonis Marckt, 1657.

Jean-Claude Richez, Léon Strauss, Un temps nouveau pour les ouvriers: les congés payés.
In: Alain Corbin, L'Avènement des loisirs 1850-1960. Paris, Champs / Flammarion, 1995.

Jean Rieucau et Jèrôme Lageiste, L'Empreinte du tourisme. Contribution à l'identité du fait touristique. Paris, L'Harmattan, 2006.

Jeremy Rifkin, The End of Work - The Decline of the Global Labor Force and the Dawn of the Post-Market Era. Tarcher/Putnam Book, New York, 1995.

Hermann Ringeling und Maja Svilar (Hg.), Tourismus - das Phänomen des Reisens. Bern, 1982.

Patrick Rivers, The Restless Generation: A crisis in mobility. London, Davis-Poynter, 1972.

Nathalie Roelens, Eloge du Depaysement. Du Voyage au Tourisme. Kimé Édition, 2015.

Chris Rojek, Ways of Escape. Modern Transformations in Leisure and Travel. Basingstoke, Macmillan, 1993.

Mario Rutte, 'Leuke vakantie gehad?': verhalen over antropologisch veldwerk. Amsterdam, Aksent, 2007.

Stephan Sanders, Essay. Weg met het toerisme. Bestemming bereikt, bestemming verwoest. Amsterdam, 'De Groene Amsterdammer', 8 november 2017.

Lou Sarabadzic, Notre vie n'est que mouvement: L'Europe de Montaigne à l'heure du tourisme de masse. PublieNet, 2020.

Aurel Schmidt, Von Raum zu Raum. Versuch über das Reisen. Berlin, 1998.

T. Selwyn (ed.), The Tourist Image. Myths and Myth Making in Tourism. Chichester, John Wiley & Sons, 1996.

Catherine Sicart, Jean-Michel Hoerner, Tourisme, une affaire de classe. Editeurs Balzac, 2015.

J. Stagl, A History of Curiosity: The Theory of Travel 1550-1800. (Studies in Anthropology and History, Vol. 13). Routledge, 1995.

Helga Stamm, Der Urlaubstraum ein Urlaubstrauma? Bühren, 1984.

Albrecht Steinecke, Tourism Now. Tourismus und Luxus. München, UVK Verlag, 2019.

Alain Supiot (Leçon de clôture), Le travail n'est pas une marchandise. Contenu et sens du travail au XXIe siècle. Paris, Editions du Collège de France, 2019.

Jacques Tati (Un film de), Les Vacances de M. Hulot (Avec Jacques Tati), 1953.

J.P. Taylor, Authencity and Sincerity in Tourism. 2000.

Paul Theroux, The Tao of Travel: Enlightenments from Lives on the Road. Boston and New York, Houghton Mifflin - Harcourt. 2012.

C. W. Thompson, The Suffering Traveller and the Romantic Imagination. Oxford, Clarendon Press, 2007.

Laurent Tissot, Le tourisme: de l'utopie réalisée au cauchemar généralisé? In: Entreprises et histoire, vol. 2, n° 47, 2007.

Maurice Toesca, Trois semaines chaque année. Paris, Fayard, 1960.

Louis Turner and John Ash, The Golden Hordes: International Tourism and the Pleasure Periphery. London, Constable Limited, 1975.

Mark Twain, The Innocents Abroad, or The New Pilgrim's Progress (1869). New York, New American Library, 1980.

United Nations World Tourismm Organization, Etude sur l'évolution du temps libre et le droit aux vacances. Madrid, 1983.

Jean-Didier Urbain, Paradis verts: désirs de campagne et passions résidentielles. Paris, Editions Payot, 2002 (revue et augmentée, 2008).

Jean-Didier Urbain, La France des temps libres et des vacances, La Tour d’Aigues. Editions de l'Aube, 2002.

Jean Didier Urbain, Les vacances. Paris, Editions Le Cavalier bleu, 2002.

Jean- Didier Urbain, L'idiot du voyage. Histoires de touristes. Paris, Editions Payot, 2002 (1998).

Jean-Didier Urbain, Secrets de voyages: menteurs, imposteurs et autres voyageurs impossibles. Paris, Editions Payot, 2003.

Jean-Didier Urbain, Le voyage était presque parfait. Essai sur les voyages ratés. Paris, Editions Payot & Rivages, 2008.

Jean-Didier Urbain, L'envie du monde. Paris, Editions Bréal, 2011.

John Urry, Consuming Places. Routledge, 1995.

John Urry, The Tourist Gaze. (Second edition). London – Thousand Oaks – New Delhi, SAGE Publications, 2002.

Alain Vanneph, Les touristes. Une histoire d'argent, de temps et d'envie. Des précurseurs aux professionnels. Paris, L'Harmattan, 2017.

Thorstein Veblen, The Theory of the leisure class: an economic study of institutions. New York, Macmillan Company, 1899.

Sylvain Venayre, Panorama du voyage (1780-1920): mots, figures, pratiques. Les Belles Lettres, 2012

Gerrit Verhoeven, Vaut le voyage? Nieuw tendensen in het historisch onderzoek naar toerisme (1750-1950). In: Stadsgeschiedenis 4, pp. 61-73, 2009.

Gerrit Verhoeven, Calvinist pilgrimages and popish encounters: religious identity and sacred space on the Dutch Grand Tour (1598-1685). In: Journal of social history, 43:3, pp. 615-634, 2010.

Alexandre Vexliard, Introduction à la sociologie du vagabondage. 1956.

Jean Viard, Court traité sur les vacances, les voyages et l'hospitalité des lieux. La Tour d’Aigues, Editions de l'Aube, 2000.

Jean Viard, (dir.), La France des temps libres et des vacances. La Tour d'Aigues, Editions de l'Aube, 2002.

Jean Viard, Eloge de la mobilité. Essai sur le capital temps libre et la valeur travail. La Tour d’Aigues, Editions de l'Aube, 2014.

Jean Viard, Triomphe d'une utopie. Vacances, loisirs, voyages: la révolution des temps libres. La Tour d’Aigues, Editions de l'Aube, 2015.

Jean Viard, Réguler l'économie du tourisme pour la démocratiser. In: Le Monde, Jeudi 17 août 2017, P. 21.

John K. Walton (Ed.), Histories of Tourism. Representation, Identity and Conflict. Clevedon - Buffalo - Toronto, Channel View Publications, 2005.

Ning Wang, Tourism and Modernity. A Sociological Analysis. Oxford, England, Pergamon, 2000.

S. Wearing, D. Stevenson & T. Young, Tourist cultures: Identity, place, and the traveller. London, Sage Publications, 2010.

Ruud Welten, Het ware leven is elders. Filosofie van toerisme. Utrecht, Uitgeverij Klement/Pelckmans, 2013.

Ruud Welten, Onder vreemden: de ander in reisliteratuur. Utrecht, Uitgeverij Klement, 2014.

Ruud Welten, Filosofie van het toerisme. Wat ontvlucht u deze zomer? Essay. Amsterdam, 'de Groene Amsterdammer, nr. 28, I1 juli 2018.

Jeffrey Wijnberg, De magie van het nietsdoen. Scriptum, 2016.

R. Wrigley and G. Revill (eds.), Pathologies of Travel. Amsterdam / Atlanta, Rodopi, 2000.

H. Ye & I. P. Tussyadiah, Destination visual image and expectation of experiences. Journal of Travel & Tourism Marketing, 28(2), 129-144, 2011.

Paul Yonnet, Travail, loisir. Temps libre et lien social. Paris, Gallimard, 1999.

George Young, Tourism: Blessing or Blight?. Hammandsworth, Penguin, 1973.

----------

SLECHTS ENKELE REISIMPRESSIES EN BESCHOUWINGEN DAAROVER: (* Een volledige opsomming wordt opgenomen in 'Mijn Franse verleiding':


Eric Alary, La ligne de démarcation. Paris, Perrin, 2003.

Archibald, Londen, Amsterdam en Parijs en omstreken. Uit het Hoogduitsch. Te Amsterdam, bij Gerrit Portielje, 1821.

John Ardagh, Writer's France. A Regional Panorama. London, Penguin Group, 1989.

Geoffroy Atkinson's 'Les Relations De Voyages De XVIIe Siècle et L'Evolution Des Idées. Contribution à l'étude de la formation de l'esprit du XVIIIe siècle'. Paris, E. Champion, 1924.

Balthasar Bekker, Beschrijving van de reis door de Verenigde Nederlanden, Engeland en Frankrijk in het jaar 1683. (Naar het handschrift uitgegeven en toegelicht door Jacob van Sluis), Ljouwert / Leeuwarden, Fryske Akademy, 1989.

Dick E.H. de Boer, Emo’s reis. Een historisch culturele ontdekkingstocht door Europa in 1212. Haren, Geldermalsen Publications, 2014.

Dr. Jan ten Brink, Van Den Haag naar Parijs. In: Drie reisschetsen, pp. 167-339. Te Leiden bij A.W. Sijthoff, (1861), 4e druk, 1894.

Cyriel Buysse, Per auto. Uitgave van C.A.J. van Dishoeck te Bussum, in het jaar 1913.

Cyriel Buysse, Reizen van toen. Met de automobiel door Frankrijk. Antwerpen / Amsterdam, Manteau, 1992.

Eric Dupin, Voyages en France. La fatigue de la modernité. Paris, Seuil, 2011.

Katherine Ennekens (Red.), Verhalen Bazaar. Vakantieherinneringen van 1930 tot 1980. Antwerpen, Pandora, 2008.

Girault de St-Fargeau, Guide Pittoresque portatif et complet Du Voyageur en France, divisé en cing grandes régions, et en vingt-neuf itinéraires principaux indiquant les lignes et les chemins de fer. Quatrième édition. Paris, Librairie de Firmin Didot, 1852.

Jan Feith, La Belle en haar aanbidders. Frankrijk bereisd, gezien, geproefd en ... genoten. Den Haag, Zuid-Hollandsche Uitgevers Mij, 1937.

W. R. Ferwerda, Bacchus tussen Rozen. Een reis door het wijngebied rondom Bordeaux. Amsterdam-Brussel, Elsevier, 1950.

Robert Franquinet, Christelijk Erfgoed Langs 's Heren Wegen. In Frankrijk. Haarlem, Uitgeverij De Toorts, 1960.

Anthoni Jansz. van der Goes, 't Doolhof van Versailles, - bestaande in XLI keurelyke verbeeldinge van alle de uitmuntend fonteinen van het zelve doolhof. Verrykt met de uitlegging de fabelen, die door de zelven vertoond worden, in vier taalen, Frans, Engels, Hoog- en Nederduitsch. Als mede in de zelve Taalen by ieder afbeelding in Poëezy. By Nicolaas Visscher, 1682.

E. M. Grabowsky en P. J. Verkruijse (uitgegeven met inleiding en commentaar), Arnout Hellemans Hooft, Een naekt beeldt op een marmore matras seer schoon. Het dagboek van een 'grand tour' (1649-1651). Hilversum, Verloren, 2001.

HEDENDAAGSCHE HISTORIE of TEGENWOORDIGE STAAT van FRANKRYK. Eerste deels en Tweede Deels. Te AMSTERDAM, By ISAAK TIRION 1752. Met Privilegie.

John Locke, Carnet de voyage à Montpellier et dans le sud de la France 1676-1679. Nouvelles Presses du Languedoc, 2006.

James D. McCabe Jr., Paris by Sunlight and Gaslight: A Work Descriptive of the Mysteries and Miseries, the Virtues, the Vices, the Splendors, and the Crimes of the City of Paris, Illustrated with over 150 Fine Engravings by Gustave Doré and other Celebrated Artists of France. Philadelphia, 1869. (Ré-édition: Nabu Press, 2010).

Mattheus Merian, Martin Zeiller, Topographia Galliae dat ist Een Algemeene en naeukeurige Lant en Plaets-beschrijvinghe van het Machtige Koninckrijk Vranckryck. Amsterdam, Joost Broersz and Caspar Merian, 1663.

Lut Missine, De reiziger, de schilder en de schrijver. Reisboeken van Jacobus van Looy. In: Tijdschrift voor Taal en Letteren, Vol. 19, No. 3, pp. 229-249, 2014.
Via: https://www.academia.edu/10308235/De_reiziger_de_schilder_en_de_schrijver_Reisboeken_van_Jacobus_van_Looy?email_work_card=thumbnail

Michel de Montaigne, Journal du voyage de Montaigne. (1744) FB Editions, s.d..

Michel de Montaigne, Essais. Paris, Gallimard, Bibliothèque de la Pléiade, 2007.

Lady Morgan, Frankrijk en de Franschen. Herinneringen uit mijn verblijf te Parijs in 1816. Naar het Engelsch van Lady Morgan. In twee delen; Te Leeuwarden, bij Steenbergen van Goor. 1821.

M. Piganiol de la Force, Nouveau voyage de France avec un itinéraire, et des cartes faites exprès, qui marquent exactement les routes qu'il faut suivre pour voyager dan toutes les Provinces de ce Royaume. Nouvelle edition, revue, corrigée & augmentée. Paris, Bailly, 1780.

Alexandre Poidebard, Les voyages de Mme de Sévigné dans le Lyonnais (1672 à 1694). (1889). Paris, Hachette Livre - BNF, 2014.

David van Reybrouck, De ontdekking van lichtvoetigheid. Cyriel Buysse en Maurice Maeterlinck, en route naar de Rivièra. In: Dirk Leyman (Samenstelling), Nice, muze van Azuur. Het Oog in 't Zeil Stedenreeks 11, pp. 166-185. Amsterdam, Uitgeverij Bas Lubberhuizen, Maart 2004.

Richard, Guide Classique du Voyageur en France, dans les Pays-Bas et en Belgique; Comprenant La Manière de Voyager ; les Tableaux des Routes, des Relais, des Communications ; l'Etat Général des Postes ; la Description des Villes, Bourgs, Villages, Antiquités, Monumens, Etablissemens, Curiosités de la Nature et de l'Art ; la Notice des Eaux Minérales ; la Liste des Diligences, Voitures Publiques, Auberges, etc. Orné d'une Belle Carte Routière, etc. Guide Indispensable à l'Artiste, à l'Etranger et aux Curieux. Paris, Chez Audin, Quai des Augustins, 12e édition, 1828-1829.

Richard, Guide du Voyageur en France. Comprenant la manière de voyager, les tableaux des routes, des relais, des communications, l'état général des postes, la description des villes, bourgs, villages, antiquités, monuments, établissements, ... Paris, Chez Audin, 1829.

P. H. Ritter Jr., De ijlende reis. Bussum, C. A. J. van Dishoeck, 1923.

George Sand, Lettres d'un voyageur (1837). Paris, Gallimard, coll/ Pléiade, 1971

J. H. Sauveur, Reisindrukken van Frankrijk en het front. Druk Volharding, 1916.

Esther Scheepers en Chris Will, Looy met de Noorderzon, weg! De reizen van Jacobus van Looy. Zutphen, Walburg Pers, 1998.

Albertina Schelfhout-V.d. Meulen, Eiland van schoonheid. Herinneringen aan Corsica. Eindhoven, Poirters-Reeks, 1941.

Louis de Semein, Parijs en de Parijzenaars. Gouda, G. B. van Goor Zonen, 1875.

Louis de Semein, Het Parijsche leven. Gouda, G. B. Van Goor Zonen, 1877.

Louis de Semein, Parijsche schetsen. Arnhem, Minkman's Reisbibliotheek, 1877.

Louis de Semein, Door eene wereldstad (met illustratie van Eug.Ladreyt). Arnhem, Minkman, 1878.

Louis de Semein, Achter het gordijn (Schouwburgschetsen. Met voorrede, aanteekeningen en naschrift van J.H. Rössing. J. Heijnis Tsz., Zaandijk, 1878.

Bert Sliggers jr. (Ingeleid en bewerkt door), Dagelijckse aentekeningen van Vincent Laurensz van der Vinne. Reisjournaal van een Haarlems schilder (1652-1655). Haarlem, Fibula-Van Dishoeck, 1979.

Stendhal, Mémoires d'un touriste. Paris, Amboise Dupont, 1838. Rééd. Paris, Librairie Ancienne Honoré Champion, Trois Tomes, 1932-1933.

Laurence Sterne, A Sentimental Journey through France and Italy.(1768) Berkeley, University of California Press, 1967.

C. W. Thompson, French Romantic Travel Writing: Chateaubriand to Nerval. Oxford, Oxford University Press, 2012.

Ger Verhoeve, Varend in de serene rust van het Canal du Nivernais. In: Plus Magazine, nr. 2, februari 1996.

Ger Verhoeve, De sage van de Man van Tautavel. In: De Volkskrant, 25-10-1996.

Ger Verhoeve, Nederlandse held begraven in het Panthéon. In: Trouw, 8 december 2001.

WEGH-WYSER, Vertoonende De besonderste vremde vermaecklijckheden die in 't Reysen door VRANCKRYCK en eenige aengrensende LANDEN te sien zijn. t' Amstelredam, By Nicolaes van Ravesteyn, op S. Anthonis Marckt, 1657.

Adriaan van der Willigen, Reize door Frankrijk In gemeenzame brieven. Door Adriaan van der Willigen aan den uitgever. Te Haarlem, Bij A Loosjes Pz., 1805.

Adriaan van der Willigen, Parijs in den aanvang van de negentiende eeuw. Te Haarlem, Bij A. Loosjes Pz., 1807
Via: https://books.google.fr/books?id=6nhhAAAAcAAJ&printsec=frontcover&hl=nl&source=gbs_ge_summary_r&cad=0#v=onepage&q&f=false

----------

LAND- EN WEGENKAARTEN, STADSPLATTEGRONDEN EN STANDAARDMETINGEN:


Guy Arbellot, Bernard Lepetit, Jacques Bertrand, Atlas de la Révolution française, 1: Routes et communications. Paris, Edition de l'EHESS, 1987.

Guy Arbellot, Autour des Routes de Poste: Les premières cartes routières de la France, XVIIe - XIXe siècle. Paris, édité par Bibliothèque Nationale et le Musée de La Poste, 1992.

Ziba Arbellot-Khorsande, Représentation cartographique des services publiques de transports de voyageurs dans la France de 1789. Thèse de doctorat de 3e cycle, Université Paris-VII, 1972.

François de Dainville, Cartes anciennes du Languedoc. Montpellier, 1961.

François de Dainville, How did Oronce Fine draw his large map of France, in: Imago Mundi, t. XXIV, pp. 49 - 55, 1970.

Jean-Louis Dupain-Triel, La France connue sous les plus utiles rapports, ou Nouveau dictionnaire universel de la France, dressé d'après la Carte, en 180 feuilles, de Cassini. 1785.

Marc Duranthon, La carte de France, son histoire. Paris, Solar et ING, 1978

Georges Fordham, Les Routes de France. Etude Bibliographique sur les Cartes Routières et les Itinéraires et Guide Routiers de France. (1929). Genève, Slatkine-Megariotts Reprints, 1975.

Denis Guedj, La Révolution des savants. Paris, Découvertes Gallimard, 1988.

Josef W. Konvitz, Cartography in France, 1660-1848. Chicago, 1987.

Frederic P. Miller, Agnes F. Vandome, et al., Carte de Cassini: Louis Moisset, François Flamichon, Histoire de la triangulation en France, Cartographie des corridors biologiques. 2010.

Mireille Pastoureau, Les atlas français, XVIe-XVIIe siècles. Paris, Bibliothèque nationale, 1984.

Monique Pelletier, La Carte de Cassini. Presses de l'Ecole nationale des Ponts et Chaussées, 1990.

Monique Pelletier et H. Ozanne, Portraits de la France: les Cartes, témoins de l'histoire. 1995.

Monique Pelletier, La cartographie de la France et ses acteurs avant les Cassinis, in: CFC, N° 172, Juin 2002.

Monique Peletier, La cartographie de la France aux XVe et XVIe siècle, entre passé, présent et futur. In: Le Monde des Cartes. Revue du Comité français de cartograhphie, n° 182 décembre 2004, P. 7-22.

Monique Pelletier, Les Cartes des Cassini. La science au service de l'Etat et des provinces. Paris, Edition du CTHS, 2015.

Pierre Pinon et Bertrand Le Boudec, Les Plans de Paris. Histoire d'une capitale. Paris, Le Passage / Bibliothèque Nationale de France / Atelier parisien d'urbanisme / Paris Bibliothèques, 2004.

Patrick Poncet et al., Cartes. Le voyage immobile. In: La Géografie, Numéro 1529, Printemps 2008.

----------

GESCHIEDENIS VAN MOBILITEIT: LANDSCHAP, WEGEN, VERVOERSMIDDELEN EN SNELHEID:


Marc Augé, Pour une anthropologie de la mobilité. Paris, Payot & Rivages, 2009.

Hans Buiters en Peter Staal, Het avontuur van de ANWB. 135 jaar onderweg. Bussum, Uitgeverij Thoth, 2018.

Jean-Denis Devauges (Introduction), Le voyage en France. Du maître de poste au chef de gare, 1740 – 1914. Compiègne, Musée national de la Voiture et du Tourisme, 1997.

Licien Haas, Ce qu'il faut savoir pour voyager. Le tourisme en chemin de fer, en automobile (code de la route), à bicyclette, en avion, etc. L'Hôtel, le touriste étranger. Paris, Stock, 1930.

Philippe Delvit et Michel Taillefer (dir.), A la conquête du temps et de l'espace: les révolutions des transports. Toulouse, Presses de l'université des sciences sociales deToulouse, 1998.

Maurice Fabre, Histoire de la locomotion terrestre. Genève, Les Editions Rencontre et Erik Nitsche International, 1963.

Ruud Filarski en Gijs Mom, Van transport naar mobiliteit. Vol. 1: De transportrevolutie (1800 - 1900). Zutphen, De Walburg Pers, 2008.

Ruud Filarski en Gijs Mom, Van transport naar mobiliteit. Vol. 2: De mobiliteitsexplosie (1895 - 2005). Zutphen, De Walburg Pers, 2009.

Ruud Filarski en Gijs Mom, Van transport naar mobiliteit. Vol. 1: De transportrevolutie (1800 - 1900). Zutphen, De Walburg Pers, 2008.

Ruud Filarski en Gijs Mom, Van transport naar mobiliteit. Vol. 2: De mobiliteitsexplosie (1895 - 2005). Zutphen, De Walburg Pers, 2009.

Ruud Filarski, Tegen de stroom in. Binnenvaart en vaarwegen vanaf 1800. Utrecht, 2014.

Mathieu Flonneau et Vincent Guigueno (dir.), De l'histoire des transports à l'histoire de la mobilité. Rennes, Presses Universitaires de Rennes, 2009.

Eugène Gallois, La poste et les moyens de communication des peuples à travers les siècles: messageries, chemins de fer, tétégraphes, téléphones. Paris, Baillière J-B et fils, 1894.

Marcel Gautier, Chemins et véhicules de nos campagnes. Saint-Brieux, Presses Universitaires de Bretagne, 1971.

Jean-Christophe Gay, Véronique Mondou et.al., Tourisme & transport: Deux siècles d'interactions. Bréal, 2017.

Pierre George, Les hommes sur la terre. La géographie en mouvement. Paris, Editions Seghers, 1989.

Jean D. Guerdon, 2000 ans de transports parisiens. Paris, Champs actuel, Sélection du Reader's Digest, 1971.

G. A. Knaap, Spoorwegen en wegvervoer: een geschiedenis en bronnenoverzicht. Amsterdam; Nederlands Economisch-Historisch Archief, 1993.

Jos van der Lans & Herman Vuijsje, Lage Landen Hoge Sprongen - Nederland in beweging 1898/1998 - Rabobank 100 jaar. Immerc, 1998.

M. F. A. Linders-Rooijendijk, Gebaande wegen voor mobiliteit en vrijetijdsbesteding: de ANWB als vrijwillige associatie, deel I, 1883-1937. 's-Gravenhage, 1989.

M. F. A. Linders-Rooijendijk, Gebaande wegen voor mobiliteit en vrijetijdsbesteding: de ANWB van vereniging naar instituut, deel II, 1937-1983. 's-Gravenhage, 1992.

Frédéric Regamey, Vélocipédie et automobilisme. Mame et Fils, 1908.

Wulf Schadendorf, Zu Pferde, im Wagen, zu Fuss. Tausend Jahre reise. Munchen, Prestel, 1959.

Octave Uzanne, ?La Locomotion à travers le temps, les moeurs et l'espace. Résumé pittoresque et anecdotique de l'histoire générale des moyens de transports terrestres et aériens. Chariots et véhicules primitifs, chars et carrosses, litières et chaises à porteurs, voitures privées et publiques de l'Antiquité à nos jours, messageries, voitures de poste et diligences, omnibus et tramways, chemins de fer et métropolitains, cyclisme et automobilisme, aéronautique et aviation. ?Paris - Chartres, Librairie Paul Ollendorff, 50 Chaussée-d'Antin - Imprimerie Edmond Garnier, 1912.

James E. Vance, Capturing the Horizon. The Historical Geography of Transportation. New York, 1986.

Anne-Claire Verham, Uitvindingen vervoer rond 1900. 2018.
Via: https://www.historamarond1900.nl/technologische-vooruitgang/vervoer

A. Weiler, M. Ginat, M. Rouzé, Les voyages du coche à l'avion. Paris, Editions Bourrelier, 1959.

*** LANDSCHAP:

Christiane Amiel, Les conversions de la vigne: Les métamorphoses du paysage viticole en Languedoc aux entours du 21e siècle. Editions Garae Hesiode, 2014.

Alain Corbin, Le village des cannibales. Paris, Aubier, 1990.

Alain Corbin, Histoire du silence: De la Renaissance à nos jours. Paris, Seuil, 2018.

Albin Corbin, Les cloches de la terre. Paysage sonore et culture sensible dans les campagnes au XIXe siècle. Paris, Albin Michel - Champs Flammarion, 1994.

Alain Corbin, L'homme dans le paysage. Paris, Editions Textel, 2001.

François Dagognet (Dir.) Lire le paysage, lire les paysages. Paris, Champ Vallon, 1982.

M.A. Davenport and D.R. Anderson, “Getting from sense of place to place-based management: An interpretive investigation of place meanings and perceptions of landscape change.” In: Society & Natural Resources, 18 (7): 625-641, 2005.

M. Delebarre, TGV et aménagement du territoire. Un enjeu majeur pour le développement local. Paris, Syros-Alternative, 1991.

Marc Desportes, Antoine Picon, De l'espace au territoire: L'aménagement en France XVIe-XXe siècles. Presses de l'école nationale des Ponts et Chaussée, 1997.

Marc Desportes, Paysages en mouvement: Transports et perception de l'espace XVIIIe-XXe siècle. Paris, Gallimard, 2005.

Roger Dion, Le Paysage et la vigne. Essais de géographie historique. Paris, 1990.

Georges Dupeux et Jocelyne Laurent, Atlas historique de l'urbanisation de la France, 1811-1975. Paris, CNRS, 1981. ?

Vito Fumagalli, Paysages de la peur. L'homme et la nature au Moyen Age. Bruxelles, Université de Bruxelles, 2009.

Patrice Gounel, Les hautes garrigues montpelliéraines ou L'appropriation urbaine du vide. Groupe de recherches en géographie, aménagement, urbanisme, 2004.

Eric Hamelin, Olivier Razemon, La tentation du bitume. Où s'arrêtera l'étalement urbain? Editions Rue de l'échiquier, 2012.

Pierre Le Hir, La France face aux risques de la bétonisation galopante. In: Le Londe, 03-08-2019.
Via: https://www.lemonde.fr/planete/article/2019/08/02/la-france-face-aux-risques-de-la-betonisation-galopante_5495906_3244.html

Daniel C. Knudsen, Michelle M. Metro-Roland, Charles E. Greer (eds), Landscape, Tourism, and Meaning. Burlington and Aldershot, Ashgate Publishing, 2008.

Ton Lemaire, Filosofie van het landschap. Baarn, Ambo, 1970.

Chantal Liaroutzos, Le Pays et la mémoire: pratiques et représentation de l'espace français chez Gilles Corrozet et Charles Estienne. Paris, 1998.

Y. Luginbühl, Paysages, textes et représentations des paysages du siècle des Lumières à nos jours. Lyon, La Manufacture, 1989.

Martin Lyons, The Pyrenees in the Modern Era. Reinventions of a Landscape, 1775-2012. London / New York, Bloomsbury Academic, 2018.

F. Maurette, Géographie de la France. Résumé - Aide-mémoire. Paris, Hachette, 1918.

F. Maurette, Pour comprendre les paysages de la France. Notions pratiques de geographie à l'usage des touristes. Paris, Librairie Hachette, 1923.

A. Moles, E. Rohmer, Psychologie de l'espace. Paris, Casterman, 1978.

Le Monde, Editorial, Inondations meurtrières: le prix de la bétonisation. In: Le Monde, 3 juillet 2020.
Via: https://www.lemonde.fr/planete/article/2015/10/06/inondations-sur-le-littoral-mediterraneen-le-prix-a-payer_4783555_3244.html

Jean-Robert Pitte, Histoire du paysage français: de la préhistoire à nos jours. Paris, Editions Tallandier, 2012 (5e éd.).

Jacques Rancière, Le temps du paysage. Aux origines de la révolution esthétique. La Fabrique Editions, 2020.

Alain Roger, Court traité du paysage. Paris, 1997.

Gaston Roupnel, Histoire de le campagne française. (Paris, Grasset, 1932).Paris, Plon, Collection Terre Humaine, 1989.

Simon Schama, Landscape and Memory. 1995.

Nicole Vallery-Radot (Réalisation), Les Toits dans le Paysage. Réalisé par la Maison de Marie Claire, 1977.

*** PAARD:

Daniel Roche, La Culture équestre de l'Occident, XVIe - XIXe siècle.
Tome 1, Le cheval moteur, Essai sur l'utilité équestre. Paris, Fayard, 2008.
Tome 2, La gloire et la puissance, Paris, Fayard, 2011.

*** WEGEN, ROUTEN, BRUGGEN EN TUNNELS:

Eric Alonzo, Du rond-point au giratoire. Parenthèses Editions, 2005.

Guy Arbellot, 'La grande mutation des routes de France au milieu du XVIIIe siècle'. In: Annales Economies, Sociétés, Civilisations, 28, pp. 765-791, 1973.

M. Becker, Nouveau itinéraire de Paris à Versailles, et retour, par trois routes. Versailles, chez Klefer imprimeur, 1837.

Jean Bellet, Le Col du Mont-Cenis. 'Porte millénaire des Alpes'. Saint-Jean-de-Maurienne, Société d'histoire et d'archeologie de Maurienne, 1976.

Jean Bonnerot, Les routes de France. Paris, 1926.

C. G. van der Boom, De oude Postroute Amsterdam - Antwerpen - Parijs. Uitgave in eigen beheer, 30 November 1937.

S. Boom en P. Saal, Tussen Amsterdam en Antwerpen ligt de weg naar Keulen. Utrecht, 1981.

Thijs van den Boomen, Asfaltreizen - Een verkenning van de snelweg. Amsterdam, Uitgeverij 521, 2002.

Henri Cavaillès, La route française, son histoire, sa fonction. Paris, Armand Colin, 1946.

Henri Cavaillès, Les routes de France, depuis les origines jusgu'à nos jours. Paris, ADPF, 1959.

Marie Sophie Chabres, Jean-Paul Naddeo, Eternelle Nationale 7. Au coeur de la France. Grund, 2018.

Raymond Chevalier, Voyages et déplacements dans l’Empire Romain. Paris, Armand Colin, 1988.

Raymond Chevalier, Les voies romains. Paris, Picard, 2000.

Pierre A. Clément, Les Chemins à travers les Ages en Cevennes et Bas Languedoc. Montpellier, Les Presse de Languedoc, 1984.

Pierre A. Clément et Alain Peyre, La Voie Domitienne. De la Via Domitia aux routes de l'an 2000. Montpellier, Les Presses du Languedoc, 1998.

Pierre A. Clément, La Via Domitia. Découverte d'une voie antique des Pyrénées aux Alpes. Lille – Rennes, Editions Ouest-France, 2015.

Christiane Constant-Le Stum, Étienne Baux, De la voie romaine à l'autoroute : Deux millénaires d'histoire routière. Archives départementales du Lot, 1999.

Roger Corbelet, ?Le prestigieux Pont de Normandie. ?Editions Bertout, Coll. "La mémoire normande", 1996.

L. R. Decramer, Via Aquitania, la voie impériale d'Aquitaine. In: Archéologica, n° 470, pp. 52-63, 01/10/2009.

Jean-Claude Demory, Les routes de chez nous: De la voie romaine à l'autoroute. 2005.

Philippe Desailloud, La guerre de tunnels. Histoire du tunnel routier sous le Mont-Blanc. 1946-1965. Bonneville, Imprimerie Plancher, 1965.

Marina Duhamel-Herz, Un demi-siècle de signalisation routière. Naissance et évolution du panneau de signalisation routière en France, 1894-1946. Presses de l'École Nationale des Ponts et Chaussées, 1994.
Via: http://www.davidpublisher.org/Public/uploads/Contribute/55dc27e2aae0a.pdf.

Marina Duhamel-Herz et Jacques Nouvier, La signalisation routière en France de 1946 à nos jours. AMC Editions, 2001.

Albert Duluc, Le Mont Cenis. Sa route, son tunnel. Contribution à l'histoire des grandes voies de communication. Paris, Hermann, 1952.

F.J.F. Esser (Red.), De Moerdijkbrug: schakel tussen Holland en Brabant. Tilburg, 1978.

Alain Falvard, Chemins Historiques en Languedoc et Roussillon. Portet-sur-Garonne, Nouvelles Editions Loubatières, 2010.

Monique Gasser, Jean Varlet et Michel Bakalowicz, Autoroutes et aménagements: interactions avec l'environnement, Presses polytechniques et universitaires romandes, coll. « Gérer l'environnement » (no 20), 2004.

Jean Gaumy et Bertrand Deroubaix, Le pont de Normandie. Le Cherche-Midi, 1993.

Prosper Gauthier de Clagny, De Paris à Nice en quatre-vingts jours. 1889.

Hervé Giraud, Carnet de Voyage. Nationale 7. La route mythique. Mouans-Sartoux, PEMF, 2006.

Jean-Marcel Goger, Le temps de la route exclusive en France: 1780-1850. In: Histoire, économie et société, n°4, 1992, pp. 597-618.

André Guillerme, Corps à corps sur la route: Les routes, les chemins et l'organisation des services au XIXème siècle. Paris, Presses de l'Ecole Nationale des Ponts et Chaussées, 1984.

André Guillerme, Les routes du sud de la France, de L'Antiquité à l'époque contemporaine. Paris, CTHS, 1985.

P. van der Heijden (red.), Romeinse wegen in Nederland. Utrecht, Matrijs, 2016.

René Héron de Villefosse, Histoires des grandes routes de France. Paris, Perrin, 1975.

J. van Herwaarden, Op weg naar Jacobus. Hilversum, Verloren, 1992.

Hariie Hezemans, De Posthoorn bij Rucphen. Snelverkeer in de Gouden Eeuw. Uitgave in eigen beheer, Hezemans, 1986.

Pierre Horay, Paris Lyon Côte d'Azur. Paris, Editions Pierre Horay, 1958.

Annelot Huijgen, L'aire de l'autoroute change d'ère. In: Le Figaro Economie, 10 août 2012.

Antonia Jardin et Philippe Fleury, La révolution de l'autoroute. Paris Fayard, 1973.

Pierre Jay, Le Chemin de la Méditerranée. Paris-Nice. Bourgoin, Imp. Rabilloud, 1896.

J. W. D. Jongma, Geschiedenis van het Nederlandse wegvervoer. Drachten / Leeuwarden, 1992.

Sylvain Laboureur, Pleins phares sur les autoroutes. Bourges, Cercle du livre économique, Clé, 1968.

Rodolphe Lachat (Sous la direction de), La France des ronds-points, meilleurs souvenirs des Trente Glorieuses. Huginn & Muninn, 2019.

Robert Lafont, Les autoroutes. Paris, Presses Universitaires de France, Que sais-je?, 1997.

La voie romaine de Narbonne à Carcassonne. Etude géographique et archéologique.
Via: http://voies.archeo-rome.com/voies04.html, sans auteur ni date.

La voie impériale de Narbonne à Carcassonne. Etude géotopographique et archéologique.
http://voies.archeo-rome.com/voies04.html

Bertrand Lemoine, Construire, équiper, aménager. La France de ponts et chaussées. Paris, Découvertes Gallimard, 2004.

Ton Lensvelt, Straatweg. De Route Imperiale no. 2 onder Dussen (van Keizersveer naar het Sleeuwijkse veer), enz.
Via: http://members.ziggo.nl/tonlensvelt/Publiek/straatweg.html.2013.

L. van Lent, 'Alle wegen leiden naar Parijs', analyse van het transport en de wegen in het Frankrijk van de 18e eeuw. Antwerpen, onuitgegeven kandidaatsoefening, Universiteit van Antwerpen, Faculteit Letteren en Wijsbegeerte, Sectie Geschiedenis, 2000.

Les Chemins de Saint-Jaques de Compostelle. MSM, Vic-en-Bigoure, 2000.

Liste des routes impériales françaises de 1811.
Via:https://fr.wikipedia.org/wiki/Liste_des_routes_imp%C3%A9riales_fran%C3%A7aises_de_1811#Bibliographie

G. Livet, Histoire de routes et des transports en Europe. Des chemins de Saint-Jaques à l'âge d'or des diligences. Strasbourg, Presses universitaires de Strasbourg, 2003.

Jacques Loar, Sur les routes de France. Liège - Paris, Editions A. Maréchal, 1943.

Pascal Lobgeois et. al., La France d'un pont à l'autre: Vingt siècles d'Histoire. Editions du Signe, 2019.

N. Th. Michaëlis, Spoorwegbruggen over de hoofdrivieren.
Eerste afdeling; 1. Brug over het Hollandsch Diep. 2. Brug over den Neder-Rijn bij Arnhem. 3. Brug over de Waal bij Nijmegen. Uitgegeven door het Ministerie van Waterstaat, Handel en Nijverheid. Verkrijgbaar bij Gebroeders Van Cleef, 's Gravenhage, 1895.

Michelin, A75, la Méridienne: Clermont-Ferrand à Montpellier et Béziers. Michelin, coll. « Guide vert », 2007.

Moerdijkbruggen en de aaneensluitende treinverbinding door Rotterdam aangaande.
- https://nl.wikipedia.org/wiki/Moerdijkbruggen
- https://nl.wikipedia.org/wiki/Moerdijkspoorbrug
- http://www.engelfriet.net/Alie/Hans/spoorwegen.htm
- www.maritiemdigitaal.nl/index.cfm?event=search get details&id=100 194294, https://nl.wikipedia.org/wiki/Willemsbrug_(Rotterdam)
- https://nl.wikipedia.org/wiki/Willemsspoorbrug https://nl.wikipedia.org/wiki/Koninginnebrug_(Rotterdam)
- https://nl.wikipedia.org/wiki/De_Hef en https://nl.wikipedia.org/wiki/Brug_Hollandsch_Diep.

Paul Morand, La Route Paris Méditerranée. Librairie de Paris, Firmin-Didot et Cie, 1931.

Thierry Nellas, Histoire de la Nationale 7: De l'Antiquité à la route des vacances. 2014.

Pieter Oosterhuis, Spoorwegbrug over het Hollands Diep bij Moerdijk, vervaardigd door de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen te Amsterdam in 1869 tot 1871, 28 april 1871.

Partir aujourd’hui sur les routes du Moyen Age. GeoHistoire Hors Serie, 2006.

Michel Passelac, « La voie d’Aquitaine entre Tolosa (Toulouse, Haute-Garonne) et Carcaso (Carcassonne, Aude): stations et sites de bord de route », Gallia, 73-1 | 2016, 253-273.

Karel Peeters, Het ontstaan der staatsbaan Antwerpen - Breda te Wuestwezel (1806 - 1811). Wuestwezel, Wesalia, 1926

Clément Pétreault, Nationale 7: Voyage dans une France oubliée. Paris, Editions Stock, 2018.

François Plassard, Les autoroutes et le développement régional. Economica, 1977.

Paul Poulgy (présenté par), Guide-Itinéraire de la route Paris - Nice. Offert gracieusement par la Société des Grands Hôtels de la Route Paris-Nice. Edité pour la Société des Grand Hôtels de la Route Paris-Nice, Année 1932.

Claude Pujol (texte) et Y. Sauvegeot (Photographies), Itinéraire Paris Côte d'Azur. Paris, Editions 'Par monts et vaux', 1949.

Georges Reverdy, Histoire des grandes liaisons françaises. Paris, Revue générale des routes et des aérodromes, 1982.

Georges Reverdy, Atlas historique des routes de France. Paris, Presses de l’Ecole Nationale des Ponts et Chaussées, 1986.

Georges Reverdy, Les routes de France du XIXe siècle, Paris, Presses de l'Ecole Nationale des Ponts et Chaussées, 1993.

Georges Reverdy, Histoire des routes en France. Paris, PUF, 1995.

Georges Reverdy, Histoires des routes de France du Moyen-Age à la Revolution. Paris, Presses de l’Ecole Nationale des Ponts et Chaussées, 1997.

Pierre Rousseau, Explication des paysages de France. La route Paris - Hendaye. Paris, Hachette, 1967.

J. Roussel et M. Deniau, « L'autoroute A71 de Bourges à Clermont-Ferrand », Revue générale des routes et aérodromes, no 644, septembre 1987, p. 17-28.

Route impériale 2 de Paris à Amsterdam.
Via: https://nl.wikipedia.org/wiki/Route_imp%C3%A9riale_2

Christian Sadoux, La route des vacances: Des nationales 6 et 7 à l'autoroute du Soleil. Veury, Le Dauphiné, 2010.

Marcelle Sancery, L'autoroute, voie de la prospérité et de l'unité européenne. Clermont-Ferrand, Imprimerie Mont-Louis et de la presse réunies, 1962.

Jean-Marie Savet, Les ponts d'hier et d'aujourd'hui. Edition Maé-Erti, 2006.

H. Schreiber, Van karavaanpad tot autoweg. Symfonie van de weg. Amsterdam - Brussel, Elsevier, 1961.

Alexandra Schwartzbrod (Recueilli par Julien Gester. Photos Mathias Depardon), Confinement. Sur la route de la vacance. De Paris à Menton, le long d'une Nationale 7 désertée, le photographe Mathias Depardon a traversé une France fantomique. Voyage dans un pays à l'arrêt, entre sidération et prise de conscience. Libération (couverture pages 1-9), 25 et 26 avril, 2020.
Via: https://www.liberation.fr/liseuse/publication/25-04-2020/1/

B. G. M. Strootman, Oude rijkswegen: ontstaan, oorspronkelijk en huidig beeld van de oude rijkswegen in Nederland. Wageningen, IKC Natuurbeheer, 1990.

Sur les routes de France - avec les itinéraires illustrés de Dimanche-Auto. Paris, Editions Techniques et Touristiques, 1925.

G. Thiollier-Alexandrowicz, Itinéraires Romains en France. Archéologia Hors-Série N° 8. Dijon, Editions Faton S.A., 1996.

Didier Thomas-Radux (Rédaction en chef de hors-série), Le Viaduc de Millau. Un défi humain, une prouesse technologique. Saint-Jean-de-Védas, Midi Libre - Centre Presse, Hors Série Spécial, juin 2004.

Florence Trystram, En route ! La France par monts et par vaux. Découvertes Gallimard, Paris, 1996.

Jean Varlet et Christian Jamet, « Autoroute A71, acteurs et territoires. Bilan d'une décennie d'observations », Géocarrefour, vol. 77, no 1,? 2002, p. 21-36.
Via: https://www.persee.fr/doc/geoca_1627-4873_2002_num_77_1_6259

Vaysses de Villiers, ?Routes de Paris à Rouen, au Havre, Honfleur, Fécamp et Dieppe. ?Rouen, Ed. Frère, 1840.

T. E. Westerterp (Voorwoord), De Moerdijkbrug. Schakel tussen Holland en Brabant. Tilburg, Uitgeverij Brabant b.v., 1976.

*** DE POST:

Alexis Belloc, Les postes françaises: recherches historiques. Paris, 1886.

Paul Charbon, Sur les routes de France. A pied, à cheval et en voiture de poste. Schirmeck, Editions Jean-Pierre Gyss, 1988.

Jouhaud, Des postes menacées par le chemins de fer et des autres dangers dont cette institution est entourée, mesures à prendre pour les conjurerer. Didot frères, 1840.

Jouhaud, Les Postes seront-elles sacrifiées aux chemins de fer? Paris, 1844.

Eugène Vaillé, Histoire des postes françaises jusqu'à la Révolution. Paris, PUF, 1946.

Eugène Vaillé, Histoire des postes françaises depuis la Révolution. Paris, PUF, 1947.

Eugène Vaillé, Histoire générale des postes françaises. Paris, PUF, 6 tomes en 7 vol., 1947 - 1955.

R. E. J. Weber, De koninklijke postwagen Gent - Amsterdam. In "Spiegel Historiael", 6, Nr. 1, blz. 11 - 17, 1971.

*** VAN KARREN, KOETSEN, DILIGENCES, OMNIBUSSEN EN BOTEN:

Kees Boschma, Reizen in Napoleons Tijd. Een avontuurlijke en soms hachelijke onderneming. Abcoude, Uitgeverij Uniepers, 1992.

A. Carlier, Histoire du véhicule. Diligences et Malle-Poste. Cannes, (A.-M.), Imprimerie à l'Ecole, 1932.

Paul Charbon, Au Temps des Malles-Postes et des Diligences, 1979. Histoire des transports publics et de poste du XVIIe au XIXe siècle. Schirmeck, Editions Jean-Pierre Gyss, 1979.

Bernard Cause, Les fiacres de Paris aux XVIIe et XVIIIe siècles. Paris, Presses Universitaires de France, 1972.

Didier Gazagnadou, La Poste à Relais. 1994.

Roger Gounot, Le carosse du XVIIIe siècle, autrefois dénommé berline à la française ou vis-à-vis à deux fonds. Donné par M. le Comte de Loiray et provenant du Château de Vachères. 1960.

Edouard Gourdon, Physiologie de l'omnibus. Paris, Terry, 1841.

J. H. Kruizinga, Van koetsen, karossen en kalessen. Amsterdam, Actuele Onderwerpen, 1960.

Joseph Jobé, Au temps des cochers: histoire illustrée du voyage en voiture attelée du XVe au XXe siècle, Lausanne, Edita-Lazarus, 1976.

Joseph Jobe, Van koetsen en karossen. Haarlem, De Haan, 1977.

Peter Kemper (Hg.), Am Anfang war das Rad. Eine kleine Geschichte der menschlichen Fortbewegung. Frankfurt am Main / Leipzig, 1997.

Eric Lundwall, Carrosses à cinq sols. Pascal entrepreneur. Science infuse, 2000.

C. van Mastrigt en R.C.M. Jacobs (red.), Tussen Hollandsch Diep en Mark-Dintel. Water als vriend en vijand in de gemeente Moerdijk. Willemstad, Heemkundekring ‘’de Willemstad’’, 1999.

Philippe Mellot, Paris au temps des fiacres, des omnibus et des charrettes à bras. Histoire des transports urbains des origines à 1945. Romangat, De Barée, 2006.

Michel Mollat du Jourdin (dir.), Les origines de la navigation à vapeur. Paris, Presses Universitaires de France, 1970.

L. von Munching, De geschiedenis van de Batavierlijn, Nederlands oudste stoomvaartlijn 1830-1958. Franeker, Van Wijnen, 1994.

H. Popp (Hrsg.), In der Kutsche durch Europa. Von der Lust und Last des Reisens im 18. und 19. Jahrhundert. Nördlingen, 1989.

D. Ramée, La locomotion, histoires des chars, carrosses, omnibus et voitures de tous genre. Paris, Amyot, 1856. (Ré-éd. Nabu Press, 2010.)

Daniel Roche (sous la direction de), Voitures, chevaux et attelages du XVIe au XIXe siècle. Paris, Association pour l'académie d'art équestre de Versailles, 2000.

Patrick Rollet, Histoire des plaques de cocher. 2019.
Via: http://plaquedecocher.fr/histoire-des-plaques-de-cocher/

B.W. Scholten, F.M.E.W. Haalmeijer, Rotterdamsche Lloyd. Houten, 1988.

Louis Trenard, De la route royale à l'âge d'or des diligences. In: Les Routes de France. Colloque, Cahiers de Civilisation publiés sous la direction de Guy Michaud. Paris, 1959, p. 102-133.

R. E. J. Weber, De koninklijke postwagen Gent - Amsterdam. In "Spiegel Historiael", 6, Nr. 1, blz. 11 - 17, 1971.

André Wegener Sleewijk: Wielen, Wagens, Koetsen. Leeuwarden, Hedeby Publishing, 1993.

*** TREIN:

Maryse Angelier, Voyage en train au temps des compagnies, 1832-1937. In: Vie du Rail & des Transports, 1998,

H. C. Arbouw, J. R. Bos, Schakel tussen noord en zuid - Geschiedenis van de spoorwegen op het Eiland van Dordrecht. Dordrecht, 1989.

Arcachon, la Ville d'Hiver, 1860: Le chemin de fer atteint les Landes, terre perdue, pays de nulle part. Les frères Péreire, inventeurs de la banque moderne et prosélytes zélés de la révolution industrielle, conçoivent un projet audacieux. Pierre Mardaga, 1999.

Louis Armand, Histoire des chemins de fer en France. Paris, Les Editions des Presses Modernes, 1963.

Marc Baroli, Le train dans la littérature française. Paris, 1969.

P. Belves, 100 ans d'affiches des chemins de fer. Ed. la Vie du Rail, 1981.

Bernard Blancheton et Jean Marchi, Le développement du tourisme ferroviaire en France depuis 1870. In: Histoire Economie et Société, mars 2001.

Arjan de Boer, Per luxetrein naar de Franse Rivièra voor 1914. Historiek, 19 januari 2015, 11.49.
Via: https://historiek.net/per-luxetrein-naar-de-franse-riviera-voor-1914/47746/.

Vincent Borel, L'épopée du Sud-France: le chemin de fer du littoral Varois. Editions Campanile, 2005.

Jan Willem van Borselen, Sporen in Rotterdam. Stadsgeschiedenis rondom de trein. Rotterdam, Stichting Historische Publicaties Rotterdam, 1993.

G. Bouchon, Historique du Chemin de Fer de Bordeaux à La Teste et à Arcachon -Cinquantenaire de l'Inauguration du Chemin de Fer de Bordeaux à La Teste de Bordeaux 1841-1891.Imprimeries G. Gounouilhou, 1891.

A. Breittmayer, Débuts des bateaux à vapeur et des chemins de fer en France. Lyon, 1895.

Henri Brives, Cent vingt ans de chemin de fer. Le réseau P. O. Dordogne. Copedit, 1984.

François Caron, Histoire de l’exploitation d’un grand réseau: la Compagnie du Chemin de Fer du Nord des origines à la nationalisation, 1846 – 1937. Paris / La Haye, Mouton, 1973.

François Caron, Histoire des chemins de fer en France: Tome 1, 1740-1883. 1997.

François Caron, Histoire des chemins de fer en France: Tome 2, 1883-1937. 2005

François Caron, Histoire des chemins de fer en France: Tome 3: 1937-1997. 2017.

François Caron, Histoire des chemins de fer en France (2 tomes). Paris, Fayard, 1997-2005.

Jean des Cars, Sleeping story l'épopée des Wagons-Lits. Paris, Julliard, 1976.

Jean des Cars et Jean-Paul Caracalla, Le Train Bleu et les grands express de la Rivièra. Paris, Denoël, 1988.

Max et Marie Cassy, Les premiers chemins de fer en France. Cannes, Bibliothèque de Travail, 1948.

Roger Commault, Georges Nagelmackers, un pionnier du confort sur rail. Uzès, La Capitelle, 1966.

Gérard Coudert, Maurice Knepper et Pierre-Yves Toussirot, La Compagnie des Wagons-Lits. Histoire des véhicules ferroviaires de luxe. La Vie du Rail, 2009.

Daniel Delattre, Les chemins de fer du Nord au début du XXe siècle. Daniel Delattre, 2012.

A. Doedens, L. Mulder, Een spoor van verandering - Nederland en 150 jaar spoorwegen 1839 - 1989. Baarn, 1989.

Aad Engelfriet e.a., De geschiedenis van de spoorwegen in Rotterdam. http://www.engelfriet.net/Alie/Hans/spoorwegen.htm, 2009.

Philippe Erlanger, P.L.M. a cent ans. 1957.

J.A. Faber (Woord vooraf), Het spoor. 150 jaar spoorwegen in Nederland. Amsterdam, 1989.

G. Goy, Hommes et Choses du P.L.M.. Paris, Devambez, 1911.

Denis Hannotin (Sous la direction de), Le Paris-Orléans. Une épopée du chemin de fer - Almanach 1838-1938. SPM, 2019.

Geert van Istendael, Michel Quint, Luc Devoldere en Cyrille Offermans, Het juiste spoor: treinverhalen tussen Nederland, België en Frankrijk. Rekkem, Ons Erfdeel, 2012.

J. Janin, Inauguration du chemin de fer de Paris à Saint-Germain. In: Journal des Débats, 25 août 1837.

J. H. Jonckers Nieboer, Geschiedenis der Nederlandsche Spoorwegen. Rotterdam, Nijgh & Van Ditmar, 1938.

A. Kumar, Stately Progress. Royal Train Travel since 1840. York, 1997.

Clive Lamming - J. Marseille, Le Temps des Chemins de Fer en France. Paris, Editions Nathan, 1986.

Clive Lamming, Les Grands Trains de 1830 à nos jours, Paris, Larousse, 1989.

Clive Lamming, L’âge d’or des locomotives et des grands trains de luxe internationaux (1850 – 1980). Evreux, Editions Atlas, 2006.

Clive Lamming, L'Age d'or de la traction vapeur en France (1900-1950). Evreux, Editions Atlas, 2006.

Clive Lamming, Les Réseaux Français et la Naissance de la SNCF (1938-1950). Evreux, Editions Atlas, 2006.

Clive Lamming, Le réveil du chemin de fer en France et l'âge d'or du TGV (1950-2006). Evreux, Editions Atlas, 2006.

Clive Lamming, Atlas des trains français - L'Epopée de la SNCF. Glénat, 2008.

H. Lartilleux, Géographie des chemins de fer français, vol. 1: La S.N.C.F.. Paris, Librairie Chaix, 1953.

Philippe Mirville, TGV. En route vers le futur. 25 ans de passion. Boulogne-Billancourt, Timée-Editions, 2006.

Moerdijkbruggen en de aaneensluitende treinverbinding door Rotterdam aangaande.
- https://nl.wikipedia.org/wiki/Moerdijkbruggen
- https://nl.wikipedia.org/wiki/Moerdijkspoorbrug
- http://www.engelfriet.net/Alie/Hans/spoorwegen.htm
- www.maritiemdigitaal.nl/index.cfm?event=search get details&id=100 194294, https://nl.wikipedia.org/wiki/Willemsbrug_(Rotterdam)
- https://nl.wikipedia.org/wiki/Willemsspoorbrug https://nl.wikipedia.org/wiki/Koninginnebrug_(Rotterdam)
- https://nl.wikipedia.org/wiki/De_Hef en https://nl.wikipedia.org/wiki/Brug_Hollandsch_Diep.

François et Maguy Palau, Le rail en France: les 80 premières lignes 1828-1851. Paris, éditions Palau, 1995.

Jean-Pierre Malaspina, Des TEE aux TGV. Trains d'Europe. Paris: La Vie du Rail. 2005.

Jean-Pierre Malaspina, Maurice Mertens, TEE: la légende des Trans-Europ-Express Auray, LR Presse, 2007.

Martin Page, The Lost Pleasures of Great Trains. London, Weidenfeld & Nicolson, 1975.

Nathalie Pégé-Défendi, Une invitation au tourisme: l’affiche ferroviaire française, 1880-1936. Paris, thèse, Université de Paris I, 2001.
Via: https://journals.openedition.org/rhcf/1914

Jacques Peyrefitte, Il était une fois l'Arjaponnais. Le Chemin de fer sur route de Paris à Arpajon 1893-1936. ??Le Meé-sur-Seine, Editions Amatteis, 1988.

Guillaume Picon, Orient Express: The Story of a Legend. Acc Art Books, 2018.

G. F. van Reeuwijk, Majesteit, uw trein staat gereed! De geschiedenis van het koninklijk spoorwegmaterieel in Nederland. Deventer, 1980.

Georges Ribeill, La Révolution Ferroviaire - La Formation Des Compagnies De Chemins De Fer En France, 1823-1870. Paris, Belin, 1993.

Wolfgang Schivelbusch, Geschichte der Eisenbahnreise: Zur Industrialisierung von Raum und Zeit im 19. Jahrhundert. München/Wien, Carl Hanser Verlag 1977. (Frankfurt am Main, Fischer Taschenbuch, 6. Auflage, 2015.)
Wolfgang Schivelbusch, The Railway Journey: The Industrialization of Time and Space in the 19th Century. Berkeley, Cal., University of California Press, 1986.

Michel Simon, ?Un jour, un train - La saga d'Euralille. ?Lille, La Voix du Nord, 1993.

Christine? Verneuil, ?Paris-Bruxelles, grande vitesse. ?Editions de la Différence, Paris, 2004.

Lucien Maurice Vilain, Dix décennies de locomotives sur le réseau du nord (1845-1948)?. ?Editions Picador, 1977.

G.L.S. Willemse, Trans Europ Express. Alkmaar, De Alk, 1966.

*** STATIONS EN BUFFETS:

K. Bowie (Sous la direction de), Les Grandes Gares parisiennes au XIXe siècle. DAAVP, 1987.

R. Clozier, La gare du Nord. Paris, J.B. Baillière et Fils, 1940.

Patrick Cognasson, Gare de l'Est. Porte ouverte sur l'Europe. Paris, Editions La Vie du Rail, 1994.

Patrick Cognasson, Histoire de la gare du Nord, au coeur de Paris, au carrefour de l'Europe. Paris, Les Editions La Vie du Rail, 2017.

Marie-Christine Descouard et Romain Bouteille, Le Café de la Gare, quelle histoire! Paris, Le Cherche Midi, 2014.

Benoît Duteurtre, Gérer les pas perdus. In: Le Monde Diplomatique, décembre 2012.

Benoît Duteurtre, La nostalgie des buffets de gare. Paris, Payot, 2015.

Jean Jenger, ?Orsay, de la gare au musée. Histoire d'un grand projet. ? Milan-Paris, Electa Moniteur, 1986.

Nicole Jusseerand (Directrice éditoriale), La France des Gares. Guides Gallimard. Editions Nouveaux-Loisirs, 1999

Clive Lamming, Paris au temps des gares. Grandes et petites histoires d’une capitale ferroviaire. Paris, Parigramme, 2011.

Pierre Lassus, Petit éloge des gares. Editions François Bourin, 2018.

L’espace du voyage: les gares. Paris, Monuments Historiques, N°6, 1978.

Le temps des gares. Paris, Centre d’Art et de Culture Georges Pompidou – Centre de Création Industrielle, 1978.

Stéphanie Sauget, A la recherche des pas perdus. Une histoires des gares parisienne au XIXe siècle. Paris, Tallandier, 2009.

Christiane Scelles, Gares, ateliers du voyage, 1837-1937. Desclée De Brouwer, 1993.

Édouard Siebecker, Physiologie des chemins de fer: Grandes compagnies, employés, public, portraits, anecdotes, conseils aux voyageurs. J. Hetzel, 1867.

Ben Speet, Het Spoorwegmuseum, Royal Class. Koninklijk reizen per trein. Uitgeverij WBooks, 2010.

M. Ragon, L'Architecture des gares. Naissance, apogée et déclin des gares de chemin de fer. Paris, Denoël, 1984.

Denis Redoutey, Histoire de la Gare de Paris Lyon: Un lien entre la capitale et l'arc sud-est. La Vie du Rail, 2018.

Henri Vincenot, La vie quotidienne dans les chemins de fer au XIX siècle. Paris, Hachette, 1981.

Voyage pittoresque sur le chemin de fer de Paris à Saint-Cloud et Versailles. Versailles, Imprimérie M. Fossonne, 1839.

*** FIETS:

D. Andric, B. Gravic, W. J. Simons, Fietsen. Van loopfiets tot mountainbike. Fontaine Uitgevers B.V., 1990.

Marc Augé, Éloge de la bicyclette. Paris, Payot & Rivages, 2008.

Patrick Barrabès, Motobécane: Les deux-temps 1921-1984. Editions Techniques pour l'Automobile et l'Industrie, 2019.

L. Baudry de Saunier, Histoire générale de la vélocipédie. 1891.

L. Baudry de Saunier, Le Cyclisme théorique et pratique. Paris, Librairie Illustrée, 1893.

Jean Bertot, La France en bicyclette: étapes d'un touriste. 1894.

Raymond Chuttier,Le Roman de la Bicyclette (du Célérifère au Vélo moderne). Paris, Cherche Midi, 2008.

Pryor Dodge, La Grande Histoire du vélo. Paris, Flammarion, 2000.

Raymond Henry, Du Vélocipède au Dérailleur moderne. La Surprenante histoire des changements de vitesse. Saint-Etienne, Association des amis du Musée d'art et d'industrie de Saint-Étienne, nouvelle édition corrigée et réactualisée, 2003.

Jean-Pierre Foucault, Vélosolex - L'épopée d'un vélomoteur. Hugo Image, 2017.

Keizo Kobayashi, Histoire du Vélocipède de Drais à Michaux 1817-1870. Mythes et réalités. Tokyo, Bicycle Culture Center, ré-éditon, 1990.

C. de Loris, Le femme à bicyclette: ce qu'elles en pensent. Paris, Librairies Imprimeries Réunies, 1896.

Amédée Maquaire, ?Traité pratique de Vélocipédie. ?Paris, Sécuritas, 1891.

Jacques Seray, Le monde du vélo. Histoire, curiosités, accessoires. Boulogne-Billancourt, Editions du May, 2004.

Gérard De Smaele, Du vélocipède à la bicyclette. Paris, L'Harmattan, 2018.

*** AUTO'S EN BANDEN:

P. van Abkoude jr., Met de kampeer-auto op reis. Kluitman, 1926.

François Arion, L'Automobile Fléau Mondiale. Les piétons sacrifiés. Des milliers de personnes tuées des centaines de mille blessées par l'auto chaque année. Faut-il interdire la circulation des autos particulières dans les villes? Paris, Imp. Jean Ruckert, ca. 1958.

L. Auscher, Le Tourisme en automobile. Paris, Dunod, 1904.

L'Automobile et le Tourisme. L'Illustration, N° 4570, 4 octobre 1930 / N° 4622, 3 octobre 1931 / N° 4727, 7 octobre 1933 / N° 4935, 2 Octobre 1937.

J.P. Bardou et al., La Révolution automobile. Paris, Albin Michel, 1977.

T. Barker, D. Gerhold, The rise and rise of road transport, 1700-1990. Cambridge, New Studies in Economic and Social History, 1993.

L. Baudry de Saunier, L'Automobile théorique et pratique. Neuilly, Chez l'auteur, 1899.

L. Baudry de Saunier et al., Histoire de la locomotion terrestre. Paris, Editions de l'Illustration, 1936.

Yves-Guy Bergès, Auto-Stop! Guide pratique et humoristique de l'auto-stoppeur. (Illustrations de Sempé.) Paris, Librairie Arthème Fayard, 1961.

Lucien-François Bernard (sous la direction éditoriale) avec François Granet, Jean-Louis Lemerle et Emmanuel Piat, L'Histoire de l'Automobile Club de France. Paris, éditions de L'Automobile Club de France, 2012.

R. Bommier, Le bréviaire du chauffeur. Anatomie, physiologie, pathologie, thérapeutique et hygiène de la voiture automobile et des motocycles. Paris, H.Dunod Bibliothèque du Chauffeur et E.Pinat, Quatrième édition, 1910.

P. Bos, Citroën 2CV. Kosten sparen door - waar mogelijk en verantwoord - zèlf sleutelen. Deze praktische handleiding is samengesteld door de autotechnicus P. Bos van de Koninklijke Nederlandsche Toeristenbond ANWB om de autobezitter te instrueren wat hij zèlf kan doen .... en moet laten. Den Haag, Ad M.C. Stok Zuid-Hollandsche Uitgevers Maatschappij, 2e druk, ca. 1968.

Jan Buitenkamp, De Moerdijkbrug. 50 Jaar. Breda, Uitgeverij Brabantia Nostra, 1986.

Lucien Chanuc, Ces étonnants véhicules à vapeur: Routières, camions et omnibus à vapeur. Ormet Editions, 1995.

H. Clayette, L'automobile machine merveilleuse. Bourrelier & Cie, 2e edition, 1937.

R. Darman, Le moteur diesel expliqué par questions et réponses. Paris, Editions Chiron, 1960.

O. Darmon, Le grand siècle de Bibendum. Paris, Hoëbeke, 1997.
Olivier Darmon, De grote eeuw van Bibendum. Parijs, Éditions Hoëbeke, 1997.

Pascal Delannoy, Jean Viard, Contre la barbarie routière. La Tour d'Aigues, Editions de l'Aube, 2002.

Antoine Demetz, La Citroën 2CV de mon père. Evreux, Editions Atlas, 2010.

Yoann Demoli, Pierre Lannoy, Sociologie de l'automobile. Paris, La Découverte, 2019.

Gaëlle Denaire, Bibliographie des publications du Touring Club de France. Paris, Mairie de Paris / Bibliothèque de Tourisme & des Voyages, 2008.
Via: https://fr.calameo.com/read/000336558e9b2b5f5da93

Nicolas Dermigny, L'Auto-stop efficace et la débrouilardise en voyage. Editions du Poulet d'Or, Edition 2012.

Pierre-Antoine Donnet, La Saga Michelin. Paris, Seuil, 2008.

Albert Dubout, Code du voyage et du tourisme. Paris, Gonon/Vilo, 1960.

G. Dupuy, Les territoires de l'automobile. Paris, Anthropos, Economica, 1995.

Marcel Ehrman, L'automobile de tourisme en France. Thèse de droit de l'Université de Paris, 1938.

Thierry Favre, L'Auto s’affiche. Massin, 2007.

Mathieu Flonneau, L'Automobile à la conquête de Paris. Paris, Presses de l'ENPC, 2003.

Mathieu Flonneau, Paris et l'automobile: un siècle de passions. Paris, Hachette, 2005.

Mathieu Flonneau, Les cultures du volant. Essai sur les mondes de l'automobilisme. Paris, Autrement, 2008.

Alain Frerejean, Les Peugeot. Deux siècles d'aventure. Paris, Flammarion, 2006.

R. Guerber, La pratique de l'automobile. Paris, Technique et Vulgarisation, 1949.

Gilles Guérithault, Vive l'auto. Paris, Grasset, 1980.

André Gueslin, Michelin: les hommes du pneu. Paris, Les Editions de l'Atelier, 1993.

C. G. Hoyos, Psychologie de la circulation routière. Paris, Presses Universitaires de France, 1968.

E. Lantier, Pannes de Routes de l'Automobiliste. Entretien, accessoires, dépannage sur route. Paris, Editions Chiron, 1951.

Hervé Lauwick, L'Auto et son coeur. Paris, La Nouvelle Société d'Edition, 1929.

Jean-Louis Lemerle, Histoire de l'automobile club de France. 1987.

Herbert Lottman, Michelin, 100 ans d’aventures. Paris, Flammarion, 1998.

J.-L. Loubet, Histoire de l'automobile française. Paris, Seuil, 2001.

Guy Lux, Priorité à la Vie sur les routes. Paris, Robert Laffont/Paris Match, 1971.

Björn Marek, Immo Mikloweit, et al. Citroën DS: Histoire d'une voiture de légende. 2018.

Peter Jan Margry, Le culte de la Citroën 'Déesse'. In: DESiMA (Strasbourg), Les relations franco-néerlandaises, in n° 8/2014, pp. 129-132.

J.-C. Maroselli, L'Automobile et ses grands problèmes. Paris, Librairie Larousse, 1958.

Henri Mathieu, ?L' A B C du Chauffeur. Librairie Polytechnique Baudry, 1895.

André Michelin et Edouard Michelin, Notre Sécurité est dans l'Air. Décembre 1919. Michelin, 1919.

André Michelin, L'Enfance de Bibendum: Ou la fabuleuse histoire des frères Michelin. Paris, Albin Michel, 2020.

Leslie George Norman, Les Accidents de la route. Epidémiologie et prévention. Organisation mondiale de la santé, 1962.

Joseph Noulens, Le nouveau code de la route, texte et commentaire. Taride, 1923.

Pierre Noury, Méditations sur le sport de l'automobile. Paris, 1934.

Dominique Pascal et Marie-Claire Lauvray, La Renault 4L de mon père. 2017.

H. J. Peppink, Geheimen van het Autostuur.(U en Uw Auto "De cultuurserie van het snelverkeer"). Ad. M. C. Stok, Zuid-Hollandsche Uitgevers Mij, Den Haag, 1954.

H. J. Peppink, Goed Autorijden kan iedereen leren. Handleiding, zowel voor Autuveteranen (Kilometer-millionnairs!)
als voor hen, die nog maar aan het begin staan van hun automobilistische carrière. 5e, Volledig nieuwe uitgave.
Koninklijke Nederlandsche Toeristenbond A.N.W.B., 1954.

H. J. Peppink, Veredelde Rijkunst & op reis met uw auto.
Uitgave van de Kon. Nederlansche Toeristenbond ANWB & Ad. M. C. Stok, Zuid-Holl. Uitgevers Mij., 1956.

H. J. Peppink, Veredelde Rijkunst & Op Reis Met Uw Auto. Ervaringen uit een 30-jarige rijpraktijk: Prettig, veilig en economisch reizen? De taal van de weg, van de nacht, van de bergen. - Autobanen; druk stadsverkeer - Zoek de zon op; slecht weer. Koninklijke Nederlandsche Toeristenbond A.N.W.B., 1956.

H. J. Peppink, De Autohogeschool (die u de veredelde rijvaardigheid onthult en in staat stelt vlotter en veiliger meer van uw auto te profiteren, in eigen land zowel als in Parijs of Londen en in het hooggebergte). Den Haag, Ad. M. C. Stok Zuid-Hollandsche Uitgeversmaatschappij, 1956.

H. J. Peppink, Leven en Welzijn van U en Uw Auto. (U en Uw Auto "De cultuurserie van het snelverkeer"). Ad. M. C. Stok, Zuid-Hollandsche Uitgeversmaatschappij, 1958.

H. J. Peppink, Om het Behoud van Uw Auto (en van U zèlf). Den Haag, A.N.W.B. & Ad. M. C. Stok, Zuid-Holl. Uitgvers Mij., 1958.

Maurice Percheron, Manuel Pratique pour la conduite et l'entretien des moteurs à explosion. Paris, Etienne Chiron - Editeur, 1926.

Henri Petit, Le moteur Diesel d'automobiles. Paris, Dunod, 1937.

Reiswijzer voor Frankrijk voor automobilisten, motorrijders en wielrijders. Uitgave van den Koninklijke Nederlandse Toeristenbond A.N.W.B.. Den Haag, 1923. ('eerste druk')

Frédéric Régamy, Vélocipédie et Automobilisme. Tours, A. Mame et Fils, 1898.

Jules Romain, Robert Doisneau, Pierre Jahan, Nora Dumas, Willy Ronis, et al., L'automobile en France. Billancourt, Regie Nationale des Usines Renault, 1951.

Olivier de Serres et Anne Bony, Traction-avant Citroën (1934-1957). 2017.

Alexander Spoerl (Le grand succes international d'), Votre Auto et Vous. Paris, Robert Laffont, 1961.

B. D. Swanenburg (Ontwerp), Per Auto naar Frankrijk. Practische vraagbaak voor de auto-toerist. Zeist, Uitgeversmaatschappij W. de Haan N.V., 1957.

G. Trémisot et H. Gauthier-Villars, L'Automobile enchantée. Delagrave, 1900.

Léon Valbert, Histoires d'Autos. Paris, Editions Montaigne, 1931.

René M. Viette. L'Automobile. Son Mécanisme - Sa Conduite - Son Entretien - Sonn Dépannage. Paris, Imprimerie Le Moil & Pascaly, 1951.

Christian Vignol, La curieuse et amusante histoire de l'automobile. Bruxelles – Paris, Editions Jourdan, 2016.

Tony Vos, Vierkant Renault 4. De geschiedenis van de Renault 4. 2004.

Claude Wagner, L'automobile et le supermarché - 50 ans de dérive consumériste. Du Croquant, 2019.

*** LUCHTVAART:

Robert Bluffield, Over Empires and Oceans: Pioneers, Aviators and Adventurers - Forging the International Air Routes 1918-1939. Tattered Flag, 2014.

Emmanuel Chadeau, Le Rêve et la Puissance. L'avion et son siècle. Paris, Fayard, 1996.

Edouard Chemel, Concorde, un ciel signé. L'histoire d'un avion d'exception, vécue et racontée par Edouard Chemel. Inclusif DVD. Paris, Seven Sept, 2006.

« Crise(s), climat: préparer l’avenir de l’aviation », Supaero-Décarbo et The Shift Project, 27 mai 2020.

Philippe Descamps, Aviation civile, la tempête du siècle. In: Le Monde Diplomatique, juillet 2020.

Marc Dierikz, Blauw in de lucht. Koninklijke Luchtvaart Maatschappij, 1919-1999. Den Haag, SDU Uitgevers, 1999.

Robert Esperou, Histoire du transport aérien français. Pascal Galodé Editions, 2009.

Dominique Faria, Alan Dobson, António Monteiro, Luís Nuno Rodrigues (Dirigé par), L'aviation et son impact sur le temps et l'espace. Le Manuscrit, 2019.

Louise Faure-Favier, Guide des Voyages Aériens Paris-Bruxelles-Amsterdam. Editions des Guides des Voyages Aeriens, 1922.

Christian Fletcher, Ryanair, low cost mais à quel prix? Levallois-Perret, Altipresse, 2013.

C. C. Gillispie, The Montgolfier Brothers and the invention of aviation, 1783-1784. Princeton NJ, Princeton University Press, 1983.

Henry de Graffigny, Le Tour de France en Aeroplane. Paris, Alcide Picard, 1910.

Bruce Hales-Dutton, The Trans-Atlantic Pioneers: From First Flights to Supersonic Jets – The Battle to Cross the Atlantic. Air World, 2019.

Dan Hampton, The Flight: Charles Lindbergh's Daring and Immortal 1927 Transatlantic Crossing. William Morrow, 2017.

P. Hanlon, Global Airlines. Oxford, Butterworth, 1996.

Kenneth Hudson, Diamonds in the Sky: A Social History of Air Travel. London, Sydney, Toronto, The Bodley Hed, British Broadcasting Corp., 1979.

Yves Kengen, Ryanair, payer les passagers pour voyager. In: Le Monde Diplomatique, octobre 2008.
https://www.monde-diplomatique.fr/2008/10/KENGEN/16408

Gérard Maoui et al., Concorde. La légende supersonique. Privat, 2018.

Brian Moynaham, Airport International. The sensational book that takes the lid of the world of international Air Travel. New York etc., Macmillan, 1978.

Alain Pelletier, Histoire mondiale des avions de ligne. Editions Techniques pour l'Automobile et l'Industrie, 2019.

Philippe-Michel Thibault, Anaïs Leclerc, Air France: l'art du voyage. Paris, Gallimard Découvertes, 2008.

Gabriel Voisin, La naissance de l'aeroplane. Paris, Automobiles Avions Voisin, 1928.

Raymond Woessner, Géographie du transport aérien. Quelle croissance pour quelle planète? Atlande, 2020.

Henri Ziegler, La Grande Aventure de Concorde. Paris, Grasset, 1976.

*** VALUTA EN GELD:

Tristan Gaston-Breton et Patricia Kapferer, Carte Bleue. La petite carte qui change la vie. Cherche Midi, 2004.

Sienna Kossman, The History of Credit Cards. How ancient promises of payment became modern digital transactions.
Via: https://www.thebalance.com/history-of-credit-cards-4766953 (Updated August 08, 2019.)

Jay MacDonald and Taylor Tompkins, The history of credit cards.
Via: https://www.creditcards.com/credit-card-news/history-of-credit-cards.php (July 11, 2017.)

Lewis Mandell, The credit card industry: a history. Twayne Publishers, 1990.

R. Massengill, Becoming American Express: 150 Years of Reinvention and Customer Service. American Express Company, 1999.

----------

VAN EN OVER REISGIDSEN, REISGIDSMAKERS, BROCHURES EN REISFOLDERS:


Isabelle Backouche, Construction d'un genre litéraire, construction d'un espace: les guides parisiens et la Seine (XVIIIe-XIXe siècles).
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 403-418.

Karl Baedeker et Karl Baedeker GmbH (Ostfildern), Baedecker : ein Name wird zur Weltmarke. Karl Baedeker GmbH Ostfildern, Baedeker, coll. 'Baedeker-Allianz-Reiseführer', 1998.

Roland Barthes, Le 'Guide Bleu'. In: Roland Barthes, Mythologies. Paris, Editions du Seuil, 1957, pp. 113-119.

Peter H. Baumgarten, Monika I. Baumgarten (Hrsg.): Baedeker. Ein Name wird zur Weltmarke. Karl Baedeker, Ostfildern 1998.

Sophie Bodin, Voir la Loire dans la collection des Guides Joanne, Guides Bleus (1861-1868 à nos jours).
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 511-526.

David Bockino, The Guidebook Experiment: Discovering Exploration in a Hyper-Connected World. Blue Apple Books, 2015.

Sophie Bodin, Paysages et représentations dans les guides touristiques. La Loire dans la collection des Guides-Joanne, Guides Bleus (1856 à nos jours). Dans L’Espace géographique 2001/2 (tome 30), pages 111 à 126.
Via: https://www.cairn.info/revue-espace-geographique-2001-2-page-111.htm

S. Bonin et R. Mandrou, La France de Charles Estienne: In. Annales ESC, 1961, pp. 1121-1130.

François Bostnavaron, Le guide touristique papier fait de la résistance. Plus complémentaires que rivaux, les services proposés sur Internet ne portent pas tort aux éditions réliées. In: Le Monde, 23 juillet 2012.

Marc Boyer, Les séries de guides imprimés portatifs, de Charles Estienne aux XIXe et XXe siècles.
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 339-352.

R. Buck, The ubiquitous tourist brochure, explorations in its intended and unintended us. Annals of Tourism Research, 4, 195-207, 1977.

Rebecca Butler, ‘Can any one fancy travellers without Murray's universal red books’? Mariana Starke, John Murray and 1830s' Guidebook Culture. In: The Yearbook of English Studies, Vol. 48, pp. 148-170, 2018.

Gilles Chabaud, Images de la ville et pratiques du livre: le genre des guides de Paris (XVIIe-XVIIIe siècle): In: Revue d'histoire moderne et contemporaine, 1998, N° 2, pp. 323-345.

Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000.

Gilles Chabaud, Les guides de Paris du XVIIe siècle au début du XIXe siècle. Remarques sur une construction historique.
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 71-80.

Gilles Chabaud, Pour une histoire comparée des guides imprimés à l'époque moderne.
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000.

K. Cheverst, N. Davies, K. Mitchell, A. Friday, and C. Efstratiou, “Developing a Context-Aware Electronic Tourist Guide: Some Issues and Experiences.” In: Proceedings of the SIGCHI conference on Human factors in computing systems. New York, ACM, pp. 17-24, 2000.

E. Cohen, “The Tourist Guide: The Origins, Structure and Dynamics of a Role.” Annals of Tourism Research, 12 (1), 5-29, 1985.

Evelyne Cohen, La hiérarchie monumentale de Paris au XXe siècle. Les étoiles dans les guides de tourisme consacrés à Paris.
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 439-457.

Arturo Molina Collado, Águeda Esteban, Tourism Brochures: Usefulness and Image. In: Annals of Tourism Research 33(4):1036-1056 · October 2006.

Elsa Damien, Les guides dans la culture touristique de la première moitié du XIXe siècle. Dans: INT Chroniques 71, pages 191-206, 28/05/2003.
Via: http://chroniquesitaliennes.univ-paris3.fr/PDF/71-72/Damien72.pdf

John Richard Edelheim, Hidden messages: a polysemic reading of tourist brochures. In: Journal of Vacation Marketing, vol. 13, no.1, pp. 5-17, 2007.
Via: https://pdfs.semanticscholar.org/881a/83da9d6100df12efa90e3f1a0c5ad24861ff.pdf

Viktor Engelhardt, Die Kunst zu reisen in alter und neuer Zeit wie sich in Reisehandbüchern / Reiseanweisungen / Reisekarten und Postfahrplänen aus allen Jahrhunderten / sowie in Kursbüchern / Autostraßen-und Flugkarten der Gegenwart darstellt. Berlin, 1937.

Marc Francon, L'univers touristique Michelin.
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 113-120.

Marc Francon, Le guide vert Michelin: l'invention du tourisme culturel populaire. Paris, Economica, 2001,

Wilhem Frijhoff, Les guides universitaires XVIe-XVIIIe siècles.
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 23-36.

Arthur Frommer, Europe on 5 dollars a Day. A guide to inexpensive travel ... . New York City, New York, Crown Publishers, Inc., 1968-1969 edition.

Brian Garrod, Understanding the Relationship Between Tourism Destination Imagery and Tourist Photography. In: Journal of Travel Research, Volume XX, Sage Publications, 2008.
Via: http://citeseerx.ist.psu.edu/viewdoc/download?doi=10.1.1.873.2720&rep=rep1&type=pdf

Philippe Gloaguen, Patrice Trapier, Génération routard. Paris, Lattès/Hachette, 1994.

Philippe Gloaguen; Une vie de routard, Paris, Calman-Lévy, 2006.

J. Gritti, 'Les contenus culturels du Guide Bleu: monuments et sites a voir'. In: Communications, n° 10, pp. 51-64, 1967.

Goulven Guilcher, La rivalité Chaix-Hachette pour la conquête du marché de la lecture ferroviare en France. In. Revue d'histoire de chemins de fer, HS 3, pp. 279-305, 1992.

Goulven Guilcher, Naissance et développement du guide de voyage imprimé: du guide unique à la série, une stratégie de conquête des lecteurs?
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 81-93.

Claire Hancock, Les représentation de la ville en France et en Angleterre: les exemples de Paris et de Londres dans les guides et récits de voyage (vers 1780-vers 1870). Institut Universitaire Européen, Département de Sciences Politiques et Sociales, 1998.

Claire Hancock, 'City of business contre ville du plaisir: Londres et Paris dans les guides touristiques du XIXe siècle.
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 329-338.

Alex W. Hinrichsen, Baedeker’s Reisehandbücher 1832-1944: Bibliographie der deutschen, französischen und englischen Ausgabe, Holzminden, Hinrichsen, 1981.

Alex W. Hinrichsen, Baedeker's Reisehandbücher 1832-1990. 2. Aufl. Bevern, Ursula Hinrichsen Verlag, 1991.

Laure-Emmanuelle Husson, Pourquoi les guides touristiques restent incontournable. In: Challenges, 7 juin 2016.

Isabelle Jendron, L'art du voyage. 150e anniversaire des Guides bleus. Paris, Hachette, 1991.

O. H. Jenkins, Photography and travel brochures: the circle of representation. In: Tourism Geographies 5(3), pp. 305-328, 2003.

A. Laurent, 'Le thème du soleil dans la publicité des organismes des vacances'. In: Communications, 10, pp. 35-50, 1967.

Bernard Lerivray, Guides bleus, guides verts et lunettes roses. Paris, Editions du Cerf, 1975.

Charles Mazouer, Les guides pour le voyage de France au XVIIe siècle. Colloques Internationaux du C. N. R. S., N° 590 - La Découverte de la France au XVIIe siècle. Paris, C.N.R.S, 1980.

Edward Mendelson, Baedeker’s Universe. Dans: Yale Review, 74, pp. 386-403, Spring 1985. http://www.columbia.edu/~em36/baedeker.html

Michel et Desnos, L'indicateur fidèle, ou Guide du voyageur, qui enseigne toutes les routes royales et particulières de la France ... dressé par le sieur Michel,... mis au jour et dirigé par le sieur Desnos,... Paris, MDCCLXV (=1765).

Michelin, La Saga du Guide Michelin. De 1900 à aujourd'hui, un formidable voyage à travers le temps, 2004.

Vincent Milliot, Les Cris de Paris ou le Peuple travesti. Les réprésentations des petits métiers parisiens (XVIe-XVIIe siècles). Paris, Publications de la Sorbonne, 1995.

Vincent Milliot, L'espace parisien dans les imprimés de large circulation (XVIe-XVIIIe siècles): une archéologie de la lecture des guides urbains?
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 59-70.

Johan van Minnen, Handbagage. Gids over gidsen (reisgidsen). Utrecht, Kosmos-Z&K Uitgevers, 1997.

Jean Mistler, La librairie Hachette de 1826 à nos jours. Paris, Hachette, 1964.

Helène Morlier, Une série de Prestiges-Guides-Joanne: l'itininéraire d'Orient.
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, pp. 17-41, 2000.

Jean-Yves Mollier, Louis Hachette (1800-1864). Le fondateur d'un empire. Paris, Fayard, 1999.

Jean-Yves Mollier, Édition, presse et pouvoir en France au XXe siècle. Paris, Fayard, 2008.

Frédéric Moret, L’Image de Paris à travers les guides touristiques. 1855-1889, maîtrise de l’université Paris X-Nanterre, 1986.

Frédéric Moret, « Images de Paris dans les guides touristiques en 1900 ». In: Le Mouvement social, n° 160, juill.-sept. 1992, pp. 79-98.

Frédéric Moret, L'espace et le temps des guides. Représentations et déformations de l'espace urbain dans les guides 1855-1900.
In: In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, pp. 429-437, 2000.

Susanne Müller: Die Welt des Baedeker. Eine Medienkulturgeschichte des Reiseführers 1830–1945. Campus-Verlag, Frankfurt am Main/ New York 2012

John Murray IV, John Murray III, 1808 - 1892: A Bref Memoir. London, John Murray, 1919.

D. Nordman, Les Guides-Joanne, ancêtres des Guides Bleus. In: P. Nora, Les Lieux de mémoire, vol. II, La Nation, t. 1., p. 529-567. Paris, Gallimard, 1986.

Marie-Vic Ozouf, Des guides Joanne au Guide Verte Michelin: points, lignes, surfaces. In: In Situ, 15/2011.
Via: https://insitu.revues.org/566.

Aimery Picaud, Le Guide du pèlerin: codex de Saint-Jacques-de-Compostelle. Editions Sud-Ouest, 2006.

Isabelle Rabault-Mazières, Les environs de Paris dans les guides touristiques au XIXe siècle.
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 317-327. André Rauch, Du Joanne au Routard: le style des guides touristiques. In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 95-112.

A. Seoane, Mode de donation de l’espace « guidé » dans le discours des guides touristiques: spatialité et construction d’un savoir partagé. Arborescences, (3), 2013.
Via: https://doi.org/10.7202/1017372ar

Bernard Toulier, L'influence des guides touristiques dans la représentation et la construction de l'espace balnéaire (1850-1950).
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 239-258.

Philippe Trapier et Philippe Gloaguen, Une vie de Routard. Paris, Lattès, 1994.

N.K.F. Tsang, G.K.Y. Chan en K.K.F. Ho, A Holistic Approach to Understanding the Use of Travel Guidebooks: Pre-, During, and Post-Trip Behavior. In: Journal of Travel & Tourism Marketing 28:7, pp. 720-735, 2011.

Joanne Vajda, Paris en huit jours. À la découverte de la ville à travers les guides, les journaux pour touristes et les récits de voyage, 1855-1937. In: Sociétés & Représentations 2006/1 (n° 21), pages 255 à 273.
Via: https://www.cairn.info/revue-societes-et-representations-2006-1-page-255.htm

Ger Verhoeve, Met Leo Faust door Parijs (1915-1940).
Via: https://www.defranseverleiding.nl/Faust.html

Ger Verhoeve, Jan Brusse .... flanerend door het Franse leven (1921-1996).
Via: https://www.defranseverleiding.nl/janbrusse.html

Gerrit Verhoeven, Reisgidsen van Frankrijk in de XVIe en XVIIe eeuw. Antwerpen, Universiteit van Antwerpen, Faculteit Letteren en Wijsbegeerte, Sectie Geschiedenis, onuitgegeven kandidaatsoefening, 2000.

Gerrit Verhoeven, "Het bysonderlijk dienstig Reys-boek, of wat er in vreemde landen aan-merkenswaardig, noodig en vermakelijk om te weeten is." In de Nederlanden gepubliceerde reisgidsen in de periode 1690 – 1740. Verhandeling aangeboden door Gerrit Verhoeven tot het behalen van de graad van licentiaat in de Geschiedenis, Leuven, 2002.

Gerrit Verhoeven, L'influence des guides imprimés aux Pay-Bas sur la construction et l'évolution de l'espace touristique européen (17e et 18e siècles). In: Revue belge de philologie et d'histoire / Société pour le progrès des études philologiques et historiques, 83, pp. 399-423, Bruxelles, 2005.

Tangi Villerbu, Fabrication et usage du guide de voyage. In: Sociétés & Représentations, 2006/1, n° 21, pages 275 à 295. Helène Morlier, Les Guides-Joanne. Genèse des Guides-Bleus. Paris, Les Sentiers débattus, 2007.

----------

VAN DE GESCHIEDENIS VAN HERBERGEN, HÔTELLERIE, RESTAURANTS, GUINGETTES, CAFÉES EN ETEN:


Marie d' Albarade, La belle histoire des palaces de Biarritz. Epoque 1. Atlantica, 2007.

Marie d' Albarade, La belle histoire des palaces de Biarritz. Epoque 2. Atlantica, 2010.

J. Alnalboldi, La table, dans la vie populaire en France du Moyen-Age à nos jours. Paris, 1965.

J. Alnalbordi, Les Français et la table. Paris, 1986.

Pierre Andrieu, Histoire du restaurant en France. Monpellier, Édition La journée vinicole, 1955.

Pierre Andrieu, Histoire anecdotique des hôtels de France. Paris, Editions mondiales, 1956.

Jean-Yves Andrieux et Patrick Harismendy (dir.), Pension complète! Tourisme et hôtellerie (XVIIIe-XXe siècle). Rennes, Presses Universitaires de Rennes, 2016.

J.-P. Aron, Le mangeur du 19e siècle. Paris, Denoël-Laffont, 1976.

Antoine de Baecque et al., La France gastronome: Comment le restaurant est entré dans notre histoire. Paris, Payot, 2019.

Laurianne Barbier, Les guinguettes des bords de Marne et l'imaginaire (De Joinville-le-Pont à Chelles ). Emergence d'un loisir de masse à la Belle Epoque. 1996-97.
Via: http://www.barbier-rd.nom.fr/BarbierLLesGuinguettes.html

Francis Bauby, Sophie Orivel, Martin Penet, Mémoire de guingettes. Paris, Editions France Loisirs, 2003.

Pascal Boissel, Grand-Hôtel, Café de la Paix. 150 ans de vie parisienne. Editions Italiques, 2004.

J.-C. Bologne, Histoires des cafés et des cafétiers. Paris, Larousse, 1993.

Musée Carnavalet, Du palais au palace. Des Grands Hôtels de voyageurs à Paris au XIXe siècle. Paris, Musée Carnavalet - Art Books International, 1998.

Charles Casals et Victor Moussion, La glace naturelle et son commerce à Marseille sous l'Ancien Régime: Chronique de la glace. La Bouilladisse, Association Découverte Sainte-Baume, 1994.

Jules Michel Chartier, L’évolution de l’Hôtellerie sur la route des vacances nationale 6 et 7: L’Hostellerie des Compagnons de Jéhu 4 **** luxe Premier hôtel relais de France P.L.M La fin d’une époque sur la nationale 6. Publication indépendante, 2018.

Bertrand Costet, Palaces et hôtels de Biarritz: 1890-1850. Editions Pimientos, 2018.

Jacques Cousseau, Palaces et Grands Hôtels de Vichy: trois siècles de vie hôtelière dans la Reine des Villes d'Eaux. Editions des monts d'Auvergne, 2007.

Jacques Cousseau, Palaces et Grands Hôtels de Vichy: L'hôtellerie triomphante des XIXe et XXe siècles dans la Reine des Villes d'Eaux. Oliergues, Editions de La Montmarie, 2009.

C. Debourdeau, Les Etrangers à Paris dans les les hôtels et les chambres garnies au XVIIIe siècle. Mémoire de maîtrise, Université Paris I, 1994.

Catherine Donzel, Palaces et grands hôtels de légende. Editions du Chêne, 2010.

David Downie, A Taste of Paris - A History of the Parisian Love Affair with Food. St Martin's Press, 2017.

Alain Drouard, Les Français et la table: alimentation, cuisine, gastronomie du Moyen Age à nos jours. Paris, Ellipse, 2005.

Louis Enault, Hôtel Ritz. Paris, Société de Publications d'art, 1899.

D. Erasme, Les Hôtelleries. Trad. Paris 1872 (1e éd. 1526).

A. N. J. Fabius en Ed. van Biema, Reizen en pleisteren. Bijdragen tot de geschiedenis van het hôtel- en reiswezen. Amsterdam, N. J. Boon, 1895.

Jean-Louis Flandrin et Jane Cobbi (dir.), Tables d'hier, tables d'ailleurs. Paris, Odile Jacob, 1999.

Jean-Louis Flandrin et Massimo Montanari (dir.), Histoire de l'alimentation. Paris, Fayard, 1996.

Edouard Fournier, Histoire des hôtelleries, cabarets, hôtels garnis, restaurants et cafés, (Ed. 1859). Paris, Hachette Livre / BnF.

W.C. Frebaugh, The Inns of Greece and Rome and a History of Hospitality from the Dawn of Time to the Middle Ages. Chicago, F.M. Morris, 1923.

Michèle Gaillard, L’accueil des laïcs dans les monastères (Ve-IXe siècle), d’après les règles monastiques. BUCEMA, Bulletin du centre d'études médiévales d'Auxerre, Hors-série n° 8, 2015 : Au seuil du cloître: la présence des laïcs (hôtelleries, bâtiments d’accueil, activités artisanales et de services) entre le Ve et le XIIe siècle. 2015.

F. Gasnault, Guinguettes et lorettes. Bals publics et danse sociale à Paris au XIXe siècle. Paris, Aubier, 1986.

François-Régis Gaudry, Mémoires du restaurant: Histoire illustrée d'une invention française. Aubanel, 2006.

Z. Gourerier, Le banquet médiéval, XIVe-XVIe siècles. Les Français à table. Paris, 1985.

E. Graillot, L'Economie des hôtels garnis parisiens au XVIIIe siècle.. Mémoire de maîtrise Paris I, 1994.

Alexis Gregory, Ritz Paris. Editions Assouline, 1999.

W. Scott Haine, The World of the Paris Café: Sociability among the French Working Class, 1789 - 1914. Baltimore & London, 1996.

Patrick Harismendy et Jean-Yves Andrieux, Pension complète!: Tourisme et hôtellerie (XVIIIe-XXe siècles). 2016.

B.H.D. Hermesdorf, De herberg in de Nederlanden. Arnhem, Gysbers & Van Loon, 1977.

René Heron de Villefosse, Histoire et géographie gourmandes de Paris. Paris, Editions de Paris, 1956.

Franka Holtmann (Préface, Directeur Général de l'Hôtel Le Meurice), Le génie français de l'art de vivre. Le Meurice. One of the Dorchester Collection, 2008.

Edmond Jabès, Le Livre de l'hospitalité, Paris, Gallimard, 1991.

Pierre Jammet, Le Bristol. un palace dans son siècle. Paris, Ed. Hoëbeke, 1998.

Jozien Jobse-Van Putten, Eenvoudig maar voedzaam. Cultuurgeschiedenis van de dagelijkse maaltijd in Nederland. Amsterdam, Boom uitgevers, 1995.

Tönnes Kleberg, Hôtels, restaurants et cabarets dans l'Antiquité romaine. Uppsala, 1957.

Lionel Klein, Les enjeux du digital dans l'hôtellerie de luxe. Éditions universitaires européennes, 2018.

Sophie Kosinski, Eric Micheletti, Grands hôtels du bord de mer. Histoire & Collections, 1996.

S. Kraxner, La vie dans les hôtels garnis de Paris, 1789-1830. Mémoire de maîtrise, Université Paris I, 1995.

A. Lebault, La table et le repas à travers les siècles. Paris, s.d..

Jean-Christophe Lefevre, Histoire de l'hôtellerie. Une approche économique. Paris, Editions Publibook, 2011.

Jean-Marc Lesur, Les Hôtels de Paris: de l'auberge au palace, XIXe et XXe siècles. Neuchâtel, Editions Alphil, 2005.

Livres Groupe (Sous la direction de), Hotelier: Cesar Ritz, Famille Mengelle, Henri Negresco, Charles Ritz, Jean-Robert Laloy, Conrad Hilton, Anna Sacher, Edouard Sacher, Lorenz Adlon. Books LLC, 2010.

Cl. Marenco, Manières de table, manières de Moeurs, XVIIe-XXe siècle. Cachan, Editions de l'ENS Cachan, 1992.

Jean Martin, Glacières françaises: Histoire de la glace naturelle. Paris, Editions Errance, 1997.

Jean Martin, Glace naturelle et glacières (Patrimoine). Gutenberg, Chez l'auteur, 2000.
Via: http://glacieres-anciennes.wifeo.com/

Francisque Michel, Histoires Des Hôtelleries, Cabarets, Hôtels Garnis, Restaurants Et Cafés, Et Des Anciennes Communeautés et Confréreries D'Hôteliers, De Marchands De Vin, De Restaurateurs, De Limonadiers, .... , Premier Livre et Tome Second, 1851. Paris, Hachette Livre / BnF, z.j..

Patrice de Moncan, Les Belles Heures du Claridge av. des Champs-Elysées - Paris. Paris, Ed. du Mécène, 1995.

Alain Montandon (sous la dir.), Lieux d'hospitalité : hospices, hôpital, hostellerie, Clermont-Ferrand, Presses universitaires Blaise Pascal, coll. « Littératures », 2000.

Philippe Mordacq, Le menu. Une histoire illustrée de 1751 à nos jours. Paris, Laffont, 1989.

Marie-Louise Pailleron, Les Auberges romantiques. Paris, Firmin Didot, 1929.

Françoise Planiol, La Coupole: 60 ans de Montparnasse, Paris, Denöel, 1986.

Jacqueline Queneau, Les Arts de la table. Us et coutumes du Moyen Age jusqu'à nos jours. Paris, Editions de La Martinière, 2011.

André Raymond, Louis Pierrein, et al., Le café en Méditerranée: Histoire, anthropologie, économie. XVIIIe-XXe siècle. Paris, Cléo (Centre pour l'édition électronique ouverte), 2013.

Jan H. E. Reeskamp, Reizen en pleisteren. Zaltbommel, Europese bibliotheek, 1965.

Marie-Louise Ritz, César Ritz, Host to the World. New York, Lippincott, 1938.

Marie-Louise Ritz, César Ritz. Paris, Ed. Tallandier, 1948.

Claude Roulet, Ritz: Une histoire plus belle que la légende. Paris, Quai Voltaire, 1998.

Claude Roulet, Tout sur le Ritz! La Table Ronde, 2017.

Henri Sée, Les auberges françaises à la fin de l'Ancien Régime, d'après Arthur Young. Revue d'Histoire Economique et Sociale, n° 4, p. 445 - 455, 1930.

J. R. W. Sinninghe, Oude pleisterplaatsen. Amsterdam, Actuele Onderwerpen, 1957.

William Sitwell, The Restaurant: A 2000-Year Story of Dining Out. Diversion Books, 2020.

Rebecca Spang, The Invention of the Restaurant – Paris & Modern Gastronomic Culture. Harvard University Press, 2000.

Alexandre Tessier, Le Grand Hôtel: L’invention du luxe hôtelier 1862 – 1972. Rennes, Presses Universitaires de Rennes, 2012.

Amy B. Trubek, Haute Cuisine: How the French Invented the Culinary Profession. Philadelphia, University of Pennsylvania Press, 2000.

Dominique Villate, L'Equipement hôtelier parisien au milieu du XVIIIe siècle. Thèse de doctorat d'histoire, 1993.

D. Watkin, V. Bouvet et al., Palaces et grands hôtels d'Europe. Paris, Flammarion et New York, The Vendome Press, 1984.

Barbara Wheaton, Savoring the Past: The French Kitchen and Table from 1300 to 1789. Philidelphia, University of Philidelphia Press, 1983.

----------

FOTOGRAFIE VAN TOEN EN VROEGER: TOCH WEER EEN VLEUGJE NOSTALGIE:


Martine d'Astier, Jacques Henri Lartigue, Une vie sans ombre. Paris, Découvertes Gallimard, 2009.

Martine d' Astier, Jacques Henri Lartigue. Paris, Découvertes Gallimard, 2009.

Sylvie Aubenas, Gustave Le Gray. Paris, Phaidon, 2003.

Quentin Bajac, Robert Doisneau: Pêcheur d'images. Paris, Découvertes Gallimard, 2012.

Laure Beaumont-Maillet (Présentation de), Atget Paris. Paris, Hazan, 2000.

François Besse et Mathilde Kressmann (éd.), Visages du Paris 1900. 100 photos de légende. Paris, Parigramme, 2014.

Laure Beaumont-Maillet (Presentation), Atget Paris. Paris, Hazan, 2000.

Mary Blume, La Côte d'Azur de Jacques-Henri Lartigue. Paris, Flammarion, 1998.

Edouard Boubat, Edouard Boubat photographies 1950 1987. Editions du Désastre, 1987.

Edouard Boubat, Le Paris de Boubat. Paris, Musée Carnavalet - Paris Musées, 1990.

Edouard Boubat, Mediterranée. Filigranes Editions, 2015.

Nicolas Breach (Potographs by / Introduction and text by Richard Cobb) The Streets of Paris. New York, Pantheon Books, 1980.

Clément Chéroux, Henri Cartier-Bresson: Le tir photographique. Paris, Paris, Découvertes Gallimard, 2008.

Yvan Christ, Les Métamorphoses de Paris. Cent paysages parisiens photographiés autrefois par Atget, Bayard, Bisson, Daguerre, etc. Et aujourd'hui par Janine Guillot et Charles Ciccione. Paris, Editions André Balland, 1969.

Yvan Christ, Les métamorphoses de la banlieue parisienne. Paris, Editions André Balland, 1969.

Yvan Christ, les Métamorphoses de la Côte d'Azur. Paris, Balland, 1971.

Yvan Christ, Les Nouvelles métamorphoses de Paris. Paris, Editions André Balland, 1976.

Yvan Christ et al., 150 ans de photographie française. Photo-revue Editions, 1979.

Raphael Dupouy et Dany Lartigue, La Riviera de Jacques Henri Lartigue. Reseau Lalan, 2007.

Jean Gilletta, Littoral de la Côte d'Azur. Vues anciennes. Nice, Editions Gilletta, 2016.

Karen Hellman, Real Ideal. Photography in Mid-Nineteenth-Century France. Los Angeles, Getty Publications, 2014.

Sarah Kennel, Charles Marville: Photographer of Paris. Washington, DC, National Gallery uf Art, 2013.

André Kertész, Lectures. Paris, Chêne, 1971.

André Kertész (Text: Carole Kismaric). Millerton NY, Aperture, 1977.

André Kertész, Aperture. Aperture Inc./Paris, Robert Delpire, Editeur, 1977.

Patrice de Moncan, Paris Avant-Après Haussmann. Rive Gauche. Photographies anciennes Charles Marville. Photographies contemporaines Studio Traktir. Paris, Les Editions Mécènes, 2012.

Patrice de Moncan, Paris Avant-Après Haussmann. Rive Droite. Photographies anciennes Charles Marville. Photographies contemporaines Studio Traktir. Paris, Les Editions Mécènes, 2012.

Brigitte Ollier, Robert Doisneau. Paris , Hazan, 2013.

Leonard Pitt, Paris un voyage dans le temps: Images d'une ville disparue. Paris, Parigramme, 2008.

Christoph B. Rüger (Vorwort von), Eugène Atget (1857-1927) Das alte Paris. Rheinland-Verlag GmbH, Köln, 1978.

Stéphanie de Saint-Marc, Nadar. Paris, Gallimard, « NRF Biographies », 2010.

Bernard Toulier, Jacques Henri Lartigue, un dandy à la plage. Dominique Carré, Collection Hors collection, 2016.

Rob Verbeek, Carl Lücker e.a., Traces & Tracés. Sporen van verdwijnend Frans cultureel erfgoed. Leeuwarden, Uitgeverij Wijdemeer, 2016.

----------

NOSTALGIE, AUTHENCITEITEN EN TOPOLATRIE:


André Bolzinger, Histoire de la nostalgie. Paris, Editions Campagne première, 2007.

Alastair Bonnett, The geography of nostalgia. Global and local perspectives on modernity and loss. New York, Routledge, 2017.

Svetlana Boym, The Future of Nostalgia. New York, Basic Books, 2001.

Barbara Cassin, La Nostalgie. Quand est-on chez soi? Paris, Editions Autrement, 2013.

Christina M. Ceisel, Globalized Nostalgia. Nostalgia, Tourism, Heritage, and the Politics of Place. Abingdon-on-Thames, Routledge, 2018.

G. Dann, Tourism: The nostalgia industry of the future. In: W. Theobald (Ed.), Global tourism: The next decade. Oxford, Butterworth Heinemann, 1994.

Hugh Dauncey & Chris Tinker (eds.), Media, Memory and Nostalgia in Contemporary France: Between Commemoration, Memorialisation, Reflection and Restoration. Introduction. In: Modern & Contemporary France, Volume 23, 2015 - Issue 2: Special Issue: Media, Memory and Nostalgia in Contemporary France.
Via: https://www.tandfonline.com/doi/full/10.1080/09639489.2015.1030127

John Frow, Tourism and the Semiotics of Nostalgia. In: JSTOR, Vol. 57, pp. 123-151. The MIT Press, Summer 1991.

C. Goulding, The commodification of the past, postmodern pastiche, and the search for authentic experiences at contemporary heritage attractions. In: European Journal of Marketing, 34 (7), 835-853, 2000.

Kim Hyounggon, Research Note: Nostalgia and Tourism. In: Tourism Analysis, Volume 10, Number 1, pp. 85-88(4). Cognizant Communication Corporation, 2005.
Via: https://doi.org/10.3727/1083542054547912

Vladimir Jankélévitch, L'irréversible et la nostalgie. Paris, Flammarion, 2011.

Obert Kindopp, Virtuelle Welten im Tourismus. Kein Platz mehr für Authentizität? Grin Publishing, 2015.

Britta Timm Knudsen and Anne Marit Waade (Editors, Re-Investing Authenticity: Tourism, Place and Emotions. Channel View Publications, 2010.

Kelly A. McClinchey, "Going Forward by Looking Back: Memory, Nostalgia and Meaning-Making in Marketing for a Sense of Place". In: Travel and Tourism Research Association: Advancing Tourism Research Globally. 23. Amherst, University of Massachusetts / Wilfrid Laurier University,2016.
Via: https://scholarworks.umass.edu/ttra/2012/Oral/23

Karl Markus Michel, Die Magie des Ortes. Über den Wunsch nach authentischen Gedenkstätten und die Liebe zu Ruinen. 11. September 1987, 8:00 Uhr Aktualisiert am 21. November 2012, 21:06 Uhr, Zeit Online.


Via: https://www.zeit.de/1987/38/die-magie-des-ortes

----------

VOORLOPERS, UITVINDERS EN VINDINGEN OP HET GEBIED VAN MATEN, ENERGIE EN VERLICHTING:


*** VOORLOPERS EN VINDINGEN, TOEN EN NU:

Neil Baldwin, Edison: Inventing the Century. New York, 1995.

Françoise Balibar, Marie Curie: Femme savante ou Sainte Vierge de la science? Paris, Découvertes Gallimard, 2006.

Amedée de Bast, Merveilles du génie de l'homme. Découvertes, inventions. Récits historiques, amusants et instructifs sur l'origine et l'état actuel des découvertes et inventions les plus célébres. Ouvrage illustré de magnifiques dessins par A. Beaucé, J. David, C. Nanteuil, etc.. Paris, Paul Boizard, s. d. (vers 1855).

K.G. Beauchamp, Exhibiting Electricity. The Institute of Engineering and Technology, 1997.

Christopher Beauchamps, Invented by Law: Alexander Graham Bell and the Patent that Changed America. Camnridge, MA, Harvard University Press, 2015.

Caleb Bennett, Elon Musk: Biography of a Genius Entrepreneur. Independently published, 2020.

Maurice-Edouard Berthon, Emile et Isaac Pereire. La Passion d'Entreprendre. Publication Uni, 2007.

Christian Biet, Jean-Paul Brighelli, Jean-Luc Rispail, Alexandre Dumas ou les Aventures d'un romancier. Paris, Découvertes Gallimard, 1986.

Christian Biet, Jean-Paul Brighelli, Jean-Luc Rispail, André Malraux. La création d'un destin. Paris, Découvertes Gallimard, 1996.

Denis Blanchard-Dignac, Viollet-le-Duc (1814-1879). La passion de l'architecture. Rennes, Sud Ouest, 2014.

Daniel J. Boorstin, The Discoverers. A History of Man's Search to Know his World and Himself (1983). New York, Vintage Books, 1985.

Daniel J. Boorstin, The Creators. A History of Heroes of the Imagination (1992). New York, Vintage Books, 1993.

Daniel J. Boorstin, The Seekers. The Story of Man's Continuing Quest to Understand His World (1998). New York, Vintage Books, 1999.

Dominique Le Brun, Vauban, l'inventeur de la France moderne. Paris, Vuibert, 2016.

Robert Buderi, The Invention That Changed the World: How a Small Group of Radar Pioneers Won the Second World War and Launched a Technological Revolution. New York, Simon and Schuster, 1996.

Jean-Luc Chappey, La Révolution des sciences. 1789 ou le sacre des savants. Paris, Vuibert, 2020.

Nathalie Coilly, Philippe Régnier (dir.), Le Siècle des Saint-Simoniens: du nouveau christianisme au Canal de Suez, BNF, novembre 2006.

Philippe de la Cotardière et al., Jules Verne: De la science à l'imaginaire. Paris, 2004.

Richard Davenport-Hines, Universal Man. The Lives of John Maynard Keynes. New York, Basic Books, 2015.

Martin Davis, Engines of Logic: Mathematicians and the Origins of the Computer. Norton, 2000.

Jean-Paul Dekiss, Jules Verne: Le Rêve du progrès. Paris, Découvertes Gallimard, 1991.

Hubert Delobette, Ces français qui ont révolutionné le monde. Villeveyrac, Le Papillon Rouge Editeur, 2015.

Malcolm Dick & Caroline Archer-Parre (Edited by), James Watt (1736-1819): Culture, Innovation, and Enlightenment. Liverpool, Liverpool University Press, 2020.

Chrislain de Diesbach, Ferdinand de Lesseps, Paris, Perrin, 1998.

Monique Donnil du Fresnel, Pierre-Paul Riquet (1609 - 1680). L'incroyble aventure du Canal des Deux-Mers. Editions du Sud Ouest, 2012.

Alain Dupas, Jean-Christophe Messina, Cyril de Sousa Cardoso, Innover comme Elon Musk, Jeff Bezos et Steve Jobs. Paris, Odile Jacob, 2019.

Baron Ernouf, Les inventeurs du Gaz et de la photographie: Lebon d'Humbersin, Nicéphore Niepce, Daguerre. Paris, 1877.

David Edgerton, The Shock Of The Old: Technology and Global History since 1900. Profile Books Ltd., 2008, updated 2019.

Louis Figuier, Histoire des principales découvertes scientifiques modernes (5 vol.). Bruxelles, Delevigne et Callewaert, 1851-1857.

Louis Figuier, Exposition et histoire des principales découvertes scientifiques modernes (3 vol.). Paris, Langlois et Leclercq, 1855.

Louis Figuier, Les Applications nouvelles de la science à l'industrie et aux arts en 1855. Machine à vapeur, bateaux à vapeur, locomotives, locomobiles, moteurs électriques, horloges électriques, tissage électrique, l'électricité et les chemins de fer, inflammation des mines, photographie, gravure photographique, galvanoplastie, lampes, bougies stéariques, éclairage électrique, chauffage par le gaz, conservation des viandes et des légumes, aluminium. 1856.

Louis Figuier, Histoire du merveilleux dans les temps modernes (4 vol.). 1859-1862.

Louis Figuier, Les Grandes Inventions anciennes et modernes, dans les sciences, l'industrie et les arts. Paris, L. Hachette et Cie, 1865.

Louis Figuier, Les merveilles de la science ou description populaire des inventions modernes. (6 vol.) Paris, Furne, Jouvet et Cie, Editeurs, 1867-1869.

- Tome I : Machine à vapeur, Bateaux à vapeur, Locomotive et chemins de Fer, Locomobiles, Machine électrique, Paratonnerres, Pile de Volta, Electro-Magnétisme.

- Tome II: Télégraphie aérienne, électrique et sous-marine, Cable transatlantique, Galvanosplatie, Dorure et argenture électro-chimiques, Aérostats, Ethérisation.

- Tome III: Photographie, Stéréoscope, Poudres de guerre, Artillerie ancienne et moderne, Armes à feu portatives, Bâtiments cuirassés, Draînage, Pisciculture.

- Tome IV: Eclairage, Chauffage, Ventilation, Phares, Puits artésiens, Cloche à plongeur, Moteurs à gaz, Aluminium, Planète Neptune.

Louis Figuier, Les Merveilles de l'industrie ou description des principales industries modernes (4 vol.). 1873-1876.

- Volume 1: Machine à vapeur, bateaux à vapeur, locomotive et chemins de fer, locomobiles, machine électrique, paratonnerres, pile de Volta, électro-magnétisme. Via: https://gallica.bnf.fr/ark:/12148/bpt6k24674j.pdf

- Volume 2: Le sucre - Le papier - Les papiers peints - Les cuirs et les peaux - Le caoutchouc et la gutta percila - La teinture. Via: https://iris.univ-lille.fr/pdfpreview/bitstream/handle/1908/2504/SL156-2.pdf?sequence=31

- Volume 3: L'eau - Les boissons gazeuses - Le blanchiment et blanchissage - Le phosphore et les allumettes chimiques - Le froid artficiel - L'Asphalt et le bitume. Via: https://iris.univ-lille.fr/pdfpreview/bitstream/handle/1908/2505/SL156-3.pdf?sequence=3

- Volume 4: Industries agricoles et alimentaires; Pain et farines - Fécules et pates alimentaires - Lait, beurre et fromage - Vin - Cidre - Bière - Alcool et distillation - Vinaigre - Huiles - Conserves alimentaires - Café et thé.

Louis Figuier, Les Grandes Inventions modernes dans les sciences, l'industrie et les arts. Paris, L. Hachette et Cie, 1880.

Louis Figuier, Les merveilles de la science ou description populaire des inventions modernes. Eclairage - Chauffage - Ventilation - Phares - Puits artésiens - Cloche à plongeur - Moteur à gaz - Aluminium - Planète neptune. Paris, Furne, Jouvet et Cie, sd..

Louis Figuier, L'Art de l'éclairage. Paris, Furne Juvet et Cie, 1882.

Louis Figuier, Le Téléphone, son histoire, sa description, ses usages. 1885.

Louis Figuier, Les merveilles de l'idustrie, t. IV, L'industrie de l'eau'. Paris, 1875.

E. Franquinet, Jules Verne. Zijn persoon en zijn werk. Eindhoven, N.V. Uitgeversmaatschappij de Pelgrim, 1942.

Gautier, L'oeuvre de Claude Chappe, créateur de l'administration française des télégraphes et inventeur. (1893). Paris, Hachette Livre BNF, 2016.

Max Geitel, Die Geschichte der Dampfmaschine bis James Watt. Outlook Verlag, 2020.

B. Gille, Histoire des techniques: techniques et civilisation, technique et sciences. Paris, Gallimard, 1978.

Le Guide du Minitel, Le mode d'emploi - Les 4000 service - 200 matériels connectables. Minitel Magazine N°2, octobre 1987.

E. Guillot, Jean-Baptiste Godin et le Familistère de Guise. Bruxelles, Archives d'architecture moderne, 1976.

Stefan Helmreich, Silicon Second Nature: Culturing Artificial Life in a Digital World. Berkeley, University of California Press, 2000.

Marc Hersant, Saint-Simon. Paris, Gallimard, 2016.

Andrew Hodges, Alan Turing: The Enigma. London, Vintage Books, 1983.

Eugène Huzar, La fin du monde par la science. 1855.

Eugène Huzar, L'Arbre de la science. Paris, Dentu, 1857.

Walter Isaacson, Steve Jobs, de biografie. Houten, Spectrum, 2011.

Walter Isaacson, The Innovators: How a Group of Hackers, Geniuses, and Geeks Created the Digital Revolution. New York, Simon & Schuster, 2014.
Walter Isaacson, Les Innovateurs. Comment un groupe de génies, hackers et geeks a fait la révolution numérique. Paris, JC Lattès, 2015.

Xavier de Jarcy, Le Corbusier, un fascisme français. Paris, Albin Michel, 2015.

Matthew Josephson, Edison - A Biography. Wiley, 1992.

Martin Kennedy (Ed.), Understanding Silicon Valley: The Anatomy of an Entrepreneurial Region. Stanford CA, Stanford University Press, 2000.

Etienne Klein (éditeur), L'Histoire des Inventions. Jusqu'où irons-nous? De la pierre taillée à l'homme augmenté. 2500 millénaires de génie. Le Monde - La Vie, hors-série, 2015.

Henri Kubnick, Les Frères Luminière. Plon, 1938.

Vivek Kumar, A biographie of Elon Musk. Format Kindle, 2020.

Vivek Kumar, Visionary lessons from Elon Mmusk. Format Kindle, 2020.

David Lagercrantz, Indécence manifeste (Roman traduit du suédois par Rémi Cassaigne), Actes Sud, 2016.

Michel Lallement, Le Travail de l'utopie: Godin et le Familistère de Guise. Paris, Editions Les Belles Lettres, 2009.

David Saul Landes, The Unbound Prometheus: Technical Change and Industrial Development in Western Europe from 1750 to the Present. Cambridge, New York, Cambridge University Press, 2003.

David Leavitt, The Man Who Knew Too Much. Alan Turing and the Invention of the Computer. London, Phoenix, 2007.

Alex de Lesseps, Moi, Ferdinand de Lesseps. Paris, Olivier Orban, 1986.

Julien Mailland, Kevin Driscoll, Minitel: Welcome to the Internet. Cambridge Massachuts, MIT Press, 2017.

Michel Marchand, The Minitel Saga: A French Success Story. Larousse, Paris 1988.

John Marlow, The Making of the Suez Canal. London, Cresset Press, 1964.

Bernard Marrey, La vie & l'oeuvre extraordinaires de monsieur Gustave Eiffel, ingénieur qui construisit la statue de la liberté, le viaduc de Garabit, l'observatoire de Nice, la gare de Budapest, les écluses de Panama, la tour Eiffel, etc.. Graphite, 1984.

Georges Mérillon, Charles Cros. Vie & oeuvre. Saint-Benoît-du-Sault, Ateliers/Editions Tarabuste, 2014.

Roland Moreno, Carte à puce: l'histoire secrète. Paris, L'Archipel, 2002

Börn W. Mundt, Thomas Cook. Pionier des Tourismus. UVK Verlagsgesellschaft, 2014.

Pierre Musso, La Religion du monde industriel. Analyse de la pensée de Saint-Simon. Editions de l’Aube, 2006.

Thierry Paquot et Marc Bédarida (dir), Habiter l'utopie, le familistère Godin à Guise, Éditions de la Villette, 2004

Ivo Partijs (in gespek met met schrijver/filosoof Rutger Bregman), 'Vooruitgang begint altijd bij de gekkies'. In: Maatschappij en Politiek, Maart 2015, pp. 4-7.

J. Payen, Capital et machine à vapeur au XVIIIe siècle. Les frères Périer et l'introduction en France de la machine à vapeur de Watt. Paris-La Haye, Mouton, 1969.

Denis Perier, Le dossier noir du minitel rose. Paris, Albin Michel, 1988.

Jean Autin Perrin, Les Frères Pereire: Le bonheur d'entreprendre. Paris, Librairie Académique Perrin, 1983.

Jean-Christian Petitfils, La vie quotidienne des communautés utopistes. Paris, Hachette, 1982.

Mary Pickering, Auguste Comte, Auguste Comte: An Intellectual Biography. Cambridge, 1993.

Antoine Picon, Les Saint-Simoniens: Raison, imaginaire et utopie. Paris, 2002.

Caroline Piquet, Histoire du canal de Suez. Paris, Perrin, 2009.

Daniel Raichvarg, Louis Pasteur, l'empire des microbes. Paris, Découvertes Gallimard, 1995.

Al Ramadan, Dave Peterson, Christopher Lochhead and Kevin Maney, Play Bigger: How Rebels and Innovators Create New Categories and Dominate Markets. Piatkus, 2016.

Ayn Rand, Atlas Shrugged. New York, Random House, 1957.

Pierre E. Richard (Recueillis et présenté par), Charles Cros. Inédits & Documents. Editions Atelier du Gué - Editions Jacques Brémond, 1992.

Bernard Rignault, Les Forges de Buffon en Bourgogne. Département de la Côte d'Or. Association pour la sauvegarde et l'animation des Forges de Buffon, 1978.

Jacques Rittaud-Hutinet, Les frères Lumière: L'invention du cinéma. Paris, Flammarion, 1993.

William Rosen, The Most Powerful Idea in the World: A Story of Steam, Industry, and Invention. Chicago, University of Chicago Press, 2012.

Frédéric Rouvillois, L'Invention de progrès. Paris, Kimé, 1996.

Jessica Dos Santos, Utopie en héritage: Le familistère de Guise (1888-1968). Tours, Presses Universitaires François-Rabelais, 2016.

Eric Sartori, L'Empire des sciences: Napoléon et ses savants. Paris, 2003.

Edward Skidelsky, Robert Skidelsky, How Much is Enough?: Money and the Good Life. Penguin Books, 2013.

Robert Skidelsky, John Maynard Keynes. Volume One. Hopes betrayed. 1883-1920. New York, NY, Elizabeth Sifton Books - Vking, 1986.

Robert Skidelsky, John Maynard Keynes. Volume Two. The economist as saviour. 1920-1937. London, MacMillan, 1992.

Robert Skidelsky, John Maynard Keynes. Volume Three. Fighting for Britain. 1937-1946. Harmondsworth, Penguin Books, 2000.

Robert Skidelsky, Keynes: The Return of the Master. Penguin Books, 2010.

Robert Skidelsky, What's Wrong With Economics? A Primer for the Perplexed. Yale University Press, 2020.

Brad Stone, The Upstarts: Uber, Airbnb and the Battle for the New Silicon Valley. Back Bay Books, 2018.

Randall E. Stross, The Wizard of Menlo Park: How Thomas Alva Edison Invented the Modern World. Broadway Books, Reprint edition, 2008.

Robert Stuart, A Descriptive History of the Steam Engine. Sagwan Press, 2018.

Roger Le Taillanter, Dans l'enfer du minitel rose. Editions de Fallois, 1989.

Robert H. Thurston, A History of the Growth, of the Steam-Engine. Forgotten Books, Classic Reprint, 2018.

John Tresch, The Romantic Machine: Utopian Science and Technology after Napoleon. Chicago, 2012.

Sarah Turing, Alen M. Turing. Cambridge, Heffers, 1959.

Ger Verhoeve, De paléophone oftewel de stem uit het verleden en hoe 't Zuidfranse dorp < haar Edison misliep. Fragmenten uit het turbulente en kortstondige leven van Charles Émile Cros. Fabrezan 1842 – Parijs 1888. In: NieuwsNed NVLR, nr. 92, herfst 2017.
Via: https://www.defranseverleiding.nl/Charles%20Cros.html, 2018.

R. Vermij, Christiaan Huygens - de mathematisering van de werkelijkheid. Utrecht, Veen, 2007.

*** STANDAARDMETINGEN:

Ken Alder, The Measure of All Things. The Seven-Year Odyssey and Hidden Error That Transformed the World. New York - London - Toronto - Sydney, Free Press, 2003.

Ken Alder et Martine Devillers-Argouarc'h, Mesurer le monde. L'incroyable histoire de l'invention du mètre, 1792-1799. 2005.

Denis Guedj, La Révolution des savants. Paris, Découvertes Gallimard, 1988.

Denis Guedj, La Méridienne. Paris, Robert Laffont, 1997.

Denis Guedj, Le mètre du monde. Paris, Editions du Seuil, Paris, 2000.

*** ELECTRICITEIT:

Alain Beltran et Patrice Carré, La Fée et la Servante, la société française face à l'électricité XIXe-XXe siècles. Paris, Belin, 1991.

Alain Beltran et Patrice Carré, La Vie électrique. Histoire et imaginaire, XVIII - XXIe siècle. Paris, Belin, 2016.

Jean Bertran et Patrice Carré, La Fée et la Servante. La société française face à l'électricité, XIXe-XXe siècle. Paris, Belin, 1991.

G. Bonnefont, Le Règne de l'électricité. Paris, 1895.

Gérard Borvon, Histoire de l'électricité, de l'ambre à l'électron. Vuibert, 2009.

Gérard Borvon, « Histoire de l’électricité. L’Exposition Internationale d’électricité de 1881, à Paris »
Via: http://seaus.free.fr/spip.php?article500 (12 septembre 2009).

François Caron et Fabienne Cardot (dir.), Histoire de l'électricité en France, Tome premier, 1881 - 1918. Paris, Fayard, 1991.

Commissariat Général, Exposition Internationale d'Électricité, Paris 1881: Catalogue Général Officiel. Classic Reprint by Forgotten Books, 2018.

G. Dary, A travers l'Electricité. Paris, Libraire Nony & Cie, 1901.

Henry de Graffigny, L'Electricité pour Tous. Ouvrage inédit et redigé d'après un Plan nouveau. Ouvrage orné de 275 gravures. Paris, E.Bernard, 1905.

Maurice Lévy-Leboyer et Henri Morsel (dir.), Histoire d'électricité en France, Tome deuxième, 1919 - 1946. Paris, Fayard, 1994.

H. W. Lintzen, Geschiedenis van de techniek in Nederland. De wording van een moderne samenleving, 1800-1890. Deel III. Textiel. Gas, Licht en Elektriciteit. Bouw. Zutphen, Walburg Pers, 1993.

Ch. Malegarie, L'Electricité à Paris. Paris, Ch. Beranger, 1947.

Eugène Marec, L'Electricité à la maison. Paris, Baillière et fils, 1929.

P. Maurer, Comment utiliser l'électricité dans la maison. Paris Dunod, 1929.

Henri Morsel et. al., Histoire générale de l'électricité en France Tome troisième, Tome troisième, 1946 - 1987. Paris, Fayard, 1996.

Thierry Paquot, Paris 1900, le Palais de l'Electricité: In: Cahiers de Médiologie, n° 10, 2000, pp. 200-207.

Henri de Parville, L'Electricité et ses applications. Exposition de Paris. Paris, Masson, 1882.

Henri de Parville, Le service électrique à l'Exposition universelle de 1889. Dans Annales historiques de l’électricité 2006/1 (N° 4), pages 75 à 82
Via: www.cairn.info/revue-annales-historiques-de-l-elecricite-2006-1-page-75.htm

R. V. Picou, Notice Sur L'Éclairage Industriel Par La Lumiére Électrique. Paris, M. L. Breguet, 1877.

Christophe Prochasson, Les Années electrique 1880-1910. Paris, La Découverte, 1991.

Albert Robida, Le vie électrique. Paris, La Librairie illustrée, 1890.

Albert Robida, Le vingtième siècle: la vie électrique. Paris, 1892.

N. J. van Wijck Jurriaanse, Van stoom tot stroom. Alkmaar, 1980.

Paul Zumthor, La mesure du monde. Représentation de l'espace au Moyen-Age. Paris, Seuil, 1993.

*** LICHT EN VERLICHTING:

E. Adry, Un siècle d’éclairage 1824-1924. Ratinckx Frères, 1925.

F. Alglave et J. Boulard, La Lumière électrique: son histoire, sa production, son enmploi dans l'éclairage public ou privé, les phares, les théâtres, l'industrie, les travaux public, les opérations militaires et maritime. Paris, Firmin-Didot, 1881.

H.-R. d'Allemagne, Histoire du Luminaire depuis l'époque romaine jusqu'au XIXe siècle. Paris, Alphonse Picard, 1891. (Forgotten Books, Classic Reprint, 2018).

Marc Arniengaud et al., Paris la nuit. Chroniques nocturnes. Catalogue d'exposition. Paris, pavillon de l'Arsenal, mai 2013.

Philippe Artières, Les enseignes lumineuses. Des écritures urbaines au XXe siècle. Paris, Bayard, 2010.

G. Bachelard, La Flamme d'une chandelle. Paris, 1961.

Charles Bazerman, The Language of Edison's Light. Cambridge, MA., MIT Press, 1999.

Alain Beltran, La Ville-Lumière et la fée électricité. Service public et entreprises privées: l'énergie électrique dans la région parisienne. Service public et entreprises privées. Paris, Rive Droite, 2002.

Lenard R. Berlanstein, Big Business and Industrial Conflict in Nineteenth-Century France: A Social History of the Parisian Gas Company. Berkeley, University of California Press, 1991.

B. Besnard, L'Industrie du gaz à Paris depuis ses origines. Paris, 1942.

Herman Besselaar, Het licht der lamplantaren. Kleine geschiedenis van de straatverlichting. Amsterdam, Uitgeverij van Lindonk, 1969.

Andreas Blühm, Louise Lippincott, Licht! Het industriële tijdperk 1750 - 1900. Kunst & wetenschap, technologie & samenleving. Van Gogh Museum, Amsterdam en Carnegie Museum of Art, Pittsburgh. Thames & Hudson, 2000.

M.J.Bouwman, ‘Luxury and control.The urbanity of streetlighting in nineteenth-century cities’. In: Journal of Urban History 14(1987),7-37.

Agnès Bovet-Pavy, Lumières sur la ville, une histoire de l’éclairage urbain. Coédition François Bourin et Arte Editions, 2018.

Brian Bowers, A History of Electric Light and Power. Stevenage & New York, 1982.

Brian Bowers, Lengthening the Day: A History of Lighting Technology. Oxford, New York, Tokio, 1998.

Emmanuel Cahen, Manuel pratique d'éclairage électrique pour installations particulières. Paris, Librairie Polytechnique Baudry et Cie, 1893.

Stéphane Castelluccio, L'éclairage, le chauffage et l'eau aux XVIIe et XVIIIe siècles. Gourcuff Gradenigo, 2016.

Hollis Clayson, Illuminated Paris. Essays on Art and Lighting in the Belle Epoque. Chicago, The University Of Chicago Press, 2019.

Eugène Defrance, L'Histoire de l'éclairage des rues de Paris. Paris, Imprimerie nationale, 1904.

Hervé Déjean, Lampes antiques à travers les âges: Le Corpus. Editions Archeo-Numis, 1900.

Ph. Delahaye, L'Eclairage dans la ville et dans la maison. Paris, 1885-90.

Simone Delattre (Préface d'Alain Corbin), Les douzes heures noirs. La nuit à Paris au XIXe siècle. Paris, Editions Albin Michel, 2003.

Maurice et Paulette Deriberé, Préhistoire et histoire de la lumière. Paris, Editions France-Empire, 1979.

Antoon Devogelaere, Van gaslamp tot gloeilicht. Kapellen, 1987.

E. Dieudonné, La Lumière électrique à l'Exposition universelle de 1889. In: La Lumière électrique, Vol. 32, n° 21, pp. 351-357.

Louis Figuier, L'Art de l'éclairage. Paris, 2e édition, 1882.

W. de Fonvielle, L'électricité à la tour Eiffel. In: La Lumière électrique, vol. 32, n° 21, pp. 391-396.

H. Fontaine, Eclairage à l'électricité. Paris, J. Baudry, 1877.

Edouard Fournier, Les Lanternes de Paris: histoire de l'ancienne éclairage, suivi de la réimpression de quelques poèmes rares. Paris, Dentu, 1854.

Marc Gaillard, Paris Ville lumière. Amiens, 1994.

Gerald T. Gowith, 19th Century lighting. Argand, Sinumbra and Solar Lamps. Atglen, 2002.

Auguste Herlaut, L'éclairage des rues à Paris à la fin du XVIIe et au XVIIIe. Paris, Renouard, Imp., 1916.

Heinrich Hess, Die Entwicklung der Beleuchtungstechnik. Bunzlau, Otto Hoffmann's Verlag, 1902.

Dick van der Horst, 'De Amsterdamse stadsverlichting I: de periode tot 1883'. In: Amsterdamse Monumenten, nr. 1, mei 1985.

Dick van der Horst, 'De Amsterdamse stadsverlichting II: de periode 1883 -1930'. In: Amsterdamse Monumenten, nr. 2, juli 1985.

Dick van der Horst, 500 jaar openbare verlichting in Amsterdam. Een beknopte geschiedenis. 2001.

E. Hospitalier, L'Electricité dans la maison. Piles intermittentes et continues - Sonneries - Avertisseurs - Téléphones - Horlogerie -Allumoirs - Eclairage électrique domestique - Moteur et Locomotion - Récréations électrique - Applications Diverses. Bibliothèque de la Nature. La Physique Moderne. Paris, G. Masson, Editeur, Librairie de l'Académie de Médecine, 1885.
Via: https://gallica.bnf.fr/ark:/12148/bpt6k2044272

Louis Galine, Traité général d'éclairage: huile, pétrole, gaz, électricité. Paris, 1894.

Gerald Gowitt, 19th Century Elegant Lighting: Argand, Sinumbra and Solar Lamps. Schiffer Publishing Ltd., 2007.

C. H. Hassenstein, Das elektrische Licht. Weimar, 1859.

Annette Haudiquet (Sous la direction de), Nuits électriques. Le Havre, MuMa Le Havre / Octopus Edition, 2020.

Histoire de l'Eclairage Public à Paris.
Via: http://www.megedoudeau.jmbertho.odns.fr/index.php/eclairage-public/histoire/histoire-de-l-eclairage-public

Craig Koslofsky, Evening's Empire: A History of Night in Early Modern Europe. Cambridge, Cambridge University Press, 2011.

J. Lacassagne et R. Thiers, Nouveau système d'éclairage électrique, ses avantages, ses instruments, ses principes scientifiques et ses applications industrielles. Paris & Lyon, 1857.

H. B. Laqueuille, Petit manuel d'installation de la lumière électrique. Paris, Girardot & Cie, 1925.

Philippe Lebon, Thermolampen, ou poêles qui chauffent, éclairent avec économie, inventés par Philippe Lebon. Paris, 1801.

Julien Lemer, Paris au gaz. 1861.

Antoinet van der Linde, Het oude licht. Straatlantaarns en straatverlichting door de eeuwen heen. Eindhoven, Bura Boeken, 1980.

Dr. Ir. J. Mac Lean, Geschiedenis der Gasverlichting in Nederland. Zutphen, De Walburg Pers, 1977.

Bernard Mahot, Les Lampes à huile. Paris, Massin, 2005.

Henri Maréchal, L'éclairage à Paris: étude technique des divers modes d'éclairage employés à Paris sur la voie publique, dans les promenades et jardins, dans les monuments, les gares, les théâtres, les grands magasins, etc., et dans les maisons particulières: gaz, électricité, pétrole, huile, etc. usines et stations centrales, canalisations et appareils d'éclairage, organisation administrative et commerciale, rapports des compagnies avec la ville, traités et conventions, éclairement des voies publiques, calcul et prix de revient. Paris, Librairie polytechnique Baudry, 1894.

Jean Mascart, L'Heure à Paris. Paris, Gauthier-Villers, 1907.

William Matthews, An Historical Sketch of the Origin, Progress and Present State of Gas-Lighting. London, 1827.

Th. du Moncel, L éclairage électrique I. Générateurs de lumière. Paris, Librairie Hachette & Cie, 1883.

Th. du Moncel, William Henry Preece Sir, et al., Incandescent Electric Lights: With Particular Reference to the Edison Lamps at the Paris Exposition. Palala Press, 2015.

R. V. Picou, Notice Sur L'Éclairage Industriel Par La Lumiére Électrique. Paris, M. L. Breguet, 1877.

Préfecture de police, Tableau de l'éclairage des rues de Paris pour l'année (1832). Paris, Hachette Livre BNF, 2016.

Préfecture du Département de la Seine, Services public et particulier de l'éclairage et du chauffage par le gaz dans la ville de Paris. 1893. Paris, Hachette Livre-BNF, 2013.

E. Rebske, Lampen, Laternen, Leuchten. Eine Historie der Beleuchtung. Stuttgart, Franckh'sche Verlagshandlung, 1962.

Stéphane Rials, La lumière à Paris au siècle des Lumières. Nanterre, 1973.

Christine Richier, Le temps des flammes. Une histoire de l'éclairage scénique avant la lampe à incandescence. Actualité de la scénographie, 2011.

Julien Rodet, Les Lampes À Incandescence Électriques (Ed. 1923). Nabu Press, 2010.

Fabien Sabatès, Jacopozzi, le magicien de la lumière. La Celle-Saint-Cloud, Douin, 2017.

Wolfgang Schivelbusch, Lichtblicke: Zur Geschichte der künstlichen Helligkeit im 19. Jahrhundert. München/Wien, Carl Hanser Verlag, 1983.
Wolfgang Schivelbusch, Disenchanted Night: Industrialization of Light in the 19th Century. Berkeley, Cal., The University of California Press, 1995.
Wolfgang Schivelbusch, La nuit désenchantée: À propos de l'histoire de l'éclairage artificiel au XIXe siècle. Le Promeneur, 1995.

Wolfgang Schivelbusch, Licht, Schein und Wahn : Auftritte der elektrischen Beleuchtung im 20. Jahrhundert. Berlin, Ernst Wilhelm & Sohn, 1992.

Joachim Schlör, Nachts in der großen Stadt. Paris, Berlin, London 1840 - 1930. Munich-Zurich, Artemis & Winkler, 1991.

M. Schrøder, Hugh Sheperd, The Argand burner. Its origin and development in France and England 1780-1800: An epoch in the history of science illustrated by the life and work of the physicist Ami Argand (1750-1805). Odense, 1969.

Linda Simon, Dark Light: Electricity and Anxiety from the Telegraph to the X-Ray. San Diego, Harcourt Brace, 2004.

Marie de Thézy, Paris, La Rue - Le Mobilier Urbain Du Second Empire A Nos Jours. Paris, Société des Amis de la Bibliothèque historique, 1976.

Marie de Thézy, Charles Marville réverbères. Paris, 1993.

Ernest Thomas. Histoire de l'éclairage depuis les temps les plus reculés jusqu'à nos jours. Monographie complète de tous les genres d'éclairage à Paris. L. Sauvaitre, 1890.

Georges Touchard-Lafosse, Les réverbères: chroniques de nuit du vieux et du nouveau Paris. Tome 1 (Ed. 1833). Paris, Hachette Livre BNF, 2017.
Georges Touchard-Lafosse, Les réverbères: chroniques de nuit du vieux et du nouveau Paris. Tome 2 (Ed. 1833). Paris, Hachette Livre BNF, 2013.
Georges Touchard-Lafosse, Les réverbères: chroniques de nuit du vieux et du nouveau Paris. Tome 3 (Ed. 1833). Paris, Hachette Livre BNF, 2018.
Georges Touchard-Lafosse, Les réverbères: chroniques de nuit du vieux et du nouveau Paris. Tome 5 (Ed. 1833). Paris, Hachette Livre BNF, 2013.
Georges Touchard-Lafosse, Les réverbères: chroniques de nuit du vieux et du nouveau Paris. Tome 4 (Ed. 1833). Paris, Hachette Livre BNF, 2013.
Georges Touchard-Lafosse, Les réverbères: chroniques de nuit du vieux et du nouveau Paris. Tome 6 (Ed. 1833). Paris, Hachette Livre BNF, 2013.

A. Trébuchet, Recherches sur l'éclairage public de Paris. Paris, 1843.

Bruno Ulmer et Thomas Plaichinger, Les Ecritures de la nuit. Un siècle d'illimunations et d'enseigne lumineuses. Paris, Syros-Alternatives, 1987.

Jean Verdon, La Nuit au Moyen-Age. Paris, Perrin, 1994.

H. Vivarez, Notions générales sur l'éclairage électrique. Paris, J. Michelet, 1886.

Richard J. Weiss, A Brief History of Light and Those That Lit the Way. Singapore, New Jersey, 1996.

J.-P. Williot, « Naissance d'un réseau gazier à Paris au xixe siècle: distribution gazière et éclairage », Histoire, économie et société, 1989.

G. P. Zahn, De geschiedenis der verlichting van Amsterdam. Amsterdam, Scheltema & Holkema, 1911.

----------

COMMUNICATIE:


Catherine Bertho, Télégraphes & téléphones de Valmy au microprocesseur. Paris, Le Livre de Poche, 1981.

E. Cazenave et C. Ulmann, Press, radio et télévision en France, de 1631 à nos jours. Paris, Hachette, 1994.

Maurice Fabre, Histoire de la communication. Genève, Les Editions Rencontre et Erik Nitsche International, 1964.

Patrice Flichy, Une histoire de la communication moderne. Espaces publics et vie privée. Paris, Edition La Découverte & Syros, 1997.

Bill Glover, History of the Atlantic Cable & Undersea Communications from the first submarine cable of 1850 to the worldwide fiber optic network. Atlantic Cables: 1856-2018.
Via: http://atlantic-cable.com//Cables/CableTimeLine/atlantic.htm, last revised: 20 March, 2019.

John Steel Gordon, A Thread Across the Ocean: The Heroic Story of the Transatlantic Cable. HarperCollins, 2003.

Pascal Griset, Les révolutions de la communication, XIXe-XXe siècle. Paris, Hachette, 1991.

Armand Mattelart, L'Invention de la communication. Paris, La Découverte, 1994.

Armand et Michèle Mattelart, Histoires des théories de la communication. Paris, La Découverte, 1995.

Armand Mattelart, Histoire de la société de l'information. Paris, La Découverte, 2006.

Thomas Meyer, Mediokratie. Die Kolonisierung der Politik durch das Mediensystem. Frankfurt am Main, Suhrkamp, 2001.

Emily S. Rosenberg (dir.), A World Connecting (1870-1945). Cambridge (MA), Harvard University Press, 2012.

M. Sauquet et al., (Sous la direction de), L'Idiot du village mondial. Les citoyens de la planète face à l'explosion des outils de la communication. Paris, C.L. Meyer, 2004.

*** DE POST:

Wolfgang Behtinger, Thurn und Taxis: Die Geschichte ihrer Post und ihrer Unternehmen. München, 1990.

E. A. B. J. ter Brink, Het Nederlandse postwezen vroeger en nu. Amsterdam, Wereldbibliotheek, 1956.

E. A. B. J. ter Brink, De geschiedenis van het postvervoer. Bussum, Fibula-Van Dishoeck, 1969.

Anne-Laure Cermak, La poste pneumatique, un système original d’acheminement rapide du courrier: l’exemple du réseau de Paris des origines à sa suppression, 1866-1984. 2003.

Paul Charbon, Quelle belle invention que la poste. Paris, Découvertes Gallimard, 1991.

Madeleine Fouché, La poste aus chevaux de Paris et ses maîtres de poste à travers les siècles. Paris, 1975.

Siegfried Grillmeyer, Habsburger Diener in Post Und Politik: Das Haus Thurn Und Taxis Zwischen 1745 Und 1867. 2005.

F.W.A. Habermann, Postroutes en postwagens in de 19de eeuw. Tijdschrift voor Economische Geografie, 41, deel 32, pp. 180 - 186, 1941.

J.D. Hayhurst O.B.E., The Pneumatic Post of Paris. The France & Colonies Philatelic Society of Great Britain, 1974.

Louis Lenain, La Poste de l'Ancienne France, des origines à 1791. 2 tomes. Arles, 1965.

Patrick Marchand, Voyageurs, postilons et brigands. Sour les routes de France au temps de diligences. Musée de la Poste, 2004.

Patrick Marchand, Le Maître de Poste et le messager. Les transport publics en France au temps des cheveaux, 1700 – 1850. Paris, Belin, 2006.

Pierre Nougaret, Bibliographie critique de l'histoire postale française: posts aux lettres, poste aux cheveaux, messageries et diligences. 2 vol.. Montpellier, 1970.

Mr. Dr. Overvoorde, Geschiedenis van het postwezen in Nederland vóór 1795, met de voornaamste verbindingen met het buitenland. Leiden, 1902.

Georges Rykner et Pierre Gobillot, La Poste pneumatique de Paris. Le Monde des philatélistes, 1975.

Fritz Sebastian, Thurn und Taxis. 350 Jahre Post. 1948.

Pelle Stampe, Geschiedenis van de post: van duiven tot levensgevaarlijke postvliegtuigen. Historia, 21 maart, 2017.
Via:https://historianet.nl/cultuur/geschiedenis-van-de-post-van-duiven-tot-levensgevaarlijke-postvliegtuigen.

Louis Trenard, De la route royale à l'âge d'or des diligences. In: Les Routes de France. Colloque, Cahiers de Civilisation publiés sous la direction de Guy Michaud. Paris, 1959, p. 102-133.

*** DE TELEGRAAF:

Alexis Belloc, Le télégraphe historique. Paris, 1888.

W.J.M. Benschop, Eduard Wenckebach en de Hollandsche IJzeren Spoorwegmaatschappij als baanbreker voor de openbare telegrafie in Nederland. Den Haag, Hoofdbestuur der Posterijen, Telegrafie en Telefonie, 1947.

Bern Dibner, The Atlantic Cable. Norwalk, Conn., Burndy Library Inc., 1959.

Roger Gachet, Le télegraphe optique de Claude Chappe. Editeur: Roger Gachet, 1993.

Georges Galfano, Le télégraphe Chappe dans l'Aude. Carcassonne, Arhiscom, 1986.

Georges Galfano, Histoire de télégraphes et téléphones dans l'Aude. Carcassonne, Arhiscom, 1990.

Ignace Urbain Jean Chappe, Histoire de la Télégraphe (1829). Whitefish MT, Kessinger Legacy Reprints, 2010.

Rob Korving en Bart van der Herten 'Red.), Een tijding met de snelheid des bliksems. De optische telegraaf in de Nederlanden (1800 - 1850), Leuven, Universitaire Pers Leuven, 1997.

Louis Michaud, Histoire Complète Des Télégraphes Depuis Leur Origine Jusqu'a Nos Jours (1853). Kissinger Legacy Reprint, 2010.

C. Ravaute et P. Carré, Télégraphes: Innovations techniques et société au 19e siècle. Ed. Telephone, 1996.

A.-L. Ternant, Les Télégraphes. Paris, Librairie Hachette et Cie, coll. « Bibliothèque des Merveilles », 1884.

A.-L. Ternant, Les télégraphes.
Tome I : Télégraphie optique. Télégraphie acoustique. Télégraphie pneumatique. Poste aux pigeons. Contenant 83 gravures sur bois.
Tome II : Télégraphie électrique. Contenant 230 gravures. (1844).
Paris, Librairie Hachette et Cie, Coll. : 'Bibliothèque des Merveilles', Deuxième édition revue par Alfred de Vaulabelle, 1887.

*** PROJECTIE:

Bernard Comment, Le XIXe siècle des panoramas. Paris, Société Nouvelles Adam Biro, 1995.

A. Gernsheim and H. Gernsheim, L.J.M. Daguerre: The History of the Diorama and the Daguerrotype. London, 1965.

François-Napoléon-Marie Moigno, L'Art des projections. Paris, 1872.

*** FOTOGRAFIE:

Quentin Bajac, L'Image révélée: L'Invention de la photographie. Paris, Découvertes Gallimard, 2001.

Quentin Bajac, La photographie: L'époque moderne 1880-1960. Paris, Découvertes Gallimard, 2005.

Geoffry Batchen, Burning with Desire: The Conception of Photography. Cambridge, Massachusetss, 1997.

Yvan Christ et al., 150 ans de photographie française. Photo-revue Editions, 1979.

Helmut and Alison Gernsheim, L.J.M. Gaguerre: The History of the Diorama and the Daguerrotype. London, 1965.

Anne de Mondenard, La Mission héliographique. Cinq photographes parcourent la France en 1851. Editions du Patrimoine, 2002.

H. J. Scheurer, Zur Kultur- und Mediengeschichte der Fotografie. Die Industrialisierung des Blicks. Köln, 1987.

*** DE TELEFOON:

Julien Brault, Le Télephone en 1888. Histoire de la Téléphonie Et Exploitation Des Téléphones En France Et à l’Etranger. London, Forgotten Books, Classic Reprint, 2018.

Patrice A. Carré, Le téléphone. Le monde à portée de voix. Paris, Découvertes Gallimard, 1993.

Jonathan Coopersmith, Faxed: The Rise and Fall of the Fax Machine. Baltimore, MD, John Hopkins University Press, 2015.

Bill Glover, History of the Atlantic Cable & Undersea Communications from the first submarine cable of 1850 to the worldwide fiber optic network. Atlantic Cables: 1856-2018.
Via: http://atlantic-cable.com//Cables/CableTimeLine/atlantic.htm, last revised: 20 March, 2019.

Jacques Pomonti, L'aventure du téléphone - une exception française. Hermès-Lavoisier, 2008.

Jean-François Ruges, Le téléphone pour tous. Paris, Seuil, 1970.

*** CINEMA, RADIO, TELEVISIE:

Musée Carnavalet, Paris grand-écran: Splendeur des salles obscures, 1895-1945. Musée Carnavalet - Paris-Musees, 1997.

Emmanuel Hoog, La téle. Une histoire en direct. Paris, Découvertes Gallimard, 2010.

F. Lacloche, Architectures de cinéma. Paris, Editions du Moniteur, 1981.

Henri Kubnick, Les Frères Lumiière. Plon, 1938.

Jacques Rittaud-Hutinet, Les frères Lumière: L'invention du cinéma. Paris, Flammarion, 1993.

Antoine Sabbagh, La Radio, Rendez-vous sur les ondes. Paris, Découvertes Gallimard, 1995.

Anthony Smith (ed.), Television: an internatioanl history. Oxford, Oxford University Press, 1995.

George Sweigert, War, Radio, and Me: The Story of the Portable Phone. CreateSpace Independent Publishing Platform, 2014.

----------

DE DIGITALISERING VAN MAATSCHAPPIJ, DUS OOK VAN HET REIZEN:


*** DIGITALISERING VAN DE WERELDSE SAMENLEVING:

Janet Abbate, Inventing the Internet. Cambridge, MA, The MIT Press, 1999.

D. Acemoglu et P. Restrepo, Artificial intelligence, automation and work. NBER Working Paper, n° 24196, 2018.

Jon Agar, Constant Touch: A Global History of the Mobile Phone. Icon Books Ltd., 2013.

Katherine Albrecht, Liz McIntyre, Spychips: How Major Corporations and Government Plan to Track Your Every Purchase and Watch Your Every Move. Plume, 2006.

Carol Allain, Génération Z: L'humanité numérique en marche. Éditions Château d'encre, 2019.

Julien Althuisius, De smartphone heeft ons veel gebracht, maar we zijn iets waardevols kwijtgeraakt. In: 'de Volkskrant', 27 december 2019, 15:01.
Via: https://www.volkskrant.nl/mensen/de-smartphone-heeft-ons-veel-gebracht-maar-we-zijn-iets-waardevols-kwijtgeraakt~ba9880c5/

Amnesty International, Surveillance Giants: How the business model of Google and Facebook threatens human rights. London, Amnesty International Ltd., 2019.
Via: https://www.amnesty.org/download/Documents/POL3014042019ENGLISH.PDF

Gillian "Gus" Andrews, Keep Calm and Log On: Your Handbook for Surviving the Digital Revolution. The MIT Press, 2020.

Bruno Arnaldi, Guillaume Moreau, Pascal Guitton (Sous la direction de), Réalité virtuelle et réalité augmentée. Mythes et réalités. ISTE Editions, 2018.

Nicole Aschoff, The Smartphone Society: Technology, Power, and Resistance in the New Gilded Age. Beacon Press, 2020.

Fynn Axelsen, Neue digitale Revolution - Blockchain?: Blockchain erklärt. 2020.

Thomas Christian Bächle, Digitales Wissen, Daten und Überwachung zur Einführung. Hamburg, Junius, 2016.

Miguel Benasayag, La Tyrannie des Algorithmes. Paris, Editions Textuel, 2019.

Georges Bernanos, La France contre les robots - Révolution Industrielle et Technologique (1947). Editions AOJB, 2019.

François de Bernard, L'homme post-numérique: Face à la société de surveillance générale. Editions Yves Michel, 2015.

Catharine Bertho, Télégraphes et téléphone, de Valmy au microprocesseur. Paris, Le Livre de Poche, 1981.

Catharine Bertho (Sous la direction de), Histoire des télécommunications en France. Paris, Erès, 1984.

Catherine Besteman and Hugh Gusterson, Life by Algorithms: How Roboprocesses Are Remaking Our World. Chicago, University of Chicago Press, 2019.

Pierre-Marc de Biasi, Le troisième cerveau. Petite phénoménologie du smartphone. CNRS éditions, 2018

Lena Bjurström (Editorial), Tous surveillés? Le commerce des données personnelles sur Internet. In: Politis, Dossier Société, 19 mars, 2015, pp. 16-21.

Dominique Boullier, Sociologie du numérique. Paris, Armand Colin, 2019.

Jérôme Bourdon et Valérie Schafer (Sous la direction de), Histoire de l'Internet, l'Internet dans l'histoire. Le Temps des médias n° 18, Nouveau Monde Editions, 2012.

Philippe Breton et Serge Proulx, L'Explosion de la communication à l'aube du XXIe siècle. Paris, La Découverte, 1993.

Philippe Breton, Serge Proulx, L'explosion de la communication. Introduction aux théories et aux pratiques de la communication. Paris, La Découverte, 2012.

Luc Bretonne (dir.), #100 idées pour une France numérique. Diateino, 2019.

Julien Brygo, Peut-on encore vivre sans Internet? In: Le Monde Diplomatique, août 2019.

Richard Campbell, Christopher Martin, Bettina Fabos, Media & Culture: Mass Communication in a Digital Age. Boston,MA, Bedford/St. Martin's, 2014.

Dominique Cardon, Culture numérique. Paris, Sciences Po, 2019.

Manuel Castells, La Galaxie Internet. Paris, Fayard, 2002.

Manuel Castells, Communication et pouvoir. Maison des Sciences de l'Homme, 2013.

Manuel Castells, Networks of Outrage and Hope: Social Movements in the Internet Age. Polity Press, 2nd Edition, 2015.

Paul E. Ceruzzi, Computing. A concise history. Cambridge, Mass. - London Engeland, The MIT Press, 2012.

E. Cohen, Mass Surveillance and State Control. The Total Information Awareness Project. Palgrave Macmillan, 2010.

Nick Couldry, Ulises A. Mejias, The Costs of Connection. How Data Is Colonizing Human Life and Appropriating It for Capitalism. Stanford University Press, 2019.

Martin Davis, Engines of Logic: Mathematicians and the Origins of the Computer. Norton, 2000.

Stanislas Dehaene, Yann le Clun, Jacques Girardon, La Plus Belle Histoire de l'intelligence. Paris, Odile Jacob, 2018.

Laura DeNardis, The Internet in Everything. Freedom and Security in a World With No Off Switch. Yale University Press, 2020.

Marc Dugain, Christophe Labbé, L'Homme Nu. La dictature invisible du numérique. Paris, Robert Laffont - Plon, 2016.

Franklin Foer, World Without Mind: The Existential Threat of Big Tech. Penguin Press, 2017.

B. J. Fogg, Persuasive Technology: Using Computers to Change What We Think and Do. San Francisco, CA, Morgan Kaufmann Publishers, 2003.

Scott Galloway, The Four. The Hidden DNA of Amazon, Apple, Facebook, and Google. New York, Portfolio/Penguin, 2017.

Barton Gellman, Dark Mirror. Edward Snowden and the Surveillance State. Bodley Head, 2020.

Mark Graham and Martin Dittus, Geographies of Digital Exclusion: Data Power and Inequality. Pluto Press, 2021.

Greenpeace International, Votre Cloud est-il net? Greenpeace International, 2015.

Jean-Claude Guédon, La planète cyber. Internet et cyberspace. Paris, Découverte Gallimard, 1996.

Bernard E. Harcourt, Exposed – Desire and Disobedience in the Digital Age. Harvard University Press, 2015.
Bernard E. Harcourt, La Société d'exposition - Désir et désobéissance à l'ère numérique. Paris, Seuil, 2020.

Matthew Hindman, The Internet Trap: How the Digital Economy Builds Monopolies and Undermines Democracy. Princeton University Press, 2018.

Andrew Hodges, Alan Turing: The Enigma. London, Vintage Books, 1983.

Christian Huitema, Et Dieu créa l'Internet. Paris, Eyrolles, 1995.

Francis Jauréguiberry, Les branchés du portable. Sociologie des usages. Paris, Presses universitaires de France, 2003.

Francis Jauréguiberry, S. Proulx (éds.), Internet, nouvel espace citoyen? Paris, L'Harmattan, 2003.

Andrew Keen, How to Fix the Future: Staying Human in the Digital Age. Atlantic Books, 2019.

Naomi Klein, Ne laissons pas les géants du web contrôler nos vies. In: Courrier international, N° 1547 du 25 juin au 1er juillet 2020.

Gaspard Koenig, La Fin de l'individu. Voyage d'un philosophe au pays de l'intelligence artificielle. Paris, Editions L'Observatoire - Le Point, 2019.

C. Lafontaine, L'Empire cybernétique. Paris, Seuil, 2004.

Franck Leroy, Réseaux sociaux & Cie, le commerce des données personnelles. Actes Sud, 2013.

Caroline Lequesne Roth, « L’encadrement des technologies de surveillance est une condition de la démocratie ». In: Le Monde, 23 janvier 2020.
Via: https://www.lemonde.fr/idees/article/2020/01/22/caroline-lequesne-roth-l-encadrement-des-technologies-de-surveillance-est-une-condition-de-la-democratie_6026778_3232.html

Yasha Levine, Surveillance Valley: The Secret Military History of the Internet. Icon Books Ltd., 2018.

Henri Lilen, La belle histoire des révolutions numériques. De Boeck, 2019.

Jean Lohisse, La planète numérisé ou l'informatique au-delà des usages. Bruxelles, Editions Labor, 2002.

Julien Mailland, Kevin Driscoll, Minitel: Welcome to the Internet. Cambridge Massachuts, MIT Press, 2017.

Kevin Maney, Why the World Hates Silicon Valley. In: Newsweek, 06-09-2016.
Via: https://www.newsweek.com/2016/06/17/silicon-valley-takeover-468182.html

Blaise Mao et Thomas Saintourens, Cyber Fragiles. Enquête sur les dangers de nos vies connectées. Paris, Editions Tallandier, 2016.

Michel Marchand, The Minitel Saga: A French Success Story. Larousse, Paris 1988.

John Markoff, What the Dormouse Said ... How the 60s Counterculture Shaped the Personal Computer Industry. New York, Viking Penguin, 2005.

Edward Mendelson, In the Depths of the Digital Age. In: The New York Review of Books, June 23, 2016 issue.

Martin Moore (Edited by), Digital Dominance: The Power of Google, Amazon, Facebook, and Apple. Oxford University Press, USA, 2018.

Vincent Mosco, To the Cloud: Big Data in a Turbulent World. Routledge, 2014.

Pierre-Éric Mounier-Kuhn, L'informatique en France de la seconde guerre mondiale au Plan Calcul. L'émergence d'une science. Paris, Presses Universitaires Paris-Sorbonne, 2010.

Amanda Mull, How Your Laptop Ruined Your Life. Smartphones aren’t the only killers of work-life balance. In: The Atlantic, February 10, 2020.
Via: https://www.theatlantic.com/technology/archive/2020/02/laptops-killed-work-life-balance/606334/?fbclid=IwAR0ebNLs1koREteCyWwYe60FUdQU3xwtUgXec9Mx-4vwu95dRePB1q8apN4

Simon Nora and Alain Minc, The Computerisation of Society, MIT Press, Cambridge Massachusetts 1980.

Loes Reijmer, De kunst van het verleiden op Instagram. In. 'de Volkskrant', 6 augustus 2019.
Via: https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/de-kunst-van-het-verleiden-op-instagram~bdd6ed5b/

Rémy Rieffel, Révolution numérique, révolution culturelle? Paris, Gallimard Folio, 2014.

Jean-Yves Rincé, Le Minitel. Paris, PUF, 1985.

Paul Rosenzweig (narrator and author), The Surveillance State: Big Data, Freedom, and You. Audiobook. The Great Courses, 2016.

Douglas Rushkoff, Les 10 Commandement de l'ère numérique. Fyp Editions, 2012.

Eric Sadin, La Vie Algorithmique. Critique de la raison numérique. Paris, Editions L'échappée, 2015.

Valérie Schafer et Benjamin G. Thierry, Le Minitel, l'enfance numérique de la France. CIGREF avec NUVIS, Collection Économie et Prospective numériques, 2012.

Eric Schmidt and Jared Cohen, The New Digital Age: Transforming Nations, Businesses, and Our Lives. New York, Vintage, 2014.

Bruce Schneier, Data and Goliath: The Hidden Battles to Collect Your Data and Control Your World. New York / London, W.W Norton & Co, 2013.

Sergio Amadeu da Silveira (Sous la direction de), Everything about Every@ne: Digital Networks, Privacy and the Personal Data Trade. Edições Sesc SP, Format Kindle, 2017.

Chris Skinner, Digital Human: The Fourth Revolution of Humanity Includes Everyone. John Wiley & Sons Inc., 2018.

Oliver Stengel, Alexander van Looy, Stephan Wallaschkowski (Hrsg.), Digitalzeitalter - Digitalgesellschaft. Das Ende des Industriezeitalters und der Beginn einer neuen Epoche. Springer VS, 2017.

Roger de Le Taillandier, Dans l'enfer du Minitel rose. Paris, Editions Bernard de Fallois, 1989.

Fred Turner, From Counterculture to Cyberculture: Stewart Brand, the Whole Earth Network, and the Rise of Digital Utopianism. Chicago, University of Chicago Press, 2008.

Siva Vaidhyanathan, The Googlization of Everything (and Why We Should Worry). Berkeley, University of California Press, 2011.

Stéphane Vial, L'être et l'écran - Comment le numérique change la perception. Paris, Presses Universitaires de France, 2013.

Joel Waldfogel, Digital Renaissance. What Data and Economists Tell Us about the Future of Popular Culture. Princeton University Press, (uncorrected advance proof), 2018.

Shoshana Zuboff, The Age of Surveillance Capitalism. The Fight for a Human Future at the New Frontier of Power. London, Profile Books Ltd., 2019.

*** DIGITALISERING VAN HET REIZEN EN VAN HET TOERISME:

Atout France, Réseaux et médias sociaux dans le tourisme. Paris, Atout France, 2011.

Atout France, Le numérique et les offices de tourisme. Paris, Atout France, Collection: Developpement touristique, série Analyses marketing, 2011

Eda Avci, Enhancing the Cultural Tourism Experience Through Augmented Reality. In Globe - Advances in Global Business and Economics, 2019, Volume 2, pp. 213-230, ANANEI Publishing, 2019.

Alistair Barr, 'Google Maps Guesses Where You're Headed Now'. In: Wall Street Journal (blog), January 13, 2016.
Via/ http://blogs.wsj.com/digits/2016/01/13/google-maps-guesses-where-youre-headed-now.

Beer Bergman, Bienvenue à l'Hospitalité Digitale - Le nouveau prisme du marketing en ligne. Editions Kawa, 2018.

Elena Bondarik, Digital transformation in travel and tourism. 08/17/2018.
Via: https://www.geospatialworld.net/blogs/digital-transformation-in-travel-and-tourism-the-customer-journey/

Charlotte Bouillot, Tripadvisor: The Online Travel Community. How a crowdsourced review website transformed an industry. 50minutes.com, 2016.

P. Buonincontri & R. Micera, The experience co-creation in smart tourism destinations: a multiple case analysis of European destinations. Information Technology & Tourism, 16(3), 285-315, 2016.

P. Buonincontri & A. Marasco, Enhancing cultural heritage experiences with smart technologies: An integrated experiential framework. European Journal of Tourism Research 17, 3-101, 2017.

L. Cantoni & Z. Xiang (Eds.), Information and communication technologies in tourism. Berlin-Heidelberg, Springer-Verlag. 2013.

G. Casella & M. Coelho, Augmented heritage: situating augmented reality mobile apps in cultural heritage communication. Proceedings of the International Conference on Information Systems and Design of Communication, Lisboa, Portugal, July 11- 12, 2013, pp. 138-140.

Sophy Caulier, Dossier: Le numérique entre réel et virtuel. Addenda par Sophy Caulier: 'Au secours du tourisme, du patrimoine et de la culture'. In: Le Monde 03-09-2019, pp. 14-15.

John Ch Lok, Learning Big Data Gathering To Predict Travel Industry Consumer Behavior. Independently published, 2018.

K. Cheverst, N. Davies, K. Mitchell, A. Friday, and C. Efstratiou, “Developing a Context-Aware Electronic Tourist Guide: Some Issues and Experiences.” In: Proceedings of the SIGCHI conference on Human factors in computing systems. New York, ACM, pp. 17-24, 2000.

Andrea Fortuna ?chiopu, Ana Mihaela Padurean, Madalina Lavinia ?ala and Ana-Maria Nica, The influence of new technologies on tourism consumption behavior of the millennials.
In: Contemporary Approaches and Challenges of Tourism Sustainability, Vol. 18, Special Issue No. 10, pp. 829-846, November 2016.

M. Conyette, 21st century travel using websites, mobile and wearable technology devices. Athens: ATINER’s conferences Paper Series, No. TOU2015-1475, 2015.

E. Cranmer, M.C. tom Dieck, T. Jung. How Can Tourist Attractions Profit from Augmented Reality? In: T. Jung & M. C. tom Dieck (Eds.), Augmented Reality and Virtual Reality- Empowering Human, Place and Business, Springer, 2017.

M. C. tom Dieck, T. Jung & D. I. Han, Mapping requirements for the wearable smart glasses augmented reality museum application. Journal of Hospitality and Tourism Technology, 7(3), 2016, pp. 230-253.

M. C. tom Dieck & T. H. Jung, Value of augmented reality at cultural heritage sites: A stakeholder approach. Journal of Destination Marketing & Management, 6(2), 2017, pp. 110-117.

Brice Duthion, Cyrille MandouL, L'innovation dans le tourisme. Culture numérique et nouveaux modes de vie. De Boeck - Collection Tourisme - Compétences et métiers. De Boeck Université, 2016.

F. Femenia-Serra, J.F. Perles-Ribes & J.A. Ivars-Baidal, (2018). Smart destinations and tech-savvy millennial tourists: hype versus reality. In: Tourism Review, 2018.
Via: http://doi.org/https://doi.org/10.1108/TR-02-2018-0018

Fingnet - Shaping the Future, How Is Augmented Reality Reshaping Travel and Tourism. Feb 05,2019
Via: https://www.fingent.com/blog/how-is-augmented-reality-reshaping-travel-and-tourism/

E. R. Fino, J. Martín-Gutiérrez, M.D.M. Fernández & E.A. Davara, Interactive tourist guide: Connecting web 2.0, augmented reality and QR codes. Procedia Computer Science, 25, 338-344, 2013.
Via: https://doi.org/10.1016/j.procs.2013.11.040.

F. Fritz, A. Susperregui and M.T. Linaza, Enhancing Cultural Tourism experiences with Augmented Reality Technologies. In: M. Mudge, N. Ryan, R. Scopigno (Editors), The 6th International Symposium on Virtual Reality, Archaeology and Cultural Heritage VAST, Short Presentations, 2005.

P. Galatis, D. Gavalas, V. Kasapakis, G. Pantziou & C. Zaroliagis, Mobile Augmented Reality Guides in Cultural Heritage. Proceedings of the 8th EAI International Conference on Mobile Computing, Applications and Services, Cambridge, Great Britain, November 30-December 1, 2016, pp. 11-19.

K. ten Hagen, M. Modsching and R. Kramer, A location aware mobile tourist guide selecting and interpreting sights and services by context matching. In: Proceedings of the 2nd Annual International Conference on Mobile and Ubiquitous Systems: Networking and Services, 2005.

S. Harkness, Wearable and wanderlust: How technology is changing travel. 2015.
Via: http://www.screenpilot.com/2015/03/wearables-wanderlust-how-technology-is-changing-travel/

Francis Jauréguiberry et Jocelyn Lachance, Le voyageur hypermoderne. Partir dans un monde connecté. Toulouse, Editions érès, 2016.

I. Jeacle and C. Carter, "In TripAdvisor we trust: rankings, calculative regimes and abstract systems'. In: Accounting, Organizations and Society, Vol. 36, pp. 293-309, 2011.

Timothy Jung, M.C.tom Dieck, M. Claudia (Eds.), Augmented Reality and Virtual Reality Empowering Human, Place and Business. Springer, 2017.

KANTAR TNS, Les Français connectés en vacances. Rapport complet, Juin 2017.
Via/https://www.tns-sofres.com/sites/default/files/2017.06.26-orange.pdf.

Chris D. Kounavis, Anna E. Kasimati, Efpraxia D. ZamaniFirst, Enhancing the Tourism Experience through Mobile Augmented Reality: Challenges and Prospects. In: International Journal of Engineering Business Technology, January 1, 2012.
Via: https://journals.sagepub.com/doi/full/10.5772/51644

R. Kramer, M. Modsching, K. Hagen and U. Gretzel. (2007). “Behavioural Impacts of Mobile Tour Guides.” In: Information and Communication Technologies in Tourism, 2007, edited by M. Sigala, L. Mich, and J. Murphy. Vienna: Springer, pp. 109-118.

J. Lendino, Google Glass: Everything you need to know. 2014.
Via: http://www.pcmag.com/article2/0,2817,2416488,00.asp

Breno Machado et al., Adapting to the Internet: Trends in Travelers' Use of the Web for Trip Planning.
Via: https://www.academia.edu/36492489/Adapting_to_the_Internet_Trends_in_Travelers_Use_of_the_Web_for_Trip_Planning?email_work_card=thumbnail (O8-01-2020.)

Alexis C. Madrigal, 'How Google Builds Its Maps - and What It Means for the Future of Everything. In: Atlantic, September 2012.
Via: http://www;theatlantic.com/technology/archive/2012/09/how-google-builds-its-maps-and-what-it-means-for-the-future-of-everything/261913

Mezwofa (Manufactored by), Smart Instant Voice Translator 40+ Languages T8 Two-Way Real Time Multi-Languages Speech Interactive Translation Tool 2.4G Bluetooth Portable Support Chinese Arabic (Black). Consulted online, 2020.

Mortentr (Manufactured by), Language Translator Device Offline Translator Device Two Way Instant Voice Translator. Support 106 Languages with Camera Translation for Travelling Abroad Learning Shopping Business Chat Shopping Black. Smart translator:This translator integrate the world's leading AI translation engine: Google, Microsoft, Baidu, and IFLYTEK, support 2-way translator with 106 languages online, 8 languages offline real time translation which cover 98% of countries in the world. It has ultra-high translating accuracy for complicated sentences, the accuracy rate can reach to 98%. Consulted online, 2020

Vinay Prajapati, Augmented Reality (AR) for the Travel and Tourism Industry. In: techrevue, Feb 16, 2020.
Via: https://www.techprevue.com/augmented-reality-travel-tourism/

J. Rasinger, M. Fuchs, W. Höpken, and T. Beer, Building a mobile tourist guide based on tourists' on-site information needs. Tourism Analysis, 14(4), 2009, pp.483-502.

August Ray, These Practices Of Augmented Reality In Tourism Industry Will Make Your Jaw Drop! In: Augray experience redefined, May 16, 2019.
Via: https://augray.com/blog/augmented-reality-in-tourism-industry/

Prateek Saxena, How is Augmented Reality reshaping Travel and Tourism. March 16, 2020.
Via: https://appinventiv.com/blog/augmented-reality-in-travel-and-tourism/

Social Media and Tourism Marketing: A Match Made In Digital Heaven. uhurunetwork.com, 2018.

Caroline Scarles and Jo-Anne Lester (Eds.), Mediating the Tourist Experience: From Brochures to Virtual Encounters. Farnham,. UK: Ashgate Publishing, 2013.

Mrudul Shah, How Augmented Reality (AR) is Changing the Travel & Tourism Industry. Aug 21, 2019.
Via: https://towardsdatascience.com/how-augmented-reality-ar-is-changing-the-travel-tourism-industry-239931f3120c

M. Sigala, L. Mich, and J. Murphy, Information and Communication Technologies in Tourism. Vienna, Springer, 2007.

Brad Stone, The Upstarts: Uber, Airbnb and the Battle for the New Silicon Valley. Back Bay Books, 2018.

A. Tate, (2012). Google glasses (Project glass): The future of human computer interaction? 2012.
Via: http://usabilitygeek.com/google-glasses-project-glass-the-future-of-human-computer-interaction/

Iis P. Tussyadiah, Dan Wang, Tourists’ Attitudes toward Proactive Smartphone Systems. SAGA Publications, First Published December 16, 2014.
Via: https://journals.sagepub.com/doi/10.1177/0047287514563168

Iis P. Tussyadiah, Dan Wang, Tourists’ Attitudes toward Proactive Smartphone Systems. In: Journal of Travel Research, December 16, 2014.
Via: http://jtr.sagepub.com/content/early/2014/12/15/0047287514563168.full.pdf+html

Iis P. Tussyadiah, Expectation of travel experiences with wearable computing devices. In: Z. Xiang, & I. Tussyadiah (Eds.), Information and communication technologies in tourism. Switzerland, Springer International Publishing, 2014.

Iis P. Tussyadiah and Dan Wang, Tourists' attitudes towards proactive smartphone systems. In: Journal of Travel Research, Sage Publications, december 16, 2014.
Via: https://www.academia.edu/10023013/Tourists_Attitudes_toward_Proactive_Smartphone_Systems?email_work_card=thumbnail

Geneviève Vidal et al., La médiation numérique muséale: Un renouvellement de la diffusion culturelle. Bordeaux, Presses Universitaires de Bordeaux, 2018.

Dan Wang & Z. Xiang, The New Landscape of Travel: A Comprehensive Analysis of Smartphone Apps. In: Information and Communication Technologies in Tourism, 38, pp. 308-319, 2012.

Dan Wang, Sangwon Park and Daniel R. Fesenmaier, The Role of Smartphones in Mediating the Touristic Experience. In: Journal of Travel Research, n° 51, 2012.
Via: http://jtr.sagepub.com/content/51/4/371

Doug Williams, Is Technology ruining the wilderness experience. Publish Date: Jun 28, 2017.
Via: https://www.outdoorrevival.com/adventure/technology-ruining-wilderness-experience.html

Zkeng Xiang, I. Tussyadiah (Eds.), Information and Communication Technologies in Tourism. Springer, Heidelberg, 2014.

Zheng Xiang, Daniel R. Fesenmaier (Editors), Analytics in Smart Tourism Design: Concepts and Methods (Tourism on the Verge). Springer, 2017.

----------

MAATSCHAPPELIJKE ONTWIKKELINGEN QUA TIJD, TIJDSERVAREN, SNELHEID EN VERSNELLING:


Barbara Adam, A. Karlheinz, Martin Held (Hg.), Die Nonstop-Gesellschaft und ihr Preis. Stuttgart/Leipzig, 1998.

Ken Auletta, Googled: The End of the World as We Know It. New York, Penguin, 2010.

F. Ascher, F. Godard (éds.), Modernité: la nouvelle carte du temps. Editions de l'Aube, 2002.

F. Ascher, De la société à toute vitess à une société de toutes vitesses. In: Cahiers du Conseil national des Ponts et Chaussées, février 2003.

Association Echange et projets, La Révolution du temps choisi. Paris, Albin Michel, 1980.

Nicole Aubert, Le culte de l'urgence: La société malade du temps. Paris, Flammarion, 2009.

Lotahr Baier, Pas le temps! Traité sur l'accélération. Arles, Actes Sud, 2002.

Lucien Baillaud, « Les chemins de fer et l’heure légale ». Dans: Revue d’histoire des chemins de fer, n° 35, pp. 25-40, 2006.

Louis Baudry de Saunier, Histoire Générale de Vélocipédie. Paris, ?Paul Ollendorff, Paris 1891.

Robert Beck, Histoire du dimanche de 1700 à nos jours. Editions de l'Atelier,1997.

Claudia Bell and John Lyall, The accelerated sublime. Landscape, tourism and identity. Westport, Connecticut, 2001.

H. J. Boersma et al., Aspecten van tijd. Kampen, Uitgeverij Kok, 1988.

Peter Borscheid, Das Tempo-Virus: eine Kulturgeschichte der Beschleunigung. Frankfurt am Main - New York, Campus, 2004.

Jacqueline de Bourgoing, Le calendrier, maître du temps? Paris, Gallimard, 2000.

Andreas Braun, Tempo, Tempo! Eine Kunst- und Kulturgeschichte der Geschwindigkeit im 19-en Jahrhundert. Frankfurt am Main, 2001.

David Le Breton (dir.), L’Aventure. La passion des détours. Paris, Autrement, coll. ‘Mutations’, n°. 160, 1996.

David Le Breton, Marcher - Eloge des chemins et de la lenteur. Editions Anne-Marie Métailié, 2012.

Armand-François Collin, L'Unification de l'heure à Paris et dans toute la France (Ed. 1880). Paris, Hachette Livre BNF, 2016.

Albin Corbin, Les cloches de la terre. Paysage sonore et culture sensible dans les campagnes au XIXe siècle. Paris, Albin Michel - Champs Flammarion, 1994.

Adeline Daumard, Oisiveté et Loisirs dans les sociétés occidentales au XIXe. Colloque pluridisciplinaires. Université d'Amiens, 1982.

E.J. Dijksterhuis, De mechanisering van het wereldbeeld. Amsterdam, Amsterdam University Press, 2006.

Gerhard Dohrn-van Rossum, Die Geschichte der Stunde. Uhren und moderne Zeitordnung. München-Wien, 1992.
Gerhard Dohrn-van Rossum, L'histoire de l'heure - L'horlogerie et l'organisation moderne du temps. Paris, Editions de la Maison des sciences de l'homme, 1997.

D. Draaisma, Het verborgen raderwerk. Over tijd, machines en bewustzijn. Baarn, Uitgeverij Ambo, 1990.

G. Dux, Die Zeit in der Geschichte. Ihre Entwicklungslogik vom Mythos zur Weltzeit. Frankfurt am Main, 1992.

Thomas L. Friedman, Thank You for Being Late: An Optimist's Guide to Thriving in the Age of Accelerations. Farrar, Straus and Giroux, 2016.

Jacques Gapaillard, Histoire de l'heure en France. Paris, Vuibert, 2011.

Manfred Garhammer, Wie Europäer ihre Zeit nutzen. Zeitstrukturen und Zeitkulturen im Zeichen der Globaliserung. Berlin, Sigam, 1999.

Peter Gendolla, Zeit. Zur Geschichte der Zeiterfahrung. Köln, 1992.

Jean Giono, Colline. Paris, Bernard Grasset, 1929.

Sylvie Giono, Jean Giono à Manosque. Le Paraïs, la maison d’un rêveur, Belin, 2012.

Richard Glasser, Studien zur Geschichte des französischen Zeitbegriffes. München, 1936.

James Gleick, Faster: The Acceleration of Just About Everything. Vintage, 2000.

James Gleick, The Information. A History, a Theory, a Flood. Pantheon, 2011.

J. Graf, Moderne Zeiten - Zeitmesserung auf dem Weg in die Gegenheit. 2006.

Adam Hart-Davis, Het verhaal van de tijd. Fontaine Uitgevers B.V., 2011.

Raymond Henry, Du Vélocipède au Dérailleur moderne. La Surprenante histoire des changements de vitesse. Saint-Etienne, Association des amis du Musée d'art et d'industrie de Saint-Étienne, nouvelle édition corrigée et réactualisée, 2003.

Hélène L'Heuillet, Eloge du retard. Paris, Albin Michel, 2020.

Gilles Heuré, Mort de Paul Virilio, théoriticien de la vitesse et lanceur d’alerte avant l’heure. In: Télérama, 19/09/2018.
Via: https://www.telerama.fr/idees/mort-de-paul-virilio,-theoricien-de-la-vitesse-et-lanceur-dalerte-avant-lheure,n5813242.php

M. van den Heuvel, Tracy Metz, Nature As Artifice. New Dutch Landscape in Photography and Video Art. Rotterdam, NAi uitgevers, 2008.

Andrew Hodges, Alan Turing: The Enigma. London, Vintage Books, 1983.

Gerhard Hormann, Het nieuwe nietsdoen. Ontdek het geheim van het simpele leven. Just Publishers, 2017.

Marie-Clotilde Hubert, Construire le temps: normes et usages chronologiques du moyen âge à l'époque contemporaine. Librairie Droz, 2000.

Peter Jay, Igor A. Jenzen, Uhrzeiten. Die Geschichte der Uhr und ihres Hebrauches. Frankfurt am Main, 1989.

W. Kaschuba, Die Überwindung der Distanz: Zeit und Raum in der Europäischen Moderne. Frankfurt/M., Fischer Tashenbuch Verlag, 2004.

Kay Kirchmann, Verdichtung, Weltverlust Und Zeitdruck: Grundzüge Einer Theorie Der Interdependenzen Von Medien, Zeit Und Geschwindigkeit Im Neuzeitlichen Zivilisationsprozeß. Opladen, Vs Verlag für Sozialwissenschaften, 1998.

Milan Kundera, La lenteur. Paris, Gallimard, 1997.

Paul Lafargue, Le droit à la paresse. Réfutation Du Droit au Travail de 1848. Paris, Henry Oriol Editeur, 1883 (1880).

Zaki Laïdi, La tyrannie de l'urgence. Cerf, 1999.

David Saul Landes, Revolution in Time. Clocks and the Making of the Modern World. The Belknap Press of Harvard University Press, 1983.
David Saul Landes, L’Heure qu’il est: les horloges, la mesure du temps et la formation du monde moderne. Paris, Gallimard, 1987.

Robert Levine, Eine Landkarte der Zeit. Wie Kuluren mit Zeit umgehen. München/Zürich, 1997.

Kristen Lippincott et al., The Story of Time. Merrell Publishers, 2003.

Eugène Marsan, Eloge de la paresse. Paris, Hachette, 1926.

Olga Mecking, Niksen: De Dutch art of luieren. Kosmos Uitgevers, 2020.

Paul Morand, De la vitesse, Paris, Edition KRA, 1929

Paul Morand, Eloge du repos. Apprendre à se reposer. Paris, 1937.

Emile Noël (Introduction par), L'espace et le temps aujourd'hui. Paris, Seuil, 1983.

Wilhem de Nordling, L'Unification des heures. In: BSG, VII, XI, pp. 111--37, 1890.

Le Nouvel Observateur Hors-Série, n° 43. Génération vitesse. Paris, Le Nouvel Observateur, mars-avril, 2001. -

Jenny Odell, How to do nothing. Resisting the Attention Economy. Melville House, 2019.

Gijs van Oenen, ‘Paul Virilio’, in: Bram Ieven, Aukje van Rooden, Marc Schuilenberg e.a.(eds.), De nieuwe Franse filosofie. Denkers en thema’s voor de 21e eeuw. Amsterdam, 2011.

J. Ollivro, L'homme à toutes vitesses. De la lenteur homogène à la rapidité différenciée. Rennes, Presses universitaires de Rennes, 2000.

J. Ollivro, Quand la vitesse change le monde. Rennes, Apogée, 2006.

André Rauch, Paresse: histoire d’un peché capital. Paris, Armand Colin, 2013.

Frédéric Régamy, Vélocipédie et Automobilisme. Tours, A. Mame et Fils, 1898.

Hartmut Rosa, Beschleunigung. Die Veränderung der Zeitstrukturen in der Moderne. Suhrkamp Verlag, 2005.
Hartmut Rosa, Accélération Une critique sociale du temps. Paris, La Découverte, 2013.

Hartmut Rosa & William Scheuerman, High-Speed Society. Social Acceleration, Power and Modernity. Pensylvania, Pensylvania State University, 2009.

Hartmut Rosa, Alienation and Acceleration: Towards a Critical Theory of Late-Modern Temporality. Nordic Summer University Press, 2010.
Hartmut Rosa, Aliénation et accélération. Vers une théorie critique de la modernité tardive, La Découverte, 2012.

Hartmut Rosa, Weltbeziehungen im Zeitalter der Beschleunigung: Umrisse einer neuen Gesellschaftskritik. Berlin, Suhrkamp Verlag, 2011.

Hartmut Rosa, Resonanz: Eine Soziologie der Weltbeziehung. Suhrkamp Verlag, Taschenbuch Wissenschaft, 2016.

Hartmut Rosa (Propos recueillis et traduits par Martin Legros), 'Pour résoner, il faut admettre que les choses nous échappent'. Dans: Philosophie Magazine, Mensuel n° 136, pp. 66-71, Février 2020.

J. M. Salmon, Un monde à grande vitesse. Paris, Grasset, 2000.

Pierre Sansot, Du bon usage de la lenteur. Paris, Rivages, 2000.

Jean Souchay, La Mesure du Temps. Observatoire de Paris, Conférence UniverCité ouverte de Gif sur Yvette, 10 janvier, 2013.

C. Studeny, L'invention de la vitesse. France XVIIIe-XXe siècle. Paris, Gallimard, 1995.

Ir. P. Telder, Het wonder der snelheid. Amsterdam, H. J. W. Becht – Uitgever, z.j..

Herman van Veen, Opzij, Opzij. Wij hebben een ongelooflijke haast.
Via: https://www.youtube.com/watch?v=Q9gbui71QSw&list=PLBSWvcuFaK1LO2Cv71UUfjwJyYdWv_9rm&index=2

Leonard van Veldhoven, Mayet Morbier Comtoise. Geboorte en levensloop van een legendarisch uurwerk. Leonard van Veldhoven, 2013.
Leonard van Veldhoven, Mayet Morbier Comtoise. Birth and Life of a Legendary Clock. Published by Leonard van Veldhoven, 2014.

Ger Verhoeve, Sneller ! Amsterdam – Marseille. Een korte geschiedenis. In: Het Parool – PS van de week, pp. 22-27, 21 juni, 2003.

Ger Verhoeve, 'Oeverloos' reizen naar het zuiden. Februari, 2020.
Via: https://www.defranseverleiding.nl/Oeverloos.html

Ger Verhoeve, © A.W. Engelen (1804-1890) © H.J.A. Hofland (1927-2016) © Ger Verhoeve (1951-20??). Over tijd, reizen en snelheid. April, 2020
Via: https://www.defranseverleiding.nl/Engelen.html

Laurent Vidal, Les hommes lents. Résister à la modernité, XVe-XXe siècle. Paris, Flammarion, 2020.

Paul Virilio, Vitesse et Politique: essai de dromologie. Editions Galilée, 1977.
Paul Virilio, Speed and politics. Semiotexte, new edition edition, 2006.

Paul Virilio et al., Nomades et vagabonds. Union générale d'éditions 1977.

Paul Virilio, La crise des dimensions: la représentation de l'espace et la notion de dimension, École spéciale d'architecture, 1983.

Paul Virilio, L'Horizon négatif: essai de dromoscopie. Editions Galilée, 1984.
Paul Virilio, Het Horizon-Negatief. Essay over dromoscopie. Amsterdam, Duizend en één, 1989.

Paul Virilio (entretien avec Philippe Petit), Cybermonde, la politique du pire. Les Editions Textuel, 1996.

Paul Virilio, La Bombe informatique : essai sur les conséquences du développement de l'informatique. Editions Galilée, 1998.

Judy Wajcman, Pressed for Time: The Acceleration of Life in Digital Capitalism. Chicago, University of Chicago Press, 2016.

R. Wendorff, Zeit und Kultur. Geschichte des Zeitbewusstseins in Europa. Opladen, 1985.

Maartje Willems en Lona Aalders, Niksen: Lang leve het lanterfanteren. Utrecht, Spectrum, 2020.

Eviatar Zerubavel, ‘The standardization of time: a sociohistorical perspective’. In: American Journal of Sociology 88, 1, pp. 1–23, 1982.

----------

FRANSE EN 'VAN ELDERS' MAATSCHAPPELIJK EN CULTURELE GESCHIEDENIS EN TEGENWOORDIGE BESCHOUWINGEN:


Fabrice Abbad, La France des années 1920, Paris, Armand Colin, 1993.

Luce Abeles & Guy Cogeval (Editeurs), La vie de Bohème. Catalogue. Exposition présentée au Musee d'Orsay du 19 décembre 1986 au 1er mars 1987. Paris, Ministere de la Culture, 1986.

Yann Algan et Pierre Cahuc, La société de défiance. Comment le modèle social français s'autodrétuit. Paris, Coll. Cepremap, Editions rue d'Ulm, 2007.

Yann Algan, Pierre Cahuc, André Zilberberg, La Fabrique de la défiance ... et comment s'en sortir. Paris, Albin Michel, 2013.

Carol Allain, Génération Z: L'humanité numérique en marche. Éditions Château d'encre, 2019.

Henry Southworth Allen, Going too far enough. American culture at century's end. Washington and London, Smithsonian Institution Press, 1994.

Henry Allen, What it felt like: Living in the American Century. Pantheon Books, 2000.

Pascal Bruckner, Misère de la prospérité. La réligion marchande et ses ennemis. Paris, Bernard Grasset, 2002.

Jacques Généreux, La Dissociété. À la recherche du progrès humain - 1. Paris, Éditions du Seuil, coll. « Points Essais », 2011.

Jacques Généreux, L'autre société. À la recherche du progrès humain - 2. Paris, Éditions du Seuil, coll. « Points Essais », 2011.

Jacques Généreux, La grande régression. À la recherche du progrès humain - 3. Paris, Éditions du Seuil, coll. « Points Essais », 2011.

Martin Halliwell, Catherine Morley (Eds.), American Thought and Culture in the 21st Century. Edinburgh, Edinburgh University Press Ltd., 2008

Mark Hunyadi, La tyrannie des modes de vie. Sur le paradoxe moral de notre temps. Lormont, Le Bord de l'Eau, 2015.

Joel Kotkin, The Coming of Neo-Feudalism: A Warning to the Global Middle Class. Encounter Books, USA, 2020.

Gilles Lipovetsky, L'ère du vide. Essais sur l'individualisme contemporain. Paris, Gallimard, 1983, et 1993 pour la postface.

Gilles Lipovetsky, L'empire de l'éphémère. Paris, Gallimard, 1987.

Gilles Lipovetsky, Le Bonheur paradoxal: essai sur la société d'hyperconsommation. Paris, Gallimard, 2006.

Gilles Lipovetsky, De la légèreté. Vers une civilisation léger. Paris, Editions Grasset & Fasquelle, 2015.

Blair H. Sheppard et al., Ten Years to Midnight: Four Urgent Global Crises and Their Strategic Solutions. Berrett-Koehler Publishers, 2020.

G. Schulze, Die Erlebnisgesellschaft - Kultursoziologie der Gegenwart? Frankfur am Main, Campus Verlag, 1992.

----------

OVER CULTURELE ANTROPOLOGIE, OVER DE ONTWIKKELING VAN LEEFSTIJLEN, OMGANGSVORMEN, WAARDEN, MENTALITEIT EN LEVENSNIVEAU:


M. Allem, La Vie quotidienne sous le Second Empire. Paris, Hachette 1948.

Ann Taylor Allen, Feminism and Motherhood in Western Europe 1890-1970. New York, Palgrave, 2005

J.-P. Aron (présenté par), Misérable et Glorieuse: la Femme du XIXe siècle. Paris, Fayard, 1981.

Philippe Ariès, Histoire des populations françaises et de leurs attitudes devant la vie depuis le XVIIIe siècle. Paris, Seuil, Points-Histoire, 1971.

Philippe Ariès, Essais sur l'histoire de la mort en Occident du Moyen Age à nos jours. Paris, Editions du Seuil, 1975.

Philippe Ariès et George Duby (Collection dirigée par), Histoire de la vie privée. Paris, Seuil, 1999-2000.
- 1. De l'Empire romain à l'an mil.
- 2. De l'Europe féodale à la Renaissance.
- 3. De la Renaissance au Lumières.
- 4. De la Révolution à la Grande Guerre.
- 5. De la Première Guerre mondiale à nos jours.

Nicole Aubert (Dir.), L'Individu hypermoderne. Erès, 2004.

Georges de Vicomte Avenel, Le méchanisme de la vie moderne. Paris, Colin, 1902.

Honoré de Balzac, La Comédie humaine. 1829-1850. Paris, Gallimard, La Pléiade, 1936.

Anne-Marie Baron, Le Paris de Balzac. Editions Alexandrines, 2016.

Jean-Baptiste Baronian, Le Paris de Simenon. Editions Alexandrines, 2016.

Louis Batiffol, La Vie de Paris sous Louis III. L'existence pittoresque des Parisiens au XVIIe siècle. Paris, Calman-Lévy, Editeurs, 1932.

C. Baudelot, R. Establet, J. Malemort, La Petite Bourgeoisie en France. Paris, Maspero, 1974.

Beauger, Paris au XIXe siècle. Recueil de scènes de la vie parisienne. (Ed. 1841). Ré-éd., Paris, Hachette Livre BNF, 2017.

Robert Beck, Histoire du dimanche de 1700 à nos jours. Editions de l'Atelier,1997.

Walter Benjamin, Baudelaire. Een dichter in het tijdperk van het hoog-kapitalisme. Amsterdam, Arbeiderspers, 1979.

Yves-Marie Bercé, Fête et révolte. Des mentalités populaire du XVIe au XVIIIe siècle. Paris, 1976.

Bertall, La comédie de notre temps. La civilité - les habitudes - les moeurs - les coutumes - les manières et les manies de notre époque. Paris, E.Plon & Cie, 1874.

Jean-Paul Bertaud, La vie quotidienne en France au temps de la Revolution, 1789-1795. Paris, Hachette, 1983.

Philippe Berthier, La vie quotidienne dans La Comédie humaine de Balzac. Paris, Hachette, 1996.

François Bluche, La vie quotidienne de la noblesse française au XVIIIe siècle. Paris, 1980.

François Bluche, La vie quotidienne au temps de Louis XIV. Paris, Hachette, 1991.

Jean-Claude Bologne, Du flambeau au bûcher. Magie et superstition au Moyen Age. Paris, Plon, 1993.

Hervé Le Bras, Se sentir mal dans une France qui va bien. La société paradoxale. Editions de l'Aube, 2019.

Fernard Braudel, L'identité de la France. Tome 1: Espace et Histoire; tomes 2 et 3: Les Hommes et les choses. Paris, Editions Arthaud, 1986.

Jean de La Bruyère, ?Les caractères ou les moeurs de ce siècle [suivi de] Suite des caractères de Théophraste et des pensées de Mr. Pascal. Deux tomes. ?Paris, Etienne Michallet, 1697.

Docteur Cabanès, Moeurs Intime du passé. En 12 volumes. Paris, Albin Michel, 1925.
- Volume 1 première série: Comment nos aïeux se garantissaient du froid;
- Volume 2 deuxième série: La vie aux bains;
- Volume 3 troisième série: La faune monstrueuse des cathédrales;
- Volume 4 quatrième série: Vie d'étudiant;
- Volume 5 cinquième série: Les fléaux de l'humanité;
- Volume 6 sixième série: Usages et coutumes disparus;
- Volume 7 septième série: Enfances Royalesde Charles VI à Louis XIV;
- Volume 8 huitième série: Education des Princes;
- Volume 9 neuvième série: La locomotion curative, comment on payait les médecins:
- Volume 10 dixième série: La vie thermale au temps passé:
- Volume 11 onzième série: Le Sabbat a-t'il existé;
- Volume 12 douzième série: Villes d'eaux à la mode au grand siècle.

? Gérard Chenuet (Direction éditoriale), 2000 ans de vie quotidienne en France. Paris, Sélection du Reader's Digest, 1998.

Jean-Paul Crespelle, La Vie quotidienne à Montparnasse à la grande époque: 1905-1930. Paris, Hachette, 1976.

Jean-Paul Crespelle, La Vie quotidienne à Montmartre au temps de Picasso: 1900_1910. Paris, Hachette, 1978.

Jean-Paul Crespelle, La Vie quotidienne des impressionnistes: du Salon des Refusés (1863) à la mort de Manet (1883). Paris, Hachette, 1989.

J.Y. Dangenzel, La Description du milieu dans le roman français de Balzac à Zola. Paris, Presses Modernes, 1938.

Charles Dantzig, Histoire de l'amour et de la haine. Paris, Grasset, 2015.

Alphonse Daudet, Sappho. Moeurs Parisiennes. Paris, G. Charpentier, 1884.

Michel Delon, L'Invention du boudoir. Cadeilhan, Zulma, 1999.

Edmond Demolins, Les Français d'aujourd'hui: les types sociaux du Midi et du Centre. Paris, Librairie de Paris - Firmin-Didot et Cie., Editeurs, ca. 1898.

Charles-Emmanuel Dufourcq, La Vie quotidienne dans les ports méditerranéens au Moyen-Age (Provence-Languedoc-Catalogne). Paris, Hachette, 1975.

Charles-Emmanuel Dufourcq, La Vie quotidienne dans l'Europe médiévale sous domination arabe. Paris, Hachette, 1978.

Alexandre Dumas et al., Paris et les Parisiens aux XIXe Siecle. Moeurs, Arts et Monuments. Paris, Morizot, Libraire-Editeur, 1856.

Michel Erman, Le Paris de Proust. Editions Alexandrines, 2015.

Patrice Flichy, Une histoire de la communication moderne. Espaces publics et vie privée. Paris, Edition La Découverte & Syros, 1997.

Robert Fossier, Le travail au Moyen Age. Paris, Fayard, 'La Vie quotidienne', 2014.

J. Fourastié, Machinisme et bien-être. Niveau de vie et genre de vie en France de 1700 à nos jours. Paris, Editions de Minuit, 1962.

Pascale Fautrier, Le Paris de Sartre et Beauvoir. Editions Alexandrines, 2015.

Alfred Franklin, La vie privée d'autrefois. Arts et métiers. Modes, moeurs, usages des Parisiens du XII au XVIII siecle d'apres des documents originaux ou inédits. La cuisine. Paris, Plon, 1888.

Alfred Franklin, Les magasins de nouveautés. (complet de 4 tomes). (La Vie Privée d'Autrefois. Arts et métiers, modes moeurs, usages des Parisiens du XIIe au XVIIIe siècle d'après des documents originaux ou inédits). Paris, Librairie Plon, 1894.

Benoît Garnotet et Robert Muchembled, Société, cultures et genres de vie dans la France moderne : XVIe - XVIIIe siècle. Paris, Hachette, l 1991.

Marcel Gauchet (avec Eric Conan et François Azouvi), Comprendre le malheur français. Paris, Gallimard, 2016.

B. Geremek, Le Salariat dans l'artisanat parisien aux XIIIe-XVe siècles. Paris - La Haye, 1968.

Bernard Groethuysen, Origine de l'esprit bourgeois en France. Paris, Gallimard, 1977.

André Guyaux, Le Paris de Baudelaire. Editions Alexandrines, 2017.

Maurice Halbwachs, La classe ouvrière et les niveaux de vie. Paris/Londres, Gorden & Breach, 1970.

Abel Hermant, Le Frisson de Paris. Paris, P. Ollendorff, 1895.

Abel Hermant, Scènes de la vie cosmopolite. Le caravansérail. Paris, A. Lemerre, 1917.

Jules Hoche, Les Parisiens chez eux. Paris, Dentu, 1883.

Victor Hugo, Oeuvres Complètes. Paris, Ollendorff, 1933.

Johan Huizinga, Herfsttij der Middeleeuwen. Studie over levens- en gedachtenvormen der veertiende en vijftiende eeuw in Frankrijk en de Nederlanden. (1919). Haarlem, H. D. Tjeenk Willink & Zoon N.V., 1941.

Johan Huizinga, Homo ludens. Essai sur la fonction sociale du jeu (1938). Paris, Gallimard, 2016.

Victor Hugo, Les Misérables. 5 tomes. Bruxelles, A. Lacroix, Verboeckhoven & Cie., 1862

INSEE, Cinquante ans de consommation, édition 2009. Paris, INSEE, 2009.

P. Kayser, La Protection de la vie privée. Protection du secret de la vie privée. Economica, Presses universitaires d'Aix-Marseille, 1984.

Rod Kedward, La vie en bleu: France and the French since 1900. London, 2006.

Antoine Lilti, Le monde des salons. Sociabilité et mondainité à Paris au XVIIIe siècle. Paris, Fayard, 2005.

Robert Linhart, L'établi. Paris, Editions de Minuit, 1981.

Liselotte, Le Guide des Convenances. Nouvelle Encyclopédie Populaire des Usages Mondains, Revue & Corrigée. Paris, P. Orsoni Editeur, 1915.

Antoine Lilti, Le monde des salons. Sociabilité et mondainité à Paris au XVIIIe siècle. Paris, Fayard, 2005.

Edouard Louis, Qui a tué mon père? Paris, Le Seuil, 2018.

Maurice Magendie, La politesse mondaine et les théories de l'honnêteté en France au XVIIIe siècles. Paris, 1925.

Hervé Maneglier, Paris impérial, la vie quotidienne sous le Second Empire. Paris, A. Colin, 1990.

Didier Manseau, Une histoire du bon goût. Paris, Perrin, 2014.

Thierry Mantoux, BCBG: le guide du bon chic bon genre. Paris, Hermé, 1985.

Cl. Marenco, Manières de table, manières de Moeurs, XVIIe-XXe siècle. Cachan, Editions de l'ENS Cachan, 1992.

P. Martino, Le Roman réaliste sous le Second Empire. Paris, Hachette, 1913.

P. Martino, Le naturalisme français (1870-1805). Paris, Colin, 1923.

Nelly Mauchamp, Les Français. Mentalites et comportements. Cle International, 1995.

Henri Mendras, Français, comme vous avez changé: histoires des Français depuis 1945. Paris, Tallandier, 2004.

Eric Mension-Rigau, Aristrocrates et grands bourgeois. Paris, Perrin, 2007.

Gérard Mermet, Francoscopie. Paris, Editions Larouse, 1985, 1987, 1989, 1991, 1993, 1995, 1997, 1999, 2001, 2003, 2005, 2007, 2010, 2013.

Gérard Mermet, Francoscopie 2030. Nous, aujourd'hui et demain. Paris, Editions Larouse, 2018.

Joël Michel, La mine dévoreuse d'hommes. Paris, Découverte Gallimard, 1993.

Michel Richard, La Vie quotidienne des protestants sous l'Ancien régime. Paris, Hachette, 1966.

A. Millaud, Physiologies Parisiennes. Paris, La Librairie illustree, 1887.

Alain Montandon (sous la dir.), Dictionnaire raisonné de la politesse et du savoir-vivre, Du Moyen-Age à nos jours. Paris, Seuil, 1995.

Alain Montandon, L'Europe des politesses et les caractères des nations. Paris, Anthropos, 1997.

Robert Muchembled; La sorcière au village (XVe-XVIIIe siècle); Paris, 1979.

Robert Muchembled, Culture populaire et culture des élites dans la France moderne (XVe-XVIIIe siècle). Paris, Flammarion, Coll. Champs Histoire, 2011.

Roberte Muchembled, Société, cultures et mentalités dans la France moderne: XVIe-XVIIIe siècle. Paris, Armand Colin, 2013.

Leon Murard et Patrick Zylbermann, Le Petit Travailleur ou le prolétaire régénéré. Villes-usines, habitat et intimités au XIXe. Fontenay-sous-Bois, Recherches, 1975.

Henry Murger, Scenes de la vie de bohème. Paris, Calman Levy, 1895.

Gérard Noiriel, Les Ouvriers dans la société française . XIXe-XXe siècle. Paris, Seuil, 2016.

Jelle Noorman, De haan op een mesthoop. Een culturele geschiedenis van Frankrijk. Amsterdam / Antwerpen, UItgeverij Atlas, 2001.

Daniel Oster et Jean-Marie Goulemot, La Vie parisienne, anthologie des moeurs du XIXe siècle. Paris, Sand-Conti, 1989.

Alain Pagès, Le Paris d'Emile Zola. Editions Alexandrines, 2016.

G. Palmade, Capitalisme et Capitalistes français au XIXe siècle. Paris, Armand Colin, 1961.

A. Pardailhe´ -Galabrun, La naissance de l’intime: 3000 foyers parisiens XVIIe–XVIIIe siècle. Paris, 1988.

Marie-France Piguet, Classes. Histoire du mot et genèse du concept, des physiocrates aux historiens de la Restauration. Lyon, PUL, 1996.

Bernard Plessy et Louis Challet, La vie quotidienne des mineurs au temps de Germinal. Paris, Hachette, 1984.

Michelle Perrot, Le Mode de vie des familles bourgeoises. 1873-1953. Paris, Armand Colin, 1961.

Michelle Perrot, Histoire de la vie privée. 5 volumes. Paris, Seuil, 1985-1987.

Michelle Perrot, Histoire de chambres. Paris, Seuil, 2009.

Marie-France Piguet, Classes. Histoire du mot et genèse du concept, des physiocrates aux historiens de la Restauration. Lyon, PUL, 1996.

Michel Pinçon et Monique Pinçon-Charlot, Grandes Fortunes. Dynasties familiales et formes de richesse en France. Paris, Petite bibliothèque Payot, 2006.

Michel Pinçon et Monique Pinçon-Charlot, Les Ghettos du Gotha. Au coeur de la grande bourgeoisie. Paris, Seuil, coll. Points, 2010.

Bernard Plessy et Louis Challet, La vie quotidienne des mineurs au temps de Germinal. Paris, Hachette, 1984.

Le Point (En couverture), Intimité. Le combat du siècle. Le Point, n° 2478, 20 février 2020.

Joseph Ponthus, À la ligne. Feuillets d'usine. La Table Ronde, 2019.
Joseph Ponthus, Aan de lopende band. Aantekeningen uit de fabriek. Amsterdam, De Arbeiderspers, 2020.

H. Riffaut (éd.), Les valeurs des Français. Paris, Presses universitaires de France, 1994.

Philip F. Riley, A Lust for Virtue: Louis XIV’s Attack on Sin in Seventeenth Century France. New York, Praeger, 2001.

Daniel Roche, Le Peuple de Paris. Essai sur la culture populaire au XVIIIe siècle. Paris, Fayard, 2014.

P. Rollet, La vie quotidienne en Provence au temps de mistral. Paris, Hachette, 1971.

Michel Nicolas Balisson De Rougemont, Le Bonhomme, Ou Nouvelles Observations Sur Les Moeurs Parisiennes Au Commencement Du Dix-Neuvieme Siecle... Paris, Pillet, 1818. (Ré-éd. Nabu Press, 2012.)

Daniel Salvatore Schiffer, Le Dandysme, dernier éclat d'héroïsme, Paris, P. U. F., collection « Intervention philosophique », 2010.

Nicole Savy, Le Paris de Hugo. Editions Alexandrines, 2016.

Alain Schiffres, Les Parisiens. Paris, Editions Jean-Claude Lattès, 1990.

Jerrold Seigel, Bohemian Paris: Culture, Politics, and the Boundaries of Bourgeois Life, 1830-1930. Penguin, 1986.

J. Singer-Kerel, Le coût de la vie à Paris de 1840 à 1954. Paris, Armand Colin, 1961.

Guy Standing, Le Précariat: les dangers d'une nouvelle classe. Paris, Les Editions de l'Opportun, 2017.

Zeev Sternhell, Ni droite ni gauche. l'idéologie fasciste en France. Paris, Fayard, 2000.

Lindsey Tramuta, The New Parisienne. Abrams, 2020.

François Trassard et Boris Dänzer-Kantof (Direction d'ouvrage), La vie privée des Français à travers l'Histoire de France. Paris, Larousse, 2012.
La vie de Français au temps de:
- Jeanne d'Arc;
- Louis XIV;
- Napoléon;
- - -
- Croyances et traditions;
- Vie familiale;
- Moeurs et coutumes;
- Habitudes alimentaires ...

Jean Tulard, La Vie quotidienne des Français sous Napoléon. Paris, Hachette, 1978.

United States military authorities, 112 Gripes about the Frech. ( The 1945 Handbook for American GIs in Occupied France.) Fontenay-aux-Roses (Seine), Imprimerie Bellenand, 1945. (Ré-éd. The Bodleian Librairy, 2013. / Ré-éd. aussi sous le tître erroné: 'Nos amis les Français. Guide pratique à 'usage des GI's en France 1944-1945'. Paris, Le cherche midi, 2003.)

Laure Verly. L'Art de vivre: Guide de la courtoisie, des bonnes manières, des convenances modernes. Trévoux, Éditions pratiques, 1957.

Edith Wharton, French Ways and Their Meaning (1919). Repr. Woodstock, VT, Countryman Press, 1997.
Edith Wharton (Jean Pavans pour la traduction), Les Moeurs françaises et comment les comprendre. Paris, Payot, 2003.

Jacques Wilhelm, La vie quotidienne des Parisiens au temps du Roi-Soleil 1660-1715. Paris, Hachette, 1977.

Jacques Wilhelm, La vie a Paris sous le second empire et la troisième république. Paris, Arts et Métiers Graphiques, 1947.

Jacques Wilhelm, La vie quotidienne au Marais au XVIIe siècle. Paris, Hachette, 1989.

Yves Charles Zarka (sous la direction de), La France et ses démons. Radioscopie des passions françaises. Cités Philosophie-Politique-Histoire, Hors Série. Paris, PUF, 2002.

Theodore Zeldin, Histoire des passions françaises. Paris, Encres, Editions Recherches:
1. Ambition et Amour (1978);
2. Orgueil et Intelligence (1978);
3. Goût et corruption (1979);
4. Colère et politique (1979);
5. Anxiété et hypocrisie (1979).

Theodore Zeldin, The French. William Collins Sons & Co. Ltd., 1983.

Emile Zola, Oeuvres complètes. Paris, Fasquelle, 50 vol., 1927-1929. Paris, Gallimard, Gallimard, Le Pléiade, 2 vol., 1960-1961.

----------

GESCHIEDENIS VAN CONSUMPTIE EN DUS BIJVOORBEELD OOK VAN HET WINKELEN:


Francis Ambrière, La vie secrète des grand magasins. Paris, Les Œuvres Français, 1938.

Béatrice de Andia (dir.), Les Cathédrales du commerce parisien - Grands magasins et enseignes. Paris, Action artistique de la Ville de Paris, coll. Paris et son patrimoine, 2006.

F. Avellis and P. Guyon, The Century of Galeries Lafayette: 1896–1996. Paris, Les Editions Stratégiques, Galeries Lafayette Publishing, 1996.

Georges de Vicomte Avenel, Histoire Economique de La Propriété, Des Salaires Des Denrées Et de Tous Les Prix En Général, Depuis L'An 1200 Jusqu'en L'An 1800 (1923). Nabu Press, Ré-éd., 2011.

Berthelot Benoît, Le Monde Selon Amazon. Paris, Le Cherche Midi, 2019.

Jean-Paul Caracalla, Le Roman du Printemps, histoire d'un grand magasin, Denoël, Paris, 1997

CETELEM, De la 4 CV à la vidéo (1953-1983). Paris, Communica international, 1983.

Marie- Emmanuelle Chessel, Histoire de la Consommation. Paris, Le Découverte, 2012.

Natacha Coquery, Qu'est-ce que le 'remarquable' en économie? La boutique dans le paysage urbain à Paris d'après les guides du XVIIIe siècle.
In: Gilles Chabaud et al.(Textes réunis et publiés par), Les Guides Imprimés du XVIe au XXe Siècle. Villes, paysages, voyages. Paris, Éditions Belin, 2000, pp. 419-428.

Natacha Coquery (red.), La boutique et la ville. Commerces, commerçants, espaces et clientèles. XVIe-XXe siècle. Tours, Presses Universitaires François-Rabelas, 2003.

Natacha Coquery (Préface de Daniel Roche), Tenir boutique à Paris au XVIIIe siècle: Luxe et demi-luxe. Comité des travaux historiques et scientifiques - CTHS, 2011.

Jean-Michel Le Corfec, José Sainz, Les petits métiers de Paris. Editions Sud-Ouest, 2008.

Jean-Michel Le Corfec, Petits commerces d'autrefois. Editions Sud Ouest, 2009.

Geoffrey Crossick and Serge Jaumain (Editors), Cathedrals of Consumption: European Department Stores, 1850-1939. Routledge, 2020.

Jean-Claude Daumas, La révolution matérielle. Une histoire de la consommation, France XIXe-XXIe siècle. Paris, Flammarion, 2018.

Quynh Delaunay, Histoire de la machine à laver: un objet technique dans la société française. Rennes, Presses universitaires de Rennes, 1994.

François Faraud, Histoire de la Belle Jardinière, Belin, Paris, 1987

François Fauconnet (ed.), Les Boutiques à Paris. Paris, Editions du Pavillon de l'Arsenal - Picard Editeur, 1997.

Tristan Gaston-Breton, Galeries Lafayette, la légende d'un siècle, Cliomédia, Paris, 1997

Tristan Gaston-Breton et Patricia Deferer-Kapferer, La Magie Moulinex. Paris, Le Cherche Midi, 1999.

Pierre Giffard, Paris sous la troisième république: les Grands Bazars. Paris, Victor Havard, 1882.

Renee Grimaud, La fabuleuse histoire des grands magasins. Editions Prisma, 2016.

Georges Gomez y Cacérès et Marie Ange de Pierredon (dir.), Les décors des boutiques parisiennes. Paris, Délégation à l'Action Artistique de la Ville de Paris, 1987.

Emile Goudeau, Paris qui consomme: tableaux de Paris. 1893. (Ré-éd., Hachette Livre-BNF).

Eva Illouz, Emotions as Commodities: Capitalism, Consumption and Authenticity. London, Routledge, 2017.

Eva Illouz (dir.), Les marchandises émotionnelles. L'authenticité au temps du capitalisme, Paris, Premier Parallèle, 2019.

Christian Jacquiau, Les coulisses de la grande distribution. Paris, Albin Michel, 2000.

Paul Jarry, Les Magasins de nouveautés. 1948

Fernand Laudet, La Samaritaine: le genie et la générosité de deux grands commerçants. Paris, Dunod, 1933.

Hector Lefuel, Boutiques parisiennes du Premier Empire. Paris, Éditions Albert Morance, 1925.

Christian Lherme, Carrefour ou l'invention de l'hypermarché. Paris, Vuibert, 2001.

Thomas Lugos, Grande Distribution. Vérités & Mensonges. Latresne, Editions Le Bord de l'Eau, 2003.

Pierre MacOrlan, Le Printemps. Paris, Gallimard, 1930.

Les Magasins du Louvre. Paris. Leur rôle dans la vie nationale, sociale, économique de 1855-1933. (Brochure, sans détails.)

Jean-Baptiste Mallet, Derrière les murs de 'l'usine à colis'. In: Le Monde Diplomatique, avril 2020.

Bernard Marrey, Les grands magasins, des origines à 1938. Librairie Picard, 2018.

Jacques Marseille (dir.), La Révolution commerciale en France: du 'Bon Marché' à l'hypermarché. Paris, Le Monde Editions, 1997.

Jean-Louis Martinez, La fin des hypermarchés? Vers une redistribution de la grande distribution. 2018.

Vincent Mayet, Amazon. Main basse sur le futur. Paris, Robert Laffont, 2019.

Roger Miellet (Samenstelling Marieke Voorn), Winkelen in weelde. Warenhuizen in West-Europa 1860-2000. Zutphen, Walburg Pers, 2001.

Michael B. Miller, The Bon Marché. Bourgeois Culture and the the department store, 1869-1920. Princeton NJ, Princeton University Press, 1981.

Michael B. Miller, Au Bon Marché 1869-1920 : le consommateur apprivoisé. Paris, Armand Colin, 1987.

Philippe Moati (dir.), Consommations émergentent: la fin d'une société de consommation? Lormont, Le Bord de l'eau, 2016.

H. Pasdermadjian, Le Grand Magasin - Son Origine - son évolution - son avenir. Paris, Dunod, 1949.

George Ritzer, Enchanting a Disenchanted World: Continuity and Change in the Cathedrals of Consumption. SAGE Publications Inc., 3 edition, 2009.

Daniel Roche, Histoires des choses banales: naissance de la consommation dans les sociétés traditionnelles (XVIIe- XIXe siècle). Paris, Fayard, 1997.
Daniel Roche, A History of Everyday Things: The Birth of Consumption in France, 1600-1800. Cambridge, Cambridge University Press, 2003.

Maurice Roy, Les commerçants entre la révolte et la modernisation. Paris, Seuil, 1971.

Raymond Ruyer, Eloge de la société de consommation. Paris, Calman-Lévy, 1969.

Christiane et Yves Tinard, La Grande Distribution française: bouc émissaire ou prédateur? Paris, Litec, 2003.

Frank Trentmann, Empire of things: How we became a world of consumers , from the fifteenth century to the twenty-first. London, Allen Lane, 2016.

R. Uhrich, Super-marchés et usines de distribution. Hier aux Etats-Unis, aujourd'hui en France. Pris, 1962.

J. Valmy-Baysse, Tableaux des grands magasins. Illustré de douze gravures au burin par J. E. Laboureur. Paris, Editions de la Nouvelle Revue Française, 1925.

C. Vaxelaire, Au Bon Marché 1860-1960. Leuven, 1960.

Jean-Marc Villeret, Naissance de l'hypermarché. Paris, Armand Colin, 1991.

Jan de Vries, The industrious revolution: consumer behavior and the household economy, 1650 to the present. Cambridge, 2008.

Claude Wagner, L'automobile et le supermarché - 50 ans de dérive consumériste. Du Croquant, 2019.

C. Walsh, ‘Shopping et tourisme. L’Attrait des boutiques Parisiennes au XVIIIe siècle’, in: N. Coquery (red.), La boutique et la ville. Commerces, commerçants, espaces et clientèles. XVIe-XXe siècle. Tours, 2000.

C.H. de Ydewalle, Au Bon Marché: de la boutique au grand magasin. Paris, 1965.

Emile Zola, Au Bonheur des Dames. Paris, 1883.

----------

HET FRANSE GEVOEL VOOR LUXE EN STIJL:


A. Baümer, Travel the Imperial Way. A Dream comes true. Majestic Imperator. Vienna, 2006.

Louis Bergeron, Les industries du luxe en France. Paris, Editions Odile Jacob, 1998.

Stéphanie Bonvicini, Louis Vuitton, une saga française. Paris, Fayard, 2004.

Eugénie Briot, La fabrique des parfums: Naissance d'une industrie de luxe. Editions Vendémiaire, 2015.

Jean Castarède, Histoire du luxe en France: Des origines à nos jours. Édition Eyrolles, 2006.

Natacha Coquery, L'Hôtel aristocratique. Le marché de luxe à Paris au XVIIIe siècle. Paris, Publications de la Sorbonne, 1998.

Alain Corbin, Le Miasme et la Jonquille. L'odorat et l'imaginaire social XVIIIe-XIXe siècles. Paris, Flammarion, 1986.

Joan DeJean, The Essence of Style: How the French Invented High Fashion, Fine Food, Chic Cafes, Style, Sophistication, and Glamour. New York, Free Press, 2006.

Joan DeJean, The Age of Comfort: When Paris Discovered Casual-and the Modern Home Began. New York, Bloomsbury Publishing, 2013.

Jean Feray, Architecture intérieure et décoration intérieure en France des origines à 1875. Paris, Berger-Levrault, 1988.

Elisabeth de Feydeau, Le roman des Guerlain. Parfumeurs de Paris. Paris, Flammarion, 2017.

Elisabeth de Feydeau, La Grande Histoire du parfum. Paris, Larousse, 2019.

N. Forestier, N. Ravai, The Taste of Luxury: Bernard Arnualt and the Moët-Hennessy Louis Vuitton Story. Bloomsbury Publishing PLC, 1992.

M. H. Fortoul, Les Fastes de Versailles depuis son origine jusqu'a nos jours. Paris, H.Delloye, 1839.

R. Fox and A. Turner (eds.), Luxury Trades and Consumerism in Ancien Régime Paris. Alderschot, Ashgate, 1998.

Pierre Galante, Les Années Chanel. Mercure de France, 1972.

Jean-Pierre Goubert, Du luxe au comfort. Paris, Belin, 1988.

Alexis Gregory, Ritz Paris. Editions Assouline, 1999.

Claude Habib, Galanterie française. Paris, Gallimard, 2006.

Verena von der Heyden-Rynsch, Das Spiel der Verführung. Liebe und Galanterie im Wandel der Zeiten. Artemis & Winkler, 2004.

Pierre Jammet, Le Bristol. un palace dans son siècle. Paris, Ed. Hoëbeke, 1998.

P. Kapferer, T. Gaston-Breton, La légende Lacoste. Le Cherche Midi, 2002.

Yann Kerlau, Les dynasties du luxe. Paris, Perrin, 2010.

J.-M. Maire, La Vie dans les palaces parisiens. Photographies de Gilles André et Carlos Soldi. Editions La Sirène, 1995.

Stéphane Marchand, Les Guerres du luxe, Fayard, 2001.

Jacques Marseille (dir.), Le luxe en France du siècle des 'Lumières' à nos jours. Paris, ADHE, 1999.

Anne Martin-Fugier, La Vie élégante ou la formation du Tout-Paris. 1815-1848. Paris, Fayard, 1990.

Bertrand Meyer-Stabley, Christian Dior, sous toutes les coutures. City Edition, 2017.

Liselotte, Le Guide des Convenances. Nouvelle Encyclopédie Populaire des Usages Mondains, Revue & Corrigée. Paris, P. Orsoni Editeur, 1915.

Jacques Nathan (présenté par), Vingt-cinq ans d'élégance à Paris 1925-1950. Paris, Editions Pierre Tisne, 1951.

Paul-Gérard Pasols, Louis Vuitton: La naissance du luxe moderne. Editions de la Martinière, 2005.

Philippe Perrot, Le Luxe, une richesse entre faste et confort, XVIIIe-XIXe siècle. Paris, Seuil, 1995.

Patrice Piquard (responsable éditorial), Les secrets des génies du luxe. Gennevilliers, Capital, Dossier Spécial, décembre 2015 - janvier-février 2016.

Eric Pujalet-Plaa, Pierre Leonforte, Louis Vuitton, 100 malles de légende. Editions de la Martinière, 2010.

Saphia Richou, Michel Lombard, Le luxe dans tous ses états. Paris, Economica, 1999.

Frédéric Rouvillois, Histoire de la politesse de 1789 à nos jours. Paris, Flammarion, Champs histoire, 2008.

C Sargentson, Merchants and Luxury Markets. The Marchands Merciers of Eighteenth-Century Paris. London, 1996.

Amy B. Trubek, Haute Cuisine: How the French Invented the Culinary Profession. Philadelphia, University of Pennsylvania Press, 2000.

Nicole Vedrès, Un Siècle d'Elégance française. Paris, Les Editions du Chêne, 1943.

Alain Viala, La France galante. Essai historique sur une catégorie culturelle, des ses origines à la Révolution. Paris, Presses Universitaires de France, 2008.

Alain Viala, La Galanterie. Une mythologie française. Paris, Seuil, 2019.

Jean Watin-Augouard, Les marques de luxe françaises. Édition Eyrolles, 2009.

----------

LICHAAM, REINHEID, LICHAMELIJKE HYGIÈNE, KLEDING, UITERLIJKHEID EN TOEBEHOREN ZOALS BAGAGE, SOUVENIS EN ZWEMKLEDING:


*** LICHAAM:

Bernard Andrieu, Bronzage. Une petite histoire du Soleil et de la peau. CNRS, 2008.

Alain Corbin et al., Histoire du corps. De la Révolution à la Grande Guerre (2). Paris, Seuil Points, 2011.

Jean-jacques Courtine, Histoire du corps. Les mutations du regard. Le XXe (3). Paris, Seuil Point, 2015.

Pascal Ory, L'invention du bronzage. Paris, Editions Complexe, 2008.

Georges Vigarello et al., Histoire du corps. De la Renaissance aux Lumières (1). Paris, Seuil, Seuil Points, 2016.

Georges Vigarello, La Silhouette - Naissance d'un défi du XVIIIe siècle à nos jours. Paris, Seuil, 2017.

*** REINHEID:

L. Bouguoin, Exposition raisonnée des institution sanitaires depuis leur origine à nos jours. Paris, Everat, 1829.

L. Deslandes, Manuel de l'hygiène privée et publique, ou Précis élémentaire des connaissances relatives à la conservation dela santé et au perfectionnement physique et morale des hommes. Paris, Gabon, 1927.

Gourcuff Gradenigo, Bains, bulles et beautés. Une histoire de la toilette et du savon, du XVIIIe au XXIe siècle. Gourcuff Gradenigo, 2014.

E. Guillot, La maison salubre. 1914.

J.-P. Goubert, La conquête de l'eau du XVIIIe au XXe siècle. L'avènement de la santé à l'age industriel. Paris, Laffont, 1986.

Louis Havard, La Maison salubre et la maison insalubre à l'Exposition universelle de 1889. Paris, Charles Noblet, 1890.

Gérard Jorland, Une société à soigner. Hygiène et salubrité publiques en France au XIXe siècle. Paris, Gallimard, 2010.

Paul Negrier, Histoire du bain à travers les âges. Futur Luxe Nocturne Editions, 2011.

Baronne Staffe, Règles du savoir-vivre dans la société moderne: usages du monde (122e édition) (Éd.1897.) Paris, Hachette Livre BNF, Ré-éd. 2012.

Baronne Staffe, Le cabinet de toilette. Paris, Flammarion, 1899.

Georges Vigarello, Nadeije Laqneyre-Dagen, La Toilette: naissance de l'intime. Paris, Musée Marmottant Monet - Hazan, 2015.

Georges Vigarello (Propos recueillis par Marc-Olivier Bherer), La société occidentale a accompli un travail sur plusieurs siècles pour arriver au régime de propreté actuelle. In: Le Monde, 20 juin 2020.
Via: Https://www.lemonde.fr/idees/article/2020/06/19/georges-vigarello-la-societe-occidentale-a-accompli-un-travail-sur-plusieurs-siecles-pour-arriver-au-regime-de-proprete-actuelle_6043364_3232.html

*** LICHAMELIJKE HYGIÈNE:

Fanny Beaupré et Roger-Henri Guerrand, Le confident des dames. Le bidet du XVIIe au XXe siècle: histoire d'une initimité. Paris, Editions La Découverte, 1997.

Julia Csergo, Liberté, égalité, propreté: la morale de l'hygiène au XIXe siècle. Paris, Albin Michel, 1988.

Robert Muchembled, La Civilisation des odeurs: (XVIe-début XIXe siècle). Les Belles Lettres, 2017.

Raymond Nogue, Hygiène du touriste. Paris, Doin, 1892.

S. Piesse, Histoire des parfums et hygiène de la toilette. poudres, vinaigres, dentifrices, fards... la parfumerie a travers les siecles, histoire naturelle des ... ... bibliotheque des connaisances utiles. Ed. Librairie J. -B. Bailliere et Fils, 1905.

André Rauch, Le souci du corps: histoire de l’hygiène en éducation physique. Paris, Presses Universitaires de France, 1983.

Georges Vigarello, Histoire des pratiques de santé: le sain et le malsain depuis le Moyen-Age. Paris, Seuil, 1985.

Georges Vigarello, Le propre et le sale. L'hygiène du corps depuis le Moyen Age. Paris, Editions du Seuil, 1987.

*** KLEDING:

Christine Bard, Les Garçonnes. Modes et fantasmes des Années folles, Paris, Flammarion, 1998.

Christine Bard, Une histoire politique du pantalon. Paris, Seuil, 2010.

François Boucher, Histoire du costume en Occident de l'antiquité à nos jours. Paris, Flammarion 1965.

Dominique Paquet, Miroir, mon beau miroir: Une histoire de la beauté. Paris, Découvertes Gallimard, 1997.

Isabelle Paresys (dir.), Paraître et apparences en Europe occidentale du Moyen Age à nos jours. Villeneuve-d'Ascq, PU du Septentrion, 2008.

John Peacock, The Chronicle of Western Costume from the Ancient World to the late Twentieth Century. London, Thames and Hudson Ltd., 2003.

Philippe Perrot, Les Dessus et les dessous de la bourgeoisie. Une histoire du vêtement au XIXe siècle. Paris, Fayard, 1981.

F. Piponnier, P. Mane, Se vêtir au Moyen Age. Paris, 1995.

Daniel Roche, La culture des apparences. Une histoire du vêtement XVIIe-XVIIIe siècle. Paris, Fayard, 1989.

Georges Vigarello, Histoire de la beauté. Le corps et l'art d'embelli de la Renaissance à nos jours. Paris, Seuil Points, 2014.

*** TOEBEHOREN ZOALS BAGAGE, SOUVENIRS EN ZWEMKLEDING:

Patrik Alac, La grande histoire du Bikini. Parkstone, 2005.

Kelly Killoren Bensimon, Le bikini des années 1950 à nos jours. Assouline, 2006.

Beverley Birks, José María, Unsain Azpiroz, Swimsuits and Body Exposure - an Alternative History of the 20th Century. Editorial Nerea, S.A., 2012. Lydia Bjornlund, How the Refrigerator Changed History. Essential Library, 2015.

Stephanie Bonvicini, Louis Vuitton, une saga Française. Paris, Edition Fayard, 2004.

Denis Bruna (Sous la direction de), Marche et Démarche - une Histoire de la Chaussure. Les Arts Decoratifs, 2019.

Winston Collins, All About Shoes: Footwear Through the Ages. Bata Limited, 1994 / Winston Collins, Histoire de la chaussure à travers les âges. Bata limited, 1994.

Joshua Curtis, Sunkissed. Swimwear and the Hollywood Beauty. Collectors Press, 2003.

Christophe Granger, Les Corps d'été, XXe siècle. Naissance d'une variation saisonnière. Autrement, 2009.

Christophe Granger, La saison des apparences. Naissance des corps d'été. Anamosa, Hors collection, 2017.

Marie-Christine Grasse, Coups de soleil & bikinis. Milan, 1996.

M. Hitchcock & K. Teage (Eds.), Souvenirs: The material culture of tourism. Aldershot, Ashgate, 2000.

David Hume, Tourism Art and Souvenirs: The Material Culture of Tourism. Routledge, 2013.

Sarah Kennedy, The Swimsuit. A fashion history from 1920s Biarritz and the birth of the bikini to sportswear styles and catwalk trends. Carlton Books, 2007.

Paul LaCroix, Histoire de la Chaussure Depuis l'Antiquité La Plus Reculée Jusqu'à Nos Jours: Suivie de l'Histoire Sérieuse Et Drolatique Des Cordonniers Et des Artisans, Dont la Profession Se Rattache A la Cordonnerie. Paris, Sere, Editeur, 1852. Forgotten Books, Classic Reprint, 2018.

Pierre Leonforte et Eric Pujalet, 100 malles de legendes Louis Vuitton. Editions de la Martinière, 2010.

Theo St. Mane, Censors, Swimsuits & Scandal: A History of Vintage Bathing Costumes. Independently published, 2019.

Richard Martin, Harold Koda, Splash! A History of Swimwear. Rizzoli International Publications, 1990.

Patrick Mauriès et Pierre Léonforte, Louis Vuitton: l'âme du voyage. Paris, Flammarion, 2015.

A. Mihm, Packend ... Eine Kulturgeschichte des Reisekofferns. Marburg, Jonas Verlag, 2001.

Jonathan Mogul (Editor), Souvenirs and Objects of Remembrance. In: The Journal of Decorative and Propaganda Arts: Issue 27. The Wolfsonian-Florida International University, 2015.

Joëlle et Gérard Neudin, Les cartes postales. Rennes, Ouestfrance, 1982.

John Peacock, Shoes: The Complete Sourcebook. London, Thames and Hudson Ltd., 2005. / John Peacock, Chaussures: Un répertoire des modèles de l'Antiquité à nos jours. Editions de la Martinière, 2005.

Rolf Potts, Souvenir. Bloomsbury Academic, 2018.

Aline Ripert et Cl. Frère, La carte postale, son histoire, sa fonction social. Editions du CNRS, 1983.

Olivier Saillard et al., Volez, voguez, voyagez: Louis Vuitton. Catalogue de l'exposition dans le salon d'honneur deu Grand Palais. Paris, 2015.

Rebecca Shawcross, Shoes: An Illustrated History. Bloomsbury Visual Arts, 2014.

D. Sternberger, Panorama oder Ansichten vom 19. Jahrhundert. Frankfurt am Main, 1974.

Louis Vuitton, Histoire des bagages. Le voyage depuis les temps les plus reculés. 2011.

Hugh Wilkins, «Souvenirs: What and Why We buy». In: Journal of Travel Research, vol. 50, no 3, p. 239-247; mai 2011.

Martin Willougby, La Carte postale, une histoire illustrée. Paris, Bookking International, 1993.

----------

SEXUALITEIT, GEAARDHEID, MANNELIJKHEID, VROUW ZIJN, ZEDEN EN PROSTITUTIE:


*** SEXUALITEIT:

Charles Baladier, Erôs au Moyen Age: Amour, désir et délectation morose. Cerf, 1999.

Joan Dejean, The Reinvention of Obscenity: Sex, Lies, and Tabloids in Early Modern France. Chicago, 2002.

Michel Foucault, Histoire de la sexualité:
- vol. 1: La volonté de savoir, Paris, Gallimard, 1976;
- vol. 2: L'usage des plaisirs, Paris, Gallimard, 1984;
- vol. 3: Le souci de soi, Paris, Gallimard, 1984:
- vol. 4: Les aveux de la chair, Paris, Gallimard, 2018.

Anne-Marie Sohn, Du premier baiser à l'alcove. Le sexualité des Français au quotidien (1850-1950). Paris, Aubier, 1996.

*** GEAARDHEID:

Jean-Loup Adénor et Timothée de Rauglaudre, Dieu est amour. Infiltré parmi ceux qui veulent 'guérir' les homosexuels. Paris, Flammarion, 2019.

Robert Aldrich (Sous la direction de), Une histoire de l'homosexualité. Pour la traduction francaise. Paris, Seuil, 2006.

Philippe Besson, "Arrête avec tes mensonges". Paris, Julliard, 2017.

James Baldwin, Giovanni's Room (1956). New York, Delta Book, 2000.

Simone de Beauvoir, Le deuxième sexe. Paris, Gallimard, 1949.

Daniel Borrillo et Caroline Mécary, L'homophobie. Paris, Presses Universitaires de France, 2019.

John Boswell, Les Unions du même sexe dans l'Europe antique et médiévale. Paris, 1996.

François Buot, Gay Paris. Une histoire du Paris interlope entre 1900 et 1940. Paris, Fayard, 2013.

Nicole Canet, Jean Boullet (1921 - 1979) Passion et Subversion. Paris, Editions Nicole Canet. Galerie au Bonheur du Jour, 2013.

Nicole Canet, Plaisirs & Débauches au masculin 1780-1940. Nicole Canet, Galerie au Bonheur du Jour, 2014.

Nicole Canet, Amours Secrètes. Dans l'intimité des écrivains: Marcel Proust, Renaud Icard, Roger Peyrefitte, Jean Genet. Editions Nicole Canet, Galerie Au Bonheur du Jour, 2017.

Joëlle Chevé, Le cercle Versaillais des adeptes du 'vice italien'. In: Historia n° 845, pp. 35-38, Mai 2017.

Claude Courove, Vocabulaire de l’homosexualitié masculine. Paris, Payot, 1985.

Katharine B. Crawford, 'Love, Sodomy, and Scandal: Controlling the Sexual Reputation of Henry III'. In: Journal of the History of Sexuality, vol. 12 pp. 513-542, 2003.

John Dececco, William Peniston, Pederasts and Others: Urban Culture and Sexual Identity in Nineteenth-Century Paris. Routledge, 2012.

Chad Denton, The Brotherhood: Male Same-Sex Love Among the Early Modern Court Nobility. Paris, Cour de France.fr, 2014.
Via: https://cour-de-france.fr/vie-quotidienne/sociabilite-et-psychologie/etudes-modernes/article/the-brotherhood-male-same-sex-love-among-the-early-modern

Maurice Duplay, Adonis Bar. Paris, Albin Michel, 1928.

Céline Etcheberry, Les mots d'Eden. Paris, Bragelonne-Milady, 2015.

Didier Eribon (Dir.), Les Etudes gays et lesbiennes. Actes du colloque des 21 et 27 juin, 1997. Paris, Editions du Centre Georges-Pompidou, 1998.

Didier Eribon, Réflexions sur la question gay. Paris, Fayard, 1999.

Didier Eribon, Une morale du minoritaire. Variations sur un thème de Jean Genet (2001). Paris, Editions Flammarion - Champs essais, 2015.

Didier Eribon, Dictionnaire des cultures gays et lesbiennes. Paris, Larousse, 2003.

Didier Eribon, Hérésies. Essais sur la théorie de la sexualité. Paris, Fayard, 2003.
Didier Eribon, Insult and the Making of the Gay Self. Duke University Press, 2004.

Didier Eribon, La société comme verdict. Classes, identités, trajectoires. Paris, Flammarion, 2014.

Michel Erman, Le Paris de Proust. Editions Alexandrines, 2015.

Lillian Faderman, The Gay Revolution: The Story of the Struggle. New York, Simon & Schuster, 2015.

Dominique Fernandez (Introduction), Les princes et leurs amants. Dossier Historia. Paris, Historia, Mai 2017.

E. M. Forster, Maurice. (1913). New York and Scarborough, Ontario, A Plume Book, New American Library, 1971.

Knet Gerard and Gert Hekma (dirs.), The Pursuit of Sodomy. London, 1989.

Daniel Guérin, La répression de l'homosexualité en France. La Nef, 1958.

Pierre Hahn, Nos Ancêtres les Pervers - La vie des homosexuels sous le Second Empire. Editions H. et O., 2006.

Jean-Luc Hennig, De l'extrème amitié. Montaigne & La Boétie. Paris, Gallimard, L'Infini, 2015.

Guy Hocquenghem, L'Amphithéâtre des morts. Paris, Gallimard, 1994.

Guy Hocquenghem (Préface de Réné Schérer), Le Désir homosexuel, Paris, Fayard, 2000.

Janine Huas, L'homosexualité au temps de Proust. Editions Danclou, 1992.

Antoine Idier, Les vies de Guy Hocquenghem. Paris, Fayard, 2017.

Emmanuel Jaurand, Les plages gays. Le genre: constructions spatiales et culturelles. 2005.

Emmanuel Jaurand, «Territoires de mauvais genre? Les plages gays ». In: Géographie et Cultures, n° 54, p. 71-84, 2005.

Emmanuel Jaurand, S. Leroy, « Bienvenue aux gays du monde entier: tourisme gay et mondialisation ». In: Mondes du tourisme, n° 54 hors-série «Tourisme et Mondialisation », p. 299-309, 2011.

Emmanuel Jaurand, 'Territorialités gays'. In: Espaces et Sociétés, Université d’Angers, N° 32, décembre, pp. 7-13, 2011.

Eric Jourdan, Pour jamais. H&O éditions, 2006.

David Leavitt, Family Dancing. New York, Warner Books, 1984.

David Leavitt, The Lost Language of Cranes. London, Viking, 1987.

David Leavitt, Equal Affections. A Novel. London, Penguin Books, 1989.

David Leavitt, A Place I've Never Been. London, Penguin Books, 1990.

David Leavitt, While England Sleeps. New York etc, Viking, 1993.

David Leavitt, The Page Turner. A Novel. London, Little, Brown and Company, 1998.

David Leavitt, The Marble Quilt: Stories. Houghton Mifflin Harcourt, 2001.

David Leavitt, The Two Hotel Francforts. London, Bloomsbury Publishing, 2013.

S. Leroy, «Le Paris gay. éléments pour une géographie de l’homosexualité ». In: Les Annales de Géographie, 114 (646), p. 579-601, 2005.

Maurice Lever, Les bûchers de Sodome: Histoire des 'infâmes'. Paris, Fayard, 1985.

Herbert Lottman, Oscar Wilde à Paris. Paris, Fayard, 2007.

Edouard Louis, En finir avec Eddy Bellegueule. Paris, Seuil, 2014.

Thomas Mann, Tod in Venedig. Novelle. Berlin, Fischer Verlag, 1912.

Jeffrey Merrick, Bryant T. Ragan Jr. (ed.), Homosexuality in Modern France: A Documentary Collection. New York, Oxford University Press, 2001.

Robert Purks Maccubbin (Ed.), ’Tis Nature’s Fault: Unauthorized Sexuality during the Enlightenment. Cambridge University Press, 1987.

Magic City (Paris).
Via: https://fr.wikipedia.org/wiki/Magic_City_(Paris)

Frédéric Martel, La Longue Marche des gays. Paris, Découvertes Gallimard, 2002.

Claire Michard, Natacha Chetcuti (Sous la direction de), Lesbianisme et féminisme: histoires politiques. Paris, Editions L'Harmattan, 2003.

Paul Monette, Becoming a Man. Half a Life Story. London, Abacus, 1994.

Chris Mounsey and Caroline Gronda, Queer People: Negotiations and Expressions of Homosexuality, 1700-1800. Bucknell University Press, 2007.

Jules Prévost, Quand Henri III et ses "mignons" faisaient jaser. In: GEO Histoire, n°45, juin 2019.
Via: https://www.geo.fr/histoire/quand-henri-iii-et-ses-mignons-faisaient-jaser-197121

Régis Reverin, Homosexualité et prostitution masculines à Paris, 1870-1918. Paris, L'Harmattan, 2005.

Régis Reverin, L'émergence d'un monde homosexuel moderne dans le Paris de la Belle Époque. In: Revue d’histoire moderne & contemporaine 2006/4 (no 53-4), pages 74 à 86.
Via: https://www.cairn.info/revue-d-histoire-moderne-et-contemporaine-2006-4-page-74.htm

Michel Rey. "Parisian Homosexuals Create a Lifestyle, 1700-1750: The Police Archives". In: Robert Purks Maccubbin (Ed.), ’Tis Nature’s Fault: Unauthorized Sexuality during the Enlightenment. Cambridge University Press, 1987.

Graham Robb, Strangers: Homosexual Love in the Nineteenth Century. New York, Pan MacMillan, 2003.

Nicolas Le Roux, Henri III et ses mignons: Ronsard disait-il vrai? In: Historia n° 845, pp. 33634, Mai 2017.

Florence Tamagne, Histoire de l'homosexualité en Europe. Berlin, Londres, Paris. 1919-1939, Vol. I & II combined. Algora Publishing, 2004.

Edmund White, A Boy's Own Story. London, Pan Books Ltd., 1983.

Edmund White, Mes vies. Une autobiographie. Paris, Plon, 2006.

Gregory Woods, Homintern. How Gay Culture Liberated the Modern World. Yale University Press, 2016.

*** MANNELIJKHEID:

Elisabeth Badinter, XY, de l'identité masculine. Le Livre de Poche, 1994.

Pierre Bourdieu, La Domination masculine. Paris, Seuil, Points, édition revue et augmentée, 2014.

Alain Corbin, Jean-jacques Courtine, Georges Vigarello, Histoire de la virilité, t. 2. Le Triomphe de la virilité. Paris, Seuil, 2015.

Jean-jacques Courtine (Sous la direction de), Histoire de la virilité, t. 3. La Virilité en crise? Le XXe-XXI siècle. Paris, Seuil Points, 2015.

M. Delbourg-Delphis, Masculin singulier. Le dandyisme et son histoire. Paris, Hahatte, 1985.

Yvonne Deslandres, Le costume: image de l'homme. Paris, Albin Michel, 1976.

Christopher E. Forth, Bertrand Taithe, French Masculinities: History, Politics and Culture. Palgrave Macmillan, 2007.

Sylvain Venayre, Les valeurs viriles du voyage. In: A. Corbin, J.-J. Courtine et G. Vigarello (Sous la direction de), Histoire de la virilité, Tome 2, P. 307-330, Paris, Seuil, 2011.

Georges Vigarello (Sous la direction de), Histoire de la virilité, t. 1. L'Invention de la virilité. De l'Antiquité aux Lumières. Paris, Seuil Points, 2015.

*** VROUW ZIJN:

Laure Adler, À l’aube du féminisme, les premières journalistes: 1830-1850. Paris, Payot, 1979.

Jo van Ammers-Küller, Elzelina. De geliefde van Maarschalk Ney. Naarden, Strengholt, 1951.

Peter Altena en Myriam Everard (red.), Onbreekbare Burgerharten. De historie van Betje Wolff en Aagje Deken. Nijmegen, Vantilt, 2004.

Séverine Auffret (Préface de Michel Onfray), Une histoire du féminisme de l'Antiquité grecque à nos jours. L'Observatoire, 2018.

Christine Bard (Sous la direction, avec Sylvie Chaperon, de), Dictionnaire des féministes: France, XVIIIe-XXIe siècle, Paris, Presses universitaires de France, 2017.

Simone de Beauvoir, Le Deuxième Sexe. Paris, Gallimard, 1949.

Shari Benstock, Women of the Left Bank. Paris, 1900 – 1940. Austin, University of Texas Press, 1986.

Simone Bertière, Les Reines de France au Temps des Valois. Tome I. Le beau XVIe siècle. Editions de Fallois, 1996.

Simone Bertière, Les Reines de France au Temps des Valois. Tome II. Les années sanglantes. Editions de Fallois, 1994.

Simone Bertière, Les Reines de France au Temps des Bourbons. Tome I.Les deux régentes. Editions de Fallois, 1996.

Simone Bertière, Les Reines de France au Temps des Bourbons. Tome II. Les femmes du Roi Soleil. Editions de Fallois, 1999.

Simone Bertière, Les Reines de France au Temps des Bourbons, Tome III: La Reine et la favorite. Editions de Fallois, 2002.

Christine Le Bozec, Les femmes et la Révolution. 1770-1830. Passés Composés, 2019.

Anne Bragance, Mata Hari. Une femme au coeur de la Grande Guerre. Paris, Belfond, 2014.

Guy Breton, Histoires d'Amour de l'Histoire de France, Tome VII. Napoléon et les femmes. Paris, Press Pocket, 1965.

Jan Brokken, Mata Hari, de ware en de legende. Amsterdam, Atlas/Contact, 2017.

P.J. Buijnsters, Wolff & Deken, een biografie. Leiden, Martinus Nijhoff, 1984.

Elise van Calcar, Wat Parijs mij te zien en te denken gaf. Door Mevr. Elise van Calcar, geb. Schiotling. Haarlem, A.C. Kruseman. 1859.

Daniel Cardon de Lichtbuer, Elisabet Badinter, Eliane Gubin, Vrouwen in de Franse Revolutie / Les femmes au temps de la Révolution française. Exposition Banque Bruxelles Lambert/Tentoonstelling Bank Brussel Lambert. Bruxelles/Brussel, Eric Andersen, 1989.

Camille Cusumano (edited by), France, a love story. Women writing about the French Experience. Emeryville, CA, Seal Press, 2004.

Jean-Louis Debré et Valérie Bochenek, Ces femmes qui ont réveillé la France. Paris, Arthème Fayard, 2013.

Dominique Desanti, La Femme au temps des Années Folles, Paris, Stock-Laurence Pernoud, 1984,

Pierre H. en Simone Dubois, Zonder vaandel. Belle van Zuylen, een biografie. Amsterdam, Uitgeverij G.A. van Oorschot, 1993.

Georges Duby, Michelle Perrot (Sous la direction de Pauline Schmitt Pantel), Histoire des femmes en Occident, tome 1: L'Antiquité. Paris, Académique Perrin Editions, 2002.

Georges Duby, Michelle Perrot (Sous la direction de Christiane Klapish-Zuber), Histoire des femmes en Occident, tome 2: Le Moyen Âge. Paris, Académique Perrin Editions, 2002.

Georges Duby, Michelle Perrot (Sous la direction de Nathalie Zemon Davis et Arlette Farge), Histoire des femmes en Occident, tome 3: XVIe-XVIIIe siècle. Paris, Académique Perrin Editions, 2002.

Georges Duby, Michelle Perrot (Sous la direction de Geneviève Fraisse et Michelle Perrot), Histoire des femmes en Occident, tome 4: Le XIXe siècl. Paris, Académique Perrin Editions, 2002.

Georges Duby, Michelle Perrot (Sous la direction de François Thébaud), Histoire des femmes en Occident, tome 5: Le XXe siècle. Paris, Académique Perrin, 2002.

Pierre Dufay, Un chapitre inédit de l'histoire de costume: le pantalon féminin. Paris, Librairie des Bibliophiles parisiens, 1916.

Frank Estelmann, Sarga Moussa, Friedrich Wolfzettel Sous la direction de), Voyageuses européennes au XIXe siècle: Identités, genres, codes. Presses Universitaires Paris-Sorbonne, 2012.

Myriam Everhard, Les femmes dans la Révolution batave. Droits des femmes, droits du peuple. In: Annales historiques de la Révolution française. Pp. 93-105, 2001.
Via: https://www.persee.fr/doc/ahrf_0003-4436_2001_num_326_1_2551.

Myriam Everard en Peter Altena (red.), Onbreekbare burgerharten : de historie van Betje Wolff en Aagje Deken. Nijmegen, Uitgeverij Vantilt, 2004.

Myriam Everard, « Twee "dames hollandoises" in Trévoux. De politieke ballingschap van Elizabeth Wolff en Agatha Deken, 1788-1797». In: De achttiende eeuw, vol. 38, p. 147-167, 2006.

Myriam Everard, Deux Hollandaises à Trévoux (1788-1797) : voyage d’agrément ou engagement politique? In: Genre & Histoire, n° 9, Automne, 2011.

Dominique Godineau, Citoyennes tricoteuses: les femmes du peuple à Paris pendant la Révolution française. Paris, Perrin, coll. « Pour l'histoire », 2004.

Claire Goldberg Moses, French feminism in the nineteenth century. Suny Press, 1984.

Benoîte Groult, Pauline Roland, ou comment la liberté vint aux femmes. Paris, Robert Laffont, 1991.

Gay Gullickson, Unruly women of Paris. Images of the Commune. Ithaca, 1996.

Caroline Hanken, Gekust door de koning. Over het leven van koninklijke maîtresses. Amsterdam, Meulenhoff, 1996.

Mr. H. Hardenberg, Etta Palm. Een Hollandse Parisienne, 1743 – 1799. Assen, Van Gorcum, 1962.

Sylvia Heimans, Josepha Mendels: het eigenzinnige leven van een niet-nette dame. Uitgeverij Cossée, 2016.

Sylvia Heimans, 'Parijs is niet verliefd op mij.' Josepha Mendels als exporteur van Frans erfgoed. In: Maaike Koffeman, Alicia C. Montoya, Marc Smeets (red.), Literaire bruggenbouwers tussen Nederland en Frankrijk. Receptie, vertaling en cultuuroverdracht sinds de Middeleeuwen, pp.317 - 333. Amsterdam, Amsterdam University Press, 2017.

Ria van Hengel en Diny van de Manakker (Samenstelling en redactie), Vrolijk Vrouwen Vakantieboek 1983. De voorbereiding. Vakantie in Nederland. Vakantie in het buitenland. Korte verhalen. Voor zon en regen. Amsterdam, Feministische Uitgeverij Sara, 1983.

Natacha Henry, Ces femmes qui ont fait la France. City Edition, 2009.

Natacha Henry, Ces Femmes qui ont fait la France: 24 portraits légers et sympathiques. Format Kindle, 2020.

Joke J. Hermsen en Riëtte van der Plas (Red.), 'Nu eens dwaas dan weer wijs'. Belle van Zuylen tussen Verlichting en Romantiek. Amsterdam, 1990.

Margaret Hunt (dir.), Women and the Enlightment. New York, Haworth Press, 1984.

Jehan d'Ivray, L'aventure Saint-Simonienne et les femmes. Paris, Félix Alcan, 1928.

Helen Josephy, Mary Margaret McBride, Paris is a Woman's Town. New York, Coward-McCann Inc., 1929.

Julia Kavanagh, De Vrouwen in Frankrijk en haar invloed op maatschappij, wetenschappen en staatkunde gedurende de achttiende eeuw. 2 delen. Utrecht, Van der Post, 1851. Els Kloek, Vrouw des huizes. De Hollandse huisvrouw door de eeuwen heen. Amsterdam, Uitgeverij Balans, 2009.

W.J. Koppius, Etta Palm (barones Aelders). Nederland's eerste féministe tijdens de Fransche Revolutie te Parijs. Zeist, Ploegsma, 1929.

Joan B. Landes, Women and the Public Sphere in the Age of the French Revolution. Ithaca, Cornell University Press, 1988.

Paul Leroy-Beaulieu, Le travail des femmes au XIXe siècle. 1873.

C. de Loris, Le femme à bicyclette: ce qu'elles en pensent. Paris, Librairies Imprimeries Réunies, 1896.

Jean-Clément Martin, La révolte brisée: femmes dans la Révolution française et l'Empire, Paris, Armand Colin, 2008.

Hélène Maurel-Indart, Femmes artistes et écrivaines dans l'ombre des grands hommes. Editions Classiques Garnier, 2019.

Jacques Mauvain, Leurs pantalons: comment elles les portent. Interviews et confessions. Paris, Jean Fort Editeur, 1923 (1912).

Josepha Mendels, Alles even goed bij jou. Amsterdam, N.V. De Arbeiderspers, 1953.

Stéphane Michaud, Flora Tristan, George Sand, Pauline Roland: les Femmes et l’invention d’une nouvelle morale, 1830-1848. Paris, Créaphis, 2002.

Isabelle Morau, Mon comportement sexuel. Une française répond au questionnaire Kinsey. Paris, Jean Froissart, 1953.

Max Nord, Josepha Mendels: Portret van een kunstenaar. Amsterdam, Meulenhoff, 1981.

Bibia Pavard, Florence Rochefort et Michelle Zancarini- Fournel, Ne nous libérez pas, on s'en charge. Une histoire des féminismes de 1789 à nos jours. Paris, La Découverte, 2020.

Michelle Perrot, La Place des femmes, une difficile conquête de l'espace public. Editions Textuel, 2020.

Marinus M. van Praag, Maîtresses Royales. Drie eeuwen Franse geschiedenis uit de levens van vijf Grote Koninklijke Maitresses. (De Chateaubriant, De Poitiers, D'Estrées, De la Valliere en Du Barry). Den Haag, W. P. van Stockum, 1956.

Marinus M. van Praag, Liefde en terreur. De levensroman van Madame Tallien. Den Haag, W. P. van Stockum, 1957.

Kol. H. van Reinzi, Vrouwen der Fransche Revolutie. Amsterdam, J.A. Fortuijn, 1901.

Michèle Riot-Sarcey, La démocratie à l'épreuve des femmes: trois figures critiques du pouvoir, 1830-1848. Paris, Albin Michel, 1994.

Michèle Riot-Sarcey, Histoire du féminisme, La Découverte, collection Repères, Paris, 2002.

Charles Rivers (Ed.), Mata Hari: The Controversial Life and Legacy of World War 1's Most Famous Spy. CreateSpace Independent Publishing Platform, 2016.

Anette Rosa, Citoyennes: Les Femmes et la Révolution Française. Messidor, Paris, 1989.

Joost Rosendaal, 'Vrouwen op de vlucht. Patriotische vrouwen in ballingschap'. In: Myriam Everard en Peter Altena (red.), Onbreekbare burgerharten: de historie van Betje Wolff en Aagje Deken, pp. 153-158. Nijmegen, Uitgeverij Vantilt, 2004.

Sylvie Roy, La femme au volant. L'art de Voyager. Editions Sociales Françaises, 1960.

Anne Sebba, Les Parisiennes. How the Women of Paris Lived, Loved, and Died Under Nazi Occupation. St. Martin's Griffin, 2017.

Léon Schirmann, L'Affaire Mata-Hari. Autopsie d'une machination. Paris, Tallandier, 1994.

Samia Spencer (ed.), French Women and the age of Enlightment. Bloomington, Indiana University Press, 1984.

Rémi Spinassou, Le droit de vote des femmes en France. Un événement clé passé sous silence. 50Minutes.fr, 2015.

Gertrude Stein, The Autobiography of Alice B. Toklas. The Bodley Head, 1933.

Madeleine van Strien-Chardonneau, Le Paris de Belle van Zuylen / Isabelle de Charrière. In: Kok-Escalle M.-C. (Ed.) Paris: de l'image a la memoire. Représentations artistiques, litteraires, socio-politiques. pp.58-72. Amsterdam/Atlanta: Rodopi, 1997.

Madeleine van Strien-Chardonneau, Belle van Zuylen /Isabelle de Charrière en de Franse Revolutie: Lettres trouvées dans des porte-feuilles d'émigrés (1793). In: Houppermans S., Kruk R., Maier H. (Eds.) Rapsoden & Rebellen. Literatuur en politiek in verschillende culturen, pp. 131-147. Amsterdam: Rozenberg Publishers, 2003.

Madeleine van Strien-Chardonneau, Belle, Betje, Antje...et les autres: Néerlandaises en voyage au XVIIIe siècle, Cahiers Isabelle de Charrière = Belle de Zuylen Papers 9: 115-134. Valkenswaard, Genootschap Belle van Zuylen /HoLaPress, 2014.

Édith Thomas, Pauline Roland: socialisme et féminisme au XIXe siècle. Paris, Marcel Rivière, 1956.

Judith Vega, 'Feminist republicanism. Etta Palm-Aelders on justice, virtue and men.' In: History of European Ideas, t. 10, no. 3, pp. 333-351, 1989.

Judith Vega, Etta Palm, une hollandaise à Paris. In: Willem Frijhoff et Rudolf Dekker, Le voyage révolutionnaire. Actes du colloque franco-néerlandais du Bicentenaire de la Révolution française, Amsterdam. 12 - 13 octobre 1989, pp. 49-56. Hilversum, Verloren, 1991.

Jean Verdon, La femme au Moyen Age. Paris, Editions Jean-Paul Gisserot, 1999.

Pierre Vidal, Les heures de la femme a Paris.Tableux Parisiens. Paris, Editions Boudet (Libraire Lahure), 1903.

Isabelle Vissière, Isabelle de Charrière, Une aristocrate révolutionaire. Paris, Ed. des Femmes / Antoinette Fouque, 1988.

Andrea Weiss, Paris Was a Woman: Portraits from the Left Bank. San Francisco, Harpers San Francisco Counterpoint, 1995.

Betje Wolff en Aagje Deken, Wandelingen door Bourgogne. Uitgegeeven door E. Bekker. In 's Gravenhage by J. van Cleef, 1789.

Ripa Yannick, Histoire Feminine de la France - de la Revolution à la Loi Veil. Paris, Belin, 2020.

Michelle Zancarini-Fournel, Histoire des femmes en France: XIXe-XXe siècle. Rennes, Presses Universitaires de Rennes, 2005.

*** ZEDEN:

Richard Balducci, Les princesses de Paris. L'âge d'or des cocottes. Paris, Hors Collection/ Les Presses de Cité, 1994.

Honoré de Balzac, Théorie de la démarche et autres textes. (Préface par Jacques Bonnet: 'Grandeur et servitude du dandyisme'.) 'Théorie de la démarche' - Octobre 1833; "Traité des excitants modernes' - 1833; 'Physiology de la toilette' - Juin-Juillet 1830; 'Physiologie gastronomique' - Août-Ocobre 1830. Pandora Editions, 1978.

Louis Barron, Paris étrange. Moeurs parisiennes. Paris, E. Flammarion, 1898.

Daniel Baruch, Nicolas Edme Restif de la Bretonne. Paris, Fayard, 1996.

J. Baumgarten, A travers la France Nouvelle. Scènes de moeurs, esquisses littéraires et tableaux ethnographiques. Cassel, T. Kay, 1880.

Pim de Boer (red.), Beschaving. Een geschiedenis van de begrippen hoofsheid, heusheid, beschaving en cultuur. Amsterdam, Amsterdam Uiversity Press, 2001.

J.-C. Bologne, Histoire de la pudeur. O. Orban, 1986.

Jean de La Bruyère, ?Les caractères ou les moeurs de ce siècle [suivi de] Suite des caractères de Théophraste et des pensées de Mr. Pascal. Deux tomes. ?Paris, Etienne Michallet, 1697.

Comte de Roger de Bussy-Rabutin, Histoire Amoureuse des Gaules. Paris, Librairie Gernier Frères, 1930.

Comte de Roger de Bussy-Rabutin et Armand de Bourbon Conti, Carte géographique de la cour et autres galanteries. Cologne, Pierre Marteau, 1668.

J. Y. Dangelzer, La Description du milieu dans le roman français de Balzac à Zola. Paris, Presses Modernes, 1938.

Michel Delon (Ed.), Paris le jour, Paris la nuit. Louis Sébastien Mercier: 'Tableau de Paris' (12 volumes, Amsterdam, 1782-1788) et 'Le Nouveau Paris' (6 volumes, Paris, chez Fuchs, Ch. Pougens et Ch. Fr. Cramer, Libraires); Nicolas-Edme Réstif de La Bretonne, 'Les nuits de Paris ou le Spectateur nocturne' (8 volumes, 1788-1794). Paris, Laffont, Coll. Bouquins, 1990.

Alfred Fouillée, La France au point de vue moral. Paris, Félix Alcan, 1909.

Christèle Fraïssé, L'Homophobie: Et les expressions de l'ordre hétérosexiste. Rennes, Presses Universitaires de Rennes, 2011.

Stéphanie Genand, Le libertinage et l’histoire: politique de la seduction a la fin de l’ancien regime. Oxford, Voltaire Foundation, 2005.

Dorelies Kraakman, Kermis in de hel: vrouwen en het pornografisch universum van de ‘Enfer’ 1750-1850. Amsterdam, Proefschrift geschiedenis, Universiteit van Amsterdam, 1997.

Janine Mossuz-lavau, La vie sexuelle en France. La Martinière, 2018.

Philip F. Riley, A Lust for Virtue: Louis XIV’s Attack on Sin in Seventeenth Century France. New York, Praeger, 2001.

Koenraad W. Swart, The sense of decadence in nineteenth century France. The Hague, 1964.

*** PROSTITUTIE:

Laure Adler, La vie quotidienne dans les maisons closes 1830-1930. Paris, Hachette, 1990.

Honoré de Balzac, Splendeurs et Misères des Courtisanes. Comment aiment les filles, à combien l'amour revient aux vieillards.(1838 à 1847) Paris, Les Belles Editions, s.d..

Au temps des maisons closes 1850-1946. Marianne Hors-Série, Septembre 2015.

Richard Badducci, Les princesses de Paris. L’âge d’or des cocottes. Paris, Hors Collection: Les Presses de la Cité, 1994.

Erica-Marie Benabou, La prostitution et la police des moeurs au XVIIIe siècle. Paris, Perrin, 1987.

Marten Bossenbroek, 'Tourner la medaille'. Ondergang van een eeuw prostitutie op z'n Frans. In: M. P. Bossenbroek, M. E. H. N. Mout, en C. Musterd (red.), Met de Franse slag. Opstellen voor H. L. Wesseling. Pp. 48-68. Leiden, 1998.

Alphonse Boudard et Romi, L'âge d'or des maisons closes. Paris, 1990.

Lydia Cacho, Traffic des femmes. Enquête sur l'esclavage sexuel dans le monde. Paris, Nouveau Monde éditions, 2012.

Nicole Canet, Maisons closes, 1860-1946 (Bordels de femmes, Bordels d'hommes). Paris, Editions Nicole Canet - Galerie au Bonheur du Jour, 2009.

Nicole Canet, Décord de Bordels 1860-1946. Entre intimité et exubérance. Paris, Editions Nicole Canet - Galerie au Bonheur du Jour, 2011.

Nicole Canet, Hôtels Garnis. Garçons de joie. Prostitution masculine. Lieux et fantasmes à Paris de 1860 à 1960. Paris, Editions Nicole Canet. Galerie au Bonheur du Jour, 2012.

Nicole Canet, Histoire de la célèbre Maison close 1877 - 1946 Le Chabanais. Paris, Editions Nicole Canet, Galerie au Bionhheur du Jour, 2015.

Alain Corbin, Les filles des noces: misère sexuelle et prostitution (19e et 20e siècles). Paris, 1978.

Maurice Hamel & Charles Tournier (Enquête de), La Prostitution. Nice, C.G.E.P., 1927.

Jean-Luc Hennig, Les garçons de passe, enquête sur la prostitution masculine. Editions Libres Hallier, 1978.

Alexandre Parent-Duchâtelet, La prostitution à Paris au XIXé siècle. Paris, Editions du Seuil, 1981.

Jean Baptiste Parent-Duchâtel, De la prostitution dans la ville de Paris. 1857

Brigitte Rochelandet, Histoire de la prostitution: du Moyen Âge au XXe siècle. Yens-sur-Morge/Divonne-les-Bains, Cabedita, coll. « Archives vivantes », 2007.

Splendeurs et misères. Images de la prostitution 1850-1910. L'Objet d'Art, Hors-Série N° 91, Exposition au Musée d'Orsay, septembre 2015.

Jacques Solé, L'Age d'or de la prostitution. Paris, Plon, 1993.

----------

GEESTVERRUIMEND EN -VERDOVEND:


Tj. J. Addens, The distribution of opium cultivation and the trade in opium. Haarlem, Joh. Enschedé, 1939.

Charles Baudelaire, Les Paradis Artificiels, Opium Et Haschisch. Paris, Poulet-Malassis et de Broise, 1860.
Charles Baudelaire, Onechte paradijzen: opium en hasjiesj. Amsterdam, Meulenhoff, 1971.

Charles Baudelaire, Les Paradis artificiels / Du vin et du haschisch. In: Œuvres complètes de Charles Baudelaire, Michel Lévy frères, 1869, IV. Petits Poèmes en prose, Les Paradis artificiels (p. 351-383).

Walter Benjamin, Uber Haschisch. Ré-éd., Suhrkamp Verlag Gmbh, 2014.

Walter Benjamin, Protokolle zu Drogenversuchen Hauptzuge Der Ersten & Zweiten Haschisch-Impressionen + Protokoll Des Haschischversuchs + Haschisch + Crocknotizen + Protokoll Des Meskalinversuchs. Ré-éd., E-Artnow, 2018.

Ferdinand M. Bertholet e.a., Opium, het zwarte parfum. Kunst en geschiedenis van een verloren ritueel, 2007
F. M. Bertholet et Cees Hogendoorn, Opium, la fée noire. Art et histoire d'un rituel perdu. Fonds Mercator, 2007.

Paul Butel, L'Opium. Histoire d'une fascination, Paris, Librairie Académique Perrin, 1995.

Jean Cocteau, Opium. Journal d'une désintoxication. Paris, Libraire Stock, Delamain & Boutelleau, 1930.

David T. Courtwright, Forces of Habit. Drugs and the Making of the Modern World. Cambridge MA, Harvard University Press, 2002

Marie-Claude Delahaye, L'Absynthe. Histoire de la fée. Editions Berger Levraulkt, 1983.

Marie-Claude Delahaye, L'absinthe: Son histoire. Auvers-sur-Oise, Musée de l'Absynthe Edition, 2001.

Jean Dugarin, Toxicomanie: historique et classifications. In: Histoire, économie & société, Année 1988, 7-4, pp. 549-586.
Via: https://www.persee.fr/doc/hes_0752-5702_1988_num_7_4_2395

Delphi Fabrice, Opium à Paris Ed. 1907. Rééd. Paris, Hachette Livre-BNF, 2016.

Herbert Grammatikopoulos, Opium als Mode und Alltagsdroge und die literarische Avantgarde des 19. Jahrhundert. GRIN Verlag, 2008.

Herbert Grammatikopoulos, Opium und die literarische Avantgarde der Romantik. Schmetterling Verlag GmbH, 2019.

Arnould de Liedekerke, La belle époque de l'opium. Anthologie littéraire de la drogue de Baudelaire à Cocteau. Paris, Editions de la Différence - Le Sphinx, 1984.

Maurice Magre, La nuit de Haschich et d'Opium. Paris, Flammarion, 1929.

Didier Nourrisson, Le Buveur du XIXe siècle. Paris, AlbinMichel, 1990.

Didier Nourrisson, Histoire sociale du tabac. Editions Christian, 1999.

Frédéric Pagès, Descartes et le cannabis: Pourquoi partir en Hollande? Paris, Editions Mille et une Nuits, 1996.

J. Pannier, Mémoire sur la question de l' opium telle qu'elle se présente en France et dans les Colonies françaises préparé à l'occasion de la Conférence internationale de La Haye. 1911.

Daniel Pierrejean, Les drogués du Führer: quand les soldats du Reich se droguaient pour gagner. Jourdan Editions, 2019.

N. Pitsos, Les sirènes de la Belle Époque. Histoire des passions toxicomanes en France au début du siècle. Paris, Le Manuscrit, 2012.

Emmanuelle Retaillaud-Bajac, Les paradis perdus. Drogues et usagers de drogues dans la France de l'entre-deux-guerres. Rennes, Presses Universitaires de Rennes, 2009.

Wolfgang Schivelbusch, Das Paradies, der Geschmack und die Vernunft: eine Geschichte der Genussmittel. München/Wien, Carl Hanser Verlag, 1980.

Maurice Talmeyr, Les Possédés de la morphine. Paris, Librairi Plon, 1892.
Via: https://gallica.bnf.fr/ark:/12148/bpt6k62841g.pdf

Ewald Vanvugt, Wettig Opium. 350 jaar Nederlandse opiumhandel in de Indische Archipel. Uitgeverij In de Knipscheer B.V., 1985.

Jean-Jacques Yvorel, Les poisons de l'esprit: Drogues et drogués au XIXe siècle. Paris, Gallimard - Le Promeneur, 1992.

----------

FILOSOFIE EN ECONOMISCH DENKEN IN HET ALGEMEEN:


Walter Benjamin (Préface Baptiste Mylondo, Traduction Frédéric Joly), Le capitalisme comme religion: Et autre critiques de l'économie. Editions Payot & Rivages, 2019.

Howard Eiland, Michael W. Jennings, Walter Benjamin: a critical life, Harvard university Press, 2014.

Paul Harrison, Elements of Pantheism: A Spirituality of Nature and the Universe. CreateSpace Independent Publishing Platform; edition 2013.

Jean Goldzink, Voltaire. La légende de saint Arouet. Paris, Gallimard, 1989.

Catharine Golliau (Rédactrice en chef et Editorial), Spinoza, Kant, Hegel. Les textes fondamentaux de la philosophie moderne. Paris, Le Point Hors-Séries, septembre - octobre 2006.

Catharine Golliau (Rédactrice en chef et Editorial), Nos derniers maîtres. Les textes fondamentaux. Paris, Le Point Références, septembre-octobre 2011.

Catharine Golliau (Rédactrice en chef et Avant-propos), Utopies. Changer le monde. Les grandes textes expliqués. Paris, Le Point Références, mars-avril 2015.

Catharine Golliau (Rédactrice en chef et Editorial), Eloge de la vie simple. Les textes fondamentaux commentés. Paris, Le Point Références, septembre-octobre 2015.

Catharine Golliau (Rédactrice en chef et Editorial), Spinoza. L'ultramoderne. Paris, Le Point Hors-Série - Les Maîtres Penseur, Numéro 19, octobre-novembre 2015.

Catharine Golliau (Rédactrice en chef et Editorial), Comprendre l'économie. Les textes fondamenaux. Paris, Le Point Références, mars-avril 2016.

Catharine Golliau (Rédactrice en chef et Editorial), Grands débats de l'économie. Les textes fondamentaux. Paris, Le Point Références, mai-juin 2019.

Catharine Golliau (Rédactrice en chef et Editorial), Machiavel. Cet ami qui vous veut du bien. Paris, Le Point Hors-Série - Les Maîtres Penseurs, Numéro 27, février-mars 2020.

Robert L. Heilbronner, De wereld jaagt naar geld. Amsterdam, H.J. Paris, 1957.

Robert L. Heilbronner, The Wordly Philosophers. The lives, times and ideas of the great economic thinkers. New York, NY, A TouchStone Book, published by Simon and Schuster, Fourth Edition. Completely Revised for the 1970's, 1972.

Sidney Hook (Ed.), Determinism and Freedom in the Age of Modern Science. New York, Collier Books - London, Collier MacMillan Publishers, 1974.

Martin Jay, The Dialectical Imagination. A History of the Frankfurt School and the Institute of Social Research 1923-50. London, Heinemann, 1973.

Le Monde Hors-Série, Karl Marx. La révolution anticapitaliste. Paris, Le Monde Hors-Série, 2016.

J. Allanson Picton, Pantheism. Its Story and Significance. ValdeBooks, 2010.

Rolf Wiggershaus, Die Frankfurter Schule. Reinbek bei Hamburg, Rowohlt Taschenbuch Verlag, 2010.

----------

FILOSOFIE EN PRAKTIJK, IN HET BIJZONDER AANGAANDE POST-MODERNISME EN NEO-LIBERALISME:


Kiff Bamford, Jean-François Lyotard. Reaktion Books (Critical Lives), 2017.

M. Berman, All that is solid melts into air. The experience of modernity. New York, 1982.

Steven Best and Douglas Kellner, Postmodern Theory: Critical Interrogations. New York, Guilford, 1991.

Alain Bihr, La novlangue néolibérale. La rhétorique du fétichisme capitaliste. Editions Syllepse, 2017.

Sam Binkley, Happiness as Enterprise: An Essay on Neoliberal Life. State University of New York Press, 2015.

Monique Boireau-Rouillé et al. (Rédaction de ce numéro), De Mai 68 au débat sur la postmodernité. Enjeux actuels de l'émancipation. Lyon, Réfractions - recherches et expressions anarchistes, N° 20, mai 2008.

Wendy Brown, 'Neo-liberalism and the End of Liberal Democracy'. In: Theory and Events, vol. VII, no. 1, 2003.
Via: https://muse.jhu.edu/article/48659

Wendy Brown, Undoing the Demos: Neoliberalism's Stealth Revolution. New York, Zone, 2015.

Thierry Brugvin (Collectif dirigé par), Etre humain en système capitaliste? L'impact psychologique du néolibéralisme. Gap, Yves Michel, 2015.

Alex Callinicos, Against Postmodernism. A Marxist Critique. Cambridge UK, Polity Press, (first edition 1989), 1992.

Karen L. Carr, The Banalization of Nihilism: Twentieth-Century Responses to Meaninglessness. Albany NY, State University of New York Press, 1992.

J. M. Ellis, Against deconstruction. Princeton, 1989.

Eugène Enriquez (Sous la direction de), L'arrogance: Un mode de domination néo-libéral. In Press, 2015.

Revue Esprit, l'Idéologie de la Silicon Valley. Paris, Mai 2019.

Mark Gottdiener, Postmodern Semiotics: Material Culture and the Forms of Postmodern Life. Blackwell Pub, 1995.

David Harvey, The Condition of Postmodernity: An Enquiry into the Origins of Cultural Change. Wiley-Blackwell, October 1991.

David Harvey, A brief history of neoliberalism. Oxford, UK, Oxford University Press, 2005.

Russell Jacoby, The End of Utopia: Politics and Culture in an Age of Apathy. New York, NY, Basic Books, 1999.

F. Jameson, Postmodernism, or the cultural logic of capitalism. In: New Left Review, 146, pp.55-96, 1984.

Daniel Stedman Jones, Masters of the Universe – Hayek, Friedman, and the Birth of Neoliberal Politics. Princeton NJ, Princeton University Press, Updated edition, 2014.

Tony Judt, Contre le vide moral. Restaurons la social-démocratie. Paris, Flammarion, Champs essais, 2015.

Michel Keller, Cent Considérations sur le nihilisme contemporain et sur les caractères tragicomiques des sociétés postmodernes. L'Or des Fous, 2005.

Naomi Klein, "It was the Democrats' embrace of neoliberalism that won it for Trump". The Guardian, November 9, 2016.
Via: https://www.theguardian.com/commentisfree/2016/nov/09/rise-of-the-davos-class-sealed-americas-fate

Scott Lash, Sociology of Postmodernism. London and New York, Routledge, 1990.

Alain Laurent, Ayn Rand ou la passion de l'égoïsme rationnel. Une biographie intellectuelle. Les Belles Lettres, 2011.

Gilles Lipovetsky, L'ère du vide. Essais sur l'individualisme contemporain. Paris, Gallimard, 1983, et 1993 pour la postface.

Gilles Lipovetsky, L'empire de l'éphémère. Paris, Gallimard, 1987.

Kem Luther, The Next Generation Gap: The Rise Of The Digitals And The Ruin Of Postmodernism. Universe, 2009.

Jean-François Lyotard, La condition postmoderne: rapport sur le savoir. Paris, Minuit, 1979.

Jean-François Lyotard, Le postmoderne expliqué aux enfants. Correspondance, 1982-1985.LGF, Coll. Biblio essais, 1993.

Michel Onfray, Miroir du nihilisme: Houellebecq éducateur. Editions Gallilée, 2017.

Michel Onfray, La résistance au nihilisme: Contre-histoire de la philosophie, tome XII. Paris, Grasset, 2020.

Nadine Salamé, L'hyperréalité du monde postmoderne selon Jean Baudrillard. Essai de lecture analytique et critique. Paris, L'Harmattan, 2016.

Claude Simon, L'idéologie néolibérale: ses fondements, ses dégâts. Editions du Temps Présent, 2016.

William Slocombe, Nihilism and the Sublime Postmodern. The (Hi)story of a difficult Relationship from Romantism to Postmodernism. London, Routledge, 2013.

Judith Stamps, Unthinking Modernity: Innis, McLuhan and the Frankfurt School. Montreal, McGill-Queen's University Press, 1995.

Daniel Stedman Jones, Masters of the Universe: Hayek, Friedman, and the Birth of Neoliberal Politics. Princeton, NJ, Princeton University Press, 2012.

Paul van Tongeren, Het Europese nihilisme - Friedrich Nietzsche over de dreiging die niemand schijnt te deren. Uitgeverij Vantilt, 2012.

Agnès Vandevelde-Rougale, La novlangue managériale. Erès, 2017.

Pierre Le Vigan (Préface Christian Brosio), Soudain la postmodernité. Publication indépendant, 2018.

Shmuel Trigano, La nouvelle idéologie dominante. Le post-modernisme. Hermann Philosophie, 2012.

Ning Wang, Tourism and Modernity. A Sociological Analysis. Oxford, England, Pergamon, 2000.

----------

TEKEN- EN WOORDENSYMBOLIEK, SEMIOLOGIE, SEMIOTIEK:


Roland Barthes, Mythologies. Paris, Editions du Seuil, 1957.

Roland Barthes, La Tour Eiffel. Paris, Centre national de la photographie/Éditions du Seuil, 1964

Roland Barthes, L’empire des signes, Paris, Champs Flammarion, 1984.

Roland Barthes, Mythologies d'aujourd'hui (Dossier coordonné par Marie Fouquet et Tipaine Samoyault). In: Le Nouveau Magazine Littéraire, N° 28, pp.78-97, avril 2020.

Jean Baudrillard, Le système des objets. Paris, Editions Gallimard, 1968.

Jean Baudrillard, Pour une critique de l'économie politique du signe. Paris, Gallimard, 1972.

Jean Baudrillard, Simulacres et simulation. Paris, Galilée, 1985.

J. Berger, Ways of Seeing. London, BBC and Penguin, 1983.

Jonathan Culler, The Semiotics of Tourism. In: Jonathan Culler, Framing the Sign: Criticism and Its Institutions (Oklahoma Project for Discourse & Theory). University of Oklahoma Press, 1989.

Régis Debray, Vie et mort de l'image. Une histoire du regard en Occident. Paris, Gallimard, 1992.

Umberto Eco, A Theory of Semiotics. Bloomington, Indiana University Press, 1976.

Umberto Eco, Travels in Hyperreality. New York and London, Harcourt Brace Jovanovich, 1986.

M. Eliade, Images et symboles. Paris, Gallimard, 1952.

Jean-Pierre Faye, Langages totalitaires: Critique de la raison narrative, critique de l'économie narrative. Hermann, Editeurs des Sciences et des Arts, 2004.

Edward T. Hall, The Silent Language. New York, Anchor Books, 1959.

Edward T. Hall, The Hidden Dimension. New York, Doubleday & Comp., 1966.

Edward T. Hall, Beyond Culture. New York, Anchor Press / Doubleday & Company Inc., 1976.

Edward T. Hall, The Dance of Life. The Other Dimension of Time. New York, Anchor Books / Doubleday, 1983.

Edward T. Hall, An Anthropology of Everyday Life. An Autobiography. New York, Doubleday, 1992.

Laurent Gervereau, Voir, comprendre, analyser les images. Paris, Editions la Découverte, 2004.

Mark Gottdiener, Postmodern Semiotics: Material Culture and the Forms of Postmodern Life. Blackwell Pub, 1995.

Georges Jean, Langage des signes. L'écriture et son double. Paris, Découvertes Gallimard, 1989.

Thomas Kleinspehn, Die flüchtige Blick. Sehen und Identität in der Kultur der Neuzeit. Reinbeck bei Hamburg, 1989.

Robert Lanquar, Tourism signs and symbols: status report and a guidebook. Madrid, WTO/OMT, 2001.

Scott Lash & John Urry, Economies of signs and space. London, Sage Publications, 1994.

Thierry Lenain (Sous la direction de), L'Image: Deleuze, Foucault, Lyotard. Vrin, reprint, 1997.

Cseslaw Milosz, The Captive Mind. New York, 1953.

Czeslaw Milosz, Visions from San Francisco Bay. New York, Farrer Straus Giroux, 1982.

L. Morisset, B. Sarrasin et G. Ethiier, Epistémologie des études touristiques. Presses de l'Université de Québec, 2013.

Georges Mounin, Introduction à la sémiologie. Paris, Les Editions de minuit, 1970.

Hamid Mowlana, George Gerbner and Herbert Schiller (eds), Triumph of the Image. Boulder, CO, Westview Press, 1992.

Shani Organ, Media Representation and the Global Imagination. Cambridge, Polity Press, 2012.

Luc Pauwels & Jan Marie Peters, Denken over beelden. Theorie en analyse van het beeld en de beeldcultuur. Leuven, Acco, 2005.

Marius Rimmele und Bernd Stiegler, Visuelle Kulturen/Visual Culture zur Einführung. Hamburg, Junios, 2019.

David Scott, Semiologies of Travel: From Gautier to Baudrillard. Cambridge, Cambridge University Press, 2004.

Gilles Teissonnières, La tour Eiffel, une ethnologie d'un espace touristique. THS - Collection Le regard de l'ethnologue, 2011.

----------

FRANKRIJK, HAAR IMAGO EN HAAR 'VERBEELDING':


Maurice Agulhon, Marianne au combat. L'imagerie et la symboliques républicaines de 1789 à 1880. Paris, Flammarion, 1979.

Maurice Agulhon, Marianne au pouvoir. L'imagerie et la symbolique républicaine de 1880 à 1914. Paris, Flammarion, 1989.

Maurice Agulhon, Pierre Bonte, Marianne. Les visages de la République. Paris, Gallimard, 1992.

Maurice Agulhon, De Gaulle: Histoire, symbole, mythe. Paris, 2000.

Maurice Agulhon, Les métamorphoses de Marianne de 1914 à nos jours. Paris, Flammarion, 2001.

Daniel Arasse, La guillotine et l'imaginaire de la Terreur. Paris, Flammarion, 1987.

Pascale Avenel et Pierre Vaydat (Ed.), La France fascinante et détestée. Arras, 2000.

Vincent Bastien, Pierre-Louis Dubourdeau, Maxime Leclère, La marque France. Paris, Presses des Mines, 2011.

Boze Bisko, Le rayonnement de la France dans le monde: Histoire, économie, fin du XXe siècle. Editions de l'Onde, 2015.

E. Cohen, Paris dans l'imaginaire national de l'Entre-deux-guerres. Paris, Editions de La Sorbonne, 1999.

Hervé Coulouarn, La France vue d'ailleurs: Histoire des stéréotypes. Rennes, Presses universitaires de Rennes, 2016.

Yves Daudu, Les Français à la une: La presse étrangère juge les Français. Paris, Editions la Découverte, 1987.

Yann Delaunay (Sous la direction de),Image et attractivité internationales de la France pour les 18-35 ans. Paris, Atout France, 2019.

Lucille Douchin et Thibaut Hair, Destination France! La photothèque du tourisme. Livret d'exposition. Fontainebleau, Archives Nationales, 2014.

Dominique Frischer, La France Vue d'en Face. L'image de la France analysée et jugée par des étrangers. Paris, Robert Laffont, 1990.

Max Gallo, Fier d"être français. Paris, Fayard, 2006.

Marcel Gauchet, "Nous ne jouons plus dans la cour des grands." In: Le Monde, 07-08/06-2020.
Via: https://www.lemonde.fr/idees/article/2020/06/06/marcel-gauchet-nous-ne-jouons-plus-dans-la-cour-des-grands_6041961_3232.html

Wolfgang Geiger: L’image de la France dans l’Allemagne nazie (1933-1945). Rennes, Presses Universitaires de Rennes, 1999.

Stephen L. Harp, Marketing Michelin. Advertising & Cultural Identity in Twentieth-Century France. Baltimore & London, The John Hopkins University Press, 2001.

Emmanuel Hecht (Propos recueillis par), Sudhir Hazareesingh: "La France croit devoir penser pour le reste du monde." In: L'Express, N° 3347, pp. 12-16, 26 août 2015.

Jean-Noel Jeanneney, L'Histoire de France vue d'ailleurs - 50 évènements racontés par des historiens étrangers. 2018.

Made in France. Les Français vus d'ailleurs. Pourquoi le monde tout entier nous envie. Les dossiers du Canard, juillet 1993.

Sylvaine Marandon, L'image de la France dans la conscience anglaise. Paris, Armand Collin, 1967.

Arnaud de Maurepas et Florent Brayard, Les Français vus par eux-même. Le XVIIIe siècle. Paris, Robert Laffont, 1996.

F. Melonio, Naissance et affirmation d'une culture nationale. La France de 1815 à 1880. Paris, Seuil, 2001.

Robert Mengin, La France vue par l'étranger. Paris, La Table Ronde, 1971.

Vincente Minnelli (Directed by), Arthur Reed (Produced by), An American in Paris (with Gene Kelly, Leslie Caron et al.). Metro-Goldwyn-Mayer, 1951.

Frédéric Monneyron et Martine Xiberras (Eds.), La France dans le regards des Etats-Unies / France as seen by the United States. Perpignan, Presses Universitaires de Perpignan, 2006.

Arnaud Montebourg, La Bataille du Made in France. Paris, Flammarion, 2013.

Roland Mousnier et. al., Comment les Français voyaient la France au XVIIe siècle. In: Bulletin de la Société d'études de XVIIe siècle, n° 25626, 1955.

Herman Lebovics, Mona Lisa's Escort: André Malreaux and the Reinvention of French Culture. Ithaca, Cornell University Press, 1999.

Derek C. Offord, Vladislav Rjeoutski, Gesine Argent (eds.), European Francophonie: The Social, Political and Cultural History of an International Prestige Language. Oxford, Peter Lang International Academic Publishers, 2014.

Bernard Plasait, Améliorer l'image de la France. Paris, Rapport du Conseil Economique, Social et Environnemental. Journal Officiel, 14 avril 2010.

M. Pontault (ed.), Tourisme et francophonie. Paris, L'Harmattan, 1999.

J. Ralité, La Culture française se porte bien pourvu qu'on la sauve. Paris, Messidor/Editions sociales, 1987.

Vladislav Rjéoutski, Gesine Argent and Derek Offord (eds.), European Francophonie. The Social, Political and Cultural History of an International Prestige Language. Oxford, 2005.

Yves Roucaute, Eloge du mode de vie à la française. The french way of life. Paris, Editions du Rocher, 2012.

Ralph Schor, L'Opinion française et les étrangers en France. Paris, Publications de la Sorbonne, 1985.

Pierre Verdager, Hollwood's Frenchness: Representations of the French in American Films. In: Contemporary French and Francophone Studies 8, N. 4, 441-451, 2004.

Christophe de Voogd, Huizinga, les Pays-Bas et l'image de la France. Cahiers de Meridon. Chevreuse, Vereniging Volkshogeschool Meridon, 1997.

Robert Young, Marketing Marianne: French Propaganda in America, 1900-1940. New Brunswick, NJ, Rutgers University Press, 2004.

----------

GESCHIEDENIS EN AKTUALITEIT VAN HET WERELDSYSTEEM, ECONOMISCHE EN FINANCIELE MARKTEN, MONDIALISERING / GLOBALISERING, COSMOPOLITISERING EN ONGELIJKHEDEN:


*** GESCHIEDENIS VAN HET WERELDSYSTEEM:

Jean Baechler, Le capitalisme. 1. Les origines. Paris, Gallimard - Folio Histoire, 1995.

Jean Baechler, Le capitalisme. 2. L'économie capitaliste. Paris, Gallimard - Folio Histoire, 1995.

Michel Beaud, Histoire du capitalisme de 1500 à 2000. Paris, Seuil, 2000.

Fernand Braudel, La dynamique du capitalisme. Paris, Editions Arthaud, 1985.

Klaus-Jürgen Bremm, Das Zeitalter der Industrialisierung. Theiss, Konrad, 2014.

James Burnham, The Managerial Revolution. What is Happening in the World. New York: John Day Co., 1941.

François Caron, Les deux révolutions industrielles du XXe siècle. Paris, Albin Michel, 1997.

François Caron, La dynamique de l'innovation. Changement technique et changement social (XVIe-XXe siècle). Paris, Gallimard, 2010.

Fernando Claudin, The Communist Movement. From Comintern to Cominform. Penguin Books, 1975.

Philip Coggan, More: A History of the World Economy from the Iron Age to the Information Age. The Economist, 2020.

Jared Diamond, Guns, Germs, and Steel: A Short History of Everybody for the Last 13,000 Years. Vintage, 1998.

Jared Diamond, Collapse. How Societies Choose to Fail or Succeed. Penguin Books, 2005.

Paul R. Ehrlich, The Population Bomb. Sierra Club / Ballantine Books, 1968.

Henry Fairfield Osborn Jr., Our Plundered Planet. Little, Brown and Company, 1948.

Marc Ferro (ed.), Le livre noir du colonialisme: XVIe-XXIe siècle, de l'extermination à la repentance. Paris, Hachette, 2004.

W. Fischer, R. Mac Innes, J. Schneider, The emergence of a world economie (1500-1914). 2 tomes. 1986.

Augusto Forti, Franco Ferrarotti, et al., Aux origines de l'Occident: machines, bourgeoisie et capitalisme. Paris, Presses Universitaires de France, 2011.

Joshua B. Freeman, Behemoth: A History of the Factory and the Making of the Modern World. New York, Norton, 2018.

John Kenneth Galbraith, The Great Crash 1929. Penguin Books, 1975.

Tim Harford, Fifty Things that Made the Modern Economy. London, Little, Brown, 2017.

Jacques Heers, La naissance du capitalisme au Moyen Âge. Paris, Tempus Perrin, 2014.

E. J. Hobsbawn, The Age of Revolution. Europe 1789 - 1848. London, Abacus edition, 1977.

E. J. Hobsbawn, The Age of Capital. 1848 - 1875. London, Abacus edition, 1977.

E. J. Hobsbawn, 'Inventing Traditions'. In: E.J. Hobsbawn and T. Rangers, eds., The Inventions of Traditions. Cambridge, University of Cambridge Press, 1983.

E. J. Hobsbawn, The Age of Empire. 1875 - 1914. New York NY, Vintage Books Edition, 1989.

E. J. Hobsbawn, The Age of Extremes. A History of the World, 1914 - 1991. New York NY, Vintage Books edition, 1996.

E. J. Hobsbawn with Antonio Polito, On the Edge of the New Century. New York, The New Press, 2000.

E. J. Hobsbawn, Interesting Times. A Twentieth-Century Life. London, Abacus, 2002.

E. J. Hobsbawn, Globalization, Democracy and Terrorism. London, Abacus, 2007.

E. J. Hobsbawn, Fractured Times. Culture and Society in the Twentieth Century. London, Abacus, 2014.

Peter-Matthias Gaede Die industrielle Revolution - Wie Dampf, Stahl und Strom die Welt veränderten (mit DVD). Geo Epoche 30/08. München, C. Bertelsmann GmbH, 2008.

Ian Kershaw, To Hell and Back. Europe 1914-1949. Allan Lane, 2015.

John Maynard Keynes, The Economic Consequences of the Peace. London, MacMillan and Co., Limited, 1920.

Melvin Kranzberg and Carroll W. Pursell Jr. (Eds.), Technology in Western Civilization: The Emergence of Modern Industrial Society. Earliest Times to 1900. New York, Lodon & Toronto, 1967.

Ekkehart Krippendorff, Internationales System als Geschichte. Einführung in die internationalen Beziehungen 1. Frankfurt, Campus Verlag, 1975.

Philipp Lepenies, The Power of a Single Number. A Political History of GDP. New York, Columbia University Press, 2016.

Marc Levinson, The Box: How the Shipping Container Made the World Smaller and the World Economy Bigger. Princeton, N.J., Princeton University Press, 2006.
Marc Levinson, The Box. Comment le conteneur a changé le monde. Paris, Max Milo, 2011.

Rosa Luxemburg, Die Akkumulation des Kapitals. Ein Beitrag zur ökonomischen Erklärung des Imperialismus. (1913) Frankfurt, Verlag Neue Kritik, Archiv sozialistischer Literatur 1, Vierte Auflage, 1970.

Ernest Mandel, Der Spätkapitalismus. Versuch einer marxistischen Erklärung. Frankfurt am Main, SuhrkampVerlag, 1973.

Ernest Mandel, La crise 1974-1982. Les faits, leur interprétention marxiste. Paris, Flammarion, 1982.

Joel Mokyr, La culture de la croissance. Les origines de l’économie moderne. Paris, Gallimard, 2020.

Le Monde Diplomatique - Manière de voir N° 167, La bombe humaine. Pression démographique sur la planète. Octobre-Novembre, 2019.

Ian Morris, Why The West Rules - For Now: The Patterns of History and what they reveal about the Future. Profile Books Ltd., 2011.

Ian Morris, The Measure of Civilization – How Social Development Decides the Fate of Nations. Princeton University Press, 2013.

F. Osborn, La Planète au pillage. Paris, Payot, 1949 (1e édition 1948).

Karl Polanyi, The Great Transformation. Politische und ökonomische Ursprünge von Gesellschaften und Wirtschaftssystemen.(1944). Suhrkamp Taschenbuch Verlag, 2015.

Jürgen Osterhammel, Die Verwandlung der Welt: Eine Geschichte des 19. Jahrhunderts. München, Verlag C.H. Beck oHG, 2011.

Pale Rider: The Spanish Flu of 1918 and How It Changed the World. Public Affairs, septembre 2017.

Jean-Pierre Rioux, La révolution industrielle 1780-1880. Paris, Editions du Seuil, Points Histoire, 1971.

Jérémy Rocteur, Les révolutions industrielles ou la naissance du monde moderne: La métamorphose par le progrès. 50Minutes.fr, Collection 'Grands Événements', 2015.

Emmanuel Le Roy Ladurie, Histoire du climat depuis l'an mil: Tome 1 et Tome 2. Paris, Flammarion, Collection Champs Histoire, 2009.

Paul M. Sweezy, The Theory of Capitalist Development. Principles of Marxian Politial Economy (1942). London, Dennis Dobson Limited, 1962.

Immanuel Wallerstein, The Modern World-System, vol. I: Capitalist Agriculture and the Origins of the European World-Economy in the Sixteenth Century. New York/London, Academic Press, 1974.

Immanuel Wallerstein, The Modern World-System, vol. II: Mercantilism and the Consolidation of the European World-Economy, 1600-1750. New York, Academic Press, 1980.

Immanuel Wallerstein, The Modern World-System, vol. III: The Second Great Expansion of the Capitalist World-Economy, 1730-1840's. San Diego, Academic Press, 1989.

Immanuel Wallerstein, l'Après-Libéralisme. Essai sur un système-monde à réinventer. Editions de l'Aube, 1999.

Immanuel Wallerstein, The Modern World-System, vol. IV: Centrist Liberalism Triumphant, 1789–1914. Berkeley: University of California Press, 2011.

Immanuel Wallerstein et al., Does Capitalism has a Future? Oxford, New York etc., Oxford University Press, 2013.

*** AKTUALITEIT VAN HET WERELDSYSTEEM:

Michel Aglietta et al., Capitalisme. Le temps des Ruptures. Paris, Odile Jacob, 2019.

Michel Aglietta (Propos recueillis par Antoine Reverchon), "La vraie richesse des nations est leur capital public." In: Le Monde, 17-18 mai, 2020.
Via: https://www.lemonde.fr/idees/article/2020/05/15/michel-aglietta-la-vraie-richesse-des-nations-est-leur-capital-public_6039727_3232.html

Walden Bello, Deglobalization. Ideas for a New World Economy. London - New-York, Zed Books Ltd., 2004.

Walden Bello, Capitalism's Last Stand? Deglobalization in the Age of Austerity. Zed Books Ltd., 2013.

Jean-Michel Bezat, La coronavirus et la démondialisation. In: Le Monde, 3 mars, 2020.

Christophe Bonneuil, Jean-Baptiste Fressoz, L'Événement Anthropocène. La Terre, l'histoire et nous. Paris, Seuil, 2016.
Christophe Bonneuil and Jean-Baptiste Fressoz, The Shock of the Anthropocene: The Earth, history and us. London, Verso Books, 2016.

Erik Brynjolfsson, Andrew McAfee, The Second Machine Age. Work, Progress, and Prosperity in a Time of Brilliant Technologies. New York - London, W.W. Norton & Company, 2014.

Les Dossiers du Canard enchaîné, 1,4 milliard de touristes! Et moi, et moi, et moi ... . Paris, Les Editions Maréchal - Le Canard enchaîné, juillet 2019.

Cepii, Economie mondiale 1980-1990: la fracture? Paris, Economica, 1984.

Alfred D. Chandler Jr. and Bruce Mazlich, Leviathans: Multinational Corporations and the New Global History. Cambridge University Press, 2005.

Geneviève Clastres, À la recherche du voyage « écoresponsable ». In: Le Monde Diplomatique, juillet 2020.

Daniel Cohen, Homo Economicus, prophète (égaré) des temps nouveaux. Paris, Albin Michel, 1212.

Daniel Cohen, Le monde est clos et le désir infini. Paris, Albin Michel, 2015.

Daniel Cohen (Propos recueillis par Antoine Reverchon), 'Cette crise sanitaire signale l'accélération du capitalisme numérique'. In: Le Monde, vendredi 3 avril, 2020.

Vittoria Colizza et al., « Predictability and epidemic pathways in global outbreaks of infectious diseases : The SARS study », BMC Medicine, Londres, 21 novembre 2007.

C. Colomb & J. Novy, J. (Eds.), Protest and resistance in the tourist city. London, Routledge, 2016.

Philippe Descola, 'Nous sommes devenus des virus pour la planète'. (Propos receuillis par Nicolas Truong). In: Le Monde, jeudi 21 - vendredi 22 mai, 2020.
Via: https://www.lemonde.fr/idees/article/2020/05/20/philippe-descola-nous-sommes-devenus-des-virus-pour-la-planete_6040207_3232.html

Peter Dietsch and Thomas Rixen (Eds.), Global Tax Governance: What is Wrong with It and How to Fix It. ECPR Press, 2015.

David Edgerton, The contradictions of techno-nationalism and techno-globalism: A historical perspective. In: New Global Studies 1.1, 2007.

B. Eichengreen and P. Gupta, Managing Sudden Stops. World Bank, Policy research Working Paper, n° 7639, 2016.

Christopher Elliott, What will travel be like after the coronavirus? In: Forbes, Retrieved March 31, 2020.
Via: https://www.forbes.com/sites/christopherelliott/2020/03/18/what-will-travel-be-like-after-the-coronavirus/#4febdd623329

Ewald Engelen, Thomas Piketty’s utopische impuls. ‘Ik ben een historicus’. Met Kapitaal en ideologie pleit de Franse econoom Thomas Piketty voor meer historisch onderzoek in de economie. Weet hij het traditionele economische discours over ongelijkheid te ontstijgen? In: De Groene, nr. 11, 11 maart 2020.
Via: https://www.groene.nl/artikel/ik-ben-een-historicus?utm_source=De+Groene&utm_campaign=487a43a9b6-Wekelijks-2020-03-11&utm_medium=email&utm_term=0_853cea572a-487a43a9b6-70676005

Megan Epler Wood, Sustainable Tourism on a Finite Planet. London, Routledge, 2017.

Philippe Escande, Sandrine Cassini, Bienvenue dans le capitalisme 3.0. Paris, Albin Michel, 2015.

Eduardo Fayos-Sola et Chris Cooper, The Future of Tourism: Innovation and Sustainability. Springer, 2018.

Le Figaro Enquête, Faut-il avoir peur de la Chine? Paris, Le Figaro, 2020.

Robert Fletcher, Ivan Murray, Asunción Blanco-Romero, Macià Blázquez-Salom (Editors), Tourism and Degrowth: Towards a Truly Sustainable Tourism. London, Routledge, 2020.

Steve Fraser, The Limousine Liberal. How an incendiary image united the right and fractured America. New York, Basic Books, 2016.

Jean-Baptiste Fressoz, L'Apocalypse joyeuse. Une histoire du risque technologique. Paris, Seuil, 2012.

George Friedman, The Next 100 Years. A Forecast for the 21st Century. New York etc., Doubleday, 2009.

Thomas L. Friedman, The World is Flat. The globalized world in the twenty-first century. Penguin Books, 2016.

Marc Furió et Pere Figuerola, L'Espèce humaine. Les chemins pour éviter l'extinction. Barcelone, RBA Coleccionables S.B.U., 2019.

The Future of Capitalism. Foreign Affairs, issue January / February, 2020.

Susan George, Les usurpateurs. Comment les entreprises transnationales prennent le pouvoir. Paris, Seuil, 2014.

Cynthia Ghorra-Gobin (Sous la direction de), Dictionnaire critique de la mondialisation. Paris, Armand Colin, 2012.

Pierre-Noël Giraud, L'Homme Inutile. Du bon usage de l'économie. Paris, Odile Jacob, 2015.

Malcolm Gladwell, The Tipping Point: How Little Things Can Make a Big Difference. Back Bay Books, 2002.

S. Gössling & P. M. Peeters, Assessing tourism's global environmental impact 1900–2050. Journal of Sustainable Tourism, 23(5), 639-659, 2015.

Green Global Travel, The effects of mass tourism. (How overtourism is destroying 30+ destinations).
Via: https://greenglobaltravel.com/effects-mass-tourism-overtourism-destroying-destinations/. 2018 (?).

Michel Guerrin, « Le touriste entre-t-il pour la culture dans la catégorie des nuisibles? ». In: Le Monde, Publié le 23 novembre 2018 à 11h12 - Mis à jour le 24 novembre 2018 à 01h33.
Via: https://www.lemonde.fr/idees/article/2018/11/23/le-touriste-entre-t-il-pour-la-culture-dans-la-categorie-des-nuisibles_5387389_3232.html

Clement Guillou, Après la crise du Covid-19, un tourisme plus stable que durable. In: Le Monde ('Tourisme, la pause est finie'), 7 Juillet, pp. 18-19, 2020.
Via: https://www.lemonde.fr/economie/article/2020/07/06/apres-la-crise-du-covid-19-un-tourisme-plus-stable-que-durable_6045303_3234.html (Publié le 06 juillet 2020 à 06h06 - Mis à jour le 06 juillet 2020 à 11h48).

C. M. Hall, Tourism, biodiversity and global environmental change. In S. Gössling & C. M. Hall (Eds.), Tourism and global environmental change: Ecological, economic, social and political interrelationships (pp. 142–156). Routledge, 2006.

C. M. Hall, Degrowing tourism: Décroissance, sustainable consumption and steady-state tourism. Anatolia, 20(1), 46–61, 2009.
Via: https://doi.org/10.1080/13032917.2009.10518894 [Taylor & Francis Online],

C. M. Hall, Biological invasion, biosecurity, tourism, and globalisation. In Dallen J. Timothy (Ed.), Handbook of globalisation and tourism (pp. 114–125). Edward Elgar Publishing, 2019.

Yuval Noah Harari, 21 Lessons for the 21st Century. London, Jonathan Cape, 2018.

Jason Hickel, The Divide: A Brief Guide to Global Inequality and its Solutions. William Heinemann, 2017.

Jason Hickel & Giorgos Kallis, Is Green Growth Possible?, New Political Economy, Routledge, 2019.
Via: https://doi.org/10.1080/13563467.2019.1598964

Jason Hickel, The Contradiction of the Sustainable Development Goals: Growth versus Ecology on a Finite Planet. In: Sustainable Development, Wiley, 2019.
Via: https://static1.squarespace.com/static/59bc0e610abd04bd1e067ccc/t/5cb6db91a4222f60ea156798/1555487636747/Hickel+-+The+Contradiction+of+the+SDGs.pdf

Jason Hickel, Less is More: How Degrowth Will Save the World. William Heinemann, 2020.

Freya Higgins-Desbiolles et al., Degrowing tourism: rethinking tourism. In: Journal of Sustainable Tourism, Volume 27, 2019 - Issue 12.
Via: https://www.tandfonline.com/toc/rsus20/27/12

Cornelius Holtorf and Anders Hogberg 5eds.), Cultural Heritage and the Future. London, Taylor & Francis Ltd, 2019.

Alf Hornburg, John R. McNeil and Joan Martinez-Alier (dir), Rethinking Environmental History: World-System History and Global Environmental Change. New York, Alta Mira Press, 2007.

Samuel P. Huntington, The Clash of Civilizations and the Remaking of World Order. (1996) New York NY, Simon & Schuster Paperbacks, 2011.

Raoul Marc Jennar, Le Grand Marché transatlantique. La menace sur les peuples d'Europe. Perpignan, Cap Bear Editions, 2014.

C. Hamilton, F. Gemene, et C. Bonneuil (dir.), The Anthropocene and the Global Environmental Crisis: Rethinking Modernity in a new Epoch. Routledge, 2015.

Shane Harris, Greg Miller, Josh Dawsey and Josh Dawsey, U.S. intelligence reports from January and February warned about a likely pandemic. In: Washington Post, March 21, 2020.
Via: https://www.washingtonpost.com/national-security/us-intelligence-reports-from-january-and-february-warned-about-a-likely-pandemic/2020/03/20/299d8cda-6ad5-11ea-b5f1-a5a804158597_story.html

Tony Judt, Postwar. A History of Europe Since 1945. New York, The Penguin Press, 2005.

Tony Judt, Ill fares the land. A Treatise On Our Present Discontents. London, Allen Lane, 2010.

Tony Judt and Timothy Snyder, Thinking the Twentieth Century. London, Penguin Press, 2012.

Tony Judt (Edited and introduced by Jennifer Homans), When the Facts Change. Essays 1955-2010.London, Vintage, 2015.

Giorgis Kallis, Susan Paulson, Giacomo D'Alisa, Federico Demaria, The Case for Degrowth. 2020.

Dr. Ali S. Khan (With William Patrick), The Next Pandemic: On the Front Lines Against Humankind?'s Gravest Dangers. Public Affairs, May 24, 2016.

Kevin Kelly, Out of Control. The New Biology of Machines, Social Systems, and the Economic World. Cambridge, Massachusetts, 1994.

Hervé Kempf, Comment les riches détruisent la planète. Paris, Seuil, coll. 'Points', 2009.

Hervé Kempf, Pour sauver la planète, sortez du capitalisme. Paris, Seuil, 2014.

Christine Kerdellant, Le Suicide du Capitalisme. Comment les premiers bénéficiares du sytème sont en train de le détruire. Paris, Robert Laffont, 2018.

Naomi Klein, No Logo. Knopf Canada and Picador, 1999.

Naomi Klein, The Shock Doctrine: The Rise of Disaster Capitalism. Knopf Canada, 2007.

Naomi Klein, On Fire: The (Burning) Case for a Green New Deal. Simon & Schuster, 2019.

Elizabeth Kolbert, The Sixth Extinction. An unnatural history. London etc., Bloomsbury, 2014.

Joel Kotkin, The Coming of Neo-Feudalism: A Warning to the Global Middle Class. Encounter Books, USA, 2020.

Paul Krugman, Pourquoi les crises reviennent toujours. Paris, Editions du Seuil, 2000.

Joshua Kurlantzick, Democracy in Retraet. The Revolt of the Middle Class and the Worldwide Decline of Representative Government. New Haven & London, Yale University Press, 2013.

Robert Kuttner, Can Democracy Survive Global Capitalism? W. W. Norton & Company, 2018.

R. Labonte, K. Mohindra & T. Schrecker, The growing impact of globalization for health and public health practice. Annual Review of Public Health, 32(1), 263–283, 2011.
Via: https://doi.org/10.1146/annurev-publhealth-031210-101225

Greg Land, How Artificial Intelligenc will impact the Future of Tourism. Lecture UNWTO World Conference on Smart Destinations. Oviedo, 25-27 June 2018.
Via: https://www.youtube.com/watch?v=Osym1I8hIjg

Jacques Langlois, Modernité du capital ou capital de la modernité? In: Monique Boireau-Rouillé et al. (Rédaction de ce numéro), De Mai 68 au débat sur la postmodernité. Enjeux actuels de l'émancipation. Lyon, Réfractions - recherches et expressions anarchistes, N° 20, pp. 121-132, mai 2008.

Serge Latouche, La décroissance. Paris, Presses Universitaires de France, 2019.

Bruno Latour, Facing Gaia. Six lectures on the political theology of nature. Gifford Lectures, 2013.

Nicolas Lecaussin et Jean-Philippe Delsol, Anti-Piketty: Vive le capital au XXIe siècle! Les Editions Libréchange, 2015.

Frédéric Lordon, Le jour où Wall Street est devenu socialiste. In: Le Monde Diplomatique, octobre 2008.
Via: https://www.monde-diplomatique.fr/2008/10/LORDON/16354

Jean-Paul Loubes, Tourisme, arme de destruction massive. Paris, Editions du Sextant, 2015.

James Lovelock, Gaia: A New Look at Life on Earth. Oxford University Press, 1979.

James Lovelock, The Revenge of Gaia. Lodon, Allen Lane, 2006.

Evangelia Marinakou, Charalampos Giousmpasoglou and Vasileios Paliktzoglou, The Impact of Social Media on Cultural Tourism.
In: Vladlena Benston and Stephanie Morgan, Implications of Social Media Use in Personal and Professional Settings. Hershey PA, Information Science Reference (IGI Global), 2015.

Paul Mason, Post Capitalism. A Guide to our Future. Allen Lane, 2015.

J. Mistral, Le Climat va-t-il changer le capitalisme? Paris, Eyrolles, 2015.

George Monbiot, How Did We Get Into This Mess? Politics, Equality, Nature. Verso, 2020.

Le Monde diplomatique. Manière de voir. N° 141. Libre-échange. La déferlante. Juin-juillet, 2015.

Le Monde Diplomatique - Manière de voir N° 167, La bombe humaine. Pression démographique sur la planète. Octobre-Novembre, 2019.

Le Monde diplomatique. Manière de voir. N° 170. Chine Etats-Unis. Le choc du XXIe siècle. Avril-mai 2020.

Philippe Moreau Defarges, La Tentation du repli: mondialisation, démondialisation (XVe-XXIe siècles). Paris, Odile Jacob, 2018.

Edgar Morin, Sur la crise. Pour une crisologie suivi de où va le monde? Paris, Flammarion, 2020.

Edgar Morin (Propos recueillis par Nicolas Trung), Cette crise devrait ouvrir nos esprits depuis longtemps confinés sur l'immediat. In Le Monde, 19-20 avril 2020.
Via: https://www.lemonde.fr/idees/article/2020/04/19/edgar-morin-la-crise-due-au-coronavirus-devrait-ouvrir-nos-esprits-depuis-longtemps-confines-sur-l-immediat_6037066_3232.html?fbclid=IwAR3YaEtcHKqGWWdQyZYrZVZ6fvwM9JkITtFWMxPdNHgIDfqhjOrRAx21jTo

Edgar Morin (avec la colaboration de Sabah Abouessalam), Changeons de voie. Les leçons du coronavirus. Paris, Denoël, 2020.

Kai-Fu Lee, I.A. La plus grande mutation de l'histoire. Comment la Chine devient le leader de l'Intelligence Artificielle et pourquoi nos vies vont changer. Paris, Les Arènes Editions, 2019.

Arnaud Leparmentier, Coronavirus: le monde d’après… selon Wall Street. A voir les parcours boursiers d’Amazon, Tesla ou Procter & Gamble, les investisseurs estiment que le monde de demain sera plus cartellisé, plus globalisé et plus technologique. A rebours de ceux qui plaident en faveur d’une démondialisation et d’un retour au local. In: Le Monde, le 02 mai 2020.
Via: ttps://www.lemonde.fr/economie/article/2020/05/02/coronavirus-le-monde-d-apres-selon-wall-street_6038424_3234.html

Frédéric Lordon, La démondialisation et ses ennemis. Comment rompre avec le libre-échange. In: Le Monde Diplomatique, Août 2011, pages 1, 8 et 9.
Via: https://www.monde-diplomatique.fr/2011/08/LORDON/20843

Frédéric Lordon, Avec Piketty, pas de danger pour le capital au XXIe siècle. In: Le Monde Diplomatique, avril 2015, pp.18-19.

Claude Lorius et Laurent Carpentier, Voyage dans l'Anthropocène: cette nouvelle ère dont nous sommes les héros. Arles, Actes Sud, 2010.

W. McKibbin & R. Fernando, The global macroeconomic impacts of COVID-19: Seven scenarios (CAMA Working paper 19/2020). Australian National University, 2020.

Dennis Meadows (MIT), Rapport van de Club van Rome, (The Limits of Growth). Utrecht / Antwerpen, Uitgeverij Het Spectrum N.V., 1972.

OECD, “Megatrends shaping the future of tourism”. In: OECD Tourism Trends and Policies 2018, OECD Publishing, Paris.
Via: https://doi.org/10.1787/tour-2018-6-en

K. Ohmae, The End of the Nation State. London, HarperCollins, 1995.

F. Osborn, La Planète au pillage. Paris, Payot, 1949 (1e édition 1948).

Jürgen Osterhammel, Die Flughöhe der Adler. Historische Essays zur globalen Gegenwart. München, Verlag C.H. Beck oHG, 2017.

Overtourism and Tourismphobia: A Journey Through Four Decades of Tourism Development, Planning and Local Concerns. In: Tourism Planning & Development, 2019, Vol. 16, No. 4, 353-357.
Via: https://www.tandfonline.com/doi/full/10.1080/21568316.2019.1599604

Olivier Piacentini, La mondialisation totalitaire. Paris, Editions de Paris, 2018.

Thomas Piketty, Le capital au XXIe siècle. Paris, Seuil, 2013.

Thomas Piketty, Pourquoi ses corbes affolent la planète (Par Pierre Jaxel-Truer). In: M Le Magazine du Monde, 28 juin 2014, pp. 27-33.

Thomas Piketty , Gourou Mondial. Comment l'économiste français a conquis la planète, ('Dossier' par Sophie Fay et al.). In: L'Obs, Edition n 2611 du Nouvel Observateur du 20 au 26 novembre 2014, pp. 40-54.

Thomas Piketty, L'économie des inégalités. (1997). Paris, Editions La Découverte, 7e édition, 2015.

Thomas Piketty, Les Hauts Revenus en France au XXe siècle. Inégalités et redistribution, 1901-1998 (2001). Paris, Editions du Seuil, Points Histoire, 2016.

Thomas Piketty, Capital et idéologie. Paris, Editions du Seuil, 2019.

Thomas Piketty (Propos recueillis par Christian Chavagneux), Le monde selon Piketty. In: Alternatives Economiques, Octobre 2019, N° 394, pp. 22-34.

Leo Panitch and Sam Gindin, The Making of Global Capitalism. The Political Economy of American Empire. London UK - Brooklyn NY, Verso, 2012.

Nicos Poulantzas, Pouvoir politique et classes sociales. Tome I. Paris, Librairie François Maspero, 1968.

Nicos Poulantzas, Pouvoir politique et classes sociales. Tome II. Paris, Librairie François Maspero, 1971.

Nicos Poulantzas, Classes sociales dans le capitalisme aujourd'hui. Paris, Editions du Seuil, 1974.

Pierre Rabhi, Vers la sobriété heureuse. Actes Sud, 2013.

Kate Raworth, Doughnut Economics: Seven Ways to Think Like a 21st Century Economist. Chelsea Green Publishing Company, 2017.

Jeremy Rifkin, The End of Work: The Decline of the Global Labor Force and the Dawn of the Post-Market Era. Putnam Publishing Group, 1995.

Jeremy Rifkin, The Empathic Civilization. The Race to Global Consciousness in a World in Crisis. New York, Jeremy P. Tarcher / Penguin, 2009.

Jeremy Rifkin, The Third Industrial Revolution. How lateral power is transforming energy, the economy, and the world. Palgrave-MacMillan, 2011.

Yves Roucaute, L'Hommo creator face à une Nature Impitoyable: 7 millions d’années contre l’idolâtrie de la nature. Contemporary Bookstore, 2020.

Yves Roucaute: L'Harmonie perdu, cette pensée archaïco-magique: "Les écologistes ont oublié 7 millions d’années de combats acharnés de l’humanité pour survivre face à une nature impitoyable" In: Atlantico, 7 juin 2020.
Via: https://www.atlantico.fr/decryptage/3590174/yves-roucaute--les-ecologistes-ont-oublie-7-millions-d-annees-de-combats-acharnes-de-l-humanite-pour-survivre-face-a-une-nature-impitoyable-

Philippe Sansonetti, « Covid-19 ou la chronique d’une émergence annoncée ». Paris, Collège de France, 18 mars 2020.

Jacques Sapir, La démondialisation. Paris, Seuil Points, 2012.

Saskia Sassen, Losing Control? Sovereingty in a Age of Globalization. New York, Columbia University Press, 1996.

Saskia Sassen, Globalisation and its Discontents: Essay on the New Mobility of People and Money. New York, 1998.

Saskia Sassen, A Sociology of Globalization. New York - London, W. W. Norton & Company, 2007.

Klaus Schwab, La quatrième révolution industrielle. Dunod, 2017.

Blair H. Sheppard et al., Ten Years to Midnight: Four Urgent Global Crises and Their Strategic Solutions. Berrett-Koehler Publishers, 2020.

Alain Soral, Comprendre l'empire. Demain la gouvernance global ou la révolte des Nations? Essai. Paris, Editions Blanche, 2011.

W. Steffen, P.J. Crutzen and J.R. McNeill, The Anthropocene: Are humans now overwhelming the great forces of nature? In: Ambio, vol. 36, n° 8_, p. 614-621, 2007.

W. Steffen, J. Grinevald, P.J. Critzen, J.R. McNeill, The Anthropocene: Conceptual and historical perspectives. In: Philosofical Transactions of the Royal Society A, vol. 369, n° 1938, p. 842-867, 2011.

Matt Stoller, Goliath: The 100-Year War Between Monopoly Power and Democracy. New York, NY, Simon & Schuster, 2019.

Wolfgang Streeck, Gekaufte Zeit. Die vertagte Krise des demokratischen Kapitalismus. Erweiterte Ausgabe. Berlin, Suhrkamp Verlag, 2015.

Pieter Stuurman (Interviw door Ramon Bril), De ultieme machtsgreep van een onzichtbare vijand. Café Weltschmerz, 2020.
Via: https://www.youtube.com/watch?v=FOYRtEkWYrM&feature=share&fbclid=IwAR3GAEfvVtBo5RhjkBqN-uwBaoLVEdHSjYSxnUkUokLA_D0pGwBkmJ7NQWc

Jonathan Tepperman (Managing editor), The World Is Flat. Surviving Slow Growth. New York NY, Foreign Affairs, March/April, 2016.

Patrick Verley, La révolution industrielle 1760-1870. Paris, MA Editions, 1985.

Patrick Verley, La première révolution industrielle 1750-1880. Paris, Armand Colin, 2016.

David Wallace-Wells, The Uninhabitable Earth. New York, New York Magazine, July 10; 2017.
Via: http://nymag.com/intelligencer/2017/07/climate-change-earth-too-hot-for-humans.html

David Wallace-Wells, The Uninhabitable Earth: A Story of the Future. London, Allen Lane - Penguin Books Ltd., 2019.

Jeffrey N. Wasserstrom, China in the 21st Century: What Everyone Needs To Know. Oxford, Oxford University Press, 2013.

*** ECONOMISCHE EN FINANCIELE MARKTEN:

Rawi Abdelal, Capital Rules: The Construction of Global Finance. Cambridge MA, Harvard University Press, 2007.

Hans Achterhuis, De utopie van de vrije markt. Rotterdam, Uitgeverij Lemniscaat B.V., 2010

Patrick Artus, Discipliner la finance. Paris, Odile Jacob, 2019.

Nicolas Baverez, Après nous le déluge. La grande crise de la mondialisation. Paris, Perrin, 2009.

Suzanne Berger, Made in monde. Les nouvelles frontières de l'économie. Paris, Seuil, 2006.

Rajiv Biswas (Ed.), International Tax Competition: Globalisation and Fiscal Sovereignty. Commonwealth Secretariat, 2002.

Heike Buchter, BlackRock: Eine heimliche Weltmacht greift nach unserem Geld. Campus Verlag GmbH, 2020.

Oliver Bullough, Moneyland. Why Thieves & Crooks Now Rule the World & How to Take it Back. London, Profile Books Ltd., 2018.

Laurent Carroué, La planète financière: Capital, pouvoirs, espace et territoires. Paris, Armand Colin, 2015.

Isabelle Chaperon, BlackRock, gourou de la finance qui conseille les puissants. In: Le Monde, 20 juillet 2020.

François Chesnais (dir.), La finance mondialisée. Paris, La Découverte, 2004.

Noam Chomsky, Who rules the world? Penguin Books, 2017.

William D. Cohan, Money and Power. How Goldman Sachs Came to Rule the World. Doubleday, 2011.

Colin Crouch, The Knowledge Corrupters. Hidden Consequences of the Financial Takeover of Public Life. Cambridge UK, Polity Press, 2016.

Markus Gabel (Préface et rédacteur en chef des hors-série), Comprendre la finance. Paris, Problèmes économique, Hors-Série numéro 10, Septembre 2016.

J.L. Gréau, Le capitalism malade de sa finance. Paris, Gallimard / Le Débat, 1998.

Norbert Häring, Schönes neues Geld. PayPal, WeChat, Amazon Go - Uns droht eine totalitäre Weltwährung. Campus Verlag GmbH, 2018.

J.-M. Harribey et al (Les Economistes atterrés), La monnaie. Un enjeu politique. Manuel critique d'économie monétaire. Paris, Seuil Points, 2018.

Brooke Harrington, Capital without Borders: Wealth Managers and the One Percent. Cambridge, MA and London, Harvard University Press, 2016.

Jean-Michel Hoerner, Géopolitique du capital. Paris, Ed. Ellipses, 2007.

International Business Publications USA, Monaco Offshore Tax Guide (World Strategic and Business Information Library). International Business Publications USA, 2007.

International Business Publications USA, Monaco Taxation Laws and Regulations Handbook. International Business Publications USA, 2008

Michael Lewis, The Money Culture. Hodder and Stoughton, Coronet Books, 1992.

Michael Lewis, Flash Boys. A Wall Street Revolt. New York / London, W.W. Norton & Company, 2014.

Jonathan Lüscher, Frühling der Barbaren. München, C. H. Beck Verlag oHG, 2013.

Joris Luyendijk, Dit kan niet waar zijn. Amsterdam/Antwerpen, Uitgeverij Atlas Contact, 2015.
(Edition en français: Joris Luyendijk, Plongée en eau trouble. Enquête explosive chez les banquiers. Paris, Plon, 2016.

Sebastian Mallaby, More Money Than God: Hedge Funds and the Making of the New Elite. London - New York, Bloomsbury Publishing, 2011.

Georgina Murray & John Scott (Edited by), Financial Elites and Transnational Business: Who Rules the World? Edward Elgar Publishing Ltd., 2012.

Sighard Neckel, Flucht nach vorn. Die Erfolgskultur der Marktgesellschaft. Frankfurt am Main / New York, Campus, 2008.

Anastasia Nesvetailova & Ronen Palan, Sabotage: The Business of Finance. Allen Lane, 2020.

Dominique Nora, Les possédés de Wall Street. Paris, Denoël, 1987.

Organization for Economic Co-operation and Development- OECD, Forum mondial sur la transparence et l'échange de renseignements à des fins fiscales: Monaco 2018 (Deuxième cycle): Rapport d'examen par les pairs sur la demande d'échange de renseignements. Paris, Organization for Economic Co-operation and Development(OECD), avril 2018.

Ronen Palan, The Offshore World: Sovereign Markets, Virtual Place, and Nomad Millionaires. Ithaca, NY., Cornell University Press, 2003.

Frank Pasquale, The Black Box Society: The Secret Algorithms That Control Money and Information. Cambridge MA, Harvard University Press, 2016.

Ann Pettifor, The Production of Money. How to Break the Power of Bankers. London-New York, Verso, 2017.

Thomas Rixen, Tax Competition and Inequality - The Case for Global Tax Governance (December 13, 2010). Global Governance: A Review of Multilateralism and International Institutions, Vol. 17, 2011.
Via: https://ssrn.com/abstract=1488066 + http://dx.doi.org/10.2139/ssrn.1488066 + https://papers.ssrn.com/sol3/papers.cfm?abstract_id=1488066

Nicolas Teterel, Les esclaves de l'anthropocène. Pétrodollars, interêts financiers, manipulationde masse. Gap, Yves Michel, 2020.

Gabriel Zucman, The Hidden Wealth of Nations. The Scourge of Tax Havens. Chicago, Il;, University of Chicago Press, 2015.

*** MONDIALISERING / GLOBALISERING:

Jacques Addan La mondialisation de l'économie. Paris, La Découverte, 2012.

Glenn A. Albrecht, Earth Emotions: New Words for a New World. Cornell University Press, 2019.

L'Apocalypse. Le Monde des Réligions - Collection Histoire. Hors-série, n° 26 juin 2016.

A. Appadurai, Modernity at Large. Cultural Dimensions of Globalization. Minneapolis, University of Minnesota Press, 1999.

Juan Manuel Aragüés, Karl Marx. La Révolution Anticapitaliste. Le Monde - La Vie, Hors-Série Grands Philosophes, 2016.

Patrick Artus et Marie-Paule Virard, Globalization, le pire est à venir. Paris, La Découverte, 2008.

Patrick Artus et Marie-Paule Virard, Le capitalisme est en train de s'autodétruire. Paris, Editions La Découverte, 2005.

Suzanne Berger, Notre première mondialisation: leçons d'un échec oublié. Paris, Seuil, 2003.

Robert Bonnaud, Y a-t-il des tournants historiques mondiaux? Kimé, 1992.

A. Brummer, Bad Banks: Greed, Incompetence and the Next Global Crisis, London, Business Books, 2014.

Ekaterina Chertkovskaya, Alexander Paulsson, Stefania Barca (Editors), Towards a Political Economy of Degrowth. Rowman & Littlefield Publishers, 2019.

Thomas L. Friedman, The World is Flat: The Globalized World in the Twenty-first Century. Penguin, second revised edition, 2007.

Joel Kotkin, The Coming of Neo-Feudalism: A Warning to the Global Middle Class. Encounter Books, USA, 2020.

Armand Mattelart, Diversité culturelle et mondialisation. Paris, La Découverte, 2007.

Le Nouvel Observateur Hors-Série, n° 65. Comprendre le capitalisme. Des théories fondatrices aux dérives de la mondialisation. Paris, Le Nouvel Observateur, mai-juin, 2007.

Dallen J. Timothy (Ed.), Handbook of globalisation and tourism. Edward Elgar Publishing, 2019.

*** COSMOPOLITISERING:

Marc Abélès, Les nouveaux riches. Un ethnologue dans la Silicon Valley, Paris, Odile Jacob, 2002.

Atossa Araxia Abrahamian, The Cosmopolites: The Coming of the Global Citizen. Colombia Global Reports, November, 2015.

Kwame Anthuny Appiah, Cosmopolitanism: Ethics in a World of Strangers. New York, W.W. Norton & Co., 2006.

Ulrich Beck, Elisabeth Beck-Gernsheim, Fernliebe. Lebensformen im globalen Zeitalter. Berlin, Suhrkamp, 2011.

Pierre Daninos, Doré Ogrizek, Savoir-Vivre International. Code de la Susceptibilité et des Bons Usages à travers le monde. Paris, Editions Odé, 1950.

Chrystia Freeland, Plutocrats. The Rise of the New Global Super-Rich. London, Penguin Books, 2012.

Serge Latouche, L'occidentalisation du monde. Essai sur la signification, la portée et les limites de l'uniformisation planétaire. Paris, La Découverte, 1989.

Louis Lourme, Qu'est-ce que le cosmopolitisme? Vrin, 2012.

Kees van der Pijl, Transnational Classes and International Relations. Taylor & Francis Ltd., 1998.

Nancy Snow, Propaganda, Inc.: Selling America's Culture to the World. New York, NY, Seven Stories Press, 2002.

Jean-Pierre Warnier, La mondialisation de la culture. Paris, La Découverte, 1999.

*** MONDIALISMEN:

Sylvie Brunel, La planète disneylandisée. Chronique d'un tour du monde. Auxerre, Editions Sciences Humaines, 2006.

Alan Bryman, The Disneyization of Society. SAGE Publications Inc., 2004.

Laurent Fides, Face au discours intimidant: Essai sur le formatage de la pensée à l'ère du mondialisme. L'Artilleur, 2015.

George Ritzer, The MacDonaldisation of Society. Thousand Oaks, Pine Forge Press, 1993.

Christian Rouas, L'Emprise du Mondialisme - Le Secret des Hautes Technologies. Omnia Veritas Ltd., 2015.

*** ONGELIJKHEDEN:

Patrick Artus et Marie-Paule Virard, La France sans ses usines. Paris, Fayard, 2011.

Philippe Askenazy et al., Manifeste d'économistes atterrés. Éditions Les Liens qui libèrent, 2011.

Anthony B. Atkinson, Inequality. What can be done?. Cambridge MA, Harvard University Press, 2015.

Jacques Attali, Tous ruinés dans dix ans? Dette publique: la dernière chance. Paris, Fayard, 2010.

D. Autor, Why are there still so many jobs? The history anf future of workplace automation. In: Journal of Econmic Perspectives, vol. 29, n° 3, 2015.

D. Autor, D. Dorn, L. Katz, C. Patterson, J. van Reenen, The fall of the labor share and the rise of superstar firms. NBER Working Paper n° 23396, 2017.

Albena Azmanova, Capitalism on Edge: How Fighting Precarity Can Achieve Radical Change Without Crisis or Utopia. Columbia University Press, 2020.

Zygmunt Bauman, Globalization: The human consequences. New York, Columbia University Press, 1998.

Nicolas Baverez, Nouveau monde. Vieille France. Paris, Perrin, 2006.

Louis Bergeron, Les Rothschild et les autres ... La gloire des banquiers. Paris, Perrin, 1991.

Régis Bigot, Fins de mois difficiles pour les classes moyennes. La Tour-d'Aigues, Editions de l'Aube, 2009.

Pierre Bourdieu et Jean-Claude Passeron, Die Illusion der Chancengleichheit. Stuttgart, Klet, 1971.

Pierre Bourdieu et L. Wacquant, La nouvelle vulgate planétaire. In. Le Monde Diplomatique, mars, 2000.
Via: https://www.monde-diplomatique.fr/2000/05/BOURDIEU/2269

Anton Brender, Capitalisme et progrès social. Paris, La Dévouverte, 2020.

Anton Brender (Propos recueillis par Alain Beuve-Méry), Il faut cesser d'être passifs face au capitalisme globalisé. In. Le Monde, Idées, p. 18, dimanche 15 - lundi 16 mars, 2020.
Via: https://www.lemonde.fr/idees/article/2020/03/13/nous-devons-reprendre-le-gouvernail-pour-que-le-capitalisme-nous-mene-la-ou-nous-voulons-aller_6032960_3232.html?fbclid=IwAR2AtQ_sC2NcGGJ3zI-A862gJ_MaH_Nzgoo7zgHTOHoCmMBGj7ur7ptf4Dw

Heinz Bude, Die Ausgeschlossenen. Das Ende vom Traum einer gerechten Gesellschaft. München, Carl Hanser Verlag GmbH & Co., 2008.

Heinz Bude, Solidarität: Die Zukunft einer großen Idee. München, Carl Hanser Verlag GmbH & Co., 2019.

Oliver Bullough, Moneyland. Why Thieves & Crooks Now Rule the World & How to Take it Back. London, Profile Books Ltd., 2018.

Louis Chauvel, Les classes moyennes à la dérive? Paris, Seuil, 2006.

Mark Graham and Martin Dittus, Geographies of Digital Exclusion: Data Power and Inequality. Pluto Press, 2021.

Sander Heijne en Hendrik Noten, Fantoomgroei. Waarom we steeds harder werken voor steeds minder. Business Contact, 2020.

B. Keeley, Inégalités de revenu: l'écart entre les riches et les pauvres. Les Essentiels de l'OCDE. Paris, 2018.

Joel Kotkin, The Coming of Neo-Feudalism: A Warning to the Global Middle Class. Encounter Books, USA, 2020.

Silvio Lorusso, Entreprecariat. Brescia, Krisis Publishing, 2018.

René Lenoir, Les exclus. Un Français sur dix. Paris, Seuil, 1974.

Branko Milanovic, Inégalités mondiales. Le destin des classes moyennes, les ultra-riches et l'égalité des chances (2016). Paris, La Découverte, 2019.

Branko Milanovic, Capitalism, Alone: The Future of the System That Rules the World. Harvard University Press, 2019.

Vance Packard, The Ultra Rich: How Much Is Too Much? Little Brown & Co, 1989.

Michel Pinçon et Monique Pinçon-Charlot, Les Ghettos du gotha. Comment la bourgeoisie défend ses espaces, Paris, Seuil, 2007

Michel Pinçon et Monique Pinçon-Charlot, La violence des riches. Chronique d'une immense casse sociale. Paris, Editions La Découverte, 2014.

Robert Reich, Saving Capitalism. For the Many. Not the Few. New York NY, Vintage, 2016.

Pierre Rimbert, La bourgeoisie intellectuelle, une élite héréditaire. Quand un groupe sociale cumule le savoir, le pouvoir et l'argent. in: Le Monde Diplomatique, août 2020.
Via: https://www.monde-diplomatique.fr/2020/08/RIMBERT/62101

Jean-Jacques Rousseau (Présentation de Blaise Bachofen et Bruno Bernardi), Discours sur l'origine et les fondements de l'inégalité parmi les hommes. (1755). Paris, Editions Flammarion, 2008.

Emmanuel Saez, Gabriel Zuckman, The Triumph of Injustice. How the Rich Dodge Taxes and How to Make Them Pay. New York, NY, W.W. Norton & Co., 2019.

Michael J. Sandel, Justice. What's the right thing to do? New York, Farrar, Straus and Giroux, 2009.

Michael J. Sandel, The Tyranny of Merit: What's Become of the Common Good? New York, Farrar, Straus and Giroux, 2020.

Saskia Sassen, Expulsions. Brutality and Complexity in the Global Economy. Cambridge, Massachusetts - London UK, The Belknap Press of Harvard University Press, 2014.

Andrew Sayer, Why we can't afford the rich. Policy Press, 2015.

Joseph E. Stiglitz, Globalization and Its Discontents. New York - London, W.W. Norton, 2002.

Joseph E. Stiglitz, The Great Divide. Unequal Societies and What We Can Do About Them. New York, W.W. Norton & Company, Inc., 2015.

Joseph E. Stiglitz, People, Power, and Profits: Progressive Capitalism for an Age of Discontent. Allen Lane, 2019.

----------

NATIONALE IDENTITEITEN, INTERNATIONALE CULTURELE VERSCHILLEN EN STEREOTYPEN:


M. Aronczyk, Branding the Nation: The Global Business of National Identity. Oxford, Oxford University Press, 2013.

M. Beller & J. Leersen (Eds.), Imagology: The Cultural Construction and Literary Representation of National Characters. Amsterdam, Rodopi, 2007.

Laurent Bouvet, L'Insécurité culturelle. Sortir du malaise identitaire français. Paris, Fayard, 2015.

Jean-Pierre van Deth, Ernest Renan. Paris, Arthème Fayard, 2012.

Étre français. Les grands textes de Montesquieu à Edgar Morin. Les nouveaux défis. Le Monde, Hors-Série, Mars 2016.

François Furet et Jacques Ozouf, Lire et écrire. L'alphabétisation des Français de Calvin à Jules Ferry. Paris, Editions de Minuit, 1977.

Max Gallo, Fier d'être français. Paris, Fayard, 2006.

André Glucksmann, Descartes, c'est la France. Paris, 1987.

Edward T. Hall and Mildred Reed Hall, Understanding cultural differences. Germans, French and Americans. Yarmouth, USA , Intercultural Press Inc., 1990.

Harald Hendrix en Ton Hoenselaars (red.), Vreemd volk. Beeldvorming over buitenlanders in de vroegmoderne tijd. Amsterdam, Amsterdam University Press, 1998.

Geert Hofstede, Cultures and Organizations. Intercultural Cooperation and Its Importance for Survival. Software of the Mind. London, Profile Books Ltd., 2003.

J. Hornikx & M. Starren, Publicités en France et aux Pays-Bas: peut-on standardiser ou faut-il adapter? In: Studies in Communication Sciences, 4 (1), 219-233. 2004.

W.L. Idema, P.H. Schrijvers, P.J. Smith (red.), Het beeld van de vreemdeling in westerse en niet-westerse literatuur. Baarn Ambo, 1990.

Joep van Leersen, Menno Spiering (Eds.), National identity: symbol and representation. Amsterdam, 1991.

Jules Mathorez, Les étrangers en France sous l'Ancien Régime, Tome 1. Histoire de la Formation de la Population Française (1919). (Classic Reprint), 2014.

Jules Mathorez, Histoire de la Formation de la Population Française, Vol. 2: Les Étrangers En France Sous l'Ancien Régime; Les Allemands, Les Hollandais, Les Scandinaves (Classic Reprint), 2019.

G. Mauco, Les Etrangers en France, leur rôle dans l'activité économique. Paris, Armand Colin, 1932.

Erin Meyer, The Culture Map. Decoding how people think, lead, and get things done across cultures. New York, Public Affairs, 2015.

Jean-Benoît Nadeau & Julie Barlow, Sixty Million Frenchmen Can't be wrong. What makes the French so French. London, Portico, 2003.
Jean-Benoît Nadeau & Julie Barlow? Waarom de Fransen zo Frans zijn. Scriptum, 2004.

Henri Pena-Ruiz, Histoire de la laïcité: Genèse d'un idéal. Paris, Découvertes Gallimard, 2005.

Sander Piek, Nationale identiteit in Frankrijk en in Nederland: een vergelijkend onderzoek ... . Phd Thesis, Faculteit der Geesteswetenschappen, Leerstoelgroep Europese studies, 2006

Clotaire Rapaille, Culture Codes. Comment déchiffrer les rites de la vie quotidienne à travers le monde. Paris, J.C. Lattès, 2008.

Ernest Renan, Qu'est- qu'une nation? Paris, 1882.

Christian Reus-Smit, On Cultural Diversity: International Theory in a World of Difference. Cambridge University Press, 2018.

Yanko Tsvetkov, Atlas of Prejudice: Mapping Stereotypes. CreateSpace Independent Publishing Platform, 2013.

Yanko Tsvetkov, Atlas of Prejudice: The Complete Stereotype Map Collection. Alphadesigner, 2017.

Anne-marie Thiesse, La création des identités nationales. Europe XVIIIe-XIXe siècle. Paris, Seuil, 2001.

----------

DE NEDERLANDS-FRANSE RELATIE, INCLUSIEF DE BATAAFSCHE, DE FRANSCHE REVOLUTIE EN DE FRANSE TIJD: * Het onderstaande betreft slechts een willekeurige greep uit een veel uitvoeriger, zo niet uitputtend, overzicht van Nederlandse publicaties betreffende Frankrijk, verschijnende in 'Mijn Franse verleiding'.


P. Acloque et al., Huygens et la France. Paris, Vrin, 1982.

Charles Adam, Descartes: Sa vie, et son oeuvre. Paris, 1937.

A. Alberts, De Franse Slag. Zo maar wat ongewone en openhartige herinneringen van een Nederlander in Franse Staatsdienst. Amsterdam, H. J. Paris, 1963.

A. Alberts, Een koning die van geen nee wil horen. De Europese ambities van Lodewijk XIV, 1638 – 1715. Amsterdam, Querido, 1976.

Peter Altena en Myriam Everard (red.), Onbreekbare Burgerharten. De historie van Betje Wolff en Aagje Deken. Nijmegen, Vantilt, 2004.

Cees Andriesse, Titan kan niet slapen. Een biografie van Christiaan Huygens. Amsterdam, Atlas Contact B.V., 1993. (Olympus Pockets, 2007.)

Kim Andringa, Uitheemse meesters naar eigen, geheel oorspronkelijke trant. Les lectures françaises de Louis Couperus. In: Deshima, Strasbourg, n° 4-2010, pp. 39-57.

Kim Andringa, 'Fils du sud accourus sous la brume'. Franse schrijvers op tournee in Nederland in de 19de eeuw.
In: Maaike Koffeman, Alicia C. Montoya, Marc Smeets (red.), Literaire bruggenbouwers tussen Nederland en Frankrijk. Receptie, vertaling en cultuuroverdracht sinds de Middeleeuwen, pp.261-278. Amsterdam, Amsterdam University Press, 2017.

Gérald Arboit, 'Souvent femme varie'. Une espionne hollandaise à Paris. In: Note Historique, n° 12, mars 2008.
Via: https://cf2r.org/historique/souvent-femme-varie-une-espionne-hollandaise-a-paris/

Paul Arnoldussen, Rue d'Amsterdam. Kleine Atlas van Nederlanders in Parijs. Amsterdam, Uitgeverij Bas Lubberhuizen, 2002.

Paul Arnoldussen, Côte d'Amsterdam. Zuid-Frankrijk trekt al meer dan een eeuw. Nederlanders gingen erheen vanwege het klimaat, de wijn, de cultuur, de ruimte of de politiek.
In Côte d'Amsterdam hun portretten. Reeks artikelen verschenen in Het Parool, Amsterdam, 2002 - 2003

Paul Arnoldussen, Waar de mimosa bloeit. Nederlandse kunstenaars in Cagnes-sur-Mer. Amsterdam, Uitgeverij De Republiek, 2013.

Henry Asselin, ‘L'influence française en Hollande’, Revue mondiale, p. 139-160, 1920.

Henri Asselin, La Hollande dans le Monde. L'Ame et la vie d'un peuple. Paris, Libraire Académique Perrin et Cie, Libraires-Editeurs, Nouvelle Editions, 1931.

Henry Asselin, Psychologie du Peuple Hollandais. La Haye, A.A.M. Stols, 1947.

Pascale Gorguet Ballesteros (dir.), Modes en miroir: La France et la Hollande au temps des Lumières. Paris, Paris Musées, 2005.

Pascale Gorguet Ballesteros, En vogue!: mode uit Frankrijk en Nederland in de 18de eeuw. Zwolle, Waanders, 2005.

S. Barendrecht, François van Aerssen, diplomaat aan het Franse Hof (1598 - 1613). Leiden, Universitaire Pers Leiden, 1965.

B. Bargeman, Kieskeurig Nederland. Routines in de vakantiekeuze van Nederlands toeristen. Proefschrift, departement Vrijetijdwetenschappen. Tilburg: Katholieke Universiteit Brabant, 2001.

L.A.F. Barjesteh van Waalwijk van Doornen Drs. M.F.B. Meeuwes, Die Importante Negotie. Geschiedenis van de Rotterdamse wijnhandel vanaf de middeleeuwen tot in de negentiende eeuw. Rotterdam, 1996.

Blandine Barret-Kriegel, La République et le prince moderne: les Français et la naissance des Provinces-Unies. Paris, Presses Universitaires de France, 1943, cop. 2011.

Renate van der Bas, Frankrijk voorgoed. Portretten van blijvers. Eindhoven, De Boekenmakers, 2009.

Thomas Beaufils et P. Duval (éd.), Les identités néerlandaises. Lille, Presses universitaires du Septentrion, 2006.

Thomas Beaufils, Willem Frijhoff & Niek Pas (red.), Les relations franco-néerlandaises. Thema­nummer van Deshima, Revue d’histoire globale des pays du Nord 8, 2014.

Paul van Beckum, Oranjehaven. Dertien sluipwegen naar de vrijheid. Naarden, Strengholt, 1992.

Yvon Belaval, Huygens et la France. Paris, 1982.

Lucien Bély, Une amitié mortellement blessée (1588-1744). In: DESHiMA (Strasbourg), Les relations franco-néerlandaises, n° 8/2014, pp. 27-50.

Herman Besselaar, Hors d'oeuvre varié. Amsterdam-Antwerpen, Kosmos, 1981.

Maria van Berge-Gerbaud en Maartje Verscheure-Nelissen (red.). 1957 - Institut Néerlandais Paris - 1992. Paris, Institution Néerlandais / Fondation Custodia, 1993.

A.M.J.A. Berkvens, J. Hallebeek en A.J.B. Sirks, Het Franse Nederland: de inlijving 1810 - 1813. De juridische en bestuurlijke gevolgen van de 'Réunion' met Frankrijk. Hilversum, Verloren, 2012.

Christiane Berkvens-Stevelinck, De Hugenoten. In: Paul Blom e.a. (red.), La France aux Pays-Bas. Invloeden in het verleden. pp. 14-49. Vianen, Kwadraat, 1985.

Roger Bernard, Personen- en ideeënverkeer tussen Frankrijk en Nederland in de 17de eeuw. Rekkem, Ons Erfdeel, jaargang 28, pp. 361 - 369, 1985.

Mariëlla Beukers, Polders voor de Médoc. Landwinning met laaglands kapitaal. Nederlanders en wijn. Een lange geschiedenis.
Via: https://historiek.net/polders-voor-de-medoc-landwinning-met-laaglands-kapitaal/72091/, z.d.

Mariëlla Beukers, 'De route van de wijn. Wijn en wijnhandel in Utrecht in de veertiende en vijftiende eeuw; een eerste verkenning'. In: Jaarboek Oud-Utrecht 2007, 5-45.

Mariëlla Beukers, Wijnkronieken. Twintig eeuwen Nederlanders en wijn. Vleuten, Uitgeverij Het Zwarte Schaap, 2018.

Antoine Bevort, Le modèle social français vu des polders. 2010.
Via: https://laviedesidees.fr/Le-modele-social-francais-vu-des.html

J. W. Beyen, L'influence de l'esprit latin sur un pays nordique. Amsterdam, N.V. Lettergieterij ‘’Amsterdam’’ voorheen N. Tetterode, 1953.

Bibeb in Parijs. Utrecht, A. W. Bruna & Zoon, 1957.

Bibeb aan de Rivièra. Utrecht, A. W. Bruna & Zoon, 1961.

Pieter van den Blink, 121 rue de Lille. Nederland aan de Seine. Amsterdam, Uitgeverij Balans, 2007.

Wim Blockmans, Keizer Karel V. De utopie van het keizerschap. Amsterdam, Balans, 2000.

Jan Blokker, Parijs, dode stad. Utrecht, A. W. Bruna & Zoon, 1954.

Jan Blokker, Een avondjurk op de achterbank ... - Naar het filmfestival in Cannes met de 2cv van Jan Blokker. Amsterdam, Automobiles Citroen N.V., 1962.

H. W. Blom en I. W. Wildenberg (red.), Pieter de la Court in zijn tijd. Aspecten van een veelzijdig publicist (1618-1685). Amsterdam-Maarssen, APA-Holland University Press, 1986.

Paul Blom e.a. (red.), La France aux Pays-Bas. Invloeden in het verleden. Vianen, Kwadraat, 1985.

Pim den Boer en Willem Frijhoff, Lieux de mémoire et identités nationales : La France et les Pays-Bas. Amsterdam, Amsterdam University Press, 1993.

H.W.F.Bonte (bewerkt naar Dr. Césaire Villatte), Parisismen. Alphabetisch gerangschikte verzameling der eigenaardige zegswijzen van het Parijsche argot. Supplement op alle Fransch-Nederlandsche woordenboeken. Gouda, G.B. van Goor, z.j. (ca. 1890).

C. G. van der Boom, De oude Postroute Amsterdam - Antwerpen - Parijs. Eigen in eigen beheer, 30 November 1937.

S. Boom en P. Saal, Tussen Amsterdam en Antwerpen ligt de weg naar Keulen. Utrecht, 1981.

M. P. Bossenbroek, Van Holland naar Indië. Amsterdam, De Betaafsche Leeuw, 1986.

M. P. Bossenbroek, M. E. H. N. Mout en C. Musterd (red.), Met de Franse slag. Opstellen voor H. L. Wesseling, Leiden, 1998.

H. Bots, G.H.M. Posthumus Meyjes en F. Wieringa (eds.), Vlucht naar de vrijheid. De hugenoten en de Nederlanden, Amsterdam, 1985.

H. Bots et G.H.M. Posthumus Meyjes (Eds.), La Révocations de l'Edit de Nantes et les Provinces-Unies, 1658. Amsterdam, 1986.

Berend Boudewijn, Campinggasten in Frankrijk - Hoe ervaren de Nederlanders hun vakantie? Emission de: 'Europa in'. Vidéo. VARA, 1970. Nederlands Instituut voor Geluid en Beeld, 2002.

Matthijs van Boxsel en Gijs van der Ham, Imprimé en Hollande. Het Franse boek in Nederland gedrukt. Le livre français imprimé aux Pays-Bas. Amsterdam, Stichting Koninklijk Paleis te Amsterdam, 1985.

Carel Braak en Mieke de Waal, Voorbij de grens ligt het paradijs. Nederlanders in Zuid-Europa. Amsterdam – Antwerpen, Uitgeverij De Arbeiderspers, 1994.

Anne Bragance, Mata Hari. Une femme au coeur de la Grande Guerre. Paris, Belfond, 2014.

Kees Brants en Chrisje Brants, Achter de façade. Een cultuur-historische ontdekkingsreis door Parijs. Amsterdam, Nijgh & van Ditmar, 2019.

Sylvain Briens, Martin Kylhammar (eds.), Le Nord à la lumière du Sud. Strasbourg, DESHIMA hors-série, n° 3/2013.

Jan C. Brokken, Mata Hari, de waarheid achter de legende. Wetenschappelijke Uitgever, 1975.

Jan C. Brokken, Zoals Frankrijk was. Amsterdam, Uitgeverij Atlas, 2004.

Jan Brokken, Mata Hari, de ware en de legende. Amsterdam, Atlas/Contact, 2017.

W. Bronkhorst, Van Moissac tot Reims. Beschouwingen over romaansche en gothische plastiek in Frankrijk. Tilburg, W. Bergmans, 1946.

Rindert Brouwer en Leon Blok, Frankrijk - Nederlanders begraven in Parijs.
VVia: https://www.dodenakkers.nl/artikelen-overzicht/buitenland/parijs.html, februari 2015.

H. L. Brugmans, Le Séjour de Christian Huygens à Paris et ses relations avec les milieux scientifiques français. Suivi de son journal de voyage à Paris et à Londres. Paris, Librairie E. Droz, 1935.

Mark Brusse, Paul de Lussanet, Bernhard Holtrop, Willem van Malsen, Paris Saloon. Utrecht/Antwerpen, A. W. Bruna & Zoon, 1970.

Henriette De Bruyn Kops, A Spirited Exchange. The Wine and Brandy Trade between France and the Dutch Republic in its Atlantic Framework. Leiden/Boston 2007.

P.J. Buijnsters, Wolff & Deken, een biografie. Leiden, Martinus Nijhoff, 1984.

Peter Bulthuis, La France aux Pays-Bas: la culture française et les Pays-Bas = Nederland en de Franse cultuur. Amsterdam, Nederlands Theater Instituut, 1984.

Wiep van Bunge et Hans Bots (eds.), Pierre Bayle (1647-1706), le philosope de Rotterdam. Philosophie, Réligion, Réception. Leiden, 2008.

Wiep Bunge, From Bayle to the Batavian Revolution. Essays on Philosophy in the Eighteenth-Century Dutch Republic. Series: Brill's Studies in Intellectual History, Volume: 291. Leiden - Boston, Brill, 2018.

Martijn van der Burg, Nederland onder Franse invloed. Culturele overdracht en staatsvorming in de Napoleontische tijd, 1799-1813. Amsterdam, De Bataafsche Leeuw, 2009.

G. Charlier, ‘Diderot et la Hollande’. Revue de littérature comparée XXI, p. 190-229, 1947.

Gabriel Chevallier, Clochemerle. Grotestke perikelen in een klein dorp. Amsterdam, A.J.G. Strengholt, ca. 1945.

Caroline Chopelin-Blanc, « Les relations religieuses entre la France et les Pays-Bas du Nord: Chrétiens et sociétés.
Colloque international Lyon 27-29 Septembre 2007, PP. 169-172? 2009.https://journals.openedition.org/chretienssocietes/1522

Alexander Cohen, In opstand. Amsterdam, Andries Blitz Uitgever, 1932.

Alexander Cohen, Van anarchist tot monarchist. Amsterdam, Uitgeverij 'De Steenuil', 1936.

H.T. Colenbrander, Schimmelpenninck en Koning Lodewijk, 1911.

Philippe Collas, Mata-Hari: sa véritable histoire. Paris, Plon, 2003.

Thera Coppens, Suzanne en Edouard Manet. De liefde van een Hollandse pianiste en een Parijse schilder. Amsterdam, J.M. Meulenhoff, 2014.

Jan Craeybeckx, Un grand commerce d’importation : Les vins de France aux anciens Pays-Bas (XIIIe – XVIé siècle. Paris, S.E.V.P.E.N., 1958.

Mary W. Craig, A Tangled Web. Mata Hari: Dancer, Courtesan, Spy. History Press, 2017.

Br. Christoforus, Het wijdvermaerde veer van Oudenbosch op Dordt. Roozendaal, De Ghulden Roos, blz. 108 - 137, 1942.

Dirk van der Cruysse, P.C. Hooft et la France d’Henri IV. Colloques Internationaux du C.N.R.S., N° 590, – La découverte de la France au XVIIé siècle. Paris, C.N.R.S, 1980.

Daniel Cunin (Avant-propos), Regards sur Louis Couperus et la France. In: Deshima, (Strasbourg), n° 4/2010, pp. 5-8.

Frederik Cuyt, De staatse barriere in de tweede helft van de 18-de eeuw. Een rustig en vredig bezit? Masterproef, Universiteit Gent, Academiejaar: 2016 - 2017.

Joost Dankers en Jaap Verheul, Twee eeuwen op weg. Van Gend & Loos 1796-1996. Den Haag, Sdu Uitgevers, 2006.

Henri David, Claus Sluter. Paris, Editions Pierre Tisné, 1951.

De Fransche Tyrannie, Dat is: Oprecht en Waerachtig Verhael van de Grouwelijke Wreetheden tot Bodegraven, Swammerdam en elders door de Franschen gepleegt: benevens de laetste Toght van 't heir des Koninks van Vrankrijk in Brabant en Vlaenderen, met bygevoegde autenijke Stukken. Getrouwelijk, naer 't Origineel, uit het Frans vertaelt. En vermeerdert met'et gepasseerde op de Dorpen van Nichtevecht, Waverveen en Abkoude. Met schoone kopere Platen verçiert. T' AMSTERDAM, By Ian Claesz. ten Hooren, Boekverkooper over 't oude Heerelogement 1674.

F. Dekker, Voortrekkers van Oud-Nederland in Engeland, Frankrijk, Achter-Indië, Formosa en Perzië. ‘s Gravenhage, L.J.C. Boucher, 1947.

R. M. Dekker, 'Van Grand Tour tot treur- en sukkelreis. Nederlandse reisverslagen van de 16-de tot begin 19-de eeuw.' In: Oppossum, 4, pp. 8-24, 1994.

L. Paul Delinotte et Th. Nolen, Dictionnaire des Idiotismes (Batavismes, Gallicismes), Proverbes et Expressions proverbiales figurées et familières de la langue hollandaise et de la langue française. Hollandais - Français. Amsterdam, Uitgevers-Maatschappy 'Elsevier', 1891.

L. Paul Delinotte et Th. Nolen, Dictionnaire des Idiotismes (Gallicismes, Batavismes), Proverbes et Expressions proverbiales figurées et familières de la langue française et de la langue hollandaise. Français - Hollandais. Amsterdam, Uitgevers-Maatschappy 'Elsevier', 1892.

Gilles Deregnaucourt, Société et religion en France et aux Pays-Bas (XVe-XIXe siècles). Mélanges en l’honneur d’Alain Lottin. Arras, Artois Presses Université, 2000.

Agnes Dessing, Tulpen voor Wilhelmina. De geschiedenis van de Engelandvaarders. Amsterdam, 2004 (proefschrift UvA).

Paul Dibon (ed.), Pierre Bayle, le philosophe de Rotterdam. Amsterdam, 1959.

Paul Dibon, Le voyage en France des étudiants Néerlandais au XVIIéme siècle. La Haye, Martinus Nijhoff, 1963.

Denis Diderot, Voyage en Hollande. (1780-1782) Paris, Librairie François Maspéro, 1982.

Denis Diderot, Voyage en Hollande (Over Holland). Amsterdam, Contact, 1994.

Le Comte de Dienne, Histoire du Dessèchement des lacs et marais en France avant 1789. Paris 1891.

Michiel van Diggelen, Ab Visser Biografie. Groningen, 2013.

Mr. Jacob Dirks, Geschiedkundig onderzoek van de koophandel der Friezen van de vroegste tijden tot aan den dood van Karel den Grooten. Utrecht, C. van der Post, 1846.

J. A. Dijkshoorn, L'influence française dans les moeurs et les salons des Provinces-Unies, Paris, 1925.

M.J.M. Dongelmans en J.M.H.J. Hemels. Een Nijmeegse Familie. Ondernemend en maatschappelijk bewogen. Vier generaties Dobbelmann. Nijmegen, Uitgegeven door mr. P.F.H.M. Dobbelmann, 1996.

Petra Dreiskämper, 'Redeloos, radeloos, reddeloos.' De geschiedenis van het rampjaar 1672. Hilversum, Verloren, 1998.

J.J. Droeze, Mercurius in Frankrijk: wat iedere zakenman van Frankrijk weten moet. Geschreven door enige Nederlanders gevestigd in Frankrijk. Parijs, De Nederlands-Franse Kamer van Koophandel, 1963.

Pierre H. Dubois, Schrijvers in hun landschap. Verkenningstochten door de Franse literatuur. 's-Gravenhage - Rotterdam, Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar, 1971.

Pierre H. Dubois, Schrijvers in hun landschap II. Verkenningstochten door de Franse literatuur. 's-Gravenhage - Rotterdam, Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar, 1977.

Pierre H. en Simone Dubois, Zonder vaandel. Belle van Zuylen, een biografie. Amsterdam, Uitgeverij G.A. van Oorschot, 1993.

W.H.N. van Eijkern, Met een gastronoom door Frankrijk. Een reisbrevier vol tongstrelingen. Parijs. Amsterdam / Antwerpen, N.V. Uitgeversmij. Kosmos, 1967.

A. M. Elias, Een minister op dienstreis. W. F. Röell in 1807 per koets door Frankrijk. Haarlem, Fibula - Van Dishoeck, 1978.

Willem Elschot, Villa des Roses. Amsterdam, P.N. van Kampen & Zoon N.V., 1913.

Ed van der Elsken, Een liefdesgeschiedenis in Saint Germain des Prés. Amsterdam, De Bezige Bij, 1956.

S. Elzinga, Het voorspel van de oorlog van 1672: de economisch-politieke betrekkingen tusschen Frankrijk en Nederland in de jaren 1660-1672. Rotterdam, 1926.

P. C. Emmer et Didier Poton de Xaintrailles, Les Pays-Bas et l'Atlantique, 1500-1800. Pages 112-116: Les Néerlandais et le Marais poitevin: une légende tenace. Rennes, PUR, 2009.

P. C. Emmer, Henk den Heijer, Louis Sicking (red.), Atlantisch avontuur. De Lage Landen, Frankrijk en de expansie naar het westen, 1500-1800. Zutphen, Walburg Pers, 2010.

Franciscus van den Enden, Vrije Politieke Stellingen. (1665) Met een inleiding van dr. W. Klever. Amsterdam, Wereldbibliotheek, 1992.

Erasme et Paris; Exposition organisée avec le concours de la Bibliothèque Nationale. Institut Néerlandais, 12 décembre 1969 - 18 janvier 1970.

D. Erasme, Les Hôtelleries. Trad. Paris 1872 (1e éd. 1526).

Frans Erens, Vertelling en Mijmering. Roermond, J. J. Romen en Zonen, 1922.

Frans Erens, Vervlogen Jaren. Den Haag, Thijmfonds, 1938.

W.J.M. van Eysinga, Huigh de Groot. Een schets. Haarlem, H.D. Tjeenk Willink & Zoon N.V., 1945.

Raymond Fagel, Les gens des Pays-Bas en France au temps de la Renaissance 1480-1560. Revue du Nord, Vol.82 (337), pp.681-722, 2000.

Leo Faust, Faubourg en Boulevard in Oorlogstijd. Dagboek van een Hollanschen journalist te Parijs. (2 augustus 1914 - 14 juli 1915). Amsterdam, S. L. van Looy, 1915.

Leo Faust en F.X.M. Schiphorst, Parijs bij nacht. Amsterdam, Scheltens & Giltay, 1920.

Leo Faust, Zeven dagen Parijs voor 50 gulden. Een gids door Leo Faust.
Met vele kaartjes, plattegrond van Parijs en lijst van meest gebruikelijke Fransche woorden en uitdrukkingen.
Amsterdam, J. M. Meulenhoff, 1921.

Leo Faust, Nieuwe Gids van Parijs. Amsterdam, J.M. Meulenhoff, 1e ed. 1921 (trois version, incl. 1924),
2e ed. 1925, 3e ed. 1926, 4e ed. 1927, 5e ed. 1931, 6e ed. 1937.

Leo Faust, De ziel van Parijs. Den Haag, N.V. Prometheus / Antwerpen, De Gulden Sonne, 1924.

Leo Faust en Hans Nesna, Parijs om middernacht van 10 tot 4. (Met foto's van Brassai.) Amsterdam, Scheltens & Giltay,
eerste druk ca.1925. Geheel herziene en veel vermeerderde tweede druk, ca. 1928.

Leo Faust, De ziekte die liefde heet. Een Parijsche roman. A.W. Bruna & Zoon's Uitgevers-Maatschappij N.V., 1936.

Leo Faust, Het Cancan-danseresje. Utrecht, A.W. Bruna & Zoon, 1938.

Leo Faust, De Clowns. Utrecht, A.W. Bruna & Zoon, 1940.

Leo Faust, 36, rue Pigalle, een bar op Montmartre. Uitgeverij C; de Boer Jr., 1956.

Jan Feith, La Belle en haar aanbidders. Frankrijk bereisd, gezien, geproefd en ... genoten. Den Haag, Zuid-Hollandsche Uitgevers Mij, 1937.

Margaretha François (Réalisation de l'exposition, organisé avec le concours de la Bibliothèque Nationale, et de ce catalogue), Erasme et Paris. Paris, Institut Néerlandais, 1969.

J. Fransen, ‘Les comédiens français en Hollande au XVIIe et au XVIIIe siècle’, Paris 1925.

Paul FreìDeìRicq, Essai sur le roÌ‚ le politique et social des ducs de Bourgogne dans les Pays-Bas, etc. 2010.

Linekes Frerichs, Buitenland is geen land. Nescio in Frankrijk. Amsterdam, Van Oorschot, 2019.

Philip Freriks, Alle Fransen dragen een alpino ... . Wormer, Inmerc B.V., 1993.

Philip Freriks, Het spoor van de monumentale meridiaan. Een 'petite histoire' van Parijs. Utrecht, A.W. Bruna Uitgeverij B.V., 1995.

Philip Freriks (tekst en met bijdragen van Remco Campert e.a.), Kees Scherer. Het Parijs van de vijftiger jaren. Baarn, Trion, 1998.

Philip Freriks, Gare du Nord. Verhalen over Frankrijk. Schoorl, Uitgeverij Conserve, 2004.

Willem Frijhoff, Margot Jongedijk, Ruud Rottier, 'Vryheid of de Dood'. la Révolution française vue des Pays-Bas, 1789 – 1798. Amsterdam, Maison Descartes, 1989.

Willem Frijhoff, ‘Verfransing? Franse taal en Nederlandse cultuur tot in de revolutietijd.’ In: Bijdragen en Mededelingen betreffende de Geschiedenis der Nederlanden 104 (1989) p. 592-609.

Willem Frijhoff et Rudolf Dekker, Le voyage révolutionnaire. Actes du colloque franco-néerlandais du Bicentenaire de la Révolution française, Amsterdam. 12 - 13 octobre 1989. Hilversum, Verloren, 1991.

Willem Frijhoff, Het zelfbeeld van de Nederlander in de achttiende eeuw. Een inleiding. In: De Achttiende Eeuw 24, pp. (-28, 1992.

Willem Frijhoff en O. Moorman van Kappen (red.), Les Pays-Bas et la France des Guerres de Religion à la création de la République Batave. Nijmegen, 1993.

Willem Frijhoff, Les voyageurs néerlandais en France du XVIIe au début du XIXe siècle. Amsterdam, Vrije Universiteit, 1993.

Willem Frijhoff, Le Paris vécu des Néerlandais de l'Ancien Régimeà la Restauration. In: Marie-Christine Kok-Escallle (réd.), Paris: de l'image à la mémoire. Représentations artistiques, littérares, socio-politiques. Pp.8-36. Amsterdam - Atlanta, GA, Rodopi, 1997.

Willem Frijhoff, 'De natie op stap? Nederlanders in Parijs in koning Lodewijks tijd'. In: De Negentiende Eeuw 30, nr. 2, pp. 255 - 272, 2006.

Jean Galard, Descartes en Nederland. IN: Paul Blom e.a. (red.), La France aux Pays-Bas. Invloeden in het verleden. pp.51-88. Vianen, Kwadraat, 1985.

Jhr. M. B. L. de Geer, De strijd der Friezen en Franken. Berigten Hist. Gen. 3e deel, 1e stuk.

Titia J. Geest, Madame de Charrière, een leven uit de achttiende eeuw. Assen, Van Gorcum & Comp. N.V., 1955.

R. Geiki & I. A. Montgomery, The Dutch Barrier. Cambridge, 1930.

R. van Gelder, Patriotten in Ballingschap. Nederlandse politieke vluchtelingen in Noord Frankrijk, 1787-1795. Amsterdam, doctoraalstudie Universiteit van Amsterdam, 1976.

Alphonse Germain, Les Néerlandais en Bourgogne. Bruxelles, Librairie Nationale d'Art & d'Histoire, G. van Goest Editeurs, 1909.

W. Gobbers, ‘De invloed van J.J. Rousseau's ideeen in Holland (1760-1810)’, Wetenschappelijke Tijdingen XVII, p. 459-466, 1957.

W. Gobbers, ‘Hollanders op Rousseau-bedevaart’, De Nieuwe Taalgids LII (1959), p. 289-296; LIII (1960), p. 21-30.

W. Gobbers, Jean-Jacques Rousseau in Holland. Een onderzoek naar de invloed van de mens en het werk (ca. 1760-ca. 1810). Gent, 1963.

Frans Godfroy, Hugo de Groot Pad. Historische wandel- en fietsroute. De vlucht van Loevestein naar Antwerpen in 7 etapes. Utrecht, Uitgeverij IJzer, 2017.

Eugen Gomez-Carillo, Le mystère de la vie et de la mort de Mata-Hari. Paris, Charpentier et Fasquelle, 1925.

Jean Goujon, Descartes et les Pays-Bas. Exil, refuge ou séduction. Imprimerie Bené, Nîmes, 1993.

F. Grijzenhout, W.W. Mijnhardt en N.C.F. van Sas (red.), Voor vaderland en vrijheid. De revolutie van de patriotten. Amsterdam, 1987.

Grotius, La vie et l’œuvre de Grotius (1583 – 1845). Exposition. Paris, Institut Néerlandais, 1965.

N. Guns, Koninklijke Rotterdamsche Lloyd. Beknopte geschiedenis van een rederij. Zutphen, 2004

France Guwy, Voltaire, Help!. De Hollandse ervaringen van Voltaire en de invloed op zijn denken. Amsterdam, Uitgeverij Balans, 1995.

Alex de Haas, De minstreel van de mesthoop. liedjes, leven en achtergronden van Eduard Jacobs. Amsterdam, de Bezige Bij, 1958.

Hella S. Haasse, Ogenblikken in Valois. Breda, Uitgeverij De Geus b.v., 1982.

Hans van Haefte, Folies Bergère. Amsterdam, A.J.G. Strengholt's Uitgeversmaatschappij, 1961.

Hans van Haefte, Place Pigalle. Amsterdam, A.J.G. Strengholt's Uitgeversmaatschappij, 1961.

Hans van Haefte, Hotel Montmartre. Amsterdam, A.J.G. Strengholt's Uitgeversmaatschappij, 1962.

Edwine Hagen, President van Nederland. Rutger Jan Schimmelpennick (1761 – 1825). Amsterdam, Uitgeverij Balans, 2012.

Mr. H. Hardenberg, Etta Palm. Een Hollandse Parisienne, 1743 – 1799. Assen, Van Gorcum, 1962.

L. E. Harris, The Two Netherlanders. Humphrey Bradley and Cornelius Drebbel. Leiden, 1961.

Lia van der Heijden en Jan Sanders (eds.), De levensloop van Adriaan van der Willigen (1766 - 1841). Een autobiographie uit een tijdperk van overgang. Hilversum, Verloren, 2010.

Jan Frederik Hemmers, Helmers en France : dagboek, brieven en gedichten van Jan Frederik Helmers, Amstelveen, EON Pers, 2014.

Roger Henrard, Personen- en ideeenverkeer tussen Frankrijk en Nederland in de 17de eeuw. Rekkem, Ons Erfdeel , Jg. 28, 1985.

Joke J. Hermsen en Riëtte van der Plas (Red.), 'Nu eens dwaas dan weer wijs'. Belle van Zuylen tussen Verlichting en Romantiek. Amsterdam, 1990.

Marlies Hersman, Deux hommes politiques et leurs régimes politiques : François Mitterand et Ruud Lubbers: la France et les Pays-Bas. Phd Thesis. Amsterdam, Faculteit der Geesteswetenschappen, Vakgroep Frans, 1996

Machteld den Hertog, Kampeertocht naar de Mont Blanc. G.B. van Goor Zonen's Uitgeversmaatschappij, 1936.

G. J. Heymeijer, De emigratie van Nederlandsche landbouwers naar Frankrijk. Utrecht, Dekker & Van de Vegt, 1926.

Henk Hillenaar, Les relations réligieuses entre la France et les Pays-Bas à l'épque moderne. In: DESiMA (Strasbourg), Les relations franco-néerlandaises, in n° 8/2014, pp. 203-227.

H.L. Hoest, Uitlegging nopens de voornaamste wanspraaken in de Fransche taal. Te Amsterdam, Gedrukt voor Rekening van den Auteur. En zyn te bekomen By Adam Meyer, Boekverkoper op de Voorburgwal, agter het Stadhuis, 1783.

Bernard Hoetjes, Agriculteurs néerlandais en France. In: Etudes rurales, n° 135-136, pp. 69-74, 1994.

Wil den Hollander, Boerin in Frankrijk. Omnibus van 'Land van zon en wijn', 'Volwassen mensen huilen niet', 'En de boer hij ploegde voort', 'Mijn vader in Frankrijk'. Utrecht, Kosmos, 1968.

G. D. Homan, Nederland in de Napoleontische tijd, 1795-1815. Haarlem, 1978.

Rick Honings en Peter van Zonneveld, De gefnuikte arend. Het leven van Willem Bilderdijk (1756-1831). Amsterdam, Prometheus - Bert Bakker, 2013.

Monique van Hoogstraten, Addie Schulte, Gert Jan van Sette (red.), Zuidenwind. Romaanse invloeden op de Nederlandse cultuur. Amsterdam, Prometheus, 2000.

J. Hornikx & M. Starren, Publicités en France et aux Pays-Bas: peut-on standardiser ou faut-il adapter? In: Studies in Communication Sciences, 4 (1), 219-233. 2004.

H. A. Höweler, Een Amsterdammer naar Parijs in 1778. Reisverslag van de koopman Jacob Muhl. Zutphen, De Walburg Pers, 1978.

Harro Huizing, Le conflit franco-neerlandais sur la drogue. Une analyse culturelle des positions de la France et des Pays-Bas. Phd thesis. Amsterdam, Faculteit der Geesteswetenschappen, Vakgroep Frans, 1997.

J. Huizinga, Nederlands geestesmerk. Leiden, 1935.

J. Huizinga, In de schaduw van morgen. Een diagnose van het geestelijk lijden van onzen tij. Haarlem, H.D. Tjeenk Willink & Zoon N.V., 1935.

Johan Huizinga, Erasmus. Haarlem, 5e dr.1958.

Christiaan Huygens 1629-1695. Een Hagenaar in Parijs. Leiden, by Museum Boerhaave, Rijksmuseum voor de Geschiedenis van de Natuurwetenschappen en van de Geneeskunde. 1978.

Wim Ibo, En nu de moraal... Geschiedenis van het Nederlands cabaret 1895-1936. Alphen a/d Rijn, 1981.

Nicà Jesse (fotografie), André Maurois (tekst), Vrouwen van Parijs. Utrect, A. W. Bruna & Zoon, 1954.

Nico Jesse (fotografie), Jaap Romijn (tekst), De Franse Rivièra. Utrecht, A. W. Bruna & Zoon, 1956.

Nico Jesse (photos), Ute Valende (texte), Jean Cocteau (préface), Paris. Paris-Bruxelles, Editions Sequoia, 1961.

Nico Jesse (foto's), Ute Valende (tekst), Jean Cocteau (voorwoord), Parijs. Amsterdam-Brussel, Elsevier, 1962.

André Jouanel, Bergerac et la Hollande. Les Vins de Monbazillac, Le Papier, Les Relations Familiales. Bergerac, Imprimerie Générale du Sud Ouest (H. Trillaud et Cie), 1951.

Johan Joor, Les Pays-Bas contre l'impérialisme napoléonien. Les soulèvements anti-Français entre 1806 et 1813. In: Annales historiques de la Révolution française, Année 2001, 326, pp. 161-171.

A. Joubert, Les Gentilshommes étrangers à l'Académie d"équitation d'Angers au XVIIe siècle d'après un document inédit 1601-1635. Revue d'Anjou, 1893.

Lies Journée, Ceci n'est pas Paris. Een onderzoek naar de literaire beeldvorming van Parijs in het literaire werk van enkele Nederlands(talig)e schrijvers. Amsterdam, masterscriptie Universiteit van Amsterdam, 2010.

Arendo Joustra (samengesteld en ingeleid door), Vreemde Ogen. Buitenlanders over de Nederlandse identiteit. Amsterdam, Prometheus, 1993.

Arendo Joustra (samensteller), Ons Parijs. Nederlanders in de Franse hoofdstad. Diemen, ONE Business B.V., Speciale editie Elsevier, 2017.

Rende van der Kamp, Geen mannen, maar duivels! Nederlanders in het Franse vreemdelingenlegioen. Nijmegen, Qv Uitgeverij, 2014.

Tessa van Kemenade, Culture d'entreprise: une étude théorique et pratique des différences de la culture d'entreprise aux Pays-Bas et en France ... . Amsterdam, Faculteit der Geesteswetenschappen, Vakgroep Frans, Phd thésis, 1996.

Marie Kemperink, 'De ultieme stad. Parijs in de Nederlandse literatuur van het fin de siècle'. In: Raf de Bont en Tom Verschaffel (red.) Het verderf van Parijs. Pp. 63-80. Universitaire Pers Leuven, 2004.

C.J. Kelk, Reis door de wolken. Utrecht - Antwerpen, A.W. Bruna & Zoon, 1940.

C. J. Kelk, Ik keek alleen. Brugge / Utrecht, 1968.

C. J. Kelk, Wie ik tegenkwam. 's-Gravenhage, 1981.

Jan Kelley, Path of the patriots: a tourist guide to Paris during the French Revolution. 2 Volumes. [location maps: J.J.M. Bakkers]. The Hague, Kemper Conseil Publishing, 2012.

J. P. M. Keuls, Het boek van den wijn. Amersfoort, S. W. Melchior, 1932.

S.R.E. Klein, Patriots republikanisme. Politieke cultuur in Nederland (1766-1787). Amsterdam, 1995.

Jacob Klinkhamer, Het leven van Hugo de Groot (1790), Hamburg, Tredition Classics, 2013.

Adriaan Kluit, De Rechten van den Mensch in Vrankrijk, geen gewaande rechten in Nederland. Amsterdam, 1793.

Christian Jasper Klumker, Der friesische Tuchhandel. Der friesische tuchhandel zur zeit Karls des Grossen und sein verhältnis zur Weberei jener zeit. 1899.

H. J. Koenen, Geschiedenis van de vestiging en den invloed der Fransche vluchtelingen in Nederland. Leiden, Luchtmans, 1846.

Maaike Koffeman, Alicia C. Montoya, Marc Smeets (red.), Literaire bruggenbouwers tussen Nederland en Frankrijk. Receptie, vertaling en cultuuroverdracht sinds de Middeleeuwen. Amsterdam, Amsterdam University Press, 2017.

Maaike Koffeman, 'Parijs is een meervoud'. Adriaan van Dis en de heruitvinding van de Nederlander in Parijs.
In: Maaike Koffeman, Alicia C. Montoya, Marc Smeets (red.), Literaire bruggenbouwers tussen Nederland en Frankrijk. Receptie, vertaling en cultuuroverdracht sinds de Middeleeuwen, pp.345-353. Amsterdam, Amsterdam University Press, 2017.

Marie-Christine Kok-Escallle (réd.), Paris: de l'image à la mémoire. Représentations artistiques, littérares, socio-politiques. Amsterdam - Atlanta, GA, Rodopi, 1997.

Marie-Christine Kok-Escale, « France et Pays-Bas: une histoire commune marquée par des phases d’attraction et de rejet ».
In: Deshima, Revue d’histoire globale des pays du Nord, no 8, 2014. Département d’études néerlandaises et scandinaves, Université de Strasbourg.

Marie Kok-Escale, « Les relations franco-néerlandaises ». Dans: Deshima, Revue d’histoire globale des pays du Nord, no 8, 2014.
Département d’études néerlandaises et scandinaves, Université de Strasbourg.

Willemijn Koning, Een 'bijna onbereikbare stralenkrans van vreugde en weelde'. Betrokkenheid in distantie in de Parijse stadsverkenningen van jonge Amsterdamse elitezonen, ca. 1850.
In: Op reis in de negentiende eeuw (met bijdragen van Jan Hein Furnée en Leonieke Vermeer ... et. al.. Speciaal nummer van: De negentiende eeuw, vol. 37, afl. 4, 2013, pag. 289-311.

Koningen van de Noordzee. 250 tot 850 na Chr.. ‘Het Fries Museum’ in Leeuwarden en het ‘Museum Het Valkhof’ in Nijmegen, 1999 / 2000.

R.A. Koole (Red.), Van Bastille tot Binnenhof. De Franse Revolutie en haar invloed op de Nederlandse politieke partijen. Houten, Fibula, 1989.

W.J. Koppius, Etta Palm (barones Aelders). Nederland's eerste féministe tijdens de Fransche Revolutie te Parijs. Zeist, Ploegsma, 1929.

Megan Koreman, Gewone helden: de Dutch- Paris ontsnappingslijn 1942 – 1945. Amsterdam: Boom, 2016.
Megan Koreman, The Escape Line: How the Ordinary Heroes of Dutch-Paris Resisted the Nazi Occupation of Western Europe. Oxford, Oxford University Press, 2018.

Ariejan Korteweg, Surplace. Over de ziel van Frankrijk. Breda, De Geus, 2013.

Yves Krumenacker (direction avec la collaboration de Olivier Christin), Entre Calvinistes et Catholiques: Les relations religieuses entre la France et les Pays-Bas du Nord (XVIé-XVIIIe siècle). Rennes, Presses Universitaires de Rennes, 2010.

H.S.S. Kuyper, Van Frankrijk voorheen en thans. Kampen, J. H. Kok N.V., 1930.

Hans H. J. Labohm, Les Pays-Bas, la France et l'Europe, Rapport du Colloque Franco-Néerlandais, La Haye, 10 - 11 juillet 1997.

Fred J. Lammers, Alexander, de vergeten kroonprins. Bosch & Keuning, 1998.

Henry Laurent, Un grand commerce d'Exportation au Moyen Age. La draperie des Pays-Bas en France et dans les pays Méditerrannees (XIIe-XVe siècle). Paris, Librairie E. Droz, MCMXXXV.

Stéphane Lebecq , Marchands et navigateurs frisons du haut Moyen-Age. Marchands et navigateurs frisons du haut Moyen Age. Deux volumes dactylographiés, 292 et 310 p. Thèse de 3ème cycle, soutenue devant l'Université de Paris IV- Sorbonne le 28 octobre 1980. Jury: M. Mollat, rapporteur, M. Rouche, M. Dévisse. [compte-rendu] Marchands et navigateurs Frisons du Haut Moyen Age. Lille, 1983.

Stéphane Lebecq, Marchands et navigateurs frisons du haut Moyen Âge (vol. 1). Essai. Lille, Presses Universitaires du Septentrion, 2019.

Stéphane Lebecq, Marchands et navigateurs frisons du haut Moyen Âge (vol. 2). Corpus des Sources écrites. Lille, Presses Universitaires du Septentrion, 2019.

Louis Legrand, La Révolution française en Hollande. Paris, Hachette, 1894.

Charlotte Lemmens en Ad Leer In 't Veld, Constantijn & Christiaan Huygens. Een gouden erfenis. Lecturis, 2013.

Dr. N. G. Lens, Je maintiendrai! Honderd jaar geschiedenis van de Nederlandse Vereniging in Frankrijk (1903 - 2003). Paris, Nederlandse Vereniging in Frankrijk, 2003.

Ben Levi, Met de Franse slag. Beschouwingen over het chanson en ontmoetingen met chansonniers. Utrecht, A. W. Bruna & Zoon, 1958.

Charles-Edouard Levillain, République et monarchie. Une comparaison entre la France et les Pays-Bas (1560-2015). In: DESHiMA (Strasbourg), Les relations franco-néerlandaises, in n° 8/2014, pp. 95-108.

W. F. Lichtenauer, De Nederlanders in Napoleons Garde d'Honneur. Historisch Genootschap Roterodamum, deel 9. Rotterdam / 's Gravenhage, Nijgh & Van Ditmar, 1971.

Ruud Lindemans, Yvonne Scherf, Rudolf Dekker (samenstelling), Egodocumenten van Noord-Nederlanders van de zestiende tot begin negentiende eeuw. Een chronologische lijst. Rotterdam, Erasmus Universiteit, 1994.

Melanie van der Linden, 'Et in Arcadia Ego!' Ontwikkelingen in reisgedrag en reisbeleving van Nederlanders naar Parijs in de negentiende eeuw. Rotterdam, ongepubliceerde doctoraalscriptie, Erasmus Universiteit Rotterdam, 2013.

Vaincre Louis XIV. Angleterre-Hollande- France. Histoire d’une relation triangulaire (1665-1688), Seyssel, Champ Vallon, 2010.
Via: http://www.academie-francaise.fr/charles-edouard-levillain

Drs. J.G.S.J. van Maarseveen, De Republiek en Frankrijk in het begin van de 17de eeuw: een ambassade naar Frankrijk in 1624. Zaltbommel, Europese Bibliotheek, 1970.

Brice Martinetti (Préface de Didier Poton), Les Négociants de La Rochelle au XVIIIe siècle. Rennes, Presses Universitaires de Rennes, 2013.

Jules Mathorez, Notes sur la colonie hollandaise de Nantes. In: Revue du Nord, Année 1913, 13, pp. 1-46.

Jules Mathorez, ‘Rapports intellectuels de la France et de la Hollande du XVIIe au XVIIIe siècle’, Journal des Savants XIX, p. 157-168, 1921.

Véronique Mathot, Les Hollandais du pays nantais. Dans: Stijn Alsteens en Hans Buijs, Paysages de France dessinés par Lambert Doomer et les artistes hollandais et flamands des XVIe et XVIIé siècles. Pages 56-64. Paris, Fondation Custodia, 2008.

Mémoire pour les patriotes Hollandais réfugiés en France. S.L.N.D.. 1790.

Josepha Mendels, Alles even goed bij jou. Amsterdam, N.V. De Arbeiderspers, 1953.

E. G. Molsbergen, Frankrijk en de Republiek der Verenigde Nederlanden 1648 - 1662. Rotterdam, 1902.

C. W. Mönnich, Pelgrimage. Ontmoetingen met de kultuur. Bussum, Moussault's Uitgeverij N.V., 1954.

Raphaël Morera, ‘Environmental Change and Globalization in Seventeenth-Century France: Dutch Traders and the Draining of French Wetlands (Arles, Petit Poitou)’, in: IRSH 55 (2010), Supplement, pp. 79–101

Lady Morgan, Frankrijk en de Franschen. Herinneringen uit mijn verblijf te Parijs in 1816. Naar het Engelsch van Lady Morgan. In twee delen; Te Leeuwarden, bij Steenbergen van Goor. 1821.

R. Murris, ‘La Hollande et les Hollandais au XVIIe et au XVIIIe siècle vus par les Français’. (diss. Amsterdam), Paris, Bibliothèques de la littérature comparée’, nr. 24, 1925.

Johanna W. A. Naber, Prinsessen van Oranje en hare Dochters In Frankrijk. Haarlem, H. D. Tjeenk Willink & Zoon, 1901.

Johanne W. A. Naber, Overheersching en Vrijwording. Haarlem, H. D. Tjeenk Willink & Zoon, 1913.

Henk Nellen, Hugo de Groot, Een leven in strijd om vrede, 1583 – 1645. Amsterdam, Uitgeverij Balans, 2007.

Andreas Nijenhuis, Les 'Voyages de Hollande'. La perception française des Province-Unies dans la première moitié du XVIIe siècle. Amsterdam, Vrije Universiteit, thèse, 2012.

Andreas Nijenhuis, L'Hercule français et le lion batave aux Temps Modernes. In: DESiMA (Strasbourg), Les relations franco-néerlandaises, in n° 8/2014, pp. 52-68.

Mr. Dr. Overvoorde, Geschiedenis van het postwezen in Nederland vóór 1795, met de voornaamste verbindingen met het buitenland. Leiden, 1902.

Luc Panhuysen, Rampjaar 1672. Hoe de republiek aan de ondergang ontsnapte. Amsterdam, Uitgeverij Atlas Contact, 2012.

Luc Panhuysen, Oranje tegen de Zonnekoning. De strijd tussen Willem III en Lodewijk XIV om Europa. Amsterdam, Uitgeverij Atlas Contact, 2018.

Dr. J. C. H. de Pater, De Familie Falck in den patriottentijd en de reis van Anton Reinhard Falck uit het bezette gebied van Holland naar Frankrijk in het jaar 1995. Amsterdam, N.V. Amsterdamsche Boek- en Courantmij, 1943.

Sander Piek, Nationale identiteit in Frankrijk en in Nederland: een vergelijkend onderzoek ... . Phd Thesis, Faculteit der Geesteswetenschappen, Leerstoelgroep Europese studies, 2006

Ds. A.C.J. van der Poel, Vous êtes à l'écoute ... U luistert naar ... . Bespiegelingen, herinneringen en feiten rond het zestigjarig bestaan van de NPB-Parijs. Den Haag, Uitgeverij "De Nieuwe Haagsche", z.j..

H. A. Poelman , Geschiedenis van den handel van Noord-Nederland gedurende het Merovingische en Karolingische tijdperk. Amsterdam, proefschrift. ‘s Gravenhage, 1908.

Marinus M. van Praag, Parijs, rendez-vous der wereld. Baarn, Het Wereldvenstern 1953.

Marinus M. van Praag (met inleiding van Prof. Dr. J. Presser), De man met het droge hart. M. Thiers / staatsman en publicist. Den Haag, N.V. Uitgeverij W.P. van Stockum & Zoon, 1958.

Marinus M. van Praag, Zo was Parijs. Den Haag, N.V. Uitgeverij W.P. van Stockum & Zoon, 1958.

Marinus M. van Praag, De tijger van Montmartre. Het leven van Georges Clemenceau. Amsterdam, J.M. Meulenhoff, 1960.

Olf Praamstra, Busken Huet. Een biografie. Amsterdam, Uitgeverij SUN, 2007.

Leo Prick, Mijn Frankrijk. Amsterdam, Van Gennep, 2003.

Leo Prick, Van Frankrijk móét je houden. Hoe de Fransen hun eigenheid koesteren. Amsterdam, Van Gennep, 2015.

Henk Puvée, Beste ouders, lieve Ine, ik schrijf dit uit La Courtine. Het Nederlandse leger in Frankrijk 1959-1971. Bussum, Uitgeverij THOTH, 2009.

K.-J. Riemens, Esquisse historique de l’enseignement du français en Hollande du XVIe au XIXe siècle. Thèse présentée à la faculté des lettres de l’université de Paris pour le doctorat de l’université. Leyde, Société d’Editions A. W. Sijthoff, 1919.

H. C. Rogge, Hugo de Groot te Parijs van 1621 tot 1625, De Gids dl. 3, 1893; blz. 249-273 en 450-477.

D. J. Roorda, Het rampjaar. Bussum, 1971.

Joost Rosendaal, Bataven! Nederlandse vluchtelingen in Frankrijk, 1787 – 1795. Nijmegen, Uitgeverij Vantilt, 2003.

Joost Rosendaal, 'Vrouwen op de vlucht. Patriotische vrouwen in ballingschap'.
In: Myriam Everard en Peter Altena (red.), Onbreekbare burgerharten: de historie van Betje Wolff en Aagje Deken, pp. 153-158. Nijmegen, Uitgeverij Vantilt, 2004.

Eva Rovers, De eeuwigheid verzameld. Hélène Kröller-Muller, 1869 – 1939. Amsterdam, Uitgeverij Bert Bakker, 2012.

J. J. Salverda de Grave, De Franse woorden in het Nederlands. Amsterdam, 1906.

J. J. Salverda de Grave, L’influence de la langue française en Hollande d’après les mots empruntés, leçons faites à l’université de Paris en janvier 1913. Paris, Champion, 1913.

J. J. Salverda de Grave, Waarom het genootschap "Nederland-Frankrijk" is opgericht. S. l., 1917.

J. J. Salverda de Grave, De Troubadours. Leiden, A. W. Sijthoff's Uitgeversmij, 1925.

J. J. Salverda de Grave, Gedenkschrift 15-jarig bestaan Genootschap Nederland-Frankrijk 1916-1931. Wageningen, Vada / Genootschap Nederland-Frankr?k, 1932.

Mathijs Sanders, 'Vive la France et la Hollande amies!' The Netherlands-France Society between 1916 and 1919. The Construction of a Repertoire. In: Arcadia, International Journal of Literary Culture / Internationale Zeitschrift für literarische Kultur. 44:2, pp. 317-334, 2009.

Mathijs Sanders et al. (red.), ‘Het Frans als lingua franca in de Lage Landen (1800-1914)' in: De Negentiende eeuw 37, 2013, 177-183.

Simone Schell, Wiwill. Kroonprins van Oranje. Kind tussen twee vuren. Amsterdam, Uitgeverij Balans, 1994.

Xandra Schutte en Sarah Verroen, Weg uit Nederland: briefwisseling over leven op het Franse platteland. Amsterdam J. M. Meulenhoff, 2007.

Louis de Semein, Parijs en de Parijzenaars. Gouda, G. B. van Goor Zonen, 1875.

Louis de Semein, Het Parijsche leven. Gouda, G. B. Van Goor Zonen, 1877.

Louis de Semein, Parijsche schetsen. Arnhem, Minkman's Reisbibliotheek, 1877.

Louis de Semein, Door eene wereldstad (met illustratie van Eug.Ladreyt). Arnhem, Minkman, 1878.

Louis de Semein, Achter het gordijn (Schouwburgschetsen. Met voorrede, aanteekeningen en naschrift van J.H. Rössing. J. Heijnis Tsz., Zaandijk, 1878.

J. A. Sillem, Het leven van mr. Johan Valckenaer (1759-1821). Amsterdam, 1876.

Dr. B. Slot, Vriendschap en Wantrouwen. Twee eeuwen Frans-Nederlandse betrekkingen 1588 - 1795 / Amitié et Soupçon. Deux Siècles de relations diplomatique franco-néerlandaises 1588 – 1795. 's Gravenhage, Algemeen Rijksarchief, 1988.

J. Smit, Bilderdijk et la France. Amsterdam, H.J. Paris, 1929.

Martin Smit (Redactioneel), Een Fransman uit Friesland: Alexander Cohen. Themanummer 'de AS', anarchistisch tijdschrift, 39ste jaargang, no. 175, najaar 2011.

Prof. H.A.M. Snelders, Descartes et les Pays-Bas, Septentrion, Jaargang 11, 1982.

Dr. Z. W. Sneller, Le développement du commerce entre les Pays-Bas septentrionaux et la France jusqu'au milieu du XVe siècle. Lille, Robbe, 1922.

Dr. Z. W. Sneller, De Hollandse korenhandel in het Somme-gebied in de 15e eeuw. Overdruk uit Bijdragen voor Vaderlandsche Geschiedenis en Oudheidkunde. ‘s Gravenhage, Martinus Nijhoff, 1925.

Dr. Z. W. Sneller, De ontwikkeling van den handel tusschen Noord-Nederland en Frankrijk tot het midden der vijftiende eeuw. Overdruk uit Bijdragen voor Vaderlandsche Geschiedenis en Oudheidkunde. ‘s Gravenhage, Martinus Nijhoff, 1922.

Dr. Z. W. Sneller, Bronnen tot de geschiedenis van den handel met Frankrijk. Deel 1 : 753 – 1585. ‘s-Gravenhage, B. W. Unger (uitg.), 1930.

Dr. Z.W. Sneller en W. S. Unger, Bronnen uit de geschiedenis van den handel met Frankrijk. Supplement. ‘s Gravenhage, Martinus Nijhoff, 1942.

Paul Sonnino, Louis XIV and the origins of the Dutch War. Cambridge, Cambridge University Press, 1988.

A. Staring, Fransche kunstenaars en hun Hollandsche modellen in de 18de en in den aanvang der 19de eeuw. 's-Gravenhage, A. A. M. Stols Uitgever, 1947.

Jan Pieter van der Sterre (Keuze en vertaling:), Voltaire en de Republiek. Teksten van Voltaire over Holland en Hollanders. Amsterdam, Uitgeverij Atlas, 2006.

K. van Strien, De ontdekking van de Nederlanden. Britse en Franse reizigers in Holland en Vlaanderen, 1750-1795. Utrecht, 2001.

Kees van Strien, Voltaire in Holland, 1736-1745. Leuven, 2011.

Kees van Strien, 'Candide chez les Bataves. Réception et traduction de Candide en Hollande au dix-huitième siècle'. In: Nicholas Crock et Nathalie Ferrand (red.), Les 250 ans de Candide. Lectures et relectures, pp. 213-227. Leuven, 2014.

Kees van Strien, Voltaire in Holland, 1746-1778. Leuven, 2016.

Kees van Strien, Nederland maakt kennis met Voltaire. In: Maaike Koffeman, Alicia C. Montoya, Marc Smeets (red.), Literaire bruggenbouwers tussen Nederland en Frankrijk. Receptie, vertaling en cultuuroverdracht sinds de Middeleeuwen, pp.225 - 242. Amsterdam, Amsterdam University Press, 2017.

Madeleine van Strien-Chardonneau, Le Voyage de Hollande: récits de voyageurs français dans les Provinces-Unies, 1748 – 1795. Oxford, Voltaire Foundation, University of Oxford, 1994.

Madeleine van Strien-Chardonneau, (1995), Les Délices de la Hollande, le caractère Hollandais vu par quelques Français, choix de textes. In: A. Montandon (Ed.) Moeurs des uns, coutumes des autres: les Français au régard de l'Europe, une anthologie. pp. 168/172-188/192. Clermont-Ferrand: Université Blaise Pascal, 1995.

Madeleine van Strien-Chardonneau, Le Paris de Belle van Zuylen / Isabelle de Charrière. In: Kok-Escalle M.-C. (Ed.) Paris: de l'image a la memoire. Représentations artistiques, litteraires, socio-politiques. pp.58-72. Amsterdam/Atlanta: Rodopi, 1997.

Madeleine van Strien-Chardonneau, Regard des Français sur les Hollandais aux XVIIIe siècle ou apologie du bonheur bourgeois. In: Montandon A. (Ed.) L'Europe des politesses et le caractère des nations. pp. 197-209. Paris, Anthropos, 1997.

Madeleine van Strien-Chardonneau, La Barre de Beaumarchais en Justus van Effen: karakter en zeden der Hollanders in de 18de eeuw. In: Enenkel K.A.E., Onderdelinden J.W., Smith P.J. (Eds.) Typisch Nederlands: de Nederlandse identiteit, pp. 123-133. Voorthuizen, FLorivallis, 1999.

Madeleine van Strien-Chardonneau, Belle van Zuylen /Isabelle de Charrière en de Franse Revolutie: Lettres trouvées dans des porte-feuilles d'émigrés (1793). In: Houppermans S., Kruk R., Maier H. (Eds.) Rapsoden & Rebellen. Literatuur en politiek in verschillende culturen, pp. 131-147. Amsterdam: Rozenberg Publishers, 2003.

Madeleine van Strien-Chardonneau, Mangeurs de fromage au pays de Cocagne. De Parival à Baudelaire: les plaisirs de la table en Hollande, points de vue français. In: DESHiMA, revue française des mondes néerlandophones 1: 39-52, 2007.

Madeleine van Strien-Chardonneau, Trois voyageuses en Hollande : Anne-Marie du Boccage (1750), Stéphanie-Félicité de Genlis (1776), Louise Colet (1857). In: Bourguinat Nicolas (Ed.) Le voyage au féminin. Perspectives historiques et littéraires (XVIIIe-XXe siècles). pp. 73-88, Strasbourg, Presses universitaires de Strasbourg, 2008.

Madeleine van Strien-Chardonneau, La vision exotique de la Hollande dans les récits de voyageurs français (XVIIe-XIXe siècles). In: Demir Nurmelek., Cetin Gulser (Eds.) Journées internationales d'études sur l'exotisme 10-11 mai 2007. Actes.. pp. 79-89. Ankara: Ankara Universitesi Basimevi, 2009.

Madeleine van Strien-Chardonneau, Impressions de voyage: Français en Hollande, Néerlandais en France, image et miroir (XVIIe-XIXe siècles). In: DESHiMA (Strasbourg), Les relations franco-néerlandaises, in n° 8/2014, pp. 69-92.

Madeleine van Strien-Chardonneau, Belle, Betje, Antje...et les autres: Néerlandaises en voyage au XVIIIe siècle, Cahiers Isabelle de Charrière = Belle de Zuylen Papers 9: 115-134. Valkenswaard, Genootschap Belle van Zuylen /HoLaPress, 2014.

Madeleine van Strien-Chardonneau, Amsterdam gezien door Franse reizigers in de 18e en 19e eeuw, Rozenberg Quartely: The Magazine 1, 2014.

Madeleine van Strien-Chardonneau, The Use of French among the Dutch Elites in Eighteenth-Century Holland. In: Derek C. Offord, Vladislav Rjeoutski, Gesine Argent (eds.), European Francophonie: The Social, Political and Cultural History of an International Prestige Language, pp. 145-173. Oxford / Bern / Berlin, Peter Lang International Academic Publishers, 2014.

Madeleine van Strien-Chardonneau, Frans in het privédomein. De reisverslagen van Antje en Truitje van Hogendorp. In. Maaike Koffeman, Alicia C. Montoya, Marc Smeets (red.), Literaire bruggenbouwers tussen Nederland en Frankrijk. Receptie, vertaling en cultuuroverdracht sinds de Middeleeuwen, pp.99 - 115. Amsterdam, Amsterdam University Press, 2017.

M.G.M. van Strien & M. C. Kok van Escalle, French as Language of Intimacy in the Modern Age / Le français, langue de l'intime à l'époque moderne et contemporaine no. 2. Amsterdam: Amsterdam University Press, 2017.

M.G.M. van Strien & M. C. Kok van Escalle, Le français langue seconde, langue de la relation intime, de la relation à soi et à l'autre. In: Strien M.M.G. van, Kok Escalle M.C. (Eds.) French as Language of Intimacy in the Modern Age. Le français, langue de l'intime à l'époque moderne et contemporaine. no. 2 Amsterdam: Amsterdam University Press. 21-44, 2017.

M.G.M. van Strien, Amsterdam as global market and meeting place of nations. Perspectives of seventeenth- and eighteenth-century French travellers in Holland. In: R.Sweet, G. Verhoeven, S. Goldsmith (Eds.) Beyond the Grand Tour. Northern Metropolises and Early Modern Travel Behaviour. pp. 147-160. London and New York, Routledge, 2019, .

Jan Switzer, Rivièra 1950. Touring Club Holland. Toeristencentrum 'De Eekhoorn', Lunteren, 1950.

Jan Switzer (Voorwoord), Cinq Ans La Douce France. Touring Club Holland, Lunteren, 1954.

Marion Tanguy, Contribution à l'étude de la colonie hollandaise de Nantes au XVIIe siècle à partir d'une approche familiale: les Van Schoonhoven, dact. mémoire de master 2, Guy Saupin (dir.) Université de Nantes, 2008.

Marion Tanguy, L'Insertion des Hollandais au sein de la cité nantaise dans la seconde moitié du XVIIe siècle. In: Mémoires Bretagne, Tome LXXXIX, pp.271-289, Actes du Congrès de Saint-Malo, Université de Nantes, 2011.

Bert Toussaint, 'The Dutch-Flemish role in reclamation projects in France’. In: Helga S. Danner, Johannes Renes, Bert Toussaint, Gerard P. van de Ven en Frits David Zeiler (eds.), Polder pioneers. The influence of Dutch engineers on watermanagement in Europe, 1600-2000. Netherlands Geographical Studies 338, pp. 121-149. Utrecht, 2005.

J.C.F. Turken, Wijngids. Amsterdam, N.V. Uitgeverij 'Argus', 1954.

L. van der Tuuk, De Friezen. Koggen, Kooplieden en Kantoren. Brand, 2013.

L. van der Tuuk, De Friezen. De vroegste geschiedenis van het Nederlandse kustgebied. Utrecht, Uitgeverij Omniboek, 2017.

Hans Uitman, Toen de Parijse benen de Moerdijk passeerden. De invloed van de Parijse boulevardtheaters op het Amsterdamse ballet (1813-1868). The Pauper Press (m.m.v. Vereniging voor Dansonderzoek), 1996.

Prof. Dr. Piet Valkhoff, ‘Voltaire et la Hollande’, Paris 1926,

Prof. Dr. Piet Valkhoff, Ontmoetingen tussen Nederland en Frankrijk. ‘s Gravenhage, H.P. Leopolds Uitgevers Maatschappij N.V., 1943.

Judith Vega, 'Feminist republicanism. Etta Palm-Aelders on justice, virtue and men.' In: History of European Ideas, t. 10, no. 3, pp. 333-351, 1989.

Judith Vega, Etta Palm, une hollandaise à Paris. In: Willem Frijhoff et Rudolf Dekker, Le voyage révolutionnaire. Actes du colloque franco-néerlandais du Bicentenaire de la Révolution française, Amsterdam. 12 - 13 octobre 1989, pp. 49-56. Hilversum, Verloren, 1991.

Paul van ‘t Veer, Daendels. Maarschalk van Holland, Bussum, Fibula-Van Dishoeck, 1983.

Ger Verhoeve, Nederlandse held begraven in het Panthéon. In: Trouw, 8 december 2001.

Paul Verlaine, Quinze jours en Hollande - nouvelle édition. Paris, Albert Messein, éditeur, 1927.

Paul Verlaine, Twee weken in Holland. Brieven aan een vriend, Kwadraat, Vianen, 1985.

Paul Verlaine, Correspondence inédits relatifs à son livre 'Quinze jours en Hollande' (Ed. 1897), Hachette Livre / BNF, Paris.

Christophe de Voogd, Huizinga, les Pays-Bas et l'image de la France. Cahiers de Meridon. Chevreuse, Vereniging Volkshogeschool Meridon, 1997.

Bert de Vries, Ontspoord kapitalisme. Hoe het kapitalisme ontspoorde en na de coronacrisis kan worden hervormd. Amsterdam, Prometheus, 2020.

J. de Vries, Barges and Capitalism. Passenger transportation in the Dutch Economy, 1632-1839. Utrecht, Hes Studia Historica, 4, 1981.

Henk L. Wesseling, Vele ideeën over Frankrijk. Opstellen over geschiedenis en cultuur. Amsterdam, Uitgeverij Prometheus, 1987.
Henk L. Wesseling, Certain Ideas of France: Essays on French History and Civilization. Westport, Conn., Greenwood Press, 2002.

Henk L. Wesseling, Frans met de Fransen. Kleine bijdragen tot de Frankrijkkunde. Amsterdam, Prometheus, 2001.

Henk L. Wesseling, Frankrijk in oorlog, 1870-1962. Amsterdam, Bert Bakker, 2007.

Henk L. Wesseling, De man die nee zei. Charles de Gaulle 1890 - 1970. Amsterdam, Uitgeverij Bert Bakker, 2012.

Henk L. Wesseling, La grande nation: regards d'un historien neerlandais sur l'histoire de France. Amsterdam, Prometheus - Bert Bakker, 2014.

Willem van Oranje-Nassau (1840-1879).
Via: https://nl.wikipedia.org/wiki/Willem_van_Oranje-Nassau_(1840-1879)

Willem (Wiwill) van Oranje-Nassau (1840-1879).
Via: https://kunst-en-cultuur.infonu.nl/koningshuis/169201-willem-wiwill-van-oranje-nassau-1840-1879.html

Lucas Zandberg, De vergeten prins. Amsterdam, De Arbeiderspers, 2015.

***DE BOURGONDISCHE TIJD:

Petty Bange, De wereld van de Bourgondiërs 1363-1477. Amersfoort, Bekking & Blitz, 2011.

Wim Blockmans, Mobiliteit van cultuurdragers. Zwaartepunten in de Bourgondische Nederlanden. Zutphen, 1981.

Wim Blockmans & Walter Prevenier, De Bourgondische Nederlanden. Antwerpen, Mercatorfonds, 1983.

Wim Blockmans e.a., Sport, spel en ontspanning. De wording van Europa. Weert, 1993.

Wim Blockmans & Walter Prevenier, De Bourgondiërs: de Nederlanden op weg naar eenheid 1384-1530. Amsterdam, Meulenhoff, 1997.

Dr. P.J. Blok (voorz.)/e.a., De Bourgondische tijd. Geschiedkundige Atlas van Nederland. 's Gravenhage, Martnus Nijhoff, 1923.

Paul Colin, Les Ducs de Bourgogne. Philippe Le Hardi - Jean Sans Peur - Philippe Le Bon - Charles Le Téméraire. Bruxelles, Nouvelle Société d'Editions, 1942.

Leon Emmanuel S. J. Laborde, Essai d'un Catalogue Des Artistes Originaires Des Pays-Bas Ou Employes à la Cour Des Ducs de Bourgogne Aux Xive Et Xve Siecles.

Bart Van Loo, De Bourgondiers. Aartsvaders van de Lage Landen. Amsterdam, De Bezige Bij, 2019.

Dr. R. van Luttervelt (samenstelling), Bourgondische pracht van Philips de Stoute tot Philips de Schone. Amsterdam, Catalogus Rijksmuseum, 1951.

Jacques Paviot, La politique navale des Ducs de Bourgogne, 1384 / 1482. Lille, Presses Universitaires de Lille, 1995.

Bob Putigny, L'épopée de Bourgogne. Une marche vers l'Europe. Paris, Robert Laffont, 1986.

Claus Sluter en de kunst te Dyon. Rotterdam, Museum Boymans, juni - juli 1950.

Jan Walch, Karel de Stoute. Amsterdam, J. M. Meulenhoff, 1940.

***DE BATAAFSCHE REVOLUTIE, DE FRANSE REVOLUTIE EN DE FRANSE TIJD:

Peter Altena, Gerrit Paape (1752-1803). Levens en werken. Nijmegen, Vantilt, 2012.

Jo van Ammers-Küller, De opstandigen. Een familie-roman in drie boeken. Eerste boek, 1840. Amsterdam, J. M. Meulenhoff, MCMXXVII.

Jo van Ammers-Küller, De getrouwen. Heeren, Knechten en Vrouwen. De Geschiedenis van een Amsterdamsche Regenten-Familie in de jaren 1778 tot 1813. Amsterdam, J. M. Meulenhoff, MCMXXXVIII.

Jo van Ammers-Küller, De Sans-Culotten, 1792 - 1795. 'Heeren, Knechten en Vrouwen. De Geschiedenis van een Amsterdamsche Regenten-Familie in de jaren 1778 tot 1813. Amsterdam, J. M. Meulenhoff, MCMXXXVIII.

Jo van Ammers-Küller, Elzelina. De geliefde van Maarschalk Ney. Naarden, Strengholt, 1951.

Judith Amsenga en Geertje Dekkers, "Wat nu?" zei Pichegru. De Franse tijd in Nederland, 1795 - 1813. Hilversum, Verloren, 2004.

Dick Berents, Kerken & Karossen. Fransen in Utrecht, 1800 – 1900. Utrecht, Het Spectrum, 1994.

Roy de Beunje en Anja Krabbe (Sous la direction de Yvonne Schouten), Napoleon in Nederland. In de voetsporen van de Keizer. Zutphen, De Walburg Pers, 2016.

H. Bots en W.W. Mijnhardt (red.), De droom van de revolutie. Nieuwe benaderingen van het Patriotisme. Amsterdam, 1988.

P. J. Buynsters, Wolff & Deken, een biografie. Leiden, Martinus Nijhoff, 1984.

Arille Chevalier, L'exil des patriotes hollandais en France et la loge maçonnique. Les 'Vrais Bataves' à l'Orient de Dunkerque, 1790 - 1795. Tome I et Tomes II, Thèse de doctorat en Histoire, 2010.

Mr. Jacob Dirks, De uitgewekenen uit Nederland naar Frankrijk, 1787-1795 : eene schets. Z.j..

Myriam Everhard, Les femmes dans la Révolution batave. Droits des femmes, droits du peuple. In: Annales historiques de la Révolution française. Pp. 93-105, 2001.
Via: https://www.persee.fr/doc/ahrf_0003-4436_2001_num_326_1_2551.

Myriam Everard en Peter Altena (red.), Onbreekbare burgerharten : de historie van Betje Wolff en Aagje Deken. Nijmegen, Uitgeverij Vantilt, 2004.

Myriam Everard, « Twee "dames hollandoises" in Trévoux. De politieke ballingschap van Elizabeth Wolff en Agatha Deken, 1788-1797». In: De achttiende eeuw, vol. 38, p. 147-167, 2006.

Myriam Everard, Deux Hollandaises à Trévoux (1788-1797) : voyage d’agrément ou engagement politique ? In: Genre & Histoire, n° 9, Automne, 2011.

Dr. C. N. Fehrmann, Onze vloot in de Franse tijd. De admiraals De Winter - VerHuell. Den Haag, Kruseman, 1969.

Pieter Geyl, La Révolution Batave 1783-1798. Paris, Société des études robespierristes, 1971.

E.O.G. Haitsma Milier, A.M.J.T. Leyten, Het Nederlandse beeld van de Franse Revolutie in prent en film. Amsterdam, De Bataafsche Leeuw, 1989.

C. F. F. Gijsberti Hodenpijl, Napoleon in Nederland, 1904.

Gerda Huisman, Voor revolutiën gebooren. Brieven van Johannes Bosscha aan Gerard Tjaard Suringar; Parijs. 1788 – 1793. Ljouwert / Leeuwarden, Fryske Akademy, 2001.

Dr. Theod. Jorissen, Patriotische Bladen, De Correspondentie van Koning Lodewijk, De Omwenteling van 1813. In: Historische Studiën IV. Haarlem, H. D. Tjeenk Willink & Zoon, derde druk, 1912.

Dr. Theod. Jorissen, Het tijdperk der Patriotten, Willem V, De Fransche tijd. In: Historische Bladen II. Haarlem, H. D. Tjeenk Willink & Zoon, vijfde druk, 1912.

Dr. Theod. Jorissen, De ondergang van het koninkrijk Holland. In: Historische Studiën VI. Haarlem, H. D. Tjeenk Willink & Zoon, derde druk, 1912.

Annie Jourdan et Joep Leersen (réd.), Remous Révolutionaires: République Batave, Armée Française. Amsterdam, Amsterdam University Press, 1996.

Annie Jourdan, La Révolution batave. Entre la France et l’Amérique (1795-1806), Rennes, PUR, 2008

Annie Jourdan (dir.), Louis Bonaparte: Roi de Hollande. Paris, Nouveau Monde éditions/Fondation Napoléon, 2010.

Ch. de Munck, Lodewijk Napoleon, koning van Holland. 1997.

Gerrit Paape, De gelukkige emigranten, of de kleine volkplanting van het zuiden. Antwerpen, 1788.

Gerrit Paape, Mijn vrolijke wijsbegeerte in mijne ballingschap. 1792.

Simon Schama, Patriots & Liberators. Revolution in the Netherlands 1780 – 1813. London, Fontana Press, 1992.

----------

NEDERLANDSE KUNSTENAARS IN FRANKRIJK:


J. W. Brouwer, 'Hollandse kunstenaars en de Franse Salons 1750 - 1880'. In: Tableau 6, pp. 84-90, 1984.

Diederik Stevens, Hoogtij langs de Seine. Nederlandse schrijvers en kunstenaars in Parijs. Amsterdam / Antwerpen, Uitgeverij Atlas, 2012.

Vaut le voyage: artistes et intellectuels du Nord à Paris, Septentrion, 2003.

*** NEDERLANDSE SCHILDERS IN FRANKRIJK:


Agnes Akerib, Vincent & Theo Van Gogh - Freres Jusqu'a la Folie. 2017.

Stijn Alsteens en Hans Buijs, Paysages de France dessinés par Lambert Doomer et les artistes hollandais et flamands des XVIe et XVIIé siècles. Paris, Fondation Custodia, 2008.

François Auffret, Johan Barthold Jongkind, 1819-1891: héritier contemporain & précurseur : biographie illustrée. Paris, Maisonneuve et Larose, 2004.

Dominique Auriange, La Vie exaltée de Van Gogh. Paris, Librairie Charpentier, 1965.

Helewise Berger, Karlijn de Jong, Anita Hopmans en Wietse Coppes, Jan Sluijters. De Wilde jaren. Zwolle, WBOOKS, 2018.

>Anne-Marie Bergeret-Gourbin, Jongkind, au fil de l’eau. Paris, Belin éditeur, 1994.

Ellinoor Bergvelt en Margriet van Boven, J. A. Knip., 1777 – 1847. ‘s Gravenhage, Staatsuitgeverij, 1977.

Saskia de Bodt, Isaac Israels. Hollands impressionist. Schiedam, Scriptum, 1999.

Saskia de Bodt, Michiel Plomp (red.), Anton Mauve (1838 - 1888). Bussum / Haarlem, 2009.

Margriet van Boven en Sam Segal, Gerard & Cornelis van Spaendonck. Twee Brabantse bloemenschilders in Parijs. Maarssen, Uitgeverij Gary Schwartz, 1980.

Anne-Marie de Brem, L'Atelier d'Ary Scheffer. Paris, Paris Musées, 1991.

Dominique Colen, Jacqueline de Raad (samenstelling), Jan Sluijters, schilder met verve. Zwolle, Uitgeverij Waanders b.v. - Laren, Singermuseum, 1999.

Emmanuelle Démont et Marc Favreau, Herman van der Hem, un dessinateur hollandais à Bordeaux et dans le Bordelais au XVIIe siècle. Les Éditions de l’Entre-deux-Mers, 2006.

Max Eisler, Jacob Maris in Parijs. Amsterdam, 1913.

Rudolf Engels & Peter de Lange, Het kleurijke leven van Kees van Dongen. Schiedam, Scriptum, 2002.

Rudolf Engels, Kees van Dongen. Ster van de lichtstad. Schiedam, Scriptum, 2010.

Antoon Erftemijer en Renske Koster, Reislust bij Nederlandse kunstenaars sinds 1850. Haarlem, 99 Uitgevers/Publishers, 2016.

Leo Ewals, Ary Scheffer 1795 – 1858, Gevierd Romanticus. Dordrecht/Zwolle, Dordrechts Museum / Waanders, 1995.

Viviane Forrester, Van Gogh ou l'enterrement dans les blés. Paris, Seuil, 1983.

Sadi de Gorter, Les sources d'inspiration de Vincent van Gogh, Institut Néerlandais, Paris, 1972.

Harriet Grote, Memoir of the Life of Ary Scheffer. 2010.

Vivtorine Hefting, L'Universe de Jongkind. Paris, 1976.

J. F. Heijbroek, Frits Lugt 1884 – 1970: leven voor de kunst. Biografie. Parijs, Uitgeverij Thoth en Fondation Custodia, 2010.

Freek Heybroek, 'Matthijs Maris in Parijs 1869 - 1877'. In: Oud Holland 89, nr. 1, pp. 266 - 289, 1975.

Jan Hulsker, Van Gogh en zijn weg. Het complete werk. Amsterdam, Meulenhoff, 1985.

Maarten Jager, Kees Maks, schilder van het mondaine leven, 1876 – 1967. Zwolle, Waanders / Rotterdam, Kunsthal, 2001.

Hans Janssen, Mondriaan en het kubisme. Parijs 1912 – 1914. Bussum, Uitgeverij Thoth / Gemeentemuseum Den Haag, 2014.

L. Jansen, H. Luijten, N. Bakker, Vincent van Gogh - de brieven: de volledige, gei¨llustreerde en geannoteerde uitgave / Deel 3, Drenthe - Parijs, 1883-1887. Amsterdam, Van Gogh Museum, 2009.

Feiko Joekstra e.a., Van Gogh tot Cremer. Nederlandse kunstenaars in Parijs. Uitgeverij Waanders, Uitgeverij de Kunst, Museum de Fundatie, 2014.

Maiken Jonkman (red.), Nederlanders in Parijs. 1789 – 1914. Van Spaendonck, Scheffer, Jongkind, Maris, Kaemmerer, Breitner, Van Gogh, Van Dongen, Mondriaan. Bussum, Uitgeverij Thoth, 2017.

Piet de Jonge (eindred. Karin van Lieverloo), Helene Kröller-Müller: een biografische schets in woord en beeld. Otterloo, Kröller-Müller Museum, 2004.

Johan Barthold Jongkind (Uitgegeven door Johanna Victorine Christine Hefting), Jongkind d'après sa Correspondance. H. Dekker et Gumbert, 1968. Jan van Keulen, met van Gogh in de Provence. 's-Gravenhage, Staatsuitgeverij, 1987.

Jelka Kröger (dir.), Meijer de Haan, le maître caché. Paris, Editions Hazan, 2009.

Steven Naifeh and Gregory White Smith, Van Gogh: The Life. New York (NY), Random House, 2011.

Sylvie Patin, Jongkind - une fascination pour la lumière: fantasmagories de ciel et d'eau. Rouen, Editions des Falaies, 2014.

Judith Perrignon, 'C’est un message d’adieu': le secret du dernier tableau de Van Gogh. In: Le Monde, le Magazine, publié le 28 juillet 2020 à 14h47 - Mis à jour le 31 juillet 2020 à 10h48;
Via: https://www.lemonde.fr/m-le-mag/article/2020/07/28/le-secret-du-dernier-tableau-de-van-gogh_6047514_4500055.html

Ronald Pickvance, Van Gogh en Arles. Genève, Skira Art Sélection, 1985.

Denys Riout, Yves Klein: L'aventure monochrome. Paris, Découvertes Gallimard, 2006.

Diane Romashuk, Op de bres voor vergeten Friese schilder Siebe ten Cate. In: Friesch Dagblad, 16 juni, 2020.
Via: https://frieschdagblad.nl/2020/6/15/op-de-bres-voor-vergeten-friese-schilder-siebe-ten-cate?harvest_referrer=https:%2F%2Fwww.google.fr%2F

Marguerite Roques, Les apports néerlandais dans la peinture du sud-est de la France. (xiv, xvè et xvième siècles). 1963.

Marinus Schroevers (tekst) & Dirk de Herder (fotografie) Van Gogh achterna. Utrecht/Antwerpen, Uitgeverij Het Spectrum, 1975.

Christian Sedoux, Johan Barthold Jongkind. Un peintre en Dauphiné, Les Patrimoines Editions Dauphiné Libéré, 2009.

John Sillevis et Hans Kraan, L'Ecole de Barbizon. Un Dialogue Franco-Néerlandais. Paris, Albin Michel, 1985.

J ohn Sillevis, Dieuwertje Dekkers, Jozef en Isaac Israels, vader en zoon. Uitgeverij W Books B.V., 2011.

Chantal Spillemaecker, Jongkind: Des Pays-Bas au Dauphiné. Editions Libel, 2009.

Chris Stolwijk, Richard Thomson, Theo van Gogh 1867 - 1891, Kunsthandelaar, verzamelaar en broer van Vincent. Tentoonstellingscatalogus. Amsterdam (Van Gogh Museum) / Parijs (Musée d'Orsay), 1999 - 2000.

Chris Stolwijk & Richard Thomson, Theo van Gogh 1857–1891: Art dealer, Collector and Brother of Vincent. 2000.

Louis van Tilborgh en Richard Thomson (co-auteur R. Thompson), Theo van Gogh. 1857 – 1891. Kunsthandelaar, Verzamelaar En Broer Van Vincent. Zwolle, WBOOKS, 1999.

Maïthe Vallès-Bled, Van Dongen. Du Nord et du Sud: From the north and the South. Mazotta, 2004.

Adriaan Venema, Nederlanders schilders in Parijs 1900 – 1940. Baarn, Het Wereldvenster, 1980.

Louis Vitet, Peintres modernes de la France – Ary Scheffer. FBEditions, Createspace, 2015.

Jacobine Wieringa, Breitner en Parijs. De invloed van het verblijf in Parijs op het leven en werk van George Hendrik Breitner. Deventer, Uitgeverij Scriptio, 2007.

*** NEDERLANDSE FOTOGRAFEN EN FOTOGRAFES IN FRANKRIJK:

Emmy Andriesse, e.a., Parijs was Mieters! Fotografen in Parijs 1945-1965. Stedelijk Museum Schiedam, 2004.

Emmy Andriesse (foto's) & W. Jos de Gruyter (tekst), De Wereld van Van Gogh / le Monde de van Gogh / the World of van Gogh. Den Haag, Daamen, 1953.

Bob Bertina, Jan Blokker, Paul de Casparis, H. J. Oolbekking, Filmfestival (Festival de Cannes). Foto's: Kees Scherer. Utrecht, A. W. Bruna & Zoon, 1961.

Ed van der Elsken, Een liefdesgeschiedenis in Saint Germain des Prés. Amsterdam, De Bezige Bij, 1956.

Philip Freriks (tekst en met bijdragen van Remco Campert e.a.), Kees Scherer. Het Parijs van de vijftiger jaren. Baarn, Trion, 1998.

Ludo van Halem (samenstelling), Simon Vinkenoog e.a., Parijs was mieters ! Nederlandse fotografen in Parijs 1945 – 1965. Schiedam, Stedelijk Museum, 2004.

H. J. A. Hofland, The Times of De Tijden van Sem Presser. Amsterdam, Stichting Voetnoot, 2000.

Nicà Jesse (fotografie), André Maurois (tekst), Vrouwen van Parijs. Utrect, A. W. Bruna & Zoon, 1954.

Nico Jesse (fotografie), Jaap Romijn (tekst), De Franse Rivièra. Utrecht, A. W. Bruna & Zoon, 1956.

Nico Jesse (photos), Ute Valende (texte), Jean Cocteau (préface), Paris. Paris-Bruxelles, Editions Sequoia, 1961.

Nico Jesse (foto's), Ute Valende (tekst), Jean Cocteau (voorwoord), Parijs. Amsterdam-Brussel, Elsevier, 1962.

André Maurois (met foto's van Nico Jesse), Vrouwen van Parijs. Utrecht, A. W. Bruna & Zoon, 1954.

H. J. Scheffer, Portret van een fotograaf. Henri Berssenbrugge 1873-1959. Leiden, Sijthoff, 1967.

Wim van Sinderen, Gare du Nord. Nederlandse fotografen in Parijs 1900 – 1968. Antwerpen, Ludion// Fotomuseum Den Haag, 2011.

Huib Stam (tekst), Sem Presser (fotografie), Hier is Cannes. Amsterdamn, Voetnoot, 2002.

Diana Vinding (tekst) en Kees Scherer (fotografie), Parijs (in de reeks: 'De wereld in kleur'). Utrecht, A. W. Bruna & Zoon, 1969.

*** NEDERLANDSE SCHRIJVERS EN SCHRIJFSTERS IN FRANKRIJK:

F. L. Bastet, Louis Couperus. Een biografie. Amsterdam, E. M. Querido's Uitgeverij B.V., 1987.

F.L. Bastet & R. Breugelmans, Al die verloren paradijzen. Amsterdam, Querido, 2001.

Henri van Boven, Leven en werk van Louis Couperus. (1933) Ré-éd., 's-Gravenhage BZZTôH, 1980.

Daan Cartens, Speels verzet. Het werk van Josepha Mendels. In: Literair Moment, Josepha Mendels, Informatie. Amsterdam, Meulenhoff, 1988.

Alexander Cohen, In opstand. Amsterdam, Andries Blitz Uitgever, 1932.

Alexander Cohen, Van anarchist tot monarchist. Amsterdam, Uitgeverij 'De Steenuil', 1936.

Louis Couperus, Legenden van de Blauwe Kust (1910). Ré-éd., Amsterdam, Elseviers Weekblad, 1951.

A. den Doolaard, De druivenplukkers. Amsterdam, N.V. Em. Querido's Uitgevers-Mij., 1931.

A. den Doolaard, Het leven van een landloper. Amsterdam, N.V. E.M. Querido's Uitgeversmij, 1958.

Ad Fransen, W.F. Hermans, een Hollander in Parijs. Amsterdam, Uitgeverij Podium, 2005.

Anna P.H. Geurts, Reizen en schrijven door Noord-Nederlanders. Een overzicht. In: Op reis in de negentiende eeuw (met bijdragen van Jan Hein Furnée en Leonieke Vermeer ... et. al.. Speciaal nummer van: De negentiende eeuw, vol. 37, afl. 4, 2013, pag. 264-288.

H. van Hattum, Helmers en France. Amstelveense Cahiers, 1, 1987.

Sylvia Heimans, Josepha Mendels: het eigenzinnige leven van een niet-nette dame. Uitgeverij Cossée, 2016.

Sylvia Heimans, 'Parijs is niet verliefd op mij.' Josepha Mendels als exporteur van Frans erfgoed. In: Maaike Koffeman, Alicia C. Montoya, Marc Smeets (red.), Literaire bruggenbouwers tussen Nederland en Frankrijk. Receptie, vertaling en cultuuroverdracht sinds de Middeleeuwen, pp.317 - 333. Amsterdam, Amsterdam University Press, 2017.

Ruud Meijer, Parijs verplicht. Nederlandse schrijvers en kunstenaars in Parijs (1945 - 1970). Amsterdam, Thomas Rap, 1989.

Josepha Mendels, Biografische momenten. In: Literair Moment, Josepha Mendels, Informatie. Amsterdam, Meulenhoff, 1988.

Philippe Noble en Aart van Soest, Een Nederlander in Parijs: Eddy du Perron. Cahiers de Meridon. Voorburg, Vereniging Volkshogeschool Méridon, 1994.

Max Nord: Josepha Mendels: portret van een kunstenaar. Amsterdam, Meulenhoff, 1991.

Max Nord, ‘L'amour d'Alexander Cohen pour la France’. In: Septentrion, jaargang 10, 1981.

J.P.M. Passage, Havank. Schets van leven en werk. Groningen, Uitgeverij Passage, 1997.

Evert van der Starre, Vestdijk over Frankrijk. Zutphen, De Walburg Pers, 1998.

----------

OVER NEDERLAND, 'MIJN' NEDERLAND VAN EENS TOT DEZER DAGEN:


Theo Baart, Cary Markerink et al., Snelweg / Highways in the Netherlands. Architectura & Natura Press, 1996.

Theo Baart, Bouwlust. The Urbanization of a Polder. Rotterdam, NAi publishers, 1999.

Theo Baart, Tracy Metz, Atlas Van De Verandering. 'Het nieuwe handboek voor de ruimtelijke ordening.' Ideas on Paper, 2001.

Jan Bank, Het roemrijke vaderland. Cultureel nationalisme in Nederland in de negentiende eeuw. Den Haag, 1990.

Annegreet van Bergen, Gouden jaren. Hoe ons dagelijks leven in een halve eeuw onvoorstelbaar is veranderd. Amsterdam, Uitgeverij Atlas Contact, 2014.

J.T.P. Bijhouwer e. a., (Teksten van), Cas Oorthuys e.a. (Foto's van), De schoonheid van ons land. Land en Volk, De steden. Amsterdam en Antwerpen, UItgeverij Contact,1951.

Beatrice Boeke-Cadbury, Het leven van Kees Boeke. Purmerend, J. Muusses N.V., 1971.

J. de Boer, Landschapspijn. Over de toekomst van ons platteland. Amsterdam, Atlas/Contact, 2017.

Wilco Boom (red.), De neergang van de PvdA. Prominente sociaal-democraten over de crisis en de weg omhoog. Amsterdam, 2017.

Walter Brandligt e.a., (Tekst van), Karel Kleyn, Cas Oorthuyse.a., (Foto's van), De schoonheid van ons land. Land en volk. Het Landschap. Amsterdam en Antwerpen, Uitgeverij Contact, 1948.

Piet Brouwer, Gerard van Kesteren m.m.v. Antia Wiersma: Berigt aan de heeren reizigers; 400 jaar openbaar vervoer in Nederland. Den Haag, SDU uitgevers, 2008.

J. J. Brugmans, Paardenkracht en mensenmacht. Sociaal-economische geschiedenis van Nederland 1795-1940. Den Haag, 1976.

College van Rijksadviseurs (in opdracht van), (X)XL-Verdozing. Minder, compacter, geconcentreerder, multifunctioneler. Ontwerpend onderzoek Rademacher / De Vries Architecten, Amsterdam, i.s.m. Stec Groep, Arnhem. Den Haag, CRA, october 2019.

Heidi Dahles, Nederlanders op vakantie. Reizen voor genoegen in historisch perspectief. In: Huub de Jonge (red.), Ons soort mensen. Levensstijlen in Nederland, pp. 169-184. Nijmegen, 1997.

Frank van Dam, Leo Pols, Hans Elzenga, Zorg voor landschap. Naar een landschapsinclusief omgevingsbeleid. Signalenrapport, Den Haag, Planbureau voor de Leefomgeving, PBL-publicatienummer: 3346, 2019.

H. Daudt, Over echte politicologie. Opstellen over politicologie, democratie en de Nederlandse politiek. Amsterdam, Bert Bakker, 1995.

Rudolf Dekker, Roofbouw op Oud-Zuid. Bouwpraktijk en politiek in Amsterdam. Panchaud, 2018.

H. Dijkstra et al., Veranderend cultuurlandschap. Signalering van landschapsveranderingen van 1900 tot 1990 voor de Natuurverkenning 1997. Wageningen, Staring Centrum rapport 544, 1997.

Adriaan van Dis, H.J.A. Hofland e.a., Alles is te koop. Amsterdam, Nijgh & Van Ditmar, 1992.

M. Drenthen, Natuur in mensenhand. Essays over ons nieuwe cultuurlandschap. Zeist, KNNV Uitgeverij, 2018.

Ewald Engelen, Marianne Thieme, De kanarie in de kolenmijn. Amsterdam, Prometheus, 2017.

Ewald Engelen, Het is klasse suffie, niet identiteit! Editie Leesmagazijn, 2018.

Th. Engelen, Van 2 naar 16 miljoen mensen. Demografie van Nederland, 1800-nu. Amsterdam, Boom, 2009.

Chris van Esterik, Jongens waren we. Totaltaire verleiding in de jaren zeventig. Amsterdam, Uitgeverij Balans, 2016.

C. Fasseur, Indischgasten. Amsterdam, 1997.

Meindert Fennema, Goed Fout. Herinneringen van een meeloper. Amsterdam, Prometheus - Bert Bakker, 2015.

J. M. Galjaard, Pootje baden; de vaderlandse geschiedenis van het badleven. Utrecht, 1966.

Anne Gevers (red.), Uit de Zevende. Vijftig jaar Politieke en Sociaal-Culturele Wetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam. Amsterdam, 1998.

David Hamers e.a., Bloeiende bermen. Verstedelijking langs de snelweg. Rotterdam, Nai Uitgevers, 2006.

F. A. Hartsen, Nederlandsche toestanden - uit het leven van een lijder. Hilversum, Uitgeverij Verloren, 1996.

Chris van der Heijden, Grijs verleden. Nederland en de Tweede Wereldoorlog. Amsterdam, Uitgeverij Contact B.V., 2001.

Duco Hellema en Magriet van Lith, Dat hadden we nooit moeten doen. De PvdA en de neoliberale revolutie van de jaren negentig. Amsterdam, Prometheus, 2020.

Aaltje Hessels, Vakantie en vakantiebesteding sinds de eeuwwisseling. Een sociologische verkenning ten behoeve van de sociale en ruimtelijke planning van Nederland. Assen, Van Gorcum & Comp. B.V., 1973.

Gerhard Hirschfeld, Nazi Rule and Dutch Colloboration: The Netherlands under German Occupation, 1940-1945. Oxford, 1988.

Tialda Hoogeveen, De geur van hooi. Hoe het boerenleven in Nederland veranderde. Amsterdam, Thomas Rap, 2020.

Daniela Hooghiemstra, De geest in dit huis is liefderijk - Het leven en de Werkplaats van Kees Boeke (1884 - 1966). Amsterdam, De Arbeiderspers, 2013.

Marcel ten Hooven, Het bos in de uitverkoop. ‘Dit is landbouw met bomen’ Kaalkap, platgereden bosgrond: tien jaar nadat Henk Bleker besloot dat Staatsbosbeheer zijn bossen moest exploiteren als bron van hout en vermaak zijn op de Utrechtse Heuvelrug de gevolgen te zien. In: De Groene Amsterdammer, nr. 35, 26 augustus 2020.
Via: https://www.groene.nl/artikel/dit-is-landbouw-met-bomen?utm_source=De+Groene+Amsterdammer&utm_campaign=c467732ffb-Wekelijks-2020-08-26&utm_medium=email&utm_term=0_853cea572a-c467732ffb-70676005

Coos Huijsen, De PvdA en het Von Münchhausen-syndroom. Pleidooi voor een progressief perspectief. Haarlem, 1990.

Coos Huijsen, Nederland en het verhaal van Oranje. 2012.

Coos Huijsen, Ode aan het Klootjesvolk. Populisme als smoesje van een falende elite. Amsterdam, Prometheus, 2020.

Frits de Jong Edz., Wij willen ellende wenden - Een eeuw sociaal-demokratische antwoorden op maatschappelijke uitdagingen. Stichting Vormingswerk van de Partij van de Arbeid, 1984.

Kamperen: Wat Je Thuislaat Is Meegenomen. Honderd Jaar Actief en Sportief kamperen, 1912-2012 (+ DVD). Leusden, Nederlandse Toeristen Kampeer Club, 2012.

J. Kolen & T. Lemaire (red.), Landschap in meervoud. Perspectieven op het Nederlandse landschap in de 20ste/21ste eeuw. Utrecht, Uitgeverij Jan van Arkel, 1999.

Arnold Koper, Constant Vecht en Max van Weezel (eindred.), Alles moest anders. Het onvervuld verlangen van een linkse generatie. Amsterdam, Nijgh & Van Ditmar, 1991.

Frank Koster, Studenten van proletariaat tot praatgroep. Nijmegen, 1979.

J. Kullberg, J. Iedema & A. Schlette, ‘Het Nederlandse landschap en Nederlandse identiteit’. In: SCP, Denkend aan Nederland. Sociaal en Cultureel Rapport. Den Haag, Sociaal en Cultureel Planbureau, 2019.

Eric de Kuyper, Een vis verdinken. Nijmegen Uitgeverij SUN, 2001.

T. Lemaire, Met open zinnen. Bilthoven, Ambo, 2002.

J. van Lennep, Dagboek van hunne reis te voet, per trekschuit en per diligence. 1832.

M. F. van Lennep, Het leven van Mr. Jacob van Lennep. 2 delen, 2e dr., Amsterdam, 1910.

Jacques Lissone, 'De eerste vijftig jaar', Lissone's Gazette, Jubileumnummer 1876-1926. 1926.

Geert Mak, Hoe God verdween uit Jorwerd. Amsterdam, Uitgeverij Atlas, 1996.

Geert Mak, Het ontsnapte land. Amsterdam, Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek, 1998.

Joris Luyendijk, Kees van Lede, Pessimisme is voor losers. Op de rand van een nieuwe tijd. Amsterdam, Uitgeverij Balans, 2020.

Tracey Metz, Nieuwe natuur. Reportages over veranderend landschap. Naarn, Ambo/Anthos, 1998.

Tracy Metz, Alles Wordt Anders. De transformatie van Nederlands Noorden. Uniepers, 2001.

Tracy Metz, Pret! Leisure en landschap. Rotterdam, Nai Uitgevers, 2002.

Floor Milikowski, Van wie is de stad. Amsterdam, Atlas-Contact, 2018.

Cas Mudde, Het zijn de sociaal-democratische partijen, niet de idealen, die in crisis zijn. In: Socialisme & Democratie, Wiardi Beckman Stichting, Amsterdam, 13-06-2019.

Cas Mudde, Why copying the populist right isn't going to save the left. In: The Guardian, 14-05-2019.

Corine den Ouden (hoofdred.), Toch gaan we ieder jaar weer mee! 75 jaar LCKV jeugdvakanties 1920-1995. Leiden, LCKV 1995.

Merijn Oudenampsen, The Conservative Embrace of Progressive Values. On the Origins of the Swing to the Right in Dutch Politics. 2018

Hans Pars, En we gaan nog niet naar huis! 100 jaar Nederlanders op vakantie. Schiedam, Scriptum Publishers, 2006.

Ben de Pater, Tom Sintobin e.a., Koninginnen aan de Noordzee. Scheveningen, Oostende en de opkomst van de badcultuur rond 1900. Hilversum, Verloren, 2013.

Tom Pfeil, Van tollenaar tot poortwachter. Geschiedenis van de douane, de oudste rijksdienst van Nederland. Rotterdam, Trichis Publishing BV, 2002.

Herman Pleij, Hollands welbehagen. Amsterdam, Prometheus, 1998.

Raad voor de leefomgeving en infrastructuur, Waardevol toerisme. Onze leefomgeving verdient het. September 2019.

Wyatt Rawson, The Werkplaats Adventure. An account of Kees Boeke's great pioneer comprehensive school: it's methods and psychology. London, Vincent Stuart, 1956.

Kees Ribbens, Historisch toerisme. In: Kees Ribbens, Een eigentijds verleden. Alledaagse historische culturen in Nederland 1945-2000, Hoofdstuk 4, pp.139-326. Hilversum, Verloren, 2002.

Hans Rigthart, De eindeloze jaren zestig. Geschiedenis van een generatieconflict. Amsterdam / Antwerpen, Uitgeverij De Arbeiderspers, 1995.

Niek van Sas, De metamorfose van Nederland. Van oude orde naar moderniteit 1750-1900; Amsterdam, 2005.

Dick Schaap (hoofdtekst), Een Eeuw Wijzer. 100 jaar ANWB. 1883 - 1983. Den Haag en Utrecht, ANWB en Oosthoek's Uitgeversmaatschappij, 1983.

Simon Schama, The Embarrassment of Riches: An Interpretation of Dutch Culture in the Golden Age. 1987.

Simon Schama, Landschap en herinnering. Amsterdam, Atlas, 1995.

Johan Schot, Harry Lintsen, and Arie Rips (eds.), Technology and the Making of the Netherlands: The Age of Contested Modernization, 1890-1970. Cambridge, MA, MIT Press, 2010.

Sociaal Cultureel Planbureau, De sociale staat van Nederland, Hoofdstuk 9, Vrije tijd. Den Haag, SCP, 2017.
Via: https://www.scp.nl/dsresource?objectid=32b8ebe1-4792-4bd9-bc5a-9dbb771657c4&type=org

Anke Stegehuis, 'Met Lissone op reis!'. De betekenis van de eerste reisorganisator in het Nederlandse toerisme, 1876-1927. In: Op reis in de negentiende eeuw (met bijdragen van Jan Hein Furnée en Leonieke Vermeer ... et. al.. Speciaal nummer van: De negentiende eeuw, vol. 37, afl. 4, 2013, pag. 331-354.

Jan Terlouw, 'Het kapitaal is nu helemaal de baas.' In: de Volkskrant, 20-02-2016.
Via: https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/het-kapitaal-is-nu-helemaal-de-baas~bfae3a8a/

Herman Tjeenk Willink, Groter denken, kleiner doen. Een oproep. Amsterdam, Prometheus, 2018.

Bart Tromp, Overleeft de Partij van de Arbeid de jaren tachtig? Een pleidooi voor een vernieuwde PvdA 'die meer doet dan ontwikkelingen volgen'. In: Vrij Nederland, 01-05-1982.

Ewald Vanvugt, Roofstaat. Wat iedere Nederlander moet weten. Amsterdam, Nijgh & van Ditmar, 2015.

F.R. Veeneklaas, J.L.M. Donders & I.E. Salverda, 2006. Verrommeling in Nederland. Wageningen, WOT Natuur & Milieu. WOT-rapport 6, 2006.

Dirk-Jan Visser, Christian Ernsten en Marten Minkema: Voorland Groningen. Wandelingen door het Antropoceen. nai010 uitgevers, 2020.

S. Visser, ‘Landschap: schakel tussen verleden en toekomst’. In: J. Kolen & T. Lemaire (red.), Landschap in meervoud. Perspectieven op het Nederlandse landschap in de 20ste/21ste eeuw, pp. 251-269. Utrecht, Uitgeverij Jan van Arkel, 1999.

Herman Vuijsje, Mooi zooitje, het Zaans landschap verbeeld. Stichting Uitgeverij Noord-Holland, 2003.

Herman Vuijsje, Neerlands dierb're grond, hoe keren we de bedreiging van ons landschap? 2006.

R. van der Wouden, De ruimtelijke metamorfose van Nederland 1988-2015. Rotterdam/Den Haag: NAI-010 / Planbureau voor de Leefomgeving, 2015.

Nickie van der Wulp, Verrommeling van het landschap. In: Landschap, Alterra Wageningen UR, 2009.
Via: https://www.landschap.nl/wp-content/uploads/2009-3_133-144.pdf

Ernest Zahn, Regenten, rebellen en reformatoren. Een visie op Nederland en de Nederlanders. Amsterdam, Uitgeverij Contact, 1989.

Evert Zandstra e.a., (Teksten van), Cas Oorthuys e.a. (Foto'van), De schoonheid van ons land. Land en Volk. Het Water. Amsterdam en Antwerpen, Uitgeverij Contact, 1950.

----------

TRANS-ATLANTISCHE VERBINDINGEN:

Howard Clayton, Atlantic bridgehead: The story of transatlantic communications. London, Garnstone Press, 1968.

Bill Glover, History of the Atlantic Cable & Undersea Communications from the first submarine cable of 1850 to the worldwide fiber optic network. Atlantic Cables: 1856-2018.
Via: http://atlantic-cable.com//Cables/CableTimeLine/atlantic.htm, last revised: 20 March, 2019.

Frank O. Baynard, William H. Miller Jr., Picture History of the Cunard Line, 1840-1990. Dover Publications Inc., 1991.

J. Brinnin, K. Gaulin, Grand luxe: Transatlantic Luxury. London, Bloomsbury, 1988.

Howard Clayton, Atlantic bridgehead: The story of transatlantic communications. London, Garnstone Press, 1968.

Gérard Destrais, Cherbourg, l'épopée transatlantique. Cherbourg, Isoète, 1988.

Daphne Fielding, Those Remarkable Cunards: Nancy and Lady Emerald. New York, Atheneum, 1968.

Eric Flounders and Michael Gallagher, The Story of Cunard's 175 Years. The triumph of a great tradition. Ramsey, Isle of Man, Ferry Publications, 2014.

John Steel Gordon, A Thread Across the Ocean: The Heroic Story of the Transatlantic Cable. HarperCollins, 2003.

Marie-Christine Michaud, Philippe Hrodej, et al., Entre mer et ciel: Le voyage transatlantique de l'Ancien au Nouveau monde (XVIe-XXIe siècle). Rennes, Presses universitaires de Rennes, 2015.

Dag Pike, Taming the Atlantic: The History of Man's Battle With the World's Toughest Ocean. Pen and Sword Maritime, 2018.

Max Rémy, Transatlantiques et long-courriers. La mémoire des grands paquebots. Marines Editions, 2010.

John Vardalas, "From Gaining Weeks to Milliseconds The Transatlantic Cable". In: IEEE-USA's Today's Engineer, November 2010.

Louis-René Vian, Paquebots de légende, décors de rêve. Gentil, 1991.

VROEG AMERIKAANS-FRANSE RELATIES:


William Howard Adams, The Paris Years of Thomas Jefferson. Yale University Press, 1997.

Tony Allan, Americans in Paris. An Illustrated Account of the Twenties and the Thirties. Chicago, Contemporary Books Inc, 1977.

Susan Mary Alsop, Yankees at the Court. The first Americans in Paris. Garden City, New York, Doubleday & Company, Inc., 1982.

Robert Aron, Arnaud Dandieu, Le cancer américain. 1931. (Ré-éd.: L'Age d'Homme, 2008.)

Lucien Bély e.a., Benjamin Franklin. Un Americain à Paris. Paris, Paris Musées, 2007.

G. de Bertier de Sauvigny, La France et les français vus par les voyageurs américains 1814 - 1848, Tome Premier. Paris, Flammarion, 1982.

G. de Bertier de Sauvigny, La France et les français vus par les voyageurs américains 1814 - 1848, Tome Second. Paris, Flammarion, 1985.

Yvon, Bizardel, Les Américains à Paris Pendant la Révolution. Paris, Calman-Lévy, 1972.

Connor Cruise O'Brien, The Long Affair: Thomas Jefferson and the French Revolution, 1785-1800. Chicago, University of Chicago Press, 1996.

Claude Fohlen, Jefferson à Paris, 1784 – 1789. Paris, Perrin, 1995.

Rhea Foster Dulles, Americans Abroad: Two Centuries of European Tavel. Ann Arborr, Mich., University of Michigan Press, 1964.

Edwin Sill Fussell, The French Side of Henry James. New York, Columbia University Press, 1990.

Patrice Higonnet, Sister Republics: The Origin of French and American Republicanism. Cambridge, Harvard University Press, 1988.

Patrice Higonnet, Sister Revolution: French Lightening, American Light. New York, Faber and Faber, 1999.

Henry James, L'Américain à Paris. T. 1. Paris, Hachette, 1884.

Lloyd S. Kramer, Treshold of a New World: Intellectuels and the Exile Experience in Paris, 1830-1848. Ithaca, Cornell University Press, 1988.

James D. McCabe Jr., Paris by Sunlight and Gaslight: A Work Descriptive of the Mysteries and Miseries, the Virtues, the Vices, the Splendors, and the Crimes of the City of Paris, Illustrated with over 150 Fine Engravings by Gustave Doré and other Celebrated Artists of France. Philadelphia, 1869. (Ré-édition: Nabu Press, 2010).

David McCullough, The Greater Yourney. Americans in Paris. New York, Simon & Schuster Paperbacks, 2012.

Frédéric Monneyron et Martine Xiberras (Eds.), La France dans le regards des Etats-Unies / France as seen by the United States. Perpignan, Presses Universitaires de Perpignan, 2006.

Roy & Alma Moore, Thomas Jefferson's Yourney to the South of France. New York, NY, Stewart, Tabori & Chang, 1999.

Howard C. Rice, Jr., Thomas Jefferson's Paris. Princeton. New Jersey, Princeton University Press, 1976.

Penopela Rowlands, Paris Was Ours. Thirty-Two Writers Reflect on the City of Light. Algonquin Books, 2011.

David Schoenbrun, Triumph In Paris. The Exploits of Benjamin Franklin. New York, N.Y., Harper & Row Publishers, 1976.

Alexis de Tocqueville, De la Démocratie en Amérique, I (1835) et II (1840). Paris, Flammarion, 1981.

----------

RECENTERE EN HEDENDAAGSE AMERIKAANS-FRANSE RELATIES EN WEDERZIJDSE OBSERVATIES:


Antoine De Baecque, Paris by Hollywood. Paris, Flammarion, 2012.J

Richerd Barbrook and Andy Cameron, The Californian Ideology (Extended Mix). September 18, 1998.
Via: http://www.hrc.wmin.ac.uk./hrc/theory/californianideo/main/t.4.2.html (consulté le 23-01-2020).

>D. Barjot et C. Réveillard (dir.), L'Américanization de l'Europe occidentale au XXe siècle. Mythe et réalité. Paris, Presses Universitaires Paris-Sorbonne, 2002.

Martin Barnier and Raphaelle Moine, France/Hollywood: Echanges Cinématographiques et Identités Nationales. Paris, L'Harmattan, 2002.

Jean Baudrillard, Amérique. Paris, Grasset, 1986.

Sylvia Beach, Shakespeare and Company. University of Nebraska Press, New Ed., 1991.

Simone de Beauvoir, L'Amérique au jour le jour. Paul Morihien, 1948.

Shari Benstock, Women of the Left Bank. Paris, 1900 – 1940. Austin, University of Texas Press, 1986.

C.-J. Bertrand, L'impérialisme culturel américain, un mythe? In: Esprit n° 101, p. 63-76, mai 1985.

Daniel J. Boorstin, America and the image of Europe. Reflections on American Thought. Gloucester, Mass., The World Publishing Company, 1960.

Alain Bosquet, Les Américains sont-ils adultes? Paris, Hachette, 1969.

Christian-Marc Bosséno, Jacques Gerstenkorn, Hollywood, l'usine à rèves. Paris, Découvertes Gallimard, 1992.

Frédéric Bozo, Histoire secrète de la crise irakienne. La France, les Etats-Unis et l'Irak. Paris, Perrin, 2013.

Crane Brinton, The Americans and the French. Cambridge MA, Harvard University Press, 1968.

Paul Brody, The Real Midnight In Paris: A History of the Expatriate Writers in Paris That Made Up the Lost Generation. Scott Valley CA, CreateSpace Independent Publishing Platform, 2012.

Paul Brody, The Expatriates: Biographies of Lost Generation Writers. Scott Valley CA, CreateSpace Independent Publishing Platform, 2014.

Raymond Carroll, Cultural Misunderstandings; The French-American Experience. Chicago, University of Chicago Press, 1988.

Blaise Cendrars, Hollywood. La Mecque du Cinéma (avec 29 dessins pris sur le vif par Jean Guérin). Paris, Editions Bernard Grasset, 1936.

Jerome Charyn, Hemingway: Portrait de l'artiste en guerrier blessé. Paris, Découvertes Gallimard, 1999.

William L. Chew III, National Stereotypes in Perspective: Americans in France, Frenchmen in America. Amsterdam, Rodopi, 2001.

Jean-Marie Colombani, Walter Wells, France Amérique. Déliaisons Dangereuses. Editions Jacob-Duvert, 2004.

Philippe Conrad (Editorial), Dossier: De Gaulle et les Américains. In: La Nouvelle Revue d'Histoire, numéro 82, pp. 39 - 63, janvier - février 2016.

Gille Cornut-Gentille, Philippe Michel-Thiriet, Florence Gould. Une Americaine à Paris. Paris, Mercure de France, 1989.

Camille Cusumano (edited by), France, a love story. Women writing about the French Experience. Emeryville, CA, Seal Press, 2004.

Régis Debray, Civilisation: comment nous sommes devenus américains. Paris, Gallimard, 2017.

Laura Lee Downs and Stephane Gerson (Eds.), Why France? American Historians Reflect on an Enduring Fascination. Ithaca and London, Cornell University Press, 2009.

Jean-Paul Dubois, L'Amérique m'inquiéte et autres récits. Editons de l'Olivier, 2017.

Brandon Dupont, Alka Gandhi, Thomas J. Weiss, The American Invasion of Europe: The Long Term Rise in Overseas Travel, 1820-2000. NBER Working Paper No. 13977. Cambridge, MA, National Bureau of Economic Research, May 2008.

Brandon Dupont, Alka Gandhi, Thomas J. Weiss, Fluctuations in Overseas Travel by Americans, 1820 to 2000. NBER Working Paper No. 14847. Cambridge, MA, National Nureau of Economic Research, April 2009.

Christopher Endy, Cold War Holidays: American Tourism in France. Chapel Hill, NC, The University of North Carolina Press, 2005.

M. F. K. Fisher, Two Towns In Provence. Map of another town and a considerable town. Little, Brown and Company, 1964.

Noel Riley Fitch, Sylvia Beach and the Lost Generation: A History of Literary Paris in the Twenties and Thirties. New York - London, W. W. Norton & Company, 1985.

Michèle Fitoussi, Janet. Paris, J.-C. Lattès, 2018.

Scott F. Fitzgerald, Babylon Revisited. Scribner, 1931.

Scott F. Fitzgerald, Tender is the night. New York, Scribner, 1934.

Janet Flanner, An American in Paris. Profile of an Interlude Between Two Wars. New York, Simon and Schuster, 1940.

Janet Flanner, Pétain: The Old Man of France. New York, Simon and Schuster, 1944.

Janet Flanner, Paris Was Yesterday, 1925-1939. Houghton Mifflin Harcourt Publishing Company, 1979.

Janet Flanner (edited by Irving Drutman / introduction by William Shawn), Janet Flanner's World: Uncollected Writings, 1932-1975. New York and London, Harcourt Brace Jovanovich, 1979.

Janet Flanner (Genêt), Paris Journal, Volume One, 1944-1965. Edited by William Shawn. San Diego, New York and London, Harcourt Brace Jovanovich, 1988.

Janet Flanner (Genêt), Paris Journal, Volume Two, 1965-1971. Edited by William Shawn. San Diego - New York - London, Harcourt Brace Jovanovich Publishers, 1970.

Janet Flanner (Edited and with an Introduction by Natalia Danesi Murray), Darlinghissima: Letters to a friend. New York, Random House, 1985.

Janet Flanner (Préface de Michèle Fitoussi), Paris est une guerre - 1940-1945. Editions du sous-sol, 2020.

Debra Force, Images de la France: American Artists in France, 1880-1925. New York, Debra Force Fine Art, 2002.

Ford Maddox Ford, A mirror to France. New York, Albert & Charles Boni, 1926.

Ford Maddox Ford, Provence: From minstrels to the machine. J.B. Lippincott Co., 1935.

Hugh Ford (Ed.), Published in Paris: American and British Writers, Printers, and Publishers in Paris, 1920-1939. New York, Macmillan, 1975.

Jennifer Fuks, L'anti-américanisme au sein de la gauche socialiste française: De la libération aux années 2000. Paris, L'Harmattan, 2010.

Robert E. Gajdusek, Hemingway's Paris. New York, NY, Charles Scribner‘s Sons, 1978.

Daniel Gallagher, D'Ernest Hemingway à Henry Miller: Mythes et réalités des écrivains américains à Paris (1919 - 1939), L'Harmattan, 2011.

Charles Glass, Les Américain à Paris sous l'Occupation. Paris, Editions Saint-Simon, 2012.

Adam Gopnik (Ed.), Americans in Paris: A Literary Anthology. New York, Library of America, 2004.

Nancy L. Green, Les Américains de Paris. Hommes d'affaires, comtesses et jeunes oisifs, 1880 – 1941. Paris, Belin, 2014.

Jean-Luc Guillet, Scott et Zelda Fitzgerald en Provence et sur la Riviera. Bohèmes Editions, Format Kindle, 2016.

François Hauter, Chroniques d'Amérique. Paris, Carnets Nord, 2010.

Alice Kaplan, Dreaming in French. The Paris Years of Jacqueline Bouvier Kennedy, Susan Sontag, and Angela Davis. Chicago and London, The University of Chicago Press, 2012.

Lawrence S. Kaplan, Jefferson and France: An Essay on Political Ideas. New Haven, Yale University Press, 1967.

Balbino Katz, Nos amis les Français: Guide pratique à l'usage des GIs en France, 1944-1945. Paris, Le Cherche Midi, 2003.
112 Gripes about the Fench. (First published by the Information & Education Division of the US Occuoation Forces, Paris.) This edition: Oxford OX, Bodleian Library, 2013.

J. Kennedy, Imagining Paris: exile, writing, and American identity. New Haven & London, Yale University Press, 1993.

J. Kessel, Hollywood; Ville Mirage. Paris, Gallimard, dix-huitième édition, 1937.

Martin Koomen, De literaten van de linkeroever. Engelstalige schrijvers in Parijs 1900 - 1944. Amsterdanm, Uitgeversmaatschappij Tabula, 1983.

Richard F. Kuisel, Seducing the French: The Dilemma of Americanization. Berkeley, University of California Press, 1993.

Richard F. Kuisel, Le miroir américain. 50 ans de regard français sur l'Amérique. Paris, J.-C. Lattès, 1993.

Richard F. Kuisel, The French Way: How France Embraced and Rejected American Values and Power. Princeton NJ, Princeton University Press, 2012.

Denis Lacorne, Paris, Fayard, 2019.

Denis Lacorne, Jacques Rupnik, Marie-France Toinet (Sous la direction de), L'Amérique dans les têtes. Un siècle de fascinations et d'adversions. Paris, Hachette, 1991.

Bernard Lebrun and Michel Lefebvre, Robert Capa. The Paris Years 1933-1954. New York, NY, Abrams, 2012.

Dominique LeBrun, Paris-Hollywood. Les français et le cinéma américain. Paris, Hazan, 1987.

Alice Lecesse (Edited and with an introduction by), France in Mind: An Anthology. New York, Vintage Books, 2003.

Dominique Lemarchal, Claire Davison-P Gon (Editors), Ford Madox Ford, France and Provence. Rodopi, UK edition, 2011.

Harvey Levenstein, Seductive Journey. American Tourists in France from Jefferson to the Jazz Age. Chicago, The University of Chicago Press, 1998.

Harvey Levenstein, We'll Always Have Paris: American Tourists in France since 1930. Chicago, University of Chicago Press, 2010.

Bernard-Henry Lévy, American Vertigo. Traveling America in the Footsteps of Tocqueville. New York, Random House, 2006.

Annette Lévy-Willard, Chroniques de Los Angeles. Paris, Grasset, 2003.

Stephen Longstreet, We all went to Paris: Americans in the City of Light. New York, Macmillan, 1972.

Claude-Anne Lopez, Mon Cher Papa. Franklin and the Ladies of Paris. New Haven and London, Yale University Press, 1990.

Kenneth S. Lynn, Hemingway. London, Simon and Schuster Inc., 1987.

Alain Mabanckou, Rumeurs d'Amérique. Paris, Plon, 2020.

Brian MacKenzie, Remaking France: Americanization, Public Diplomacy and the Marshall Plan. New York, Berghan Books, 2005.

Jean-Philippe Mathy, Extreme-Occident: French Intellectuals and America. Chicago, University of Chicago Press, 1993.

René Maurice, Des Américains à Paris, de Benjamin Franklin à Ernest Hemingway. Paris, Editions de Sextant, 2004.

André Maurois, L'Amérique inattendue. Paris, Editions Mornay, 1931.

André Maurois, En Amérique. Paris, Flammarion, 1933.

André Maurois, Etudes Américaines 1. New York, Editions de la Maison Française, Inc., 1945.

Le Monde, Dossiers et Documents, L'influence culturelle américaine en France. Paris, Le Monde, mai 1981.

Anne Monier, Nos chers 'Amis américains". Une enquête sur la philanthropie transnationale. Paris, Presses Universitaires de France, 2019.

Frédéric Monneyron et Martine Xiberras (Eds.), La France dans le regards des Etats-Unies / France as seen by the United States. Perpignan, Presses Universitaires de Perpignan, 2006.

Edgar Morin, Journal de Californie. Paris, Seuil, 1983.

Honoria Murphy Donnelly, Sara and Gerald. New York, Holt, Rinehart and Wilson, 1984.

Le Nouvel Observateur, Culture: faut-il brûler les Américains?. Paris, 7 août 1982.

Michael Nelson, Americans and the Making of the Riviera. McFarland & Co, 2008.

Elliot Paul, The Last Time I Saw Paris. New York, Random House, 1942.

Richard Pells, Not Like Us: How Europeans Have Loved, Hated and Transformed American Culture since World War Two. New York, Basic Books, 1998.

Jacques Portes, Une Fascination réticente: les Etats-Unis dans l'opinion française. Nancy, Presses universitaires de Nancy, 1990.

Jean-François Revel, Ni Marx Ni Jésus. La nouvelle révolution mondiale est commencée aus Etats-Unies. Paris, Robert Laffont, 1970.

Jean-François Revel, L'obsession anti-américaine. Son fonctionnement, ses causes, ses inconséquences. Paris, Plon, 2002.

Philippe Roger, L’ennemi américain: généalogie de l’antiaméricanisme francais. Paris, Seuil, 2002.

Thomas Saintourens, « La France devient les États-Unis sans même vouloir les copier ». Usbek & Rica 03/12/2018.
Via: https://usbeketrica.com/article/la-france-devient-les-etats-unis-sans-vouloir-les-copier

Gilbert Salachas, Le Paris d'Hollywood. Sur un air de réalité. Paris, Caisse Nationale des Monuments Historiques et des Sites, 1994.

Steven Sampson, L'écrivain américain à Paris: touriste ou prophète. In: L'Infini, no. 130, pp. 71-81, Hiver 2015.

Christopher Sawyer-Lauçanno, The Continual Pilgrimage: American Writers in Paris, 1944-1960. San Francisco, City Lights, 1992.

Vanessa R. Schwartz, It's So French! Hollywood, Paris, and the Making of Cosmopolitan Film Culture. Chicago & London, The University of Chicago Press, 2007.

Alain Servel, Frenchie Goes to Hollywood: La France et les français dans le cinéma américaine de 1029 à nos jours. Paris, Henri Veyrier, 1987.

André Siegfried, Les Etats-Unis d'aujourd'hui. Paris, Armand Colin, 1927.

Géraldine Smith, Vu en Amérique - Bientôt en France. Paris, Stock, 2018

André Tardieu, Devant l'obstacle, l'Amérique et nous. Paris, Emile-Paul frères, 1927.

Calvin Tomkins, Living well is the best revenge. New York, Signet - New American Library, 1962 (1972).

United States military authorities, 112 Gripes about the Frech. ( The 1945 Handbook for American GIs in Occupied France.) Fontenay-aux-Roses (Seine), Imprimerie Bellenand, 1945. (Ré-éd. The Bodleian Librairy, 2013. / Ré-éd. aussi sous le tître erroné: 'Nos amis les Français. Guide pratique à 'usage des GI's en France 1944-1945'. Paris, Le cherche midi, 2003.)

Pierre Verdager, Hollwood's Frenchness: Representations of the French in American Films. In: Contemporary French and Francophone Studies 8, N. 4, 441-451, 2004.

Dominique de Villepin, Discours devant le Conseil de Sécurité des Nations Unies lors de la crise irakenienne. New York NY, 14 fevrier 2003.
Via: https://www.youtube.com/watch?v=RNxU-tN8qNc

Irwin Wall, The United States and the Making of Postwar France, 1945-1954. New York, Cambridge University Press, 1991.

Edith Wharton, A Motor-Flight Through France (1908). Northern Illinois Press, 1991.

Edith Wharton, French Ways and Their Meaning (1919). Repr. Woodstock, VT, Countryman Press, 1997.
Edith Wharton (Jean Pavans pour la traduction), Les Moeurs françaises et comment les comprendre. Paris, Payot, 2003.

Edith Wharton, A Backward Glance: An Autobiography (1934). Repr., London, 1993.

André Wilmots, Le défi français ou la France vue par l'Amérique. 1991.

Brenda Wineapple, Genêt. A biography of Janet Flanner. New York, Ticknor & Fields, 1989.

Michel Winock, L'anti-américanisme français. In: L'Histoire, novembre 1982, p. 7-20.

Robert Young, Marketing Marianne: French Propaganda in America, 1900-1940. New Brunswick, NJ, Rutgers University Press, 2004.

----------

BRITS-FRANSE RELATIES:


Andrée Bachemont, Cannes et les Anglais, 1835-1930. S. d..
Via: https://www.departement06.fr/documents/Import/decouvrir-les-am/recherchesregionales197-08.pdf.

Jacques Barou et Patrick Prado, Les anglais dans nos campagnes. Paris, Editions L’Harmattan, 1995.

Charles Bergeron, Le Chemin de fer sous-marin entre la France et l'Angleterre. Paris, 1873.

J. Black, The British Abroad. The Grand Tour in the Eighteenth Century. Stroud, History Press, 2003.

Laurent Bonnaud, Le tunnel sous la Manche: Deux siècles de passions. Paris, Hachette, 1994.

André Cane, Anglais et Russes à Villefranche-sur-Mer, Beaulieu-sur-Mer, St-Jean Cap-Ferrat. 1988.

Richard Z. Chesnoff, The Arrogance of the French? Why They Can't Stand Us - and Why the Feeling is Mutual. London etc., Sentinel, published by the Penguin Group, 2006.

Stepan Clarke, Talk to the Snail. Ten Commandments for Understanding the French. London, etc., Bantam Press, 2006.

Lyne Cohen-Solal et Bernard Sasso, Histoire du tunnel sous la Manche. Lieu commun, 1994.

James Corbett, Through French Windows. An Introduction to France in the Nineties. Ann Arbor, The University of Michigan Press, 1994.

Marco Daane, Noorderlingen in Nice. Tobias Smollett, een schrijver en zijn gevolg. In: Dirk Leyman (Samenstelling), Nice, muze van Azuur. Het Oog in 't Zeil Stedenreeks 11, pp. 32-50. Amsterdam, Uitgeverij Bas Lubberhuizen, Maart 2004.

Edmond Demolins, A quoi tient la supériorité des Anglo-Saxons. Paris, Librairie de Paris - Firmin-Didot et Cie;, Editeurs, 1897.

Colin Dyer, La France revisitée. Sur les traces d'Arthur Young. 1789-1989. Paris, Denoël, 1989.

Jonathan Fenby, On the Brink (The Trouble With France). London, Little, Brown and Company, 1998.

Paul Gerbod, Voyages au pays des mangeurs de grenouilles. La France vue par les Britanniques du XVIIIe siècle à nos jours. Paris, Albin Michel, 1991.

Ambrose Greenway, A Century of Cross-Channel Passenger Ferries. London, Ian Allan Ltd., 1981.

Jean Guiffan, Histoire de l'anglophobie en France: De Jeanne d'Arc à la vache folle. Rennes, 2004.

Cor Hermans, Een Engelsman in Frankrijk. Een andere geschiedenis van John Stuart Mill. Amsterdam, Boom, 2008.

Eugène Joliat, Smollett et la France. Paris, Librairie Ancienne Honoré Champion, 1935.

Christophe Leribault, Les Anglais à Paris au 19e siècle. Paris, Paris Musées, 1994.

John Locke, Carnet de voyage à Montpellier et dans le sud de la France 1676-1679. Nouvelles Presses du Languedoc, 2006.

J. Lough, France Observed in the Seventeenth Century by British Travellers. Boston, 1985.

François Malye et Kathryn Hadley, Dans le secret des archives britanniques: L'Histoire de France vue par les Anglais 1940-1981. 2012.

François Malye, De Gaulle vu par les anglais. Paris, Callmann-Lévy, 2015.

Sylvaine Marandon, L'image de la France dans la conscience anglaise. Paris, Armand Collin, 1967.

Peter Mayle, My Twenty-Five Years In Provence - Reflections on Then and Now. Random House USA Inc., 2019.

G. Mingay, Arthur Young and his Times. Macmillan, 1975.

Richard Mullen & James Munson, The Smell of the Continent: The British Discover Europe. London, Pan, 2009.

C. A. Pequignot, Chunnel. Everyman's guide to the technicalities of building a Channel tunnel. London, CR Books Ltd;, 1965.

J.J. Peereboom, Wolkeloos welvaren in de Villa Mauresque. Somerset Maugham als gastheer op Cap Ferrat. In: Dirk Leyman (Samenstelling), Nice, muze van Azuur. Het Oog in 't Zeil Stedenreeks 11, pp. 226-236. Amsterdam, Uitgeverij Bas Lubberhuizen, Maart 2004.

Isabelle Pintus, L'aristocratie anglaise à Nice à la Belle Epoque. Nice, 2000.

Eric Raspoet, Nice ondergronds. Graham Green en de Médecin-dynastie. In: Dirk Leyman (Samenstelling), Nice, muze van Azuur. Het Oog in 't Zeil Stedenreeks 11, pp. 259-276. Amsterdam, Uitgeverij Bas Lubberhuizen, Maart 2004.

Tobias George Smollett, Travels through France and Italy, Containing Observations on Character, Customs, Religion, Government, Police, Commerce, Arts and Antiquities. With a particular Description of the Town, Territory and Climate of Nice, to which is added a Register of the Weather, kept during a residence of Eighteen Months in that City. 2 volumes. London, R. Baldwin, 1766.

Peter Thorold, The British in France: Visitors and Residents since the Revolution. Bloomsbury Academic, 2008.

Henriette Walter, Honni soit qui mal y pense. L'incroyable histoire d'amour entre le français et l'anglais. Paris, Lafont, 2001.

Arthurs Young, Travels, During The Years 1787, 1788, and 1789. Undertaken More Particularly with a View of Ascertaining the Cultivation, Wealth, Resources, and National Prosperity of the Kingdom of France. Bury St. Edmund's: Printed by J. Rackham. 1792-94. 2 Vols.

Patrick Young, Enacting Brittanny. Tourism and Culture in Provincial France, 1871-1939. Farnham, Ashgate Publishing Ltd., 2012.

----------

DUITS-FRANSE RELATIES:


Jörg Aufenauger. Heinrich Heine in Paris. Munchen, Deutscher Taschenbuch Verlag, 2005.

Walter Benjamin, Charles Baudelaire, Tableaux Parisiens. Deutsche Übertragung mit einem Vorwort über die Aufgabe des Übersetzers, édition bilingue français-allemand. Heidelberg, Verlag von Richard Weißbach, 1923

Walter Benjamin, Paris, capitale du XIXe siècle. Le livre des passages [1924-1939], Paris, éd. du Cerf, 1997.

Walter Benjamin, The Arcades Project. Cambridge, MA, Belknap Press / Harvard University Press, 1999.

Albrecht Betz, Exil und Engagement. Deutsche Literatur im Frankreich der Dreisßiger Jahre. Munden, Edition Text + Kritik , 1986.

Michel Espagne, Michael Werner (Hgg.), Transferts. Les relations interculturelles dans l'espace franco-allemand, (XVIIe - XIXe siècle). Paris, 1988.

Ruth Florack, Tiefsinnige Deutsche, frivole Französen: nationale Stereotype in deutscher und französischer Literatur. Stuttgart, Weimar, 2001.

Manfred Flügge (Red.), Letzte Heimkehr nach Paris: Franz Hessel und die Seinen im Exil. Berlin, Arsenal, 1989.

Manfred Flügge, Das flüchtige Paradies: Deutsche Schriftsteller im Exil an der Côte d'Azur. 2008. Aufbau Taschenbuch Verlag, 2019.
Manfred Flügge, Exil en paradis: Artistes et écrivains sur la Riviera (1933-1945). Editions du Félin, 1999.

Ernst Ulrich Grosse und Heinz-Helmut Lüger, Frankreich verstehen. Eine Einführung met Vergleichen zu Deutschland. Darmstadt, Primus Verlag, 2008.

Klaus Grosse Kracht, Zwischen Berlin Und Paris: Bernhard Groethuysen 1880-1946 - Eine Intellektuelle Biographie. Tübingen, Niemeyer, 2002,

Thomas Grosser, Reiseziel Frankreich. Deutsche Reiseliteratur vom Barock bis zur Französischen Revolution. Opladen, Westdeutsche Verlag Gmbh, 1989.

Heinrich Heine, Französche Zustände.(1833). Leipzig, Amazon Distribution GmbH, 2014.

Wilhelm von Humboldt, Journal Parisien [1796-1799). Traduit de l'allemand par Elisabeth Beyer. Arles, Solin Actes Sud, 2001.

Gerhard R. Kaiser und Erika Tunner (Herausgeber), Paris ? Paris !, Bilder der franzosischen Metropole in der nicht-fiktionalen deutschsprachigen Prosa zwischen Hermann Bahr und Joseph Roth. Heidelberg, Universitatsverlag C. Winter, 2002.

Klara Kautz, Das deutsche Frankreichbild in der ersten Hälfte des 19. Jahrhunderts. Nach Reisebeschreibungen, Tagebüchern und Briefen. Köln, 1957.

Herbert Lüthy, Frankreichs Uhren gehen anders. Zürich-Stuttgart-Wien, Europa Verlag, 1954.

Roland Krug von Nidda (Nederlandse bewerking door M. Vierhout), Marianne 39. Den Haag, N.V. Uitgevers-Maatschappij "Oceanus", 1943.

Emma von Niendorf, Aus dem heutigen Paris. Stuttgart, 1854.

Paris-Berlin, 1900-1933: Rapports et contrastes France-Allemagne, 1900-1933. Paris, Centre national d'art et de culture Georges Pompidou, 1978.

Laurence Quinio, Améliorer la promotion de la France auprès des touristes allemands. Université Européenne, 2018.

Rainer Maria Rilke (Textes et poèmes inédits par), Rilke et la France. Paris, Plon, 1943.

Julius Rodenberg, Paris bei Sonnenschein und Lampenlicht. Ein Skizenbuch zur Weltausstellung. Leipzig, F.U. Brodhaus, 1867.

Joseph Roth, Im Bistro nach Mitternacht. Ein Frankreich-Lesebuch herausgegeben von Katharina Ochse. Köln, Verlag Kiepenheuer & Witsch, 1999.

Joseph Roth (HerausgeberJan Bürger), Pariser Nächte: Feuilletons und Briefe. C.H.Beck, 2018.

Mark Schaevers, De schrijftafel als Heimat. Nice en het Duitse Exil. In: Dirk Leyman (Samenstelling), Nice, muze van Azuur. Het Oog in 't Zeil Stedenreeks 11, pp. 206-225. Amsterdam, Uitgeverij Bas Lubberhuizen, Maart 2004.

Maria Schweiger, Paris in Erlebnis der deutschen Dichter von Herder bis Rainer Maria Rilke. Masch. Diss. München, 1943.

Friedrich Sieburg, Gott in Frankreich. Ein Versuch. Frankfurt, Societäts-Verlag, 1929 (bis 1993 75-zig Auflagen).

Margot Taureck, Friedrich Sieburg in Frankreich. Seine literarisch-publizistischen Stellungnahmen zwischen den Weltkriegen in Vergleich mit Positionen Ernst Jüngers. Heidelberg, Winter, 1987.

Georg Tröscher, Deutsche Künstler in Paris im Wandel der Jahrhunderte. Bonn, 1941.

Marc Walter, Legendäre Reisen in Frankreich. München, GEO Saison und Frederking & Thaler, 2003.

Ulrich Wickert, Frankreich: Die wunderbare Illusion. Hamburg, Hoffmann und Campe, 1989.

Ulrich Wickert, Und Gott schuf Paris. Hamburg, Hoffmann und Campe, 1993.

Ulrich Wickert, Frankreich muss man lieben, um es zu verstehen. Hamburg, Hoffmann und Campe, 2017.

----------

RUSSISCH-FRANSE RELATIES:


Roger-Louis Blanchini, L'invasion des nouveaux tsars. L'Expansion - L'Express. 02/05/2002.
Via: https://lexpansion.lexpress.fr/actualite-economique/l-invasion-des-nouveaux-tsars_458360.html

Cyrille Boulay, La France des Romanov. Paris, Perrin, 2010.

André Cane, Anglais et Russes à Villefranche-sur-Mer, Beaulieu-sur-Mer, St-Jean Cap-Ferrat. 1988.

Alexandre Jevakhoff, Le Roman des Russes à Paris. Editions du Rocher, 2014.

Edouard Labrune, Natacha Degauque Belousova, Les Russes à Biarritz et sur la Côte basque. Editions Pimientos, 2018.

Ellis Leroy, Les Russes sur la Côte d"Azur: La colonie russe dans les Alpes-Maritmes des origines à 1939. Nice, Editions Serre, 1988.

Vera Miltchina; Aleksandr L'vovich Ospovat, et al, Les Russes decouvrent la France au XVIIIe et au XIXe siècle. Paris, Ed. Librairie du Globe / Moscou, Ed. du Progres, 1990.

Brigitte de Montclos, Les Russes à Paris au XIXe siècle: 1814-1896. Paris, Association Paris-Musées, 1998.

Andrea Mrena, Histoire de la colonie russe sur la Côte d'Azur. CreateSpace Independent Publishing Platform, 2017.

----------

RELEVANTE SOCIOLOGISCHE, POLITICOLOGISCHE EN POLITIEK-ECONOMISCHE ASPEKTEN:


Miguel Abensour, L'utopie de Thomas More à Walter Benjamin. Paris, Sens & Tonka éditeurs, 2000.

Hans Achterhuis, Koning van Utopia. Nieuw licht op het utopisch denken. Rotterdam, Uitgeverij Lemniscaat B.V., 2016.

Theodor W. Adorno, Studien zum autoritären Charakter. (1950). Frankfurt am Main, Suhrkamp Verlag, 11 ed., 1995.

Theodor W. Adorno, Aspekte des neuen Rechtsradikalismus: Ein Vortrag. (1967). Frankfurt am Main, Suhrkamp Verlag, 5 ed., 2019.

Theodor W. Adorno, Einleitung in die Soziologie.(1968) Frankfurt am Main, Suhrkamp Verlag, 4.Auflage, 2015.

Theodor W. Adorno - Walter Benjamin (Herausgegeben von Henri Lonitz), Briefwechsel 1928-1940. Frankfurt am Main, Suhrkamp Verlag, 1994.

Perry Anderson, The Heirs of Gramsci. In: New Left Review, 100, pp. 71-97, July/August, 2016.

Andreas Anter, Theorien der Macht zur Einführung. Hamburg, Junius Verlag GmbH., 2018.

Hannah Arendt, The Origins of Totalitarism. New York, Harcourt, Brace & Co., 1951.

Hanah Arendt, The Human Condition. Chicago, The University of Chicago Press, 1958.

Diederik Baazil, Hoe nu verder? Robert Skidelsky. ‘De ethiek moet terug in de economie’. In: De Groene Amsterdammer, 14 september 2020, nr. 38.
Via: https://www.groene.nl/artikel/de-ethiek-moet-terug-in-de-economie?utm_source=De+Groene+Amsterdammer&utm_campaign=cf80e566fb-Dagelijks-2020-09-18&utm_medium=email&utm_term=0_853cea572a-cf80e566fb-70676005

J. Baudrillard, La société de consommation. Paris, Denoel, 1970.

Zygmunt Bauman, Liquid Society. Cambridge, Polity Press, 2000.

Zygmunt Bauman and Keith Tester, Conversations with Zygmunt Bauman. Cambridge, Polity Press, 2001.

Zygmunt Bauman, The Individualized Society. Cambridge, Polity Press, 2001.

Zygmunt Bauman, Thomas Leoncini, Born Liquid. Polity Press, 2018.

Ulrich Beck, Risikogesellschaft. Auf dem Weg in eine andere Moderne. Frankfurt am Main, Suhrkamp, 1986.

Ulrich Beck, Die Neuvermessung der Ungleichheit unter den Menschen: Soziologische Aufklärung im 21. Jahrhundert. Frankfurt am Main, Suhrkamp, 2008.

Frédéric Beigbeder, Un roman français. Paris, Grasset, 2009.

T. B. Bottomore, Elites and Society. London, C. A. Watts & Co Ltd., 1964.

Hervé Le Bras, Se sentir mal dans une France qui va bien. La société paradoxale. Editions de l'Aube, 2019.

Momme Brodersen, Walter Benjamin. Leben, Werk, Wirkung. Frankfurt am Main, Suhrkamp Verlag, 2005.

Rodolphe Christin, L'horreur managériale (sous le pseudonyme d'Etienne Rodin). Montreuil, L'echappée, 2011.

Robert H. Frank, Sucess and luck. Good Fortune and the Mythe of Meritocracy. Princeton and Oxford, Princeton University Press, 2016.

Thomas Frank, The Conquest of Cool: Business Culture, Counterculture, and the Rise of Hip Consumerism. Chicago, University of Chicago Press, 1997.

Thomas Frank, Listen, Liberal. What ever happened to the party of the people? New York, Metropolitan Books, Henry Holt and Company, LLC, 2016.

Adrian Franklin, The tourist syndrome. An interview with Zygmunt Bauman. In: Tourist Studies, Vol. 3(2), 205-217, 2003. London, Thousands Oaks and New Delhi, SAGE PUblications. Via: http://red.pucp.edu.pe/wp-content/uploads/biblioteca/Zygmunt_Bauman_The_Tourist_Syndrome.pdf

Jordan Hall, Generation Omega. In: Medium, Feb 14, 2018.
Via: https://medium.com/@jordangreenhall/generation-omega-6eaf1a0a0ac4

Martin Halliwell and Catherine Morley (Edited by), American Thought and Culture in the 21st Century. Edinburgh University Press, 2008.

J. Huizinga, In de schaduw van morgen. Een diagnose van het geestelijk lijden van onzen tijd. Haarlem, H.D. Tjeenk Willink & Zoon N.V., 1935.

Christopher Lasch, The Culture of Narcissism: American Life in an Age of Diminishing Expectations. New York, Norton, 1979.

Christopher Lasch, The Revolt of the Elites: And the Betrayal of Democracy. W.W. Norton & Co, 1994.
Christopher Lasch, La Revolte des Elites et la Trahison de la Democratie. Climats, 1996.

Christopher Lasch, The True & Only Heaven – Progress & it's Critics. (1991). W. W. Norton & Company, reprint 2013.

Christopher Lasch (Précédée de Pour en finir avec le XXIe sièclede Jean-Claude Michéa), La culture du narcissisme: La vie américaine à un âge de déclin des espérances. Paris, Flammarion, 2018.

Seymour Martin Lipset, American Exceptionalism. A Double-Edged Sword. New York, W. W. Norton & Company, 1997.

Henri Lonits (Herausgeber), Theodor W. Adorno Walter Benjamin. Briefwechsel 1928-1940. Frankfurt am Main, Suhrkamp Verlag, 1994.

Herbert Marcuse, One Dimensional Man. The Ideology of Advanced Industrial Society. London, Routledge and Kegan Paul, 1964.

John Harmon McElroy, American Beliefs: What Keeps a Big Country and a Diverse People United. Ivan R Dee, 2000.

Ralph Miliband, The State in Capitalist Society. The analysis of the Western system of Power. Lomdon, Quartet Books Limited, 1974.

Janine Mossuz-Lavau, Le Clivage droite gauche. Toute une histoire. Paris, Presses de Sciences Po, 'Nouveaux Débats', 2020.

Daniel Ollivier, Catherine Tanguy, Générations Y & Z: Le grand défi intergénérationnel. De Boeck Université, 2017.

Daniel Oppenheimer, Exit Right. The People Who Left the Left and Reshaped the American Century. Simon & Schuster, 2016.

José Ortega Y Gasset, De opstand der horden. 's-Gravenhage, H. P. Leopolds Uitgeversmij N.V., 1933.

Vivek Pandit, We Are Generation Z: How Identity, Attitudes, and Perspectives Are Shaping Our Future. Brown Books Publishing Group, 2015.

Thomas Philippon, The Great Reversal. How America Gave Up on Free Markets. Cambridge, Masssachusets - London, England, The Belknap Press of Harvard University Press, 2019.

Maximilian Probst, Huhu, hört ihr mich? In: Die Zeit, 14 September 2017, Seite 79.

David Riesman, Nathan Glazer, Reuel Denney, The Lonely Crowd.(1950) Revised edition: A Study of the Changing American Character. New Haven, Yale University Press, 2nd edition, 2001.

Michael J. Sandel, Justice. What's the right thing to do? New York, Farrar, Straus and Giroux, 2009.

Michael J. Sandel, The Tyranny of Merit. What's become of the common good? New York, Farrar, Straus and Giroux, 2020.

E.F. Schumacher, Small is Beautiful. A Study of Economics as if People Matterded. London, Blond & Briggs Ltd., 1973.

Joseph Schumpeter, Capitalism, Socialism and Democracy. London, Allen & Unvin, 1942.

Robert Skidelsky & Edward Skidelsky, How Much is Enough? Money and the Good Life. Penguin Books, 2013.

Jean-Pierre Terrail, Destins ouvriers. La fin d'une classe? Paris, Presses Universitaires de France, 1990.

Jean-Pierre Terrail, La dynamique des générations. Activité individuelle et changement social 1968-1993. Paris, Editions L'Harmattan, 2000.

S. Turkle, Alone Together. Why We Expect More from Technology and Less from Each Other. New York, Basic Books, 2011.

Pierre Veltz, La Société hyper-industrielle - Le nouveau capitalisme productif. Paris, Seuil, 2017.

C. Wright Mills, The Power Elite. London, Osford, etc., Oxford University Press, 1956.

----------

MACHT, MASSAPSYCHOLOGIE, MASSAMANIPULATIE, COM'POL EN MARKETING:


Paul Adal, Le mystère des foules. 1895.

George A. Akerlof and Robert J. Shiller, Phishing for Fools. The Economics of Manipulation & Deception. Princeton NJ, Princeton University Press, 2015.

George Akerlof et Robert Shiller, Marchés des dupes; L'économie du mensonge et de la manipulation. Paris, Odile Jacob, 2015.

Daniel Arasse, La Guillotine et l'imaginaire de la Terreur. Paris, Flammarion, 1987.

Hannah Arendt, Eichmann in Jerusalem. A report on the banalility of evil. New York, The Viking Press, 1963.

Hannah Arendt, The Origins of Totalitarianism (1951). New York, Harcourt Brace Jovanovich Inc., New edition with added prefaces, 1973.

Johann P. Arnason, David Roberts (Eds.): Elias Canetti’s Counter-Image of Society: Crowds, Power, Transformation. New York, Camden House, 2004.

Sabine Arnaud, L'Invention de l'hystérie au Temps de Lumières (1670-1820). Paris, EHESS, 2014.

Kurt Baschwitz, Denkende mens en menigte. Bijdrage tot een exacte massapsychologie. 's-Gravenhage, H. P. Leopolds Uitgevers-Mij N.V., 1951.

Balthazar Bekker, S.T.D., De Betooverde Wereld zijnde een Grondig Onderzoek van 't gemeen gevoelen aangaande de GEESTEN , derselver Aart en Vermogen, Bewind en Bedrijf: als ook 't gene de Mneschen door derself verkragt en gemeenschapsdoen. In vier boeken ondernomen.'t Amsterdam By Daniel van den Dalen, Boekverkoper op 't Rochin / bezijden de Beurs, 1691.

Y. Bekkouche and J. Cagé, The price of a vote: Evidence from France 1993-2014. CEPR Discussion Paper No. 12614, Centre for Economic Policy Research? London, February, 2018.

Marie Bénilde, On achète bien les cerveaux. La publicité et les médias. Paris, Liber / Raison d'agir, 2008.

Walter Benjamin, Kapitalismus als Religion (1921). In: Suhrkamp Taschenbuch 936. Frankfurt am Main, Suhrkamp Verlag, 1991.
Via: https://www.academia.edu/6949823/Benjamin_Kapitalismus_als_Religion?email_work_card=view-paper

Walter Benjamin, The Work of Art in the Age of Its Technological Reproductability (1935), and Other Writings on Media. Harvard University Press, 2008.

Yves-Marie Bercé, Esprits et démons: Histoire des phénomènes d'hystérie collective. Paris, La Librairie Vuibert, 2018.

Edward Bernays. Propaganda. Comment manipuler l'opinion en démocratie. Zones, 2007.

Bruno Bettelheim, Aufstand gegen die Masse. Die Chance des Individuums in der moderne Gesellschaft. München, Kindler, 1980.

Cédric Biagini, Patrick Marcolini (Dirigé par), Divertir pour dominer 2: La culture de masse toujours contre les peuples. L'Échappée, 2019.

Lia Blackman and Valerie Walkerdine, Mass Hysteria: Critical Psychology and Media Studies. Palgrave Macmillan, 2001.

Gerardus Blokdyk, Event-driven architecture. CreateSpace Independent Publishing Platform, 2018.

Etienne de La Boétie, Discours de la servitude volontaire. (1549 >> éd. 1574). Paris, Gallimard, 2017.

Elizabeth Bosch, De edele wilde in postmoderne tijd. De vreemdeling in drie moderne Franse romans. In: W.L. Widema, P.H. Schrijvers, P.J. Smith (onder redactie van), Het beeld van de vreemdeling in westerse en niet westerse literatuur. Baarn, Ambo, 1990.

Antoine Boulant, Le tribunal révolutionnaire. Punir les ennemis du peuple. Paris, Perrin, 2018.

Steward Brand, The Media Lab: Inventing the Future at M.I.T.. Viking Adult, 1987.

Steward Brand, 'We Owe It All to the Hippies'. Time 145, special issue, Spring 1995.

A. Bryman, The Disneysation os Society. Sage, 2004.

Gustave Le Bon, Psychologie des foules. Essai. (1895) Wroclaw, Amazon Fulfillment, Reprint, 201?.

Gustave Le Bon, La Révolution française et la psychologie des révolutions. Essai (1912) Wroclaw, Amazon Fulfillment, Reprint, 201?.

Pierre Bourdieu, Die verborgenen Mechanismen der Macht. Schriften zur Politik & Kultur 1. Hamburg, VSA Verlag (1992), 2019.

Christophe Bourseiller (Préface inédite de l'auteur), Vie et mort de Guy Debord. Paris, Plon, 2016.

François Brune, Le Bonheur conforme: essai sur la normalisation publicitaire. Paris, Gallimard, 1985.

Edgar Cabanas et Eva Illouz, Happycratie. Comment l’industrie du bonheur a pris le contrôle de nos vies. Paris, Premier Parallèle, 2018.
Edgar Cabenas et Eva Illouz, Manufacturing Happy Citizens: How the Science and Industry of Happiness Control Our Lives. Cambridge UK, Polity, 2019.

Elias Canetti, Masse und Macht. Hamburg, Claassen, 1960.

J.P. Chaplin, Rumor, Fear and the Madness of Crowds. Ballantine, 1959.

Marie-Emmanuelle Chessel, La Publicité: naissance d'une profession (1900-1940). Paris, CNRS Publications, 1998.

Felix Cheung, The Theory of Hype: Marketing in the Modern World. 2018.

C. Chevrel, B. Cornet, L'histoire de France racontée par la publicité. Paris, Paris Bibliothèque, 2013.

Noam Chomsky & Edward S. Herman, Manufacturing Consent. The Political Economy of the Mass Media. New York, Random House, 2002.

Franck Cochoy, Une histoire du marketing: discipliner l'économie de marché. Paris La Découverte, 1999.

E. Cohen, Mass Surveillance and State Control. The Total Information Awareness Project. Palgrave Macmillan, 2010.

Alain Corbin, Terra Incognita. Une histoire de l'ignorance, XVIIIe-XIXe Siècle. Paris, Albin Michel, 2020.

Hervé Coulouarn, La France vue d'ailleurs: Histoire des stéréotypes. Rennes, Presses universitaires de Rennes, 2016.

Michel Crépu, L'admiration. Contre l'idolâtrie. Autrement, 2017.

Michel Crozier et Erhard Friedberg, L'acteur et le système: Les contraintes de l'action collective. Paris, Seuil, 1992.

Iris Därmann, Kulturtheorien zur Einführung. Hamburg, Junius, 2016.

Léonard Dauphant, Géographies: Ce qu'ils savaient de la France (1100-1600). Ceyzérieu, Champ Vallon, 2018.

Guy Debord, La société du spectacle (1967). Paris, Editions Champ Libre, 1971.

Guy Debord, Comments on the Society of the Spectacle Later. Verso, 1990.

Guy Debord, La planète malade. Paris, Gallimard, 2004.

Guy Debord, Œuvres (Sous la direction de Jean-Louis Rançon), Paris, Gallimard, 2006.

Guy Debord, Commentaires sur la société du spectacle (1988) / Préface à la quatrième édition italienne de "La Société du Spectacle" (1979). Paris, Gallimard Folio, 2018.

Eric Delbecque, Idéologie sécuritaire et société de surveillance. Le storytelling du XXIe siècle. Paris, Vuibert, 2015.

Christian Delporte, La France dans les yeux. Une histoire de la communication politique de 1930 à aujourd'hui. Paris, Flammarion, 2007.

Alain Deneault, La médiocratie. Montréal, Lux Editeur, 2015.

Didier Eribon, Retours à Reims. (2009). Paris, Flammarion, - Champs essais, (Précedé d'un entretien avec Edouard Louis), 2018.

Didier Eribon, La société comme verdict: Classes, identités, trajectoires.(2013). Paris, Flammarion - Champs essais, 2014.

G. Didi-Huberman, Ce que nous voyons, ce qui nous regarde. Paris, Editions de Minuit, 1992.

Emmanuel Faux, Thomas Legrand, Gilles Perez, Plumes de l'ombre. Les nègres des hommes politiques. Paris, Ramsay, 1991.

J.-M. Floch, Sous les signes les stratégies. Sémiotique, marketing et cummunication. Paris, Presses Universitaires de France, 1990.

Anatole France, Les dieux ont soif. (1912) Ré-édition, Préface, notes et annexes de Pierre Citti. Paris, Librairie Générale Française, 1989.

Shinichi Furuya, Masse, Macht und Medium: Elias Canetti gelesen mit Marshall McLuhan. [transcript] Lettre, 2017.

Jean-Yves Le Gallou, Michel Geoffroy et Polémia, Dictionnaire de novlangue. Via Romana Editions, 2015.

Aurore Gorius, Michaël Moreau, Les gourous de la com'. Trente ans de manipulations politique et économiques. Paris, La Découverte, 2012.

David Graeber (Propos recueilli par Christophe Alix et Anastasia Vécrin), La bureaucratie permet au capitalisme de s'enrichir sans fin. In: Libération, 17/18 Octobre 2015.

Patrice Gueniffey, La politique de la Terreur. Essai sur la violence révolutionnaire, 1789-1794. Paris, Fayard, 2000.

Pierre Emmanuel Guigo, Com & Politique: Les liaisons dangereuses? Editions Arkhê, 2017.

Pierre-Emmanuel Guigo et al., Communication politique. Pearson France, 2019.

Hazel Hahn, Street picturesque. Advertising in Paris 1830-1914. Berkeley, University of California Press, 1997.

Nicholas Halasz, Captain Dreyfus: The Story of a Mass Hysteria. New York, Simon & Schuster, 1955.

Stephen L. Harp, Marketing Michelin. Advertising & Cultural Identity in Twentieth-Century France. Baltimore & London, The John Hopkins University Press, 2001.

Chris Hedges, L'empire de l'illusion. La mort de la culture et le triomphe du spectacle. Montréal, Lux, coll. 'Futur proche', 2012.

Benoît Heilbrun, La marque. Paris, Presses Universitaire de France, 2007.

Adam Jaworski and Annette Pritchard, Discourse, communication, and tourism. Channel View Publications, 2005.

Dominique Kalifa, La culture de masse en France, 1860-1930. Paris, Editions La Découverte, 2001.

Ike Kamphof, Iedereen voyeur: Kijken en bekeken worden in de 21ste eeuw. Utrecht, Uitgeverij Klement, 2013.

Jean-Noël Kapferer, Rumeurs. Le plus vieux média du monde. Paris, Seuil, 1987.

Jean-Noël Kapferer, Les Chemins de la Persuasion. Le mode de l'influence des médias et de la publicité sur les comportements. Paris, Dunod Etreprise -Bordas, 1990.

Jean-Noël Kapferer, Ré-inventer les marques. La fin des marques telles que nous les connaissions ... . Paris, Groupe Eyrolles, 2013.

György Konràd, Identität und Hysterie. Frankfurt am Mein, Suhrkamp Verlag, 1995.

Theodoros Koutroubas et Marc Lits, Communication Politique et Lobbying. Éditions De Boeck; 2011.

Bernd A. Laska, Wilhelm Reich. (1981) Reinbeck bei Hamburg, Rowohlt Taschenbuch Verlag GmbH, 4.uberarbetete Auflage, 1993.

Marc Martin, Trois siècles de publicité en France. Paris, Editions Odile Jacob, 1992.

Abraham Maslow, "A Theory of Human Motivation": In: Psychological Review, 1943, Vol. 50 #4, pp. 370–396.

Marshall McLuhan, Understanding Media: The Extensions of Man. McGraw Hill, NY, 1964.

Marshall McLuhan with Quentin Fiore, The Medium Is the Massage. Co-ordinated by Jerome Agel. New York, Random House, 1967. Renewed 1996 by Jerome Agel. Penguin Books, 1996.

Alexander Mitscherlich, Massenpsychologie ohne Ressentiment. Suhrkamp Verlag, 1972.

Barrinton Moore Jr., Social Origins of Dictatorship and Democracy. (1966). Peregrine Books, 1977.

Michaël Moreau, Les plumes du pouvoir. Paris, Plon, 2020.

Serge Moscovici, L'âge des foules. Un traité historique de psychologie des masses. Paris, Fayard, 2005.

Dean De la Motte and Jeannene Przyblyski, Making the News: Modernity and the Mass Press in Nineteenth-Century France. Amherst, University of Massachusetts Press, 1999.

Offensive, Divertir Pour Dominer. La culture de masse contre les peuples. Montreuil, Editions l'Echappée, 2010.

Vance Packard, La persuassion clandestine. Paris, Calman-Lévy, 1958. (The hidden persuaders, 1957.)

Vance Packard, The Status Seekers. 1959. Pocket Cardinal, 20th THUS edition, 1967.

Vance Packard, De naakte maatschappij. Amsterdam, H.J. Paris, 1964. (The naked society, 1964.)

Rainer Paris, Der Willen des Einen ist das Tun des Anderen. Aufsätze zur Machttheorie. Weilerswilst, 2015.

Nathalie Pégé-Défendi, Une invitation au tourisme: l’affiche ferroviaire française, 1880-1936. Paris, thèse, Université de Paris I, 2001.
Via: https://journals.openedition.org/rhcf/1914

François Ploux, De bouche à l'oreille: naissance et propagation des rumeurs dans la France du XIXe siècle. Paris, Editions Aubier, 2003.

Thomas Porcher, Les délaissés: Comment transformer un bloc divisé en force majoritaire. Paris, Fayard, 2020.

Hugues Portelli, Gramsci et le bloc historique (1972). Paris, Presses universitaires de France (réédition numérique FeniXX).

Neil Postman, Amusing Ourselves to Death. London, Methuen London Ltd., 1987.

Neil Postman, Technopoly: The Surrender of Culture to Technology. New York, Vintage, 1992.

Wilhelm Reich, Massenpsychologie des Faschismus. Zur Sexualökonomie der politischen Reaktion und zur proletarischen Sexualpolitik. Kopenhagen - Prag - Zurich, Sexpol, 1933.

Loes Reijmer, De kunst van het verleiden op Instagram. In. 'de Volkskrant', 6 augustus 2019.
Via: https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/de-kunst-van-het-verleiden-op-instagram~bdd6ed5b/

Quinchy Riya, La communication politique en france des années 1960 à nos jours. Université Européenne, 2011.

Etienne Rodin, Produisez, consentez. Critique de l'idéologie managériale. Paris, Homnisphères, 2007.

Etienne Rodin, L'Horreur managériale: Gérer, instrumentaliser, détruire. Montreuil, Editions L'échapée, 2011.

Vanessa Rodrigues, Social Media and Tourisme Marketing. A Match Made in Digital Heaven. www.uhurunetwork.com, 2018.

M.-L. Rouquette, Les Rumeurs. Paris, PUF, 1975.

G. Rudé, The crowd in the French Revolution. Oxford, Oxford University Press, 1959.

Christian Salmon, Storytelling, la machine à fabriquer des histoires et à formater les esprits. Paris, La Découverte, 2008.

Leonard Schapiro, Totalitarianism. London, The Pall Mann Press, 1972.

Marie Schrader, Massentheoretische Modelle im Vergleich: Sichtweisen von Le Bon, Freud, Ortega y Gasset und Canetti. Grin Publishing, 2009.

Christian Schulte (Hg.), Walter Benjamins Medientheorie. UVK Verlagsgesellschaft, Konstanz 2005.

T. Selwyn (ed.), The Tourist Image. Myths and Myth Making in Tourism. Chichester, John Wiley & Sons, 1996.

Jacques Séguéla, Le futur de l'avenir. Paris, Editions Ramsay, 1996.

Jacques Séguéla, Le vertige des urnes. Paris, Flammarion, 2000.

Jacques Séguéla & Thierry Saussez, La prise de l'Elysée. Les campagnes présidentielles de la Ve République. Paris, Plon, 2007.

Jacques Séguéla, Le pouvoir dans le peau. Paris, Plon, 2011.

S. Sighele, La Foule criminelle. Essai de psychologie collective. Paris, Alcan, 1901.

Jean Stern, Les Patrons de la presse nationale: Tous mauvais. La Fabrique, 2012.

Gabriel Tarde, L'Opinion et la foule. Ed. D. Reynié, 1901.(Rééd., Paris, PUF, 1989.)

Nicolas Teterel, Les esclaves de l'anthropocène. Pétrodollars, interêts financiers, manipulationde masse. Gap, Yves Michel, 2020.

Joëlle Tolédano, GAFA. Reprenons le pouvoir! Paris, Odile Jacob, 2020.

Jia Tolentino, Trick Mirror: Reflections on Self-Delusion. Fourth Estate Ltd., 2019.

Udo Ulfkotte, Gekaufte Journalisten. Wie Politiker, Geheimdienste und Hochfinanz Deutschlands Massenmedien lenken. Kopp Verlag, 2014.

Philippe Viallon, La communication touristique, une triple invention. Éditions touristiques européennes, 2013.

Florence Vielcanet, La fabrique de présidents. Spin doctors: la gouvernance de l'ombre. Paris, Editions de La Martinière, 2011.

Jillian York, Silicon Values. The Future of Free Speech Under Surveillance Capitalism. Verso, 2021.

Eugen Weber, 'Of stereotypes and of the French'. In: Journal of Contemporary History, 25, 169–203. 1990.

----------

OVER HOE DE FRANSEN DENKEN, FRANSE INTELLECTUELEN, 'DE TOTALITAIRE VERLEIDING' EN FILOSOFIE:



*** OVER HOE DE FRANSEN DENKEN:

Sudhir Hazareesingh, How the French Think. An Affectionate Portrait of an Intellectuel People. London UK, Allen Lane, Penguin Random House UK, 2015.

Sudhir Hazareesingh, Ce pays qui aime les idées. Histoire d'une passion française. Paris, Flammarion, 2015.

John Lichtfield, 'How the French Think' by Sudhir Hazareesingh. Book review: The theoretical construct is all. In: The Independant, Thursday 25 June 2015.

*** OVER FRANSE INTELLECTUELEN:

Pierre Assouline, L'Epuration des intellectuels;, 1944-45. Bruxelles, 1985.

Pierre Assouline, Hotel Lutetia. Paris, Gallimard, 2006.

Pascal Boniface, Les Intellectuels faussaires: Le Triomphe médiatique des experts en mensonge. Paris, Jean-Claude Gawsewitch Editeur, 2011.

Jean Bothorel, Chers imposteurs. Paris, Fayard, 2008.

Sylvie Chaperon, Les Années Beauvoir (1945-1970). Paris, Fayard, 2000.

Ariane Chebel d'Appollonia, Histoire politique des intellectuels en France 1944-1954. Bruxelles, 1991.

Régis Debray, Le pouvoir intellectuel en France. Paris, Editions Ramsay, 1979.

François Dosse, La saga des intellectuels français, I. A l'épreuve de l'histoire (1944-1968). Paris, Gallimard, 2018.

François Dosse, La saga des intellectuels français, II. L'Avenir en miette (1968-1989). Paris, Gallimard, 2018.

Sonya Faure, Sudhir Hazareesingh: "Chez les intellectuels français émerge un néoconservatisme républicain, frileux et nombriliste". In: Libération, 28 août 2015 à 17:16.

Le Figaro Magazine, Comment la gauche a perdu les intellectuels. N° 22016 et 22017 des 22 et 23 mai 2015, pp. 36-48.

Ingrid Galster, Sartre, Vichy et les intellectuels. Paris, L'Harmattan, 2001.

Hervé Hamon et Patrick Rotman, Les Porteurs des valises. Paris, Stock, 1979.

Hervé Hamon et Patrick Rotman, Les Intellocrates. Expédition en haute intelligentsia. Paris, Edition Ramsay, 1981.

Sudhir Hazareesingh, From Left Bank to left behind: where have the great French thinkers gone? The Guardian, 13 June, 2015.
Via: https://www.theguardian.com/books/2015/jun/13/from-left-bank-to-left-behind-where-have-the-great-french-thinkers-gone

Bernard-Henry Lévy, Les Aventures de la Liberté. Une histoire subjective des intellectuels. Les aventures de la liberté. Paris, France Loisirs, 1991.

Abel Mestre et Lucie Soullier, Michel Onfray, nouvelle coqueluche des milieux d'extrême droite. In: Le Monde, 28 mai 2020.
Via: https://www.lemonde.fr/politique/article/2020/05/19/avec-sa-nouvelle-revue-michel-onfray-devient-la-coqueluche-de-l-extreme-droite_6040150_823448.html

Alain Minc, Une histoire politique des intellectuels. Paris, Grasset, 2010.

Le Nouvel Observateur (En couverture), Le Pouvoir intellectuel. N) 2376 du 20 au 26 mai, 2010, pp.16-33.

Louis Pinto, Le Café du commerce des penseurs. A propos de la doxa intellectuelle. Broissieux, Editions du Croquant, 2009.

Rémy Rieffel, La Tribu des Clercs. Les intellectuels sous la Ve République. Paris, Calman-Lévy / CNRS Editions, 1993.

Shlomo Sand, La fin de l'intellectuel français? De Zola à Houellebecq. Paris, La Découverte, 2016.

Frédériv Schiffter, Sur le blabla et le chichi des philosophes. Paris, Presses universitaires de France, 2002.

Jean-François Sirinelli, Les Intellectuels en France, de l'affaie Dreyfus à nos jours. Paris, 1986.

Alan Sokal, Jean Bricmont, Impostures intellectuelles. LGF - Livre de Poche, 1999.

Michel Winock, Le siècle des intellectuels. Paris, Seuil, 1997.

Michel Winock, Les voix de la liberté: les écrivains engagés au XIXe siècle. Paris, Seuil, 2001.

Michel Winock, Jacques Julliard , et al., Dictionnaire des intellectuels français. Les personnes, les lieux, les moments. Paris, Seuil, 2009.

*** OVER FRANSE INTELLECTUELEN EN HET GEWORSTEL AANGAANDE 'DE TOTALITAIRE VERLEIDING':

Raymond Aron, L'Opium des intellectuels. Paris, Calman-Lévy, 1955.

Raymond Aron, Démocratie et Totalitarisme. Paris, Gallimard, 1965.

Raymond Aron, Mémoires. 50 ans de réflexion politique. Paris, Julliard, 1983.

Ronald Aronson, Camus and Sartre: The Story of a Friendship and the Quarrel That Ended It. Chicago, University of Chicago Press, 2005.

Ian Birchall, Sarte et l'extrême gauche. Cinquante ans de relations tumultueuses. Paris, La Fabrique éditions, 2011.

Michel-Antoine Burnier, Les Existentialistes et la politique. Paris, 1966.

Pierre Bourdieu, Sartre, l'invention de l'intellectuel total. In: Libération, Paris, 31 mars 1983.

Germaine Brée, Camus and Sartre: Crisis and Commitment. New York, 1972.

Claudie et Jacques Broyelle, Les Illusions retrouvées: Sartre a toujours raison contre Camus. Paris, Grasset, (1982) 2014.

David Caute, Le Communisme et les intellectuels français 1914-1966. Paris, Gallimard, 1967.

David Caute, The Fellow-Travellers. A Postscript to the Enlightenment. London, Quartet Books, 1977.

Sophie Coeuré, La Grande lueur à l'Est: Les Français et l'Union Soviétique, 1917-1939. Paris, 1999.

Annie Cohen-Solal, Sartre 1905-1980. Paris, Gallimard, 1999.

Michael Christofferson (Traduit de l'angals par André Merlot), Les intellectuels contre la gauche. l'idéologie antitotalitaire en France (1968-1981). Marseille, Agone, 2009.

Dominique Desanti, Les Staliniens (1944-1956). Une expérience politique. Paris, Fayard. 1975.

Michel De Jaeghere (Editorial), Camus. L'écriture. La révolte. La nostalgie. Le Figaro hors-série, Décembre 2019.

Nicolas Domenach (Edito), Albert Camus. La révolte et la justice. Penser contre la haine et pour l'homme encore et toujours ... . Le Nouveau Magazine Littéraire, N° 24, Décembre, 2019.

François Furet, Le passé d'une illusion. Essai sur l'idée communiste au XXe siècle. Paris, Robert Laffont / Calmann-Lévy, 1995.

Roger Garaudy, Toute La Verite. Paris, Bernard Grasset, 1970.

André Gide, Retour de l'U.R.S.S.. Paris, Librairie Gallimard, 1936.

André Gide, Retouches à mon Retour de l'U.R.S.S.. Paris, Librairie Gallimard, 1937.

André Glucksmann, La cuisinière et le mangeur d'hommes. Essai sur l'Etat, le marxisme, les camps de concentration. Paris, Seuil, Points Politique, 1975.

André Glucksmann, Les Maîtres penseurs. Paris, Grasset, 1977.

Catherine Golliau (Editorial), Albert Camus. La revanche. Le Point, Hors-Serie, Les Maîtres Penseurs, Numéro 15, Oct.-Nov. 2013.

Jean Goulemot, Pour l'amour de Staline: La Face oubliée du communisme français. Paris, 2009.

Philippe Guindon, La conscience de l'action: l'engagement d'Albert Camus et de George Orwell. Mémoire présenté comme exigence partielle de la maîtrise en histoire. Université de Québec à Montréal, février 2007.

Sudhir Hazareesingh, Intellectuals and the French Communist Party: Disillusion and Decline. Oxford, Oxford University Press, 1991.

Jean-Vincent Holeindre, Sartre contre Aron. Entre conviction et responsabilité. In: Sciences Humaines, Décembre 2019- janvier-février 2020.

François Hourmant, Au pays de l'avenir radieux: Voyages des intellectuels français en URRS, à Cuba et en Chine populaire. Paris, 2000.

Tony Judt, Marxism and the French Left: Studies on Labour and Politics in France 1830-1982. Clarendon, 1990.

Tony Judt, Past Imperfect. French Intellectuals, 1944-1956. New York University Press, 1992.

Tony Judt, The Burden of Responsibility: Blum, Camus, Aron, and the French Twentieth Century. Chicago and London, University of Chicago Press, 1998.

Tony Judt, Marxism and the French Left: Studies on Labour and Politics in France 1830-1981. New York and London, New York University Press, 2011.

Sunil Khilnani, Arguing Revolution: The Intellectuel Left in Post-war France. New Haven, Yale University Press, 1993.

Arthur Koestler, Le zéro et l'infin (= Darkness at noon). Paris, Calmann-Lévy, 1945.

Arthur Koestler, Ignazio Silone, Richard Wright, André Gide, Louis Fischer and Stephen Spender, The God that failed. A confession. New York, Harper & Brothers Publishers, 1949.

Fred Kupferman, Au pays des Soviets: Le Voyage français en Union Soviétique. Paris, 1979.

Marc Lazar, Le communisme, une passion française. Paris, Perrin, 2002.

Bernard-Henry Lévy, La Barbarie à visage humain. Paris, 1977.

Michel Onfray, La tentative d'assassinat de Sartre contre Camus. In: Le Point, 5 janvier 2012.

Michel Onfray, Le philosophe qui ne s'est jamais trompé. Comment Sarte a tenté de le tuer. In: Le Point, 5 janvier 2012.

Jacques Rancière, La Leçon d'Althusser. Paris, 1974. (Edition: La Fabrique Editions, 2012.

Sébastien Repaire, Sartre et Benny Levy: Une amitié intellectuelle, du maoïsme triomphant au crépuscule de la révolution. Paris, Editions L'Harmattan, 2013.

Jean-François Revel, La tentation totalitaire. Paris, Robert Laffont, 1976.

Emmanuel Le Roy Ladurie, Paris-Montpellier P.C.-P.S.U. 1945-1963. Paris, Gallimard, 1982.

Peter Royle, The Sartre-Camus Controversy. Ottawa, 1982.

Jean-François Sirinelli, Sartre et Aron: Deux Intellectuels dans le siècle. Paris, 1999.

Nicolas Truong, Comment George Orwell est devenu un penseur visionnaire et iconique du XXIe siècle. In: Le Monde, 18 janvier 2020.
Via: https://www.lemonde.fr/idees/article/2020/01/17/antifasciste-antitotalitaire-george-orwell-penseur-visionnaire-du-xxie-siecle_6026153_3232.html

Jeannine Verdès-Leroux, Le Réveil des somnambules. Le parti communiste, les intellectuels et la culture (1956-1985). Paris, Fayard, 1987.

Eric Werner, De la violence au totalitarisme: Essai sur la pensée de Camus et Sartre. Paris, 1972.

Michel Winock,'André Gide lance une bombe'. In: L'Histoire, N° 314, daté novembre 2006.
Via: https://www.lhistoire.fr/feuilleton-1936/andr%C3%A9-gide-lance-une-bombe

Richard Wolin, The Wind from te East: French Intellectuels, the Cultural Revolution and the Legacy of the 1960's. Princeton NJ, 2010.

*** OVER HET FRANSE ANARCHISME:

Marianne Enckell, Les anarchistes. Dictionnaire biographique du mouvement libertaire francophone. L'Atelier, 2015.

Louis-Marie Enoch et Xavier Cheneseau, Les Taupes rouges. Les Trotskistes de Lambert au coeur de la République. Manitoba, 2002.

Gilbert Guilleminault, L'épopée de la rèvolte, le roman vrai d'un siècle d'anarchie (1862-1962). Paris, Denoël, 1963.

Jean Maitron, Le Mouvement anarchiste en France, tome 1 - Des origines à 1914. Paris, Gallimard, 1992.

Jean Maitron, Le Mouvement anarchiste en France, tome 2 - De 1914 à nos jours. Paris, Gallimard, 1992.

Victor Méric, Chez les loups: Moeurs anarchistes. Conflans-Sainte-Honorine, Editions, de l'Idée Libre, 1922.

André Nataf, La Vie quotidienne des anarchistes en France, 1880-1910. Paris, Hachette, 2017.

*** OVER FRANSE TROTSKISTEN:

Philippe Campinchi, Les lambertistes, un courant trotskiste français. Editions Jacob Duvernet, 2000.

Louis-Marie Enoch et Xavier Cheneseau, Les Taupes rouges: Les Trotskistes de Lambert au coeur de la République. Manitoba, 2002.

Laurent Huberson, Enquête sur Edwy Plenel. De la légende noire du complot trotskiste au chevalier blanc de l'investigation. Paris, Le Cherche Midi, 2008.

Christophe Nick, Les Trotskistes. Paris, Fayard, 2002.

Serge Raffy, Jospin, secrets de famille. Paris, Fayard, 2001.

*** OVER UTOPISME:

Rutger Bregman, Utopia for Realists. How We Can Build the Ideal World. Little, Brown and Company, 2017.

Simone Debout, L'utopie de Charles Fourier. Dijon, Les presses du réel, coll. « L'écart absolu », 1998.

R.-L. Delevoy, A. Brauman, J.B.A. Godin, Le familistère de Guise ou les équivalents de la richesse. The Guise "familistere" or the equivalents of wealth. Editions des archives d'architecture moderne, 1976.

Dominique Desanti, Les socialistes de l'utopie. Paris, Petite Bibliothèque Payot, 1970.

Catharine Golliau (Rédactrice en chef et Avant-propos), Utopies. Changer le monde. Les grandes textes expliqués. Paris, Le Point Références, mars-avril 2015.

Georges Jean, Voyages en Utopie. Paris, Découvertes Gallimard, 1994.

Michel Lallement, Le travail de l’utopie. Godin et le Familistère de Guise. Biographie. Paris, Éditions Les Belles Lettres, 2009.

Le Monde Hors-Série, L'Atlas des Utopies. 200 cartes, 25 siècles d'histoire. Paris, Le Monde Hors-Série, 2017.

Pierre Musso, Saint-Simon, l'industrialisme contre l'Etat. L'Aube, coll. « Monde en cours », 2010.

Armand Mattelart, Histoire de l'utopie planétaire. Paris, La Découverte, 1999.

Thierry Paquot & Marc Bédarida (Sous la direction de), Habiter l'utopie. Le familistère Godin à Guise. Éditions de la Villette, coll. « Penser l'espace », 2004.

Antoine Picon, Les Saint-Simoniens: Raison, imaginaire et utopie. Paris, Belin, 2002.

Jean-François Revel, La grande parade. Essai sur la survie de l'utopie socialiste. Paris, Plon, 2000.

Jacqueline Russ, Pour connaître le socialisme utopique français. Bordas Editions, 1993.

Jessica Dos Santos, L'Utopie en héritage. Le Familistère de Guise (1888-1968). Tours, Presses Universitaires François-Rabelais, 2016.

Patrick Tacussel, L'imaginaire radical. Les mondes possibles et l'esprit utopique selon Charles Fourier. Dijon, Les presses du réel, coll. « L'écart absolu », 2007.

Marnix Verplancke (Interview), 'Vooruitgang begint altijd bij de gekkies'. Filosofen Rutger Bregman en Hans Achterhuis breken een lans voor utopisch denken. In: De Morgen, 17 september 2016.

Alain Beuve-Méry, Prolo, dandy, socialiste, révolté ou visionnaire... Qui était vraiment George Orwell? In: Le Monde, 31 octobre 2019.
Via: https://www.lemonde.fr/idees/article/2019/10/31/le-genie-moral-d-orwell_6017531_3232.html

Alain Frachon, “ '1984' d’Orwell illustre de façon prémonitoire ce qui se passe dans la Chine de Xi Jinping." In: Le Monde, 28 novembre 2019.
Via: https://www.lemonde.fr/idees/article/2019/11/28/1984-et-la-ferme-des-animaux-d-orwell-illustrent-de-facon-premonitoire-ce-qui-se-passe-dans-la-chine-de-xi-jinping_6020811_3232.html

Philippe Guindon, La conscience de l'action: l'engagement d'Albert Camus et de George Orwell. Mémoire présenté comme exigence partielle de la maîtrise en histoire. Université de Québec à Montréal, février 2007.

Christopher Hitchens, Why Orwell Matters. Basic Books, 2003.
Christopher Hitchens, Dans la tête d'Orwell - La vérité sur l'auteur de 1984. Saint Simon, 2019.

Simon Leys, Orwell ou l'horreur de la politique. Paris, Flammarion, 3014. (1e éd. 1984).

John Newsinger, Orwell's Politics. Palgrave, 2002.
John Newsinger (Préface de Jean-Jacques Rosat), La politique selon Orwell. Agone, 2006.

John Newsinger, Hope Lies in the Proles: George Orwell and the Left. Pluto Press, 2018.

George Orwell, Down and Out in Paris and London. Secker & Warburg, 1933.
Georges Orwell, Dans la dèche à Paris et à Londres. Editions 10/18 - Editions Ivréa, 1982.

George Orwell, Keep the aspidistra flying (1936). - Houdt de sanseferia hoog. Amsterdam, Meulenhoff Editie, 1973.

George Orwell, Animal Farm. A Fairy Story (1945) Penguin Books, 1971.

George Orwell, James Burnham and the Managerial Revolution. In: Polemic, May 1946.

George Orwell, Nineteen Eighty-Four (1949). Penguin Books, 1973.

George Orwell, The Collected Essays, Journalism and Letters of George Orwell. Harmansworth - England / Victoria - Australia, Penguin Books Ltd., (1968), Reprinted 1971.
- Volume 1, An Age Like This 1920-1940;
- Volume 2, My Country Right or Left 1940-1943;
- Volume 3, As I please 1943-1945;
- Volume 4, In Front of Your Nose 1945-1950.

Michael Sheldon, Orwell. The Authorized Biography. London, Heinemann, 1991

Nicolas Truong, Comment George Orwell est devenu un penseur visionnaire et iconique du XXIe siècle. In: Le Monde, 18 janvier 2020.
Via: https://www.lemonde.fr/idees/article/2020/01/17/antifasciste-antitotalitaire-george-orwell-penseur-visionnaire-du-xxie-siecle_6026153_3232.html

*** OVER FRANSE FILOSOFIE:

Marc Augé, Non-Lieux. Introduction à une anthropologie de la surmodernité. Paris, Seuil, 1992.

Alain Badiou, Le fini et l'infini. Montrouge, Bayard Editions, 2010.

Alain Badiou, L'aventure de la philosophie française depuis les années 1960. Paris, La Fabrique éditions, 2012.

Deirdre Bair, Simone de Beauvoir: A Biography. Touchstone, 1991.

Deirdre Bair, Parisian Lives: Samuel Beckett, Simone de Beauvoir and Me - a Memoir. Atlantic Books, 2020.

Sarah Bakewell, At the Existentialist Café: Freedom, Being, and Apricot Cocktails with Jean-Paul Sartre, Simone de Beauvoir, Albert Camus, Martin Heidegger, Maurice Merleau-Ponty and Others. New York, Other Press, 2017.

Simone de Beauvoir, Le deuxième sexe, 2 vol.. Paris, Gallimard, 1949.

Simone de Beauvoir, Les Mandarins. Paris, Gallimard, 1954.

Simone de Beauvoir, Mémoires d'une jeune fille rangée. Paris, Gallimard, 1958.

Simone de Beauvoir, La forces des choses. 2 volumes. Paris, Gallimard, 1963.

Albert Camus, La peste. Paris, Gallimard NRF, 1947.

Albert Camus, Essais. Paris, Gallimard, Bibliothèque de la Pléiade, 1965.

Album Camus. Iconographie choisi et commentée par Roger Grenier. Paris, Gallimard, Bibliothèque de la Pléiade, 1982.

Jacques Deguy et Sylvie Le Bon de Beauvoir, Simone de Beauvoir: Écrire la liberté. Paris, Découvertes Gallimard, 2008.

Vincent Descombes, Le même et l'autre. Quarante-cinq ans de philosophie française (1933-1978). Paris, Editions de Minuit, 1979)

François Dosse, Histoire du Structuralisme, Tome I: le champ du signe, 1945-1966. Paris, La découverte, 1991 (réimpr. 2012).

François Dosse, Histoire du Structuralisme, Tome II: le chant du cygne, 1967 à nos jours. Paris, La découverte, 1992 (réimpr. 2012).

Didier Eribon, Michel Foucault. (1989). Paris, Flammarion (Edition revue et enrichie), 2011.

Ingrid Galster (Org. et ed.), La naissance du 'phénomène Sartre': les raisons d'un succès 1938-1945. Paris, Seuil, 2001.

Ph. Gavi, J.-P. Sartre, P. Victor, On a raison de se revolter. Discussions. Paris, Gallimard, 1974.

Francis Jeanson, Simone de Beauvoir ou l'entreprise de vivre. Suivi par deux entretiens avec Simone de Beauvoir. Paris, Éditions du Seuil, 1966.

J. Kanapa, L'Existentialisme n'est pas un humanisme. Paris, Editions sociales, 1947.

Niilo Kauppi, French Intelectual Nobility: Institutional and Symbolic Transformations in the Post-Sartrian Era. Albany/New York, State University of New York Press, 1996.

Marijn Kruk, Parijs denkt. Een Republiek tegen de wereld. Amsterdam, Boom, 2009.

Bernard-Henry Lévy, Le Siècle de Sartre. Paris, Grasset, 2000.

Mark Lilla, The Politics of Jacques Derrida. In: The New York Review of Books, 25 June 1998.
Via: https://www.nybooks.com/articles/1998/06/25/the-politics-of-jacques-derrida/

Mark Lilla, The Reckless Mind. Intellectuels in Politics. New York, NY, The New York Review of Books, 2016.

Herbert Lottman, Albert Camus. Paris, Seuil, 1978.

Herbert Lottman, The Left Bank. Writers, Artists, and Politics from the Popular Front to the Cold War. London, Heinemann, 1982.

Axel Madsen, Simone de Beauvoir & Jean-Paul Sartre. Amsterdam / Antwerpen, Elsevier Manteau, 1981.

Anne Mathieu, Le refus de Sartre. Une détestation intacte quarante ans après la mort du philosophe. In: Le Monde Diplomatique, avril 2020.

Luuk van Middelaar, Politicide. De moord op de politiek in de Franse filosofie. Historische Uitgeverij, 2011.

>Lucien Oulahbib, La philosophie cannibale: La théorie du mensonge, de la mutilation ou de l'appropriation totalitaire chez Derrida, Deleuze, Foucault, Lyotard. Paris, La Table Ronde, 2006.

Jean Piaget, Le structuralisme. Paris, Presses Universitaires de France, 2016. >P> Anne Rosencher (Introduction), Albert Camus, une icône française. L'Express, Dossier spécial, n° 3573-3574, 24 décembre 2016 au 7 janvier 2020.

Jean-Paul Sartre, L'Existentialisme est un humanisme. Paris, Les Editions Nagel, 1946.

Jean-Paul Sartre, Over het existentialisme. Utrecht, Bruna & Zoon, 1963.

Olivier Todd, Albert Camus, une vie. Paris, Gallimard, Ed. rev. et corr, 1999).

S. Strehle, Zur Aktualität von Jean Baudrillard. Einleitung in sein Werk. Wiesbade, VS Verlag für Sozialwissenschaften, 2011.

Nicolas Truong, 'L'essor du national-populisme intellectuel et médiatique.' Dans la presse comme dans les médias audiovisuels, les polémistes de la mouvance souverainiste et identitaire s’imposent, fustigeant le « droit-de-l’hommisme » des élites. Rééquilibrage idéologique ou nouvelle hégémonie culturelle? In: Le Monde, 7 mars, 2020.
Via: https://www.lemonde.fr/idees/article/2020/03/06/l-essor-du-national-populisme-intellectuel-et-mediatique_6032005_3232.html

----------

DE MEI '68 REVOLTE EN DE BABY-BOOMERS:


Philippe Artières et Michelle Zancarina-Fournel (dir.), '68, une histoire collective (1962-1981). Paris, La Découverte, 2008.

Serge Audier, La pensée anti-'68: Essai sur une restauration intellectuelle. Paris, 2008.

Daniel-Cohn Bandit, Forget 68. Paris, Editions de l'Aube, 2008.

Jan Bank en Micheline van Neste, Beeld en invloed van de Parijs mei-revolte in Nederland. In: Paul Blom e.a. (red.), La France aux Pays-Bas. Invloeden in het verleden. pp. 179-311. Vianen, Kwadraat, 1985.

Jan Bank en Micheline van Neste, Beeld en invloed van de Parijs mei-revolte in Nederland. In: Paul Blom e.a. (red.), La France aux Pays-Bas. Invloeden in het verleden. pp. 179-311. Vianen, Kwadraat, 1985.

Francis Beckett, What did the Baby-Boomers ever do for us? Why the children of the sixties lived the dream and failed the future. London, Biteback Publishing, 2010.

Monique Boireau-Rouillé et al. (Rédaction de ce numéro), De Mai 68 au débat sur la postmodernité. Enjeux actuels de l'émancipation. Lyon, Réfractions - recherches et expressions anarchistes, N° 20, mai 2008.

Steward Brand, 'We Owe It All to the Hippies'. Time 145, special issue, Spring 1995.

David Brooks, Bobos In Paradise: The New Upper Class And How They Got There. New York, Simon & Schuster International, 2000.

David Brooks, On Paradise Drive. How We Live Now (And Always Have) in the Future Tense. New York, Simon & Schuster, 2005.

Leopold de Buch & Bob Groen, De verbeelding aan de macht. Revolutie in een industriestaat. Utrecht/Antwerpen, A. W. Bruna & Zoon, 1968.

Gil Delannoi, Les Années utopique (1968-1978). Paris, La Découverte, 1990.

De Mei Revolutie van 1968. Dagboek van Parijs. Rotterdam, Algemeen Handelsblad, 1968.

Jean Dumont (Présentées par - Enquête et textes de Pierre-André Weber avec la collaboration de Jean Salez), Les grandes énigmes de Mai 1968. 3 tomes. Genève, Editions de Crémille, 1970.

Christine Fauré, Mai 68: Jour et Nuit. Paris, Découvertes Gallimard, 1998.

Pim Fortuyn, Babyboomers. Autobiografie van een generatie. Utrecht, 1998.

Jean-Pierre Le Goff, Mai 68: l'héritage impossible. Paris, LaDécouverte, réédition, 2002.

Paul Heelas The New Age Movement: The Celebration of the Self and the Sacralization of Modernity. Oxford, Blackwell, 1996.

Guy Hocquenghem (Préface de Serge Halimi), Lettre ouverte à ceux qui sont passé du col Mao au Rotary. Marseille, Agone, troisième édition revue & augmentée, 2003.

Julian Jackson, Anna-Louise Milne & James S. Williams (eds.), May 68: Rethinking France's Last Revolution. Basingstoke, 2011.

Andrew Jamison and Ron Eyerman, Seeds of the Sixties. Berkeley, University of California Press, 1994.

Gerrit Komrij, Het verraad van mijn generatie. Ruigoord-lezing, 24 juli, 2003.
Via: https://www.youtube.com/watch?v=1fvlc-YNcE0&t=169s

Marianne (Couverture), Le vrai bilan des soixante-huitards. Pour le meilleur et pour le pire. Marianne, n°. 57, 27-04-1998.

Cees Nooteboom, De Parijse beroerte. Amsterdam, De Bezige Bij, 1968.

Michel Onfray, L'autre pensée 68: Contre-histoire de la philosophie, tome 11. Paris, Grasset, 2018.

Pascal Ory, L'Entre-Deux-Mai. Histoire culturelle de la France, mai 1968-mai 1981. Paris, Seuil, 1983.

Parijs mei-juni '68. Tentoonstelling onder auspiciën van het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis. Amsterdam '69. Museum Fodor, 7.2.69 tot 7.3.69.

J. Sauvageot / A. Geismar / D. Cohn-Bebit / J.-P. Duteuil, La révolte étudiante. Le animateurs parlent. Paris, Seuil, 1968.

Patrick Seale en Maureen McConvill, De Nieuwe Franse Revolutie. Documentaire over de gebeurtenissen in en om Parijs in de maanden mei en juni 1968. Leiden, A. W. Sijthoff, 1968.

Jean-François Sirinelli, Les Baby-boomers: une génération (1945-1969). Paris, Hachette, 2007.

Alain Touraine, Le Mouvement de mai, ou Le Communisme utopique. Paris, 1968.

Maarten van Traa, Parijs '68. Amsterdam, De Bezige Bij, 1868.

Fred Turner, From Counterculture to Cyberculture: Stewart Brand, the Whole Earth Network, and the Rise of Digital Utopianism. Chicago, University of Chicago Press, 2008.

Henri Weber, Faut-il liquider Mai 68? Paris, Seuil, 2008.

Markus Willinger, Génération Identitaire. Une déclaration de guerre contre les soixantre-huitards. Arktos Media, 2014.

Richard Wolin, The Wind from te East: French Intellectuels, the Cultural Revolution and the Legacy of the 1960's. Princeton NJ, 2010.

----------

FRANÇOIS MITTERRAND, ZIJN TIJD, DE FRANSE GRENZEN TUSSEN SOCIALISME EN SOCIAAL-DEMOCRATIE EN HAAR VERNIEUWING, OOK ELDERS:


Claude Askolovitch, Lionel. Paris, Grasset, 2001.

Jacques Attali, Verbatim: Chronique des années 1981-1986, Tome 1. Paris, Fayard, 1993.

Jacques Attali, Verbatim: Chronique des années 1986-1988, Tome 2. Paris, Fayard, 1995.

Jacques Attali, Verbatim: Chronique des années 1988-1991, Tome 3. Paris, Fayard, 1995.

Jacques Attali, C'était François Mitterrand. Paris, Fayard, 2005.

W. Banning, Jaurès als denker. Arnhem, Van Loghum Slaterus' Uitgevers Maatschappij N.V., 1931.

Jean Battut, François Mitterrand le Nivernais 1946 1971. la Conquete d’un Fief, L’Harmattan, 2011.

Jean Baudrillard, La Gauche divine. Chroniques des années 1977-1984. Paris, Bernard Grasset, 1985.

François Bazin, Jacques Pilhan, le sorcier de l'Elysée. Paris, Perrin, 2009.

Alain Bergounioux et Gérard Grunberg, L'Ambition et le remords: Les Socialistes français et le pouvoir, 1905-2005. Paris, 2005.

Alain Bergounioux, Gérard Grunberg, Les socialistes français et le pouvoir. L'ambition et le remorts. Paris, Fayard, 2005.

Pierre Bergounioux, Carnet de notes. Journal 1980-1990. Editions Verdier, 2006.
Pierre Bergounioux, Carnet de notes. Journal 1991-2000. Editions Verdier, 2007.
Pierre Bergounioux, Carnet de notes. Journal 2001-2010. Editions Verdier, 2011.
Pierre Bergounioux, Carnet de notes. Journal 2011-2015. Editions Verdier, 2016.

Pierre Bergounioux, Une passion française. William Blake & Co., 2014.

Pierre Bergounioux, Faute d'égalité. Paris, Gallimard, 2019.

Mathias Bernard, Les Années Mitterrand. Du changement socialiste au tournant libéral. Paris, Editions Belin, 2015.

Serge Bernstein, Pierre Milza, Jean-Louis Bianco (Sous la direction de), François Mitterrand. Les années du changement (1981 - 1984). Paris, Perrin, 2001.

Mathias Bertrand, Les Années Mitterrand. Du changement socialiste au tournant libéral. Paris, Belin, 2015.

Bruno Blasselle, Bibliothèque nationale de France: l'esprit du lieu. Paris, Scala, 2001.

Bruno Blasselle et Jacqueline Melet-Sanson, La Bibliothèque nationale de France, mémoire de l'avenir. Paris, Gallimard, coll. Découvertes Gallimard / Histoire, 2006.

Yves Bonnet et Pascal Krop, Les grandes oreiilles du président. Paris, Presses de la Cité, 2004.

Eric Boogerman, Frankrijk 1981-1986. De socialistische metamorfose en het plotselinge heimwee naar liberalisme. Amsterdam/Brussel, Thomas Rap, 1986.

Jacques Boucaud, François Mitterrand et la Bourgogne. L'irrésistible ascension. A Contrario, 2005.

Philippe Bourdrel, Le mur de l'argent: les gouvernements de gauche face au Capital. Paris, Denoël, 1985.

Lucie Cariès (Réalisatrice), Mitterrand du verbe à l'image. Une production INA avec la participation de Public Sénat, 2011.

Jonathan Chalier (Introduction), et.al., L'avenir de la gauche. In: Esprit, N° 427 - Septembre 2016.

François Charmont, François Mitterrand et la Nièvre. Géopolitique de la Nièvre 1945-1995. Paris, L'Harmattan, 2002.

François Chaslin, Les Paris de François Mitterrand. Paris, Gallimard, 1985.

Daniel Cohen et Alain Bergounioux, Le socialisme à l'épreuve du capitalisme. Paris, Fayard / Jean Jaurès Fondation, 2012.

Gérard Colé, Le Conseiller du Prince. Neuilly-sur-Seine, Editions Michel Lafon, 1999.

Philippe Corcuff, La gauche est-elle en état de mort cérébrale? Paris, Editions Textuel, 2012.

Philippe Corcuff, Les années 30 reviennent et la gauche est dans la brouillard. Paris, Editions Textuel, 2014.

Laurence Cossé, La Grande Arche. Paris, Seuil, 2017.

Michel Cotta, Le Paris de Mitterrand. Alexandrines Édition, 2019

François Cusset, La décennie. Le grand cauchemar des années 1980. Paris, La Découverte, 2006.

Jean Daniel, Les Religions d'un président: Mitterrand. Paris, Grasset, 1988.

Jean Daniel, Mitterrand l'insaisissable. Paris, Le Seuil, 2016.

Régis Debray, Loués soient nos enseignes. Une éducation politique. Paris, Gallimard, 1996.

Régis Debray se lâche (Propos recueillis par François-Guillaume Lorrain et Sébastien Le Fol). In: Le Point, n° 2246, pp.54-70, 24 septembre, 2015.

Maried Delarue, Un Pharaon républicain: Les grands travaux de Mitterrand. Paris, Editions Grancher, 1998.

Vincent Duchaussoy, La Banque de France et l'État: de Giscard à Mitterrand, enjeux de pouvoir ou résurgence du mur d'argent? 1978-1984. Paris, L'Harmattan, 2011.

Vincent Duchaussoy, « Les socialistes, la Banque de France et le « mur d'argent » (1981-1984) », Vingtième Siècle : Revue d'histoire, no 110,? avril-juin 2011, p. 111-122.
Via: https://www.cairn.info/revue-vingtieme-siecle-revue-d-histoire-2011-2-page-111.htm

Olivier Duhamel, La gauche et la Ve république. Paris, Presses Universitaires de France, 1980.

Pierre Favier, Michel Martin-Roland, La Décennie Mitterrand.
Tome 1, Les ruptures (1981-1984). Paris, Seuil, 1990.
Tome 2, Les épreuves (1984-1988). Paris, Seuil, 1991.
Tome 3, Les défis (1988-1991). Paris, Seuil, 1996.
Tome 4, Les déchirements (1991-1995). Paris, Seuil, 1999.

Olivier Feiertag, Finances publiques, 'mur d'argent' et genèse de la libération financière en France de 1981 à 1984. In: Serge Berstein, Pierre Milza, Jean-Louis Bianco (Sous la direction de), François Mitterrand. Les années du changement 1981-1984. Paris, Perrin, 2001.

Mathieu Fulla, Quand Pierre Mauroy résistait avec rigueur au « néolibéralisme » (1981-1984). In: Vingtième Siècle. Revue d'histoire, (N° 138), pages 49 à 63, 2018/2.

Max Gallo, Le Grand Jaurès. Paris, Robert Laffont, 1984.

Yvon Gattaz, Philippe Simonnot, Mitterrand et les patrons, 1981-1986. Paris, Fayard, 1999.

Alain Gélédan (sous la direction de), Le bilan économique des années Mitterrand, 1981 - 1994. Paris, Le Monde Editions, 1993.

David Genzel, Les mots du Président. Mitterrand le cynique. Paris, Bourin Editeur, 2005.

Willy Gianinazzi, André Gorz, une vie. Paris, La Découverte, 2016.

Anthony Giddens, The Third Way: The Renewal of Social Democracy. Cambridge, Polity Press, 1999.

Anthony Giddens, Tony Blair (Préface Jacques Delors), La Troisième voie: Le Renouveau de la social-démocratie. Paris, Seuil, 2002.

Vincent Gounod, François Mitterrand. Biografie. Amsterdam, Uitgeverij Aspekt, 2008.

Roger Gouze, Mitterrand par Mitterrand. Paris, Le Cherche Midi, 1994.

Jean Guisnel et Bernard Violet, Services secrets: Le pouvoir et les services de renseignement sous la présidence de François Mitterrand. Paris, La Découverte, 1988.

Stuart Hall, The Hard Road to Renewal. Thatcherism and the Crisis of the Left. London, Verso, 1988.

Herve Hamon et Patrick Rotman, Génération tome 1 - Les années de rêves. Paris, Seuil, Points, 2008.

Herve Hamon et Patrick Rotman, Génération tome 2 - Les années de poudre. Paris, Seuil, Points, 2008.

François Hournant, François Mitterrand, le pouvoir et la plume. Portrait d'un président en écrivain. Paris, Presses Universitaires de France, 2010.

INA, François Mitterrand. Le pouvoir de l'écran. Les grands entretiens télévisuels. Paris, INA Editions, 2016.

Stéphane Jean-Baptiste, Sylvie Anibal, La Nièvre, le pays de ma vie, François Mitterrand 1946-1996. Nevers, La Fabrique, 2006.

Jean-Noël Jeanneney, Leçon d'histoire pour une gauche au pouvoir: la faillite du Cartel, 1924-1928. Paris, Seuil, 1977.

Jean-Noël Jeanneney, L'argent caché: milieux d'affaires et pouvoirs politiques dans la France du XXe siècle. Paris, Seuil, 1981.

Tony Judt, Truth and Consequences (Review of 'Une jeunesse française: François Mitterrand 1934-1947' by Pierre Péan). In: The New York Review of Books, November 3, 1994 Issue.
Via: https://www.nybooks.com/articles/1994/11/03/truth-and-consequences/

Jacques Julliard (dir.), La mort du roi. Autour de François Mitterrand. Paris, Gallimard, 1999.

Serge July, Les années Mitterrand. Histoire baroque d'une normalisation inachevée. Paris, Grasset, 1986.

Raymond Krakovitch, Le pouvoir et la rigueur. Pierre Mendès France / François Mitterrand. Publisud, 1994.

Jack Lang, Les batailles du Grand Louvre. Paris, Réunion Musées Nationaux, 2010.

Marc Lazar, La gauche et le défi des changements dans les années 70–80. Les cas français et italien. In: Journal of Modern European History / Zeitschrift für moderne europäische Geschichte / Revue d'histoire européenne contemporaine. Vol. 9, No. 2, European Responses to the Crisis of the 1970s and 1980's, pp. 241-262, 2011.

Martin Leprince, Le Roman de la Promotion Voltaire. Jacob Duvernet, 2013.

Lucien Maillard (Rédacteur en Chef), La Grande Arche. 1989 - la revue de la Grande Arche - 1989. Paris, L'Evénement Média, 1989.

Bernard Maris, Plaidoyer (impossible) pour les socialistes. Paris, Albin Michel, 2012.

Jean-Claude Michéa, Le complexe d'Orphée. La gauche, les gens ordinaires et la religion du progrès (2011). Paris, Flammarion, Champs essais, 2014.

Jean-Claude Michéa, Les mystères de la gauche. De l'idéal des Lumières au triomphe du capitalisme absolu (2013). Paris, Flammarion Champs essais, 2014.

Jean-Claude Michéa, Le crépuscule de la France d'en haut (2014). Paris, Flammarion, Champs actuel, 2017.

Le Monde, Dossiers et Documents, L'élection présidentielle 26 avril - 10 mai 1981. La victoire de M. Mitterrand. Paris, Le Monde, mai 1981.

Le Monde, Dossiers et Documents, Les élections législative de juin 1981. La gauche socialiste obtient la majorité absolue. Paris, Le Monde, juin 1981.

Le Monde, Dossiers et Documents, L'Election présidentielle. Le nouveau contrat de François Mitterrand. Paris, Le Monde, mai 1988.

Jacques Lesourne, Soirs et lendemains. Journal d'un homme tranquille 1981-1984. Paris, Robert Laffont, 1984.

François-Guillaume Lorrain et Sébastien Le Fol (Propos recueillis par), 'Régis Debray se lâche.' Dans: Le Point, n° 2246, pp. 54-74, 24/09/2015.

Mairi Maclean (Ed.), The Mitterrand Years. Legacy and Evaluation. London etc., MacMillan Press Ltd., 1998.

Ali Magoudi, Rendez-vous: La psychanalyse de François Mitterrand. Paris, Maren Sell Editeurs, 2005.

Françoise Mardrus, La Pyramide du Louvre. Paris, Louvre éditions / Madrid, Editions El Viso, 2019.

Gilles Martinet, Cassandre et les tueurs. Cinquante ans d'une histoire française. Paris, Grasset, 1986.

Gilles Martinet, Une certaine idée de la gauche, 1936-1997, Paris, Odile Jacob, 1997.

Gilles Martinet, Les Clés de la Ve République: de Gaulle, Pompidou, Giscard d'Estaing, Mitterrand, Chirac: essai suivi de Mendès France, le contre-exemple. Paris, Seuil, coll. « Histoire », 2002.

Gilles Martinet, L'observateur engagé. Paris, Jean-Claude Lattès, 2004.

Pierre Mauroy (Entretiens avec Michèle Cotta), Une vie socialiste. Paris, France Culture - Fondation Jean Jaurès, 2013.

Patrick McCarthy (ed.), The French Socialists in Power, 1981-1986). New Yurk, Greenwood Press, 1987.

Patrice de Méritens, Les Mots de Dieu. Paris, Plon, 1993.

Patrice de Méritens, Il a dit... . Petits mots et grandes phrases de François Mitterrand. Neuilly-sur-Seine, Editions Michel Lafon, 2006.

François Mitterrand, Le Coup d'état permanent. (1964) Paris, Plon 10/18, 1965.

François Mitterrand, Ma part de vérité. De la rupture à l'unité. Paris, Fayard, 1969.

François Mitterrand, Un socialisme du possible. Paris, Seuil, 1970.

François Mitterrand, Ici et maintenant (Conversations avec Guy Claisse). Paris, Fayard, 1980.

François Mitterrand (avec Elie Wiesel), Mémoires à deux voix. Paris, Odile Jacob, 1995.

François Mitterrand, Mémoires Interrompus: entretiens avec Georges-Marc Benamou. Paris, Odile Jacob, 1996.

François Mitterrand (Video's consacrés à), Jour de la mort de François Mitterrand le 7 janvier 1996 et le jour des cérémonies funèbres le 11 janvier 1996. Collection privée.

François Mitterrand, Journal pour Anne. Paris, Editions Gallimard, 2016.

François Mitterrand, Les forces de l'esprit. Messages pour demain. Paris, Fayard / Institut François-Mitterrand, 1998.

Edgar Morin, Autocritique. Paris, Seuil, 1995.

Edgar Morin, Ma gauche. Paris, François Bourin Editeur, 2011.

Edgar Morin, Mon Paris, ma mémoire. Paris, Fayard, 2013.

Edgar Morin, Les souvenirs viennent à ma rencontre. Paris, Fayard, 2019.

François Morin, Quand la gauche essayait encore: le récit des nationalisations de 1981 et quelques leçons que l'on peut en tirer. Editions Lux, 2020.

Joseph R. Morray, Grand Disillusion. François Mitterrand and the French Left. Westport CT, Praeger Publishers, 1997.

Stephanie L. Mudge, Leftism Reinvented: Western Parties from Socialism to Neoliberalism. Cambridge, MA, Harvard University Press, 2018.

Catherine Nay, Le Noir et le Rouge ou l'histoire d'une ambition. Paris, Bernard Grasset, 1984.

Catherine Nay, Les sept Mitterrands ou les métamorphoses d'un septenat. Paris, Bernard Grasset, 1988.

Jacques Néré, Le problème du mur d'argent. Les crises du franc 1924-1926. Paris, La Pensée universelle, 1985.

Erik Orsenna, Grand amour. Mémoires d'un nègre. Paris, Seuil, 1993.

Hugues Le Paige (Un film de), Le Prince et son Image. Les Films du Paradoxe. Avec la participation du Centre National du Cinéma et de l'image animée, 2011.

I.M. Pei, Emile Biasini, Jean Lacouture, L'Invention du Grand Louvre. Paris, Editions Odile Jacob, 2001.

William Pfaff, On the Death of Mitterrand. In: The New York Review of Books, February 15, 1996.
Via: https://www.nybooks.com/articles/1996/02/15/on-the-death-of-mitterrand/

-- In response to: 'On the Death of Mitterrand' from the February 15, 1996 issue. ‘On the Death of Mitterrand’: An Exchange. Jean Daniel and Jean Lacouture, reply by William Pfaff. In: The New York Reviewof Books, March 21, 1996.
Via: https://www.nybooks.com/articles/1996/03/21/on-the-death-of-mitterrand-an-exchange/

Thierry Pfister, La Vie quotidienne à Matignon au temps de l'Union de la Gauche. Paris, Hachette, 1986.

Olivier Piacentini, Le dossier noir du socialisme français. Comment, de Mitterand à Hollande, les socialistes ont défiguré la France. Paris, Max Chaleil, 2017.

Edwy Plenel, Secrets de jeunesse. Paris, Stock, 2001.

Jean-Marie Pontaut, Jerôme Dupuis, Les Oreilles du Président, suivi de la liste des 2000 personnes 'écoutées' par François Mitterrand. Paris, Fayard, 1996.

Hugues Portelli, L'Internationale socialiste. Editions de l'Atelier / Les éditions ouvrières, 1989.

Hugues Portelli, Le Parti socialiste. Montchrestien, 1992.

Eric Potte et Stépane Jean-Baptiste (Réalisation), "La Nièvre, le pays de ma vie", François Mitterrand. François Mitterrand. Histoire de Nièvre 1946-1996. Documentaire audiovisuel. Nevers, La Fabrique, 2006.

Laura Raim, Mitterrand et le tournant: y avait-il une alternative? In: regards.fr, 26 octobre 2016.
Via: http://www.regards.fr/archives/web/article/mitterrand-et-le-tournant-liberal-y-avait-il-une-alternative

Keith A. Reader, Intellectuals and the left in France since 1968. London etc., The Macmillan Press Ltd., 1987.

Madeleine Rebérioux, Jaurès. La parole et l'acte. Paris, Gallimard, 1994.

Charles Robin, La gauche du capital. Libéralisme culturel et idéologie du marché. Paris, Krisis, 2014.

Michel Rocard, Parler vrai. Textes politiques précédés d'un entretien avec Jacques Julliard. Paris, Seuil, 1979.

Michel Rocard, Si la gauche savait. Entretiens avec Georges-Marc Benamou. Paris, Robert Laffont, 2005.

Michel Rocard et Pierre Larrouturou, La gauche n'a plus droit à l'erreur. Paris, Flammarion, 2013.

George Ross, Stanley Hoffmann and Sylvia Malzacher (eds.), The Mitterrand Experiment. Continuity and Change in Modern France. Cambridge, Polity Press in association with Basil Blackwell Ltd., 1987. 1987.

Albert Du Roy et Robert Schneider, Le roman de la rose: d'Epinay à l'Elysée, l'aventure des socialistes. Paris, Seuil, 1982.

Jacques Séguéla, La parole de dieu. Paris, Albin Michel, 1995.

Dominique Setzepfandt, François Mitterrand grand architecte de l'univers: La symbolique maçonnique des grands travaux de François Mitterrand. Faits et documents, 1998.

Philip Short, A taste for intrigue. The multiple lives of François Mitterrand. New York, A John Macrae Book,Henry Holt and Company LLC, 2014.
-- Louis Begley, How Wily Mitterrand Transformed France. Review of Philip Short, A Taste for Intrigue: The Multiple Lives of François Mitterrand. In: The New York Review of Books, June 5, 2014.
Via: https://www.nybooks.com/articles/2014/06/05/how-francois-mitterrand-transformed-france/

Gisela Spreitzhofer, Mitterrand's first term; 1981-88: France embarks on sociaqlism. Grinn Verlag, 2006.

Francois Stasse, La Morale de l'histoire. Mitterrand-Mendès France (1943-1982). Paris, Seuil, 1994.

François Stasse, La Véritable Histoire de la Grande Bibliothèque. Paris, Seuil, 2002.

François Stasse (Propos recueilis par 'anonyme'), 1983: affronter la crise. In: La Lettre N° 11, Paris, Institut François Mitterrand, Mars 2005.
Via: http://www.mitterrand.org/1983-affronter-la-crise.html

Gabriel Taïx, Monsieur Mitterrand vous n'êtes pas socialiste. Paris, Editions France-Empire, 1977.

Elizabeth Teissier, Sous les signe de Mitterrand. Sept ans d'entretiens. Paris, Editions°1, 1997.

Ronald Tiersky, François Mitterrand. The last French president. New York, St. Martin's Press, 2000.

Tournant de la rigeuer.
Via: https://fr.wikipedia.org/wiki/Tournant_de_la_rigueur

Bruno Trentin, La Cité du travail. La gauche et la crise du fordisme. Paris, Fayard, 2012.

Peter Vandermeersch, Mitterrand. Koning of paus? Leuven, Uitgeverij Van Halewyck, 1997.

Jacques-Marie Vaslin, 1983: la gauche prend le tournant de la rigueur. In: Le Monde, publié le 25 mars 2013 à 18h10 - Mis à jour le 27 mars 2013 à 14h23
Via: https://www.lemonde.fr/economie/article/2013/03/25/1983-la-gauche-prend-le-tournant-de-la-rigueur_1853681_3234.html

Ger Verhoeve, Om de vernieuwing van de Franse socialistische partij. In: Socialisme en Democratie, Amsterdam, Wiardi Beckman Stichting, jaargang 38, no. 4, pp. 177 - 187, april 1981.

Pierre Vernholes, Pierre Drouin et al., Les métamorphoses du socialisme. In: Le Monde du 9 au 16 octobre, 1984.

Mathieu Vieira; Fabien Escalona; Jean-Michel de Waele; David J Bailey, European social democracy during the global economic crisis: renovation or resignation? Manchester, Manchester University Press, 2014.

Jean Vigreux, François Mitterrand, la Nièvre et le Morvan. Dijon, Editions Universitaires de Dijon, 2017.


----------

OVER LA GAULE, GALLIA EN HET ONTSTAAN VAN DE FRANSE NATIE:


Colette Beaune, Naissance de la nation France. Paris, 1985.

François Beck et Hélène Chew, Quand les Gaulois étaient romains. Paris, Découvertes Gallimard, 2004.

Alain Corbin, Terra Incognita. Une histoire de l'ignorance, XVIIIe-XIXe Siècle. Paris, Albin Michel, 2020.

Hervé Le Bras et Emmanuel Todd, L'Invention de la France. Atlas anthropologique et politique. Paris, Gallimard, 2012.

Léonard Dauphant, Géographies: Ce qu'ils savaient de la France (1100-1600). Ceyzérieu, Champ Vallon, 2018.

Bruno Dumézil et Magali Coumert, Les royaumes barbares en Occident. Paris, Presses Universitaire de France, Collection: Que sais-je? 2017.

Jerôme Fourquet, L'Archipel français. Naissance d'une nation multiple et divisée. Paris, Seuil, 2019.

Gaulois.
Via: https://fr.wikipedia.org/wiki/Gaulois_(peuples)

Roger Hanoune et John Scheid, Nos ancêtres les Romains. Paris, Découvertes Gallimard, 1993.

Liste des peuples gaulois et aquitains.
Via: https://fr.wikipedia.org/wiki/Liste_des_peuples_gaulois_et_aquitains

Bijan Omrani, Caesar's Footprints. Journeys to Roman Gaul. London, Head Of Zeus, 2017.

Pierre Pinon, La Gaule retrouvée. Paris, Découvertes Gallimard, 1991.

Etienne Renardot, Vie et croyances des Gaulois avant la conquête romaine. Paris, Picard, 1975.

Charles River, The Visigothic Kingdom of Tolosa: The History and Legacy of the Goths’ Kingdom in Gaul during the Collapse of the Roman Empire. Charles River Editors, 2020.

Graham Robb, The Discovery of France. A Historical Geography from the Revolution to the First World War. London, Picador, 2007.

Joel Schmidt, Le royaume wisigoth de Toulouse. Paris, Perrin, 1992.

Joël Schmidt, Le royaume wisigoth d'Occitanie. Paris, Perrin, 2008.

Françoise Vallet, De Clovis à Dagobert. Les Mérovingiens. Paris, Découvertes Gallimard, 1995.

----------

ALGEMENE GESCHIEDENIS VAN FRANKRIJK EN ENKELE VAN HAAR MAATSCHAPPELIJKE KARAKTERISTIEKEN:


Pierre Nora (sous la direction de), Les lieux de mémoire:
tome 1: La République. Paris, Gallimard Quarto, 1984.
tome 2: La Nation (trois volumes). Paris, Gallimard Quarto, 1986.
tome 3: Les Frances (trois volumes). Paris, Gallimard Quarto, 1992.

Niek Pas, De geschiedenis van Frankrijk in een notendop. Amsterdam, Uitgeverij Bert Bakker, 2008.

*** OVERZICHT VAN DE FRANSE GESCHIEDENIS VANAF DE VAL VAN DE MONARCHIE TOT HEDEN:

Michel Vovelle, La chute de la Monarchie (1787-1792). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 1. Paris, Seuil, 1972.

Marc Bouloiseau,, La République jacobine, 10 août 1792 - 9 thermidor an II. Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 2. Paris, Seuil, 1972.

Denis Woronoff, La République bourgeoise, de Thermidor à Brumaire (1794-1799). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 3. Paris, Seuil, 2004.

Louis Bergeron, L'épisode napoléonien, Partie 1: Aspects intérieurs (1799-1815). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 4. Paris, Seuil, 1972.

Emile Chevallier et Emile Levasseur, Les Salaires Au XiXe Siècle. Wentworth Press, 2018.

Louis Chevalier, Classes laborieuses et Classes dangereuses à Paris pendant la première moitié du XIXe siècle. Paris, Plon, 1958.

J. Lovie et A. Palluel-Guillard, L'épisode napoléonien, Partie 2: Aspects extérieurs (1799-1815). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 5. Paris, Seuil, 1972.

A. Jardin et A. J. Tudesq, La France des notables, Partie 1: L'évolution générale (1815-1848). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 6. Paris, Seuil, 1973.

A. Jardin et A. J. Tudesq, La France des notables, Partie 2: La vie de la nation (1815-1848). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 7. Paris, Seuil, 1973.

Maurice Agulhon, 1848 ou l'apprentissage de la république (1848-1852). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 8. Paris, Seuil, 1992.

Alain Plessis, De la fête impériale au mur des fédérés (1852-1871). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 9. Paris, Seuil, 1973.

Jean-Marie Mayeur, Les débuts de la IIIe République (1871-1898). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 10. Paris, Seuil, 1973.

Madeleine Rebérioux, La République radicale? (1898-1914). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 11. Paris, Seuil, 1975.

Jean-Jacques Becker et Serge Bernstein, Victoire et frustations (1914-1929). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 12. Paris, Seuil, 1990.

Henri Dubief, Le déclin de la IIIe République (1929-1938). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 13. Paris, Seuil, 1976.

Jean-Pierre Azéma. De Munich à la Libération (1938-1944). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 14. Paris, Seuil, 1979.

Jean-Pierre Rioux, La France de la Quatrième République. 1. L'ardeur et la nécessité (1944-1952). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 15. Paris, Seuil, 1980.

Jean-Pierre Rioux, La France de la Quatrième République, Partie 2: L'expansion et l'impuissance (1952-1958). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 16. Paris, Seuil, 1983.

Serge Bernstein, La France de l'expansion, Partie 1 : La République gaullienne (1958-1969). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 17. Paris, Seuil, 1989.

Serge Bernstein et Jean-Pierre Rioux, La France de l'expansion. Partie 2. L'apogée Pompidou (1969-1974). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 18. Paris, Seuil, 1995.

Jean-Jacques Becker, Crises et alternances (1974-2000). Nouvelle Histoire de la France contemporaine, Tome 19. Paris, Seuil, 2002.

Olivier Wieviorka et Christophe Prochasson (Présenté par), La France du XXe siècle. Documents d'histoire. Nouvelle histoire de La France contemporaine, Tome 20. Paris, Seuil, 1994.

------

Alfred Cobban, A History of Modern France. Volume 1: 1715 - 1799. Hammondsworth, Penguin Books Ltd., 1963 (third edition).

Alfred Cobban, A History of Modern France. Volume 1: 1799 - 1871. Hammondsworth, Penguin Books Ltd., 1963 (third edition).

Alfred Cobban, A History of Modern France. Volume 1: 1871 - 1962. Hammondsworth, Penguin Books Ltd., 1963 (third edition).

----------

*** MIDDELEEUWEN:

M.P. Boidin, De mythe. Een alternatieve benadering van middeleeuwse geschiedschrijving over de Romeinen, Merovingers, Karolingers in Frankrijk, Nederland, België en Duitsland. Trichis, 2010.

M. Boshart, De pest in Europa 1347-1352. Geschiedenis van een epidemie. Amsterdam, Uitgeverij Aspekt, 2016.

A. Daumard (Sous la direction de), Les Fortunes françaises au XIVe siècle. Paris, Mouton, 1973.

Robert Delort, La vie au Moyen Age. Paris, Seuil, 1982.

Bruno Dumézil, Des Gaulois aux Carolingiens. Paris, Presses Universitaires de France, 2013.

Georges Duby, Le temps des cathédrales: l'art et la société (980–1420). Paris,Gallimard, 1976.

Georges Duby, L'Europe au Moyen Age (1981). Paris, Flammarion, Coll. Champs Histoire, 2011.

Georges Duby, Histoire de France. Le Moyen Âge, 987-1460. Paris, Fayard/Hachette, 1987.

Jean Dunbabin, France in the Making 843-1180. Oxford, Oxford University Press, 2000.

Chiara Frugoni, Vivre en famille au Moyen Âge. Les Belles Lettres, 2017.

Max Gallo, Moi, Charlemagne, empereur chrétien. Paris, XO Editions, 2016.

Claude Gauvard, 'Rumeurs et stéréotypes à la fin du Moyen-Age'. In: La Circulation des nouvelles au Moyen-Age. Rome, EFR, 1994, pp. 157-177.

Bronislaw Geremek, Le salariat dans l'artisanat parisien aux XIIIe et XVe siècles. Etude sur le marché de la main-d'oeuvre au Moyen-Âge. Paris, Editions de l'Ecole des Hautes Etudes en Sciences Sociales, 1968.

Jacques Le Goff, L'imaginaire médiéval. Essais. Paris, Gallimard, 1985.

Jacques Heers, La naissance du capitalisme au Moyen Âge. Paris, Tempus Perrin, 2014.

Johan Huizinga, Herfsttij der Middeleeuwen. Studie over levens- en gedachtenvormen der veertiende en vijftiende eeuw in Frankrijk en de Nederlanden. (1919). Haarlem, H. D. Tjeenk Willink & Zoon N.V., 1941.

Hooft van Iddekinge, Friesland en de Friezen in de Middeleeuwen. Bijdragen tot de Geschiedenis, Rechtskennis, Muntkunde en Geografie der Friesche Gewesten, inzonderheid gedurende de Elfde Eeuw. Leiden, E. J. Brill, 1881.

Ch.-V. Langlois, La Vie en France au Moyen-Age de la fin du XIIe au milieu du XIVe Siècl. 4 vol. Paris, 1926-1828.

François de Lannoy, Pestes et épidémies au Moyen Age (VIe-XVe siècles). Rennes, Ouest-France, 2018.

Henry Laurent, Un grand commerce d'Exportation au Moyen Age. La draperie des Pays-Bas en France et dans les pays Méditerrannees (XIIe-XVe siècle). Paris, Librairie E. Droz, MCMXXXV.

Pierre Martin, Moyen Âge, 365 us et coutumes. Paris, Editions du Chêne, 2013.

A.P. Newton, ed., Travel and Travellers of the Middle Ages. London, Routledge and Kegan Paul, 1949.

David Nicolle, Poitiers AD 732. Charles Martel Turns the Islamic Tide. Bloomsbury, 2008.

F. Piponnier, P. Mane, Se vêtir au Moyen Age. Paris, 1995.

Herman Pleij, Dromen van Cocagne. Middeleeuwse fantasieën over het volmaakte leven. Amsterdam, Prometheus, 2000.

Philippe Reliquet, Le Moyen Age: Gilles de Rais, maréchal, monstre et martyr. Paris, 1982.

Bernard Ribémont, Sexe et amour au Moyen Âge. Klincksieck, 2007.

Pierre Riché, La Vie quotidienne dans l'Empire carolignien. Paris, 1973.

Pierre Riché, Les Carolingiens. Une famille qui fit l'Europe. (1983) Paris, Librairie Arthème Fayard/Pluriel, 2010.

Emmanuel Le Roy Ladurie, Montaillou, village occitan de 1294 à 1324. Paris, 1075.

Michel Sot, Jean-Patrice Boudet, Anita Guerreau-Jalabert, Le Moyen Age. Histoire Culturelle de la France 1. Paris, Seuil, 1997.

Mathias Tranchant, Le commerce maritime de La Rochelle à la fin du moyen age. 2003.

Barbara Tuchman, A Distant Mirror: The Calamitous 14th Century. New York, Alfred A. Knopf, 1978.

Jean Verdon, La Nuit au Moyen-Age. Paris, Perrin, 1994.

Jean Verdon, Les loisirs au Moyen Age. Paris, Tallandier, 1996.

Jean Verdon, La femme au Moyen Age. Paris, Editions Jean-Paul Gisserot, 1999.

Jean Verdon, Voyager au Moyen-Age. Paris, Editions Perrin, 2003.

Jean Verdon, Superstition au Moyen Age. Paris, Perrin, 2008.

Paul Zumthor, La mesure du monde. Représentation de l'espace au Moyen-Age. Paris, Seuil, 1993.

*** RENAISSANCE

Louis Batiffol, La vie de Paris sous Louis XIII. L'Existence pittoresque des parisiens au XVIIe siècle. Paris, Calman-Lévy, 1932.

Peter Burke, The European Renaissance: Centers and Peripheries. Wiley-Blackwell, 1998.

Ivan Cloulas, Les châteaux de la Loire au temps de la Renaissance. Paris, Hachette, 1996.

Jean Delumeau, La peur en Occident, XIVe-XVIIIe siècles. Paris, Fayard, 1978.

*** DE TIJD VAN TOLERANTIE:

P. Acloque et al., Huygens et la France. Paris, Vrin, 1982.

Yvon Belaval, Huygens et la France. Paris, 1982.

Jean Castarède, Henri IV, le roi vengé. Paris, Editions France-Empire, 1996.

Bernard Cottret, L'édit de Nantes, 1598 : pour en finir avec les guerres de religion, Paris, Perrin, 1997.

Dirk van der Cruysse, P.C. Hooft et la France d’Henri IV. Colloques Internationaux du C.N.R.S., N° 590, – La découverte de la France au XVIIé siècle. Paris, C.N.R.S, 1980.

Jean-Paul Desprat et Jacques Thibau, Henri IV. Le règne de la tolérance. Paris, Découvertes Gallimard, 2001.

Janine Garrisson, L'Édit de Nantes : chronique d'une paix attendue, Paris, Fayard, 1998.

Janine Garrisson, Henri IV. Le roi de la paix. Paris, Tallandier - Historia, 2000.

Michel Grandjean (dir.) et Bernard Roussel (dir.), Coexister dans l'intolérance : l'édit de Nantes, 1598, Genève, Labor et Fides, coll. « Histoire et société » (no 37), 1998.

Paul Mironneau (Sous la direction de), Réconciliations. Henri IV et Rome (1589-1610). RMN, 2020.

Gonzague Saint Bris, Henri IV et la France réconciliée. Paris, Le Livre de Poche, 2012.

René Taton (Avant propos de), Huygens et la France. Table Ronde du Centre National de la Recherche Scientifique, Paris 27-29 mars 1979. Paris, Librairie Philosophique J. Vrin, 1982.

Michel De Waele, Réconcilier les Français : Henri IV et la fin des troubles de religion (1589-1598), Québec, Presses de l'Université Laval, coll. « Les collections de la République des lettres », 2010.

Michel De Waele (dir.), Lendemains de guerre civile : réconciliations et restaurations en France sous Henri IV, Paris / Québec, Hermann / Éditions du CIERL, coll. « Les collections de la République des lettres. Symposiums », 2015.

*** LE GRAND SIÈCLE:

François d'Aubert, Colbert. Paris, Perrin, 2014.

Mark Bannister, Condé in Context: Ideological Change in Seventeenth-Century France. Oxford, Legenda, 2000.

Aurélien Conraux, Anne-Sophie Haquin et Christine Mengin (dir.), Richelieu. Quatre siècles d'histoire architecturale au cœur de Paris, BnF Éditions/INHA, 2017.

Jacques Dupaquier, La population française aux XVIIe et XVIIIe siècle. Paris, 1979.

Norbert Elias, The Court Society. Dublin, University College Dublin Press, 2005.
Norbert Elias, Die höfische Gesellschaft. Eine Untersuchung zur Soziologie des Königstum und der höfischen Aristokratie. Frankfurt am Main, Suhrkamp, 1983.

Norbert Elias, Über den Prozess der Zivilization. Soziogenetische und psychogenetische Untersuchungen.
Zweiter Band. Wandlungen der Gesellschaft. Entwurf zu einer Theorie der Zivilisation. Suhrkamp Taschenbuch Wissenschaft 159, 1977.

François De Salignac de La Mothe-Fénelon, Lettre à Louis XIV, 1694.
Via: https://fr.wikisource.org/wiki/Lettre_de_F%C3%A9nelon_%C3%A0_Louis_XIV

Fénelon, Lettre à Louis XIV et autres écrits politiques. Paris, Bartillat, 2011.

Michel Figeac, Châteaux et vie quotidienne de la noblesse: De la Renaissance à la douceur des Lumières. Paris, Armand Colin, 2006.

Max Gallo, Richelieu. La foi dans la France. Paris XO Editions, 2015.

Pierre Goubert, Louis XIV et vingt millions de Français. Paris, 1966.

A.C. Grayling, De tijd van het genie. De zeventiende eeuw en de geboorte van het moderne denken. Overamstel Uitgevers, 2016.

Caroline Hanken, Gekust door de koning. Over het leven van koninklijke maîtresses. Amsterdam, Meulenhoff, 1996.

Marcel Lachiver, Les Années de misère: La famine au temps du Grand Roi. Paris, Fayard, 1991.

Catherine Larrère, L'Invention de l'économie au XVIIIe siècle. Du droit naturel à la physiocratie. Paris, Presses universitaires France, 1992.

Jacques Levron, La vie quotidienne à la cour de Versailles aux XVIIe - XVIIIe siècles. Paris, Hachette, 1995.

P. J. W. Malssen, Louis XIV d'après les pamphlets répandus en Hollande. Amsterdam-Paris, 1936.

Philip Mansel, King of the World: The Life of Louis XIV. London, Allen Lane, 2019.

Alexandre Maral, Les derniers jours de Louis XIV. Paris, Perrin, 2014.

R. Mauzi, L'idée de bonheur au XVIIIe siècle. Paris, Armand Colin, 1960.

Nancy Mitford, De Zonnekoning. Lodewijk XIV in Versailles. Amsterdam, H.J.W. Becht's Uitgeversmaatschappij b.v., 1966.

Georges Mongrédien, La vie quotidienne sous Louis XIV. Paris,Librairie Hachette, 1948.

William Ritchey Newton, Vivre à Versailles: Derrière la façade, la vie quotidienne au château. Paris, Flammarion, Champs Histoire, 2014.

Jean-François Solnon, Louis XIV. Vérités et légendes. Paris, Perrin, 2015.

Paul Sonnino, Louis XIV and the origins of the Dutch War. Cambridge, Cambridge University Press, 1988.

*** LE SIÈCLE DES LUMIÈRES - 'DE VERLICHTING':

Pierre-Yves Beaurepaire, La France des Lumières (1715-1789). Paris, Belin, 2011.

Benedetta Craveri, The Age Of Conversation. New York, The New York Review Of Books, Inc., 2006.

Vincenzo Ferrone et Daniel Roche (dir.), Le Monde des Lumières. Paris, Fayard, 1999.

Marc Fumaroli, 'La conversation'. In: Les Lieux de Mémoires, III-Les Frances, t. 2, pp. 679-743. Paris Gallimard, 1994.

Marguerite Glotz, Les Salons au XVIII siècle. Paris, Hachette, 1988.

Elisabeth C. Goldsmith, 'Exclusive conversation': The art of Interaction in Seventeenth Century France. Philadelphia, University of Philadelphia Press, 1988.

Liliane Hilaire-Pérez, L'Invention technique au siècle des Lumières. Paris, Albin Michel, 2017.

Gertrude Himmelfarb, The Roads to Modernity: The British, French and American Enlightenments. 2008.

Marc-Vincent Howlett, L'homme qui croyait en l'homme. Jean-Jacques Rousseau. Paris, Gallimard, 1989.

Andreas Kinneging, De onzichtbare Maat. De verbleekte idealen van de Verlichting en de Romantiek. In: De Groene Amsterdammer, nr. 7, 12 februari 2020.
Via: https://www.groene.nl/artikel/de-onzichtbare-maat?utm_source=De+Groene&utm_campaign=64ba6dc773-Dagelijks-2020-02-16&utm_medium=email&utm_term=0_853cea572a-64ba6dc773-70676005

Antoine Litti, Le monde des salons. Sociabilité et mondainité à Paris au XVIIIe siècle. Paris, Fayard, 2005.

Paul Mantoux, La révolution industrielle au XVIIIe siècle. Paris, Editions Génin, 1973.

Louis Réau, L'Europe française au siècle des Lumières. Paris, 1933 (Rééd. Paris, Albin Michel, 1971).

Alain Renaut, Patrick Savidan, Pierre-Henri Tavoillot, Histoire de la philosophie politique, tome 3: Lumières et romantisme. Paris, Calmann-Lévy, 1999.

Stéphane Rials, La lumière à Paris au siècle des Lumières. Nanterre, 1973.

Bernard Rignault, Les Forges de Buffon en Bourgogne. Département de la Côte d'Or. Association pour la sauvegarde et l'animation des Forges de Buffon, 1978.

Philip F. Riley, A Lust for Virtue: Louis XIV’s Attack on Sin in Seventeenth Century France. New York, Praeger, 2001.

Daniel Roche, La France des Lumières. Paris, Fayard, 1993.

Jean-Jacques Rousseau, Emile ou de l'éducation. (1762). Paris, Editions Flammarion, 2010.

Jean-Jacques Rousseau (Textee établi, présenté et annoté par Robert Derathé), Du contrat social, (1762) précédé de Discours sur l'économie politique, Du Contrat social (Première version) et suivi de Fragments politiques. Paris, Editions Gallimard, 1964.

Jean Starobinski, L'Invention de la liberté 1700-1789. Paris, 2006.

Jabik Veenbaas, Verlichting als kraamkamer. Over het tijdperk en zijn betekenis voor het heden. Amsterdam, Uitgeverij Nieuw Amsterdam, 2013.

Rienk Vermij, De geest uit de fles. De Verlichting en het verval van de confessionele samenleving. Amsterdan, 2014.

Agnès Veyssière-Pomot, La grande forge de Buffon. Éd. Grande forge de Buffon, 2001.

Voltaire. Collection Les Géants. Paris-Match, Numéro culturel 'hors série', Paris, 1969

*** LA REVOLUTION FRANÇAISE:

Daniel Arasse, La Guillotine et l'imaginaire de la Terreur. Paris, Flammarion, 1987.

Paul Belaiche-Daninos, Les Soixante-Seize Jours de Marie-Antoinette à la Conciergerie. Tome I: La conjuration de l'Œillet. Arles, Actes Sud, 2006.

Paul Belaiche-Daninos, Les Soixante-Seize Jours de Marie-Antoinette à la Conciergerie. Tome II: Un procès en infamie. Arles, Actes Sud, 2006.

Thomas Carlyle, The French Revolution, (in two volumes). Dent: London, Dunton: New York, Everyman's Librairy, Last reprinted 1967.

Roger Chartier, Les Origines culturelles de la Révolution française. Paris, Seuil, 1990.

Anatole France, Les dieux ont soif (1912). Paris, Librairie Générale Française, 1989.

David Garrioch, La fabrique du Paris révolutionnaire. Paris, La Découverte, 2015.

Marcel Gauchet, Robespierre, l'homme qui nous divise le plus. Paris, Gallimard, 2018.

Jean-Clément Marin, La Terreur. Part maudite de la Révolution. Paris, Découvertes Gallimard, 2010.

A. Mathiez, La Révolution et les étrangers. Cosmopolitisme et Défense Nationale. Paris, 1918.

Peter McPhee, Revolution and Environment in Southern France. Peasants, Lords and Murder in the Corbières, 1780-1830. Oxford, Claredon Press, 1999.

Mona Ozouf, Varennes: La mort de la royauté (21 juin 1791). Paris, Gallimard Folio, 2011.

Roberto Panicali, Cadrans de la Révolution. Watch Dials of the French Revolution. Zifferblätter der französischen Revolution 1789-1800. Lausanne, 1972.

J. Presser, Napoleon. Historie en legende, deel 1 en deel 2. Amsterdam-Brussel, Elsevier, 4e ed., 1963.

J. Robiquet, La vie quotidienne au temps de la Révolution. Paris, Hachette, 1938.

A. Saalborn, Uit de gedenkschriften der beulen van Parijs. Daden en herinneringen, naar hunne mémoires opgeteekend. Amsterdam, H. Meulenhoff, 1930.
1. 1685-1789;
2. 1789-1795;
3. 1800-1845.

Jean Tulard, La Vie quotidienne des Français sous Napoléon. Paris, Hachette, 1978.

Bart Verheijen, Geschiedenis onder de guillotine. Twee eeuwen geschiedschrijving van de Franse revolutie, Nijmegen, Vantilt, 2013.

*** LA REVANCHE ET LA COMEDIE HUMAINE:

Honoré de Balzac, La Comédie humaine. 1829-1850. Paris, Gallimard, La Pléiade, 1936.

Philippe Berthier, La vie quotidienne dans La Comédie humaine de Balzac. Paris, Hachette, 1996.

Jérôme David, Balzac, une éthique de la description. Paris, Honoré Chapion, 2010.

Gérard Gengembre, Balzac. Le Napoléon des lettres. Paris, Gallimard, 1992.

Steven Kale, French Salons: High Society and Political Sociability from the Old Regime to the Revolution of 1848. Baltimore, 2006.

Anne Martin-Fugier, La Vie élégante ou la formation du Tout-Paris (1815-1848). Paris, Seuil, 2011.

André Maurois, Prométhée ou la vie de Balzac. Paris, Hachette, 1965.

*** LE DEUXIEME EMPIRE:

Eric Anceau, Napoléon III. Paris, Editions Tallandier, 2012

P. J. Andriessen, De Kolossus der Negentiende Eeuw, of Frankrijk in den bloeitijd van het Keizerrijk. Amsterdam, C.L. Brinkman, 1869. ?

Georges Duveau, La vie ouvrière en France sous le Second Empire. Paris, Gallimard, 1946.

Pieter Geyl, Napoleon, For and Against (1949). Yale University Press, 1967.

Pierre Guiral, La vie quotidienne en France à l'age d'or du capitalisme 1852-1879. Paris, Hachette, 1976.

Pierre Hahn, Nos ancêtres les pervers. La vie des homosexuels sous le Second Empire. Paris, O. Orban, 1979.

Victor Hugo, Les misérables. Bruxelles, A. Lacroix, Verboeckhoven & Cie. éditeur 1862.

Gaston Jollivet, Souvenirs de la vie de plaisir sous le Second Empire. Paris, Tallandier, 1927.

David I. Kulstein, Napoléon III and the working classes. The California State College, 1969.

Thierry Lentz, Napoléon. "Mon ambition était grande." Paris, Découvertes Gallimard, 2005.

J. Lhomme, La Grande Bourgeoisie au pouvoir (1830-1880). Paris, Presses Universitaires de France, 1964.

Hervé Maneglier, Paris impérial, la vie quotidienne sous le Second Empire. Paris, A. Colin, 1990.

P. Martino, Le Roman réaliste sous le Second Empire. Paris, Hachette, 1913.

Jacques Rougerie, Paris insurgé; La Commune de 1871. Paris, Découvertes Gallimard, 2012.

*** FIN DE SIECLE:

Marie-Claire Bancquart, Images littéraires du Paris fin-de-siècle. Paris, La Différence, 1979.

C. Charle, Paris fin de siècle. Paris, Seuil, 1998.

Vanessa R. Schwartz, Spectacular Realities. Early Mass-Culture in Fin-de-Siècle Paris. University of California Press, 1998.

Eugen Weber, France, Fin de siècle. The Belknap Press of Harvard University Press, Cambridge, Massachusetts and London England, 1986.

Michel Winock, Décadence fin de siècle. Paris, Gallimard, 2017.

*** LA BELLE EPOQUE:

Anaïs Albert, Les midinettes parisiennes à la Belle Époque: bon goût ou mauvais genre ? In: Histoire, économie & société 2013/3 (32e année), pages 61 à 74.

Arsène Alexandre, Les Reines de l’aiguille: Modistes et couturières. Paris, Théophile Belin, 1902.

Apaches (voyous).
Via: https://fr.wikipedia.org/wiki/Apaches_(voyous)

Philipp Blom, The Vertigo Years. Change and Culture in the West, Europe 1900-1914. London, 2008.

Francis Cargo, La Belle Epoque au temps de Bruant. Paris, Gallimard, 1954.

Frédéric Chavenon et Loïc Abed, La Baule à la Belle Époque, Doué-la-Fontaine. C.M.D., coll. 'Mémoire d'une ville', 2000.

Dominique Kalifa, L'encre et le sang: récits de crimes et société à la Belle Époque. Paris, Fayard, 1995.

Dominique Kalifa, La véritable histoire de la Belle Époque. Paris, Fayard, 2017.

Pierre Labracherie, La vie quotidienne de la bohème littéraire au XIXe siècle. Paris, Hachette, 1967.

Madeleine Leveau-Fernandez, Amélie Elie, dite Casque d'Or. Paris, Calmann-Lévy, 1999

Arnould de Liedekerke, La belle époque de l'opium. Anthologie littéraire de la drogue de Baudelaire à Cocteau. Paris, Editions de la Différence - Le Sphinx, 1984.

Mary McAuliffe, Dawn of the Belle Epoque. The Paris of Monet, Zola, Bernhardt, Eiffel, Debussy, Clemenceau, and Their Friends. Rowman & Littlefield, 2011.

Mary McAuliffe, Twilight of the Belle Epoque. The Paris of Picasso, Stravinsky, Proust, Renault, Marie Curie, Gertrude Stein, and Their Friends through the Great War. Rowman & Littlefield, 2017.

Pierre Milza et Raymond Poidevin (Sous la direction de), La Puissance française à la « Belle Époque ». Mythe ou réalité? Bruxelles, Editions Complexe, 1992.

Michelle Perrot, Dans le Paris de la Belle Epoque: les ' Apaches', premières bandes de jeunes. In: La lettre de l'enfance et de l'adolescence vol. 67, no. 1, 2007.

Michel Pierre, 1900 / 1910; Une presque belle époque. Paris, Découvertes Gallimard, 1999.

Charles Rearick, Pleasures of the Belle Epoque: Entertainment and Festivity in Turn-of-the-Century France. New Haven, Yale University Press, 1985.

Emmanuelle Retaillaud-Bajac, Mireille Havet: L'enfant terrible. Paris, Grasset, 2008.

Jean-Pierre Rioux et Jean-François Sirinelli, La culture de masse en France de la Belle Epoque à nos jours. Paris, Fayard, 2002.

Gérard Rousset-Charny, Les Palais parisiens de la Belle Epoque. Paris, DAAVP, 1990.

Léon Schirmann, L'Affaire Mata-Hari. Autopsie d'une machination. Paris, Tallandier, 1994.

Vanessa Schwartz, Spectacular Realities: Early Mass Culture in Fin-de-Siècle Paris. Berkeley, University of California Press, 1998.

Christian Topalov, Naissance du chômeur, 1880-1910. Paris, Albin Michel, 1994).

Michel Winock, La Belle Epoque. La France de 1900 à 1914. Paris, Perrin, 2003

Jean-Jacques Yvorel, Chronique du Paris apache (1902-1905). In: Revue d’histoire de l’enfance « irrégulière », 2009

*** LA GRANDE GUERRE:

Stéphane Audoin-Rouzeau et Annette Becker, La Grande Guerre: 1914-1918. Paris, Découvertes Gallimard, 1998.

Chrisje en Kees Brants, Velden van weleer. Reisgids naar de Eerste Wereldoorlog. Amsterdam, Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar, 10-de druk, 2018.

Christopher Clark, The Sleepwalkers. How Europe Went to War in 1914. London, England etc., Penguin Books, 2013.

C. Lucand, Le Pinard des Poillus. Une histoire du vin en France durant la Grande Guerre (1914-1918). Dijon, Editions Universitaires de Dijon, 2015.

Harold Nicolson, Peacemaking 1919. London, 1945.

A.J.P. Taylor, The First World War. An illustrated history. Penguin Books, 1963.

P. Visser, De Slag aan de Marne. Alkmaar, Gebr. Kluitman, 1912

M. C. M. Voorbeijtel, Van veerkracht en heldenmoed. Aan en achter het Fransche front. Amsterdam, Scheltens & Giltay, 1917(?).

Geoffrey Wawro, A Mad Catastrophe: The Outbreak of World War I and the Collapse of the Habsburg Empire. Basic Books, 2014.

*** LES ANNEES FOLLES:

Sarane Alexangrian, Le Surréalisme et le Rêve. Paris, Gallimard NRF, 19575.

Adolph Basler, Le Cafard après la fête ou l'esthétisme d'aujourd'hui. Paris, Editions Jean Budry, 1929.

Philippe Bernert et Gilbert Guilleminault, Les Princes des années folles, Paris, Plon, 1970.

François Besse et Mathilde Kressmann (éd.), Paris Années Folles. Paris, Parigramme, 2014.

Alexis Brocas et Aurélie Marcireau (Dossier coordonné par), Les Années Folles. Ils dansaient sur un volcan. In: Le Nouveau Magazine Littéraire, N° 28, pp. 22-39, avril 2020.

Laurent Chollet, Les Situationnistes: L'utopie incarnée. Paris, Découvertes Gallimard, 2004.

Paul Colin, Josephine Baker and la Revue Negre: Paul Colin's Lithographs of Le Tumulte Noir in Paris, 1927. Harry N. Abrams, Inc., 1998.

Dominique Desanti, La Femme au temps des années folles, Paris, Stock-Laurence Pernoud, 1984,

John Glassco, Memoirs of Montparnasse. New York, Oxford University Press, 1970.

Gilbert Guilleminault (Collection dirigée par), Le roman vrai de la IIIe République. Les Années Folles. Paris, Denoël, 1956.

Christian Gury, Excentriques et Années folles. Editions Non Lieu, 2010.

Sebastian Haffner, Het verhaal van een Duitsers 1914-1933. Amsterdam, Uitgeverij Maarten Muntinga bv, 2009.

Douglas and Madeleine Johnson, The Age of Illusion: Art and Politics in France 1918-1940. New York, Rizzoli, 1987.

Bruce Kent, The spoils of war. The politics, economics, and diplomacy of reparations 1918-1932. Oxford, 1989.

John Maynard Keynes, The Economic Consequences of the Peace. London, MacMillan and Co., Limited, 1920.

Jean-Jacques Lévêque, Les Années folles. 1918-1939, Paris, ACR, 1992.

Mary McAuliffe, When Paris Sizzled. The 1920s Paris of Hemingway, Chanel, Cocteau, Cole Porter, Josephine Baker and Their Friends. Lanham, MD, Rowman & Publishers, 2016.

Maurice Sachs, The Decade of Illusion: Paris, 1918-1928. New York, Alfred A. Knopf, 1933.
Maurice Sachs, Chronique joyeuse et scandaleuse. Paris, Corrêa, 1948.

Maurice Sachs, La Décade de l'illusions. (Paris, Gallimard, 1950.) Paris, Editions Grasset & Fasquelle, 2018.

J. H. Sauveur, Reisindrukken van Frankrijk en het front. Druk Volharding, 1916.

Stephen A. Schuker, The end of French predominance in Europe. The financial crisis of 1924 and the adoption of the Dawes-Plan. Chapel Hill, N.C., 1976.

Danielle Tartakowsky et Claude Willard, Des lendemains qui chantent? La France des années folles et du Front populaire. Paris, Messidor, 1986.

P. Visser, De Slag om de Marne. Alkmaar, Gebr. Kluitman, 1915.

*** LES ANNEES TRENTE:

Léon Blum, A l'échelle humaine. Paris, Gallimard, 47e édition, 1945.

Jacob Boas, Writers' Block: The Paris Antifascist Congress of 1935. Legenda, Modern Humanities Research Association, 2016.

Dominique Borne et Georges Dubief, La Crise des années trente, 1929-1938. Paris, Seuil, 1989.

G. Bourdé, La Défaite du Front populaire. Paris, Maspero, 1977.

Yves Daudu / Guy Konopnicki (Editorial), 1936. Quand la gauche faisait encore rêver. Marianne Hors-Série, 2016.

Romy Golan, Modernity and Nostalgia: Art and Politics in France Between the Wars. Yale Publications in the History of Art, 1995.

Daniel Guerin, Front populaire, révolution manquée. Agone, 2013.

Jeffrey H. Jackson, Making Jazz French: Music and Modern Life in Interwar Paris. Durham, NC, Duke Univerity Press, 2003.

Julian Jackson, The Popular Front in France: Defending Democracy, 1934-1938. Cambridge, Cambridge University Press, 1990.

Douglas and Madeleine Johnson, The Age of Illusion: Art and Politics in France 1918-1940. New York, Rizzoli, 1987.

Ingo Kolboom, La Revanche des patrons. Le Patronat français face au Front populaire. Paris, Flammarion, 1986.

Fabienne Kriegel (dir.), Collection Roger-Viollet, Les Congés Payés en Photos. Paris, Hachette Collections, 2006.

Jean Lacouture, Léon Blum. Paris, Seuil, 1977.

Michel Lefebre (Editioral), 1936. La vie change, La menace fasciste, Les photographes du Front populaire. Le Monde Hors-Série, Mai - Juillet, 2016.

George Lefranc, Le Front populaire. Paris, Presses universitaires de France, 1978.

Jean-Louis Loubet del Bayle, Les Non-Conformistes des années 30. Une tentative de renouvellement de la pensée politique française. Paris, Seuil, coll. 'Points Histoires', 2001.

Henri Noguères, La vie quotidienne en France au temps du Front populaire (1935-1938). Paris, Hachette, 1977.

Pascal Ory, La Belle Illusion: culture et politique sous le signe du Front Populair (1935-1938). Paris, Plon, 1994.

William L. Shirer, Berlin Diary. Popular Library Edition, 1961.

William L. Shirer, The Nightmare Years: 1930-1940. Noston, Little, Brown, 1984.

William L. Shirer, The Collapse of the Third Republic: An Inquiry into the Fall of France in 1940. Rosettabooks, 2014.

Léon Strauss et Jean-Claude Richez, « Un temps nouveau pour les ouvriers: les congés payés (1930-1960) ». In: Alain Corbin (dir.), L'Avènement des loisirs, 1850-1960, Aubier, 1995.

Danielle Tartakowsky et Claude Willard, Des lendemains qui chantent? La France des années folles et du Front populaire. Paris, Messidor, 1986.

Danielle Tartakowsky, Le Front populaire. La vie est à nous. Paris, Découvertes Gallimard, 1996.

Eugen Weber, The Hollow Years: France in the 1930’s. London, Sinclair-Stevenson, 1996.

William Wiser, The Twilight Years. Paris in the 1930’s. London, Robson Books, 2001.

*** LES ANNEES NOIRES:

Éric Alary, L'exode: un drame oublié. Paris, Perrin, coll. « Tempus », 2010.

Jean-Pierre Azéma, De Munich à la Libération 1938-1944. Nouvelle Histoire de la France contemporaine. N° 14. Paris, Seuil, 1979.

Jean-Pierre Azema, François Bédarida (Sous la direction de), La France des années noires, tome 1: De la défaite à Vichy. Paris, Seuil, Éd. rev. et mise à jour, 2000.

Jean-Pierre Azema, François Bédarida (Sous la direction de), La France des années noires, tome 2 : De l'Occupation à la Libération. Paris, Seuil, Éd. rev. et mise à jour, 2000.

Joseph BartoliLa, Retirada. Exode et exil des républicains d'Espagne. Arles, Actes Sud, 2009.

A. Beever, A. Cooper, Paris after the liberation 1944-1949. London, Hamish Hamilton, 1994.

Pierre Birnbaum, La leçon de Vichy. Une histoire personnelle. Paris, Seuil, 2019.

Marc Bloch (préf. Georges Altman), L'étrange défaite: témoignage écrit en 1940, Paris, Société des Éditions « Franc-Tireur », 1946.
Marc Bloch (Ed. Stanley Hoffman), L'Etrange défaite. Témoignage. Paris, Gallimard Folio, 1999.

Anne Boitel, Le camp de Rivesaltes, 1941-1942: du centre d'hebergement au "Drancy de la zone libre. Perpignan, Presses universitaires de Perpignan Mare nostrum, coll. « Études », 2001.

Friedel Bohny-Reitel, Journal de Rivesaltes 1941-1942. Carouge-Genève, Editions Zoé, 2010.

Rene Clément (Réalisateur), Paris, brûle-t-il? Paramount, 1966.

Jacques Crokaert, Les routes de l'exode. Editions Le Scorpion, 1975.

Jean Debordes, A Vichy, la vie de tous les jours sous Pétain. Editions du Signe, 1994.

Hanna Diamond, Sylvie Zaidman et al., (Avec la contribution), 1940: Les Parisiens dans l'exode. Paris, Paris Musées, 2020.

Laurent Douzou, La Résistance: Une morale en action. Paris, Découvertes Gallimard, 2010.

Ilya Ehrenbourg, La Chute de Paris. Roman. Paris, Editions Hier et Aujourd'hui, 1944.

Jean-Claude Farcy, Les camps de concentration français. Paris, Economica, 1995.

Lisa Fittko, Escape Through the Pyrenees. Northwestern University Press, 1991. (Second edition 2020).

Lisa Fittko, Le Chemin Walter Benjamin - Précédé de Le présent du passé par Edwy Plenel. Paris, Le Seuil, 2020.

La France Libérée, 24 août 1944 - Paris Insurgé - Paris en fête. Paris Match, Numéro spécial historique. Paris, 1994.

George Frélastre, Les complexes de Vichy ou Vichy les capitales. Malicorne sur Sarthe, Editions France-Empire, 1975. >P> Karl-Heinz Frieser, Blitzkrieg-legende: Der Westfeldzug 1940. (1995) Walter de Gruyter, 2012.

Danièle Gervais-Marx, La Linge de démarcation. HB Editions, 1997.

Charles Glass, Les Américain à Paris sous l'Occupation. Paris, Editions Saint-Simon, 2012.

Anne Grynberg, Les Camps de la honte. Les Internés Juifs Des Camps Français, 1939-1944. Paris, La Découverte, 1991.

Jean-Pierre Guéno, Paroles d'exode, mai-juin 1940: Lettres et témoignages des Français sur les routes. Paris, J'ai lu, 2015.

Mr. G. J. van Heuven-Goedhart, De reis van 'Colonel Blake'. Utrecht, Erven J. Bijleveld, 1945.

Sigrid Hauser, Der Fortschritt des Erinnerns: Mit Walter Benjamin und Dani Karavan in Portbou. Wasmuth Ernst Verlag, 2010.

Balbino Katz, Nos amis les Français: Guide pratique à l'usage des GIs en France, 1944-1945. Paris, Le Cherche Midi, 2003.
112 Gripes about the Fench. (First published by the Information & Education Division of the US Occuoation Forces, Paris.) This edition: Oxford OX, Bodleian Library, 2013.

Anthony Kemp, 6 juin 1944; Le débarquement en Normandie. Paris, Découvertes Gallimard, 1994.

Robert Kiek, Pijlen van den leeuw. Een oorlogsreportage. Amsterdam, P. N. van Kampen & Zoon N.V., 1945.

Megan Koreman, Gewone helden: de Dutch- Paris ontsnappingslijn 1942 – 1945. Amsterdam: Boom, 2016.
Megan Koreman, The Escape Line: How the Ordinary Heroes of Dutch-Paris Resisted the Nazi Occupation of Western Europe. Oxford, Oxford University Press, 2018.

George G. Kundahl, The Riviera at War: World War II on the Côte D'azur. London, I.B.Tauris & Co., 2017.

Claude Laharie, Le Camp de Gurs. 1939-1945. Un aspect méconnu de l'histoire du Béarn. Pau, Infocompo, 1985.

Dominique Lapierre, Larry Collins, Is Paris burning? New York, Simon and Schuster Publishers Inc., 1965.

Christine Levisse-Touzé, Paris libéré Paris retrouvé. Paris, Découvertes Gallimard, 1994.

Jonathan Littell, Les Bienveilantes. Paris, Gallimard - NRF, 2006.

Herbert Lottman, Pétain. Paris, Editions du Seuil, 1984.

Herbert Lottman, L'épuration 1943 - 1953. Paris, Fayard, 1986.

Roger Marquet, Paroles d'Exode, Tome 1 (l'Exode de 1940 raconte par 120 Témoins). Weyrich Edition, 2010.

Roger Marquet, Paroles d'exode, Tome 2 (l'exode de 1940). Weyrich Edition, 2011.

Joël Mettay, L'Archipel du Mépris. Histoire du camp de Rivesaltes de 1939 à nos jours. Canet, Editions Trabucaire, 2008.

Pierre Miquel, L'exode: 10 mai-20 juin 1940, Paris, France loisirs, 2004.

Allan Mitchell, Nazi Paris: The History of an Occupation, 1940-1944. Berghahn Books, 2010.

Airey Neave, Saturday at M.1.9: History of Undergrond Escape Lines in N.W. Europe in 1940-1945. Coronet Books, 1985.

Irène Némirovsky, Suite française. Paris, Denoël, 2004.

Nicole Ollier, L'exode - sur les routes de l'an 40. Paris, Robert Laffont, 1969.

Marcel Ophüls (Réalisation), Le Chagrin et la Pitié. Gaumont / Norddeutsche Rundfunk / Société Suisse de Radiodiffusion et Télévision, 1969.

Jean-Louis Panicacci, Les Alpes maritimes dans la guerre 1939-1945. Editions De Borée, 2013.

Guy Pauchou et Dr. Pierre Masfrand, Oradour-sur-Glane. Vision d'épouvante. Limoges-Paris-Nancy, Charles-Lavauzelle & Cie, Imprimeurs, Edition 1978.

Denis Peschanski, La France des camps - L'internement (1938-1946), Gallimard, 2002.

Agnes Poirier, Left Bank. Art, Passion, and the Rebirth of Paris, 1940-50. Picador USA, 2019.

Rémy Portes, 1940. Vérités et légendes. Paris, Perrin, 2020.

Bruno Queysanne (Sous la direction de), L'architecture inquiétée par l'oeuvre d'art. Mémorial Walter Benjamin de Dani Karavan à Portbou. Espérou, 2015.

Gilles de Ragache et Jean-Robert Ragache, La Vie quotidienne des écrivains et des artistes sous l'Occupation, 1940-1944. Paris, Hachette, 1992.

Maurice Rajsfus, Drancy, un camp de concentration très ordinaire, 1941-1944. Le Cherche-Midi éditeur, 2005.

Alan Riding, And the Show Went On. Cultural Life in Nazi-Occupied Paris. Knopf, 2010.

Sébastien Rongier, Les désordres du monde. Walter Benjamin à Port-Bou. Paris, Fayard/Pauvert, 2017.

Ronald C. Rosbottom, When Paris Went Dark. The city of light under German occupation, 1940 - 1944. New York NY, Little, Brown and Company, 2015.

Ronald C. Rosbottom, Sudden Courage. Youth in France Confront the Germans, 1940–1945. Custom House, 2019.

Henry Rousso, Le syndrome de Vichy de 1944 à nos jours. Paris, 1990.

Henry Rousso, Les années noires. Vivre sous l'Occupation. Paris, Découvertes Gallimard Histoire, 1992.

Jacques Sapir, Frank Stora, 1940, et si la France avait continué la guerre... : Essai d'alternative historique. Editions Tallandier, 2019.

Agnès Sajajoli (Editorial), Le Mémorial du camps de Rivesaltes. 92130 Issy-les-Moulineaux, Beaux Arts édtions / TTM éditions, 2015.

Ingrid Scheurmann, Konrad Scheurmann, Dani Karavan - Hommage an Walter Benjamin. Der Gedenkort 'Passagen' in Portbou. Homage to Walter Benjamin, 'Passages', Place of Rememberance at Portbou. Mainz, Verlag Philip von Zabern, 1995.

Volker Schlöndorff (Réalisateur), Diplomatie. Film Oblige - Gaumont - Blueprint Film - Arte France Cinéma, 2014.

Y. van der Schoot, Vlucht naar Frankrijk. Neerbosch, Neerbosch boekhandel en uitgeverij, 1945.

Anne Sebba, Les Parisiennes. How the Women of Paris Lived, Loved, and Died Under Nazi Occupation. St. Martin's Griffin, 2017.

André Simone, J'accuse! The men who betrayed France. G.G. Harrap, 1941.

Zoltan Szabo, L'effondrement. Journal de Paris à Nice (10 mai 1940 - 23 août 1940). Editions Exils, 2002.

Gérard Walter, La Vie à Paris sous l'occupation. Paris, Armand Colin, 1960.

Paul Webster et Marcella Webster (coll.), Voyages sur la ligne de démarcation. Héroisme et Trahisons. Paris, le cherche midi, 2004.

Léon Werth, 33 jours. Viviane Hamy, 2006.
Léon Werth, Adieu Parijs. Uitgeverij De Geus B.V., 2016.

Olivier Wieviorka, Une Histoire de la résistance en Europe occidentale. Paris, Perrin, 2017.

Olivier Wievorka, Histoire de la Résistance. Obéir c'est trahir. Désobéir c'est servir. Paris, Tempus Perrin, 2018.

*** DE VIERDE REPUBLIEK:

Gilbert Guilleminault (collection dirigée par), Le roman vrai de la IVe République. 1944-1947. Les lendemains qui ne chantent pas. Paris, Denoël, 1969.

Gilbert Guilleminault (collection dirigée par), Le roman vrai de la IVe République. 1947-1953. La France de Vincent Auriol. Paris, Denoël, 1970.

Gilbert Guilleminault (collection dirigée par), Le roman vrai de la IVe République. 1954-1958. De Bardot à de Gaulle. Paris, Denoël, 1972.

----------

*** DE VIJFDE REPUBLIEK:

Jean-Jacques Chevallier, Guy Carcassonne, Olivier Duhamel et Julie Benetti, Histoire de la Ve République. 1958-2017. Dalloz, 2017.

Michel Crozier, La société bloquée. Paris, Editions du Seuil, 1970.

Michel Crozier, Le phénomène bureaucratique. Paris, Seuil, 1971.

Olivier Duhamel, La gauche et la Ve république. Paris, Presses Universitaires de France, 1980.

Sudhir Hazareesingh, In the Shadow of the General: Modern France and the Myth of De Gaulle. Oxford, Oxford University Press USA, 2012.

Henri Mendras, La Seconde Révolution française: 1965-1984. Paris, Gallimard, 1994.

Alain Peyrefitte, C'était de Gaulle.
Tome I: 'La France redevient la France'. Paris, Editions de Fallois / Fayard, 1994.
Tome II: 'La France reprend sa place dans le monde'. Paris, Editions de Fallois, / Fayard, 1997.

Henk L. Wesseling, De man die nee zei. Charles de Gaulle 1890 - 1970. Amsterdam, Uitgeverij Bert Bakker, 2012.

----------

ENKELE HEDENDAAGSE FRANS-MAATSCHAPPELIJKE KARAKTERISTIEKEN EN OBSERVATIES:


Herve Le Bras, Emmanuel Todd, Le Mystère français. Paris, Seuil, 2013.

Nicolas Bonnal, Le coq hérétique: Autopsie de l'exception française. Les Belles Lettres, 1997.

Pierre Bréchon, Jean-François Tchernia (Sous la direction de), La France à travers ses valeurs. Paris, Armand Colin, 2009.

Marc Chavannes, Frankrijk achter de schermen. De stille revolutie van een trotse natie. Amsterdam/Rotterdam, Prometheus/NRC Handelsblad, 2000.

Gerard Chouquer et al., Une exception si française. Cosmopolitique 16, Editions Apogée, 2007.

James Corbett, Through French Windows. An Introduction to France in the Nineties. Ann Arbor, The University of Michigan Press, 1994.

Pepper D. Culpepper, Peter A Hall et Bruno Palier (Sous la direction de), La France en mutation 1980-2005. Paris, Les Presses de Science Po, 2006.

Claude Fouquet, Délires et Défaites - une Histoire Intellectuelle de l'Exception Française. Paris, Albin Michel, 2014.

Jacques Généreux,
- La Dissociété. À la recherche du progrès humain - 1. Paris, Éditions du Seuil, coll. « Points Essais », 2011.
- L'autre société. À la recherche du progrès humain - 2. Paris, Éditions du Seuil, coll. « Points Essais », 2011.
- La grande régression. À la recherche du progrès humain - 3. Paris, Éditions du Seuil, coll. « Points Essais », 2011.

Peter Giessen, Retour de France. Over de route nostalgique naar het Frankrijk van nu. Amsterdam, Thomas Rap, 2018.

Jean-Pierre Le Goff, Malaise dans la démocratie. Paris, Stock, 2016.

Gaëtan Gorce, Vive l'exception française! Editions Lignes de Repères, 2016.

Philip H. Gordon and Sophie Meunier, The French Challenge: Adapting to Globalization. Washington, DC, Brookings Institute Press, 2001.

François Hulbert, En finir avec l'organisation centralisée: 40 ans d'exception française, ça suffit ! Paris, L'Harmattan, 2013.

Philippe d'Iribarne, L'étrangeté française. Paris, Seuil, 2006.

Yves Laisne, Le Véme empire. Tome 1 et 2: Ou la face cachée de l'exception française. VA press, 2020.

Thomas Lebègue et Emmanuelle Walter, Grandes écoles: La fin d'une exception française. Paris, Calmann-Lévy, 2008.

Jacques Lévy, Atlas politique de la France. Les révolutions silencieuses de la société française. Paris, Autrement, 2017.

Cees van Lotringen en Maurice Bood, Het gedroomde paradijs. Cultuurwijzer voor het Franse leven. Amsterdam, Uitgeverij Bert Bakker, 2001.

M. Julien Lussiez, Avenir Français: Décrypter les grands enjeux de la France du XXIe siècle et les solutions pour y faire face. 2019.

Le Monde Hors-Série, 40 cartes pour comprendre la France. Emploi, immigration, santé, mobilité, élections. Paris, Le Monde Hors-Série, février-avril 2020.

Florent Ploquin, L'Exception Française. Arghos Diffusion, 2013.

Florent Ploquin, Les Paradoxes de l'exception française: Sept réflexions à contre-courant. Editions Edilivre, 2018.

S. Regourd, L'Exception culturelle. Paris, Presses Universitaires de France, 2002.

Hugues Serraf, (Petites) Exceptions Francaises. 25 bonnes raisons pour que le monde ne nous envie pas. Paris, Albin Michel, 2008.

Ezra Suleiman, Schizophrénies françaises. Paris, Grasset, 2008.

Yves Tinard, L'exception française. Pourquoi? Maxima, 2001.

Emmanuel Todd, Qui est Charlie? Sociologie d'une crise réligieuse. Paris, Seuil, 2015.

Emmanuel Todd, Les Luttes de classes en France au XXIe siècle. Paris, Seuil, 2020.

Yves Verneuil, Les agrégés. Histoire d'une exception française. Paris, Belin, 2017.

*** LES TRENTES GLORIEUSES:

John Ardagh, The New France. A Society in Transition 1945-1977. Harmondsworth, Penguin Books Ltd., third edition, 1977.

John Ardagh, France in the New Century: Portrait of a Changing Society. Hammondsworth, 2000.

M. Bess, The Light-Green Society, Ecology and Technological Modernity in France, 1960-2000. Chicago, University of Chicago Press, 2003.

Hervé Le Bras, Atlas des inégalités. Les Français face à la crise. Paris, Autrement, 2014.

Hervé Le Bras, Se Sentir Mal Dans une France Qui Va Bien. La société paradoxale. La Tour d'Aigues, Editions de l'Aube, 2019.

Hervé Le Bras et Bertrand Schmitt, Métamorphose du monde rural. Agriculture et agriculteurs dans la France actuelle. Editions Quae, 2020.

Hervé Le Bras, Sommes-nous submergés? La Tour d'Aigues, Editions de l'Aube, 2020.

Drs. G. R. Brulé, Geography of Happiness. A comparative exploration of the case of France. Rotterdam. Proefschrift, Erasmus University Rotterdam, 2016.

Jean Fourastié, Le Grand Espoir du XXe siècle. Progrès technique, progrès économique, Progrès social. Paris, Presses Universitaires de France, 1950.

Jean Fourastié, Machinisme et bien-être: niveau de vie et genre de vie en France de1700 à nos jours. Paris, Les Editions de Minuit, 1962.

Jean Fourastié, Les Trente Glorieuses, ou la Révolution invisible de 1946 à 1975. Paris, Fayard, 1979,

Marc Gaillard, Paris: Les trente glorieuses. Au temps de Malraux. Etrepilly, Presses du Village - Christian de Bartillat, 2006.

Rodolphe Lachat (Sous la direction de), La France des ronds-points, meilleurs souvenirs des Trente Glorieuses. Huginn & Muninn, 2019.

Jean Saint-Geours, Vive la société de consommation. Paris, Hachette, 1971.

Michel Winock, Chronique des années soixante. Paris, Seuil, 1987.

*** DE TOPPEN VAN DE FRANSE STAAT, DE PRIVATE SECTOR EN HUN ELITEN:

Bruno Abescat, La Saga des Bettencourt. L'Oréal, une fortune française. Paris, Plon, 2002.

José Alvarez, François Pinault, artiste contemporain. Paris, Albin Michel, 2018.

Eric Anceau, Les élites françaises. Des Lumières au grand confinement. Passés Composés, 2020.

Raphaëlle Bacqué, Richie. Paris, Bernard Grasset, 2015.

Adeline Baldacchino, La Ferme des Enarques. Paris, Michalon Editeur, 2015.

Bertrand Bellon, Le Pouvoir Financier et l'Industrie en France. Paris, Seuil, 1980.

Maurice Bernard (Préface d'Ezra Suleiman), L'entre-soi des élites: Une oligarchie suicidaire. Riveneuve éditions, 2016.

Pierre Birnbaum, Les sommets de l'Etat. Essai sur l'élite du pouvoir en France. (1977). Paris, Seul, Edition augmentée, 1994.

Pierre Bourdieu, La noblesse d'état. Grandes écoles et esprit de corps. Paris, Les Editions de Minuit, 1989.

Benoît Boussemart, Grandes fortunes, banquiers, politiciens… La collusion des pouvoirs face à la crise, Auchy-lez-Orchies, Estaimpuis, 2012.

J. Bouvier, Les Rothschild. Paris, 1967.

Guy Chaussinano-Nogaret, Histoire des elites en France, du XVIe au XXe siècle. Paris, Hachette, 2002.

Sophie Coignard, Romain Gubert, L'Oligarchie des incapables. Paris, Albin Michel, 2012.

Jézabel Couppey-Soubeyran, Blablabanque. Le discours de l'inaction. Paris, Michalon Editeur, 2015.

François Dalle, L'Aventure l'Oréal. Paris, Odile Jacob, 2001.

Alain Deneault, La Médiocratie. Lux Editeur, 2015.

Nadège Forestier et Nazanine Ravai, Bernard Arnault ou le Goût du pouvoir. Olivier Orban, 1993.

Thierry Gadault et Bruno Lancesseur, Jean-Luc Lagardère, corsaire de la République. De Thomson à Airbus, une saga politico-industrielle. Paris, Le Cherche Midi, 2003.

Tristan Gaston-Breton, La saga des Rothschild. L'argent, le pouvoir et le luxe. Editions Tallandier, 2019.

Pierre-Angel Gay, Caroline Monnot, François Pinault, milliardaire. Les Secrets d'une incroyable fortune. Jacob Duvernet, 1999.

Cyril Grange, Les Gens du Bottin Mondain. 1903-1987. Y être c'est en être. Paris, Fayard, 1996.

André Granou, La Bourgeoisie financière au pouvoir. Paris, Maspero, 1977.

Peter Gumbel, Elite Academy: Enquête sur la France de ses grandes écoles. Paris, 2013.

Pierre Ivorra, Dans les coulisses du CAC 40 : Bolorré, Arnault, Bettencourt, Minc, Peugeot, BNP Paribas, Vinci...côté cour et côté jardin. Editions du Croquant, 2018.

Pierre Legendre, L'ENA, miroir d'une nation. Mille et une nuits, 1999.

Mediapart, L'Affaire Bettencourt. Un scandale d'état. Don Quichotte, 2010.

Luc Nefontaine, La Franc-Maçonnerie: Une fraternité révélée. Paris, Découvertes Gallimard, 2008.

François Nouzille et Alexandra Schwartzbrod, L'acrobate. Jean-Luc Lagardère ou les armes du pouvoir. Paris, Seuil, 1998.

Martine Orange, Rothschild, une banque au pouvoir. Paris, Albin Michel, 2012.

Alain Peyrefitte, Le Mal Français. (1976). Paris, Librairie Arthème Fayard, (Préface d'Hélène Carrère d'Encausse), 2006.

Pietro Ratto, Rothschild et Co. - Les secrets des familles les plus puissantes. Macro éditions, 2018.

Michel Refait, Moët & Chandon. De Claude Moët à Bernard Arnault. Dominique Guéniot, 2011.

Pierre Le Roy, Engie - de la Compagnie de Suez (1858 à nos jours). Economica, 2020.

Michel Pinçon et Monique Pinçon-Charlot, Grandes Fortunes. Dynasties familiales et formes de richesse en France. Paris, Petite bibliothèque Payot, 2006.

Michel Pinçon et Monique Pinçon-Charlot, Les Ghettos du Gotha. Au coeur de la grande bourgeoisie. Paris, Seuil, 2010.

Michel Pinçon et Monique Pinçon-Charlot, Le président des ultra-riches. Chronique du mépris de classe dans la politique d'Emmanuel Macron. Zones, 2019.

Tom Sancton. The Bettencourt Affair. The World's Richest Woman and the Scandal That Rocked Paris. Dutton, 2018.

Céline de Sezin Topçu et Christophe Bonneuil (sous la direction de), Une autre histoire des «Trente Glorieuses». Modernisation, contestations et pollutions dans la France d’après-guerre. Paris, La Découverte, 2013.

Jean Stern, Les Patrons de la presse nationale: Tous mauvais. La Fabrique, 2012.

Ezra Suleiman, Les Elites en France. Grands corps et grandes écoles. Paris, 1979.

Laure Watrin et Thomas Legrand, La république bobo. Paris, Stock, 2014.

-------

HEDENDAAGSE FRANSE POLITIEKE PAMFLETTEN:


Claude Bartolone & Michel Winock (rapport dirigé par), Refaire la démocratie. Dix-sept propositions. Vincennes, Editions Thierry Marchaisse, 2016.

Nicolas Baverez, La France qui tombe. Paris, Perrin, 2003.

Nicolas Baverez, Reveillez-vous! Paris, Fayard 2012.

Georges-Marc Benamou, Un mensonge français. Retours sur la guerre d'Algérie. Paris, Robert Laffont, 2003.

Alain de Benoist, Vu de droite. Anthologie critique des idées contemporaines. Copernic, 1977.

Alain de Benoist, Au bord du gouffre. La faillite annoncée du système de l'argent. Editions Krisis, 2011.

Alain de Benoist, Droite-gauche, c'est fini! Le moment populiste. Editions Pierre-Guillaume de Roux, 2017.

Alain de Benoist, Décroissance ou toujours plus? Penser l'écologie jusqu'au bout. Pierre-Guillaume de Roux Editions, 2018.

Alain de Benoist, Contre le libéralisme: La société n'est pas un marché. Editions du Rocher, 2019.

Jean-Pierre Chevènement, La France est elle finie? Paris, Fayard, 2011.

François de Closets, Toujours plus!. Paris, Editions Grasset & Fasquelle, 1982.

François de Closets, Plus encore! Ces vérités qu'on ne veut pas entendre. Paris, Fayard / Plon, 2006.

Françoisde Closets, La France à quitte ou double. Pour en finir avec 40 ans de mensonges. Paris, Fayard, 2015.

Thierry Desjardin, La décompomposition française. Paris, Albin Michel, 2002.

Stéphane Hessel, Indignez vous! Montpellier, Indigène éditions, 2011.

Laurent Joffrin, La régression française. Paris, Seuil, 1992.

Laurent Joffrin, Le réveil français. Pour en finir avec les défaitistes, les déclinistes et autres prophètes de la décadance. Paris, Stock, 2015.

Emmanuel Macron, Révolution

Arnaud Montebourg (Préface d’Emmanuel Todd), Votez pour la démondialisation! Paris, Flammarion, 2011.

Eric Zemmour, Mélancolie française. Paris, Fayard / Denoël, 2010.

Eric Zemmour, Le suicide français. Paris, Albin Michel, 2014.


----------

EUROPA'S:


Benjamin Angel et Jacques Lafitte, L'Europe. Petite histoire d'une grande idée. Paris, Découvertes Gallimard, 2004.

Luigi Barzini, The Europeans. New York, Simon and Schuster, 1983.

Nicolas Bourguinat (dir.), L'invention des Midis. Représentations de l'Europe du sud, XVIIIe-XXe siècle. Strasbourg, Presses universitaires de Strasbourg, 2015.

Yves Bouvier et Léonard Laborie, L'Europeen transitions. Energie, mobilité, communications XVIIIe-XXXIe siècles. Paris, Nouveau Monde éditions, 2016.

Fernand Braudel, L'Europe. L'espace, le temps, les hommes. Paris, Arts et métiers graphiques, 1987.

Nicholas Canny (ed.), Europeans on the move. Studies on European Migration, 1500 – 1800. Wotton-under-Edge, Clarendon Press, 1994.

Chantal Delsol, Jean-François Mattéi (Sous la direction de), L'identité de l'Europe. Paris, Presses Universitaires de France, 2010.

Vincent Drezet et al., Pour un serpent fiscal européen: De la concurrence à l'harmonisation. Editions Syllepse, 2005.

Georges Duby, Le Moyen Age. L'Europe des cathédrales 1140-1280. Genève, Skira Booking International, 1995.

Antonis A. Ellinas, Ezra Suleiman, The European Commission and Bureaucratic Autonomy. Europe's Custodians. Cambridge University Press, 2014.

Christiane Eluère, L'Europe des Celtes. Paris, Découvertes Gallimard, 1992.

Alain Erlande-Brandenburg, L'Art roman: Un défi européen. Paris, Découvertes Gallimard, 2005.

L'Express, Comment la Chine envahit l'Europe. (Couverture), No 3109, 02/02/2011.

Lucien Febvre, L'Europe. Genèse d'une civilisation. Paris, Perrin, 1990.

Orlando Figes, The Europeans: Three Lives and the Making of a Cosmopolitan Culture. Allen Lane, 2019.

R. Fossier, Le Moyen Age. L'éveil de l'Europe: 950-1250. Paris, A. Colin, 1990.

Marc Fumaroli, Quand l'Europe parlait français. Editions de Fallois, 2001.

Yves Hersant, Fabienne Durand-Bogaert, Europes. De l'Antiquité au XXe siècle. Anthologie critique et commentée. Paris, Robert Laffont Bouquins, 2000.

Alan Holden, Three Voyageurs in Search of Europe: A Study of Henry James, Ezra Pound and T.S. Elliott. Philadelphia , University of Pensylvania Press, 1965.

Henry James, The Europeans. (1878), Hammondsworth, Penguin, 1985.

Tony Judt, A Grand Illusion? An Essay on Europe. Douglas & McIntyre. 1996.

Riva Kastoryano (sous la direction de), Quelle identité pour l'Europe? Le multiculturalisme à l'épreuve. Paris, Presses de Sciences Po, 1998.

György Konràd, Europa und die Nationalstaaten. Essay. Frankfurt am Mein, Suhrkamp Verlag, 2013.

Joep Leerssen, National Thought in Europe. A Cultural History. Amsterdam, Amsterdam University Press, 2006.

Joep Leerssen, Echo's van Europa. Een hoorcollege over de Europese cultuur als mythe en beeldvorming. Home Academy, Luisterboek, 2018.

Joep Leerssen, Spiegelpaleis Europa. Europese cultuur als mythe en beeldvorming. Uitgeverij Vantilt, 2015.

David Levering Lewis, God's Crucible. Islam and the Making of Europe, 570 - 1215. New York, NY, Norton, 2008.

Emmanuelle Loyer, Une brève histoire culturelle de l'Europe. Paris, Flammarion, 2017.

Geert Mak, In Europa. Reizen door de twintigste eeuw. Amsterdam / Antwerpen, Uitgeverij Atlas, 2004.

Geert Mak, Grote verwachtingen – In Europa 1999-2019. Amsterdam, Atlas Contact, 2019.

Geert Mak (Propos recueillis par Peter Giesen), Na vijftien jaar reisde Geert Mak opnieuw door Europa. Wat trof hij aan? In: De Volkskrant, 1 november, 2019.

Rosamond McKitterrick, Charlemagne: The Formation of a European Identity. Cambridge, Cambridge University Press, 2008.

François Mitterrand / Václav Havel, Sur l'Europe. La Tour d'Aigues, Editions de l'Aube, 1991.

Edgar Morin, Penser l'Europe. Paris, Gallimard, 1990.

Kees van der Pijl, Een Amerikaans plan voor Europa. Achtergronden van het ontstaan van de EEG. Amsterdam, 1978.

R. Pomeau, L'Europe des Lumières. Cosmopolitisme et unité européenne au XVIIIe siècle. Paris, R22D; Stock, 1991.

Bob Putigny, L'épopée de Bourgogne. Une marche vers l'Europe. Paris, Robert Laffont, 1986.

Pierre Riché, Les Carolingiens. Une famille qui fit l'Europe. (1983). Paris, Librairie Arthème Fayard/Pluriel, 2010.

Jeremy Rifkin, The European Dream. How Europe's Vision of the Future is Quietly Eclipsing the American Dream. New York , Jeremy P. Tarcher / Penguin, 2004.

Muriel Rouyer et al., Regards sur le cosmopolitisme européen: Frontières et identités. Peter Lang AG, 2010.

Hans Steketee, Reizen is een onderdeel van de Europese identiteit. In: NRC, juli 2020 om 14:58.
Via: https://www.nrc.nl/nieuws/2020/07/03/reizen-is-een-onderdeel-van-de-europese-identiteit-a4004911

Marie Thiesse, La création des identités nationales. Europe XVIIIe-XIXe siècle. Paris, Seuil, 2001.

Serge Sur (Rédacteur en chef), Le réveil des frontières. Des lignes en mouvement. Dossier dans 'Questions Internationales', N° 79-80. Paris, La Documentation française, 2016.

Emmanuel Todd, L'Invention de l'Europe. Paris, Seuil, 2015.

Dominique Venner, Histoire et tradition des Européens: 30 000 ans d'identité. Editions du Rocher, 2011.

Florence Weber, Une anthropologie de l'Europe est-elle possible? In: Florence Weber, Brève histoire de l'anthropology. Paris, Flammarion, Champs essais, 2015.

Catharine Withol de Wenden, La citoyenneté européenne. Paris, Presses de Sciences Po, 1997.

Stefan Zweig, Le Monde d'hier. Souvenirs d'un européenne. Paris, Belfond, 1993.


----------

NOG NIET GEORDEND:


NOU, BEHALVE DAN:

** LE CORBUSIER, omdat hij met plannen kwam om 'mijn' Parijs zo goed als vervangen wilde door wolkenkrabbers waar je tussendoor moest kunnen rondvliegen:

Rémi Baudouï (Sous la direction de), Le Corbusier 1930-2020. Polémiques, mémoire et histoire. Paris, Tallandier, 2020.

Le Corbusier, Urbanisme. 1925

Le Corbusier, La Ville Radieuse. Eléments d'une doctrine d'urbanisme pour l'équipement de la civilisation machiniste. Boulogne, Editions De L'Architecture D'Aujourd'hui, 1933.

Le Corbusier, Destin de Paris. Clermont-Ferrand, F. Sorlot, coll. « Préludes », 1941.

Le Corbusier, Le Modulor. Essai sur une mesure harmonique à l'échelle humaine applicable universellement à l'architecture et à la mécanique. Boulogne, Editions de l'Architecture d'aujourd'hui, Collection Ascoral, 1948.

Le Corbusier, Le Modulor II (La parole est aux usagers). Boulogne, Editions de l'Architecture, Collection Ascoral, 1955.

Le Corbusier, Les Plans de Paris: 1956. 1956.

François Chaslin, Le Corbusier. Paris, Seuil Points, 2019.

Xavier de Jarcy, Marc Perelman et al. (Sous la direction de), Le Corbusier, zones d'ombre. Editions Non Standard, 2018.

Xavier Jarcy, Le Corbusier, un fascisme français. 2015.

Guillaume Morel et.al., Le Corbusier - mesures de l'homme au Centre Pompidou. In: Connaissance des Arts, Hors-Série, Paris, 2e trimèstre 2015.

Marc Perelman, Le Corbusier. Une froide vision du monde. Michalon, 2015.

Isabelle Regnier, Le fascisme, face sombre de La Corbusier. In: Le Monde, 15/16 mars, 2020, p. 21.
Via: https://www.lemonde.fr/culture/article/2020/03/13/le-corbusier-et-le-fascisme-une-polemique-sans-fin_6033012_3246.html

------------------------ *** VARIA EN KATTEBELLETJES:

Ernst van Altena, Daar ik tot zang word aangespoord / Occitaanse troubadours 1100 - 1300. Baarn, Ambo, 1987.

Béatrice de Andia (dirigée par), Le Paris des Centraliens bâtisseurs et entrepreneurs. Paris, Action Artistique de la Ville de Paris, 1999.

Jean-Yves Andrieux, Les Travailleurs du fer. Paris, Découvertes Gallimard, 1991.

Gilles-Henry Bailly, Philippe Laurent, Christophe Lefébure, Daguin André, La France des halles et marchés. Privat, 1998.

Jean-Christophe Bailly, Le Dépaysement. Voyages en France. Paris, Seuil, 2011.

Régis Bertrand et Anne Carol (dir.), L'Exécution capitale. Aix-en-Provence, Presses universitaires de Provence, 2003.

Romain Bondonneau, La Boétie et Sarlat. Périgord Patrimoines, Coll. Les petits guides Périgord Patrimoines, 2012.

John H. Boom, Couleur Locale. Wandelend door onbekend Parijs. Amsterdam, Uitgeverij Boom, 1999.

Jean-Claude Bouillon-Baker, Un château sur la lune - Le rêve brisé de Joséphine Baker. Editions Hors Collection, 2012.

R. Boulazt, Jean Fourastié, un expert en productivité. La modernisation de la France (années trente - années cinquante). Besançon, Presses Universitaire de Franche-Comté, 2008.

Jacqueline Brossollet et Henri Mollaret, Pourquoi la peste? Le rat, la puce et le bubon. Paris, Découvertes Gallimard, 1994.

Nicole de Buron, Meisjes van Parijs (Foto's van Jeanine Niepce). Utrecht, A. W. Bruna & Zoon, 1961.

Elias Canetti, Die gerettete Zunge. Geschichte einer Jugend. München / Wien, Carl Hanser Verlag, 1977.
Elias Canetti, De behouden tong. Geschiedenis van een jeugd. Amsterdam, Uitgeverij De Arbeiderspers, Privé-domein, 1978.

Edward Hallett Carr, Nationalism and After. London, Macmillan & Co. Ltd., 1945.

Edward Hallett Carr, What is history? London, Macmillan, 1961.

Alban Cerisier, Gallimard. Un éditeur à l'oeuvre. Paris, Découvertes Gallimard, 2011.

Chambre de Commerce et d'Industie de l'Aude, Ensemble accompagnons toutes les envies d'entreprendre! Chiffres clés de l'économie audoise. Edition 2018. Carcassonne, 2019.

Jacques Crémadeilis (s. dir. de), L’Aude de la préhistoire à nos jours. Saint-Jean-d’Angély, 1989.

Jean-Michel Dagory, La France par petits bouts. Gordes, Les Editions du Relié, 2001.

Herman E. Daly, Steady-State Economics. Second editon with New Essays. Island Press, 1991.

Jean Daniel, Le temps qui reste. Paris, Stock, 1973.

Octave Debary, La Fin du Creusot ou l'Art d'accommoder les restes. Paris, edité par le Comité des travaux historiques et scientifiques, 2003.

Jean-Julien Delautre, Le château de Fénelon: l'un des plus prestigieux monuments du Périgord. Bordeaux, Editions Sud-Ouest, 1984.

Ch. Delon, De geschiedenis van een dorp van vòòr de Fransche revolutie. Naar de 17e Fransche uitgave vertaald door Nellie. Amsterdam, S.L. van Looy, 1900.

Pascal Dibie, Traditions de Bourgogne. Paris, Hachette, 1978.

Pascal Dibie et al., Yonne. Chamalières, Editions Christine Bonneton, 1992.

DIRECCTE Occitanie (Direction Régionale des Entreprises, de la Concurrence, de la Consommation, du Travail et de l’Emploi), Les chiffres clés. Édition 2018. Toulouse, 2019.

Leo Divendal, Un coeur hivernal. Vézelay où: l'architecture de l'hiver. Vézelay, 2007.

Leo Divendal, Een winterhart. Vézelay of: de architectuur van de winter. Vézelay, 2007.

Martha Dodd, Blood & Banquets. A Berlin Social Diary. Citadel Press, 1998.

Jean-Paul Dubois, Une vie française. Paris, Editions de l'Olivier / Le Seuil, 2004.

Didier Dubrana, Le Gouffre de Padirac. Paris, Découvertes Gallimard, 2013.

René Etiemble, Parlez-vous franglais? Paris, Gallimard, 1973.

Antoine Fayet ((Présentation historique par), Fontfroide 1908-1914. Cahier de l'Association du Musée d'Art - Gustave Fayet à Fontfroide No 01. Moisenay, Editions Gaud, 2008.

Willial Febre, Les vrais Chablis et let autres. Colmar, Imprimerie Alsatia. 1978.

R. Ferras, Une (re)-présentation du Languedoc-Roussillon. In: A. Bailly et.al., Géographie régionale et représentations. Ed. Anthropos, Coll. Géographie, 1995.

Claire Frèches-Thory et José Frèches, Toulouse-Lautrec: Les lumières de la nuit. Paris, Découvertes Gallimard, 2019.

Philippe Gabel, Octave Debary, Howard S. Becker, Vide-Greniers. Paris, Editions Creaphis, 2011.

Léonie Gardeau et Jacques de Feytaud, Le Château de Montaigne. Avec Montaigne dans sa seigneurie / Une visite à Montaigne. Paris, Société des amis de Montaigne, 1984.

Henry Gidel, Sarah Bernhardt. Paris, Flammarion, 2006.

Pieter Geyl, Debates with Historians (1955). Fontana, 1974.

Albert Gilou (conçu et dirigé par), Les merveilles de la France * Paris et ses alentours. Collection Réalités. Paris, Hachette, 1961.

Roger Grenier, Paris ma grand'ville. Paris, Gallimard, 2015.

Patrice Gueniffey, Françous-Guillaume Lorrain (Sous la direction de), Révolutions françaises du Moyen âge à nos jours. Paris, Perrin, 2020.

Guide du Pneu Michelin, Paris et sa proche banlieu. Paris, Services de Tourisme MICHELIN, 15e édition, Printemps 1965.

Jean Guisnel, Histoire secrète de la DGSE. Paris, Robert Laffont, 2019.

Dalloula Haiouani (Coordination documentaire), Le château de Bussy-Rabutin. Paris, Editions du patrimoine, Centre des monuments nationaux, 2015.

J.-P. Harris, C. Crosnier et al., Nivernais-Morvan. Cadre naturel - Histoire - Art - Littérature - Langue - Economie - Traditions populaire. Paris, Editions Booneton, 1989.

Paul de Haut, Le Canal du Nivernais. Editions Sutton, Coll. Mémoire en Images, 2010.

Brigitte Henri, Histoire secrète des RG. Paris, Flammarion, 2017.

Michel Houellebecq, La carte et le territoire. Paris, Flammarion, 2010.

Aldous Huxley, Along The Road. (Notes and essays of a tourist). New York, George H. Doran Company, 1925.

Aldous Huxley, Heerlijke nieuwe wereld. Amsterdam, Uitgeverij Contact N.V., 1970. (Aldous Huxley, Brave New World, 1932.

Fred Jaarsma, Waiving in the Ardèche: Floundering and Fun with the Dutch in France. America Star Books, 2014.

Michel de Jaeghere (Editorial), Pagnol. Au pays de l'enfance. Paris, Le Figaro, Hors-série, Juin 2015.

H.P.H. Jansen, A. Janse, Kroniek van het klooster Bloemhof te Wittewiersum. Hilversum, Verloren, 1991.

James H. Johnson, Listening in France. A cultural History. University of California Press, 1995.

Alex Jordanov, Les guerres de l'ombre de la DGSI: Plongée au coeur des services secrets français. Le Nouveau Monde Editions, 2019.

Claire Joyes (Text by), Monet at Giverny. London, Mathews Miller Dunbar, 1975.

Tony Judt, Socialism in Provence 1871-1914: A Study in the Origins of the Modern French Left. Cambridge, Cambridge University Press, 1979.

Tony Judt, On 'The Plague'. In: The New York of Books Review, November 29, 2001 issue.

Serge July, Dictionnaire amoureux du Journalisme. Paris, Plon, 2015.

Judith Kagin, Le Château de Bussy-Raboutin. Paris, Editions du Patrimoine - Centre des Monuments Nationaux, 2003.

Rémi Kauffer, Jean Guisnel, Roger Faligoth, Histoire politique des services secrets français. Paris, La Découverte, 2013.

Jean-Claude Kaufmann (Préface de), Facteurs en France. Chroniques du petit matin. Paris, Les Editions Textuel, 2005.

Ton van Kempen & Nicoline van de Beek, Madame Manet. Muziek en Kunst in het Parijs van de Impressionisten. Culemborg, Uitgeverij Het ArchiefCollectief, 2016.

Terryl Nancy Kinderl, L'Abbaye de Pontigny. Paris, Éditions du patrimoine / Centre des monuments nationaux, 2017.

Richard Klein, Robert Mallet-Stevens. Agir pour l'architecture moderne. Paris, Editions du Patrimoine - Centre des Monuments Nationaux, 2014.

Pascal Krop, Les Secrets de l'espionnage français De 1870 à nos jours. Paris, J.-C. Lattès, 1995.

Frédéric Lacaille, Versailles: 400 ans d'histoire. Paris, Découvertes Gallimard, 2012.

Olivia Lahs-Gonzales, Bennetta Jules-Rosette, et al., Josephine Baker: Image And Icon. 2006.

Pierre Lamard et Nicolas Stoskopf, Une Décennie de désindustrialisation. 1974-1984. Editions A. et J. Picard, 2009.

Eril Larson, In the Garden of the Beast. Love, Terror, and an American Family in Hitler's Berlin. New York, Broadway Paperbacks, 2011.

Sébastien Laurent, Politiques de l’ombre. État, renseignement et surveilla